NL1009593C2 - Maaikorf. - Google Patents
Maaikorf. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1009593C2 NL1009593C2 NL1009593A NL1009593A NL1009593C2 NL 1009593 C2 NL1009593 C2 NL 1009593C2 NL 1009593 A NL1009593 A NL 1009593A NL 1009593 A NL1009593 A NL 1009593A NL 1009593 C2 NL1009593 C2 NL 1009593C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- mowing
- basket
- bucket
- collecting
- baskets
- Prior art date
Links
Classifications
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A01—AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
- A01D—HARVESTING; MOWING
- A01D34/00—Mowers; Mowing apparatus of harvesters
- A01D34/835—Mowers; Mowing apparatus of harvesters specially adapted for particular purposes
- A01D34/86—Mowers; Mowing apparatus of harvesters specially adapted for particular purposes for use on sloping ground, e.g. on embankments or in ditches
Landscapes
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Environmental Sciences (AREA)
- Harvester Elements (AREA)
Description
«
Nw 2179
Korte aanduiding: Maaikorf
De uitvinding heeft betrekking op een maaikorf volgens het inleidende gedeelte van conclusie 1.
Een dergelijke maaikorf is bekend uit de Nederlandse octrooiaanvrage 8200162. Dergelijke maaikorven worden 5 gebruikt voor het maaien en opruimen van kanten van sloten en andere wateren. Daarbij wordt de korf door middel van een kraanarm vanaf een voertuig op de wal of vanaf een vaartuig telkens langs een dwars op de oever gerichte baan vanaf het water naar de wal bewogen. De baan wordt daarbij zo gekozen, 10 dat althans een bepaald gedeelte van de langs de over groeiende planten wordt afgemaaid en in de korf wordt opgeschept. Eventueel kan ook aanhangend slib mee opgeschept worden. Het opgeschepte materiaal wordt vervolgens op de wal of in een laadbak gedeponeerd.
15 Telkens nadat een baan is behandeld wordt het voertuig of het vaartuig in langsrichting van de oever verplaatst totdat de maaikorf in positie is voor het behandelen van een volgende aangrenzende en bij voorkeur iets overlappende baan.
20 Er wordt reeds lang getracht de productiviteit van het maaien en opruimen van oevers te vergroten. Een manier waarop getracht wordt dit te bereiken, is het gebruik van een bredere maaikorf, bijvoorbeeld 5 meter breed in plaats van de gebruikelijke 2 tot 3 meter breed. Dergelijke brede 25 maaikorven zijn echter moeilijk manoeuvreerbaar, hetgeen vooral bezwaarlijk is indien langs de oever obstakels zoals bomen en palen staan en als de maaikorf over de weg vervoerd moet worden. Voor dit doel is in de genoemde Nederlandse octrooiaanvrage 8200162 voorgesteld, een deel van de 30 maaikorf afneembaar uit te voeren. De tijd die gemoeid is met het monteren en demonteren van het afneembare deel van de maaikorf doet de in beginsel haalbare productiviteitsverbetering echter voor ten minste een deel teniet.
1009593 -2-
Het is een doel van de uitvinding een alternatieve oplossing voor het verbeteren van de productiviteit te verschaffen, waaraan dergelijke bezwaren niet kleven.
Dit doel wordt volgens de onderhavige uitvinding 5 bereikt door een maaikorf van de in de aanhef aangeduide soort uit te voeren overeenkomstig het kenmerkende deel van. conclusie 1.
Doordat de opvangkorf ten opzichte van de maaibalk kiepbaar is voor het leegkiepen van de opvangkorf is het 10 niet nodig telkens de kraanarm te bedienen voor het kantelen van de gehele maaikorf en hoeft, althans indien de maaikorf zich in een geschikte, niet te ver achterover hellende uitgangsstand bevindt, alleen de relatief lichte opvangkorf gekanteld te worden om de maaikorf te legen. Hierdoor kan 15 het legen van de maaikorf telkens aanzienlijk sneller worden uitgevoerd. Doordat de opvangkorf relatief licht is, is het bovendien beter mogelijk eventueel gemaaid en opgeschept materiaal dat blijft hangen door schoksgewijze bediening alsnog uit de korf te laten vallen.
20 Een verder voordeel is, dat bij het legen van de maaikorf door het kiepen van de opvangkorf, de maaikorf niet naar het water toe beweegt zoals het geval is bij het kantelen van de maaikorf door de kraanarm te bewegen. Hierdoor wordt het afgemaaide en opgeschepte materiaal, 25 uitgaande van een gegeven positie van de maaikorf, verder van het water af gedeponeerd. De afstand waarover de maaikorf van het water af verplaatst moet worden voordat deze kan worden geleegd kan aldus in het algemeen kleiner worden gekozen dan bij toepassing van een conventionele 30 maaikorf. Een extra voordeel hiervan is, dat het traject van het voertuig meer naar het water toe kan worden gekozen, waardoor de oever tot verder van de wal af kan worden behandeld.
Bijzonder voordelige uitvoeringsvormen van de 35 uitvinding zijn beschreven in de afhankelijke conclusies.
] I 1009593
• I
-3-
Navolgend wordt de uitvinding nader geïllustreerd en toegelicht aan de hand van een uitvoeringsvoorbeeld, waarbij wordt verwezen naar de tekening. Daarbij is: fig. 1 een afgesneden vooraanzicht van een inrichting 5 volgens de uitvinding, fig. 2 een zijaanzicht volgens de lijn II-II in fig. , 1, fig. 3 een zijaanzicht overeenkomstig fig. 3 in een tweede bedrijfstoestand, en 10 fig· 4 een perspectivisch aanzicht van een langs de lijn IV-IV in fig. 1 afgesneden gedeelte van de maaikorf volgens fig. 1 in de bedrijfstoestand volgens fig. 3.
De in de tekening weergegeven maaikorf heeft twee in bedrijfstoestand in eikaars verlengde gelegen maaibalken 1, 15 2. met aan de voorzijde daarvan uitstekende maaltanden 3.
Achter de maaibalken 1, 2 zijn zich vanaf de maaibalken 1, 2 uitstrekkende opvangkorven 4, 5 gelegen voor het opvangen van maaigoed dat door de maaibalken 1, 2 is afgemaaid en dat over de maaibalken heen is gepasseerd. Een aantal van de 20 tanden 4 van de maaibalken 1, 2 is op een op zich bekende wijze in lengterichting van de maaibalken 1, 2 heen en weer beweegbaar langs stationair aan de maaibalken bevestigde tanden. Voor het aandrijven van de beweging van de heen en weer beweegbare tanden 4 is elk van maaibalken 1, 2 voorzien 25 van een hydromotor 6 die is gekoppeld aan een excenter-overbrenging 7 die op zijn beurt is gekoppeld aan messenbalken (niet afzonderlijk weergegeven) die de beweegbare van de tanden 4 dragen.
De maaikorf heeft verder een koppelstuk 8, dat is 30 ingericht om op een op zich bekende wijze aan een kraanarm van een trekker of een oever-opruimvaartuig te worden gekoppeld. De opvangkorven 4, 5 en de maaibalken 4, 5 worden gedragen door draagarmen 9, 10 die via ophangingselementen 11, 12 scharnierbaar zijn gekoppeld aan het koppelstuk 8.
35 Vanaf de uiteinden van de draagarmen 9, 10 steken afsluitplaten 13 uit die de uiteinden van de maaikorf 1009593 -4- afsluiten teneinde te voorkomen, dat afgemaaid en opgeschept materiaal zijwaarts uit de maaikorf valt.
Bij toepassing van een conventionele maaikorf wordt de maaikorf geleegd door deze voorover te kantelen totdat in de 5 maaikorf verzameld materiaal over de maaibalk heen uit de maaikorf valt. Deze kanteling van de maaikorf wordt daarbij, teweeggebracht door de kraanarm te bedienen. Het draaipunt van de maaikorf ligt daarbij, althans in het begin, op afstand boven de maaikorf, waardoor deze bij het voorover 10 kantelen weer naar het water toe beweegt. Dit brengt met zich mee, dat de maaikorf eerst extra ver van het water af verplaatst moet worden, voordat met het kantelen teneinde deze te legen kan worden begonnen. Verder vergt het kantelen van de maaikorf een aanzienlijke beweging van de gehele 15 maaikorf en een gedeelte van de kraanarm, waardoor dit betrekkelijk veel tijd vergt.
Zoals het duidelijkst blijkt uit de figuren 2-4, zijn bij de in de tekening voorgestelde maaikorf de opvangkorven 4,5 ten opzichte van de maaibalken 1, 2 kiepbaar voor het 20 leegkiepen van de opvangkorven 4, 5. Aldus kan, bijvoorbeeld uitgaande van de in fig. 2 weergegeven stand, waarin - na verplaatsing van de maaikorf langs een baan dwars op de oever - afgemaaid en opgeschept materiaal in de opvangkorf wordt vastgehouden, de maaikorf geleegd worden zonder de in 25 zijn geheel maaikorf te kantelen. Hierdoor kan de maaikorf sneller worden geleegd en valt het maaisel en eventueel ander opgeschept materiaal uitgaande van een gegeven uitgangsstand verder van het water af dan bij gebruik van een conventionele maaikorf het geval is.
30 Doordat voor het legen van de maaikorf alleen de opvangkorven 4, 5 heen en weer hoeven te worden bewogen, is het bovendien beter mogelijk deze schoksgewijs te bedienen om eventueel aanhangend materiaal los te schudden.
In principe kan de opvangkorf op verschillende 35 manieren worden bewogen om deze apart van de rest van de maaikorf te laten kantelen. Zo zou de opvangkorf voorwaarts 1009593 -5- over de maaikorf kunnen worden gekanteld om het verzamelde materiaal over de maaibalk heen te kiepen.
Bij de maaikorf volgens het voorgestelde voorbeeld zijn de opvangkorven, 4, 5 kiepbaar om een kantel-as 14 die 5 op afstand boven de maaibalken 1, 2 is gelegen, tussen een opvangstand (fig. 2) waarin een onderuiteinden van de opvangkorven 4, 5 aansluiten op de maaibalken 1, 2 en een loosstand (figuren 3 en 4) waarin de onderuiteinden van de opvangkorven 4, 5 op afstand achter de maaibalken 1, 2 zijn 10 gelegen. Dit biedt het voordeel, dat bij het legen van de maaikorf het verzamelde materiaal niet over de maaikorf heen hoeft te worden gestort, zodat het materiaal minder gelegenheid heeft aan delen van de maaikorf te blijven hangen.
15 De scharnierbaarheid van de opvangkorven 4, 5 ten opzichte van de maaibalken 1, 2 is bij de maaikorf volgens het getoonde voorbeeld op constructief eenvoudige wijze gerealiseerd, doordat de opvangkorven 4, 5 scharnierend zijn opgehangen aan de zich in hoofdzaak evenwijdig aan en op 20 afstand boven de maaibalken 4, 5 uitstrekkende draagbalken 9, 10. Dit biedt verder het voordeel, dat bij het kantelen van de opvangkorven 4, 5 een grote opening tussen die opvangkorven 4, 5 en de maaibalken 1, 2 ontstaat, door welke grote opening het verzamelde materiaal gemakkelijk gestort 25 van worden.
De scharnierbaarheid van de opvangkorven 4, 5 om de draagarmen 9, 10 is verkregen doordat de opvangkorven 4, 5 zijn voorzien van manchetten 15 die om de draagbalken 9, 10 draaibaar zijn en bij voorkeur aan de binnenkant bekleed 30 zijn met lagermateriaal zoals PTFE. De aldus uitgevoerde scharnieren zijn zeer robuust, weinig gevoelig voor vervuiling en vormen geen uitsteeksels die gemakkelijk achter een obstakel kunnen blijven haken of waarachter materiaal uit het oevergebied gemakkelijk kan blijven haken. 35 De draagbalken 9, 10 hebben elk een cirkelvormige buitenomtrek. Dit is voordelig voor de constructieve eenvoud van de balken - rekening houdend met het vereiste dat de 1009593 -6- manchetten 15 daaromheen moeten kunnen draaien - en biedt verder het voordeel, dat een torsiestijve constructie wordt verkregen.
Voor het verkleinen van de kans dat de maaikorf achter 5 obstakels blijft haken en voor het vereenvoudigen van de constructie is het verder voordelig, dat de draagbalk 9, 10, aan de buitenzijde omgebogen verlopende eindgedeeltes hebben die zich naar de maaibalken 1, 2 toe uitstrekken, zodat de maaikorf aan de bovenzijde afgeronde uiteinden heeft.
10 Zoals het duidelijkst blijkt uit fig. 4 hebben de opvangkorven 4, 5 elk een rekwerk samengesteld uit een aantal onderling evenwijdige, zich dwars op de maaibalken 1, 2 uitstrekkende stangen 16. Deze stangen 16 hebben aan de in gesloten toestand naar de maaibalken 1, 2 toe uitstekende 15 zijde ongesteunde, vrij uitstekende uiteinden. Hierdoor kan verzameld materiaal langs de stangen 16 uit de opvangkorven 4, 5 glijden zonder obstakels te ontmoeten waar het achter kan blijven haken. De opvangkorven hebben weliswaar verbindingsstrippen 17, 18 voor het onderling op hun plaats 20 houden van de stangen 16, maar deze strippen bevinden zijn geplaatst in een gebied waar de binnenzijde van de opvangkorven 4, 5 in gekantelde toestand omlaag gekeerd is, zodat dat gestort moet worden eenvoudig van deze strippen 17, 18 af kan vallen.
25 Doordat de getoonde maaikorf is voorzien van twee opvangkorven 4, 5 die in eikaars verlengde zijn gelegen, en van twee, elk aan een van de opvangkorven 4, 5 gekoppelde bedieningssystemen 20 voor het individueel tussen de opvangen de loosstand heen en weer bewegen van elk van de 30 opvangkorven 4, 5, is het mogelijk in de opvangkorven verzameld materiaal te storten in een laadbak, waarvan de grootste afmeting kleiner is dan de lengte van de maaikorf.
Teneinde te voorkomen dat bij het legen van de opvangkorven 4, 5 een belangrijk deel van het gemaaide en 35 opgenomen materiaal naast de laadbak valt, moet deze wel een grootste maat hebben die groter is dan de lengte van de afzonderlijk te bedienen opvangkorven 4, 5. Hiertoe wordt 1009593 -7- eerst de maaikorf zo boven de laadbak gebracht dat een van de opvangkorven 4, 5 zich boven de laadbak bevindt en wordt vervolgens die ene opvangkorf geopend, zodat het daarin verzamelde materiaal in de laadbak gelost wordt. Vervolgens 5 wordt de andere opvangkorf 4, 5 boven de laadbak gebracht en wordt ook die geopend om de rest van het verzamelde materiaal in de laadbak te storten. De bedieningssystemen 20 zijn ingericht om te worden gekoppeld aan (niet getoonde) hydraulische leidingen van een kraanarm.
10 De bedieningssystemen 20 zijn elk door middel van dubbele armen 25 met twee van de manchetten 15 verbonden, zodat de door de bedieningssystemen 20 uitgeoefende krachten tamelijk gelijkmatig over de breedte van de opvangkorven 4, 5 verdeeld ingeleid worden.
15 Hoewel de hiervoor beschreven aspecten van de in de tekening getoonde maaikorf zijn beschreven in samenhang met een maaikorf met twee opklapbare maaibalken 1, 2 die in bedrijfstoestand in eikaars verlengde zijn gelegen, kunnen deze aspecten ook met voordeel toegepast worden in 20 combinatie met een enkelvoudige maaibalk.
Doordat bij de voorgestelde maaikorf gedeeltes van de maaikorf om assen 21, 22 in hoofdzaak dwars op de maaibalken 1, 2 scharnierbaar zijn ten opzichte van een ander gedeelte 8 van de maaikorf, waarbij de maaibalken 1, 2 van die maai-25 korfgedeeltes in bedrijfstoestand in eikaars verlengde zijn gelegen wordt echter wel een maaikorf verkregen, waarvan de totale lengte gemakkelijk gereduceerd kan worden. Dit kan bijvoorbeeld van belang zijn om langs een obstakel dat langs een oever staat, zoals een boom of een paal, te kunnen 30 manoeuvreren of om transport over de weg veilig mogelijk te maken. Deze voordelen van een maaikorf met ten minste een opklapbaar maaikorfgedeelte kunnen overigens ook worden verkregen indien de opvangkorf of opvangkorven niet ten opzichte van de maaibalk of maaibalken kantelbaar is resp.
35 zijn voor het sneller legen van de maaikorf.
Voor het doen opklappen van de maaikorfgedeeltes om de scharnierassen 21, 22 is de maaikorf voorzien van twee 1009593 -8- bedieningscilinders 26, 27, die zich uitstrekken tussen scharnierbare bevestigingspunten 28, 29 resp. 30, 31 op de opklapbare maaikorfgedeeltes en het koppelstuk 8. Het is ook mogelijk een enkele cilinder tussen de bevestigingspunten 5 28, 30 op de opklapbare maaikorfgedeeltes toe te passen.
Het koppelstuk 8 en de scharnierbare gedeeltes van de, maaikorf zijn vóórzien van uitsteeksels in de vorm van pennen 23 en uitsparingen in de vorm van gaten 24 op afstand van de scharnier-assen 21, 22 die samenwerken voor het 10 onderling fixeren van het koppelstuk 8 en de scharnierbare gedeeltes van de maaikorf wanneer de scharnierbare gedeeltes van de maaikorf zich in de uitgeklapte maaistand bevinden, zoals het rechter maaikorfgedeelte in fig. 1. Op deze wijze wordt zodra de scharnierbare maaikorfgedeeltes de 15 bedrijfspositie bereiken een zeer stijve maaibalk verkregen. Meer in het bijzonder steken de pennen 23 uit in gaten 24 in de ophangingselementen 11, 12 wanneer de om de assen 21, 22 dwars op de maaibalken 1, 2 scharnierbare maaikorfgedeeltes zich in de uitgeklapte stand bevinden waarin oevers kunnen 20 worden gemaaid.
De scharnierassen 21, 22 dwars op de maaibalken 1, 2 waar de scharnierbare maaikorfgedeeltes om scharnierbaar zijn, zijn in bedrijfstoestand op minder dan 1/3 en bij voorkeur ongeveer 1/4 van de lengte van het scharnierbare 25 maaikorfgedeelte van het binnengelegen uiteinde van dat scharnierbare maaikorfgedeeltes gelegen. Hierdoor is het deel van het scharnierbare maaikorfgedeelte dat bij het opklappen omlaag beweegt betrekkelijk kort, zodat de scharnierbare maaikorfgedeeltes eenvoudig vrij van de bodem 30 kunnen worden gehouden. Anderzijds zijn de binnen de scharnierassen 21, 22 gelegen gedeeltes van de scharnierbare maaikorfgedeeltes zodanig lang, dat de in opgeklapte toestand omhoog uitstekende delen niet zo hoog uitsteken, dat het onder viaducten door en door tunnels passeren zou 35 worden bemoeilijkt.
De noodzaak van het aan elkaar koppelen van de j beweegbare messen van de opklapbare maaibalken 1, 2 is i i i * i 1009593 -9- voorkomen, doordat de ten opzichte van elkaar scharnierbare maaikorfgedeeltes elk zijn voorzien van een eigen aandrijving 6 voor het aandrijven van de maaibalk van het respectievelijke maaikorfgedeelte.
5 Bij de in de tekening getoonde maaikorf is de in twee delen opklapbare uitvoering van de maaikorf op eenvoudige „ wijze gecombineerd met de toepassing van individueel kantelbare opvangkorven 4, 5 doordat de ten opzichte van elkaar scharnierbare maaikorfgedeeltes elk zijn voorzien van 10 een bijbehorende opvangkorf 4, 5, welke opvangkorven 4, 5 in bedrijfstoestand voor het maaien in eikaars verlengde zijn gelegen, en van elk aan een van de opvangkorven 4, 5 gekoppelde bedieningssystemen 20 voor het individueel tussen de opvang- en de loosstand heen en weer bewegen van elk van 15 de opvangkorven 4, 5.
1009593
Claims (13)
1. Maaikorf omvattende een maaibalk (1, 2) met aan de voorzijde daarvan uitstekende maaltanden (3) en een achter de maaibalk (1, 2) gelegen, zich vanaf de maaibalk (1, 2) uitstrekkende opvangkorf (4, 5) voor het opvangen van 5 maaigoed dat door de maaibalk (1, 2) is afgemaaid en over de maaibalk (1, 2) heen is gepasseerd, met het kenmerk, dat de opvangkorf (4, 5) ten opzichte van de maaibalk (1, 2) kiepbaar is voor het leegkiepen van de opvangkorf (4, 5).
2. Maaikorf volgens conclusie 1, waarbij de opvangkorf 10 (4, 5) kiepbaar is om een kantel-as (14) die op afstand boven de maaibalk (1, 2) is gelegen, tussen een opvangstand waarin een onderuiteinde van de opvangkorf (4, 5) aansluit op de maaibalk (1, 2) en een loosstand waarin het onderuiteinde van de opvangkorf (4, 5) op afstand achter de 15 maaibalk (1, 2) is gelegen.
3. Maaikorf volgens conclusie 2, waarbij de opvangkorf (4, 5) scharnierend is opgehangen aan een zich in hoofdzaak evenwijdig aan en op afstand boven de maaibalk (1, 2) uitstrekkende draagbalk (9, 10).
4. Maaikorf volgens conclusie 3, waarbij de opvangkorf (4, 5) is voorzien van ten minste een manchet (15) die om de draagbalk (9, 10) draaibaar is.
5. Maaikorf volgens conclusie 4, waarbij de draagbalk (9, 10) een cirkelvormige buitenomtrek heeft.
6. Maaikorf volgens een der conclusies 3-5, waarbij de draagbalk (9, 10) veen omgebogen eindgedeelte heeft dat zich naar de maaibalk (1, 2) toe uitstrekt.
7. Maaikorf volgens een der conclusies 2-6, waarbij de opvangkorf (4, 5) een rekwerk samengesteld uit een aantal 30 onderling evenwijdige, zich dwars op de maaibalk (1, 2) uitstrekkende stangen (16) omvat, en waarbij de stangen (16) aan de in gesloten toestand naar de maaibalk (1, 2) toe 1009533 i -11- uitstekende zijde ongesteunde, vrij uitstekende uiteinden hebben.
8. Maaikorf volgens een der voorgaande conclusies, omvattende ten minste twee van genoemde opvangkorven (4, 5) 5 die in eikaars verlengde zijn gelegen, en ten minste twee, elk aan een van genoemde opvangkorven (4, 5) gekoppelde bedieningssystemen (20) voor het individueel tussen de opvang- en de loosstand heen en weer bewegen van elk van de genoemde opvangkorven (4, 5).
9. Maaikorf volgens een der voorgaande conclusies, waarbij ten minste een gedeelte van de maaikorf om een as (21, 22) in hoofdzaak dwars op de maaibalk (1, 2) scharnierbaar is ten opzichte van een ander gedeelte van de maaikorf en waarbij de maaibalken (1, 2) van genoemde 15 maaikorfgedeeltes in bedrijfstoestand in eikaars verlengde zijn gelegen.
10. Maaikorf volgens conclusie 9, omvattende een koppelstuk (8) voor koppeling van de maaikorf aan een arm van een kraan, waarbij het ten minste ene scharnierbare 20 gedeelte van de maaikorf scharnierend om een scharnier-as (21, 22) is opgehangen aan genoemd koppelstuk (8) en waarbij het koppelstuk (8) en het ten minste ene scharnierbare gedeelte van de maaikorf zijn voorzien van uitsteeksels (23) en uitsparingen (24) op afstand van genoemde scharnier-as 25 (21, 22) die samenwerken voor het onderling fixeren van het koppelstuk (8) en het ten minste ene scharnierbare gedeelte van de maaikorf wanneer het ten minste ene scharnierbare gedeelte van de maaikorf zich in de uitgeklapte maaistand bevindt.
11. Maaikorf volgens conclusie 9 of 10, omvattende een koppelstuk (8) voor koppeling van de maaikorf aan een arm van een kraan, waarbij het ten minste ene scharnierbare gedeelte van de maaikorf scharnierend om een scharnier-as (21, 22) is opgehangen aan genoemd koppelstuk (8), welke 35 scharnieras (21, 22) in bedrijfstoestand op minder dan 1/3 van de lengte van het maaikorfgedeelte van het binnengelegen uiteinde van het scharnierbare maaikorfgedeelte is gelegen. 1009593 -12-
12 Maaikorf volgens een der conclusies 9-11, waarbij genoemde, ten opzichte van elkaar scharnierbare maaikorfgedeeltes elk zijn voorzien van een eigen aandrijving (6) voor het aandrijven van de maaibalk (1, 2) 5 van het respectievelijke maaikorfgedeelte.
13. Maaikorf volgens conclusie 12, waarbij genoemde, ten opzichte van elkaar scharnierbare maaikorfgedeeltes elk : zijn voorzien van: een bijbehorende opvangkorf (4, 5), welke opvangkorven 10 (4, 5) in bedrijfstoestand voor het maaien in eikaars verlengde zijn gelegen, en van elk aan een van genoemde opvangkorven (4, 5) gekoppelde bedieningssystemen voor het individueel tussen de opvang- en de loosstand heen en weer bewegen van elk van de 15 genoemde opvangkorven (4, 5). :i r j 1009593
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1009593A NL1009593C2 (nl) | 1998-07-08 | 1998-07-08 | Maaikorf. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1009593 | 1998-07-08 | ||
| NL1009593A NL1009593C2 (nl) | 1998-07-08 | 1998-07-08 | Maaikorf. |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1009593C2 true NL1009593C2 (nl) | 2000-01-11 |
Family
ID=19767451
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1009593A NL1009593C2 (nl) | 1998-07-08 | 1998-07-08 | Maaikorf. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL1009593C2 (nl) |
Cited By (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| CN108476715A (zh) * | 2018-03-29 | 2018-09-04 | 合肥俊刚机械科技有限公司 | 一种自收草型草坪修剪机 |
| WO2025122007A1 (en) | 2023-12-08 | 2025-06-12 | Mol Adrianus Anthonius | Symmetrically mounted mower bucket for mowing trenches etc. |
Citations (7)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE1482014B1 (de) * | 1963-09-04 | 1970-08-27 | Den Herder Geb | Maehvorrichtung,insbesondere zum Reinigen von Wassergraeben |
| GB1269448A (en) * | 1970-09-04 | 1972-04-06 | Brian Redvers Moyses | Roding bucket |
| GB1491467A (en) * | 1975-03-27 | 1977-11-09 | Bradshaw & Son Ltd B | Weed-cutting buckets and machines carrying such buckets |
| DE3300974A1 (de) * | 1982-01-15 | 1983-07-28 | Cornelis van Moordrecht Veelen | Maehkorb |
| DE8808769U1 (de) * | 1988-07-08 | 1988-08-25 | K. u. K. Mähtechnik GmbH, 3012 Langenhagen | Mähwerk |
| SU1615289A1 (ru) * | 1989-01-02 | 1990-12-23 | Всесоюзный Научно-Исследовательский Институт Землеройного Машиностроения | Рабочее оборудование дл окашивани каналов |
| US5447018A (en) * | 1993-06-03 | 1995-09-05 | Triton Marine Industries Inc. | Aquatic plant de-rooting apparatus |
-
1998
- 1998-07-08 NL NL1009593A patent/NL1009593C2/nl not_active IP Right Cessation
Patent Citations (8)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE1482014B1 (de) * | 1963-09-04 | 1970-08-27 | Den Herder Geb | Maehvorrichtung,insbesondere zum Reinigen von Wassergraeben |
| GB1269448A (en) * | 1970-09-04 | 1972-04-06 | Brian Redvers Moyses | Roding bucket |
| GB1491467A (en) * | 1975-03-27 | 1977-11-09 | Bradshaw & Son Ltd B | Weed-cutting buckets and machines carrying such buckets |
| DE3300974A1 (de) * | 1982-01-15 | 1983-07-28 | Cornelis van Moordrecht Veelen | Maehkorb |
| NL8200162A (nl) | 1982-01-15 | 1983-08-01 | Cornelis Van Veelen | Maaikorf. |
| DE8808769U1 (de) * | 1988-07-08 | 1988-08-25 | K. u. K. Mähtechnik GmbH, 3012 Langenhagen | Mähwerk |
| SU1615289A1 (ru) * | 1989-01-02 | 1990-12-23 | Всесоюзный Научно-Исследовательский Институт Землеройного Машиностроения | Рабочее оборудование дл окашивани каналов |
| US5447018A (en) * | 1993-06-03 | 1995-09-05 | Triton Marine Industries Inc. | Aquatic plant de-rooting apparatus |
Non-Patent Citations (1)
| Title |
|---|
| DATABASE WPI Section PQ Week 9135, Derwent World Patents Index; Class P12, AN 91-258660, XP002096295 * |
Cited By (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| CN108476715A (zh) * | 2018-03-29 | 2018-09-04 | 合肥俊刚机械科技有限公司 | 一种自收草型草坪修剪机 |
| WO2025122007A1 (en) | 2023-12-08 | 2025-06-12 | Mol Adrianus Anthonius | Symmetrically mounted mower bucket for mowing trenches etc. |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| EA004464B1 (ru) | Уборочная насадка | |
| US6092316A (en) | Ejector apparatus for an earth moving scraper bowl | |
| EP0690177B1 (en) | Cleaning apparatus | |
| US5940996A (en) | Material ejecting loader bucket | |
| US3540195A (en) | Mowing machines | |
| NL8901717A (nl) | Rooier. | |
| US4393608A (en) | Land forming and earth moving equipment | |
| NL1006945C2 (nl) | Werktuigdrager. | |
| NL1015647C2 (nl) | Oogstinrichting voor het rooien van gewassen. | |
| PL84963B1 (nl) | ||
| NL1011989C2 (nl) | Hooibouwmachine. | |
| US3912016A (en) | Hydraulically powered root and soil separating and windrowing apparatus | |
| BE1024692B1 (nl) | Rooimachine | |
| CN217706187U (zh) | 一种船舱清舱设备 | |
| US4359854A (en) | Tractor drawn harvesting combine | |
| NL2000173C2 (nl) | Inrichting voor het verwerken van ruwvoer voor vee. | |
| GB1567939A (en) | Mowers | |
| NL1006275C2 (nl) | Inrichting voor het verwerken van veevoer. | |
| NL8200162A (nl) | Maaikorf. | |
| NL8203236A (nl) | Silage waggon. | |
| NL1002916C2 (nl) | Inrichting voor het verwijderen van een kluit omvattende boom alsmede een dergelijke werkwijze. | |
| NL1004995C2 (nl) | Inrichting en werkwijze voor het mengen van veevoer. | |
| NL8502124A (nl) | Inrichting voor het verplaatsen van materiaal. | |
| US1314762A (en) | Snow-plow and snow-loadeb | |
| WO2026029672A1 (en) | Combination of a towing vehicle and a loading device |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| VD1 | Lapsed due to non-payment of the annual fee |
Effective date: 20030201 |