BE903637A - Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau. - Google Patents

Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau. Download PDF

Info

Publication number
BE903637A
BE903637A BE0/215858A BE215858A BE903637A BE 903637 A BE903637 A BE 903637A BE 0/215858 A BE0/215858 A BE 0/215858A BE 215858 A BE215858 A BE 215858A BE 903637 A BE903637 A BE 903637A
Authority
BE
Belgium
Prior art keywords
temperature
time
reference value
burner
heating
Prior art date
Application number
BE0/215858A
Other languages
English (en)
Inventor
J Taag
K Scheid
D Stuch
Original Assignee
Cofrabel Nv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Cofrabel Nv filed Critical Cofrabel Nv
Publication of BE903637A publication Critical patent/BE903637A/nl

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24DDOMESTIC- OR SPACE-HEATING SYSTEMS, e.g. CENTRAL HEATING SYSTEMS; DOMESTIC HOT-WATER SUPPLY SYSTEMS; ELEMENTS OR COMPONENTS THEREFOR
    • F24D19/00Details
    • F24D19/10Arrangement or mounting of control or safety devices
    • F24D19/1006Arrangement or mounting of control or safety devices for water heating systems
    • F24D19/1066Arrangement or mounting of control or safety devices for water heating systems for the combination of central heating and domestic hot water
    • F24D19/1069Arrangement or mounting of control or safety devices for water heating systems for the combination of central heating and domestic hot water regulation in function of the temperature of the domestic hot water
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24HFLUID HEATERS, e.g. WATER OR AIR HEATERS, HAVING HEAT-GENERATING MEANS, e.g. HEAT PUMPS, IN GENERAL
    • F24H15/00Control of fluid heaters
    • F24H15/10Control of fluid heaters characterised by the purpose of the control
    • F24H15/156Reducing the quantity of energy consumed; Increasing efficiency
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24HFLUID HEATERS, e.g. WATER OR AIR HEATERS, HAVING HEAT-GENERATING MEANS, e.g. HEAT PUMPS, IN GENERAL
    • F24H15/00Control of fluid heaters
    • F24H15/10Control of fluid heaters characterised by the purpose of the control
    • F24H15/176Improving or maintaining comfort of users
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24HFLUID HEATERS, e.g. WATER OR AIR HEATERS, HAVING HEAT-GENERATING MEANS, e.g. HEAT PUMPS, IN GENERAL
    • F24H15/00Control of fluid heaters
    • F24H15/20Control of fluid heaters characterised by control inputs
    • F24H15/254Room temperature
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24HFLUID HEATERS, e.g. WATER OR AIR HEATERS, HAVING HEAT-GENERATING MEANS, e.g. HEAT PUMPS, IN GENERAL
    • F24H15/00Control of fluid heaters
    • F24H15/20Control of fluid heaters characterised by control inputs
    • F24H15/269Time, e.g. hour or date
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24HFLUID HEATERS, e.g. WATER OR AIR HEATERS, HAVING HEAT-GENERATING MEANS, e.g. HEAT PUMPS, IN GENERAL
    • F24H15/00Control of fluid heaters
    • F24H15/30Control of fluid heaters characterised by control outputs; characterised by the components to be controlled
    • F24H15/355Control of heat-generating means in heaters
    • F24H15/36Control of heat-generating means in heaters of burners
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24HFLUID HEATERS, e.g. WATER OR AIR HEATERS, HAVING HEAT-GENERATING MEANS, e.g. HEAT PUMPS, IN GENERAL
    • F24H15/00Control of fluid heaters
    • F24H15/40Control of fluid heaters characterised by the type of controllers
    • F24H15/486Control of fluid heaters characterised by the type of controllers using timers
    • GPHYSICS
    • G05CONTROLLING; REGULATING
    • G05DSYSTEMS FOR CONTROLLING OR REGULATING NON-ELECTRIC VARIABLES
    • G05D23/00Control of temperature
    • G05D23/19Control of temperature characterised by the use of electric means
    • G05D23/1902Control of temperature characterised by the use of electric means characterised by the use of a variable reference value
    • G05D23/1904Control of temperature characterised by the use of electric means characterised by the use of a variable reference value variable in time

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Physics & Mathematics (AREA)
  • Thermal Sciences (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • General Physics & Mathematics (AREA)
  • Automation & Control Theory (AREA)
  • Steam Or Hot-Water Central Heating Systems (AREA)

Abstract

Verlagen van een temperatuursniveau van door een warmtebron gevoede warmteverbruiksinrichtingen door middel van een besturing, waarbij dat bij het overschrijden van een voorinstelbare verlagingstemperatuurswaarde (kamerref.2' kamerref.6'kamerref.n) de energietoevoer naar de warmtebron (1) zolang wordt geblokkeerd als niet beneden een voorinstelbare verdere temperatuursdrempel (kamerref.4) wordt gekomen.

Description


   <Desc/Clms Page number 1> 
 
 EMI1.1 
 



  QIBQQI-QE-UITVINDING "Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau" (Uitvinding van Jürgen Taag, Klaus Scheid, Dieter Stuch) Vennootschap genaamd N. V. CORFABEL 15, rue Golden Hope Straat 15 1620 Drogenbos Vorrang :   Gebruiksmodel-aanmelding  
G 84 34 076.2 op naam van de vennootschap Joh. Vaillant GmbH & Co.,
16-11-1984, Bondsrepubliek Duitsland 

 <Desc/Clms Page number 2> 

 Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau. 



   De uitvinding betreft een werkwijze voor het verlagen van een temperatuurniveau van een vanuit een warmtebron gevoede verbruiksinrichting door middel van een besturing. 



   Er zijn centrale verwarmingsinstallaties bekend, waarbij een warmtebron, bijvoorbeeld een circulatiewaterverwarmingstoestel of een ketel, een uit een groot aantal radiatoren of convectoren bestaand verwarmingscircuit voedt. Hierbij worden moderne verwarmingsinstallaties gestuurd met perioden van verlaagde en normale temperaturen, waarbij bijvoorbeeld perioden met verlaagde temperaturen kunnen optreden in de voormiddag, in de namiddag en in de nacht. Deze verlaagde waarden kunnen gelijk of onderling verschillend zijn en even zo kunnen de tussen de perioden van verlaagde temperaturen gelegen perioden van hogere temperaturen van een gelijk of niet even hoog temperatuursniveau zijn. Ook de periodeduur voor de perioden van verlaagde en hoge temperaturen zijn zelden gelijk.

   Wanneer nu een verwarmingsinstallatie van een toestand van hoge temperatuur overgaat naar een verlaagde temperatuurstoestand wordt gewoonlijk de referentiewaarde van de voorlooptemperatuur verlaagd. 



  Wanneer nu de volgende verlagingsperiode relatief kort is, zal bij de nu voor de verwarmingsregeling geldende nieuwe referentiewaarde nog steeds energie worden toegevoerd, zij het op een lager niveau, waarbij eventueel in het geheel geen energietoevoer nodig zou zijn, teneinde onder gebruikmaking van het accumulatie-effekt een zo groot mogelijke energiebesparing te bereiken. Anderzijds kan door een volledig afschakelen van het warmtevermogen op zichzelf de kans bestaan, dat delen van de centrale verwarmingsinstallatie op bijzonder onbeschermde plaatsen vastvriezen. 
 EMI2.1 
 



  De uitvinding heeft ten doel om zonder dat dit 1 ten koste gaat van de behaaglijkheid een groot mogelijke/ 1 energiebesparing bij referentiewaardeverlagingen bij een Al 

 <Desc/Clms Page number 3> 

 verbruiksinrichting te bereiken. Deze referentiewaardeverlaging is niet beperkt tot een verwarmingsinstallatie, doch een verbruiksinrichting met variërende referentietemperatuurstoestand kan even zo goed een gebruikswateraccumulator of een vloerstralingsverwarming zijn. 



   Voor het bereiken van dit oogmerk wordt volgens de uitvinding voorzien in een werkwijze voor het verlagen van het temperatuursniveau van een door een warmtebron gevoede warmteverbruiksinrichting door middel van een besturing, die hierdoor wordt gekenmerkt, dat bij het overschrijden van een tevoren instelbare verlagingstemperatuursgrenswaarde de energietoevoer naar de warmtebron zo lang wordt geblokkeerd als niet beneden een tevoren instelbare verdere temperatuursdrempel wordt gekomen. 



   De uitvinding zal hieronder nader worden toegelicht aan de hand van de tekening, waarin bij wijze van voorbeeld een gunstig uitvoeringsvoorbeeld van de uitvinding is weergegeven. Hierin toont : fig. l een schematische voorstelling van de verwarmingsinstallatie, en fig. 2,3 en 4 grafieken van verwarmingskrommen. 



   De in fig.   J   weergegeven centrale verwarmingsinstallatie bevat een warmtebron 2 in de vorm van een gas-of oliegestookte circulatiewaterverwarmingsinrichting, resp. ketel of elektrische doorloopverhitter, resp. een warmtepomp, die voorzien is van een warmtewisselaar 3, die geplaatst is in een verbrandingskamer 4 en waaraan het verwarmde water van de centrale verwarmingsinstallatie via een van een temperatuurtaster 5 voorziene voorloopleiding 6 wordt afgegeven.

   De voorloopleiding gaat naar een meerwegsomschakelklep 14, die voorzien is van een regelmotor 15, die via een regelleiding 16 is verbonden met de besturingsinrichting 13, waarop twee verbruiksinrichtingen 8 en 9 zijn aangesloten, waarbij de verbruiksinrichting 8 bestaat uit een gebruikswateraccumulator, 
 EMI3.1 
 terwijl de verbruiksinrichting 9 bestaat uit een groot aantal parallel en/of in serie geschakelde verwarminglichamen of een vloerverwarmingsinstallatie, van welke er ten minste een is aangebracht in een vertrek 10, waari 

 <Desc/Clms Page number 4> 

 een kamertemperatuurtaster 11 is aangebracht, die via een meetleiding 12 is verbonden met een centrale besturingsresp. regeleenheid 13. 



   Aan de terugloopzijde zijn de beide verbruiksinrichtingen 8 of   9-het   kunnen er ook meer dan twee zijn-aangesloten op een terugloopleiding 17, waarin een door middel van een aandrijfmotor 18 aandrijfbare circulatiepomp 19 aanwezig is, die op haar beurt aan de terugloopzijde is verbonden met de warmtewisselaar 3. In de terugloopleiding 17 is een teruglooptemperatuurtaster 20 geplaatst, die via een meetleiding 21 even zo verbonden is met de besturingseenheid 13. Verder is in het gebruikswaterdeel van de verbruiksinrichting 8 een gebruikswatertemperatuurtaster 22 aangebracht, die via een meetleiding 23 is verbonden met de besturing-en regeleenheid 13, die op haar beurt voorzien is van referentiewaardegevers 24 en 25 voor de aangeschakelde verbruiksinrichtingen. Verder is de besturing-en regeleenheid voorzien van een schakelklok 26.

   Door de verbruiksinrichting 8 loopt een tapwaterleiding, die aan de voorloopzijde van de gebruikswateraccumulator wordt geregeld door middel van een tapklep 27. 



   Op de   besturings-en regeleenheid 13   is via een leiding 28 een buitentemperatuurtaster 29 aangesloten, en verder via een regelleiding 30 een elektromagnetische aandrijfeenheid 31 van een magneetklep 32, waarmede een gastoevoerleiding 33 naar een de warmtewisselaar 3 verwarmende gasbrander 34 wordt geregeld. 



   De werkingswijze van de besturing-en regeleenheid 13 zal hieronder nader worden toegelicht aan de hand van de grafiek, weergegeven in fig. 2. 



   De grafiek volgens fig. 2 toont een kromme 31, die een eerste hoog gelegen niveau 32, een tweede op het tijdstip    to   hierop aansluitend diep niveau 33 en op het tijdstip   t   toenemend, doch niet geheel tot op de hoogte van het eerste niveau stijgend niveau 34 heeft.

   Verder is een beneden alle genoemde niveaus gelegen verder niveau 
 EMI4.1 
 35 weergegeven, dat constant is aangenomen en duidt op 
 EMI4.2 
 een vriesbeschermingsdrempel./ V66r een eerste tijdstip to heerst volgens he kromme-deel 32 een eerste kamertemperatuurreferentiewade . 1111- 

 <Desc/Clms Page number 5> 

   #kamerref.1, en   in aansluiting hierop tussen de tijdstippen to en   t1   een op een waarde van ten minste   ##   (bijv. 3oKelvin) lager gelegen tweede kamertemperatuurs-   niveau v, 2 overeenkomstig het kromme-deel 33, en amerre.   vervolgens in aansluiting hierop vanaf het tijdstip   t.   een ten opzichte van de zoëven. geldende kamertemperatuur- 
 EMI5.1 
 referentiewaarde verhoogd temperatuursniveau. overeenkomstig het kromme-deel 34.

   Er moet worden verhinderd, dat een hiervan afwijkende verdere kamertemperatuurreferenonderschreden wordt teneinde kamerref. te waarborgen, dat in geen geval delen van de verwarmingsinstallatie bij extreme voorwaarden vastvriezen (duur van de verlaging over een weekeinde bij buitentemperaturen, die aanzienlijk beneden nul graden liggen). 



   Wanneer bijvoorbeeld tegen het slapengaan van de gebruiker van een eensgezinswoning op het tijdstip to de kamertemperatuur voor de nacht moet worden verlaagd, waarbij deze nachtelijke verlaging langer dan drie perioden T van het gebouw duurt, wordt de volgens de uitvinding verschafte spaarverlaging ingeleid. Dit betekent, dat op het tijdstip    t   de brander dooft, de circulatiepomp wordt afgeschakeld en de mengklep naar de sluitstand wordt geregeld, zodat de bijbehorende verbruiksinrichting, nl. de verwarmingsinstallatie, wordt afgesneden van de toevoer van warm water. Hiermee wordt een zo effektief mogelijke energiebesparing bereikt, daar nu de momentele kamertemperatuurswaarde snel daalt tot op de thans geldende kamer- 
 EMI5.2 
 temperatuurreferentiewaarde v. .

   Deze waarde geldt nu als voorinstelwaardevoor de verdere besturing en voorlooptemperatuursregeling van de verwarmingsinstallatie en na het bereiken van de nieuwe temperatuurreferentiewaarde of het beneden deze waarde komen wordt de verwarmingsinstallatie bij het aanschakelen van de brander, openen van de menger, en aanlopen van de pomp geregeld op de nieuwe 
 EMI5.3 
 referentiewaarde, . het tijdstip tl, is gewoonlijk bij het opstaan in de vroege ochtend, wordt de verwarmingsinstallatie weer omhoog gebracht op de dan 
 EMI5.4 
 geldende nieuwe kamertemperatuurreferentiewaarde. 



  Wanneer de duur van de verlagingsperiode wkamerref 2 tussen de tijdstippen to en t, kleiner is. dan . 



  At 

 <Desc/Clms Page number 6> 

 de duur van drie perioden T van het gebouw of de temperatuursverlaging minder dan Av (bijv. 30 Kelvin) bedraagt, zal een normale verlaging plaatsvinden zonder spaarafschakeling van de besturing. Het bepalen van deze waarde is bij gebruikmaking van een microprocessor met geschikte geheugens binnen het kader van de besturing-en regeleenheid 13 zonder meer mogelijk, daar de voorinstelling van de referentiewaardegever 24 of 25 en de schakelinstellingen van de schakelklok 26 in de geheugens opgeslagen en opgevraagd kunnen worden. Hiermede heeft de microprocessor de geschikte programmawaarde vooringesteld. 



   Zoals uit fig. 3 blijkt, kan bij een niveauverlaging van de verwarmingsinstallatie vanaf een kamer- 
 EMI6.1 
 temperatuurreferentiewaarde v.p zoals aangegeven met de kromme-tak 36 van de kromme 37 worden overgegaan naar een dieper referentiewaardeniveau 38, aangegeven met de   kromme-tak #kamerref.6, waarbij   allereerst de brander overeenkomstig de kromme 39 op het tijdstip    to   wordt afgeschakeld en de pomp voor een bepaalde krommetak 40 tot aan een tijdstip   t   verder loopt. Hiermee moet worden gewaarborgd, dat de nog in de verwarmingsinstallatie opgezamelde warmte (ketelinhoud en buizeninhoud) wordt overgedragen aan het gebouw. Eerst wanneer de momentele waarde van de voorlooptemperatuur niet meer boven de momentele kamertemperatuurswaarde ligt, is het tijdstip t6 bereikt en wordt ook de pomp afgeschakeld.

   In het gegeven uitvoeringsvoorbeeld van fig. 2 is zorggedragen, dat de installatie in ieder geval voorzien van een beveiliging tegen vriezen. Dit betekent, dat wanneer de voorloop-, terugloop-of kamertemperatuur beneden de 
 EMI6.2 
 waarde\).r, van de kromme 35 in fig. 2 komt in elk geval wordt naverwarmd. Dit betekent, dat bijvoorbeeld op het tijdstip t7 de pomp weer wordt ingeschakeld en op het kort hierna volgende tijdstip t8 ook de brander wordt geschakeld. Aan de verwarmingsinstallatie wordt zoveel warmte toegevoerd, dat de steuntemperatuur over- 
 EMI6.3 
 eenkomstig lijn 35 in elk geval wordt in stand gehouden. 
 EMI6.4 
 



  Derhalve kan gedurende de niveauverlagingsperiode vkamerref 6 enige toevoer van energie door de warmtebro plaatsvinden. 



  - 

 <Desc/Clms Page number 7> 

 
De grafiek volgens fig. 4 heeft betrekking op een ander mogelijk geval. Hierbij zijn de brander en de pomp in werking overeenkomstig de kromme-takken 41 en 42, en bevindt de momentele kamertemperatuurswaarde zich overeenkomstig de kromme 43 juist boven de op dit tijdstip geldende kamertemperatuurreferentiewaarde 44 overeenkomstig 
 EMI7.1 
 de Daar de rekeninrichting in de kamerref. kromme Vk f 2.besturings- en regeleenheid 13 zonder moeite kan herkennen, dat de referentiewaarde door de momentele waarde reeds is overschreden, kan zij een onmiddellijk afschakelen van de brander op het tijdstip t2 tot stand brengen en hierdoor waarborgen, dat de referentiewaarde en momentele waarde van de kamertemperatuur op het tijdstip    tot   dit is aan het begin van de referentiewaardeverlaging, gelijk zijn. 



  Hiertoe kan het doelmatig zijn om de pomp overeenkomstig de karakteristiek 42 tot aan het tijdstip    t   verder te laten lopen teneinde de accumulatiecapaciteit van de verwarmingsinstallatie te benutten. De momentele kamertemperatuurswaarde zal verder dalen en de besturing gaat naar de spaarverlaging door het uitschakelen van zowel de brander als de pompen en het sluiten van de menger voor zover aanwezig. Deze toestand duurt zo lang tot op het tijdstip t3 
 EMI7.2 
 de steuntemperatuur overeenkomstig de nu geldende referentiewaarde \),- de kromme-tak 44 wordt bereikt. 



  Op dit tijdstip zal de brander overeenkomstig de kromme 41 worden ingeschakeld en zeer kort hiervoor op het tijdstip t4 is de pomp ingeschakeld. Om veiligheidstechnische redenen moet eerst de pomp lopen alvorens de warmtebron in bedrijf wordt gesteld. Nu wordt de voorloop-of teruglooptemperatuur van de verwarmingsinstallatie volgens de gel- 
 EMI7.3 
 dende referentiewaarde v.- de kromme- tak 44 geregeld.

   Wanneer op het tijdstip tg de momentele kamertemperatuurswaarde schommelt tot boven de kamertemperatuurreferentiewaarde en op het tijdstip t5 reeds een temperatuursverhoging voor de verwarmingsinstallatie is gepland, blijven de brander en pomp van de regeleenheid 
 EMI7.4 
 13 verder in bedrijf, daar voor de rekeninrichting is te 
 EMI7.5 
 voorspellen, dat krachtens de spoedig volgende opdracht tool verhoging zonder meer een in bedrijf zijn van de warmtebron noodzakelijk is. //s/ 

 <Desc/Clms Page number 8> 

 
Met de werkwijze volgens de uitvinding is het mogelijk om bij een maximum benutting van de mogelijkheden van energiebesparing zonder ten koste van de behaaglijkheid voor de bewoners van het verwarmde gebouw de verwarmingskosten tot een minimum te beperken. 



   De uitvinding is ook toepasbaar voor het tot een hoger niveau verwarmen of tot een lager niveau afkoelen van andere verbruiksinrichtingen zoals vloerverwarmingsinstallaties of gebruikswateraccumulatoren.

Claims (11)

  1. EMI9.1
    -C - o n c 1 u s i e s-1. Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau van door een warmtebron gevoede warmteverbruiksinrichtingen door middel van een besturing, hierdoor EMI9.2 g e n m k t, dat bij het overschrijden van een voorinstelbare verlagingstemperatuurswaarde(v , \-,, energietoevoer naar de amerre. warmtebron (1) zolang wordt geblokkeerd als niet beneden een voorinstelbare verdere temperatuursdrempel ,) wordt gekomen.
  2. 2. Werkwijze volgens conclusie J, hierdoor g e k e nm e r k t, dat de verlaging alleen plaatsvindt wanneer haar duur gelijk aan of groter dan 3 T is, waarbij T de tijdsconstante van het verwarmde gebouw of van een gebruikswateraccumulator voorstelt.
  3. 3. Werkwijze volgens conclusie l of 2, hierdoor g e k e n m e r k t, dat op het tijdstip van de verlaging bij een verder lopen van de pomp allereerst de brander of verwarmingsweerstand of compressor wordt afgesteld.
  4. 4. Werkwijze volgens conclusie J, 2 of 3, hierdoor g e k e n m e r k t, dat voor het bepalen van de voorinstelbare verdere temperatuursdrempel (35) de temperatuur bij voorkeur in de terugloop van de verwarming- installatie wordt gemeten.
  5. 5. Werkwijze volgens, één der conclusies 1 tot 4, met een menger tussen de verwarmingsbron en de aangesloten verbruiksinrichting, hierdoor g e k e n m e r k t, dat bij het uitschakelen van de brander of de verwarmingsweerstand, resp. compressor de menger wordt gestuurd naar de spaarverlagingsfase. EMI9.3
  6. 6. Werkwijze volgens één der conclusies J tot 5, EMI9.4 hierdoor g e n m k t, dat de brander, resp. de verwarmingsweerstand of compressor reeds voor het gewenste verlagingstijdstip (t) wordt afgeschakeld wanneer v66r i <Desc/Clms Page number 10> EMI10.1 het verlagingstijdstip de momentele kamertemperatuurswaarde (Vk) groter is dan de vóór het verlagingstijdstip Kamermom. geldende kamertemperatuurreferentiewaarde (vk ,) resp. een hiervan afgeleide temperatuur.
  7. 7. Werkwijze volgens conclusie 6, hierdoor g e k e nm e r k t, dat het tijdstip (tg) van het tevoren afschakelen van de brander wordt gemeten doordat op het eigenlijk EMI10.2 gewenste verlagingstijdstip een gelijkheid (\),--= tussen de momentele kamerkamerref. temperatuurswaarde en de kamertemperatuursreferentiewaarde (resp. een hiervan afgeleide temperatuur} bestaat.
  8. 8. Werkwijze volgens conclusie 6 of 7, hierdoor g e k e n m e r k t, dat eerst de brander, resp. de verwarmingsweerstand of compressor en vervolgens de pomp wordt afgeschakeld, waarbij de pomp eerst op het tijdstip te aan het begin van de verlagingsperiode spanningsloos wordt gemaakt.
  9. 9. Werkwijze volgens één der conclusies l tot 8, hierdoor g e k e n m e r k t, dat de werkwijze een verloop met zelf-optimerende werking vertoont doordat de werkelijke temperaturen (kamer-, buiten-, en voorlooptemperatuur) en de schakeltijdstippen van optredende verlagingscycli in geheugensworden opgeslagen en overeenkomstig deze waarden de berekende waarden van de geldende verlagingsfasen worden gecorrigeerd.
  10. 10. Werkwijze volgens één der conclusies 6 tot 9, EMI10.3 hierdoor g e n m k t, dat de geldende verlagingstemperatuurreferentiewaarde \), referentiewaardetemperatuursprong (T5, \--) wordt verhoogd wanneer deze referentiewaardesprong groter is dan een voorinstelbare drempel.
  11. 11. Werkwijze volgens conclusie 10, hierdoor EMI10.4 g e n m k t, dat de voorinstelbare verdere drempel gelijk aan of groter dan 20 Kelvin wordt gehouden.
BE0/215858A 1984-11-16 1985-11-14 Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau. BE903637A (nl)

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE8434076 1984-11-16

Publications (1)

Publication Number Publication Date
BE903637A true BE903637A (nl) 1986-03-03

Family

ID=6772907

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
BE0/215858A BE903637A (nl) 1984-11-16 1985-11-14 Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau.

Country Status (3)

Country Link
AT (1) AT388991B (nl)
BE (1) BE903637A (nl)
CH (1) CH669833A5 (nl)

Families Citing this family (2)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP2084463B1 (de) * 2006-10-25 2014-05-07 Glutz AG Verfahren zur regelung eines brenners einer heizungsanlage mit zwei verbraucher
IT1393216B1 (it) * 2009-03-05 2012-04-11 Eberle Dispositivo per il miglioramento del bilancio energetico, particolarmente per caldaie per riscaldamento.

Family Cites Families (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1107389B (de) * 1955-09-09 1961-05-25 Hansa Metallwerke Ag Mischbatterie fuer UEberlaufspeicher
DE1454457A1 (de) * 1964-03-24 1969-03-27 Mehne Alfred Vorrichtung zur automatischen Steuerung von Kesseltemperaturen,vorzugsweise bei Zentralheizungen
DE2630920B2 (de) * 1976-07-09 1978-06-08 Centra-Buerkle Gmbh & Co, 7036 Schoenaich Anordnung zur Beeinflussung der Temperatur mindestens eines Gebäuderaumes

Also Published As

Publication number Publication date
ATA312085A (de) 1989-02-15
CH669833A5 (en) 1989-04-14
AT388991B (de) 1989-09-25

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US4750472A (en) Control means and process for domestic hot water re-circulating system
US4408711A (en) Thermostat with adaptive operating cycle
US10088852B2 (en) Multi-tank water heater systems
US4356962A (en) Thermostat with adaptive operating cycle
US4046532A (en) Refrigeration load shedding control device
EP3115699B1 (en) Heat pump hot water apparatus
US3597588A (en) Building service water heating system
CA1242777A (en) Control system to delay the operation of a refrigeration heat pump apparatus after the operation of a furnace is terminated
GB2457051A (en) Heating system utilising solar energy and a boiler
US5839655A (en) Hot-water heating system
EP3258185B1 (en) Heat supply system
KR20160003677A (ko) 인라인 가열 태양열 집열기
DE3538934C2 (nl)
BE1004863A6 (nl) Werkwijze voor het regelen van een verwarmingsinstallatie.
US11686503B2 (en) Smart electric heating device
EP2492602B1 (en) Apparatus and method to optimize the functioning of a boiler to heat water
NL8503146A (nl) Werkwijze voor het verlagen van een temperatuursniveau.
GB2225097A (en) Water heating apparatus
JP3644276B2 (ja) 暖房制御方法
GB2043305A (en) Control arrangement in a circulating fluid heating system
NL1032642C2 (nl) Warmwatertoestel en besturingseenheid daarvoor.
EP1486735B1 (en) Combined hot water and heating system
RU2776880C2 (ru) Способ регулирования циркуляционного насоса, циркуляционный насос, а также система отопления
GB2446602A (en) Thermal regulation of water
JP6508966B2 (ja) 貯湯式給湯装置

Legal Events

Date Code Title Description
RE Patent lapsed

Owner name: COFRABEL N.V.

Effective date: 19871130