BE1015376A3 - Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke. - Google Patents

Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke. Download PDF

Info

Publication number
BE1015376A3
BE1015376A3 BE2003/0120A BE200300120A BE1015376A3 BE 1015376 A3 BE1015376 A3 BE 1015376A3 BE 2003/0120 A BE2003/0120 A BE 2003/0120A BE 200300120 A BE200300120 A BE 200300120A BE 1015376 A3 BE1015376 A3 BE 1015376A3
Authority
BE
Belgium
Prior art keywords
extendable elements
elements
door opening
panels
extendable
Prior art date
Application number
BE2003/0120A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Gelders Stephan Johan
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Gelders Stephan Johan filed Critical Gelders Stephan Johan
Priority to BE2003/0120A priority Critical patent/BE1015376A3/nl
Application granted granted Critical
Publication of BE1015376A3 publication Critical patent/BE1015376A3/nl

Links

Classifications

    • EFIXED CONSTRUCTIONS
    • E06DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
    • E06BFIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
    • E06B9/00Screening or protective devices for wall or similar openings, with or without operating or securing mechanisms; Closures of similar construction
    • EFIXED CONSTRUCTIONS
    • E06DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
    • E06BFIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
    • E06B9/00Screening or protective devices for wall or similar openings, with or without operating or securing mechanisms; Closures of similar construction
    • E06B2009/007Flood panels
    • EFIXED CONSTRUCTIONS
    • E06DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
    • E06BFIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
    • E06B7/00Special arrangements or measures in connection with doors or windows
    • E06B7/16Sealing arrangements on wings or parts co-operating with the wings
    • E06B7/22Sealing arrangements on wings or parts co-operating with the wings by means of elastic edgings, e.g. elastic rubber tubes; by means of resilient edgings, e.g. felt or plush strips, resilient metal strips
    • E06B7/23Plastic, sponge rubber, or like strips or tubes
    • E06B7/2318Plastic, sponge rubber, or like strips or tubes by applying over- or under-pressure, e.g. inflatable

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Structural Engineering (AREA)
  • Architecture (AREA)
  • Civil Engineering (AREA)
  • Specific Sealing Or Ventilating Devices For Doors And Windows (AREA)

Abstract

Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke, daardoor gekenmerkt dat zij minstens bestaat uit een basiselement (1), bestaande uit minstens één paneel (3) uitschuifbare elementen (8) en (9) ; op de buitenranden van deze uitschuifbare elementen (8,9), een afdichting (14); onderaan het basiselement (1) een oplosbaar element (10); en middelen om de uitschuifbare elementen (8,9) in uitgeschoven stand te blokkeren.

Description


   <Desc/Clms Page number 1> 
 



  Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke. 



  Deze uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke, meer bepaald voor een waterdicht afsluiten van een deuropening, raamopening of dergelijke. 



  Men weet dat bij hevige en/of langdurige regen het waterpeil zodanig kan stijgen dat kelders en andere laaggelegen vertrekken in woonhuizen en andere gebouwen onderlopen. 



  In het algemeen worden zandzakjes voor de deuropening, raamopening of dergelijke geplaatst, welke als een dam het water dienen buiten houden. 



  Het nadeel van deze gebruikelijke afdammethode is dat het vullen en het rondbrengen van zandzakjes zeer arbeidsintensief is en dit terwijl wateroverlast zich meestal plots voordoet en vaak over vele regio's   tegelij k,   waardoor de zandzakjes niet overal tijdig geleverd en geplaatst kunnen worden. 



  Daarbij komt dat, wanneer de wateroverlast zich voordoet, de getroffen regio's minder goed bereikbaar zijn, wat, gecombineerd met de grote massa van de gevulde zandzakjes, de verdeling ervan sterk bemoeilijkt. 

 <Desc/Clms Page number 2> 

 



  Bovendien is het gebruik van zulke zandzakjes niet altijd even doeltreffend en zal, na verloop van tijd, zich toch nog waterdoorsijpeling voordoen. 



  Andere gekende oplossingen bestaan erin dat profielen, zoals bijvoorbeeld U-profielen, aan de zijkanten en onderaan de deur- of raamopening worden aangebracht, en dat, bij een dreigend waterpeil, op maat gemaakte panelen in de U-profielen worden geschoven. 



  Nadeel van deze afdammethode is dat het aanbrengen van de profielen nauwgezet dient te gebeuren en bijgevolg veel tijd in beslag neemt, met als gevolg dat de profielen op voorhand en blijvend dienen te worden aangebracht. 



  Bovendien impliceert het feit dat de op maat gemaakte panelen in de profielen dienen te worden geschoven, dat de dichting verre van perfect is. 



  De huidige uitvinding heeft een inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke als voorwerp dat de voornoemde en andere nadelen uitsluit. 



  Tot dit doel bestaat de inrichting volgens de uitvinding voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke uit minstens een basiselement, opgebouwd uit,    onder andere één paneel ; uitschuifbare elementen ; de buitenranden van deze uitschuifbare elementen een   afdichting ; onderaan het basiselement, een opblaasbaar element ; en middelen om de uitschuifbare elementen in uitgeschoven stand te blokkeren. 

 <Desc/Clms Page number 3> 

 



  Het voordeel is dat zulke inrichting volgens de uitvinding licht en compact is, en eenvoudig aangebracht kan worden in deur- en raamopeningen met uiteenlopende breedte. 



  Volgens een eerste voorkeurdragende uitvoeringsvorm bestaat het basiselement uit twee met elkaar verbonden panelen, waarbij, enerzijds, de uitschuifbare elementen, en, anderzijds, het opblaasbaar element, tussen deze panelen zijn aangebracht. 



  Volgens een bijzondere uitvoeringsvorm stemt de breedte van de afdichting overeen met de afstand tussen de panelen, en bestaat de afdichting bij voorkeur in de combinatie van een rubberstrook en een vervormbare strip. 



  Het voordeel van de inrichting volgens de uitvinding is dat, door het aandrukken van de voornoemde uitschuifbare elementen tegen de dagkanten van een deuropening, raamopening of dergelijke, de rubberstrook de opening aan beide opstaande zijden afsluit, niet enkel daar waar de rubberstrook tegen de dagkanten van de deuropening, raamopening of dergelijke wordt aangedrukt, maar tevens tussen de uitschuifbare elementen en het basiselement, en dat de vervormbare strip voor een geoptimaliseerde afdichting zorgt door kleine oneffenheden op te vullen. 



  Volgens een nog meer voorkeurdragende uitvoeringsvorm is de inrichting voorzien van bekrachtigingsmiddelen. 



  Het voordeel hiervan is dat de zijdelings uitschuifbare elementen stevig tegen de dagkanten van de deuropening, raamopening of dergelijke gedrukt kunnen worden. 

 <Desc/Clms Page number 4> 

 



  In het bijzonder kunnen de bekrachtigingsmiddelen onder andere bestaan uit een mechanische hefboom, een pneumatische of hydraulische cilinder of een opblaasbaar element. 



  Met het inzicht de kenmerken van de uitvinding beter aan te tonen zijn hierna, als voorbeeld zonder enig beperkend karakter enkele voorkeurdragende uitvoeringsvormen beschreven, met verwijzing naar de bijgaande tekeningen, waarin: 
Figuur 1 in perspectief een inrichting volgens de uitvinding weergeeft voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke; figuur 2 een zicht weergeeft volgens pijl F2 in figuur 
1; figuur 3 een zicht weergeeft volgens pijl F3 in figuur 
1, met gedeeltelijke weglating van het paneel; figuur 4 een doorsnede weergeeft volgens lijn   IV-IV   in figuur 3; figuur 5 een inrichting volgens de uitvinding weergeeft voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke, aangebracht in een deuropening; figuur 6 een doorsnede weergeeft volgens lijn VI-VI in figuur 5;

   figuur 7 een uitvoeringsvariante weergeeft van de inrichting volgens de uitvinding; figuur 8 een doorsnede weergeeft volgens lijn VIII- 
VIII in figuur 7; 

 <Desc/Clms Page number 5> 

 figuur 9 een variante weergeeft van de inrichting volgens figuur 7; figuur 10 een doorsnede weergeeft volgens lijn X-X in figuur 9; figuur 11 nog een uitvoeringsvariante weergeeft van de inrichting volgens de uitvinding. 



  De inrichting volgens de uitvinding voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke bestaat in hoofdzaak uit een basiselement 1, dat in dit geval meer speciaal is opgebouwd uit twee rechthoekige panelen 2 en 3, met identieke breedte B en hoogte H, welke door middel van afstandhouders 4,5 en 6, op een afstand D met elkaar verbonden zijn. 



  De afstandhouders 4 en 5, enerzijds, en de afstandhouder 6, anderzijds, verbinden de panelen 2 en 3 bovenaan, respectievelijk onderaan, met elkaar. 



  De panelen 2 en 3 bakenen aldus een tussenliggende ruimte 7 af, waarin twee uitschuifbare elementen 8 en 9 zijdelings uitschuifbaar zijn aangebracht, en waarin onderaan, in het compartiment afgebakend door de afstandhouder 6 en de uitschuifbare elementen 8 en 9, een opblaasbaar element 10 is voorzien. 



  De uitschuifbare elementen 8 en 9 zijn voornamelijk rechthoekig uitgevoerd, doch zijn onderaan voorzien van een schuine rand 11. 



  Deze uitschuifbare elementen 8 en 9 zijn ieder ongeveer in de helft van hun hoogte voorzien van een opening 12. 

 <Desc/Clms Page number 6> 

 



  Aan de zijdelings, naar buiten gerichte rand 13 van de uitschuifbare elementen 8 en 9 is een afdichting 14 aangebracht, die meer speciaal bestaat uit, enerzijds, een rubberstrook 15, en, anderzijds, een vervormbare strip 16. 



  De rubberstrook heeft bij voorkeur een rechthoekige dwarsdoorsnede, waarvan de breedte overeenstemt met de afstand D tussen panelen 2 en 3, en waarvan de hoogte minstens even groot is als de maximale uitschuiflengte van elk schuifelement 8 en 9, één en ander zodanig dat de afdichting 14 steeds aansluit met de panelen 2 en 3. 



  Op de naar buiten gerichte rand van de rubberstrook 15 is een vervormbare strip 16 voorzien, welke plastisch of elastisch vervormbaar kan zijn, zoals bijvoorbeeld een gelatineachtige massa. 



  Boven de opening 12, is in ieder schuifelement 8 en 9 een gleuf 17 voorzien, waarin, zowel onderaan, als bovenaan, tanden 18 zijn voorzien, welke weg van de rand 13 gericht zijn. 



  Ter hoogte van de schuine rand 11 van de uitschuifbare elementen 8 en 9 is verder een uitsparing 19 voorzien, welke een geleiding vormt voor de afstandhouder 6. 



  Het onderaan in de tussenliggende ruimte 7 gelegen opblaasbaar element 10 is door middel van een leiding 20 met een reservoir 21 verbonden, en het opblaasbaar element 10 is ter hoogte van zijn korte zijde 22 met de afstandhouder 6 verbonden, welke afstandhouder 6 in het 

 <Desc/Clms Page number 7> 

 midden voorzien is van een opening 23 waar doorheen de leiding 20 is gevoerd. 



  Centraal in de tussenliggende ruimte 7 zijn bekrachtigingsmiddelen voorzien, meer speciaal een dubbele cilinder 24, waarmee, via koppelingen 25, duwstangen 26 verbonden zijn, welke koppelingen 25 toelaten de duwstangen 26 rond hun lengteas te verdraaien. De duwstangen 26 zijn bovenaan en onderaan voorzien van naar hun vrij uiteinde 27 gerichte tanden 28, één en ander zodanig dat deze kunnen ingrijpen met de voornoemde tanden 18 welke aan de binnenzijde van de gleuven 17 zijn aangebracht, en die aldus middelen vormen om de uitschuifbare elementen 8 en 9 in uitgeschoven stand te blokkeren. 



  Met de cilinder 24 is een leiding 29 verbonden, welke aan haar andere uiteinde voorzien is van een koppeling 30. 



  Aan de buitenzijde van het basiselement 1 zijn met het paneel 2, ter hoogte van de vier hoeken, nagenoeg Z-vormig geplooide aanslagelementen 31 verbonden, in dit geval met behulp van bouten 32 en vleugelmoeren 33, welke aanslagelementen 31, op een afstand S van het buitenvlak 34 van paneel 2, links en rechts aan de zijranden van het basiselement 1 over een lengte L naar buiten steken. 



  In het paneel 3 is tenslotte, ter hoogte van iedere opening 12, een uitsparing 35 voorzien. 



  Het gebruik van de hiervoor beschreven inrichting volgens de uitvinding voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke is zeer eenvoudig en als volgt. 

 <Desc/Clms Page number 8> 

 



  In de figuren 5 en 6 is de geplaatste toestand weergegeven van een inrichting zoals hierboven beschreven, welke in dit geval in een deuropening 36 is aangebracht. 



  Hiertoe dient men vooreerst een inrichting te selecteren waarvan de breedte B kleiner is dan de breedte O van de deuropening 36, waarbij de som van de breedte B met twee maal de maximale uitschuiflengte van de uitschuifbare elementen 8 en 9 minstens gelijk is aan de breedte O van de deuropening 36. 



  De inrichting wordt, met het opblaasbaar element 10 onderaan en de nagenoeg Z-vormig geplooide aanslagelementen 31 naar de buitenomgeving 37 gericht, in de deuropening 36 geplaatst, al dan niet aanleunend tegen de deur 38 of met de aanslagelementen 31 tegen de buitenwand 39 van de muur 40. 



  Vervolgens worden de uitschuifbare elementen 8 en 9 zijdelings uit de tussenliggende ruimte 7 tot tegen de dagkanten 41 van de deuropening 36 geschoven, waarbij de openingen 12, welke aan de kant van de binnenomgeving 42 bereikbaar zijn langs de uitsparingen 35, als handgrepen dienen. De afstandhouders 4,5 en 6 werken hierbij als geleiding voor de uitschuifbare elementen 8 en 9. 



  De middelen om de uitschuifbare elementen 8 en 9 in uitgeschoven stand te blokkeren, meer bepaald de met elkaar ingrijpende tanden 18 en 28, laten deze naar buiten gerichte zijdelingse beweging van de uitschuifbare elementen 8 en 9 toe. De omgekeerde beweging, waarbij de 

 <Desc/Clms Page number 9> 

 uitschuifbare elementen 8 en 9 terug in de tussenliggende ruimte 7 worden geschoven, is slechts mogelijk nadat de duwstangen 26 over de verdraaibare koppelingen 25, een kwartslag verdraaid worden, zodat de tanden 28 niet meer samenwerken met de tanden 18, en aldus de blokkering vrijgeven. 



  Om de aansluiting met de dagkanten 41 van de deuropening 36 te optimaliseren, worden de bekrachtigingsmiddelen, meer bepaald de cilinder 24, via leiding 29 en koppeling 30, van lucht- of oliedruk voorzien. 



  De duwstangen 26 worden hierbij zijwaarts naar buiten geduwd en dwingen de rubberstroken 15 zich passend te vervormen, zodat deze, over de hoogte H en aan weerszijden van het basiselement 1, zich nauw aansluiten met de dagkanten 41 van de deuropening 36, en dankzij de indrukking eveneens nauw aansluiten met de panelen 2 en 3. 



  De kleinere spleten worden hierbij automatisch afgedicht door de vervormbare strip 16. 



  Vervolgens wordt het opblaasbaar element 10 opgeblazen door middel van de druklucht, welke in het reservoir 21 voorzien is, door het bedienen van een niet weergegeven ventiel. 



  Doordat de uitschuifbare elementen 8 en 9 onderaan voorzien zijn van een schuine rand 11, heeft het opblaasbaar element 10 een trapeziumvorm, welke in opgeblazen toestand geschikt vervormt en aansluit, zowel neerwaarts, als zijdelings tot tegen de deurdrempel 43, respectievelijk de afdichting 14 van beide uitschuifbare elementen 8 en 9. 

 <Desc/Clms Page number 10> 

 



  Het verwijderen van de inrichting gebeurt door eerst de overdruk uit het opblaasbaar element 10 weg te nemen, meer bepaald door de bediening van het niet weergegeven ventiel, en door vervolgens de uitschuifbare elementen 8 en 9 terug in de tussenliggende ruimte 7 te schuiven, wat mogelijk is door middel van de openingen 12 en na verdraaien van de duwstangen 26. 



  Na gebruik dient het reservoir 21 opnieuw gevuld te worden. 



  Dit is bereikbaar langs een niet weergegeven opening of door één van de panelen 2 en 3 te demonteren, bijvoorbeeld door het losmaken van niet weergegeven bout- en schroefverbindingen tussen de panelen 2 of 3 en de afstandhouders 4, 5 en 6. 



  In de figuren 7 en 8 is een uitvoeringsvariante van de inrichting volgens de uitvinding weergegeven, waarbij de bekrachtiging van de uitschuifbare elementen 8 en 9 een mechanische hefboom 44 is, welke voornamelijk bestaat uit een stang 45, twee daarmee verbonden nokken 46 en een hendel 47. 



  De stang 45 is aan één uiteinde, bij voorkeur net onder de bovenrand 48 van het basiselement 1, voorzien van een koppelelement 49, dat bovenaan voorzien is van een holte 50 met vierkante doorsnede. 



  De stang 45 strekt zich verticaal uit tot het onderste gedeelte van de tussenliggende ruimte 7. 

 <Desc/Clms Page number 11> 

 



  De twee nokken 46, met ovaalvormige doorsnede, zijn ter hoogte van hun centerpunt 50 met de stang 45 verbonden. 



  Verder zijn elk van de nokken 46 door middel van een scharnierverbinding 51 excentrisch verbonden met sluitelementen 52 waarbij het tweede uiteinde van deze sluitelementen 52 scharnierend is verbonden met de duwstangen 26. 



  Tenslotte bestaat de hendel 47 uit twee dwars met elkaar verbonden staven 53 en 54, welke samen een T-vormig element vormen, waarmee aan beide uiteinden van de horizontale staaf 53 handvatten 55 voorzien zijn, en waarbij de doorsnede ter hoogte van het vrije uiteinde 56 van de verticale staaf 54 vierkant is, zodanig dat dit vrije uiteinde 56 kan samenwerken met het koppelelement 49. 



  Het gebruik van een inrichting volgens deze laatste uitvoeringsvorm, zoals verduidelijkt in de figuren 7 en 8, is volledig gelijkaardig aan het gebruik van de eerder beschreven uitvoeringsvorm, op de bekrachtiging voor het aandrukken van de uitschuifbare elementen 8 en 9 na. 



  Inderdaad, nadat de inrichting is aangebracht in bijvoorbeeld een deuropening, raamopening of dergelijke, en nadat de uitschuifbare elementen 8 en 9 zijdelings uit de tussenliggende ruimte 7 zijn geschoven tot tegen de dagkanten 41 van de deuropening 36, wordt het vrije uiteinde 56 van de hendel 47 in de holte 50 van het koppelelement 49 gebracht, en worden via de nokken 46 en de daaraan verbonden sluitelementen 52, door het eenvoudig verdraaien van de hendel 47, de duwstangen 26 en de 

 <Desc/Clms Page number 12> 

 uitschuifbare elementen 8 en 9 zijdelings naar buiten geduwd. 



  In de figuren 9 en 10 is nog een variante weergegeven waarbij in dit geval, in vergelijking met de inrichting van de figuren 7 en 8, de as waarrond de nokken 46 draaien dwars op het paneel 3 is gericht, en waarbij elke nok 46 rechtstreeks of via een stang 45, met behulp van een hendel 47 doorheen een opening in het paneel 3 kan worden verdraaid. 



  In figuur 11 is nog een andere uitvoeringsvariante weergegeven, waarbij, tussen de uitschuifbare elementen 8 en 9, twee opblaasbare elementen 57 voorzien zijn, waartussen twee aanslagelementen 58 met het basiselement 1 verbonden zijn. 



  Het reservoir 21 is door middel van een leiding 29 met het opblaasbaar element 10 en met opblaasbare elementen 57 verbonden. 



  Het gebruik van een inrichting volgens figuur 9 verschilt van het gebruik van de vorige uitvoeringsvormen in de wijze waarop de uitschuifbare elementen 8 en 9 tot tegen de dagkanten 41 van de deuropening 36 worden aangedrukt. 



  Door de bediening van de in de tekeningen niet weergegeven ventielen worden eerst de opblaasbare elementen 57 opgeblazen, welke de uitschuifbare elementen 8 en 9 naar buiten duwen doordat de aanslagelementen 58 vast verbonden zijn met minstens één paneel 2-3 van het basiselement 1, waarna het opblaasbaar element 10 wordt opgeblazen. 

 <Desc/Clms Page number 13> 

 



  Hoewel het basiselement 1, zoals verduidelijkt in de figuren, bij voorkeur bestaat uit twee panelen 2 en 3, welke met behulp van afstandhouders 4,5 en 6 met elkaar verbonden zijn, en welke afstandhouders 4,5 en 6 als geleiding dienen voor de uitschuifbare elementen 8 en 9, is het duidelijk dat het basiselement 1 in een zeer eenvoudige uitvoering ook uit één paneel 3 kan bestaan, waarmee twee zijdelings uitschuifbare elementen 8 en 9 verbonden zijn. 



  Hoewel niet weergegeven in de figuren, kunnen andere dan de weergegeven bekrachtigingsmiddelen voorzien worden, of kunnen de bekrachtigingsmiddelen, zoals hierboven beschreven, anders uitgevoerd worden. 



  Het is verder duidelijk dat de afdichting 14 in om het even welk materiaal kan worden uitgevoerd en dat zulke afdichting 14 om het even welke vorm kan vertonen. 



  Hetzelfde geldt voor de vervormbare strip 16 en voor het opblaasbaar element 10. 



  De huidige uitvinding is dus geenszins beperkt tot de als voorbeeld beschreven en in de figuren weergegeven uitvoeringsvormen, doch dergelijke inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke kan in verschillende vormen en afmetingen worden verwezenlijkt zonder buiten het kader van de uitvinding te treden.

Claims (16)

Conclusies.
1. Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke, daardoor gekenmerkt dat zij minstens bestaat uit een basiselement (1), bestaande uit minstens één paneel (3) ; uitschuifbare elementen (8) en (9); op de buitenranden van deze uitschuifbare elementen (8,9), een afdichting (14); onderaan het basiselement (1), een opblaasbaar element (10); en middelen om de uitschuifbare elementen (8,9) in uitgeschoven stand te blokkeren.
2. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat het basiselement (1) uit twee met elkaar verbonden panelen (2) en (3) bestaat waarbij, enerzijds, de uitschuifbare elementen (8,9) en, anderzijds, het opblaasbaar element (10), tussen deze panelen (2,3) zijn aangebracht.
3. Inrichting volgens conclusie 2, daardoor gekenmerkt dat de panelen (2) en (3) met elkaar verbonden zijn door middel van afstandhouders (4,5 en 6), welke tevens een geleiding vormen voor de uitschuifbare elementen (8,9).
4. Inrichting volgens conclusie 2, daardoor gekenmerkt dat paneel (3) voorzien is van twee uitsparingen (35) . <Desc/Clms Page number 15>
5. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat de uitschuifbare elementen (8,9) voorzien zijn van een schuine rand (11).
6. Inrichting volgens conclusie 1 en 4, daardoor gekenmerkt dat de uitschuifbare elementen (8,9) voorzien zijn van een opening (12), die als handgreep fungeert en die gesitueerd zijn op dezelfde hoogte als de voornoemde uitsparingen (35).
7. Inrichting volgens conclusies 1 en 2, daardoor gekenmerkt dat de afdichting (14) dezelfde breedte heeft als de afstand D tussen de panelen (2,3).
8. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat de afdichting (14) bestaat uit een rubberstrook (15) en een vervormbare strip (16).
9. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat het opblaasbaar element (10) is voorzien onder de afstandhouder (6) en tussen de uitschuifbare elementen (8,9).
10. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat het opblaasbaar element (10) verbonden is met een reservoir (21) .
11. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat, tussen het basiselement (1) en de daarmee verbonden uitschuifbare elementen (8,9), bekrachtigingsmiddelen voorzien zijn. <Desc/Clms Page number 16>
12. Inrichting volgens conclusie 11, daardoor gekenmerkt dat de bekrachtigingsmiddelen bestaan uit een mechanische hefboom (44).
13. Inrichting volgens conclusie 11, daardoor gekenmerkt dat de bekrachtigingsmiddelen bestaan uit een pneumatische of hydraulische cilinder (24).
14. Inrichting volgens conclusie 11, daardoor gekenmerkt dat de bekrachtigingsmiddelen bestaan uit een opblaasbaar element (57).
15. Inrichting volgens conclusie 11, daardoor gekenmerkt dat tussen de bekrachtigingsmiddelen en de uitschuifbare elementen (8,9), duwstangen (26) voorzien zijn, en dat de middelen om de uitschuifbare elementen (8,9) in uitgeschoven stand te blokkeren hoofdzakelijk bestaan uit tanden (28), welke voorzien zijn aan de duwstangen (26) , welke tanden (28) ingrijpen met tanden (18), welke aan de uitschuifbare elementen (8) en (9) voorzien zijn.
16. Inrichting volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat het basiselement (1) voorzien is van minstens één aanslagelement (31) dat aan de zijrand van het basiselement (1) over een lengte L naar buiten steekt.
BE2003/0120A 2003-02-25 2003-02-25 Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke. BE1015376A3 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE2003/0120A BE1015376A3 (nl) 2003-02-25 2003-02-25 Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke.

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE2003/0120A BE1015376A3 (nl) 2003-02-25 2003-02-25 Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
BE1015376A3 true BE1015376A3 (nl) 2005-02-01

Family

ID=34069862

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
BE2003/0120A BE1015376A3 (nl) 2003-02-25 2003-02-25 Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke.

Country Status (1)

Country Link
BE (1) BE1015376A3 (nl)

Cited By (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP1959089A1 (fr) * 2007-02-16 2008-08-20 Guy Levasseur Dispositif de protection d'une ouverture contre les inondations et les effractions
GB2485982A (en) * 2010-11-30 2012-06-06 Colin Chalmers A flood barrier kit for a building
GB2585858A (en) * 2019-07-17 2021-01-27 Einstein Ip Ltd Flood-proof door assembly

Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE4437909A1 (de) * 1994-10-22 1996-04-25 Norbert Amuser Abdichteinsatz für Gebäudeöffnungen
FR2731249A1 (fr) * 1995-03-02 1996-09-06 Jacques Clippet Barrage individuel anti-inondation
FR2751359A1 (fr) * 1996-07-18 1998-01-23 Thaon Alexandre Perfectionnements aux batardeaux de protection des immeubles contre les crues
FR2785014A1 (fr) * 1998-10-22 2000-04-28 Syneo Dispositif d'obturation d'une ouverture menagee dans un mur, en particulier, pour la lutte contre les inondations
FR2812023A1 (fr) * 2000-07-18 2002-01-25 Cru Bel Associes Panneau amovible pour l'obturation temporaire des ouvertures de batiment et systeme d'obturation mettant en oeuvre un tel panneau

Patent Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE4437909A1 (de) * 1994-10-22 1996-04-25 Norbert Amuser Abdichteinsatz für Gebäudeöffnungen
FR2731249A1 (fr) * 1995-03-02 1996-09-06 Jacques Clippet Barrage individuel anti-inondation
FR2751359A1 (fr) * 1996-07-18 1998-01-23 Thaon Alexandre Perfectionnements aux batardeaux de protection des immeubles contre les crues
FR2785014A1 (fr) * 1998-10-22 2000-04-28 Syneo Dispositif d'obturation d'une ouverture menagee dans un mur, en particulier, pour la lutte contre les inondations
FR2812023A1 (fr) * 2000-07-18 2002-01-25 Cru Bel Associes Panneau amovible pour l'obturation temporaire des ouvertures de batiment et systeme d'obturation mettant en oeuvre un tel panneau

Cited By (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP1959089A1 (fr) * 2007-02-16 2008-08-20 Guy Levasseur Dispositif de protection d'une ouverture contre les inondations et les effractions
FR2912774A1 (fr) * 2007-02-16 2008-08-22 Guy Levasseur Dispositif de protection d'une ouverture contre les inondations et les effractions
GB2485982A (en) * 2010-11-30 2012-06-06 Colin Chalmers A flood barrier kit for a building
GB2585858A (en) * 2019-07-17 2021-01-27 Einstein Ip Ltd Flood-proof door assembly

Similar Documents

Publication Publication Date Title
BE1015376A3 (nl) Inrichting voor het afdichten van een deuropening, raamopening of dergelijke.
DE29504911U1 (de) Vorrichtung zum Herstellen von mit Schwergas gefüllten Isolierglasscheiben
NL8200466A (nl) Werkwijze voor het vervaardigen van een de stroming van grondwater afsluitend scherm.
GB2561798A (en) Automatic water barrier device
JP2017535698A (ja) シーリング装置
CA2239746C (en) French door gasket corner seal
GB2534503A (en) Self-activating flood protection barrier
DK2607601T3 (en) Flood barrier for doorway
HRP20160197T1 (hr) Kutni spoj za okvire vrata i prozora
DE202014103782U1 (de) Einbausatz für einen französischen Balkon
EP2923024A1 (de) Abdeckvorrichtung
EP1936295A2 (de) Einrichtung zum Verschliessen einer Raumöffnung
KR102143062B1 (ko) 유압식 인양수문의 낙하방지장치
CN214695250U (zh) 一种道路减速带
BE1015074A3 (nl) Scheidingswand.
US1095152A (en) Fire-resisting shutter or curtain.
DE3428297A1 (de) Verfahren zur verbindung von membranen in schlitzwaenden und vorrichtungen zur durchfuehrung des verfahrens
GB2356420A (en) Domestic flood barrier
GB2073295A (en) Glasing
RU2198908C2 (ru) Планировочный брус установок коксования
GB2491019A (en) Flood barrier with mounting means
US1562113A (en) Sliding gate
DE2552516A1 (de) Absperreinrichtung fuer fluessigkeitsfuehrende kanaele oder becken
EP3438404B1 (en) Anti-water seepage system for a fixture with no raised threshold
US1021082A (en) Expansion-joint.

Legal Events

Date Code Title Description
RE Patent lapsed

Effective date: 20050228

RE Patent lapsed

Effective date: 20050228