<Desc/Clms Page number 1>
"Pakdraqer voor fietsen, bromfietsen en dergelijke"
Deze uitvinding heeft betrekking op een pakdrager voor fietsen, bromfietsen en dergelijke.
De nuttige oppervlakte van pakdragers is meestal te klein, alvast wanneer hierop boekentassen, aktentassen of voorwerpen met een zekere breedte worden vervoerd. Wanneer dergelijke voorwerpen, zoals dit veel het geval is, met snelbinders hierop worden bevestigd, schuiven deze voorwerpen zeer gemakkelijk van de pakdrager zijdelings weg.
De uitvinding heeft nu tot doel een pakdrager te ontwerpen die aan dit bezwaar verhelpt en zowel voorwerpen met een beperkte breedte als andere waarvan de breedte deze van de pakdrager zelf sterk overtreffen, veilig kan vervoeren.
Een ander doel van de uitvinding is een pakdrager te ontwerpen die het in de langsrichting, vooral naar voren toe, schuiven van de vervoerde voorwerpen belet.
Om dit volgens de uitvinding mogelijk te maken, is de pakdrager volgens de uitvinding samengesteld uit een draagraam met zijdelings openklapbare en naar binnen terugklapbare vleugels, waardoor de nuttige oppervlakte van hogerbedoeld draagraam in aanzienlijke mate wordt vergroot.
In een bij voorkeur toegepaste, zeer voordelige, verwezenlijkingsvorm is elk van hogerbedoelde vleugels met de uiteinden van een
<Desc/Clms Page number 2>
overlangs profiel behorende tot hogerbedoeld draagraam verdraaibaar gemonteerd op twee zijdelings uit hogerbedoeld draagraam stekende vingers, en vertonen hogerbedoelde langsprofielen, volgens een dwarsdoorsnede, een naar buiten gerichte uitsprong die een aanslag vormt voor langsranden behorende tot hogerbedoelde vleugels.
Andere details en voordelen van de uitvinding zullen blijken uit de hiernavolgende beschrijving van een pakdrager voor fietsen, bromfietsen of dergelijke, volgens de uitvinding. Deze beschrijving wordt uitsluitend bij wijze van voorbeeld gegeven en beperkt de uitvinding niet. De verwijzingscijfers hebben betrekking op de hieraan toegevoegde figuren.
Figuur 1 is een bovenaanzicht op de pakdrager volgens de uitvinding met één opengeklapte en één teruggeklapte vleugel.
Figuur 2 vertoont een detail van de pakdrager volgens de uitvinding.
Figuur 3 is een doorsnede volgens de lijn III-III uit figuur 1.
De pakdrager door deze figuren voorgesteld bestaat, buiten de gebruikelijke stangen ter bevestiging aan het wiel van de fiets of bromfiets, uit een draagraam waarvan de structuur willekeurig is en eigenlijk niet tot het wezen van de uitvinding behoort. Volgens de uitvinding en zoals duidelijk wordt gemaakt door figuur 1 bestaat dus het draagraam uit langs- en dwarsprofielen 1, respectievelijk 2. Deze onderdelen kunnen uit één stuk worden gespoten.
De nuttige breedte van de pakdrager is erg beperkt zodat vele voorwerpen een aanzienlijke
<Desc/Clms Page number 3>
grotere breedte vertonen en dus gemakkelijk van het draagvlak van de pakdrager zijdelings kunnen wegschuiven, vooral bij gebruik van onevenwichtig opgespannen snelbinders.
Volgens de uitvinding vertoont nu het draagvlak van de pakdrager, in de nabijheid van de voor-en achterzijde 3 respectievelijk 4, zijdelings, uit het draagvlak stekende vingers 5. In deze vingers steken pinnen 6 waarrond de naar buiten en naar binnen openklapbare, respectievelijk terugklapbare vleugels 7 kunnen scharnieren.
Om deze vleugels 7 toe te laten zonder meer in de opengeklapte stand te blijven, is, volgens de uitvinding, een aanslag voorzien zowel op de langsprofielen 1 als op de langsliggertjes 8 die tot de vleugels 7 behoren. De doorsnede volgens figuur 3 laat duidelijk zien dat elk van de hierhoven genoemde onderdelen, t. w. zowel de langsprofielen 1 als de langsliggertjes 8, ten opzichte van deze onderdelen naar buiten springende uitsprongen 9, respectievelijk 10 vertonen. Deze uitsprongen 9, respectievelijk 10, kunnen zieh over de ganse lengte van deze onderdelen uitstrekken of slechts over een deel daarvan.
In de naar binnen teruggeklapte stand rusten de vleugels 7 op de dwarsprofielen 2 van de twee die samen met de langsprofielen hier het draagvlak van de pakdrager bepalen. In de open stand blijven ze, zonder verder hulpmiddel, in de gewenste positie staan, ook wanneer een druk hierop wordt uitgeoefend.
Voorwerpen met een breedte die de breedte van de pakdrager met teruggeklapte vleugels overtreft, kunnen nu zonder gevaar, bijvoorbeeld met behulp van snelbinders, worden vervoerd.
Om verder te beletten dat dezelfde
<Desc/Clms Page number 4>
voorwerpen zich in de langsrichting van de pakdrager en naar de voorzijde 3 toe zouden verplaatsen, wat veelal het geval is, wordt nu voorzien in een losschroefbaar stootstuk 11 met twee, in de gebruiksstand, naar onder gerichte pinnetjes 12 met schroefdraad waarop vleugelmoeren 13 kunnen worden geschroefd nadat de pinnetjes 12 doorheen daartoe voorziene openingen 14, langs de voorzijde 3 van het draagvlak zijn gestoken (figuur 1).
Uit de hierboven gegeven beschrijving blijkt dus zeer duidelijk dat met technisch betrouwbare middelen een stevige en praktische pakdrager van een nieuw en origineel concept kan worden verwezenlijkt dat definitief de in de aanhef besproken nadelen van de bekende pakdragers verhelpt.
Het is duidelijk dat deze beschrijving enkel als voorbeeld werd gegeven en dat aan de pakdrager wijzigingen kunnen worden aangebracht binnen het raam van de hieraan toegevoegde conclusies.