BE1032121A1 - Een poortactuator - Google Patents
Een poortactuator Download PDFInfo
- Publication number
- BE1032121A1 BE1032121A1 BE20235915A BE202305915A BE1032121A1 BE 1032121 A1 BE1032121 A1 BE 1032121A1 BE 20235915 A BE20235915 A BE 20235915A BE 202305915 A BE202305915 A BE 202305915A BE 1032121 A1 BE1032121 A1 BE 1032121A1
- Authority
- BE
- Belgium
- Prior art keywords
- gate
- output shaft
- gate actuator
- support
- longitudinal direction
- Prior art date
Links
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05F—DEVICES FOR MOVING WINGS INTO OPEN OR CLOSED POSITION; CHECKS FOR WINGS; WING FITTINGS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, CONCERNED WITH THE FUNCTIONING OF THE WING
- E05F15/00—Power-operated mechanisms for wings
- E05F15/60—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators
- E05F15/603—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors
- E05F15/611—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors for swinging wings
- E05F15/63—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors for swinging wings operated by swinging arms
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05F—DEVICES FOR MOVING WINGS INTO OPEN OR CLOSED POSITION; CHECKS FOR WINGS; WING FITTINGS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, CONCERNED WITH THE FUNCTIONING OF THE WING
- E05F15/00—Power-operated mechanisms for wings
- E05F15/60—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators
- E05F15/603—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors
- E05F15/611—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors for swinging wings
- E05F15/63—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors for swinging wings operated by swinging arms
- E05F2015/631—Power-operated mechanisms for wings using electrical actuators using rotary electromotors for swinging wings operated by swinging arms the end of the arm sliding in a track; Slider arms therefor
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05Y—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASSES E05D AND E05F, RELATING TO CONSTRUCTION ELEMENTS, ELECTRIC CONTROL, POWER SUPPLY, POWER SIGNAL OR TRANSMISSION, USER INTERFACES, MOUNTING OR COUPLING, DETAILS, ACCESSORIES, AUXILIARY OPERATIONS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, APPLICATION THEREOF
- E05Y2201/00—Constructional elements; Accessories therefor
- E05Y2201/60—Suspension or transmission members; Accessories therefor
- E05Y2201/622—Suspension or transmission members elements
- E05Y2201/624—Arms
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05Y—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASSES E05D AND E05F, RELATING TO CONSTRUCTION ELEMENTS, ELECTRIC CONTROL, POWER SUPPLY, POWER SIGNAL OR TRANSMISSION, USER INTERFACES, MOUNTING OR COUPLING, DETAILS, ACCESSORIES, AUXILIARY OPERATIONS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, APPLICATION THEREOF
- E05Y2800/00—Details, accessories and auxiliary operations not otherwise provided for
- E05Y2800/26—Form or shape
- E05Y2800/28—Form or shape tubular, annular
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05Y—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASSES E05D AND E05F, RELATING TO CONSTRUCTION ELEMENTS, ELECTRIC CONTROL, POWER SUPPLY, POWER SIGNAL OR TRANSMISSION, USER INTERFACES, MOUNTING OR COUPLING, DETAILS, ACCESSORIES, AUXILIARY OPERATIONS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, APPLICATION THEREOF
- E05Y2900/00—Application of doors, windows, wings or fittings thereof
- E05Y2900/40—Application of doors, windows, wings or fittings thereof for gates
Landscapes
- Power-Operated Mechanisms For Wings (AREA)
Abstract
Een poortactuator omvat: een langwerpige behuizing; een elektrische aandrijving binnenin de behuizing met een uitgaande as (17); een arm (6) die een draaiing van de uitgaande as overbrengt naar een poort die scharnierend verbonden is met de steun; en een ringvormig montage-element (30) binnenin de behuizing waardoorheen de uitgaande as zich uitstrekt. Het ringvormig montage-element is voorzien van twee doorgaande openingen die zich aan tegenovergestelde kanten bevinden van de uitgaande as en dienen voor het ontvangen van een bevestigingsmiddel (16) voor het bevestigen van de poortactuator aan de steun. Er zijn verder twee ringvormige lagers (115, 116) voorzien tussen de uitgaande as en het ringvormig montage-element aan tegenovergestelde kanten van de doorgaande openingen.
Description
4 BE2023/5915
Een poortactuator
Technisch vakgebied
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een poortactuator voor het actueren van een poort die door middel van een scharnier draaibaar verbonden is met een steun. De onderhavige uitvinding heeft verder betrekking op een sluitsysteem omvattende de poortactuator.
Stand der techniek
Er zijn verschillende soorten poortactuatoren bekend in de techniek, bijvoorbeeld op veerspanning gebaseerde poortactuatoren zoals beschreven in WO 2012/103572 die enkel dienen voor het sluiten van de poort; hydraulisch gedempte op veerspanning gebaseerde poortactuatoren zoals beschreven in WO 2018/228729 die enkel dienen voor het sluiten van de poort; en gemotoriseerde poortactuatoren zoals beschreven in WO 2019/048359 die dienen voor het openen en sluiten van de poort. De onderhavige uitvinding heeft in het algemeen betrekking op poortactuatoren van de laatste soort, die worden bediend door een elektrische aandrijving. Gezien het gebruik van een elektrische aandrijving die dus instaat zowel voor het openen als het sluiten van de poort worden dit soort poortactuatoren ook vaak aangeduid met de term “poortopener”.
De poortactuator beschreven in WO 2019/048359 omvat: een langwerpige behuizing die geconfigureerd is om tegen een steun te worden gemonteerd, waarbij de langwerpige behuizing zich in een lengterichting richting uitstrekt tussen een bovenste uiteinde en een onderste uiteinde; een elektrische aandrijving binnenin de behuizing, welke elektrische aandrijving een uitgaande as heeft die draaibaar is (i.e. in een draairichting omheen de lengterichting) bij activatie van de elektrische aandrijving; een arm die zich uitstrekt tussen een proximaal uiteinde en een distaal uiteinde en geconfigureerd is om de poort te
2 BE2023/5915 actueren bij draaiing van de uitgaande as, waarbij het distaal uiteinde geconfigureerd is om verbonden te worden met het scharnier of de poort en waarbij het proximaal uiteinde gekoppeld is aan de uitgaande as; en een ringvormig montage-element binnenin de behuizing waardoorheen de uitgaande as zich uitstrekt, waarbij het ringvormig montage-element voorzien is van twee doorgaande openingen die zich aan tegenovergestelde kanten bevinden van de uitgaande as en elk geconfigureerd zijn voor het ontvangen van een bevestigingsmiddel voor het bevestigen van de poortactuator aan de steun. De uitgaande as is normaal draaibaar in twee tegengestelde draairichtingen, nl. een eerste draairichting (bv. wijzerzin) voor het openen van de poort en een tweede draairichting (bv. tegenwijzerzin) voor het sluiten van de poort.
WO 2019/048359 openbaart weinig tot geen details omtrent de verbinding tussen de uitgaande as en het ringvormig montage-element.
Deze verbinding is enkel in doorsnede getoond in de figuren 7 tot en met 10 van WO 2019/048359. Daaruit valt af te leiden dat de uitgaande as hoofdzakelijk pinvormig is en past in een daartoe voorziene holte in het proximaal uiteinde van de arm. Een dubbele lager is voorzien tussen de arm en de behuizing van de poortactuator aan de bovenzijde van de het ringvormig montage-element.
Beschrijving van de uitvinding
Het is een doel van de onderhavige uitvinding is om een elektrische poortactuator te voorzien met een verbeterde verbinding tussen de uitgaande as en het montage-element.
Volgens de onderhavige uitvinding wordt dit doel gerealiseerd door dat de poortactuator verder twee ringvormige lagers omvat die gepositioneerd zijn tussen de uitgaande as en het ringvormig montage- element en die zich, in de lengterichting, aan tegenovergestelde kanten bevinden van genoemde doorgaande openingen.
Door de plaatsing van de lagers aan weerszijden van de
3 BE2023/5915 bevestigingsopeningen is er een verbeterde uitlijning van de uitgaande as. Meer concreet is de uitgaande as op twee verschillende locaties uitgelijnd door een lager, in tegenstelling tot in WO 2019/048359 geopenbaarde poortactuator waar beide lagers aan de bovenzijde van de uitgaande as zijn geplaatst. Dit zorgt dat een trekkracht uitgeoefend aan één uiteinde van de uitgaande as (bv. als gevolg van een poort die afhangt t.o.v. de steun) geen of alvast minder aanleiding geeft tot een ongewenste kanteling van de uitgaande as en/of een resulterende zijwaartse kracht uitgeoefend op het motorlichaam van de elektromotor.
Daarenboven is de krachtenoverdracht tussen de poortactuator en de steun geconcentreerd nabij de bevestigingsopeningen, terwijl de krachtenoverdracht tussen de poortactuator en de poort geconcentreerd is nabij de uitgaande as. Door een lager te voorzien tussen de uitgaande as en het ringvormig montage-element aan beide kanten van de bevestigingsopeningen worden eventuele torsie-effecten vermeden.
Dergelijke torsie-effecten kunnen ontstaan in de in WO 2019/048359 geopenbaarde poortactuator doordat er een verticale afstand is tussen de twee lagers en de twee bevestigingsopeningen waardoor er een afstand is tussen de krachtenoverdracht van de arm op de poortactuator enerzijds en de krachtenoverdracht van de poortactuator op de steun anderzijds. In de poortactuator volgens de onderhavige uitvinding is dit mogelijke probleem verholpen door de krachtenoverdracht tussen de arm en de poortactuator via de lagers aan weerszijden te laten plaatsvinden van de krachtenoverdracht van de poortactuator op de steun.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat elke ringvormige lager een binnenloopring en een buitenloopring omvat, waarbij de binnenloopring in een radiale richting loodrecht op de lengterichting inwerkt op, en bij voorkeur aangrijpt op, de uitgaande as en de buitenloopring in de radiale richting inwerkt op, en bij voorkeur aangrijpt op, het ringvormig montage-element.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt
4 BE2023/5915 door dat elke ringvormige lager een binnenloopring en een buitenloopring omvat, waarbij de naar elkaar gerichte vlakken van de twee buitenloopringen in de lengterichting inwerken op, en bij voorkeur aangrijpen op, het ringvormig montage-element en waarbij de weg van elkaar gerichte vlakken van de twee binnenloopringen in de lengterichting inwerken op, en bij voorkeur aangrijpen op, de uitgaande as.
In deze uitvoeringsvormen zijn er geen (of minstens geen structurele) componenten aanwezig tussen de lagers, de uitgaande as en het ringvormig montage-element. Dergelijke elementen zouden de krachtenoverdracht nadelig kunnen beïnvloeden. Daarenboven nemen dergelijke componenten ook ruimte in, welke ruimte dan niet beschikbaar is voor de lagers, de uitgaande as en/of het ringvormig montage-element die daardoor dus compacter zouden moeten worden uitgevoerd wat kan leiden tot een verlaagde capaciteit om krachten en/of drukken te weerstaan.
In deze context wordt met structurele componenten bedoeld elementen die een deel vormen van de structuur van de poortactuator.
Bijvoorbeeld zoals in de poortactuator geopenbaard in WO 2019/048359 waar de lagers de krachten overdragen op het ringvormig montage- element via de behuizing.
Het in de lengterichting inwerken van de buitenloopringen op het ringvormig montage-element en van de binnenloopringen op de uitgaande as zorgt verder voor een verankering van de lagers, de uitgaande as en het ringvormig montage-element ten opzichte van elkaar. Dit is voordelig in geval de uitgaande as wordt blootgesteld aan een kracht in de richting van de lengteas, bv. door een afhangende poort.
De uitgaande as zal deze kracht dan overbrengen via de binnenloopring naar de lager en vandaar via de buitenloopring naar het ringvormig montage-element.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat elke ringvormige lager gevormd is door een rollager, bij voorkeur een kogellager.
Rollagers en in het bijzonder kogellagers zijn uitermate geschikt voor het doorgeven van zowel axiale als radiale krachten over de lager.
Daarenboven kunnen kogellagers stofdicht worden afgedicht, dit in 5 tegenstelling tot andere rollagers zoals naaldlagers.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat de twee doorgaande openingen zich in éénzelfde hypothetisch vlak bevinden dat nagenoeg loodrecht is op de lengterichting en waarbij, bij voorkeur, een kortste afstand tussen een middelpunt van elke doorgaande opening zich bevindt tussen 35 mm en 80 mm, welke kortste afstand in het bijzonder minstens 40 mm of 45 mm bedraagt en welke kortste afstand in het bijzonder hoogstens 70 mm of 60 mm bedraagt.
De afstand tussen de doorgaande openingen is bij voorkeur zo groot mogelijk omdat hierdoor hogere krachten tussen het ringvormig montage-element en de uitgaande as kunnen worden gedragen. Echter dient de poortactuator wel te passen op typische maten van de steun gebruikt in een buitenshuis toepassing als deel van een omheining.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat een kortste afstand tussen een middelvlak van de twee lagers in de lengterichting zich bevindt tussen 10 mm en 60 mm, welke kortste afstand in het bijzonder minstens 20 mm of 25 mm bedraagt en welke kortste afstand in het bijzonder hoogstens 50 mm, 40 mm of 35 mm bedraagt.
De afstand tussen de lagers is bij voorkeur zo groot mogelijk om de uitlijning te optimaliseren, alsook om voldoende ruimte te voorzien voor de doorgaande openingen (die bijvoorbeeld bedoeld zijn om M8,
M10, M12 of M14 bouten te ontvangen). Echter is er ook een wens om de gehele poortactuator zo compact mogelijk te krijgen aangezien dit door eindgebruikers als minder storend wordt ervaren.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat de elektrische aandrijving een elektromotor en een reductor
6 BE2023/5915 omvat, waarbij de reductor genoemde uitgaande as omvat.
Een elektromotor is voordelig wegens de compactheid die toelaat om deze in te werken in een behuizing die past op een steun, i.h.b. een holle buis, zonder dus uit te steken t.o.v. de buitendimensie van de steun.
Een reductor dient voor het verlagen van het toerental en het verhogen van het koppel van de elektromotor zodat de poort met voldoende kracht kan worden geactueerd. In een uitvoering heeft de reductor een reductie die zich bevindt tussen 1:100 en 1:1000, bijvoorbeeld 1:200 of 1:400.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat de reductor een planeetwielmechanisme omvat dat voorzien is van: een zonnewiel, een veelheid, in het bijzonder minstens drie, planeetwielen, een planeetwieldrager en een satellietwiel.
Er zijn verschillende mechanismen bekend die als reductor kunnen dienen, zoals planetaire reductiekasten, wormwiel reductiekasten, haakse reductiekasten, etc. Het gebruik van een planeetwielmechanisme (ie. zodat de reductor een planetaire reductiekast vormt) is voordelig voor het toelaten van een manuele bediening van de poort. Een planeetwielmechanisme heeft namelijk op zichzelf typisch een lage zelfremming (dit in tegenstelling tot een wormwiel) en laat dus toe dat een gebruiker de poort manueel verplaatst. Dit kan handig zijn bij een stroompanne bijvoorbeeld.
Planeetwielmechanismen voor gebruik in een reductor zijn de vakman welbekend. Het voornaamste voordeel aan deze uitvoeringsvorm is dat de planeetwieldrager direct gekoppeld is met de uitgaande as waardoor onnodige tussenliggende componenten worden vermeden.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat de planeetwieldrager vast bevestigd is op de uitgaande as.
Het voornaamste voordeel aan deze uitvoeringsvorm is dat de planeetwieldrager direct gekoppeld is met de uitgaande as waardoor onnodige tussenliggende componenten worden vermeden.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt
7 BE2023/5915 door dat de planeetwieldrager een behuizing omvat die de planeetwielen gedeeltelijk omsluit, waarbij elk planeetwiel door middel van een doorgaande as bevestigd is op de behuizing en waarbij elke doorgaande as zich uitstrekt tussen twee uiteinden die elk vast zijn aan de behuizing.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat het satellietwiel vast bevestigd is aan het ringvormig montage- element.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat de uitgaande as en de planeetwieldrager integraal zijn vervaardigd.
Deze uitvoeringsvormen dragen bij aan het verkrijgen van een planeetwielmechanisme dat een hoog koppel kan verdragen. Met een hoog koppel wordt hier bedoeld een koppel van 500 Nm of meer, zoals 700 Nm, 800 Nm of 900 Nm, tot zelfs 1000 Nm. Een dergelijk hoog koppel kan worden opgewekt door een gebruik van de poort die deze met een hoge kracht manueel duwt, i.h.b. tegen de draaïng van de elektromotor in.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat het satellietwiel gevormd is door een vertanding aan de binnenzijde van een holle cilinder, welke holle cilinder een vrije rand heeft en vast bevestigd is aan het ringvormig montage-element door een veelheid aan bevestigingsmiddelen die in een richting loodrecht op de lengterichting doorheen de vrije rand steken in daartoe voorziene holtes in het ringvormig montage-element.
Voor het verkrijgen van een planeetwielmechanisme dat een hoog koppel kan verdragen is het gewenst om het satellietwiel zo een groot mogelijke diameter te geven. Door de holle cilinder te verbinden met het ringvormig montage-element door middel van dwarse bevestigingsmiddelen kan de holle cilinder een dunne wand hebben. Dit in tegenstelling tot een holle cilinder dat door middel van verticale (i.e. in de lengterichting) bevestigingsmiddelen, zoals draadstangen volgens M6
8 BE2023/5915 of M8 maat, aan het ringvormig montage-element wordt bevestigd daar de cilinderwand dan voldoende dik dient te zijn voor het ontvangen van de verticale bevestigingsmiddelen. De dunne wand van de cilinder die mogelijk is door de dwarse bevestiging laat derhalve een grotere diameter toe van het satellietwiel in vergelijking met een dikkere cilinderwand die nodig is voor bevestigingsmiddelen in de lengterichting.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat de reductor meerdere planeetwielmechanismen omvat.
Het gebruik van meerdere planeetwielmechanismen laat toe om de gewenste reductie te bekomen in een compacte reductor (nl. met een zo klein mogelijke buitendiameter).
De hierboven beschreven voordelen worden tevens bereikt met een sluitsysteem omvattende een steun, een poort die scharnierend verbonden is met de steun, en een poortactuator zoals hierboven beschreven, waarbij het ringvormig montage-element door middel van twee bevestigingsmiddelen bevestigd is op de steun.
Een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding is gekenmerkt door dat het sluitsysteem verder een rail omvat bevestigd op de poort, waarbij het distaal uiteinde van de arm aangrijpt in genoemde rail.
Het gebruik van een rail op de poort laat toe om de poortactuator, in tegenstelling tot deze geopenbaard in WO 2019/048359, direct te laten inwerken op de poort zonder tussenkomst van het scharnier. De poortactuator is derhalve toepasbaar in sluitsystemen waar de scharnier niet eenvoudig toegankelijk is, bv. een scharnier tussen de steun en de poort.
Korte beschrijving van de tekeningen
De uitvinding zal hierna verder in detail worden verklaard aan de hand van de volgende beschrijving en van de bijgevoegde tekeningen.
Figuur 1 toont een perspectiefaanzicht van een poortactuator volgens de onderhavige uitvinding gemonteerd op een sluitsysteem.
9 BE2023/5915
Figuur 2 toont een perspectiefaanzicht van een poortactuator volgens de onderhavige uitvinding.
Figuur 3 toont de poortactuator van figuur 2 met het omhulsel verwijderd van het frame.
Figuur 4 toont een gedeeltelijk uiteengenomen zicht van de bovenzijde van de poortactuator van figuur 2.
Figuur 5 toont details omtrent de bevestiging van de poortactuator van figuur 2 met het omhulsel verwijderd van het frame aan de steun.
Figuur 6 toont een verticale doorsnede doorheen de bovenzijde van de poortactuator van figuur 2.
Figuur 7 toont een gedeeltelijk uiteengenomen zicht van de reductor van de poortactuator van figuur 2.
Figuur 8A toont een perspectiefaanzicht van de uitgaande as van de reductor van de poortactuator van figuur 2.
Figuur 8B toont een uiteengenomen zich van de uitgaande as getoond in figuur 8A.
Uitvoeringsvormen van de uitvinding
De onderhavige uitvinding zal hierna beschreven worden aan de hand van welbepaalde uitvoeringsvormen en onder verwijzing naar bepaalde tekeningen, doch de uitvinding is daar niet toe beperkt en wordt enkel gedefinieerd door de conclusies. De hier weergegeven tekeningen zijn enkel schematische weergaven en zijn niet beperkend. In de tekeningen kunnen de afmetingen van bepaalde onderdelen vergroot zijn weergegeven, wat betekent dat de onderdelen in kwestie dus niet op schaal zijn weergegeven, en dit enkel voor illustratieve doeleinden. De afmetingen en de relatieve afmetingen komen niet noodzakelijkerwijze overeen met de werkelijke praktijkuitvoeringen van de uitvinding.
Daarenboven worden termen zoals “eerste”, “tweede”, “derde”, en dergelijke in de beschrijving en in de conclusies gebruikt om een onderscheid te maken tussen gelijkaardige elementen en niet
10 BE2023/5915 noodzakelijkerwijze om een sequentiële of chronologische volgorde aan te geven. De termen in kwestie zijn onderling verwisselbaar in de daarvoor geschikte omstandigheden, en de uitvoeringsvormen van de uitvinding kunnen in andere volgorden werken dan deze die hier worden beschreven of geïllustreerd.
Bovendien worden termen zoals “top”, “bodem”, “boven”, “onder”, “inks”, “rechts”, “voor”, “achter”, en dergelijke in de beschrijving en in de conclusies gebruikt voor beschrijvende doeleinden. De aldus gebruikte termen, i.h.b. “top”, “bodem”, “boven”, “onder”, “voor” en “achter”, dienen begrepen en gelezen te worden in het kader van de normale plaatsing van de poortactuator met zijn lengterichting substantieel samenvallend met de verticale richting.
De term “omvattende” en afgeleide termen, zoals die gebruikt worden in de conclusies, moet of moeten niet geïnterpreteerd worden als beperkt zijnde tot de middelen die telkens daarna vermeld worden; de term sluit andere elementen of stappen niet uit. De term moet geïnterpreteerd worden als een specificatie van de vermelde eigenschappen, gehele getallen, stappen, of componenten waarnaar wordt verwezen, zonder dat evenwel de aanwezigheid of het toevoegen wordt uitgesloten van een of meer bijkomende eigenschappen, gehele getallen, stappen, of componenten, of groepen daarvan. De reikwijdte van een uitdrukking zoals “een inrichting omvattende de middelen A en
B” is dan ook niet enkel beperkt tot inrichtingen die zuiver bestaan uit componenten A en B. Wat er daarentegen bedoeld wordt, is dat, voor wat betreft de onderhavige uitvinding, de enige relevante componenten A en
B zijn.
De term "substantieel" omvat variaties van +/- 10% of minder, bij voorkeur +/- 5% of minder, met meer voorkeur +/- 1% of minder, en met meer voorkeur +/- 0,1% of minder, van de gespecificeerde toestand. , voor zover de variaties toepasbaar zijn op het functioneren in de geopenbaarde uitvinding. Het zal duidelijk zijn dat de term "in hoofdzaak
11 BE2023/5915
A" of “substantieel A” ook bedoeld is om "A" te omvatten.
De uitvinding heeft algemeen betrekking op een elektrisch aangedreven poortactuator 3 voor het actueren (i.e. het openen of het sluiten) van een sluitsysteem, meer specifiek een sluitsysteem voor gebruik buitenshuis (i.e. als onderdeel van een omheining, schutting, hek, etc.). Het sluitsysteem (getoond in figuur 1) omvat een paal 1 (meer algemeen een steun, zoals een muur, een paal, een holle buis, etc.) en een poort 2 (meer algemeen een draaibaar sluitorgaan, zoals een poort, een deur, een raam, etc.). In de context van een sluitsysteem voor gebruik buitenshuis is de steun 1 vaak gevormd door een holle buis.
Deze holle buis heeft typisch een vierkante of rechthoekige doorsnede met buitenafmetingen van 4 cm, 5 cm of 6 cm (bv. een rechthoekige doorsnede van 4x6 cm of een vierkante doorsnede van 4x4 cm). De holle buis kan ook een cirkelvormige doorsnede hebben met een typische buitendiameter van 4 cm, 5 cm of 6 cm.
De poort 2 is aan de steun 1 bevestigd door middel van scharnieren 4, in het bijzonder oogboutscharnieren, bijvoorbeeld zoals beschreven in EP 1528202, EP 2778331 of EP 3162997, waarvan de inhoud hierin door verwijzing is opgenomen. Aan de andere zijde van de poort 2 is een extra steun 5 aangebracht, die kan worden voorzien van een slot- en houdersamenstel, bijvoorbeeld waarbij gebruik wordt gemaakt van een slot dat is geopenbaard in EP 1118559, EP 2915939,
EP 2186974, EP 3153645, EP 4191007 of EP 4245951, waarvan de inhoud hierin door verwijzing is opgenomen, en een houder die is geopenbaard in EP 1600584, EP 1680567, EP 3 153 645, EP 4159958 of
EP 4245951, waarvan de inhoud hierin door verwijzing is opgenomen.
De in figuur 1 getoonde poortactuator 3 heeft een arm 6 die rechtstreeks aangrijpt op de bovenste scharnier 4. De arm 6 strekt zich daarvoor uit tussen een proximaal uiteinde 6a (in de getoonde uitvoering is dit proximaal uiteinde schijfvormig) en een distaal uiteinde 6b met daarop een uitstekende pen 9 die aangrijpt op het scharnier 4 om de
12 BE2023/5915 poort 2 naar zijn gesloten positie te dwingen. Meer specifiek grijpt de arm 6 aan op een koppelmechanisme dat is voorzien op het oogboutscharnier 4, zoals beschreven in WO 2019/048359, waarvan de inhoud hierin door verwijzing is opgenomen. In de geïllustreerde uitvoeringsvorm is de arm 6 vervaardigd uit aluminium, doch zijn andere materialen mogelijk.
Een variante poortactuator 3 is getoond in figuur 2. Deze poortactuator 3 is niet bedoeld om direct in te werken op de scharnier 4, doch is bedoeld om in te werken op de poort 2. Daarvoor is een rail 7 voorzien die bedoeld is om vast te worden bevestigd op de poort 2.
Hiervoor is de rail 7 via bevestigingsmiddelen 8 aan de poort 2 bevestigd.
Bij voorkeur wordt gebruik gemaakt van bevestigingssets zoals beschreven in EP 1907712 of EP 3575617, waarvan de inhoud hierin door verwijzing is opgenomen. De arm 6 strekt zich uit tussen een proximaal uiteinde 6a (in de getoonde uitvoering is dit proximaal uiteinde schijfvormig) en een distaal uiteinde 6b met daarop uitstekende pen 9 die aangrijpt in de rail 7. In de geïllustreerde uitvoeringsvorm is de arm 6 vervaardigd uit aluminium, doch zijn andere materialen mogelijk.
De poortactuator 3 omvat algemeen een langwerpige behuizing 10 die zich in een lengterichting 11 uitstrekt tussen een bovenste uiteinde 10a en een onderste uiteinde 10b. Tijdens normaal gebruik valt de lengterichting 11 substantieel samen met de verticale richting. De langwerpige behuizing 10 is door middel van één of meerdere bevestigingsmiddelen 16 aan de steun 1 bevestigd zoals hierna in meer detail beschreven. Andere manieren om de poortactuator 3 aan het sluitsysteem te monteren zijn ook mogelijk en details zijn bij de vakman bekend.
De langwerpige behuizing 10 kan uit verschillende materialen worden vervaardigd en via verschillende productiewerkwijzen. In de getoonde uitvoering (zoals zichtbaar in figuur 3) is de langwerpige behuizing 10 opgebouwd uit een frame 12 (in het bijzonder een kunststof frame) dat bevestigd is aan de steun 1. Daarop is een omhulsel 13
13 BE2023/5915 aangebracht dat bij voorkeur vervaardigd is door middel van extrusie uit aluminium, maar er kunnen ook andere materialen, in het bijzonder metalen, worden gebruikt. De behuizing 10 is derhalve een meerdelige behuizing. De bovenzijde 10a van de behuizing 10 is afgedicht door een bovenste afdichting 14 en de onderzijde 10b van de behuizing 10 is afgedicht door een onderste afdichting 15. Deze afdichtingen 14, 15 kunnen uit metalen of kunststof worden vervaardigd, waarbij kunststof de voorkeur draagt omdat dit eenvoudiger te gebruiken is in een spuitgietproces.
Het frame 12 omvat, in de getoonde uitvoering, een hoofdzakelijk vlakke achterwand met aan de buitenzijden twee tegenover elkaar bevindende opstaande zijwanden 61. De hoofdzakelijk vlakke achterwand is bedoeld om met zijn buitenzijde (of achterzijde) tegen de steun 1 te worden bevestigd. In de getoonde uitvoering is de buitenzijde hoofdzakelijk vlak, maar, zoals reeds hierboven beschreven, kan deze ook een cilindrisch oppervlak volgen om tegen een ronde steun 1 te worden bevestigd. In de opstaande zijwanden 61 is een groef 62 aangebracht die zich uitstrekt in de lengterichting 11. Deze groeven zijn bij voorkeur elk een zwaluwstaartgroef. Het omhulsel 13 is aan zijn binnenzijde van ribben (niet getoond) die schuiven in overeenstemmende zwaluwstaartgroeven 62 zodat het omhulsel 13 in de lengterichting 11 op het frame 12 kan worden geschoven.
In figuur 3 is het omhulsel weggenomen van het frame 12 zodat de interne componenten van de poortactuator 3 zichtbaar zijn.
Figuur 3 toont een bevestigingslichaam 22 dat aan de arm 6 aan zijn proximaal uiteinde 6a bevestigd is. Dit bijvoorbeeld, zoals getoond in figuur 6, door middel van een bout 23 (of algemeen bevestigingsmiddel) dat het bevestigingslichaam 22 vast bevestigt aan de arm 6. Het bevestigingslichaam 22 is aan het bovenste uiteinde 10a van de behuizing 10 ingebracht. Vandaar is, in de getoonde uitvoering, het
14 BE2023/5915 bevestigingslichaam 22 hoofdzakelijk cilindrisch zodat dit kan draaien binnen de behuizing 10.
Figuur 3 illustreert verder een montagering 30 die dient voor het bevestigen van de poortactuator 3 aan de steun 1 door middel van twee bevestigingssets 16. De montagering 30 is daarvoor voorzien van twee doorgaande openingen 31 waardoorheen telkens een gedeelte van een bevestigingsmiddel 16 steekt. De montagering 30 zit binnenin de behuizing 10 en is aan het zicht onttrokken door het omhulsel 13. De montagering 30 is dus een statisch element dat niet meedraait met de uitgaande as. De elektrische aandrijving bevindt zich onder (gezien in de lengterichting 11) de montagering 30 met een uitgaande as (i.e. deze van de elektromotor 50 of van de reductor 51 indien aanwezig) die doorheen de montagering 30 steekt. Verdere details omtrent de montagering 30 worden hierna beschreven.
De poortactuator 3 omvat een elektrische aandrijving. Deze aandrijving omvat minstens een elektromotor 50 en kan desgevallend ook een reductor 51 omvatten voor het verlagen van het toerental en het verhogen van het koppel van de elektromotor 50. In de getoonde uitvoering is een reductor 51 aanwezig. Een elektromotor 50 is voordelig wegens de compactheid die toelaat om deze in te werken in een behuizing 10 die past op een steun 1, i.h.b. een holle buis, zonder dus uit te steken t.o.v. de buitendimensie van de steun 1. In een uitvoering omvat de elektrische aandrijving een reductor 51 met een reductie die zich bevindt tussen 1:100 en 1:1000, bijvoorbeeld 1:200 of 1:400.
Verdere details omtrent de reductor 50 worden hierna beschreven.
De elektrische aandrijving, i.h.b. de elektromotor 50, omvat een motorlichaam (niet getoond) met de middelen die nodig zijn voor het roteren van een uitgaande as. Dit kan de uitgaande as 110 zijn van de elektromotor 50 of, indien een reductor 51 aanwezig is, de uitgaande as 17 van de reductor 51. Deze uitgaande as strekt zich uit naar de bovenkant 10a van de behuizing 10. De uitgaande as is bij activering van
15 BE2023/5915 de elektromotor draaibaar in twee tegengestelde draairichtingen omheen de lengterichting 11.
De elektrische aandrijving is verder voorzien van een elektronische aansturing 55 voor het aansturen van de poortactuator 3. In de stand van de techniek wordt deze elektronische aansturing ingewerkt in de steun 1.
Dit omdat er binnenin de steun 1 een groot volume beschikbaar is om componenten in te plaatsen. Het nadeel is echter dat hiervoor een voldoende grote opening dient te worden gemaakt in de holle steun 1 hetgeen de afwerking (bv. de lak) kan beschadigen alsook de structurele integriteit nadelig beïnvloedt. Om dit te vermijden is, in de getoonde uitvoering, de elektronische aansturing 55 aangebracht binnenin de behuizing 10. De elektronische aansturing 55 laat bij voorkeur toe om de rustpositie van de arm 6 te kalibreren zodra de poortactuator 3 op het sluitsysteem is gemonteerd. In figuur 3 verwijst referentiecijfer 55 om precies te zijn naar een behuizing waarin de elektronische aansturing is ingebracht, dit draagt bij aan de bescherming van de elektronische aansturing tegen vervuiling, bv. vocht, insecten, etc.
Onder (gezien in de lengterichting 11) de elektronische aansturing 55 is een stroomtoevoer 56 voorzien. Deze is typisch door middel van bekabeling (niet getoond) aangesloten op een extern stroomnetwerk.
Deze bekabeling strekt zich dan typisch uit doorheen de achterwand van het frame 12 tot in de holle steun 1 om zo aan het zicht onttrokken te zijn alsmede beschermd te zijn tegen vervuiling, bv. vocht, insecten, etc.
Figuur 3 illustreert verder dat er intern in de behuizing 10 een dubbele ringvormige structuur aanwezig is aan de onderzijde van het frame 12. Deze structuur omvat een steunring 57 waarop een verlichtingsring 58 is gemonteerd, in het bijzonder een ledverlichting. De verlichting 58 is bij voorkeur in staat om licht in verschillende kleuren te genereren, bv. wit licht voor verlichting, rood licht voor waarschuwing dat de poort 2 beweegt of binnenkort zal bewegen, etc. De steunring 57 heeft een opstaande binnenwand 59 die zich aan de binnenzijde van de
16 BE2023/5915 verlichtingsring 58 in de lengterichting 11 uitstrekt tot voorbij de verlichtingsring 58. Figuur 3 illustreert verder dat de onderste afdichting 15 voorzien is van een transparant gedeelte 63. Het transparant gedeelte 63 is ringvormig en stemt overeen met de verlichtingsring 58 zodat het door de verlichting gegenereerde licht aan de buitenzijde van de poortactuator 3 waarneembaar is.
Figuur 3 illustreert eveneens dat een slotcilinder 64 (algemeen slot) aan de onderzijde van de poortactuator 3 is voorzien die bedienbaar is door middel van een sleutel 65. De slotcilinder 64 is voorzien van een grendel (niet getoond) die door bediening van het slot 64 draaibaar (algemeen verplaatsbaar) is tussen een open stand en een gesloten stand. In de gesloten stand grijpt de grendel aan op steun dat vast verbonden is met het frame 12, bv. via de steunring 57. Op die manier zorgt het slot 64 dat het omhulsel 13 niet verschuifbaar is ten opzichte van het frame 12. Het dient duidelijk te zijn dat, in andere uitvoeringen, het slot gemonteerd kan zijn op het frame met een grendel die aangrijpt in het omhulsel.
De elektronische aansturing 55 in de poortactuator 3 is algemeen gezien een computersysteem omvattende een bus, een processor, een lokaal geheugen en één of meerdere invoer/uitvoer (1/0) interfaces. De bus omvat één of meerdere geleiders en laat communicatie toe tussen de verschillende componenten van het computersysteem. Processor omvat elk type conventionele processor of microprocessor die computerprogramma-instructies leest en uitvoert. Lokaal geheugen is bedoeld om elke vorm van computer-leesbaar medium voor informatieopslag te omvatten, zoals een werkgeheugen (bv. Random
Access Memory — RAM), een statisch geheugen (bv. een Read-Only
Memory — ROM), een harde schijf, of verwijderbare opslagmedia (bv. een
DVD, CD, USB-opslag, SSD, etc.), etc. Het lokaal geheugen dient typisch voor de opslag van informatie en instructies die door de processor verwerkt dienen te worden. De I/O interface kan één of meerdere
17 BE2023/5915 conventionele systemen omvatten die communicatie tussen de elektronische aansturing 55 en een gebruiker mogelijk maken.
Voorbeelden zijn een toetsenbord, een muis, spraakherkenning, biometrische middelen, een (aanraakscherm, een printer, een luidspreker, een codeklavier, etc. De IO module omvat ook een communicatie-interface, zoals een zenderontvanger systeem, die communicatie toelaat met externe systemen, zoals de elektromotor 50 en een eindterminal (bv. een smartphone, tablet, computer, etc. die eventueel een specifieke applicatie ondersteunen). Voorbeelden zijn een
Wide Area Network (WAN), zoals het Internet, een Low Power Wide Area
Network (LPWAN) zoals Sigfox, LoRa, NarrowBand loT, etc., een
Personal Area Network (PAN), zoals Bluetooth, of een Local Area
Network (LAN).
De onderhavige uitvinding heeft algemeen betrekking op de onderlinge plaatsing van de montagering 30 (meer algemeen het montage-element) en de uitgaande as 17 van de elektromotor om de krachtenoverdracht tussen de poort 2 en de poortactuator 3 die bevestigd is op de steun 1 te optimaliseren.
Daartoe illustreert figuur 4 de koppeling tussen de uitgaande as 17 en de arm 6. In figuur 4 zijn de bovenste afdichting 14 en het omhulsel 13 weggelaten voor de duidelijkheid. Het proximaal uiteinde 6a van de arm 6 is voorzien van een bevestigingslichaam 22. Zoals getoond in figuur 6 is het bevestigingslichaam 22 vast aan het proximaal uiteinde 6a van de arm 6 bevestigd door middel van een bout 23 (algemeen een bevestigingsmiddel). Het bevestigingslichaam 22 is aan het bovenste uiteinde 10a van de behuizing 10 ingebracht. Vandaar is, in de getoonde uitvoering, het bevestigingslichaam 22 hoofdzakelijk cilindrisch zodat dit kan draaien binnen de behuizing 10.
Figuur 4 illustreert verder een montagering 30 waaruit de uitgaande as 17 uitsteekt. Deze montagering 30 dient voor het bevestigen van de poortactuator 3 aan de steun 1 door middel van twee
18 BE2023/5915 bevestigingsmiddelen 16. De montagering 30 is daarvoor voorzien van twee doorgaande openingen 31 waardoorheen telkens een gedeelte van een bevestigingsmiddel 16 steekt. De montagering 30 zit binnenin de behuizing 10 en is aan het zicht onttrokken door het omhulsel 13. De montagering 30 is dus een statisch element dat niet meedraait met de uitgaande as 17. De elektrische aandrijving bevindt zich onder (gezien in de lengterichting 11) de montagering 30 met de uitgaande as 17 (ie. deze van de elektromotor of van de reductor indien aanwezig) die doorheen de montagering 30 steekt. Het plaatsen van de montagering 30 omheen de uitgaande as 17 is voordelig voor het vermijden of verlagen van torsiekrachten. De krachtoverbrenging tussen de poortactuator 3 en de poort 2 is namelijk geconcentreerd ter plaatse van de uitgaande as 17 en het bevestigingslichaam 22, terwijl de krachtoverbrenging tussen de poortactuator 3 en de steun 1 geconcentreerd is ter plaatse van de montagering 30. Een grote afstand creëren tussen deze elementen kan aanleiding geven tot torsiekrachten wat ongewenst is.
Zoals getoond in figuur 4 heeft de uitgaande as 17 een vertanding 29 op zijn buitenwand, waarbij de tanden zich uitstrekken in de lengterichting 11. In de getoonde uitvoering is de uitgaande as 17 een steras met een stervormige vertanding 29, alhoewel andere vertandingen mogelijk zijn, bv. een vierkante of rechthoekige as. De uitgaande as 17 steekt, zoals getoond in figuur 6, in een holte aan de onderzijde van het bevestigingslichaam 22. Deze holte heeft een vorm overeenstemmend met de vertanding 29 op de uitgaande as 17. Een draaiing van de uitgaande as 17 resulteert op die manier in een draaiing van de arm 6.
In de getoonde uitvoering heeft het bevestigingslichaam 22 verder een dwarse holte 35 waarin een minstens gedeeltelijk conisch lichaam 36 is geplaatst. Het minstens gedeeltelijk conisch lichaam 36 omvat een hoofd 37, een conisch deel 38 en een vrij uiteinde 39. In de getoonde uitvoering is het hoofd 37 voorzien van een externe schroefdraad die past in een overeenstemmende schroefdraad binnenin de dwarse holte 35
19 BE2023/5915 voor het bevestigen van het conisch lichaam 36 in de dwarse holte 35.
Een rotatie van het conisch lichaam omheen zijn lengteas zorgt, door de samenwerkende schroefdraad, voor een verschuiving van het conisch deel 38 in de lengterichting van de minstens gedeeltelijk conisch lichaam 36.
Het conisch deel 38 heeft een afnemende diameter en komt in direct contact met de buitenwand van de uitgaande as 17. Het conisch lichaam inbrengen in de dwarse holte 35 leidt er toe dat het conisch deel 38 contact maakt met de buitenwand van de uitgaande as 17 en daarop een kracht uitoefent in een richting loodrecht op de lengterichting van het conisch lichaam 36. Door het conisch lichaam 36 voldoende diep in de dwarse holte 35 te plaatsen (bv. door het conisch lichaam 36 te schroeven in de holte 35) wordt de uitgaande as 17, in het bijzonder de vertanding 29 daarvan, tegen de holte 28 in het bevestigingslichaam 22 geduwd voor het wegnemen van tolerantie als gevolg van vervaardiging en/of schuifspeling.
In de getoonde uitvoering is de buitenwand van de uitgaande as 17 daartoe voorzien van een hyperboloïd gedeelte 45 (aangeduide in figuur 6) voor het bekomen van een lijncontact tussen het conisch deel 38 en de uitgaande as 17.
In de getoonde uitvoering is verder een bijkomende borging van het conisch lichaam 36 aangebracht. Deze borging omvat een bout 47 (algemeen een bevestigingsmiddel) dat in een holte 44 aan het vrije uiteinde 39 van het conisch lichaam 36 is geschroefd. Het hoofd van de bout 47 slaat aan tegen een interne kraag (niet getoond) binnenin de dwarse holte 35. Indien gewenst kan deze borging ook de functie van de schroefdraad 37 geheel overnemen. De bout 47 zou ook vervangen kunnen worden door een moer dat aangrijpt in een buitenschroefdraad op het vrije uiteinde 39 van het conisch lichaam 36. Hiertoe dient echter wel het vrije uiteinde 39 voldoende dun te zijn.
Figuur 5 illustreert het gebruik van bevestigingssets zoals
20 BE2023/5915 beschreven in EP 1907712 of EP 3575617 voor het bevestigen van de poortactuator 3 aan de steun 1. Elke bevestigingsset omvat een bout 16 (algemeen een bevestigingsmiddel), een splitter 111 en een anker 112.
De bout 16 steekt doorheen de opening 31 in het montage-element 30 tot in de holle steun 1. De splitter 111 steekt doorheen de wand van de steun 1 en past met zijn vierkante kant in een overeenstemmende uitsparing (niet getoond) op de achterzijde van het frame 12. De splitter 111 is derhalve niet draaibaar t.o.v. de poortactuator 3. De splitter 111 heeft hellende vlakken zodat de armen van het anker 112 tijdens het aandraaien van de bout 16 openschuiven en zo aangrijpen tegen de binnenzijde van de wand van de steun 1. Eén dergelijke bevestigingsset 16, 111, 112 zoals commercieel beschikbaar onder de merknaam Quick-
Fix® via de huidige aanvrager Locinox® kan een trekkracht tot ongeveer 10.000 N weerstaan.
Figuur 6 toont de koppeling tussen de uitgaande as 17 en de montagering 30. Meer specifiek zijn, volgens de onderhavige uitvinding, twee lagers, nl. een bovenste lager 115 en een onderste lager 116, aangebracht tussen de uitgaande as 17 en de montagering 30.
De lagers 116, 117 zijn van elkaar gescheiden door een verticale afstand die toelaat om de bevestigingsmiddelen 16 in de lengterichting 11 te flankeren. In figuur 6 is deze verticale afstand H weergegeven als de afstand tussen hypothetische middelvlakken van de lagers 115, 116. In de getoonde uitvoering bedraagt deze verticale afstand H ongeveer 33 mm. Echter, zoals reeds hierboven beschreven, zijn andere waarden mogelijk. Cruciaal is dat de lagers 115, 116 aanwezig zijn aan weerzijden van de openingen 31 in de lengterichting 11 van de poortactuator 3.
Figuur 6 illustreert verder de afstand D tussen de middelpunten van de bevestigingsopeningen 31 in de montagering 30. In de getoonde uitvoering bedraagt deze afstand ongeveer 50 mm. Echter, zoals reeds hierboven beschreven, zijn andere waarden mogelijk.
Dit alles resulteert in een efficiënte krachtenoverdracht en het
21 BE2023/5915 vermijden van torsie-effecten bij het actueren van de poort 2. De krachtenoverdracht van de elektrische aandrijving naar de uitgaande as 17 is namelijk maximaal onderaan (in figuur 6) de uitgaande as 17 waar de onderste lager 116 is voorzien en de krachtenoverdracht van de uitgaande as 17 naar de arm 6 is maximaal bovenaan (in figuur 6) de uitgaande as 17 waar de bovenste lager 115 is voorzien. Tussen de lagers 115, 116 zijn dan de bevestigingsmiddelen 16 aanwezig die de montagering 30 fixeren aan de steun 1.
In de getoonde uitvoering heeft elke lager 115, 116 een binnenloopring 120 en een buitenloopring 121 met daartussen een aantal kogels 122. De binnenloopring 120 komt in direct contact met de buitenwand van de (draaibare) uitgaande as 17 en de buitenloopring 121 komt in direct contact met de (statische) montagering 30. Figuur 6 toont verder de aanwezigheid van een borgring 125 aangebracht in een groef 126 op de buitenwand van de uitgaande as 17 alsook de getrapte regio 127 van de uitgaande as 17. De binnenloopringen 120 van de lagers 115, 116 zitten daardoor als het ware gevangen tussen twee aanslagwanden, nl. één gevormd door borgring 125 en één gevormd door de trap 127 in de uitgaande as 17. De buitenloopringen 121 van de lagers 115, 116 grijpen in de lengterichting 11 ook aan op aanslagwanden 128 gevormd door de montagering 30.
Figuur 7 toont een gedeeltelijk uiteengenomen zicht van de reductor 51 gebruikt in de poortactuator 3. In de getoonde uitvoering omvat de reductor 51 drie afzonderlijke planeetwielmechanismen.
Namelijk een eerste planeetwielmechanisme 130 dat aangrijpt op de uitgaande as 110 van de elektromotor 50. Hierbij dient de uitgaande as 110 als zonnewiel van het eerste planeetwielmechanisme 130. Het eerste planeetwielmechanisme 130 heeft een planeetwieldrager 131 waarop een zonnewiel 136 van het tweede planeetwielmechanisme 135 is bevestigd. Het tweede planeetwielmechanisme 135 heeft op zijn beurt een planeetwieldrager 137 waarop een zonnewiel 141 van het derde
29 BE2023/5915 planeetwielmechanisme 140 is bevestigd. De verschillende planeetwielmechanismen 130, 135, 140 delen in de getoonde uitvoering éénzelfde satellietwiel 145. Dit satellietwiel 145 is gevormd als vertanding binnenin een holle cilinder die, zoals getoond in figuur 7, bevestigd is aan de montagering 30 door middel van dwarse bevestigingsmiddelen 161 (ov. bouten) die doorheen de cilinderwand steken in daartoe voorziene holtes 160 in de montagering 30. Het gebruik van meerdere planeetwielmechanismen in éénzelfde reductor 51 laat toe om de gewenste reductie tussen de uitgaande as 110 van de elektromotor 50 en de uitgaande as 17 van de reductor 51 te bekomen.
In de getoonde uitvoering is een gedeelte van het derde planeetwielmechanisme 140 integraal vervaardigd met de uitgaande as 17. Dit is beter getoond in figuren 8A en 8B. De uitgaande as 17 is aan zijn onderste uiteinde voorzien van een integraal gevormde behuizing 150 waarop de planeetwielen 142 van het derde planeetwielmechanisme 140 op bevestigd zijn. Meer specifiek omvat de behuizing 150 zowel in zijn bovenste wand en onderste wand openingen 151, 152 waarin assen 153 steken. Op elke as 153 is een mantel 154 voorzien waarop een planeetwiel 142 draait. Deze behuizing 150 doet derhalve dienst als planeetwieldrager van het derde planeetwielmechanisme 140. Door dit integraal te vervaardigen met de uitgaande as 17 en door de planeetwielen 142 zowel bovenaan als onderaan hun as 153 te fixeren op de planeetwieldrager kunnen de planeetwielen 142 een hogere kracht weerstaan in vergelijking met een conventioneel planeetwielmechanisme waar de planeetwieldrager slechts aan één zijde in verbinding staat met de planeetwielen.
Alhoewel bepaalde aspecten van de onderhavige uitvinding zijn beschreven met betrekking tot specifieke uitvoeringsvormen, is het duidelijk dat deze aspecten in andere vormen kunnen worden geïmplementeerd binnen de beschermingsomvang zoals bepaald door de conclusies.
Claims (15)
1. Een poortactuator (3) voor het actueren van een poort (2) die door middel van een scharnier (4) draaibaar verbonden is met een steun (1), de poortactuator omvattende: - een langwerpige behuizing (10) die zich uitstrekt in een lengterichting (11) tussen een bovenste uiteinde (10a) en een onderste uiteinde (10b) en geconfigureerd is om bevestigd te worden op de steun; - een elektrische aandrijving (50, 51) binnenin de langwerpige behuizing, welke elektrische aandrijving een uitgaande as heeft die draaibaar is bij activatie van de elektrische aandrijving; - een arm (6) gepositioneerd aan het bovenste uiteinde van de langwerpige behuizing, welke arm zich uitstrekt tussen een proximaal uiteinde (Ga) en een distaal uiteinde (6b) en geconfigureerd is om de poort te actueren bij draaiing van de uitgaande as, waarbij het distaal uiteinde geconfigureerd is om verbonden te worden met de poort of het scharnier en waarbij het proximaal uiteinde gekoppeld is aan de uitgaande as; en - een ringvormig montage-element (30) binnenin de behuizing waardoorheen de uitgaande as zich uitstrekt, waarbij het ringvormig montage-element voorzien is van twee doorgaande openingen (31) die zich aan tegenovergestelde kanten bevinden van de uitgaande as en elk geconfigureerd zijn voor het ontvangen van een bevestigingsmiddel (16) voor het bevestigen van de poortactuator aan de steun, daardoor gekenmerkt dat de poortactuator verder twee ringvormige lagers (115, 116) omvat die gepositioneerd zijn tussen de uitgaande as en het ringvormig montage-element en die zich, in de lengterichting, aan tegenovergestelde kanten bevinden van genoemde doorgaande openingen.
2. De poortactuator volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat elke ringvormige lager een binnenloopring (120) en een buitenloopring
24 BE2023/5915 (121) omvat, waarbij de binnenloopring in een radiale richting loodrecht op de lengterichting inwerkt op, en bij voorkeur aangrijpt op, de uitgaande as en de buitenloopring in de radiale richting inwerkt op, en bij voorkeur aangrijpt op, het ringvormig montage-element.
3. De poortactuator volgens conclusie 1 of 2, daardoor gekenmerkt dat elke ringvormige lager een binnenloopring (120) en een buitenloopring (121) omvat, waarbij de naar elkaar gerichte vlakken van de twee buitenloopringen in de lengterichting inwerken op, en bij voorkeur aangrijpen op, het ringvormig montage-element en waarbij de weg van elkaar gerichte vlakken van de twee binnenloopringen in de lengterichting inwerken op, en bij voorkeur aangrijpen op, de uitgaande as.
4. De poortactuator volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat elke ringvormige lager gevormd is door een rollager, bij voorkeur een kogellager.
5. De poortactuator volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat de twee doorgaande openingen zich in éénzelfde hypothetisch vlak bevinden dat nagenoeg loodrecht is op de lengterichting en waarbij, bij voorkeur, een kortste afstand (D) tussen een middelpunt van elke doorgaande opening zich bevindt tussen 35 mm en 80 mm, welke kortste afstand in het bijzonder minstens 40 mm of 45 mm bedraagt en welke kortste afstand in het bijzonder hoogstens 70 mm of 60 mm bedraagt.
6. De poortactuator volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat een kortste afstand (H) tussen een middelvlak van de twee lagers in de lengterichting zich bevindt tussen 10 mm en 60 mm, welke kortste afstand in het bijzonder minstens 20 mm of
25 BE2023/5915 25 mm bedraagt en welke kortste afstand in het bijzonder hoogstens 50 mm, 40 mm of 35 mm bedraagt.
7. De poortactuator volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat de elektrische aandrijving een elektromotor (50) en een reductor (51) omvat, waarbij de reductor genoemde uitgaande as omvat.
8. De poortactuator volgens conclusie 7, daardoor gekenmerkt dat de reductor een planeetwielmechanisme (140) omvat dat voorzien is van: een zonnewiel (141), een veelheid, in het bijzonder minstens drie, planeetwielen (142), een planeetwieldrager (150) en een satellietwiel (145).
9. De poortactuator volgens conclusie 8, daardoor gekenmerkt dat de planeetwieldrager een behuizing omvat die de planeetwielen gedeeltelijk omsluit, waarbij elk planeetwiel door middel van een doorgaande as (153) bevestigd is op de behuizing en waarbij elke doorgaande as zich uitstrekt tussen twee uiteinden die elk vast zijn aan de behuizing.
10. De poortactuator volgens conclusie 8 of 9, daardoor gekenmerkt dat de uitgaande as en de planeetwieldrager integraal zijn vervaardigd.
11. De poortactuator volgens één van de conclusies 8 tot en met 10, daardoor gekenmerkt dat het satellietwiel vast bevestigd is aan het ringvormig montage-element.
12. De poortactuator volgens conclusie 11, daardoor gekenmerkt dat het satellietwiel gevormd is door een vertanding aan de binnenzijde van een holle cilinder, welke holle cilinder een vrije rand heeft en vast
26 BE2023/5915 bevestigd is aan het ringvormig montage-element door een veelheid aan bevestigingsmiddelen (161) die in een richting loodrecht op de lengterichting doorheen de vrije rand steken in daartoe voorziene holtes (160) in het ringvormig montage-element.
13. De poortactuator volgens één van de conclusies 8 tot en met 12, daardoor gekenmerkt dat de reductor meerdere planeetwielmechanismen (130, 135, 140) omvat.
14. Een sluitsysteem omvattende een steun (1) en een poort (2) die scharnierend verbonden is met de steun, daardoor gekenmerkt dat het sluitsysteem verder een poortactuator (3) volgens één van de voorgaande conclusies omvat, waarbij het ringvormig montage-element (30) door middel van twee bevestigingsmiddelen bevestigd is op de steun.
15. Het sluitsysteem volgens conclusie 14, daardoor gekenmerkt dat het sluitsysteem verder een rail (7) omvat bevestigd op de poort, waarbij het distaal uiteinde van de arm aangrijpt in genoemde rail.
Priority Applications (6)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE20235915A BE1032121B1 (nl) | 2023-11-08 | 2023-11-08 | Een poortactuator |
| PCT/EP2024/078032 WO2025073947A1 (en) | 2023-10-05 | 2024-10-04 | A gate actuator |
| PCT/EP2024/078035 WO2025073950A1 (en) | 2023-10-05 | 2024-10-04 | A gate actuator |
| PCT/EP2024/078037 WO2025073952A1 (en) | 2023-10-05 | 2024-10-04 | A gate actuator |
| PCT/EP2024/078034 WO2025073949A1 (en) | 2023-10-05 | 2024-10-04 | A gate actuator and a closure system comprising the same |
| PCT/EP2024/078031 WO2025073946A1 (en) | 2023-10-05 | 2024-10-04 | A gate actuator |
Applications Claiming Priority (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE20235915A BE1032121B1 (nl) | 2023-11-08 | 2023-11-08 | Een poortactuator |
Publications (2)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| BE1032121A1 true BE1032121A1 (nl) | 2025-06-03 |
| BE1032121B1 BE1032121B1 (nl) | 2025-06-10 |
Family
ID=88757510
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| BE20235915A BE1032121B1 (nl) | 2023-10-05 | 2023-11-08 | Een poortactuator |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| BE (1) | BE1032121B1 (nl) |
Citations (17)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP1118559A1 (fr) | 2000-01-21 | 2001-07-25 | Chronopost Société Anonyme | Structure d'un ensemble autoporteur et autonome, notamment un transporteur à bande |
| EP1528202A2 (en) | 2003-10-31 | 2005-05-04 | Joseph Talpe | Mechanism for hanging a gate at an adjustable height on a support |
| EP1600584A1 (en) | 2004-05-26 | 2005-11-30 | Joseph Talpe | A lock and keeper set |
| EP1680567A1 (en) | 2003-11-03 | 2006-07-19 | Joseph Talpe | Door or pate closing hinge |
| EP1907712A1 (en) | 2005-07-20 | 2008-04-09 | Joseph Talpe | Fixture set |
| EP2186974A1 (en) | 2008-11-14 | 2010-05-19 | Joseph Talpe | Cylinder lock with pivotally-mounted bolt. |
| WO2012103572A1 (en) | 2011-02-04 | 2012-08-09 | D & D Group Pty Ltd | A hinge |
| EP2778331A1 (en) | 2013-03-11 | 2014-09-17 | Joseph Talpe | Hinge assembly |
| EP2915939A1 (en) | 2014-03-05 | 2015-09-09 | Locinox | Lock |
| EP3153645A1 (en) | 2015-10-06 | 2017-04-12 | Locinox | Door lock fixture arranged to be mounted onto a tubular member |
| EP3162997A1 (en) | 2015-10-30 | 2017-05-03 | Locinox | Device for closing a closure member hinged onto a support |
| WO2018228729A1 (en) | 2017-06-16 | 2018-12-20 | Locinox | A hydraulically damped actuator |
| WO2019048359A1 (en) | 2017-09-05 | 2019-03-14 | Locinox | DOOR CLOSURE DEVICE THAT CAN BE ADAPTED ON A DOOR WITH AN EYE BOLT HINGE |
| EP3575617A1 (en) | 2018-05-31 | 2019-12-04 | Locinox | Fixture set |
| EP4159958A1 (en) | 2021-10-01 | 2023-04-05 | Locinox | A striker and a method for forming a strike plate |
| EP4191007A1 (en) | 2021-12-06 | 2023-06-07 | Locinox | A lock for a hinged closure member |
| EP4245951A1 (en) | 2022-03-17 | 2023-09-20 | Locinox | Door lock fixture arranged to be mounted onto a tubular member |
Family Cites Families (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| FR2508530A1 (fr) * | 1981-06-29 | 1982-12-31 | Reaumier Noel | Systeme destine a la fermeture et/ou a l'ouverture d'un battant en particulier d'un battant de porte ou de portail |
| EP2186983A1 (en) * | 2008-11-14 | 2010-05-19 | Joseph Talpe | Bidirectional closing mechanism |
-
2023
- 2023-11-08 BE BE20235915A patent/BE1032121B1/nl active IP Right Grant
Patent Citations (17)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP1118559A1 (fr) | 2000-01-21 | 2001-07-25 | Chronopost Société Anonyme | Structure d'un ensemble autoporteur et autonome, notamment un transporteur à bande |
| EP1528202A2 (en) | 2003-10-31 | 2005-05-04 | Joseph Talpe | Mechanism for hanging a gate at an adjustable height on a support |
| EP1680567A1 (en) | 2003-11-03 | 2006-07-19 | Joseph Talpe | Door or pate closing hinge |
| EP1600584A1 (en) | 2004-05-26 | 2005-11-30 | Joseph Talpe | A lock and keeper set |
| EP1907712A1 (en) | 2005-07-20 | 2008-04-09 | Joseph Talpe | Fixture set |
| EP2186974A1 (en) | 2008-11-14 | 2010-05-19 | Joseph Talpe | Cylinder lock with pivotally-mounted bolt. |
| WO2012103572A1 (en) | 2011-02-04 | 2012-08-09 | D & D Group Pty Ltd | A hinge |
| EP2778331A1 (en) | 2013-03-11 | 2014-09-17 | Joseph Talpe | Hinge assembly |
| EP2915939A1 (en) | 2014-03-05 | 2015-09-09 | Locinox | Lock |
| EP3153645A1 (en) | 2015-10-06 | 2017-04-12 | Locinox | Door lock fixture arranged to be mounted onto a tubular member |
| EP3162997A1 (en) | 2015-10-30 | 2017-05-03 | Locinox | Device for closing a closure member hinged onto a support |
| WO2018228729A1 (en) | 2017-06-16 | 2018-12-20 | Locinox | A hydraulically damped actuator |
| WO2019048359A1 (en) | 2017-09-05 | 2019-03-14 | Locinox | DOOR CLOSURE DEVICE THAT CAN BE ADAPTED ON A DOOR WITH AN EYE BOLT HINGE |
| EP3575617A1 (en) | 2018-05-31 | 2019-12-04 | Locinox | Fixture set |
| EP4159958A1 (en) | 2021-10-01 | 2023-04-05 | Locinox | A striker and a method for forming a strike plate |
| EP4191007A1 (en) | 2021-12-06 | 2023-06-07 | Locinox | A lock for a hinged closure member |
| EP4245951A1 (en) | 2022-03-17 | 2023-09-20 | Locinox | Door lock fixture arranged to be mounted onto a tubular member |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| BE1032121B1 (nl) | 2025-06-10 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| DE60004830T2 (de) | Modularer, verlängerbarer spiegel | |
| US10479190B2 (en) | Electric wheel hub and driving wheel | |
| DE19520656A1 (de) | Elektrisch klappbarer Rückblickspiegel und Geschwindigkeitsuntersetzungsanordnung für diesen | |
| BE1032121B1 (nl) | Een poortactuator | |
| EP3980298A1 (en) | Mascot retraction mechanism | |
| DE102018002304A1 (de) | Einklappbare elektrische Sichtvorrichtung für ein Fahrzeug | |
| TW410193B (en) | A power tool for and a method of moving an element relative to an object | |
| CN101076646A (zh) | 用于多重锁紧在外壳或柜中的门或侧壁的锁 | |
| CN105895403A (zh) | 一种微动开关触发凸轮调节装置 | |
| US11713617B2 (en) | Angle adjusting mechanism for blinds blades | |
| US11085508B2 (en) | Driving apparatus | |
| CN108779840B (zh) | 驱动装置 | |
| JP2018047730A (ja) | 車両用ドアミラー装置 | |
| BE1032034B1 (nl) | Een poortactuator | |
| TW201107087A (en) | Sun gear coaxially driven screw and nut structure | |
| CN218863684U (zh) | 一种便于调节监控头方向的调节机构 | |
| US20060075685A1 (en) | Displacement mechanism | |
| JP7318221B2 (ja) | 電動格納式車両用周辺視認装置 | |
| CN220243120U (zh) | 一种电子后视镜显示屏电动可调支架 | |
| CN1993291A (zh) | 改进的墙壁安装开塞钻 | |
| CN218577626U (zh) | 一种手套箱 | |
| JP2560464Y2 (ja) | 横型ブラインドのスラット角度調節装置 | |
| CN222909769U (zh) | 一种扶手铰链 | |
| CN115162870B (zh) | 一种双轴式缓回弹铰链 | |
| CN218316241U (zh) | 一种轮毂电机安装套件 |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| FG | Patent granted |
Effective date: 20250610 |