NL1013678C2 - Pompinrichting met riemaandrijving. - Google Patents

Pompinrichting met riemaandrijving. Download PDF

Info

Publication number
NL1013678C2
NL1013678C2 NL1013678A NL1013678A NL1013678C2 NL 1013678 C2 NL1013678 C2 NL 1013678C2 NL 1013678 A NL1013678 A NL 1013678A NL 1013678 A NL1013678 A NL 1013678A NL 1013678 C2 NL1013678 C2 NL 1013678C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
pumping
driving
pump
chamber
rotor
Prior art date
Application number
NL1013678A
Other languages
English (en)
Other versions
NL1013678A1 (nl
Inventor
Kunifumi Goto
Kiyoshi Uetsuji
Satoshi Furuhashi
Osamu Uchiyama
Original Assignee
Toyoda Automatic Loom Works
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Toyoda Automatic Loom Works filed Critical Toyoda Automatic Loom Works
Publication of NL1013678A1 publication Critical patent/NL1013678A1/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL1013678C2 publication Critical patent/NL1013678C2/nl

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F04POSITIVE - DISPLACEMENT MACHINES FOR LIQUIDS; PUMPS FOR LIQUIDS OR ELASTIC FLUIDS
    • F04CROTARY-PISTON, OR OSCILLATING-PISTON, POSITIVE-DISPLACEMENT MACHINES FOR LIQUIDS; ROTARY-PISTON, OR OSCILLATING-PISTON, POSITIVE-DISPLACEMENT PUMPS
    • F04C29/00Component parts, details or accessories of pumps or pumping installations, not provided for in groups F04C18/00 - F04C28/00
    • F04C29/0042Driving elements, brakes, couplings, transmissions specially adapted for pumps
    • F04C29/005Means for transmitting movement from the prime mover to driven parts of the pump, e.g. clutches, couplings, transmissions

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Applications Or Details Of Rotary Compressors (AREA)

Description

Nr. 1013678
POMPINRICHTING MET RIEMAANDRIJVING
1. Gebied van de uitvinding
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een pompinrichting waarin een multiaxiaal gas-comprimerend 5 pomptype wordt aangedreven door een roterende aandrijvende inrichting zoals een motor, teneinde daardoor een pompwerking te vertonen.
2. Beschrijving van de stand der techniek 10
In een algemeen verkrijgbare pompinrichting wordt gewoonlijk een biaxiaal gas-comprimerend type pomp met een motor geïntegreerd. Een dergelijke biaxiaal gas-comprimerend type pomp omvat een behuizing met ten 15 minste één pompkamer met een luchtinlaat en een luchtuit-laat. In de pompkamer of de pompkamers is een paar rotoren verschaft welke aangebracht zijn om respectievelijk wederzijds twee parallelle assen voor rotatie te vormen, met een kleine spleet tussen de rotoren. In een huis van een 20 enkeltraps biaxiaal gas-comprimerend type pomp zijn de luchtinlaat en de luchtuitlaat van de pompkamer geopend. In een huis van een meertraps biaxiaal gas-comprimerend type pomp: de luchtuitlaat van de voorste pompkamer is geopend; een verdelingswand met een relatief lange axiale 25 lengte is gevormd tussen voorafgaande pomptrapkamers en 1013678 2 opvolgende pomptrapkamers; de luchtuitlaat van de voorafgaande pomptrapkamer wordt omgedraaid in de verdelingswand tot ongeveer 180° teneinde achtereenvolgens in verbinding te staan met de luchtinlaat van de opvolgende pomptrapka-5 mer; en de luchtuitlaat van de laatste pompkamer wordt geopend. Verder wordt een aandrijvende as die zich uit-strekt vanaf het lichaam van de motor voor roterende aandrijving verbonden met één van twee assen van het biaxiaal gas-comprimerende pomptype. Een aandrijvend 10 drijfwerk is bevestigd aan een uiteinde van de ene as van het biaxiaal gas-comprimerende pomptype waaraan de aandrijvende as van de motor is verbonden, en dit aandrijvend drijfwerk is gekoppeld met een aandrijvend drijfwerk dat is bevestigd aan een uiteinde van de andere as van het bi-15 axiaal gas-comprimerende pomptype teneinde aldus daarop rotatie over te brengen.
Wanneer het de bedoeling is aldus een pompin-richting te gebruiken teneinde een vacuüm te produceren binnen een kamer om dezelfde te veranderen in een geredu-20 ceerde drukkamer, wordt de luchtinlaat van het biaxiaal gas-comprimerende pomptype geopend in de binnenkant van de kamer terwijl de luchtuitlaat van de pomp geopend wordt in de atmosfeer of soortgelijk. Verder wordt het biaxiaal gas-comprimerende pomptype aangedreven door zijn motor. Op 25 deze wijze worden de rotoren geroteerd in de pompkamer van het biaxiaal gas-comprimerende pomptype waarbij een kleine spleet tussen de paarsgewijze rotoren wordt gehouden, zodat een pompwerking uitgevoerd wordt binnen de pompkamer, van het biaxiaal gas-comprimerende pomptype, teneinde 30 de lucht van de kamer naar de atmosfeer te bewegen teneinde daardoor een vacuüm in de kamer te produceren.
In de hiervoor beschreven conventionele pompin-richting is echter het aandrijvende drijfwerk bevestigd aan het uiteinde van één as van de biaxiaal gas-comprimé-35 rende pomptype welke gekoppeld is aan de aandrijvende as van de motor, en het aandrijvende drijfwerk is gekoppeld met het aangedreven drijfwerk dat is bevestigd aan het 1013679 ψ 3 uiteinde van de andere as van het biaxiaal gas-comprimerende pomptype, teneinde daardoor de rotatie van de aandrijvende as over te brengen op de assen van de Roots-pomp. Als zodanig is het bij dit type pompinrichting nodig 5 de aandrijvende en aangedreven drijfwerken te smeren met een smeermiddel. Teneinde vervuiling ten gevolge van dit smeermiddel te voorkomen, is het op zijn beurt vereist een hoge mate van afdichting in een drij fwerkkamer waarin de aandrijvende en aangedreven drijfwerken zijn onderge-10 bracht, te handhaven, waardoor een fabricagekostentoename wordt veroorzaakt. Verder wordt dit soort smeermiddel verbruikt en aangetast door wrijvingswarmte zodat onderhoud, zoals toevoeging of wisseling van smeermiddel, onvermijdelijk is, waardoor een onderhoudskostentoename 15 veroorzaakt wordt. Verder is het onvermijdelijk voor de aandrijvende en aangedreven drijfwerken relatief dikke aandrijvingen toe te passen omdat zij direct zullen aangrijpen op elkaar voor overdracht van rotatie, zodat de drij fwerkkamer een bepaalde axiale lengte zal benodigen 20 welke de gehele lengte van de pompinrichting vergroot, dat voor dezelfde een probleem voor de afmeting van installa-tieruimte (voetruimte) oplevert. Bovendien heeft het drijfwerk van het aandrijvende drijfwerk met het aangedreven drijfwerk de neiging geluid te veroorzaken, hetgeen 25 een probleem vormt.
Beschrijving van de uitvinding
De onderhavige uitvinding is gedaan met het oog 30 op de hierboven beschreven omstandigheden, en het is daarom een doel van de onderhavige uitvinding een pompinrichting te verschaffen welke een reductie in de fabricage en de onderhoudskosten kan realiseren, kan bijdragen aan de reductie van installatieruimte, en weinig geluid maakt. 35 Om het bovenstaande doel te bereiken, verschaft de onderhavige uitvinding een pompinrichting, omvattende: een multiaxiaal gas-comprimerend pomptype omvattende: een 1 P 4 0 2 7 O-’n I U i ,j ö f o ™ 4 huis met ten minste een pompkamer met een luchtinlaat en een luchtuitlaat; een meervoud aan wederzijds parallelle assen, en rotoren opgesteld in de pompkamer en aangebracht op de assen voor rotatie met een kleine spleet tussen de 5 rotoren; een roterende aandrijvende inrichting dat is verschaft aangrenzend aan het multiaxiaal gas-comprimeren-de pomptype; en een bedekkend verbindingsstukdrijfwerk omvattende: een aandrijvende rotor bevestigd aan één van de aandrijvende assen; aangedreven rotoren die zijn beves-10 tigd aan de andere as; en een bedekkend verbindingsstuk dat is gewikkeld om de aandrijvende rotor en aangedreven rotor teneinde aldus de rotatie van de aandrijvende rotor over te brengen op de aangedreven rotor, en waarbij het bedekkende verbindingsstukdrijfwerk rotatie steek voor 15 steek kan overbrengen..
In de pompinrichting van de onderhavige uitvinding wordt de rotatie van de aandrijvende rotor overgebracht op de aangedreven rotor door middel van het bedekkende verbindingsstuk, teneinde daardoor de rotatie van de 20 aandrijvende as van de rotoraandrijvende inrichting over te brengen op de assen van het multiaxiaal gas-comprime-rende pomptype. Aldus is het niet altijd noodzakelijk te letten op vervuiling van smeermiddel in de pompinrichting van de onderhavige uitvinding, omdat deze geen conventio-25 nele aandrijvende en aangedreven drijfwerken gebruikt welke absoluut smering met een smeermiddel benodigen. Aldus wordt het niet meer noodzakelijk een betere afdichting in de transmissiekamer te handhaven zodat een O-ring weggelaten kan worden in de transmissiekamer waarin het 30 bedekkend verbindingsstukdri j fwerk met de aandrijvende rotor, de aangedreven rotor en het bedekkend verbindingsstuk onder zijn gebracht. Verder is onderhoud zoals toevoegen of wisselen van smeermiddel niet altijd benodigd. Verder kunnen, omdat de rotatie tussen de aandrijvende 35 rotor en aangedreven rotor overgebracht wordt via het bedekkende verbindingsstuk, deze rotoren relatief geringe dikten hebben, daardoor de verkorting van axiale lengte 1013678 5 van de transmissiekamer realiserend, derhalve van de gehele lengte van de inrichting. Verder zijn, omdat de aandrijvende rotor voor het verschaffen van een aandrijvende kracht en de aangedreven rotor voor ontvangen van 5 deze onderling verbonden zijn door het bedekkende verbindingsstuk, deze rotoren niet direct gekoppeld met elkaar, hetgeen resulteert in minder geluid.
Aldus kan de pompinrichting volgens de onderhavige uitvinding reductie in de fabricage- en onderhouds-10 kosten realiseren, bijdragen aan reductie van installatie-ruimte, en weinig geluid hebben.
Als een steekoverdragend bedekkend verbindings-stukdrijfwerk is het mogelijk de combinatie van de getande wielen als de aandrijvende rotor en de aangedreven rotor 15 toe te passen en een getande transmissieriem (timing riem) als het bedekkend verbindingsstuk toe te passen, of een combinatie van kettingwielen als aandrijvende rotor en aangedreven rotor en een ketting als bedekkend verbindingsstuk. Op deze manier kan een pompwerking uitgevoerd 20 worden zonder slippen op een gelijkmatigere manier dan het geval waar riemschijven toegepast zijn als de aandrijvende rotor en de aangedreven rotor en een vlakke riem toegepast wordt als het bedekkende verbindingsstuk.
In de pompinrichting volgens de onderhavige uit-25 vinding omvatten de aandrijvende rotor en de aangedreven rotor riemschijven, en het bedekkende verbindingsstuk omvat een riem.
Verder zijn, in de pompinrichting van de onderhavige uitvinding, de aandrijvende rotor en aangedreven 30 rotor bij voorkeur gemaakt van kunststof en is het bedekkende verbindingsstuk bij voorkeur gemaakt van rubber. Op deze manier treedt geen glijding van metaal tegen metaal op, zodat smeermiddel weggelaten kan worden en geluid verder gereduceerd wordt.
35 Bovendien is, in de pompinrichting van de onder havige uitvinding, het bedekkend verbindingsstukdrijfwerk bij voorkeur voorzien tussen de multiaxiaal gas-comprime- 101387 β 6 rend type pomp en de roterende aandrijfinrichting. In deze pompinrichting, wordt de rotatie van de aandrijvende as van de roterende aandrijvende inrichting overgebracht op assen van het multiaxiaal gas-comprimerende pomptype via 5 het bedekkende verbindingsstukdrijfwerk. Aldus wordt minder torsie uitgeoefend op de assen van de multiaxiaal gas-comprimerend type pomp, en de rotoren worden beslist geroteerd in de pompkamer teneinde daardoor de pompwerking gelijkmatig uit te voeren.
10 Nog verder heeft, in de pompinrichting van de onderhavige uitvinding, wanneer de ten minste ene pompkamer een meervoud aan pompkamers omvat, de voorste pompkamer van het meervoud aan pompkamers bij voorkeur een luchtinlaat die is geopend op een positie het verst ver-15 wijderd van het bedekkend verbindingsstukdrijfwerk, en de laatste pompkamer van het meervoud aan pompkamers heeft bij voorkeur een luchtuitlaat geopend op een positie het dichtst bij het bedekkend verbindingsstukdrijfwerk. Op deze manier wordt stof van buiten ten gevolge van het 20 bedekkende verbindingsstukdrijfwerk zelden verspreid in de kamer naar welke de luchtinlaat van de voorste pompkamer toe is geopend. Zelfs wanneer een kleine hoeveelheid smeermiddel wordt gebruikt, wordt dat smeermiddel zelden verspreid in de kamer naar welke de luchtinlaat van de 25 voorste pompkamer toe is geopend. Zo kan de omgeving in de kamer passend gehandhaafd blijven.
Korte omschrijving van de tekeningen 30 De onderhavige uitvinding zal duidelijker worden uit de volgende beschrijving van de voorkeursuitvoeringsvormen, met betrekking tot de bijgevoegde tekeningen, in welke:
Figuur 1 een longitudinaal dwarsdoorsnedeaan-35 zicht is van een voorkeursuitvoeringsvorm van een meer-trapspompinrichting volgens de onderhavige uitvinding; figuur 2 een dwarsdoorsnedeaanzicht is van de ί 0 1 33 7 8'^ 7 meertrapspompinrichting uit figuur 1 langs de lijn II-II uit figuur 1; figuur 3 een dwarsdoorsnedeaanzicht is van de meertrapspompinrichting uit figuur 1 langs de lijn III-III 5 uit figuur 1; figuur 4 een dwarsdoorsnedeaanzicht is van de meertrapspompinrichting uit figuur 1 langs de lijn IV-IV uit figuur 1; figuur 5 een dwarsdoorsnedeaanzicht is van de 10 meertrapspompinrichting uit figuur 1 langs de lijn V-V uit figuur 1/ en figuur 6 een bovenaanzicht is van de meertrapspompinrichting uit figuur 1.
15 Gedetailleerde beschrijving van de voorkeursuitvoerinas-vonn
De onderhavige uitvinding zal hierna beschreven worden met betrekking tot de uitvoeringsvorm van een meer-20 trapspompinrichting volgens de onderhavige uitvinding.
In deze meertrapspompinrichtng is een meertraps Roots-pomp P verschaft welke dient als een meertraps multiaxiaal gas-comprimerend pomptype, welke geïntegreerd is met een motor M welke dient als een roterend aandrij-25 vende inrichting, zoals getoond is in figuur 1. In deze meertraps Roots-pomp P, zijn eerste tot zesde cilinder-blokken 1 tot 6 opeenvolgend gestapeld met tussenplaatsen van respectieve O-ringen tussen twee naburige cilinder-blokken, welke cilinderblokken samen met een voorste 30 oppervlakplaat lc, verschaft op de eerste cilinderblokzij-de 1, aan elkaar worden vastgemaakt door middel van door-loopbouten (niet getoond). Deze eerste tot zesde cilinderblokken 1 tot 6 en de achterste oppervlakplaat lc vormen samen een deel van het huis.
35 Elk van de eerste tot vijfde cilinderblokken 1 tot 5 heeft twee horizontale axiale gaten welke zich uitstrekken door het cilinderblok parallel aan elkaar, de 8 één boven de ander. Een eerste as 7 en een tweede as 8 zijn opgesteld in de respectievelijke axiale gaten. Draag-mechanismen la en lb zijn opgesteld in de axiale gaten van het eerste cilinderblok 1 welke de eerste en tweede assen 5 7 en 8 ondersteunt, en deze draagmechanismen la en lb worden bedekt door de achteroppervlakplaat lc.
Zoals getoond in figuur 2 heeft het tweede cilinderblok 2 een pompkamer 2a die is gevormd als een holte van de achterkant en een groef is voorzien om de 10 pompkamer 2a voor opnemen van de 0-ring. Een eerste rotor 9 die is aangebracht op de laagste eerste as 7 en een tweede rotor 10 op de bovenste tweede as 8 zijn opgesteld in de pompkamer 2a. De eerste en tweede rotoren 9 en 10 zijn aangepast teneinde te roteren met een kleine spleet 15 daartussen. Het tweede cilinderblok 2 heeft een luchtin-laat 2b en een luchtuitlaat 2c horizontaal gevormd door het tweede cilinderblok 2; de inlaat 2b staat in verbinding met de pompkamer 2a teneinde daardoor lucht te zuigen en de uitlaat 2c staat in verbinding met de pompkamer 2a 20 teneinde de lucht af te voeren tijdens de rotatie van de eerste en tweede rotoren 9 en 10.
Zoals getoond in figuur 4 heeft het vierde cilinderblok 4 getoond in figuur 1 ook een pompkamer 4a gevormd als een holte van de achterkant, en eerste en 25 tweede rotoren 11 en 12 zijn opgesteld in de pompkamer 4a, op een soortgelijke wijze als de hierboven beschreven rotoren 9 en 11. Verder heeft het vierde cilinderblok 4 een luchtinlaat 4b en een luchtuitlaat 4c, welke zich horizontaal uitstrekken door het vierde cilinderblok 4 op 30 een soortgelijke wijze als hierboven. Echter moet opgemerkt worden dat de axiale lengte van de pompkamer 2a als een voorgaande trap in het tweede cilinderblok 2 langer is dan die van de pompkamer 4a als een opvolgende trap in vierde cilinderblok 4. De axiale lengten van de eerste en 35 tweede rotoren 9-10, en 11-12 worden verschillend vastgesteld om te corresponderen met die van de pompkamers 2a en 4a.
101 367 8^f 9
Zoals getoond in figuur 3 heeft het derde cilin-derblok 3 getoond in figuur 1 een luchtleiding 3a die horizontaal is gevormd door het derde cilinderblok 3.
Lagermechanismen 5a en 5b zijn gevormd in de 5 axiale gaten van het vijfde cilinderblok 5 getoond in figuur 1 teneinde de eerste en tweede assen 7 en 8 te steunen.
Zoals getoond in figuren 1 en 5 heeft het zesde cilinderblok een transmissiekamer 6a gevormd als een holte 10 van de achterkant. In de transmissiekamer 6a is een aandrijvend wiel 21 welke dient als een aandrijvende rotor gemaakt van kunststof bevestigd aan de eerste as 7, en een aangedreven wiel 22 welke dient als een aangedreven rotor gemaakt van kunststof, is bevestigd aan de tweede as 8. 15 Het aandrijvende wiel 21 en het aangedreven wiel 22 omvatten schroeven (niet getoond) tussen de eerste en tweede as 7 en 8 en de respectievelijke wielen 21 en 22, voor het mogelijk maken van verstelling van axiale posities van de wielen. Een derde as 20 is voorzien parallel aan de eerste 2 0 en tweede assen 7 en 8 en strekt zich uit tussen het vijfde cilinderblok 5 en het zesde cilinderblok 6, en deze derde as 20 heeft beide einden ondersteund door aslagers (niet getoond) in de respectievelijke vijfde en zesde cilinderblokken 5 en 6. Een passief wiel 23 gemaakt van 25 kunststof is bevestigd aan de derde as 20. Alle van deze aandrijvende wielen 21, het aangedreven wiel 22 en het passieve wiel 23 zijn getande wielen, en de tandsteken van respectieve wielen zijn identiek aan elkaar. Een "timende" riem 24 die is gemaakt van rubber als een drijfwerk met 3 0 een omgeslagen verbinding, is gewonden om het aandrijvende wiel 21 en het passieve wiel 23, en het aangedreven wiel 22 is gepositioneerd buiten de loep van deze "timende" riem 24. Deze "timende" riem 24 heeft buitenste en binnenste zijden beide gevormd met tanden waarvan de steken 35 identiek zijn met die van het aandrijvende wiel 21. Op deze manier zijn het aandrijvende wiel 21 en het passieve wiel 23 roteerbaar gemaakt in dezelfde richting, terwijl 10133 78^ 10 het aangedreven wiel 22 roteerbaar is gemaakt in een richting tegenovergesteld aan die van het aandrijvende wiel 21 en het passieve wiel 23. Het aandrijvende wiel 21, het aangedreven wiel 22, het passieve wiel 23 en de "timende" 5 riem 24 vormen tezamen een drijfwerk met een omgeslagen verbinding.
Verder is, getoond in figuur 1, een aandrijvend lichaam 30 van de motor M bevestigd aan het zesde cilin-derblok 6 door bouten (niet getoond), en de eerste as 7 is 10 gekoppeld aan een aandrijvende as 31 welke zich uitstrekt van en aangedreven wordt door de motor M. Het einde van de aandrijvende as 31 en het einde van de eerste as 7 zijn aangebracht in het gat in de naad van het aandrijvende wiel 21 in een aangrenzende verhouding en bevestigd aan 15 het aandrijvende wiel 21 door een spie 32.
Zoals getoond in figuur 6 zijn eerste en tweede platen 16 en 17 vastgemaakt aan de laterale zijden van de tweede tot vierde cilinderblokken 2 tot 4 via respectievelijke pakkingen 18 en 19, door bouten (niet getoond), 20 zoals ook getoond in figuren 2 tot 4. De eerste en tweede platen 16 en 17 vormen de rest van het hiervoor genoemde huis.
Zoals getoond in figuren 2, 3 en 6 heeft de tweede plaat 17 een luchtinlaat 17a die horizontaal is 25 gevormd door de tweede plaat 17 en in verbinding met de luchtinlaat 2b van het tweede cilinderblok 2. De eerste plaat 16 heeft een communicatiegroef 16a daarin gevormd als een holte en in verbinding staand met de luchtuitlaat 2c van het tweede cilinderblok 2 en met de luchtleiding 3a 30 van het derde cilinderblok 3. Verder heeft, zoals getoond in figuren 3, 4 en 6, de tweede plaat 17 een communicatiegroef 17b gevormd als een holte daarin en in verbinding staand met de luchtleiding 3a van het derde cilinderblok 3 en met de luchtinlaat 4b van het vierde cilinderblok 4, en 35 de eerste plaat 16 heeft een luchtuitlaat 16b horizontaal gevormd door de eerste plaat en in verbinding staand met de luchtuitlaat 4c van het vierde cilinderblok 4.
101 Sc 7 11
Wanneer het de bedoeling is de meertrapspompin-richting te gebruiken zoals hierboven samengesteld om een vacuüm in een kamer te creëren, dat wil zeggen deze te veranderen in een gereduceerde drukkamer, wordt de lucht-5 inlaat 17a van de tweede plaat 17 in de meertraps
Roots-pomp P geopend in de kamer via een slang, en de luchtuitlaat 16b van de eerste plaat 16 wordt geopend in de atmosfeer via een slang, zoals getoond in figuur 6.
Verder wordt de meertraps Roots-pomp P aangedreven door de 10 motor M. De eerste en tweede rotoren 9 tot 12 worden derhalve geroteerd in de respectieve pompkamer 2a en 4a van de meertraps roots-pomp P, daarbij kleine spleten tussen de respectievelijke paarsgewijze rotoren handhavend, daardoor het mogelijk makend pompwerkingen succes-15 sievelijk uit te voeren in respectieve pompkamers 2a en 4a teneinde de lucht in de kamer af te voeren naar de atmosfeer, daardoor de kamer veranderend in een gereduceerde drukkamer.
Tijdens een dfergelijke handeling wordt de 2 0 rotatie van het aandrijvende wiel 21 overgebracht op het aangedreven wiel 22 via de "timende" riem 24 teneinde daardoor de rotatie van de motor M over te brengen op de eerste en tweede assen 7 en 8 van de meertraps Roots-pomp P, door toepassen van het aandrijfwiel 21 en het aangedre-25 ven wiel 22, beide gemaakt van kunststof, en de "timende" riem 24, die is gemaakt van rubber, in de meertraps Roots-pomp P. Daardoor is het niet meer noodzakelijk in deze meertrapspompinrichting een betere afdichting te handhaven in de transmissiekamer 6a, zodat smeermiddel 30 niet benodigd is en een O-ring weggelaten kan worden in deze transmissiekamer 6a. Verder is onderhoud zoals toevoeging en verwisseling van smeermiddel ook niet noodzakelijk. Bovendien kunnen, omdat de rotatie tussen het aandrijvende wiel 21 en het aangedreven wiel 22 overge-35 bracht wordt via de "timende" riem 24, deze wielen een relatief kleine dikte hebben, daardoor een verkorting van de axiale lengte van de transmissiekamer 6a realiserend, *3 ip) -.1 .·=>. _ * ^ 3 C’-J / ^ ' 12 derhalve van de gehele lengte van de inrichting. Verder zijn, omdat het aandrijvende wiel 21 welke een aandrijvende kracht verschaft en het aangedreven wiel 22 welke dezelfde ontvangt, onderling gekoppeld zijn door de 5 "timende" riem 24, de wielen 21 en 22 niet direct gekoppeld met elkaar en treedt er geen geleiding van metaal tegen metaal op hetgeen resulteert in weinig geluid.
De meertrapspompinrichting volgens de onderhavige uitvinding kan aldus reductie van fabricage- en 10 onderhoudskosten realiseren, bijdragen aan de reductie van installatieruimte en weinig lawaai maken.
In deze meertrapspompinrichting zijn fabricage-kosten van de meertrapspompinrichting verder gereduceerd, omdat het aandrijfwiel 21 bevestigd is aan de eerste as 7 15 van de meertraps Roots-pomp P.
Bovendien zijn in deze meertrapspompinrichting het aandrijfwiel 21, het aangedreven wiel 22 en de "timende" riem 24 opgesteld om rotatie, steek voor steek op elkaar over te brengen, zodat de pompwerking gelijkmatig 20 uitgevoerd kan worden zonder enig slippen.
Bovendien is in deze meertrapspompinrichting de transmissiekamer 6a verschaft tussen de meertraps Roots-pomp P en de motor M, en de rotatie van de aandrijvende as 31 van de motor M wordt overgebracht op de eerste 25 en tweede assen 7 en 8 van de meertraps Roots-pomp P via het aandrijfwiel 21, het aangedreven wiel 22 en de "timende" riem 24. De invloed van torsie op de as wordt dus zelden uitgeoefend op de eerste en tweede as 7 en 8 van de meertraps Roots-pomp P, en de rotoren 9 tot 12 worden be-3 0 slist geroteerd in de pompkamers 2a en 4a teneinde daardoor de pompwerking gelijkmatig uit te voeren.
In deze meertrapspompinrichting zijn de luchtinlaten 2b en 17a van de voorgaande pomptrapkamer 2a geopend op een positie het verst afgelegen van de transmissiekamer 35 6a, en de luchtuitlaten 4c en 16b van de opvolgende pomptrapkamer 4a zijn geopend op een positie het dichtst bij de transmissiekamer 6a. Stof van buiten zoals dat ten 7°73678^ 13 gevolge van abrasie zoals van het aandrijfwiel 21 wordt dus zelden verspreid in de kamer naar welke de luchtinlaten 2b en 17a toe zijn geopend, zodat de omgeving in de kamer passend gehandhaafd kan blijven.
5 Begrepen zou moeten worden dat de onderhavige uitvinding gerealiseerd kan worden in een enkeltrapspom-pinrichting met één pompkamer of in een meertrapspompin-richting met drie of meer dan drie pompkamers. Verder is het mogelijk, als een multiaxiaal gas-comprimerend pompty-10 pe, een schroef pomp type toe te passen in plaats van een Roots-pomp.
W .o ^ .
iS ·· * i :* * ft*/ ?. - · / \ -· ;...·

Claims (5)

1. Pompinrichting, omvattende: een multiaxiaal gas-comprimerend pomptype omvattende : een huis met ten minste een pompkamer met een 5 luchtinlaat en een luchtuitlaat; een meervoud van onderling parallelle assen; en rotoren die zijn opgesteld in de pompkamer en aangebracht op de assen voor rotatie met daarbij een kleine spleet tussen de rotoren latend; 10 een roterend aandrijvende inrichting aangrenzend aan de pomp; en een drijfwerk met een omgeslagen verbinding omvattende: een aandrijvende rotor bevestigd op één van de 15 assen,· een aangedreven rotor die is bevestigd aan de andere van de assen; en een omgeslagen verbinding die om de aandrijvende rotor en de aangedreven rotor heen loopt teneinde rotatie 2. van de aandrijvende rotor over te brengen op de aangedre ven rotor, en waarbij het drijfwerk met een omgeslagen verbinding steek voor steek de rotatie kan overbrengen.
2. Pompinrichting volgens conclusie 1, waarbij 25 de aandrijvende rotor en de aangedreven rotor riemschijven omvatten, en de omgeslagen verbinding een riem omvat.
3. Pompinrichting volgens conclusie 1, waarbij de aandrijvende rotor en de aangedreven rotor vervaardigd zijn van kunststof en de omgeslagen verbinding gemaakt is 3. van rubber.
4. Pompinrichting volgens conclusie 1, waarbij 'i 0 i 36 7 8 het drijfwerk met een omgeslagen verbinding verschaft is tussen het multiaxiaal gas-comprimerende pomptype en de roterende aandrijvende inrichting.
5. Pompinrichting volgens conclusie 1, waarbij 5 ten minste een pompkamer een meervoud van pompkamers omvat, en waarbij de voorste pompkamer van het meervoud pompkamers een luchtinlaat heeft die opent op een positie die het verst weg is van het drijfwerk met een omgeslagen verbinding, en de laatste pompkamer van het meervoud 10 pompkamers een luchtopening heeft die opent op een positie het dichtst bij het drijfwerk met een omgeslagen verbinding. -o-o-o-o-o-o-o-o- RB/KP
NL1013678A 1998-11-27 1999-11-26 Pompinrichting met riemaandrijving. NL1013678C2 (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
JP10338172A JP2000161277A (ja) 1998-11-27 1998-11-27 ポンプ装置
JP33817298 1998-11-27

Publications (2)

Publication Number Publication Date
NL1013678A1 NL1013678A1 (nl) 2000-05-30
NL1013678C2 true NL1013678C2 (nl) 2001-01-30

Family

ID=18315604

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1013678A NL1013678C2 (nl) 1998-11-27 1999-11-26 Pompinrichting met riemaandrijving.

Country Status (5)

Country Link
JP (1) JP2000161277A (nl)
KR (1) KR20000034899A (nl)
DE (1) DE19955262A1 (nl)
NL (1) NL1013678C2 (nl)
TW (1) TW466304B (nl)

Families Citing this family (7)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
JP2006170398A (ja) * 2004-12-20 2006-06-29 Sanden Corp 動力伝達装置
DE202009003981U1 (de) * 2009-03-24 2010-08-19 Vacuubrand Gmbh + Co Kg Antrieb für eine Vakuumpumpe
DE202016005208U1 (de) * 2016-08-30 2017-12-01 Leybold Gmbh Trockenverdichtende Vakuumpumpe
DE202017003046U1 (de) * 2017-06-09 2018-09-14 Leybold Gmbh Trockenverdichtende Vakuumpumpe
DE102018210922A1 (de) * 2018-07-03 2020-01-09 Leybold Gmbh Zwei- oder Mehrwellen-Vakuumpumpe
WO2021228355A1 (fr) * 2020-05-11 2021-11-18 Ateliers Busch Sa Pompe à vide sèche
CN118417871B (zh) * 2024-07-04 2024-10-25 连云港恒顺工业科技有限公司 一种罗茨真空泵的组装装置

Citations (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1906657A1 (de) * 1969-02-11 1970-08-20 Licentia Gmbh Zyklon
JPH02104998A (ja) * 1988-10-14 1990-04-17 Unozawagumi Tekkosho:Kk 多段真空ポンプ
DE3706588C2 (de) * 1987-02-26 1993-12-02 Mannesmann Ag Antriebseinrichtung für Rotationskolbenverdichter

Patent Citations (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1906657A1 (de) * 1969-02-11 1970-08-20 Licentia Gmbh Zyklon
DE3706588C2 (de) * 1987-02-26 1993-12-02 Mannesmann Ag Antriebseinrichtung für Rotationskolbenverdichter
JPH02104998A (ja) * 1988-10-14 1990-04-17 Unozawagumi Tekkosho:Kk 多段真空ポンプ

Non-Patent Citations (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Title
PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 014, no. 315 (M - 0995) 6 July 1990 (1990-07-06) *

Also Published As

Publication number Publication date
NL1013678A1 (nl) 2000-05-30
TW466304B (en) 2001-12-01
DE19955262A1 (de) 2000-06-08
KR20000034899A (ko) 2000-06-26
JP2000161277A (ja) 2000-06-13

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL1013678C2 (nl) Pompinrichting met riemaandrijving.
US5800134A (en) Tandem, swash plate pump having drive force take-out mechanism
US8327639B1 (en) Zero turn drive apparatus
JP2022515604A (ja) 単一のハウジングに収容された二つのポンプを有するポンプアセンブリ
US4534271A (en) Dual machine aggregates with a connection for a consumer of mechanical energy
US7918088B1 (en) Dual pump assembly
US20150323059A1 (en) Lubrication system and transfer case incorporating the same
US8215109B1 (en) Dual pump apparatus with power take off
KR930010409A (ko) 동력 전도 유닛
US20080131302A1 (en) Oil-free fluid machine having two or more rotors
CN102465996B (zh) 曲轴箱一体型平衡装置
GB2390873A (en) Balance shaft and fluid pump assembly
WO2000063533A1 (en) Vacuum pump oil distribution system with integral oil pump
HU218770B (hu) Hidraulikus tengelykapcsoló és erőátviteli berendezés ilyen tengelykapcsolóval
US5377487A (en) Axle driving apparatus having offset output shaft
JP4610564B2 (ja) 歯車ポンプ
JP2007508965A5 (nl)
US8226382B2 (en) Feed pump in a motor vehicle
US4553915A (en) Low pressure lubrication system for fluid device
US10323737B1 (en) Hydrostatic transaxle
KR0145977B1 (ko) 탠덤형 사판식 유압펌프
CN1246614C (zh) 液压控制装置
JPH01104992A (ja) 改良真空ポンプ
EP1903257A3 (en) Three-wheeled vehicle with a continously variable transmission
BE1015752A3 (nl) Verbeterde watergeinjecteerde schroefcompressor.

Legal Events

Date Code Title Description
AD1A A request for search or an international type search has been filed
RD2N Patents in respect of which a decision has been taken or a report has been made (novelty report)

Effective date: 20000928

PD2B A search report has been drawn up
VD1 Lapsed due to non-payment of the annual fee

Effective date: 20040601