NL1014101C2 - Amusementsinrichting. - Google Patents
Amusementsinrichting. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1014101C2 NL1014101C2 NL1014101A NL1014101A NL1014101C2 NL 1014101 C2 NL1014101 C2 NL 1014101C2 NL 1014101 A NL1014101 A NL 1014101A NL 1014101 A NL1014101 A NL 1014101A NL 1014101 C2 NL1014101 C2 NL 1014101C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- vehicle
- basin
- lock
- liquid
- amusement device
- Prior art date
Links
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 title description 9
- 239000007788 liquid Substances 0.000 claims description 33
- 239000012530 fluid Substances 0.000 claims description 5
- 230000005484 gravity Effects 0.000 description 8
- 230000001133 acceleration Effects 0.000 description 2
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 description 1
- 230000002401 inhibitory effect Effects 0.000 description 1
- 230000000630 rising effect Effects 0.000 description 1
Classifications
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A63—SPORTS; GAMES; AMUSEMENTS
- A63G—MERRY-GO-ROUNDS; SWINGS; ROCKING-HORSES; CHUTES; SWITCHBACKS; SIMILAR DEVICES FOR PUBLIC AMUSEMENT
- A63G31/00—Amusement arrangements
- A63G31/007—Amusement arrangements involving water
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A63—SPORTS; GAMES; AMUSEMENTS
- A63G—MERRY-GO-ROUNDS; SWINGS; ROCKING-HORSES; CHUTES; SWITCHBACKS; SIMILAR DEVICES FOR PUBLIC AMUSEMENT
- A63G3/00—Water roundabouts, e.g. freely floating
- A63G3/06—Submarine roundabouts
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A63—SPORTS; GAMES; AMUSEMENTS
- A63G—MERRY-GO-ROUNDS; SWINGS; ROCKING-HORSES; CHUTES; SWITCHBACKS; SIMILAR DEVICES FOR PUBLIC AMUSEMENT
- A63G31/00—Amusement arrangements
- A63G31/16—Amusement arrangements creating illusions of travel
Landscapes
- Toys (AREA)
Description
* l
Korte aanduiding: Amusementsinrichting.
De uitvinding heeft betrekking op een amusementsinrichting voorzien van een langgestrekte baan en een ten minste gedeeltelijk 5 met behulp van aandri jfmiddelen langs de baan verplaatsbaar voertuig, welke amusementsinrichting verder is voorzien van een zich ten minste gedeeltelijk verticaal omhoog uitstrekkend, met vloeistof gevuld bassin waarin de baan ten minste gedeeltelijk is gelegen, waarbij het voertuig drijfbaar is in de vloeistof.
10 Bij een dergelijke uit het Nederlandse octrooi 1005952 bekende amusementsinrichting zijn de aandri jfmiddelen boven het met water gevulde bassin gelegen. Met behulp van de aandrijfmiddelen wordt het voertuig in opwaartse richting verplaatst waarna op een vooraf bepaalde hoogte het voertuig en de aandri jfmiddelen worden ontkoppeld. Het voertuig 15 wordt vervolgens onder invloed van de zwaartekracht in de richting van het bassin verplaatst en zal ten minste gedeeltelijk in het water zakken. Door het water wordt de neerwaartse verplaatsing van het voertuig afgeremd en wordt het voertuig vervolgens onder invloed van opwaarts gerichte vloeistofdruk wederom in opwaartse richting verplaatst. Met behulp van 20 de aandri jfmiddelen wordt het voertuig daarna verder in opwaartse richting verplaatst tot een vooraf bepaald niveau dat hoger ligt dan het eerder bereikte niveau. Deze cyclus wordt vervolgens een aantal malen herhaald totdat de maximale hoogte van de langgestrekte baan is bereikt.
Een nadeel van deze op zich bekende amusementsinrichting 25 is dat de afstand waarover het voertuig in het bassin zakt relatief beperkt is, aangezien het water een remmende werking uitoefent op het voertuig, alsmede door het grote drijvende vermogen van het op zich bekende voertuig.
De uitvinding beoogt een amusementsinrichting te verschaffen waarbij het voertuig met een grotere snelheid door het met 30 vloeistof gevulde bassin verplaatsbaar is.
Dit doel wordt bij de amusementsinrichting volgens de uitvinding bereikt doordat het voertuig met behulp van de aandri jfmiddelen verplaatsbaar is naar een relatief laag gelegen eerste niveau, op welke niveau het voertuig en aandrijfmiddel ontkoppelbaar zijn, terwijl het 35 voertuig vanaf het eerste niveau, door het vloeistof gevulde bassin heen naar een hoger gelegen tweede niveau verplaatsbaar is onder invloed van 1014101 2 opwaarts gerichte vloeistofdruk.
Door het voertuig met behulp van de aandrijfmiddelen naar het relatief laag gelegen eerste niveau te verplaatsen, kan elke gewenste afstand tot het vloeistofoppervlak worden bereikt. Door vervolgens 5 het voertuig en de aandrijfmiddelen te ontkoppelen zal het voertuig vanaf het eerste niveau onder invloed van de opwaarts gerichte vloeistofdruk vrijelijk in opwaartse richting door het met het vloeistof gevulde bassin heen worden verplaatst.
Het voertuig zal door de opwaarts gerichte vloeistofdruk 10 worden versneld en verplaatst en ten minste gedeeltelijk tot boven het vloeistofoppervlak worden verplaatst. Ten gevolge van de zwaartekracht zal het voertuig vervolgens weer in neerwaartse richting worden getrokken. Afhankelijk van de gewenste amusementsinrichting wordt het voertuig nabij of boven het vloei stofoppervlak afgeremd en met behulp van de aandri jfmid-15 delen weer naar het eerste niveau gebracht. Het is echter ook mogelijk om het voertuig onder invloed van de neerwaarts gerichte zwaartekracht en opwaarts gerichte vloeistofdruk een aantal heen en weer gaande bewegingen in het bassin te laten uitvoeren om daarna het voertuig met behulp van de aandri jfmiddelen naar het eerste niveau terug te verplaatsen. 20 Een uitvoeringsvorm van de amusementsinrichting volgens de uitvinding wordt gekenmerkt doordat het bassin nabij het eerste niveau is gekoppeld met een met vloeistof vulbare sluis, waarbij de baan zich ten minste uitstrekt van een eerste baangedeelte dat aan een van het bassin afgekeerde zijde van de sluis is gelegen, naar een boven het bassin 25 uitstrekkende tweede baangedeelte.
Bij een dergelijke amusementsinrichting kunnen personen nabij het eerste baangedeelte in het voertuig plaatsnemen. Het voertuig wordt vervolgens in de nog niet met vloeistof gevulde sluis gebracht. Daarna wordt de sluis met vloeistof gevuld en wordt de naar het tweede 30 baangedeelte gerichte zijde van de sluis geopend, waardoor de sluis in open verbinding met het bassin wordt gebracht. Het voertuig zal vervolgens onder invloed van de opwaarts gerichte vloeistofdruk door het bassin heen naar het boven het bassin uitstrekkende tweede baangedeelte worden verplaatst.
35 Een verdere uitvoeringsvorm van de amusementsinrichting volgens de uitvinding wordt gekenmerkt doordat het boven het bassin
Tfft 4101 » · 3 uitstrekkende tweede baangedeelte via een derde baangedeelte met het eerste baangedeelte is verbonden.
Op deze wijze kan het voertuig over het derde baangedeelte naar het eerste baangedeelte terug worden getransporteerd.
5 De uitvinding zal nader worden toegelicht aan de hand van de tekeningen waarin fig. 1 een eerste uitvoeringsvorm van een amusementsin-richting volgens de uitvinding toont, fig. 2 een tweede uitvoeringsvorm van een amusementsin-10 richting volgens de uitvinding toont.
In de figuren zijn overeenkomende onderdelen voorzien van eenzelfde verwijzingscijfer.
Fig. 1 toont een eerste uitvoeringsvorm van een amusementsinrichting 1 volgens de uitvinding die is voorzien van een 15 langgestrekte baan 2 welke een zich horizontaal uitstrekkend eerste baangedeelte 3, een tweede zich verticaal uitstrekkend baangedeelte 4 en een het horizontale baangedeelte 3 en het verticaal uitstrekkende baangedeelte 4 verbindend gekromd baangedeelte 5 omvat. De amusementsinrichting 1 is verder voorzien van een met water gevuld bassin 6 dat een 20 zich horizontaal uitstrekkend gedeelte 7 en een daarmee verbonden zich verticaal uitstrekkend gedeelte 8 omvat. Het horizontaal uitstrekkend gedeelte 7 van het bassin 6 is voorzien van twee sluisdeuren 9, 10. De amusementsinrichting 1 is verder voorzien van een over de baan 2 verplaatsbaar voertuig 11 (schematisch weergegeven) alsmede van 25 aandrijfmiddelen (niet weergegeven), zoals bijvoorbeeld wrijvingswielen.
De werking van de in fig. 1 weergegeven amusementsinrichting is als volgt. Een voertuig 11 wordt met behulp van de aandri jfmiddelen naar het eerste baangedeelte 3 gebracht. Nabij dit eerste baangedeelte 3 kan een instapstation zijn voorzien om personen de gelegenheid te 30 verschaffen in het voertuig 11 plaats te nemen. Nadat personen in het voertuig 11 hebben plaatsgenomen en het voertuig 11 vervolgens waterdicht is afgesloten, wordt de eerste sluisdeur 9 geopend. Het horizontale gedeelte 7 van het bassin 6 is voorafgaand aan het openen van sluisdeur 9 geledigd. Nadat het voertuig 11 met behulp van de aandri jfmiddelen in het 35 horizontale gedeelte 7 van het bassin 6 is gebracht, wordt de sluisdeur 9 gesloten en wordt het gedeelte 7 met vloeistof gevuld. Hiertoe kan de 1Ό14101 4
I I
amusementsinrichting zijn voorzien van een tank (niet weergegeven) die met behulp van een flexibele slang met het gedeelte 7 is verbonden. Voor het vullen van het gedeelte 7, wordt de tank naar een boven het gedeelte 7 gelegen niveau gebracht waarna in de tank aanwezige vloeistof via de 5 flexibele leiding in het gedeelte 7 zal stromen. Het is echter ook mogelijk om het gedeelte 7 te vullen door het gedeeltelijk openen van de sluisdeur 10.
Nadat het gedeelte 7 met vloeistof is gevuld, wordt de sluisdeur 10 geopend en wordt het voertuig 11 van de aandrijfmiddelen 10 ontkoppeld. Doordat het voertuig 11 op de vloeistof kan drijven en derhalve een lager soortelijk gewicht heeft dan de vloeistof zal het voertuig 11 door de opwaarts gerichte vloeistofdruk over het baangedeelte 5 en het baangedeelte 4 worden verplaatst. Het voertuig 11 ondergaat hierbij een versnelling die afhankelijk is van de afstand tussen het vloeistofopper-15 vlak V en het op een eerste niveau gelegen baangedeelte 3. Deze afstand kan bijvoorbeeld 10 tot 40 meter bedragen.
Het voertuig 11 zal door de opwaarts gerichte vloeistofdruk een zodanige versnelling ondergaan dat het ten minste gedeeltelijk boven het vloeistofoppervlak V uit wordt geschoten.
20 Ten gevolge van de zwaartekracht zal het voertuig 11 vervolgens in neerwaartse richting worden getrokken. Door de op het voertuig 11 werkende zwaartekracht en vloeistofdruk zal het voertuig 11 een aantal heen en weer gaande verplaatsingen ondergaan alvorens het tot stilstand komt, waarbij ten minste een gedeelte van het voertuig 11 boven 25 het vloeistofoppervlak V uit blijft steken. Met behulp van de aandri jfmiddelen die tijdens de verplaatsing van het voertuig 11 tot nabij het vloeistofoppervlak V zijn gebracht, kan het voertuig 11 terug worden gebracht naar het gedeelte 7 van het bassin. De sluisdeur 10 wordt vervolgens gesloten waarna het gedeelte 7 wordt geledigd.
30 Indien het gedeelte 7 is verbonden met de hierboven beschreven tank, kan de tank naar een onder het gedeelte 7 gelegen niveau worden verplaatst ten gevolge waarvan de in het gedeelte 7 aanwezige vloeistof via de flexibele verbinding terug in de tank kan stromen. Na het ledigen van het gedeelte 7 wordt de sluisdeur 9 geopend waarna het 35 voertuig 11 naar het buiten het bassin 6 gelegen eerste baangedeelte 3 wordt verplaatst, alwaar de in het voertuig 11 zittende personen het 1014101 5 voertuig 11 kunnen verlaten.
Het is ook mogelijk om het voertuig 11 op het moment dat het door het wateroppervlak 11 heen gaat met behulp van een opvanginrichting beet te pakken en op een boven het wateroppervlak 11 5 gelegen niveau tot stilstand te brengen. Als opvangorgaan kan bijvoorbeeld gebruik worden gemaakt van de in de internationale octrooiaanvrage PCT/NL 98/00172 van aanvraagster beschreven inrichting voor het gecontroleerd beetpakken van een rijdend voertuig 11.
Fig. 2 toont een tweede uitvoeringsvorm van een 10 amusementsinrichting 21 volgens de uitvinding die zich van de in fig. 1 weergegeven amusementsinrichting 1 onderscheidt doordat het eerste baangedeelte 3 en het tweede baangedeelte 4 aan een van het gebogen baangedeelte 5 afgekeerde zijde door middel van een derde baangedeelte 22 met elkaar zijn verbonden. Het derde baangedeelte 22 heeft bij de 15 amusementsinrichting 21 een vanaf het tweede baangedeelte 4 schuin neerwaarts verlopend baangedeelte 23, een daarmee verbonden zich verticaal neerwaarts uitstrekkend baangedeelte 24 en een daarmee verbonden zich horizontaal uitstrekkend baangedeelte 25 dat met het eerste baangedeelte 3 is gekoppeld. De baangedeeltes 24, 25 zijn ten minste gedeeltelijk in een 20 bassin 26 gelegen dat evenals het bassin 6 is voorzien van een zich horizontaal uitstrekkend gedeelte 27 en een daarmee zich verticaal uitstrekkend gedeelte 28. Het horizontaal uitstrekkende gedeelte 27 is voorzien van twee sluisdeuren 29, 30 zodat het baangedeelte 27 op eenzelfde wijze als het baangedeelte 7 een sluis vormt.
25 De werking van de amusementsinrichting 21 volgens de uitvinding is als volgt. Met behulp van aandrijfmiddelen wordt het voertuig 11 tussen de sluisdeuren 9 en 29 gebracht alwaar een instap- en uitstapstation is gelegen. Personen nemen in het voertuig 11 plaats waarna op eenzelfde wijze als reeds beschreven aan de hand van fig. 1 het 30 voertuig 11 door het bassin 6 heen wordt verplaatst. Hierbij verkrijgt het voertuig 11 een zodanige versnelling dat het voertuig 11 na het verlaten van het wateroppervlak 11 over het tweede baangedeelte 4 naar het schuin aflopende baangedeelte 23 wordt verplaatst. Door het schuin aflopende baangedeelte 23 wordt het voertuig 11 onder invloed van de 35 zwaartekracht in de richting van het zich verticaal neerwaarts uitstrekkende baangedeelte 24 verplaatst. Nabij het baangedeelte 24 zijn aandrijfmid- 1014101 * · 6 delen (niet weergegeven) voorzien met behulp waarvan het voertuig 11 in het bassin 26 wordt getrokken. De sluisdeur 30 bevindt zich hierbij in een geopende stand ten gevolge waarvan het voertuig 11 tot in het zich horizontaal uitstrekkende gedeelte 27 kan worden verplaatst. Vervolgens 5 wordt de sluisdeur 30 gesloten en wordt uit het horizontale gedeelte 27 van het bassin 26 de vloeistof verwijderd. Daarna kan de sluisdeur 29 worden geopend en wordt het voertuig 11 met behulp van aandrijfmiddelen naar het nabij het eerste baangedeelte 3 gelegen uitstapstation verplaatst.
Het is mogelijk om het baangedeelte 23 te voorzien van 10 elke willekeurige vorm zoals bekend bij zogenaamde achtbanen.
Het is mogelijk om de sluisdeuren 9, 10, 29, 30 te voorzien van middelen die om de door de sluisdeuren af te sluiten doorgang heen uitstrekkende baangedeeltes heen aangrijpen. Het is echter ook mogelijk om de baangedeeltes nabij de sluisdeuren te voorzien van 15 verschuifbare of kantelbare gedeeltes die alvorens de sluisdeuren te sluiten, uit de af te sluiten doorgang worden verwijderd.
Het is ook mogelijk om het tweede baangedeelte 4 zich onder een geringe hoek met de verticaal te laten uitstrekken.
Het is ook mogelijk om het tweede baangedeelte 4 20 gedeeltelijk spiraal vormig uit te voeren zodanig dat het voertuig 11 vervolgens over de bovenzijde van het baangedeelte 23 verplaatsbaar is in plaats van, zoals in fig. 2 weergegeven, over de onderzijde daarvan. Hierdoor kan worden voorkomen dat in een voertuig 11 aanwezige personen te lang op hun kop hangen. Indien het baangedeelte 23 relatief kort is, 25 is het op de kop hangen geen probleem.
Het is ook mogelijk om nabij het baangedeelte 24 gelegen uiteinde van het baangedeelte 23 een om een zich dwars op de tekening uitstrekkende as kantelbaar baangedeelte te voorzien dat ofwel aansluit op het baangedeelte 23 ofwel, in de gekantelde stand aansluit op het 30 baangedeelte 24. Het voertuig 11 wordt op dit kantelbare baangedeelte gepositioneerd waarna het met het baangedeelte om de as wordt gekanteld en op het baangedeelte 24 terecht kan komen. Een dergelijk wipachtig baangedeelte kan de amusementswaarde van de amusementsinrichting verder verhogen.
35 Het is ook mogelijk om nabij het bovenste uiteinde van het baangedeelte 4 een aandrijfinrichting te voorzien waarmee het 1014101" » 7 voertuig 11 wordt gekoppeld om het voertuig 11 nog verder omhoog te verplaatsen. Een dergelijke aandrijfinrichting zal bijvoorbeeld gewenst zijn indien het derde baangedeelte 22 een relatief lange achtbaanachtige vorm heeft.
5 Het is mogelijk om het voertuig als een cilinder uit te voeren met scherp toelopende uiteinden. De cilinder kan als het ware tussen de rails hangen met behulp van aan de zijkant van de cilinder gelegen wielen. Hierdoor ligt het zwaartepunt van de cilinder tussen de rails en worden momenten op de rails en het voertuig bij het stijgen en 10 dalen voorkomen.
Het is mogelijk om de sluisdeuren verticaal te laten verplaatsen.
10141®·
Claims (7)
1. Amusementsinrichting voorzien van een 1anggestrekte baan en een ten minste gedeeltelijk met behulp van aandrijfmiddelen langs 5 de baan verplaatsbaar voertuig, welke amusementsinrichting verder is voorzien van een zich ten minste gedeeltelijk verticaal omhoog uitstrekkend, met vloeistof gevuld bassin waarin de baan ten minste gedeeltelijk is gelegen, waarbij het voertuig drijfbaar is in de vloeistof, met het kenmerk, dat het voertuig met behulp van de aandri jfmiddelen verplaatsbaar 10 is naar een relatief laag gelegen eerste niveau, op welke niveau het voertuig en aandrijfmiddel ontkoppelbaar zijn, terwijl het voertuig vanaf het eerste niveau, door het vloeistof gevulde bassin heen naar een hoger gelegen tweede niveau verplaatsbaar is onder invloed van opwaarts gerichte vloeistofdruk.
2. Amusementsinrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het bassin nabij het eerste niveau is gekoppeld met een met vloeistof vulbare sluis, waarbij de baan zich ten minste uitstrekt van een eerste baangedeelte dat aan een van het bassin afgekeerde zijde van de sluis is gelegen, naar een boven het bassin uitstrekkende tweede 20 baangedeelte.
3. Amusementsinrichting volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat het boven het bassin uitstrekkende tweede baangedeelte via een derde baangedeelte met het eerste baangedeelte is verbonden.
4. Amusementsinrichting volgens conclusie 3, met het 25 kenmerk, dat het derde baangedeelte zich ten minste gedeeltelijk uitstrekt door een tweede, zich ten minste gedeeltelijk verticaal uitstrekkend, met vloeistof gevuld bassin.
5. Amusementsinrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat het tweede bassin aan een naar de eerste sluis toegekeerde 30 zijde is gekoppeld met een tweede met vloeistof vulbare sluis.
6. Amusementsinrichting volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat nabij het tussen de eerste en tweede sluis gelegen eerste baangedeelte een in- en uitstapstation is gelegen.
7. Amusementsinrichting volgens een der voorgaande 35 conclusies, met het kenmerk, dat de sluis is gekoppeld met een tank die ten opzichte van de sluis verplaatsbaar is van een boven de sluis gelegen 10141 Of 1 * niveau waarop in de tank aanwezige vloeistof naar de sluis stroomt, naar een onder de sluis gelegen niveau waarop in de sluis aanwezige vloeistof naar de tank stroomt. 5 10141 Of
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1014101A NL1014101C2 (nl) | 2000-01-18 | 2000-01-18 | Amusementsinrichting. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1014101A NL1014101C2 (nl) | 2000-01-18 | 2000-01-18 | Amusementsinrichting. |
| NL1014101 | 2000-01-18 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1014101C2 true NL1014101C2 (nl) | 2001-07-19 |
Family
ID=19770614
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1014101A NL1014101C2 (nl) | 2000-01-18 | 2000-01-18 | Amusementsinrichting. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL1014101C2 (nl) |
Citations (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE134903C (nl) * | ||||
| US3479883A (en) * | 1967-04-25 | 1969-11-25 | Guy F Cooper | Vertical-track free-fall system |
| FR2604953A1 (fr) * | 1986-10-01 | 1988-04-15 | Chaudouet Marcel | Attraction sous-marine |
| US5516235A (en) * | 1991-01-25 | 1996-05-14 | Controlled Lifting International Limited | Method and apparatus of raising objects from the sea bed |
| NL1005952C2 (nl) | 1997-05-01 | 1998-11-03 | Festo B V | Micro-zwaartekracht installatie. |
-
2000
- 2000-01-18 NL NL1014101A patent/NL1014101C2/nl not_active IP Right Cessation
Patent Citations (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE134903C (nl) * | ||||
| US3479883A (en) * | 1967-04-25 | 1969-11-25 | Guy F Cooper | Vertical-track free-fall system |
| FR2604953A1 (fr) * | 1986-10-01 | 1988-04-15 | Chaudouet Marcel | Attraction sous-marine |
| US5516235A (en) * | 1991-01-25 | 1996-05-14 | Controlled Lifting International Limited | Method and apparatus of raising objects from the sea bed |
| NL1005952C2 (nl) | 1997-05-01 | 1998-11-03 | Festo B V | Micro-zwaartekracht installatie. |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US4805897A (en) | Water slide systems | |
| US8070615B2 (en) | Methods and systems for water amusement conveyor | |
| US7727077B2 (en) | Water amusement park water channel flow system | |
| US6817120B2 (en) | Deposit discharge system and method of discharging deposit | |
| AU2005309695B2 (en) | Water amusement park conveyors | |
| US20070049388A1 (en) | Water amusement park water channel and adjustable flow controller | |
| DK3116618T3 (en) | Water slide with variable water level | |
| EP0543929B2 (en) | Water ride with water propulsion devices | |
| NL8005648A (nl) | Inrichting voor het opvangen van aardolie, welke bij een lekkage of uit een boorgat onder het wateropper- vlak naar buiten treedt. | |
| AU618082B2 (en) | Arrangement including a moveable tower | |
| WO2007019278A2 (en) | Water amusement park water channel and adjustable flow controller | |
| RU2640051C1 (ru) | Транспортная судовозная система | |
| US10835867B2 (en) | Ocean wave actuated gravitational desalination system | |
| US7066821B2 (en) | Waterslide with level equalization conduits coupling between run-out lanes | |
| JPH07124552A (ja) | 浮上分離物掻寄せ装置 | |
| BE1012866A3 (nl) | Drijvend decanteertoestel voor waterzuiveringsinstallaties. | |
| US1513294A (en) | Apparatus for separating gas, oil, and sand | |
| RU2017882C1 (ru) | Устройство управления гидравлической структурой потока | |
| NL9301619A (nl) | Waterglijbaan. | |
| NL1006849C2 (nl) | Val-attractie voor pretparken en kermissen. | |
| US1575094A (en) | Automatic outfall for the tidal discharge of sewage | |
| JPS5733610A (en) | Self-opening and closing device for water gate | |
| WO2026087013A1 (en) | Method for generating electrical energy, a related system and a related mass unit | |
| NL9202123A (nl) | Inrichting voor het verplaatsen van schepen van een vaarweg naar een andere vaarweg. | |
| RU2257241C1 (ru) | Надводные качели |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| VD1 | Lapsed due to non-payment of the annual fee |
Effective date: 20040801 |