NL1003654C2 - Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. - Google Patents
Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1003654C2 NL1003654C2 NL1003654A NL1003654A NL1003654C2 NL 1003654 C2 NL1003654 C2 NL 1003654C2 NL 1003654 A NL1003654 A NL 1003654A NL 1003654 A NL1003654 A NL 1003654A NL 1003654 C2 NL1003654 C2 NL 1003654C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- membrane
- properties
- medium
- measured
- frequency
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims description 16
- 239000012528 membrane Substances 0.000 claims description 62
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 claims description 18
- 239000007788 liquid Substances 0.000 description 12
- 238000005259 measurement Methods 0.000 description 10
- 239000000428 dust Substances 0.000 description 8
- 239000000126 substance Substances 0.000 description 5
- 239000000463 material Substances 0.000 description 4
- 238000012544 monitoring process Methods 0.000 description 3
- 238000011109 contamination Methods 0.000 description 2
- 230000001580 bacterial effect Effects 0.000 description 1
- 230000015572 biosynthetic process Effects 0.000 description 1
- 239000003990 capacitor Substances 0.000 description 1
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 1
- 230000001419 dependent effect Effects 0.000 description 1
- 238000010586 diagram Methods 0.000 description 1
- 239000004744 fabric Substances 0.000 description 1
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 description 1
- 230000002452 interceptive effect Effects 0.000 description 1
- 230000007774 longterm Effects 0.000 description 1
- 230000000149 penetrating effect Effects 0.000 description 1
- 230000000704 physical effect Effects 0.000 description 1
Classifications
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01N—INVESTIGATING OR ANALYSING MATERIALS BY DETERMINING THEIR CHEMICAL OR PHYSICAL PROPERTIES
- G01N29/00—Investigating or analysing materials by the use of ultrasonic, sonic or infrasonic waves; Visualisation of the interior of objects by transmitting ultrasonic or sonic waves through the object
- G01N29/02—Analysing fluids
- G01N29/036—Analysing fluids by measuring frequency or resonance of acoustic waves
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01N—INVESTIGATING OR ANALYSING MATERIALS BY DETERMINING THEIR CHEMICAL OR PHYSICAL PROPERTIES
- G01N2291/00—Indexing codes associated with group G01N29/00
- G01N2291/02—Indexing codes associated with the analysed material
- G01N2291/028—Material parameters
- G01N2291/02818—Density, viscosity
Landscapes
- Physics & Mathematics (AREA)
- Acoustics & Sound (AREA)
- Health & Medical Sciences (AREA)
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Analytical Chemistry (AREA)
- Biochemistry (AREA)
- General Health & Medical Sciences (AREA)
- General Physics & Mathematics (AREA)
- Immunology (AREA)
- Pathology (AREA)
- Measurement Of Mechanical Vibrations Or Ultrasonic Waves (AREA)
Description
Titel: Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. Beschrijving
De uitvinding heeft betrekking op een werkwijze voor het 5 meten van eigenschappen van media, waarbij een electrische trillingsinrichting wordt toegepast, welke is voorzien van een trillingsorgaan in de vorm van een membraan, dat in aanraking met een te meten medium wordt gebracht en met een verplaatsingsopnemer, waarmee de verplaatsing daarvan wordt 10 opgemeten, waarbij verder aan de trillingsinrichting een oscillatorsignaal wordt aangelegd. De uitvinding heeft verder betrekking op een inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze.
Uit het Zwitserse octrooischrift 683 375 is een 15 meetinrichting bekend, met een huis en een membraan, dat met daartoe geëigende middelen in trilling wordt gebracht bij een frequentie, die overeenkomt met de eigen frequentie van het membraan. Deze bekende meetinrichting wordt in hoofdzaak gebruikt om de aanwezigheid of het niveau van een vloeistof 20 te meten. Hiertoe wordt het genoemde membraan aangebracht in de wand van een huis of een leiding, en wanneer het membraan in meer of mindere mate in aanraking komt met de vloeistof verandert het verloop van de resonantietrilling, hetgeen dan wordt opgemeten en waaruit geconcludeerd kan worden of er 25 vloeistof aanwezig is of welk niveau de vloeistof inneemt.
Ook wordt in dit octrooischrift vermeld dat het mogelijk is om uit de invloed van de vloeistof op de frequentie en de amplitude van de trilling conclusies te trekken ten aanzien van bepaalde eigenschappen van de vloeistof zoals 30 viscositeit, dichtheid enz.
Een nadeel van deze bekende inrichting is, dat men van één resonantietrilling, nl. die bij de eigen frequentie, slechts twee meetwaarden opmeet, nl. de frequentie en de amplitude waaruit noodzakelijkerwijs slechts twee 35 stofeigenschappen kunnen worden vastgesteld. Deze stofeigenschappen kunnen dan slechts met betrekkelijk grote onnauwkeurigheid worden vastgesteld, omdat ook andere stofeigenschappen nog invloed hebben op het verloop van de 1003654.
2 resonantietri11ing.
De uitvinding beoogt dit nadeel te ondervangen en een werkwijze en inrichting te verschaffen, waarmee op veel nauwkeuriger wijze veel meer eigenschappen van een bepaalde 5 stof kunnen worden opgemeten.
De uitvinding maakt daarbij gebruik van het feit, dat een membraan dat vast is ingeklemd in een huis in het algemeen meerdere frequentiegebieden vertoont, waarbij staande golven in het membraan, dus resonanties optreden, en 10 berust verder op het nieuwe inzicht, dat de invloed van de diverse stofeigenschaffen in de verschillende frequentiegebieden op het verloop van de resonantie verschillend is.
Ter verwezenlijking van het beoogde doel, vertoont de 15 werkwijze volgens de uitvinding het kenmerk, dat met behulp van het oscillatorsignaal het membraan in meerdere frequentiegebieden, waarin in het membraan resonantie optreedt, wordt aangestuurd, waarbij voor elk van de frequentiegebieden de invloed van de mediumeigenschappen 20 (viscositeit/dichtheid/elasticiteit, enz.) op het verloop van de resonantie (frequentie/amplitude/bandbreedte), bij verandering van een van de eigenschappen wordt vastgesteld, waarna in bedrijf het membraan in contact wordt gebracht met een te meten medium en het resonantieverloop in de 25 verschillende frequentiegebieden met daartoe geeigende middelen wordt opgemeten en de meetwaarden aan een electronische gegevensverwerkende inrichting worden toegevoerd, welke daaruit de verschillende mediumeigenschappen berekend, respectievelijke de afwijking 30 van die eigenschappen ten opzichte van een referentie medium vaststelt.
Bij de werkwijze volgens de uitvinding wordt het menbraan in meerdere frequentiegebieden, waarin staande golven, dus resonanties optreden, in trilling gebracht. Door 35 nu voor elk van die frequentiegebieden de invloed van de verschillende mediumeigenschappen op het verloop van de resonantietrilling vast te stellen, weet men wat de invloed is van elk van deze eigenschappen op de frequentie, de 1003654.
3 amplitude en de bandbreedte van de resonantietrilling. In bedrijf van de meetinrichting wordt nu het membraan in contact gebracht met het te meten medium, waarbij in elk van de verschillende frequentiegebieden de frequentie, de 5 amplitude en de breedte van deze trilling wordt opgemeten. Op deze wijze verkrijgt men per frequentiegebied een drietal meetwaarden, waarbij het voor elk van deze meetwaarden bekend is, wat de invloed is van elk van de stofeigenschappen. Op deze wijze verkrijgt men een groot aantal meetsignalen, 10 waaruit op rekenkundige wijze de verschillende stofeigenschappen kunnen worden berekend. Tevens kan daarbij de invloed van temperatuur en druk in deze berekeningen worden meegenomen. Op deze wijze is het mogelijk een groot scala van stofeigenschappen met grote nauwkeurigheid vast te 15 stellen. Ook is het mogelijk de stofeigenschappen niet zelf, maar alleen hun afwijking ten opzichte van die van een referentie medium vast te stellen.
Zoals reeds vermeld kan het vaststellen van de invloed van de mediumeigenschappen op het resonantieverloop in de 20 verschillende frequentiegebieden worden verkregen door berekening, maar dat is tamelijk omslachtig.
Teneinde dit te omgaan wordt bij een gunstige uitvoeringsvorm van de werkwijze volgens de uitvinding de invloed van de mediumeigenschappen op het verloop van de 25 resonantie van de verschillende frequentiegebieden vastgesteld door het membraan in contact te brengen met een referentiemedium met bekende eigenschappen en telkens één of meer van die eigenschappen in een bekende mate te variëren en de invloed daarvan op de resonanties vast te leggen.
30 De uitvinding heeft verder betrekking op een inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze volgens de uitvinding, omvattende een electrische trillingsinrichting in de vorm van een huis, dat is voorzien van een trillingsorgaan in de vorm van een vast daaraan bevestigd, overigens verplaatsbaar 35 membraan, voor contact met een te meten medium. Verder bevat deze inrichting een verplaatsing van het membraan opnemende electrische verplaatsingsopnemer en een met het trillingsorgaan en de verplaatsingsopnemer verbonden 1003654.
4 electrische verbindingsinrichting, die een oscillatorsignaal aan het trillingsorgaan aanlegt en één of meer meetsignalen afgeeft. Deze inrichting wordt gekenmerkt, doordat een frequentiegenerator aanwezig is voor het opwekken van het 5 oscillatorsignaal, welke zodanig is ingericht, dat tenminste frequenties worden gegenereerd in die gebieden, waarin de in het membraan benodigde staande golven worden opgewekt en waarbij de trillingsbron mechanisch met het membraan is gekoppeld.
10 De meting wordt d.m.v. trillingen van een vlak membraan verricht, waardoor vervuilen of verstoppen van de meetinrichting praktisch is uitgesloten. Door het ontbreken van penetrerende delen in de vloeistof is de meetinrichting ongevoelig voor vervuiling, bijv. bacteriële, en wordt ook 15 het te meten medium niet vervuild. Afhankelijk van de materiaalkeuze is de meetinrichting ook zeer geschikt voor toepassing in de voedingsmiddelenindustrie. Aangezien de trillingen van het membraan bij voorkeur loodrecht t.o.v. het membraan worden opgewekt en gemeten, is het membraan nagenoeg 20 ongevoelig voor filmvorming op het membraan, die een meetproces vaak negatief beïnvloeden.
Aan de hand van de tekening zal de uitvinding nog nader worden toegelicht.
Figuur 1 toont schematisch en niet op schaal in 25 doorsnede een uitvoeringsvoorbeeld van een inrichting volgens de uitvinding;
Figuur 2a en 2b tonen bij wijze van voorbeeld resp. het trillingsverloop van een membraan van de inrichting volgens de uitvinding bij het doorlopen van een bepaald 30 frequentiegebied resp. voor een membraan dat in lucht beweegt en een membraan dat aan één zijde in contact is met vloeistof;
Figuur 3 toont een blokschema van een uitvoeringsvorm van een electronische verwerkingsschakeling van een 35 inrichting volgens de uitvinding; en
In figuur 1 is schematisch een uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding getoond. Deze inrichting dient voor het meten van eigenschappen van media, in het 1003654.
5 bijzonder voor het meten van karakteristieke eigenschappen van media, zoals de dichtheid, de viscositeit, de elasticiteit, etc. De inrichting volgens figuur 1 omvat een huis 1, met een daaraan bevestigde membraan 2, dat op zich 5 verplaatsbaar is en dient voor contact met een te meten medium M buiten het huis l. In het huis 1 is een trillingsorgaan 3 opgesteld in de vorm van een luidspreker, waarvan de spoel mechanisch gekoppeld is met een membraan 2 via een verbinding 4. In het huis 1 is verder een 10 verplaatsingsopnemer 5 aanwezig in de vorm van een microfoon, welke door het meten van de drukveranderingen in het huis 1 indirect de verplaatsing van het membraan 2 opneerot.
Tenslotte is in het huis 1 een electronische verwerkingsschakeling 6 getoond, die echter in principe in 15 plaats van in het huis 1 ook buiten huis zou kunnen zijn aangebracht. Voor de overzichtelijkheid niet in figuur 1 getoond, maar binnen het huis l aangebracht, is verder nog een electrische verbindingsinrichting, die een extern oscillatorsignaal aan het trillingsorgaan 3 aanlegt en één of 20 meer meetsignalen naar buiten het huis 1 afgeeft. Op de electronische verwerkingsschakeling 6 en de electrische verbindingsinrichting, die kan bestaan uit een aantal leidingen en een extern van het huis 1 toegankelijke electrische verbindingsklem, zal verderop in deze 25 beschrijving onder verwijzing naar figuur 3 nader worden ingegaan. Bij de uitvoering, zoals getoond in figuur 1, is de meetinrichting 1 bijvoorbeeld met behulp van een flensverbinding bevestigd op de wand van een leiding, waardoorheen een medium M kan worden geleid, welk medium dan 30 in contact is met het membraan 2. In plaats van het membraan in contact te brengen met een in een leiding stromend medium, kan uiteraard de inrichting 1 ook worden bevestigd op de wand van een niet getoonde kamer, waarin zich een stilstaand medium bevindt dat in contact is met de membraan 2. Het 35 trillingsorgaan 3 wekt op het membraan 2 staande trillingen op en kan van het luidsprekertype zijn. In het bijzonder is voor een prototype van de inrichting volgens de uitvinding als trillingsorgaan een normaal op de markt verkrijgbare 1003654.
6 luidspreker toegepast, waarvan de sprekerspoel op een starre manier via de verbinding 4 met het midden van het membraan is verbonden, Essentieel voor de trillingsbron 3 is evenwel, dat deze het membraan 2 in trilling brengt.
5 De werking van de inrichting volgens figuur 1 is als volgt. Door het trillingsorgaan 3 wordt een bij voorkeur sinus-vormige kracht met een bepaalde frequentie op het membraan uitgeoefend. Het trillingsorgaan 3 wordt daarbij door een externe frequentiegenerator aangestuurd. De 10 frequentiegenerator doorloopt daarbij een frequentiegebied, waarvan de grenzen door de fysieke eigenschappen van de meetinrichting worden bepaald, die op hun beurt door het gewenste meetbereik worden bepaald. Het membraan 2 met het huis 1 gedraagt zich daarbij voor een gedeelte als een 15 gedempt massa veersysteem. De bij het in trilling brengen van het membraan 2 optredende verplaatsingen van dit membraan worden opgemeten door de verplaatsingsopnemer 5, hetgeen in dit geval indirect gebeurt door het opmeten van de door de verplaatsingen in het huis 1 onstane drukwisselingen.
20 Uiteraard is het ook mogelijk om de verplaatsingen van het membraan op te meten met een directe verplaatsingsopnemer. Wanneer het trillingsorgaan 3 het membraan 2 in trilling brengt, ontstaan er bij verschillende frequenties staande golven in het membraan die ertoe leiden dat het membraan 2 25 meer of minder in trilling komt, dat wil zeggen bij bepaalde frequenties ontstaan er zogenaamde resonantiepieken.
In figuur 2a is het trillingsverloop van een in trilling gebracht membraan weergegeven voor de situatie, waarbij het membraan in contact is met lucht.
30 In figuur 2b is voor hetzelfde membraan het trillingsverloop weergegeven voor de situatie, waarbij het membraan 2 in contact is met een vloeistof. Uit deze beide figuren is duidelijk, dat de resonantiepieken, welke optreden in de situatie waarbij het membraan in contact is met 35 vloeistof, verschoven zijn ten opzichte van de resonantiepieken voor de situatie, waarbij het membraan in contact is met lucht. Met de term verschoven is hierbij bedoeld, dat de resonantiepieken voor het geval dat het 1003654.
7 membraan in contact is met de vloeistof optreden bij een andere frequentie, een andere amplitude vertonen en dat verder de bandbreedte van de resonantiepieken anders is dan voor de situatie, waarbij het membraan in contact is met 5 lucht. Gebleken is nu dat de invloed van de verschillende te meten stofeigenschappen op het verloop van de resonantiepieken van het membraan verschillend is bij verschillende frequenties. Voor iedere inrichting 1, wordt nu eerst door het membraan 2 in contact te brengen met een 10 referentiemedium met bekende stofeigenschappen vastgesteld wat de invloed van de verschillende stofeigenschappen is op het verloop, resp. het veranderde verloop van de resonantiepieken bij de verschillende frequenties. Deze vastgestelde gegevens worden vastgelegd en opgeslagen in een 15 electronische gegevens verwerkende inrichting. Daarna wordt het referentiemedium vervangen door een medium waarvan de stofeigenschappen dienen te worden gemeten en worden het verloop van de resonantiepieken, dat wil zeggen de frequentie waarbij deze optreden, de amplituden en de bandbreedte van 20 elk van deze resonantiepieken gemeten en uit de meetwaarden worden op rekenkundige wijze en met behulp van de reeds vastgestelde meetwaarden de verschillende stofeigenschappen berekend. Op deze wijze kan met grote nauwkeurigheid een groot aantal stofeigenschappen van het te meten medium worden 25 vastgesteld en wanneer deze stofeigenschappen op ontoelaatbare wijze afwijken van de gewenste stofeigenschappen kan een regelactie worden ondernomen.
Het trillingsorgaan 3 wordt daarbij aangestuurd door een frequentiegenerator. Een nadeel van een frequentiegenerator 30 is, dat onder omstandigheden het uitgangssignaal een frequentiewaarde heeft welke afwijkt van de ingegeven frequentiewaarde. Op deze wijze zou er een onnauwkeurigheid in de meting kunnen optreden. Teneinde dit te voorkomen wordt de frequentiegenerator voor iedere meting geijkt op basis van 35 de eigen frequentie van het huis 1. Het huis 1 heeft een door zijn configuratie bepaalde zeer nauwkeurig eigen frequentie. Door nu de frequentie van het uitgangsignaal van de frequentiegenerator te vergelijken met de eigen frequentie 1 0 0 3 6 5 A.
8 van het huis en bij afwijking de frequentiegenerator bij te regelen kan een zeer nauwkeurige meting worden verkregen.
Resonantiepieken welke samenhangen met de constructie van de inrichting, zijn die resonantiepieken waarvan de 5 frequentie niet verandert bij in contact brengen met een ander medium. In de tekening zijn dit de pieken aangeduid met verwijzingscijfer 8. Van deze pieken verandert alleen de amplitude. Van de andere resonantiepieken verandert zowel de frequentie, de amplitude en de bandbreedte. Het verschuiven 10 daarvan is met pijlen aangeduid. Sommige van deze pijlen kruisen daarbij ofwel andere pijlen ofwel de trillingscurve. Het zal duidelijk zijn dat in het gebied van deze kruisingen de metingen elkaar zullen verstoren. Derhalve kunnen, om goed bruikbare meetsignalen te verkrijgen, alleen metingen 15 worden verricht aan die resonantiepieken, welke bij verschuiving elkaar niet beïnvloeden. Het membraan 3 dient derhalve zo te zijn geconstrueerd dat binnen het gewenste meetbereik er een aantal resonantiepieken zijn, welke bij het meten zo verschuiven dat zij niet door andere 20 resonantiepieken worden beïnvloed.
Zoals in figuur 3 is getoond is de verplaatsingsopnemer 5 d.m.v. een leiding 20 verbonden met een versterker 30 welke deel uitmaakt van een serieschakeling met achtereenvolgens een n-de orde banddoorlaatfilter 31, een topdetector 32 en 25 een n-de orde laagdoorlaatfilter 33, welke laatstgenoemde als meetsignaal een amplitudesignaal 34 voortbrengt. De versterker 30 versterkt het uitgangssignaal van de verplaatsingsopnemer 5 zodanig dat dit boven het ruis-niveau uitkomt. Aangezien er voor verschillende typen en dikten van 30 het membraan meerdere verschillende signaalsterkten nodig zijn, is versterker 30 zo uitgevoerd, dat deze per membraan eenmalig kan worden ingesteld om een maximaal signaal te kunnen leveren en te verwerken. Omdat het medium M vaak door een pomp wordt rondgepompt en er ook langs andere mechanische 35 weg trillingen om het medium M en dus op het membraan 4 kunnen worden overgebracht is het meetsignaal voorzien van allerlei storende invloeden. Het na de versterker 30 geschakelde banddoorlaatfilter 31 laat alleen het gewenste 1 00 3 6 5 * · 9 signaal door en snijdt alle stoorsignalen met een hogere of lagere frequentie dan de doorlaatband af.
De op het banddoorlaatfilter 31 volgende topdetector 32 bepaald de amplitude van het signaal dat door het 5 banddoorlaatfilter 31 komt. Daarbij kan de topdetector 32 een condensator bevatten die via een diode d.m.v. weerstand wordt opgeladen en door een lek weerstand weer kan worden ontladen.
Het na de topdetector 32 geschakelde laagdoorlaatfilter 10 33 beperkt de stijgsnelheid van het uitgangssingaal van de topdetector 32 om sterke stoorsignalen te dempen die de toppen tot op een bepaald moment sterk zouden kunnen verhogen.
In figuur 3 is in het huis 1 op het membraan 2 een 15 mediumtemperatuursensor 37 aangebracht die door middel van leiding 50 met de A/D omzetter 36 is verbonden voor het als meetsignaal afgeven van een mediumtemperatuursignaal. Aangezien de viscositeit en ook andere eigenschappen van veel vloeistoffen temperatuursafhankelijk zijn, is het 20 belangrijk om de temperatuur van het medium te kennen.
In figuur 3 is in het huis l ook een de temperatuur van het huis 1 aftastende huistemperatuursensor 38 aangebracht, die door middel van leiding 54 met de A/D omzetter 36 is verbonden voor het als meetsignaal afgeven van een 25 huistemperatuursignaal. In een bepaalde omgeving zou het namelijk zo kunnen zijn dat de meetinrichting als geheel te warm wordt om nog betrouwbaar te kunnen werken. De huistemperatuursensor 38 geeft het huistemperatuursignaal 54 direct aan de A/D omzetter 36 af om extern te kunnen bepalen 30 of de huistemperatuur nog in een veilig bereik ligt.
De verwerkingsschakeling 6 omvat tevens een voedingsschakeling 42 die via leidingen 43 spanning vanaf de centrale verwerkingseenheid (CCU) 60 ontvangt, daaruit voedingsspanningen opwekt en als meetsignalen 35 voedingsbewakingssignalen 45 voortbrengt. Meer in het bijzonder omvat voedingsschakeling 42 een omvormer, welke uit die externe spanning alle intern benodigde voedingsspanningen opwekt. De voedingsspanningen van +5 Volt en -5 Volt worden 1003654.
10 als voedingsspanningsbewakingssignalen ter spanningsbewaking aan de A/D omzetter 36 aangelegd.
Tenslotte omvat verwerkingsschakeling 6 van figuur 3 een verdere detector 41 die via leiding 39 het externe 5 oscillatorsignaal ontvangt en als meetsignaal een spanningsval over de leiding 39 en verdere leidingen van de verbindingsinrichting vertegenwoordigend compensatiesignaal voortbrengt.
Verwerkingsschakeling 6 wordt zoals gezegd ook gevoed 10 uit het externe oscillatorsignaal. Aangezien het externe oscillatorsignaal over een lange kabel kan worden aangevoerd en niet bekend is hoelang deze zal zijn en welke diameter deze zal hebben is het ook niet bekend hoe groot het spanningsval over deze kabels zal zijn. Verder is het 15 externe oscillatorsignaal een versterkt uitgangssignaal van een externe oscillator, waarbij de versterker niet altijd een constant extern oscillatorsignaal zal afgeven. Om al deze invloeden die gedeeltelijk ontstaan door kabellengtes en lange termijndriften in externe versterker en oscillator op 20 te kunnen heffen wordt de topwaarde van het externe oscillatorsignaal continu gemeten door de A/D omzetter.
De verwerkingsinrichting is verbonden met een centrale verwerkingseenheid (CCU) welke een microprocessor 60 omvat, die van het te meten medium, een karakteristiek patroon 25 samenstelt, waaruit door de vergelijking met vooraf vastgelegde meetresultaten, de viscositeit, de elasticiteit en/of de dichtheid als voorbeelden van mediumeigenschappen worden bepaald. De microprocessor bestuurt de in de verwerkingsinrichting opgenomen spanningsgeregelde oscillator 30 voor het opwekken van het externe oscillatorsignaal voor aansturing van het trillingsorgaan 3 in de meetinrichting.
Via leiding 55 kan de centrale verwerkingseenheid 60 de in de A/D omzetter aanwezige signalen opvragen en deze meetgegevens opslaan, analyseren en verder bewerken.
35 Het oscilator signaal van trillingsorgaan 3 wordt aangestuurd door programmatuur.
Het bereik van de oscillator wordt door deze programmatuur zo afgesteld dat de specifieke gedeelten van 1003654.
11 het karakteristieke patroon van het te meten medium worden doorlopen. Door de programmatuur wordt berekend hoe groot de afwijking van de gemeten eigenschappen is en wat de daarop volgende regelactie van een niet getoonde regelinrichting zal 5 zijn om de waarden weer op het gewenste niveau te krijgen.
1 0 0 3 6 5 4.
Claims (5)
1. Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media, waarbij een electrische trillingsinrichting wordt toegepast, welke is voorzien van een trillingsorgaan in de vorm van een 5 membraan dat in aanraking met een te meten medium wordt gebracht en met een verplaatsings opnemer de verplaatsing daarvan wordt opgemeten, waarbij verder aan de trillingsinrichting een oscillatorsignaal wordt aangelegd, met het kenmerk, dat 10. met behulp van het oscillatorsignaal het membraan in meerdere frequentiegebieden, waarin in het membraan resonantie optreedt, wordt aangestuurd, - en voor elk van die frequentiegebieden de invloed van de mediumeigenschappen (viscositeit/dichtheid/elasticiteit/etc.) 15 op het verloop van de resonantie (frequentie/amplitude/bandbreedte) bij verandering van een van deze eigenschappen wordt vastgesteld, - waarna in bedrijf het membraan in contact wordt gebracht met een te meten medium en het resonantie verloop in de 20 verschillende frequentie gebieden met daartoe geëigende middelen wordt opgemeten en de meetwaarden aan een electronische gegevens verwerkende inrichting worden toegevoerd, welke daaruit de verschillende mediumeigenschappen berekend, respectievelijk de afwijking 25 van de eigenschappen ten opzichte van die van een referentie medium vaststelt.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de invloed van de mediumeigenschappen op het verloop van de resonantie in de verschillende frequentiegebieden wordt 30 vastgesteld door het membraan in contact te brengen met een referentiemedium met bekende eigenschappen en telkens een van de eigenschappen in een bepaalde mate wordt gewijzigd en de invloed daarvan op het verloop van de resonanties wordt vastgesteld.
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2 met het kenmerk dat het oscillatorsignaal wordt opgewekt met behulp van een frequentiegenerator en vóór elke meetcyclus de werking van de frequentie-generator te ijken door bij de eigenfrequentie van 1 0 0 3 S 5 4. het huis waaraan het membraan is bevestigd het uitgangssignaal van de frequentiegenerator daarop af te regelen.
4. Inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze 5 volgens conclusie 1, 2 of 3 omvattende een electrische trillingsinrichting in de vorm van een huis dat is voorzien van een trillingsorgaan in de vorm van een vast daaraan bevestigd overigens verplaatsbaar membraan voor contact met een te meten medium, een verplaatsing van het membraan 10 opnemende electrische verplaatsingsopnemer en een met het trillingsorgaan en de verplaatsingsopnemer verbonden electrische verbindingsinrichting die een oscilatorsignaal aan het trillingsorgaan aanlegt en een of meer meetsignalen afgeeft, met het kenmerk, dat een frequentiegenerator 15 aanwezig is voor het opwekken van het oscillatorsignaal, welke zodanig is ingericht dat tenminste frequenties worden gegenereerd in die gebieden waarin in het membraan staande golven (resonanties) worden opgewekt en waarbij de trillingsbron mechanisch met het membraan is gekoppeld.
5. Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat het membraan resonantiepieken vertoont bij zodanige frequenties dat bij in contact brengen met een te meten medium en bij veranderingen van de eigenschappen van dit medium het verloop van de verschillende resonantiepieken 25 elkaar niet op een verstorende wijze beïnvloeden. 1 0 0 3 S 5 A .
Priority Applications (3)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1003654A NL1003654C2 (nl) | 1996-07-22 | 1996-07-22 | Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. |
| AU34663/97A AU3466397A (en) | 1996-07-22 | 1997-07-21 | Method for measuring medium properties |
| PCT/NL1997/000434 WO1998003864A1 (en) | 1996-07-22 | 1997-07-21 | Method for measuring medium properties |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1003654A NL1003654C2 (nl) | 1996-07-22 | 1996-07-22 | Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. |
| NL1003654 | 1996-07-22 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1003654C2 true NL1003654C2 (nl) | 1998-01-28 |
Family
ID=19763249
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1003654A NL1003654C2 (nl) | 1996-07-22 | 1996-07-22 | Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| AU (1) | AU3466397A (nl) |
| NL (1) | NL1003654C2 (nl) |
| WO (1) | WO1998003864A1 (nl) |
Families Citing this family (3)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JP4963786B2 (ja) * | 2004-11-26 | 2012-06-27 | 株式会社ブリヂストン | 変性天然ゴムラテックス及びその製造方法、変性天然ゴム及びその製造方法、並びにゴム組成物及びタイヤ |
| HUE031934T2 (en) | 2008-12-18 | 2017-08-28 | Tridelta Hartferrite Gmbh | Hard magnetic La and Co doped hexagonal strontiumferrit |
| FR3155585A1 (fr) * | 2023-11-16 | 2025-05-23 | Université de Franche-Comté | Capteur et procédé de suivi de l’évolution des propriétés visco-élastiques d’une matière. |
Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPS56118663A (en) * | 1980-02-22 | 1981-09-17 | Hitachi Ltd | Slime membrane thickness monitoring device |
| WO1991005999A2 (en) * | 1989-10-20 | 1991-05-02 | University Of Strathclyde | Apparatus for assessing a particular property in a medium |
| WO1993008466A1 (en) * | 1991-10-23 | 1993-04-29 | Niagara Mohawk Power Corporation | Multiple gas property sensor |
| CH683375A5 (de) * | 1991-10-01 | 1994-02-28 | Vibro Meter Ag | Verfahren und Flüssigkeitsdetektor zur Erfassung der Anwesenheit, des Standes oder des Zustandes einer Flüssigkeit. |
-
1996
- 1996-07-22 NL NL1003654A patent/NL1003654C2/nl not_active IP Right Cessation
-
1997
- 1997-07-21 AU AU34663/97A patent/AU3466397A/en not_active Abandoned
- 1997-07-21 WO PCT/NL1997/000434 patent/WO1998003864A1/en not_active Ceased
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPS56118663A (en) * | 1980-02-22 | 1981-09-17 | Hitachi Ltd | Slime membrane thickness monitoring device |
| WO1991005999A2 (en) * | 1989-10-20 | 1991-05-02 | University Of Strathclyde | Apparatus for assessing a particular property in a medium |
| CH683375A5 (de) * | 1991-10-01 | 1994-02-28 | Vibro Meter Ag | Verfahren und Flüssigkeitsdetektor zur Erfassung der Anwesenheit, des Standes oder des Zustandes einer Flüssigkeit. |
| WO1993008466A1 (en) * | 1991-10-23 | 1993-04-29 | Niagara Mohawk Power Corporation | Multiple gas property sensor |
Non-Patent Citations (1)
| Title |
|---|
| PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 005, no. 196 (P - 093) 12 December 1981 (1981-12-12) * |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| WO1998003864A1 (en) | 1998-01-29 |
| AU3466397A (en) | 1998-02-10 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| EP1653771B1 (en) | Frequency detector | |
| US4602505A (en) | Apparatus for measuring viscosity | |
| US5043912A (en) | Apparatus for measuring the level of the interface between a first and a second medium in a reservoir | |
| NL8102368A (nl) | Industrieel procesregelinstrument. | |
| US4329875A (en) | Ultra sensitive liquid level detector and method | |
| EP0926473A2 (en) | Coriolis mass flow meter with two drivers | |
| CN100541221C (zh) | 弱磁场梯度测量装置及方法 | |
| NL1003654C2 (nl) | Werkwijze voor het meten van eigenschappen van media. | |
| US2522924A (en) | Supersonic inspection apparatus | |
| US3910101A (en) | Devices for measuring density | |
| US3443797A (en) | Instrument for measuring cavitation intensity in a liquid | |
| JPS5915837A (ja) | 高温流体の粘度測定装置 | |
| SU682796A1 (ru) | Устройство дл измерени сдвиговой в зкости и упругости сред | |
| CA3092018C (en) | Dissolution monitoring method and apparatus | |
| SU989384A1 (ru) | Вибрационный вискозиметр с автоматическим приведением измер емой в зкости к определенной температуре | |
| NL1010308C2 (nl) | Piëzo-elektrische viscositeitsmeter. | |
| SU1571457A1 (ru) | Устройство дл контрол пьезоэлектрических датчиков давлени | |
| SU1569563A1 (ru) | Устройство дл измерени объема вещества в емкости | |
| SU781766A1 (ru) | Устройство дл определени динамических характеристик механических систем | |
| SU298868A1 (ru) | Вибровискозиметр | |
| SU246081A1 (nl) | ||
| RU2089860C1 (ru) | Способ определения физических параметров газожидкостной системы и устройство для его осуществления | |
| SU924618A1 (ru) | Устройство дл измерени составл ющих комплексного сопротивлени датчиков | |
| SU320769A1 (ru) | Ультразвуковое устройство для контроля физических параметров твердых сред | |
| SU1702542A1 (ru) | Устройство дл измерени характеристик сжимаемости жидкости в камере |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| VD1 | Lapsed due to non-payment of the annual fee |
Effective date: 20030201 |