NL192033C - Schip met een op de binnenbodem geplaatst buisleidingssysteem. - Google Patents

Schip met een op de binnenbodem geplaatst buisleidingssysteem. Download PDF

Info

Publication number
NL192033C
NL192033C NL8400466A NL8400466A NL192033C NL 192033 C NL192033 C NL 192033C NL 8400466 A NL8400466 A NL 8400466A NL 8400466 A NL8400466 A NL 8400466A NL 192033 C NL192033 C NL 192033C
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
ship according
pallets
pallet
ship
longitudinal
Prior art date
Application number
NL8400466A
Other languages
English (en)
Other versions
NL192033B (nl
NL8400466A (nl
Original Assignee
Blohm Voss Ag
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Blohm Voss Ag filed Critical Blohm Voss Ag
Publication of NL8400466A publication Critical patent/NL8400466A/nl
Publication of NL192033B publication Critical patent/NL192033B/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL192033C publication Critical patent/NL192033C/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B25/00Load-accommodating arrangements, e.g. stowing, trimming; Vessels characterised thereby
    • B63B25/02Load-accommodating arrangements, e.g. stowing, trimming; Vessels characterised thereby for bulk goods
    • B63B25/08Load-accommodating arrangements, e.g. stowing, trimming; Vessels characterised thereby for bulk goods fluid
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63JAUXILIARIES ON VESSELS
    • B63J2/00Arrangements of ventilation, heating, cooling, or air-conditioning
    • B63J2/12Heating; Cooling
    • B63J2/14Heating; Cooling of liquid-freight-carrying tanks
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B13/00Conduits for emptying or ballasting; Self-bailing equipment; Scuppers
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B71/00Designing vessels; Predicting their performance
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F16ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16LPIPES; JOINTS OR FITTINGS FOR PIPES; SUPPORTS FOR PIPES, CABLES OR PROTECTIVE TUBING; MEANS FOR THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16L3/00Supports for pipes, cables or protective tubing, e.g. hangers, holders, clamps, cleats, clips, brackets

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Ocean & Marine Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Ship Loading And Unloading (AREA)
  • Pallets (AREA)

Description

1 192033
Schip met een op de binnenbodem geplaatst buisleidingsysteem
De uitvinding heeft betrekking op een schip, in het bijzonder een oorlogsschip, met een op een binnendek, in het bijzonder op de binnenbodem aangebracht buisleidingsysteem voor het transport van fluïda, zoals 5 water, olie, lucht, stoom, enz.
Dergelijke buisleidingsystemen zijn in de praktijk op de binnenbodem van schepen zeer dicht tegen elkaar aangebracht. Tengevolge van de aanzienlijke pakkingsdichtheid van de afzonderlijke buisleidingen onder de binnenbodem en in de kiel is het vaak niet mogelijk zonder gedeeltelijke demontage van de buisleidingen de binnenbodem te reinigen en te conserveren. Ook reparatie van beschadigde buizen of 10 ontroosten daarvan gaat dientengevolge gepaard met aanzienlijke moeilijkheden. Deze problemen konden slechts worden opgelost door gehele buisgroepen uit het buisleidingsysteem los te snijden om de vereiste toegang mogelijk te maken. Deze gang van zaken gaat gepaard met aanzienlijke kosten en heeft bovendien het bezwaar dat door het naderhand weer vastlassen van de buisstukken lekken kunnen overblijven en verf worden verbrand, zodat hierdoor later weer nieuwe moeilijkheden ontstaan.
15 Het doel van de onderhavige uitvinding is nu een schip van de in de aanhef genoemde soort te verschaffen, waarbij de buizen alsmede de binnenbodem tegen verhoudingsgewijs lagere kosten toegankelijk kunnen worden gemaakt en waarbij ook de montage van de buisleidingsystemen bij nieuwbouw van het schip aanzienlijk wordt vereenvoudigd. Ook dient snelle ombouw van het schip op een ander buisleidingsysteem mogelijk te zijn, hetgeen bijvoorbeeld van voordeel is als het schip een andere aandrijving verkrijgt, 20 dus bijvoorbeeld van gasturbine-aandrijving wordt omgebouwd op dieselmotoraandrijving.
Daartoe is de inrichting volgens de uitvinding gekenmerkt doordat het buisleidingsysteem op voorafbepaalde vaste afstanden in langs- en/of dwarsrichting volgens verticale dwars-, respectievelijk langs-scheidingsvlakken is onderverdeeld in afzonderlijke buisleidingblokken die zijn aangebracht op aan het dek, respectievelijk de binnenbodem losneembaar bevestigde paletten en dat de mondstukken van bij elkaar 25 behorende buisdelen van naburige buisleidingblokken ter plaatse van de scheidingsvlakken zich op overeenkomstige coördinaten bevinden en dat de bij elkaar behorende buisdelen aldaar met behulp van losneembare buiskoppelingen flu'idumdicht met elkaar zijn verbonden.
De uitvindingsgedachte is dus hierin te zien, dat het buisleidingsysteem in blokken wordt onderverdeeld en dat de afzonderlijke blokken verhoudingsgewijs gemakkelijk gemonteerd en gedemonteerd kunnen 30 worden. Hierdoor is het mogelijk door demontage van een of meerdere buisleidingblokken ongehinderde toegang tot het dek, respectievelijk de binnenbodem en ook tot de buisleidingen te verkrijgen, zodat noodzakelijke reinigings-, schilder- en/of reparatiewerkzaamheden probleemloos kunnen worden uitgevoerd.
Ook bij de bouw van het schip is de opstelling volgens de uitvinding bijzonder voordelig, want de buisleidingblokken op de paletten kunnen gelijktijdig met de vervaardiging van het scheepslichaam in 35 daartoe geschikte werkplaatsen buiten het schip worden vervaardigd. Na gereedkomen van de met buisleidingblokken uitgeruste paletten behoeven deze vervolgens alleen maar via geschikte montage-openingen in het scheepslichaam te worden ingebracht, op de gewenste plaats te worden bevestigd en vervolgens met naburige buisleidingblokken met behulp van buiskoppelingen te worden verbonden.
Een verder belangrijk voordeel van het schip volgens de uitvinding is dat bij ombouw van een schip, 40 bijvoorbeeld op een andere wijze van aandrijven, het gehele buisleidingsysteem probleemloos kan worden verwisseld doordat de niet meer benodigde buisleidingblokken met de paletten waarop ze zijn aangebracht worden verwijderd en vervangen door reeds vooraf vervaardigde anders opgebouwde buisleidingblokken met paletten.
Verder kunnen afzonderlijke defecte buisleidingblokken worden vervangen door vooraf vervaardigde 45 gelijksoortige buisleidingblokken, waardoor de wachttijd van het schip voor reparatie aanzienlijk verminderd kan worden. Een zich op zee bevindend schip kan ingeval van een defect aan een buisleidingblok reeds via de radio een op een gelijk palet geplaatst vervangingsbuisleidingblok bestellen, hetgeen dan reeds bij aankomst van het schip in de haven voor inbouwen ter beschikking staat en in de kortst mogelijke tijd het defecte buisleidingblok kan vervangen.
50 Opgemerkt wordt dat uit het Amerikaanse octrooischrift 3.205.848 een tankschip met een op de binnenbodem aangebrachte buisleidingsysteem voor het met stoom verhitten van de vloeibare lading bekend is, dat over de breedte van het schip is verdeeld in een aantal in langsrichting verlopende secties, waarbij iedere sectie is voorzien van een eigen toevoer en afvoer. Er is hierbij echter geen sprake van een onderverdeling in afzonderlijke buisleidingblokken met scheidingsvlakken op vooraf bepaalde vaste 55 afstanden, noch van een bevestiging op losneembare op de bodem bevestigde paletten.
Bij voorkeur bezitten alle paletten een gelijke horizontale, rechthoekige doorsnede.
Al naar behoefte, bijvoorbeeld in nauwe machinekamers, kan het evenwel ook nodig zijn de afmetingen 192033 2 van de paletten aan de scheepsvorm aan te passen.
Het is bijzonder voordelig als de horizontale afmetingen van de paletten in een horizontaal eenheids-rooster passen, dat op de plattegrond van het schip is geprojecteerd en volgens welke alle langs- en dwarsdragerelementen, schotten, langswanden, fundamenten, luiken, montage- en/of transportopeningen 5 opgesteld, respectievelijk geplaatst zijn. De uitvinding is dus bijzonder goed bij een eenheidsroostersysteem toe te passen, zoals beschreven in aanvraagster^ octrooiaanvrage nr. 8400465 met gelijke aanvraagdatum, getiteld ’’schip met verscheidene dekken en langs de dekken verlopende langs- en dwarsdragerelementen".
Opdat de paletten bij betrekkelijk gering gewicht een hoge stabiliteit zullen bezitten bestaan de paletten volgens een nader uitvoeringsvoorbeeld uit kruisvormig geplaatste op de kruispunten vast met elkaar 10 verbonden dwars- en langsdragers. De dwars- en langsdragers zijn doelmatigerwijze l-balken.
Bij voorkeur bezitten de paletten een wat kleinere omtrek dan de buisleidingblokken, waardoor een door naburige paletten niet gehinderde maatnauwkeurige bevestiging in het roostersysteem van het schip mogelijk is.
Voor het plaatsen, respectievelijk verwijderen van de paletten zijn deze doelmatigerwijze voorzien van 15 hijsogen. Het aanvatten van de paletten kan zijdelings geschieden, binnen de omtrek van de buisleidingblokken.
Voor het transport in het schip kunnen de paletten bij voorkeur zijn voorzien van in hoogte verstelbare rollen.
Om een veilige bevestiging van de paletten aan het dek, respectievelijk de scheepsbodem te garanderen 20 zijn over de paletten verdeeld, in het bijzonder bij de kruispunten van de dwars- en langsdragers, vergrendelopeningen aangebracht.
Voor de bevestiging van de buizen aan een palet kunnen op het palet ter plaatse van de kruispunten van de dwars- en langsdragers, bevestigingskolommen zijn geplaatst. De hoogte van de bevestigingskolommen dient daarbij overeen te komen met de hoogte van de buisleidingblokken.
25 Bovenop de bevestigingskolommen kan een beloopbare vloer zijn bevestigd.
Voorts is het doelmatig de kolommen buisvormig uit te voeren en aan hun ondereinde te voorzien van een vergrendelingsmechanisme. Op deze wijze kan de vergrendeling van de paletten door de zuilen heen met een passend gereedschap plaatsvinden. In dit geval dienen de bevestigingskolommen niet slechts voor het dragen van een vloer, doch ook voor de bevestiging van het palet op de daaronder liggende binnen-30 bodem.
Verder kunnen ter bevestiging van de buizen op de palet aan de hoogte van de afzonderlijke buizen aangepaste ondersteuningen zijn aangebracht.
Om zo ordelijk, compact en overzichtelijk mogelijke opbouw te verkrijgen dienen alle buizen loodrecht op de dwars-, respectievelijk langsscheidingsvlakken uit te monden. Verder is het doelmatig indien de buizen 35 op het palet slechts evenwijdig met een der scheidingsvlakken verlopende buisstukken en rechte bochten bezitten. Bovendien is het van voordeel indien de buizen in boven elkaar gelegen horizontale vlakken verlopen.
Om maatnauwkeurige vervaardiging vooraf van afzonderlijke op paletten geplaatste buisleidingblokken te garanderen wordt een verdere uitvoeringsvorm gekenmerkt doordat de scheidingsvlakken in een orthogo-40 naai coördinatenrooster zijn verdeeld en dat de buizen slechts op de kruispunten van de coördinaten uitmonden.
Voorzover in het schip een horizontaal eenheidsroostersysteem met een onderlinge afstand van de roosteriijnen van 50 tot 70 cm wordt toegepast, bedragen de horizontale, respectievelijk verticale afstanden van de coördinatenkruispunten doelmatigerwijze 10 tot 14 cm. Hierdoor wordt het buisleidingsysteem 45 volgens de uitvinding vrij in het eenheidsroostersysteem opgenomen.
Ter vergemakkelijking van de montage dienen aan de hoeken van de paletten vrije montageruimten te worden gelaten. Ook binnen het palet kunnen al naar behoefte in het coördinatenrooster passende, niet door buizen ingenomen montageruimten zijn vrijgelaten.
50 De uitvinding wordt in het volgende bij wijze van voorbeeld beschreven aan de hand van de tekeningen; hierin is; figuur 1 een schematisch bovenaanzicht van een op een palet geplaatst buisleidingblok volgens de uitvinding, figuur 1a een met figuur 1 overeenkomend bovenaanzicht alleen van het palet, 55 figuur 2 een schematische doorsnede volgens de lijn ll-ll in figuur 1, figuur 3 een aan figuur 1 analoog bovenaanzicht van het palet ter veraanschouwelijking van de te verschaffen vrije ruimten, 3 192033 figuur 4 een vooraanzicht van een palet volgens de uitvinding met het daarop voor het monteren van de buisstukken aangebrachte coördinatenroostersysteem, figuur 5 een vooraanzicht van een andere uitvoeringsvorm van een palet met daarop aangebracht buisleidingblok en 5 figuur 6 een vergrote dwarsdoorsnede van een vergrendelingsmechanisme voor het vergrendelen van een palet volgens de uitvinding aan dek van een schip.
Volgens de figuren 1, 1a en 2 bestaat het palet 15 volgens de uitvinding uit telkens drie op gelijke afstand geplaatste kruisende l-dwarsdragers 18 en Mangsdragers 19. Op de kruispunten 28 zijn passende 10 versterkingen aangebracht. Verder zijn de kruispunten 28 voorzien van verticaal verlopende vergrendelings-openingen 21, met behulp waarvan het palet 15 maatnauwkeurig aan de binnenbodem 14 van het schip kan worden bevestigd.
Volgens figuur 2 strekken zich vanaf de kruispunten 28 buisvormige kolommen 22 loodrecht naar boven tot het niveau van de vloer, welke in de tekening niet is weergegeven, doch als op de boveneinden van de 15 buisvormige kolommen 22 rustend en aldaar bevestigd moet worden gezien.
Aan de kopzijden van de voorste en achterste dwarsdragers 18 zijn hijsogen 20 bevestigd, met behulp waarvan het palet met inbegrip van de daarop geplaatste bouwelementen bijvoorbeeld door een kraan kan worden opgetild of ook bij transporten kan worden vastgezet. Volgens de figuren 1 en 1a is het palet ingepast in een roostervierkant 29, waarvan de zijden een lengte van 180 cm hebben. Het roostervierkant 20 29 kan ook andere afmetingen hebben. Het palet 15 kan ook een veelvoud van de afmetingen van een roostereenheid bezitten.
Essentieel is, dat de kopzijden van de dragers 18, 19 nog een zekere afstand bezitten ten opzichte van de zijden van het roostervierkant, zodat bijvoorbeeld in de daardoor ontstaande tussenruimte nog de hijsogen 20 kunnen worden ondergebracht. Van voordeel is het evenwel, als boven aan de buisvormige 25 kolommen 22 hijsogen worden aangebracht, daar ze aldaar aanzienlijk beter toegankelijk zijn. De bevestigingen bevinden zich dan op vloemiveau. Het is dan vanzelf vereist dat de buisvormige kolommen 22 zö aan de paletten worden bevestigd dat ze ook de hijskrachten hierop kunnen overdragen.
Volgens figuur 2 zijn op het palet verschillende in wezen loodrechte steunen 24 tussen de bevestigings-kolommen 22 geplaatst, waaraan de buizen 16a, 16b, 16c, 16d, 16e, 16f en 16g in de in de figuren 1 en 2 30 getoonde wijze bijvoorbeeld door middel van zadels 30 zijn bevestigd. Het buisstuk 16f is via strippen 31 aan de middelste bevestigingskolom 22 bevestigd.
De buizen 16a tot 16g monden elk loodrecht uit op de op de zijden van het roostervierkant 29 staande dwarsscheidingsvlakken 11', 11", respectievelijk de langsscheidingsvlakken 12', 12". De buismonden liggen nog op een geringe afstand van deze scheidingsvlakken, welke afstand later door buiskoppelingen, 35 afdichtschijven en dergelijke wordt overbrugd.
Volgens figuur 2 ligt elk van de buizen 16a tot 16g in wezen in een horizontaal vlak, waarbij evenwel de afzonderlijke horizontale vlakken op ten dele verschillende afstanden, evenwel passend in een gegeven coördinatensysteem (figuur 4) boven elkaar liggen. De afzonderlijke buisstukken lopen evenwijdig aan de zijden van het roostervierkant 29 en de binnen de buisstukken opgenomen bochten zijn, zoals figuur 1 40 toont, rechthoekig.
De buizen 16a tot 16g vormen bijgevolg te zamen een buisleidingblok 13 in de vorm van een bouwblok.
De naburige buisleidingblokken worden zodanig op gelijk uitgevoerde paletten 15 opgebouwd dat bij het naast elkaar plaatsen van twee bij elkaar behorende buisleidingblokken de buismonden nauwkeurig met elkaar stroken, zodat de bij elkaar behorende buizen 16a tot 16g van naburige paletten fluïdumdicht met 45 elkaar kunnen worden verbonden door buiskoppelingen 17' (figuur 1) of via een afdichting van tegen elkaar aansluitende flenzen 17".
Figuur 3 toont een ander bovenaanzicht van het palet 15 waarbij evenwel de hijsogen 20 elk aan de kopeinden van de buitenste langsdragers 19 zijn aangebracht en waarbij de buitenste dwarsdragers 18 niet buiten de hoek-kruispunten 28 uitsteken. Daar zijn volgens de uitvinding in wezen vierkante montageruimten 50 26 vrijgelaten.
Figuur 4 toont een vooraanzicht van een schematisch weergegeven palet 15 met een daarboven aangebracht orthogenaal coördinatenrooster 25, dat bestaat uit verticale en horizontale coördinatenlijnen 32 en 33 met gelijke onderlinge afstand. Bij het weergegeven voorbeeld bedragen de afstanden van naburige coördinatenlijnen 32, 33 12 cm. Deze maat is bijzonder geschikt voor het inbouwen van het buisleiding-55 systeem volgens de uitvinding in een schip met een eenheidsroostersysteem, waarbij de basisrooster-afmeting 60 cm bedraagt.
Bij de opstelling volgens figuur 4 worden de buisleidingen slechts met hun assen langs de kruispunten 34 192033 4 van de coördinatenlijnen 32, 33 gelegd.
Volgens figuur 4 zijn op beide zijden van het palet in de vorm van blokken twee coördinatenroosters 25 met elk vier verticale coördinatenlijnen 32 en zeven horizontale coördinatenlijnen 33 aangebracht. Tussen de beide coördinatenroosters 25 bevinden zich montageruimten 27, die niet door buisleidingen in beslag 5 worden genomen.
De zijaanzichten van het palet 15 met het daarboven aangebrachte coördinatenrooster zijn identiek met het vooraanzicht dat in figuur 4 is weergegeven.
Figuur 5 veraanschouwelijkt schematisch hoe bijvoorbeeld in het coördinatenroostersysteem volgens figuur 4 de afzonderlijke buizen in buisklemmen 35 kunnen worden bevestigd. Alle buisklemmen zijn 10 doelmatigerwijze uitgevoerd als blokken van gelijke grootte, zodat bij het op elkaar plaatsen van dergelijke buisklemmen 35 de coördinatenroostermaat volgens figuur 4 kan worden aangehouden. Coördinatenkruispunten 34, waar zich geen buisleidingen bevinden, worden door overeenkomstig gedimensioneerde loze blokken 34' overbrugd.
Alle boven elkaar geplaatste blokken 34', respectievelijk buisklemmen 35 kunnen bijvoorbeeld door 15 bouten 36 met elkaar en met het palet 15 worden verbonden.
Met de verschillende buisdiameters kan rekening worden gehouden door de buisklemmen 35 te voorzien van verschillend gedimensioneerde openingen 37.
Op geschikte plaatsen kunnen op het palet 15 ook nog buisklemkolommen 34, 35 worden aangebracht. Verder zijn ook buisklemkolommen 34', 35 aanwezig die in vergelijking met figuur 5 over 90° om de 20 verticale as zijn gedraaid. Aantal en plaatsing van de buisklemkolommen 34', 35 hangt af van aantal en plaatsing van de te bevestigen buizen.
In figuur 6 is een mogelijkheid veraanschouwelijkt voor de praktische uitvoering van een vergrendelings-mechanisme 23, door middel waarvan een palet 15 ter plaatse van een kruispunt 28 aan het dek, respectievelijk de binnenbodem 14 van een schip kan worden vastgezet.
25 Op de kruispunten van het specifieke eenheidsrooster van het schip, waarlangs de langs- en dwars-dragerelementen zijn gelegd, bevinden zich aan de binnenbodem 14 bevestigde bevestigingsconsolen 38, die bij de kruispunten 28 vast met het palet 15 worden verbonden.
Volgens figuur 6 geschiedt dit doordat de buisvormige bevestigingskolommen 22 vergrendelingsopenin-gen 21 bezitten, aan de bodem waarvan zich een bajonetsluitingachtig vergrendelingsmechanisme 23 30 bevindt, dat via een van een aan de bovenzijde axiaal uitstekend vierkant 39 voorziene bout 17 kan worden bediend door middel van een van bovenaf binnenin de zuil gevoerd langwerpig werktuig. De bout 17 is aan de bovenzijde van schroefdraad voorzien, waarop een moer 16 is geschroefd. Onder aan de bout 17 zit een langwerpige vergrendelingsdwarsdam 40, die met een spieetachtige opening 41 in een via een console 38 aan de binnenbodem 14 bevestigde plaat 45 samenwerkt. In de vergrendelstand volgens figuur 6 staat de 35 vergrendelingsdwarsdam 40 loodrecht op de spieetvormige opening 41.
De bout 17 gaat door een bevestigingsblok 44 aan het ondereinde van de zuil 22 heen. Door aantrekken van-de moer 16 wordt de vergrendelingsdwarsdam 40 onder tegen de plaat 45 gedrukt.
Een tussen de bodem 46 van het blok 44 en een flens 47 aan de bout 17 geplaatste schroefvormige drukveer 42 zet de bout 17 naar boven toe onder voorspanning.
40 Zoals weergegeven is de kolom 22 aan de bovenzijde voorzien van buiten-schroefdraad, waarop een moer 43 is opgeschroefd, die de beweging van het palet 15 ten opzichte van de zuil 22 naar boven toe begrenst. Door dienovereenkomstig aantrekken van de moer 43 kan het palet 15 naar beneden toe worden bewogen totdat deze in aanraking komt met de plaat 45 van de console 38. Daar het palet 15 is voorzien van een groot aantal kruispunten en bijbehorende bevestigingskolommen 22 kan het voorkomen dat op 45 enige plaatsen tussen de onderzijde van het palet en de plaat 45 een ruimte 48 overblijft, zoals in figuur 6 is weergegeven. Op de meeste plaatsen dient het palet 15 evenwel op de platen 45 te steunen en daarmede op de binnenbodem 14 te rusten.
Tussen de moeren 16, 43 en de hierdoor aangegrepen klemvlakken kunnen onderiegschijven 49, 50 zijn aangebracht.
50 Het losmaken van het in figuur 6 weergegeven vergrendelmechanisme geschiedt als volgt:
Eerst wordt door een van bovenaf in de buisvormige kolom 22 gevoerd werktuig de contramoer 16 losgedraaid. Vervolgens kan dan een ander werktuig van bovenaf op het vierkant 39 worden geplaatst en hiermede het vierkant 39 zover worden verdraaid, totdat de vergrendelingsdwarsdam 40 komt te stroken met de sleufvormige opening 41; waarna de dwarsdam 40 vrij door de sleufvormige opening 41 naar boven 55 kan bewegen, en wel onder invloed van de schroefvormige drukveer 42, als het gereedschap van het vierkant 39 wordt afgenomen. Zodra alle vergrendelmechanismen 23 op de kruispunten losgenomen zijn, kan het palet 15 naar boven toe worden weggenomen. Voorzover dit dient te geschieden door middel van

Claims (21)

1. Schip, in het bijzonder oorlogsschip, met een op een binnendek, in het bijzonder op de binnenbodem 25 aangebracht buisleidingsysteem voor het transport van fluïda, zoals water, olie, lucht, stoom, enz., met het kenmerk, dat het buisleidingsysteem op voorafbepaalde vaste afstanden in langs- en/of dwarsrichting volgens verticale dwars-, respectievelijk langsscheidingsvlakken (11', 11", 12', 12") is ondetverdeeld in afzonderlijke buisleidingblokken (13), die zijn aangebracht op aan het dek, respectievelijk de binnenbodem (14) losneembaar bevestigde paletten (15) en dat de mondstukken van bij elkaar behorende buisdelen (16a 30 tot 16g) van naburige buisleidingblokken (13) ter plaatse van de scheidingsvlakken (1Γ, 11", 12', 12") zich op overeenkomstige coördinaten 25 bevinden en dat de bij elkaar behorende buisdelen (16a tot 16g) aldaar met behulp van losneembare buiskoppelingen (17', 17") fluïdumdicht met elkaar zijn verbonden.
2. Schip volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat alle paletten (15) eenzelfde horizontale, rechthoekige doorsnede bezitten.
3. Schip volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de paletten voor wat betreft hun afmetingen in een eenheidsroostersysteem zijn ingepast.
4. Schip volgens conclusie 2 of 3, met het kenmerk, dat de horizontale afmetingen van de paletten (15) zijn ’ ingepast in een horizontaal eenheidsrooster, dat de plattegrond van het schip overdekt, en volgens hetwelk alle langs- en dwarsdragerelementen, schotten, langswanden, fundamenten, luiken, montage- en/of 40 transportopeningen verlopend, respectievelijk opgesteld zijn.
5. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de paletten (15) bestaan uit kruisvormig geplaatste, op de kruispunten vast met elkaar verbonden, dwars- en langsdragers (18, respectievelijk 19).
5 192033 aan de kolom 22 aangebrachte hijsogen dient het bevestigingsblok 44 zodanig met het palet 15 te zijn verbonden, dat ook hefkrachten via de zuilen 22 op het palet 15 kunnen worden overgedragen. Het vergrendelen geschiedt in omgekeerde volgorde, d.w.z. dat eerst het palet zö op de consoles 38 wordt neergelaten, dat de vergrendelingsdwarsdammen 40 in de sleufvormige openingen 41 vallen. Nu kan 5 door een gereedschap op het vierkant 39 te plaatsen de bout 17 tegen de kracht van de veer 42 in zolang naar beneden worden gedrukt tot de vergrendelingsdwarsdam 40 geheel uit de spieetvormige opening 41 is getreden. Thans wordt het werktuig 90° gedraaid, weggenomen en vervolgens wordt de contramoer 16 aangetrokken. Nu is de in figuur 6 weergegeven vergrendelstand wederom bereikt. Terwijl er bij de uitvoeringsvorm volgens figuur 6 de voorkeur aan wordt gegeven dat eerst slechts de 10 kolommen 22 op de beschreven wijze aan de platen 45 worden bevestigd, waarop vervolgens het palet 15 wordt geplaatst en door middel van moeren 43 wordt vastgezet, kunnen de paletten 15 in principe ook vast met de kolommen 22 zijn verbonden, zodat ze te zamen met deze te hanteren zijn. De vloer zou ook kunnen worden gedragen door op de buisleidingen bevestigde steunen. Voorts wordt er de aandacht op gevestigd, dat de buisvormige kolommen 22 niet noodzakelijk aanwezig 15 behoeven te zijn. Als men ze weglaat dienen op deze plaatsen vrije ruimten voor de bediening van de dan altijd nog aanwezige vergrendelingsmechanismen aan de kruispunten over te blijven. De bevestigingsogen zijn bij voorkeur demonteerbaar. Voor de demontage van de bevestigingsogen, respectievelijk voor het desgewenst aanbrengen van in hoogte verstelbare looprollen dienen op de hoeken vrije ruimten te worden gelaten. 20.
6. Schip volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat de dwars- en langsdragers (18,19) l-balken zijn.
7. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de paletten (15) een wat kleinere omtrek bezitten dan de buisleidingblokken (13).
8. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat ter zijde aan de paletten (15) hijsogen (20) en/of in hoogte verstelbare looprollen zijn aangebracht.
9. Schip volgens conclusies 7 en 8, met het kenmerk, dat de hijsogen (20) en/of de in hoogte verstelbare 50 looprollen terzijde aan de paletten (15) binnen de omtrek van het buisleidingblok (13) zijn geplaatst.
10. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat verdeeld over het palet (15), in het bijzonder ter plaatse van de kruispunten van de dwars- en langsdragers (18,19), vergrendelingsopeningen (21) aanwezig zijn.
11. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat op het palet (15) ter plaatse van 55 de kruispunten (28) van de dwars- en langsdragers (18, 19) bevestigingskolommen (22) zijn geplaatst, die eventueel ook een boven de buisleidingen opgestelde vloer dragen.
12. Schip volgens conclusies 10 en 11, met het kenmerk, dat de kolommen (22) buisvormig zijn en aan hun 192033 6 ondereinde het vergrendelingsmechanisme (23) dragen.
13. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat op het palet (15) aan de hoogte van de afzonderlijke buizen (16a tot 16g) aangepaste steunen (24) zijn aangebracht.
14. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat alle buizen (16a tot 16g) loodrecht 5 op de dwars- respectievelijk langssscheidingswanden (11', 11", respectievelijk 12', .12") uitmonden.
15. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de buizen (16 tot 16g) op het palet (15) uitsluitend evenwijdig aan een der scheidingswanden (11', 11", 12', 12") lopende buisstukken en loodrechte bochten bezitten.
16. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de buizen (16a tot 16g) in boven 10 elkaar gelegen horizontale vlakken lopen.
17. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de scheidingswanden (11', 11", 12', 12") in een orthogonaal coördinatenrooster (25) zijn onderverdeeld en dat de buizen (16a tot 16g) slechts op kruispunten (34) van het coördinatensysteem uitmonden.
18. Schip volgens conclusie 17, met het kenmerk, dat de naburige coördinatenkruispunten (34) op gelijke 15 horizontale en verticale afstanden van elkaar liggen.
19. Schip volgens conclusie 18, met het kenmerk, dat de horizontale, respectievelijk verticale afstanden tussen de coördinatenkruispunten (34) 10 tot 14 cm bedragen.
20. Schip volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat aan de hoeken van het palet (15) vrije montageruimten (26) zijn gelaten.
21. Schip volgens een der conclusies 17 tot 20, met het kenmerk, dat ook binnen het palet (15) in het coördinatenrooster (25) passende, niet door buizen ingenomen vrije montageruimten (27) gelaten zijn. Hierbij 6 bladen tekening
NL8400466A 1983-02-16 1984-02-14 Schip met een op de binnenbodem geplaatst buisleidingssysteem. NL192033C (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE19833305323 DE3305323A1 (de) 1983-02-16 1983-02-16 Schiff mit einem auf dem innenboden angeordneten rohrleitungssystem
DE3305323 1983-02-16

Publications (3)

Publication Number Publication Date
NL8400466A NL8400466A (nl) 1984-09-17
NL192033B NL192033B (nl) 1996-09-02
NL192033C true NL192033C (nl) 1997-01-07

Family

ID=6190977

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8400466A NL192033C (nl) 1983-02-16 1984-02-14 Schip met een op de binnenbodem geplaatst buisleidingssysteem.

Country Status (12)

Country Link
US (1) US4561372A (nl)
KR (1) KR910004760B1 (nl)
AR (1) AR243831A1 (nl)
DE (1) DE3305323A1 (nl)
DK (1) DK162036C (nl)
ES (1) ES8507402A1 (nl)
FR (1) FR2540821B1 (nl)
GB (1) GB2135011B (nl)
GR (1) GR81768B (nl)
IT (1) IT1173277B (nl)
NL (1) NL192033C (nl)
TR (1) TR22559A (nl)

Families Citing this family (7)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4718459A (en) * 1986-02-13 1988-01-12 Exxon Production Research Company Underwater cryogenic pipeline system
CN1046245C (zh) * 1990-04-28 1999-11-10 石川岛播磨重工业株式会社 大型结构的模件框架组装方法及其实施该方法的模制结构
US5226583A (en) * 1990-08-21 1993-07-13 Ishikawajima-Harima Jukogyo Kabushiki Kaisha Module frame work for larger structure, method and device for assembling module frame work and coupler for module frame work
DE19532107C2 (de) * 1995-08-31 1997-10-16 Thyssen Nordseewerke Gmbh Schiff mit im Schiffsrumpf angeordneten, sich horizontal erstreckenden ebenen Flächenelementen
US6951324B2 (en) * 2003-09-17 2005-10-04 John Chris Karamanos Universal bracket for transporting an assembled conduit
US11209157B2 (en) 2018-07-27 2021-12-28 The Clever-Brooks Company, Inc. Modular heat recovery steam generator system for rapid installation
CN116331440A (zh) * 2023-04-10 2023-06-27 江南造船(集团)有限责任公司 一种船舶管架制作安装方法

Family Cites Families (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
GB897346A (en) * 1959-12-30 1962-05-23 Charlton Weddle And Company Lt Improvements relating to heating apparatus for liquid cargo tanks of ships

Also Published As

Publication number Publication date
ES529558A0 (es) 1985-10-01
IT1173277B (it) 1987-06-18
GR81768B (nl) 1984-12-12
GB2135011B (en) 1986-05-21
KR840007691A (ko) 1984-12-10
AR243831A1 (es) 1993-09-30
GB8403857D0 (en) 1984-03-21
ES8507402A1 (es) 1985-10-01
DE3305323C2 (nl) 1990-12-13
IT8419635A0 (it) 1984-02-16
NL192033B (nl) 1996-09-02
KR910004760B1 (ko) 1991-07-13
TR22559A (tr) 1987-10-22
US4561372A (en) 1985-12-31
FR2540821B1 (fr) 1988-06-03
DK162036B (da) 1991-09-09
GB2135011A (en) 1984-08-22
DK162036C (da) 1992-02-10
DK72384D0 (da) 1984-02-16
DE3305323A1 (de) 1984-08-16
NL8400466A (nl) 1984-09-17
FR2540821A1 (fr) 1984-08-17
DK72384A (da) 1984-08-17

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL193452C (nl) Schip met verscheidene dekken en langs de dekken lopende langs- en dwarsdragerelementen.
US5960974A (en) Intermodal bulk container
CN107148382B (zh) 用于自动物料搬运的高架导轨系统
US4784399A (en) Modular tube trailer
CN112373667A (zh) 船舶用脱硫装置及船舶
US9387913B1 (en) Modular floating dry dock
US20190062050A1 (en) Guide track systems for automated material handling, shipping, storage and parking facilities
US4988317A (en) Sectionalized pontoon float
CA3116755A1 (en) Guide track systems for automated material handling, shipping, storage and parking facilities
NL8400466A (nl) Schip met een op de binnenbodem geplaatst buisleidingssysteem.
US4045193A (en) Cooling tower design
US4614278A (en) Tank container
US4630561A (en) Ship having standardized access ways
US5899161A (en) Ship with plane area elements which extend horizontally and are located in the hull of the ship
US3889619A (en) Barge construction
KR100267439B1 (ko) 수용공간을 갖는 선박용 선체구조
FI72566B (fi) Staolkonstruktion med pao varandra anordnade moduler.
CN220884694U (zh) 一种散货船舱间甲板结构
CN210417339U (zh) 一种货物放置架
US4574721A (en) Assembly for holding cargo
JPH0340788Y2 (nl)
WO2004099036A1 (en) Bulk liquid transport container
CA3068118C (en) Underdrain system using one-piece cell dividers
CN115707634A (zh) 可拆卸大容量集装箱
CN117184311A (zh) 一种散货船舱间甲板结构

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BA A request for search or an international-type search has been filed
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
SNR Assignments of patents or rights arising from examined patent applications

Owner name: BLOHM + VOSS GMBH

TNT Modifications of names of proprietors of patents or applicants of examined patent applications

Owner name: BLOHM + VOSS HOLDING AG

V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20030901