BE1029155A1 - Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen - Google Patents
Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen Download PDFInfo
- Publication number
- BE1029155A1 BE1029155A1 BE20215147A BE202105147A BE1029155A1 BE 1029155 A1 BE1029155 A1 BE 1029155A1 BE 20215147 A BE20215147 A BE 20215147A BE 202105147 A BE202105147 A BE 202105147A BE 1029155 A1 BE1029155 A1 BE 1029155A1
- Authority
- BE
- Belgium
- Prior art keywords
- panel
- mounting
- panel part
- handle
- building opening
- Prior art date
Links
- 238000012216 screening Methods 0.000 claims abstract description 26
- 238000001556 precipitation Methods 0.000 claims abstract description 5
- 238000007789 sealing Methods 0.000 claims description 7
- 238000005192 partition Methods 0.000 description 10
- 229910052782 aluminium Inorganic materials 0.000 description 7
- XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N aluminium Chemical compound [Al] XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 7
- 229920002943 EPDM rubber Polymers 0.000 description 2
- 238000001125 extrusion Methods 0.000 description 2
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 2
- 239000000463 material Substances 0.000 description 2
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 2
- 230000004888 barrier function Effects 0.000 description 1
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 1
- 239000003292 glue Substances 0.000 description 1
- 229910052751 metal Inorganic materials 0.000 description 1
- 239000002184 metal Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E06—DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
- E06B—FIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
- E06B9/00—Screening or protective devices for wall or similar openings, with or without operating or securing mechanisms; Closures of similar construction
- E06B9/02—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E06—DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
- E06B—FIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
- E06B9/00—Screening or protective devices for wall or similar openings, with or without operating or securing mechanisms; Closures of similar construction
- E06B9/02—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary
- E06B9/06—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type
- E06B9/0607—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type comprising a plurality of similar rigid closing elements movable to a storage position
- E06B9/0615—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type comprising a plurality of similar rigid closing elements movable to a storage position characterised by the closing elements
- E06B9/0638—Slats or panels
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E06—DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
- E06B—FIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
- E06B9/00—Screening or protective devices for wall or similar openings, with or without operating or securing mechanisms; Closures of similar construction
- E06B9/02—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary
- E06B9/06—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type
- E06B9/0607—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type comprising a plurality of similar rigid closing elements movable to a storage position
- E06B9/0646—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type comprising a plurality of similar rigid closing elements movable to a storage position characterised by the relative arrangement of the closing elements in the stored position
- E06B9/0669—Shutters, movable grilles, or other safety closing devices, e.g. against burglary collapsible or foldable, e.g. of the bellows or lazy-tongs type comprising a plurality of similar rigid closing elements movable to a storage position characterised by the relative arrangement of the closing elements in the stored position stored in a zig-zag arrangement
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E06—DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
- E06B—FIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
- E06B9/00—Screening or protective devices for wall or similar openings, with or without operating or securing mechanisms; Closures of similar construction
- E06B2009/007—Flood panels
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Structural Engineering (AREA)
- Architecture (AREA)
- Civil Engineering (AREA)
- Specific Sealing Or Ventilating Devices For Doors And Windows (AREA)
- Building Environments (AREA)
- Special Wing (AREA)
Abstract
Inrichting (1) voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen om binnendringen van neerslag te vermijden, omvattende een afschermpaneel (13) met twee paneeldelen (2, 3), die scharnierbaar zijn tussen een open stand en een gesloten stand, waarin ze zich zijdelings in elkaars verlengde uitstrekken om de onderzijde van de gebouwopening af te schermen, een onderdichting (4) en laterale zijdichtingen (5), om de gebouwopening onderaan en zijdelings van het afschermpaneel (13) te dichten en een hendel (8), waarbij het tweede paneeldeel (3) voorzien is van twee aanbrengflenzen (9a), die naar elkaar toe geopende aanbrengholtes (9e) begrenzen, met aan de bovenzijde een aanbrengopening (9f), en waarbij de hendel (8) voorzien is van twee corresponderende aanbrengflenzen (8a), die via de aanbrengopeningen (9f) aanbrengbaar zijn in de aanbrengholtes (9e), voor het losmaakbaar bevestigen van de hendel (8) aan het tweede paneeldeel (3).
Description
BIJ OVERSTROMINGEN Deze uitvinding betreft een inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen om binnendringen van neerslag te vermijden. Deze inrichting is meer specifiek voorzien om op een snelle en eenvoudige manier deuropeningen en kleine garagepoorten af te kunnen sluiten om deze van een waterdichte stormvloedkering te voorzien.
In wat volgt wordt met de voorzijde van de inrichting (en de onderdelen daarvan) de zijde aangeduid die bedoeld is om bij plaatsing gericht te worden naar de buiten te sluiten neerslag toe. De achterzijde van de inrichting (en de onderdelen daarvan) is dan de zijde die bedoeld is om bij plaatsing naar het gebouw toe gericht te worden.
Er bestaan verschillende soorten inrichtingen voor het afschermen van een gebouwopening om binnendringen van hoogwater bij overstromingen te vermijden. Heel vaak worden hiervoor zandzakjes gebruikt. De nadelen van dergelijke zandzakjes zijn algemeen gekend, zodat al heel wat alternatieven hiervoor uitgewerkt werden. In DE 40 23 286 A1 is bijvoorbeeld een kader beschreven, die in een gebouwopening aanbrengbaar is, voorzien is van een afschermpaneel en van dichtingen. De profielen van het kader zijn met spanelementen uit elkaar drijfbaar om in de gebouwopening op te spannen om zo dichting te verzekeren. Deze inrichting is niet eenvoudig monteerbaar en het aanbrengen ervan in de gebouwopening is vrij omslachtig. In WO 2004/053277 A1 is dan ook voorgesteld om een kader, die voorzien is van een afschermpaneel, aan de buitenranden te voorzien van een opblaasbare dichting. Na aanbrengen van het kader in de gebouwopening wordt de dichting opgeblazen om de speling tussen het kader en de gebouwopening te dichten. Om deze inrichting te kunnen monteren zijn externe middelen nodig om de dichting op te pompen. Een op deze manier opgeblazen dichting heeft ook de neiging om te lossen, zodat dit slechts voor een beperkte tijd de nodige dichting kan verzekeren.
Oplossingen zoals beschreven in DE 40 23 286 Al en WO 2004/053277 A1 worden in de praktijk weinig toegepast. Vaker worden oplossingen toegepast waarbij in of rond de gebouwopening vaste beugels en/of profielen worden aangebracht, waarin of waartegen een afschermpaneel op een waterdichte manier bevestigbaar is.
In de inrichtingen uit EP 2 703 563 A2 worden bijvoorbeeld twee laterale rails aan de muur bevestigd, die blijvend zichtbaar zijn, ook wanneer er geen gevaar voor overstroming is en het afschermpaneel niet aan deze rails is bevestigd.
In FR 2 853 685 Al zijn beugels rondom de gebouwopening voorzien om een afschermpaneel tegen de zijranden van de gebouwopening aan te kunnen spannen. Bij deze inrichting zijn deze beugels permanent aanwezig, ook wanneer het afschermpaneel niet gemonteerd is.
Dergelijke blijvende beugels en/of profielen die in of rond de gebouwopening geplaatst worden, worden echter als weinig esthetisch ervaren. Er werd daarom al een inrichting ontwikkeld waarbij het afschermpaneel opgebouwd is uit een eerste paneeldeel en een tweede paneeldeel, die scharnierbaar ten opzichte van elkaar verplaatsbaar zijn. Wanneer deze paneeldelen onder een hoek ten opzichte van elkaar zijn gebracht kunnen deze eenvoudig in de gebouwopening opgesteld worden. Daarna kunnen deze ten opzichte van elkaar gescharnierd worden naar een gesloten stand, waarin deze paneeldelen zich zijdelings in elkaars verlengde uitstrekken en in de gebouwopening opgespannen worden. Dichtingen aan de randen van het afschermpaneel worden daarbij samengedrukt om zo de nodige dichting te verzekeren. Om de paneeldelen ten opzichte van elkaar te kunnen scharnieren met de nodige kracht om de nodige dichting te verzekeren, kan een hendel voorzien worden aan het tweede paneeldeel. Om accidenteel demonteren van de paneeldelen te vermijden, worden de paneeldelen in de gesloten stand best ten opzichte van elkaar vergrendeld en/of wordt de hendel best losmaakbaar voorzien. Hendels die losmaakbaar voorzien zijn aan een dergelijk tweede paneeldeel vormen een zwak punt van een dergelijke inrichting. Het doel van deze uitvinding is om te voorzien in verbeterde inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen, waarbij bovengenoemde problemen verholpen zijn.
Dit doel van de uitvinding wordt bereikt door te voorzien in een inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen om binnendringen van neerslag te vermijden, omvattende: - een afschermpaneel om onderaan in de gebouwopening te plaatsen, dat een eerste paneeldeel en een tweede paneeldeel omvat, die scharnierbaar ten opzichte van elkaar verplaatsbaar zijn tussen een open stand, waarin deze paneeldelen onder een hoek ten opzichte van elkaar zijn opgesteld en een gesloten stand, waarin deze paneeldelen zich zijdelings in elkaars verlengde uitstrekken om de onderzijde van de gebouwopening hoofdzakelijk af te schermen; - een onderdichting, die onderaan het afschermpaneel is voorzien om de gebouwopening onderaan het afschermpaneel te dichten; - laterale zijdichtingen, die aan beide laterale zijden van het afschermpaneel zijn voorzien om de gebouwopening zijdelings van het afschermpaneel te dichten; en - een hendel, die losmaakbaar bevestigbaar is aan het tweede paneeldeel; waarbij het tweede paneeldeel voorzien is van twee aanbrengflenzen, die op een tussenafstand van elkaar zijn opgesteld, en elk een aanbrengholte begrenzen, waarbij deze aanbrengholtes naar elkaar toe zijn geopend en voorzien zijn van een aanbrengopening die naar de bovenzijde van het afschermpaneel is gericht, en waarbij de hendel voorzien is van twee met de aanbrengholtes corresponderende aanbrengflenzen, zodat de aanbrengflenzen van de hendel via de aanbrengopeningen losmaakbaar aanbrengbaar zijn in de aanbrengholtes, voor het losmaakbaar bevestigen van de hendel aan het tweede paneeldeel.
Met de scharnierende paneeldelen dienen geen permanente profielen of beugels in of rond de gebouwopening voorzien te worden om de inrichting te kunnen plaatsen.
De inrichting kan bijzonder vlot in zijn geheel in de gebouwopening aangebracht en geplaatst worden wanneer de nood zich voordoet en erna even vlot in zijn geheel terug uit de gebouwopening verwijderd worden.
De aanbrengflenzen kunnen daarbij op een robuuste manier aan het tweede afschermpaneel voorzien worden om de nodige krachten over te kunnen brengen.
Door de hendel op deze manier losmaakbaar bevestigbaar te voorzien vanaf de bovenzijde van het afschermpaneel, kan deze bijzonder vlot geplaatst worden. Met deze hendel kan daarna de nodige kracht uitgeoefend worden om het tweede paneeldeel ten opzichte van het eerste paneeldeel te scharnieren naar de gesloten stand toe, waarin deze paneeldelen in de gebouwopening kunnen geklemd worden, dit waarbij de dichtingen samengedrukt worden tussen deze paneeldelen en de gebouwopening.
De paneeldelen kunnen daarbij onderling verbonden worden met behulp van één of meerdere scharnieren voor het onderling scharnieren van deze paneeldelen. Een dergelijk scharnier wordt daarbij bij voorkeur aan de achterzijde van de paneeldelen opgesteld, dit naar eenvoud van plaatsing van de inrichting toe.
De paneeldelen van een inrichting volgens deze uitvinding kunnen ééndelig uitgevoerd zijn. Voorkeurdragend zijn deze echter op een modulaire manier meerdelig uitgevoerd. Zo kunnen deze bijvoorbeeld voordelig uit schotten opgebouwd worden, die bovenop elkaar plaatsbaar zijn om samen een dergelijk paneeldeel te vormen.
Deze paneeldelen en de hendel kunnen uit verschillende materialen vervaardigd zijn, zolang deze waterdicht uitgevoerd zijn. Voorkeurdragend worden deze hoofdzakelijk uit (geanodiseerd) aluminium vervaardigd om deze bijzonder licht, maar toch voldoende sterk uit te voeren. Doordat de paneeldelen licht zijn uitgevoerd, kunnen 5 deze vlot gemanipuleerd worden en in de gebouwopening geplaatst worden. Deze dienen ook voldoende sterk te zijn om de nodige waterkrachten op te kunnen vangen. In een voorkeurdragende uitvoeringsvorm zijn deze paneeldelen opgebouwd met behulp van bovenop elkaar geplaatste aluminium profielen. Deze aluminium profielen kunnen hiertoe bijvoorbeeld geëxtrudeerd en op lengte verzaagd zijn. Deze profielen kunnen verder meer specifiek voorzien worden van corresponderende tanden en groeven om deze met behulp van een tand- en groefverbinding onderling te verbinden.
De genoemde onderdichting en zijdichtingen kunnen uit verschillende materialen vervaardigd zijn, zolang deze de nodige elasticiteit en waterdichtheid kunnen verzekeren om het afschermpaneel op een stevige en waterdichte manier in de gebouwopening aan te kunnen brengen. Voorkeurdragend zijn deze hiertoe uit EPDM vervaardigd.
Om de krachten voor het scharnieren van het tweede paneeldeel en het klemmen van het afschermpaneel in de gebouwopening maximaal te kunnen verdelen zijn de aanbrengflenzen van het tweede paneeldeel bij voorkeur elk aan een laterale zijde van het tweede paneeldeel opgesteld.
Verder zijn de aanbrengflenzen van het tweede paneeldeel bij voorkeur opgesteld aan de voorzijde van het tweede paneeldeel.
In een voordelige uitvoeringsvorm maken de aanbrengflenzen van het tweede paneeldeel elk deel uit van een aanbrengprofiel, dat zich over de hoogte van het tweede paneeldeel uitstrekt en dat voorzien is van een eerste aanbrengsleuf die de corresponderende aanbrengholte vormt.
Deze aanbrengprofielen kunnen dan bijvoorbeeld ook uit aluminium vervaardigd worden via extrusie en op lengte verzaagd worden.
Deze aanbrengprofielen worden daarbij bij voorkeur nagenoeg evenwijdig aan elkaar opgesteld.
Elk genoemd aanbrengprofiel omvat bij voorkeur een tweede aanbrengsleuf, waarin het tweede paneeldeel met zijn corresponderende laterale zijde is aangebracht om het tweede paneeldeel van dit aanbrengprofiel te voorzien.
Op deze manier worden verschillende functies in één dergelijk aanbrengprofiel gecombineerd.
Wanneer het tweede paneeldeel meerdere boven elkaar geplaatste schotten omvat, zoal hierboven beschreven, dan kunnen deze schotten hiertoe boven elkaar in deze tweede aanbrengsleuf geschoven worden.
Elk genoemd aanbrengprofiel is verder bij voorkeur voorzien van een begrenzingselement dat in de eerste aanbrengsleuf is voorzien op een zekere afstand van de bovenzijde van het tweede paneeldeel om de corresponderende aanbrengholte onderaan te begrenzen.
Bij aanbrengen van de hendel in de aanbrengholtes, wordt deze hendel zo vlot op een gecontroleerde manier op een goed manipuleerbare hoogte gehouden om zo de paneeldelen vlot ten opzichte van elkaar te kunnen scharnieren.
Het aanbrengprofiel van het tweede paneeldeel dat aan een laterale zijde van het afschermpaneel is opgesteld, is verder bij voorkeur voorzien van een derde aanbrengsleuf waarin de corresponderende zijdichting klemmend bevestigbaar is om deze laterale zijde van deze zijdichting te voorzien.
Deze zijdichting kan zo op een zekere manier aan het afschermpaneel bevestigd worden, waarbij de juiste plaatsing ervan gegarandeerd 1s door de bevestiging ervan in de aanbrengsleuf. Er is dan niet langer een verlijming van de zijdichting aan het afschermpaneel nodig.
Met een dergelijke derde aanbrengsleuf wordt nog een bijkomende functie in een dergelijk aanbrengprofiel geïntegreerd. Hierdoor is dit aanbrengprofiel bijzonder veelzijdig, zonder aan de nodige sterkte en robuustheid in te boeten.
Wanneer een tweede paneeldeel niet voorzien is van genoemde aanbrengprofielen, dan kan het tweede paneeldeel alternatief zelf voorzien worden van een dergelijke derde aanbrengsleuf voor het hierin klemmend bevestigen van een corresponderende zijdichting.
Het bovengenoemde aanbrengprofiel van het tweede paneeldeel dat aan de zijde van het eerste paneeldeel is opgesteld, is bij voorkeur voorzien van een vierde aanbrengsleuf. De inrichting is dan bij voorkeur voorzien van een tussendichting, die in deze vierde aanbrengsleuf aanbrengbaar is voor het dichten van het afschermpaneel tussen beide paneeldelen. Deze tussendichting strekt zich daarbij dan verder bij voorkeur aan zijn onderzijde uit tot vóór de onderdichting.
Naast het tweede paneeldeel is ook het eerste paneeldeel bij voorkeur aan beide laterale zijden voorzien van een aanbrengprofiel, dat zich over de hoogte van het eerste paneeldeel uitstrekt en voorzien is van een tweede aanbrengsleuf, waarin het eerste paneeldeel met zijn corresponderende laterale zijde 1s aangebracht.
Voorkeurdragend is ook hier het aanbrengprofiel dat aan een laterale zijde van het afschermpaneel is opgesteld verder bij voorkeur voorzien van een derde aanbrengsleuf waarin de corresponderende zijdichting klemmend bevestigbaar is om deze laterale zijde van deze zijdichting te voorzien.
Daarnaast is ook hier het aanbrengprofiel dat aan de zijde van het tweede paneeldeel is opgesteld, voorzien van een vierde aanbrengsleuf om hierin de genoemde tussendichting aan te brengen voor het dichten van het afschermpaneel tussen beide paneeldelen.
In een bijzonder voorkeurdragende uitvoeringsvorm zijn alle genoemde aanbrengprofielen hoofdzakelijk identiek aan elkaar uitgevoerd. Op deze manier kunnen deze uit een zelfde geëxtrudeerd aluminium profiel vervaardigd worden, door het op lengte verzagen van dit profiel.
De onderdichting van een inrichting volgens deze uitvinding strekt zich bij voorkeur overheen de onderzijde van het afschermpaneel uit tot onder de zijdichtingen. Deze onderdichting kan meer specifiek uit minstens twee delen opgebouwd zijn, namelijk één deel dat onderaan het eerste paneeldeel is voorzien en één deel dat onderaan het tweede paneeldeel is voorzien. Deze delen dienen evenwel samen een doorlopende dichting onderaan het afschermpaneel te vormen. De paneeldelen zijn bij voorkeur onderaan voorzien van een aanbrengsleuf voor het hierin klemmend aanbrengen van één of meerdere delen van deze onderdichting. Eventueel kunnen deze paneeldelen hiertoe onderaan voorzien zijn van een corresponderend aanbrengprofiel dat voorzien is van deze aanbrengsleuf. De onderdichting is verder bij voorkeur aan de voorzijde voorzien van een uitstekende neerwaarts en voorwaarts gerichte lip. Deze lip strekt zich verder bij voorkeur ook tot onder een bovengenoemde tussendichting uit. De hendel van een inrichting volgens deze uitvinding is bij voorkeur voorzien van een handgreep die voorzien is om zich bij bevestiging van de hendel aan het tweede paneeldeel zijdelings van het tweede paneeldeel tot voor het eerste paneeldeel uit te strekken. Deze handgreep vormt zo een hefboom voor het overbrengen van de nodige krachten voor het klemmen van de paneeldelen in de gebouwopening. Verder is de hendel bij voorkeur tussen de aanbrengflenzen van deze hendel voorzien van een handvat. Met behulp van dit handvat kan men de hendel goed manipuleren om de hendel vlot in de aanbrengholtes aan te brengen.
Een inrichting volgens deze uitvinding is daarnaast bij voorkeur ook voorzien van een begrenzingselement voor het begrenzen van de hoek waarin de paneeldelen in hun open stand geplaatst kunnen worden.
Een dergelijke begrenzing van de hoek in de open stand zorgt er voor dat de paneeldelen in hun open stand steeds onder een geschikte hoek in een gebouwopening geplaatst worden om van daaruit de paneeldelen naar hun gesloten stand te verplaatsen en daarbij de dichtingen tussen de paneeldelen en de gebouwopening te klemmen.
Wanneer de inrichting voorzien is van een genoemde tussendichting verhindert een dergelijke begrenzing ook dat een dergelijke tussendichting van tussen de paneeldelen zou loskomen.
Verder is een inrichting volgens deze uitvinding bij voorkeur voorzien van vergrendelingselementen voor het ten opzichte van elkaar vergrendelen van de paneeldelen in hun gesloten stand.
Met behulp van dergelijke vergrendelingselementen kan vermeden worden dat de inrichting ongewenst terug gedemonteerd zou worden.
Als vergrendelingselementen kunnen bijvoorbeeld aan beide paneeldelen corresponderende beugels voorzien worden waaraan bijvoorbeeld een hangslot bevestigbaar is om deze onderling te koppelen.
Deze uitvinding wordt nu nader toegelicht aan de hand van de hierna volgende gedetailleerde beschrijving van enkele uitvoeringsvormen van inrichtingen voor het afschermen van een gebouwopening volgens deze uitvinding.
De bedoeling van deze beschrijving is uitsluitend verduidelijkende voorbeelden te geven en om verdere voordelen en bijzonderheden van deze uitvinding aan te duiden, en kan dus geenszins geïnterpreteerd worden als een beperking van het toepassingsgebied van de uitvinding of van de in de conclusies opgeëiste octrooirechten.
In deze gedetailleerde beschrijving wordt door middel van referentiecijfers verwezen naar de hierbij gevoegde tekeningen, waarbij in
- Figuur 1 een inrichting volgens deze uitvinding in bovenaanzicht is weergegeven met de paneeldelen ervan in hun gesloten stand; - Figuur 2 de inrichting uit figuur 1 in bovenaanzicht is weergegeven met de paneeldelen in hun open stand; - Figuur 3 een deel van de inrichting uit figuur 1 in perspectief van vooraan gezien is afgebeeld ter hoogte van de hendel, met de paneeldelen in hun gesloten stand; - Figuur 4 een deel van de inrichting uit figuur 1 in perspectief van vooraan gezien is afgebeeld ter hoogte van de hendel, met de paneeldelen in hun open stand; - Figuur 5 een deel van de inrichting uit figuur 1 in perspectief van achteraan gezien is afgebeeld ter hoogte van de scharnier, met de paneeldelen in hun gesloten stand; - Figuur 6 een dwarsdoorsnede van het eerste paneeldeel van de inrichting uit figuur 1 is afgebeeld; - Figuur 7 de hendel van de inrichting uit figuur 1 afzonderlijk in bovenaanzicht is afgebeeld, - Figuur 8 een bovenste deel van een aanbrengprofiel van de inrichting uit figuur 1 afzonderlijk in perspectief is afgebeeld; - Figuur 9 een deel van figuur 2 ter hoogte van de hendel in meer detail is weergegeven. De afgebeelde inrichting (1) is voorzien voor het afschermen van de onderzijde van een gebouwopening zoals een deuropening of een kleine garagepoort.
Deze inrichting (1) omvat hiertoe een afschermpaneel (13) om in de gebouwopening te plaatsen en dichtingen (4, 5) om de speling tussen de gebouwopening en dit afschermpaneel (13) verder af te dichten. Het afschermpaneel (13) is modulair opgebouwd met een eerste paneeldeel (2) en een tweede paneeldeel (3) die met behulp van een scharnier (7) onderling scharnierend zijn bevestigd. Met behulp van dit scharnier (7) zijn de paneeldelen (2,
3) scharnierbaar tussen een open stand, zoals afgebeeld in de figuren 2, 4 en 9 en een gesloten stand, zoals afgebeeld in de figuren 1,3 en 5.
In de afgebeelde inrichting (1) zijn de paneeldelen (2, 3) onderling verbonden verbonden met een enkel scharnier (7) dat zich over nagenoeg de hoogte van het afschermpaneel (13) uitstrekt. Alternatief is het ook mogelijk om verschillende scharnieren verspreid over de hoogte van het afschermpaneel (13) te voorzien.
Aan de achterzijde is de afgebeelde inrichting (1) voorzien van een begrenzingselement (12) voor het begrenzen van de hoek waarin de paneeldelen in hun open stand geplaatst kunnen worden. Dit begrenzingselement (12) is voorzien onder de vorm van een haakvormige beugel die aan het tweede paneeldeel (3) is geschroefd en waartegen het eerste paneeldeel (2) in de open stand aanstoot. Dit begrenzingselement (12) kan eenvoudig uit plaatmetaal vervaardigd worden.
Alternatief zou dit begrenzingselement (12) ook omgekeerd aan het eerste paneeldeel (2) bevestigd kunnen worden, zodat het tweede paneeldeel (3) in de open stand hier tegen aanstoot.
In plaats van de afgebeelde haakvormige beugel zijn ook heel wat andere begrenzingselementen denkbaar.
In hun open stand kunnen de paneeldelen (2, 3) eenvoudig in de gebouwopening geplaatst worden of hier terug uit gehaald worden. Om de inrichting (1) hierbij eenvoudig te verplaatsen, is deze inrichting (1) bovenaan voorzien van een handvat (10) om de inrichting (1) op te tillen.
Wanneer de paneeldelen (2, 3) in hun open stand in de gebouwopening geplaatst zijn, zal de onderdichting (4) onderaan de inrichting (1) onder het eigengewicht van de inrichting (1) tegen de onderzijde van de gebouwopening aangedrukt zijn.
De paneeldelen (2, 3) kunnen eenvoudig vanuit de open positie ten opzichte van elkaar gescharnierd worden, waarbij deze naar hun gesloten stand toe gebracht worden en de zijdichtingen (5) tussen de laterale zijden van het afschermpaneel (13) en de zijwanden van de gebouwopening samengedrukt worden.
Om de nodige kracht uit te kunnen oefenen om de paneeldelen (2, 3) te verplaatsen naar hun gesloten stand en het afschermpaneel (13) in de gebouwopening te klemmen door samendrukken van de zijdichtingen (5), 1s een hendel (8) voorzien.
Deze hendel (8) is losmaakbaar bevestigbaar aan het tweede paneeldeel (3), zoals hierna beschreven en omvat een handgreep (8b) die zich in gemonteerde toestand van de hendel (8) tot voor het eerste paneeldeel (2) uitstrekt. Deze handgreep (8b) vormt zo een hefboom om de nodige kracht hiermee uit te kunnen oefenen voor het verplaatsen van de paneeldelen (2, 3) naar hun gesloten stand.
De paneeldelen (2, 3) zijn beide aan hun laterale zijden voorzien van een aanbrengprofiel (9), die zich over de hoogte van deze paneeldelen (2, 3) uitstrekken en waartussen profielschotten (2a, 2b, 2c, 2d, 34, 3b, 3c, 3d) boven elkaar zijn aangebracht.
De hendel (8) is voorzien van twee aanbrengflenzen (8a) voor het losmaakbaar bevestigen van de hendel (8) aan het tweede paneeldeel (3). De aanbrengprofielen (9) zijn voorzien van twee aanbrengflenzen (9a), die een eerste aanbrengsleuf (9b) begrenzen. In de aanbrengsleuven (9b) van het tweede paneeldeel (3), die naar elkaar toe zijn opgesteld, zijn de aanbrengflenzen (8a) van de hendel (8) vanaf de bovenzijde via een aanbrengopening (9f) aanbrengbaar. De aanbrengflenzen (8a) van de hendel (8) hebben hiertoe met de aanbrengsleuven (8a) corresponderende afmetingen. Op deze manier is de hendel (8) losmaakbaar bevestigbaar aan het tweede paneeldeel (3). Eventueel kan in de aanbrengsleuven (9b) van het tweede paneeldeel (3) een begrenzingselement voorzien worden op een zekere afstand van de bovenzijde van het tweede paneeldeel (3), om een aanbrengholte (9e) voor het aanbrengen van de aanbrengflenzen (8a) van de hendel (8) onderaan te begrenzen. Op deze manier kan de hendel (8) eenvoudig op een optimale hoogte geplaatst worden om deze vlot te kunnen bedienen.
Om de hendel (8) vlot aan het tweede paneeldeel (3) te bevestigen, is deze voorzien van een handvat (8c), dat zich tussen de aanbrengflenzen (8a) van de hendel (8) uitstrekt.
De afgebeelde aanbrengprofielen (9) kunnen uit geanodiseerd aluminium vervaardigd worden via extrusie. Geëxtrudeerde profielen kunnen hiertoe op lengte verzaagd worden.
De afgebeelde aanbrengprofielen (9) zijn niet enkel voorzien van een eerste aanbrengsleuf (9b) om hierin vlot de hendel (8) te bevestigen. Verdere aanbrengsleuven (9c, 9d, 9g) zijn in figuur 8 aangeduid. Deze aanbrengprofielen (9) omvatten een tweede aanbrengsleuf (9c), waarin het corresponderende paneeldeel (2, 3) met zijn corresponderende laterale zijde is aangebracht om dit paneeldeel (2, 3) van dit aanbrengprofiel (9) te voorzien. Hiertoe kunnen de afzonderlijke profielschotten (2a, 2b, 2c, 2d, 3a, 3b, 3c, 3d) met hun uiteinden in deze tweede aanbrengsleuf (9c) aangebracht worden. De afgebeelde paneeldelen zijn uit geanodiseerde aluminium profielschotten (2a, 2b, 2c, 2d, 34, 3b, 3c, 3d) opgebouwd. De onderste profielschotten (24, 2b, 2c, 34, 3b, 3c) kunnen hiertoe uit een zelfde geëxtrudeerd profiel op lengte verzaagd worden. Deze onderste profielschotten (2a, 2b, 2c, 3a, 3b, 3c) zijn onderaan voorzien van een sleuf waarin ofwel een tand van een onderliggend profielschot aanbrengbaar is, ofwel de onderdichting (4), zoals te zien is in figuur 6. Bovenaan is een afwerkingsprofiel (2d, 3d) voorzien dat eveneens uit een geëxtrudeerd profiel op lengte gezaagd kan worden. Dit afwerkingsprofiel (2d, 3d) wordt bovenop een tand van een onderliggend profielschot (2c, 3c) aangebracht. Verder omvatten de afgebeelde aanbrengprofielen (9) een derde aanbrengsleuf (9d). Bij de aanbrengprofielen (9) die aan een laterale zijde van het afschermpaneel (13) worden opgesteld kan hierin de corresponderende zijdichting (5) klemmend bevestigd worden om deze laterale zijde van deze zijdichting (5) te voorzien.
Daarnaast omvatten de afgebeelde aanbrengprofielen (9) een vierde aanbrengsleuf (99). Bij de aanbrengprofielen (9) die tussen de paneeldelen (2, 3) tegen elkaar aangrenzend voorzien zijn, kan hierin een tussendichting (6) aangebracht worden voor het dichten van het afschermpaneel (13) tussen beide paneeldelen (2, 3). De onderdichting (4) die onderaan de paneeldelen (2, 3) 1s aangebracht, strekt zich overheen de onderzijde van het afschermpaneel (13) uit tot onder de zijdichtingen (5). De tussendichting (6) strekt zich aan zijn onderzijde uit tot vóór de onderdichting (4). De ten opzichte van een basislichaam (4a) naar onder en naar voor gerichte lip (4b) van de onderdichting (6) strekt zich daarbij tot onder de tussendichting (6) uit.
De dichtingen (4, 5, 6) kunnen bijvoorbeeld uit EPDM vervaardigd zijn.
De afgebeelde inrichting (1) is verder voorzien van vergrendelingselementen (11) voor het ten opzichte van elkaar vergrendelen van de paneeldelen (2, 3) in hun gesloten stand.
Deze vergrendelingselementen (11) zijn voorzien onder de vorm van twee beugels (11), die elk aan een paneeldeel (2, 3) geschroefd zijn en voorzien zijn van een boring (11a). In gesloten positie van de paneeldelen (2, 3) overlappen deze boringen (11a) elkaar zodat daar doorheen een hangslot bevestigd kan worden.
Uiteraard zijn ook heel wat andere vergrendelingselementen (11) denkbaar.
Claims (15)
1. Inrichting (1) voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen om binnendringen van neerslag te vermijden, omvattende: - een afschermpaneel (13) om onderaan in de gebouwopening te plaatsen, dat een eerste paneeldeel (2) en een tweede paneeldeel (3) omvat, die scharnierbaar ten opzichte van elkaar verplaatsbaar zijn tussen een open stand, waarin deze paneeldelen (2, 3) onder een hoek ten opzichte van elkaar zijn opgesteld en een gesloten stand, waarin deze paneeldelen (2, 3) zich zijdelings in elkaars verlengde uitstrekken om de onderzijde van de gebouwopening hoofdzakelijk af te schermen; - een onderdichting (4), die onderaan het afschermpaneel (13) is voorzien om de gebouwopening onderaan het afschermpaneel (13) te dichten; - laterale zijdichtingen (5), die aan beide laterale zijden van het afschermpaneel (13) zijn voorzien om de gebouwopening zijdelings van het afschermpaneel (13) te dichten; en - een hendel (8) die losmaakbaar bevestigbaar is aan het tweede paneeldeel 3) met het kenmerk dat het tweede paneeldeel (3) voorzien is van twee aanbrengflenzen (9a), die op een tussenafstand van elkaar zijn opgesteld, en elk een aanbrengholte (9e) begrenzen, waarbij deze aanbrengholtes (9e) naar elkaar toe zijn geopend en voorzien zijn van een aanbrengopening (9f) die naar de bovenzijde van het afschermpaneel (13) is gericht, en dat de hendel (8) voorzien is van twee met de aanbrengholtes (9e) corresponderende aanbrengflenzen (8a), zodat de aanbrengflenzen (8a) van de hendel (8) via de aanbrengopeningen (9f) losmaakbaar aanbrengbaar zijn in de aanbrengholtes (9e), voor het losmaakbaar bevestigen van de hendel (8) aan het tweede paneeldeel (3).
2. Inrichting (1) volgens conclusie 1, met het kenmerk dat de aanbrengflenzen (9a) van het tweede paneeldeel (3) elk aan een laterale zijde van het tweede paneeldeel (3) zijn opgesteld.
3. Inrichting (1) volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de aanbrengflenzen (9a) van het tweede paneeldeel (3) elk deel uitmaken van een aanbrengprofiel (9), dat zich over de hoogte van het tweede paneeldeel (3) uitstrekt en dat voorzien is van een eerste aanbrengsleuf (9b) die de corresponderende aanbrengholte (9e) vormt.
4. Inrichting (1) volgens conclusie 2 en 3, met het kenmerk dat elk aanbrengprofiel (9) een tweede aanbrengsleuf (9c) omvat, waarin het tweede paneeldeel (3) met zijn corresponderende laterale zijde is aangebracht om het tweede paneeldeel (3) van dit aanbrengprofiel (9) te voorzien.
5. Inrichting (1) volgens conclusie 3 of 4, met het kenmerk dat elk aanbrengprofiel (9) voorzien is van een begrenzingselement dat in de eerste aanbrengsleuf (9b) is voorzien op een zekere afstand van de bovenzijde van het tweede paneeldeel (3) om de corresponderende aanbrengholte (9e) onderaan te begrenzen.
6. Inrichting (1) volgens één van de conclusies 3 tot 5, met het kenmerk dat het aanbrengprofiel (9) van het tweede paneeldeel (3) dat aan een laterale zijde van het afschermpaneel (13) is opgesteld, voorzien is van een derde aanbrengsleuf (9d) waarin de corresponderende zijdichting (5) klemmend bevestigbaar is om deze laterale zijde van deze zijdichting (5) te voorzien.
7. Inrichting (1) volgens één van de conclusie 3 tot 6, met het kenmerk dat het aanbrengprofiel (9) van het tweede paneeldeel (3) dat aan de zijde van het eerste paneeldeel (2) is opgesteld, voorzien is van een vierde aanbrengsleuf (9g) en dat de inrichting (1) voorzien is van een tussendichting (6), die in deze vierde aanbrengsleuf (9g) aanbrengbaar is voor het dichten van het afschermpaneel (13) tussen beide paneeldelen (2, 3).
8. Inrichting (1) volgens conclusie 7, met het kenmerk dat de tussendichting (6) zich aan zijn onderzijde uitstrekt tot vóór de onderdichting (4).
9. Inrichting (1) volgens één van de conclusies 3 tot 8, met het kenmerk dat het eerste paneeldeel (2) aan beide laterale zijden voorzien is van een aanbrengprofiel (9), dat zich over de hoogte van het eerste paneeldeel (2) uitstrekt en voorzien is van een tweede aanbrengsleuf (9c), waarin het eerste paneeldeel (2) met zijn corresponderende laterale zijde is aangebracht.
10. Inrichting (1) volgens conclusie 9, met het kenmerk dat alle genoemde aanbrengprofielen (9) hoofdzakelijk identiek aan elkaar zijn uitgevoerd.
11. Inrichting (1) volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de onderdichting (4) zich overheen de onderzijde van het afschermpaneel (13) uitstrekt tot onder de zijdichtingen (5).
12. Inrichting (1) volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de hendel (8) voorzien is van een handgreep (8b) die voorzien is om zich bij bevestiging van de hendel (8) aan het tweede paneeldeel (3) zijdelings van het tweede paneeldeel (3) tot voor het eerste paneeldeel (2) uit te strekken.
13. Inrichting (1) volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de hendel (8) tussen de aanbrengflenzen (8a) van deze hendel (8) voorzien is van een handvat (8c).
14. Inrichting (1) volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de inrichting (1) voorzien is van een begrenzingselement (12) voor het begrenzen van de hoek waarin de paneeldelen in hun open stand geplaatst kunnen worden.
15. Inrichting (1) volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de inrichting (1) voorzien is van vergrendelingselementen (11) voor het ten opzichte van elkaar vergrendelen van de paneeldelen (2, 3) in hun gesloten stand.
Priority Applications (3)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE20215147A BE1029155B1 (nl) | 2021-03-02 | 2021-03-02 | Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen |
| FR2201785A FR3120381B1 (fr) | 2021-03-02 | 2022-03-01 | dispositif de protection d’une ouverture de bâtiment en cas d’inondation |
| NL2031119A NL2031119B1 (nl) | 2021-03-02 | 2022-03-01 | Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen |
Applications Claiming Priority (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE20215147A BE1029155B1 (nl) | 2021-03-02 | 2021-03-02 | Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen |
Publications (2)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| BE1029155A1 true BE1029155A1 (nl) | 2022-09-26 |
| BE1029155B1 BE1029155B1 (nl) | 2022-10-03 |
Family
ID=74859653
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| BE20215147A BE1029155B1 (nl) | 2021-03-02 | 2021-03-02 | Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| BE (1) | BE1029155B1 (nl) |
| FR (1) | FR3120381B1 (nl) |
| NL (1) | NL2031119B1 (nl) |
Families Citing this family (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| CN117345095A (zh) * | 2023-11-24 | 2024-01-05 | 安徽瑞迪工程科技有限公司 | 一种简易操作挡水门 |
Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE4023286A1 (de) | 1990-07-21 | 1992-01-23 | Dieter Buss | Abdichtrahmen zum verschliessen von oeffnungen |
| WO2004053277A1 (de) | 2002-12-09 | 2004-06-24 | KARRÉ, Heinrich | Vorrichtung zum abdichten von gebäudeöffnungen |
| FR2853685A1 (fr) | 2003-04-14 | 2004-10-15 | Guy Levasseur | Dispositif de protection d'une ouverture contre les inondations |
| EP2703563A2 (fr) | 2012-08-01 | 2014-03-05 | EM Solutions Srl | Système de soutien, accrochage et décrochage pour barrières amovibles |
Family Cites Families (3)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| PT102585A (pt) * | 2001-03-21 | 2002-09-30 | Bruno Miguel Almeida Goncalves | Aparelho articulado para impedir a entrada de agua nos edificios |
| DE20219996U1 (de) * | 2002-12-27 | 2003-03-27 | Eger, Wilhelm, 72379 Hechingen | Vorrichtung zur Hochwasserabdichtung an Türen, Toren und Fenstern |
| IT201800003068U1 (it) * | 2018-07-24 | 2020-01-24 | Costantino Trillo | Innovativa paratia estensibile, a tenuta stagna, avente al suo apice una sezione snodata efficacemente accessoriata con un dispositivo elettronico, posto al proprio interno, in grado di rilevare la presenza di acqua e segnalare, tramite tramite un apparato gsm, il potenziale pericolo all'utente |
-
2021
- 2021-03-02 BE BE20215147A patent/BE1029155B1/nl active IP Right Grant
-
2022
- 2022-03-01 NL NL2031119A patent/NL2031119B1/nl active
- 2022-03-01 FR FR2201785A patent/FR3120381B1/fr active Active
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE4023286A1 (de) | 1990-07-21 | 1992-01-23 | Dieter Buss | Abdichtrahmen zum verschliessen von oeffnungen |
| WO2004053277A1 (de) | 2002-12-09 | 2004-06-24 | KARRÉ, Heinrich | Vorrichtung zum abdichten von gebäudeöffnungen |
| FR2853685A1 (fr) | 2003-04-14 | 2004-10-15 | Guy Levasseur | Dispositif de protection d'une ouverture contre les inondations |
| EP2703563A2 (fr) | 2012-08-01 | 2014-03-05 | EM Solutions Srl | Système de soutien, accrochage et décrochage pour barrières amovibles |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| FR3120381B1 (fr) | 2024-04-05 |
| FR3120381A1 (fr) | 2022-09-09 |
| NL2031119B1 (nl) | 2022-09-21 |
| BE1029155B1 (nl) | 2022-10-03 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL2031119B1 (nl) | Inrichting voor het afschermen van een gebouwopening bij overstromingen | |
| CN107923223A (zh) | 用于扇叶门的手指保护装置 | |
| KR101823363B1 (ko) | 모서리 연결부재에 장착된 고정부재를 이용한 탈부착이 용이한 절첩식 방범 방충용 도어의 고정장치 | |
| US20170114587A1 (en) | Concealable flush wall door structural frame and flush wall door assembly including same | |
| BE1018641A5 (nl) | Deuromkastingset en deursamenstel. | |
| US20050251961A1 (en) | Adjustable hinge structure | |
| GB2459940A (en) | Flood barrier | |
| EP0607040B1 (en) | Improvements in and relating to security covers for door or window openings | |
| NL1007283C2 (nl) | Inrichting voor het afschermen van een loodsingang. | |
| NL1038040C2 (nl) | Scherm- of rolluikinrichting. | |
| US5956900A (en) | Security grating | |
| EP4086399B1 (en) | A barrier for installation in a sewage system with limited space | |
| JP2009108485A (ja) | シャッターボックスの取付構造 | |
| NL191478C (nl) | Bevestigingsconstructie voor een nokconstructie van een zogenaamde Venlo-kas. | |
| GB2446942A (en) | Flood barrier | |
| EP2923023B1 (en) | A flood barrier for an opening | |
| NL1022262C2 (nl) | Veiligheidsdeur. | |
| GB2292964A (en) | Door finger guard | |
| NL9101767A (nl) | Hefschuifdeur. | |
| NL1014220C2 (nl) | Laadruimte met deur en voertuig voorzien van een dergelijke laadruimte. | |
| FR2955605A1 (fr) | Dispositif pour securiser une fenetre type p.v.c pour enfant et animal de compagnie en conservant une aeration satisfaisante | |
| BE1027515B1 (nl) | Overwaaibeveiliging | |
| IT202000014404A1 (it) | Dispositivo a porta | |
| AU2007101051A4 (en) | Surveillance Camera Housing SMW1 | |
| GB2561675A (en) | A flood barrier |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| FG | Patent granted |
Effective date: 20221003 |