NL193444C - Hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen. - Google Patents
Hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen. Download PDFInfo
- Publication number
- NL193444C NL193444C NL9300319A NL9300319A NL193444C NL 193444 C NL193444 C NL 193444C NL 9300319 A NL9300319 A NL 9300319A NL 9300319 A NL9300319 A NL 9300319A NL 193444 C NL193444 C NL 193444C
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- housing
- sprinkler
- nozzle
- sprinkler housing
- nipple
- Prior art date
Links
- 239000007788 liquid Substances 0.000 title claims description 12
- 238000005507 spraying Methods 0.000 title claims description 5
- 210000002445 nipple Anatomy 0.000 claims description 35
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 claims description 12
- 238000003801 milling Methods 0.000 claims description 8
- 229910000831 Steel Inorganic materials 0.000 claims description 3
- 238000002791 soaking Methods 0.000 claims description 3
- 239000010959 steel Substances 0.000 claims description 3
- 230000006835 compression Effects 0.000 claims 2
- 238000007906 compression Methods 0.000 claims 2
- 238000010276 construction Methods 0.000 claims 1
- 230000036316 preload Effects 0.000 claims 1
- 239000010419 fine particle Substances 0.000 description 1
- 238000003780 insertion Methods 0.000 description 1
- 230000037431 insertion Effects 0.000 description 1
- 239000002245 particle Substances 0.000 description 1
- 239000004576 sand Substances 0.000 description 1
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 238000003466 welding Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B21—MECHANICAL METAL-WORKING WITHOUT ESSENTIALLY REMOVING MATERIAL; PUNCHING METAL
- B21B—ROLLING OF METAL
- B21B45/00—Devices for surface or other treatment of work, specially combined with or arranged in, or specially adapted for use in connection with, metal-rolling mills
- B21B45/04—Devices for surface or other treatment of work, specially combined with or arranged in, or specially adapted for use in connection with, metal-rolling mills for de-scaling, e.g. by brushing
- B21B45/08—Devices for surface or other treatment of work, specially combined with or arranged in, or specially adapted for use in connection with, metal-rolling mills for de-scaling, e.g. by brushing hydraulically
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B05—SPRAYING OR ATOMISING IN GENERAL; APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
- B05B—SPRAYING APPARATUS; ATOMISING APPARATUS; NOZZLES
- B05B1/00—Nozzles, spray heads or other outlets, with or without auxiliary devices such as valves, heating means
- B05B1/02—Nozzles, spray heads or other outlets, with or without auxiliary devices such as valves, heating means designed to produce a jet, spray, or other discharge of particular shape or nature, e.g. in single drops, or having an outlet of particular shape
- B05B1/04—Nozzles, spray heads or other outlets, with or without auxiliary devices such as valves, heating means designed to produce a jet, spray, or other discharge of particular shape or nature, e.g. in single drops, or having an outlet of particular shape in flat form, e.g. fan-like, sheet-like
- B05B1/042—Outlets having two planes of symmetry perpendicular to each other, one of them defining the plane of the jet
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B05—SPRAYING OR ATOMISING IN GENERAL; APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
- B05B—SPRAYING APPARATUS; ATOMISING APPARATUS; NOZZLES
- B05B15/00—Details of spraying plant or spraying apparatus not otherwise provided for; Accessories
- B05B15/60—Arrangements for mounting, supporting or holding spraying apparatus
- B05B15/65—Mounting arrangements for fluid connection of the spraying apparatus or its outlets to flow conduits
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Nozzles (AREA)
Description
1 193444
Hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen
De uitvinding heeft betrekking op een hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen, in het bijzonder voor het decaperen van walsstaal, met een voor de vloeistoftoevoer dienende aansluitnippel, 5 die een over haar gehele lengte cilindrisch binnenvlak voor het opnemen van een vlakstraalsproeier vertoont, en met een aan het nippeluiteinde in axiale richting (tegen de stromingsrichting) monteerbare, in ondraaibare stand met gedefinieerd straalvlak bevestigbare vlakstraalsproeier, waarvan het sproeierhuis aan zijn buitenomtreksvlak twee diametraal tegenover elkaar liggende evenwijdige vlakken (zogenaamde tweekant) vertoont, die met twee passende, aan het uiteinde van de aansluitnippel aan de binnenzijde 10 aangebrachte evenwijdige vlakken (zogenaamde binnentweekant) samenwerken, en waarbij het sproeierhuis aan zijn buitenomtreksvlak een ribbe vertoont, die - voor de axiale borging van de vlakstraalsproeier aan de aansluitnippel - met een op een buitenschroefdraad van de aansluitnippel schroefbare wartelmoer samenwerkt.
Een dergelijke hogedruk-sproeierinrichting is bekend uit DE-GM G 91.091.75.6. Deze voldoet aan de eis 15 van een borging van de vlakstraalsproeier in de aansluitnippel in een exact voorafbepaalde stand. Bij het decaperen van walsstaal door vlakstraalvormige besproeiing met water komt het namelijk in wezen erop aan, dat een optimale hoek van de vlakke straal (gemeten om een verticaal op het werkstuk) ten opzichte van het werkstuk resp. op de transportinrichting daarvan wordt bereikt en gehandhaafd.
Het is het doel van de onderhavige uitvinding de montage, doch ook de demontage van de vlakstraal-20 sproeier aan (resp. van) de aansluitnippel te vergemakkelijken.
Volgens de uitvinding wordt het doel bij een hogedruk-sproeierinrichting van de in de aanhef genoemde soort daardoor bereikt, dat het zich aan beide zijden van de evenwijdige vlakken (tweekant) uitstrekkende, door de aansluitnippel opgenomen buitenomtreksvlak van het sproeierhuis over het overwegende deel van zijn langsuitstrekking tot aan het (aan de nippelzijde gelegen) kopse vlak conisch is uitgevoerd, zodanig dat 25 het in de montagerichting (tegen de stromingsrichting) smaller wordt.
Bij voorkeur is het buitenomtreksvlak van het sproeierhuis over ongeveer tweederde van zijn langsuitstrekking conisch en over zijn zich tot aan de ribbe uitstrekkende restlengte (ongeveer een derde van zijn langsuitstrekking) cilindrisch uitgevoerd.
Opgemerkt wordt dat uit de Europese octrooiaanvrage EP-A-0.328.907 een sproeierhuis bekend is met 30 een gedeeltelijk conisch en gedeeltelijk cilindrisch buitenoppervlak waarbij het conische buitenoppervlak in de montagerichting, dat wil zeggen tegen de stromingsrichting in, smaller wordt. De cilindrische en conische buitenoppervlakken zijn daarbij echter zodanig uitgevoerd dat zij passen bij overeenkomstige conische en cilindrische delen van de aansluitnippel waarin het sproeierhuis geplaatst wordt. De combinatie van een cilindrisch binnenvlak van de nippel die dient voor het opnemen van het sproeierhuis welke een gedeeltelijk 35 conisch en een gedeeltelijk cilindrisch buitenomtreksvlak heeft, is echter uit deze publicatie niet bekend.
De uitvinding vergemakkelijkt enerzijds het inbrengen van het sproeierhuis in de daarvoor bestemde cilindrische binnenruimte met binnentweekant van de aansluitnippel bij de montage van de sproeier. Anderzijds is op deze wijze een grotere tussenruimte tussen het buitenomtreksvlak van het sproeierhuis en het deze opnemende binnenvlak van de aansluitnippel verschaft, zonder de noodzakelijkerwijs geringe 40 speling voor het borgen van het sproeierhuis in de aansluitnippel te moeten vergroten. Het cilindrische restgebied van het buitenomtreksvlak van het sproeierhuis zorgt immers voor de noodzakelijke, nagenoeg spelingsvrije borging hiervan in zijn montagestand aan de aansluitnippel. Anderzijds ontstaat volgens de uitvinding een vergrote tussenruimte tot het conische gebied van het buitenomtreksvlak van het sproeierhuis en de binnenwand van de aansluitnippel. Deze vergrote tussenruimte vergemakkelijkt door zijn coniciteit het 45 losnemen, dat wil zeggen de demontage, van het sproeierhuis, en wel ook dan, wanneer het sproeierhuis met fijne deeltjes, bijvoorbeeld bestaande uit kleine spanen, decaperingsplaatjes, zanddeeltjes, pluisjes en dergelijke, wordt gevuld, omdat de voor de demontage noodzakelijke axiale beweging tegengesteld aan de conus verloopt.
In de praktische beproeving van de uitvinding is het doelmatig resp. voldoende gebleken, wanneer de 50 kegelhoek van het buitenomtreksvlak van het sproeierhuis 5° of in wezen 5° bedraagt.
Teneinde een nog verdergaande vergemakkelijking van de demontage te realiseren, wordt in een voordelige verdere ontwikkeling van de uitvinding voorgesteld, dat het sproeierhuis is ingericht om met een in dwarsrichting (onder rechte hoek ten opzichte van de stromingsrichting) op het sproeierhuis na verwijdering van de wartelmoer schuifbare demontagehulp samen te werken, waarbij de ribbe van het sproeierhuis 55 een ringgroef vertoont, waarin een halfcirkelvormige voortzetting van de demontagehulp radiaal grijpt.
De montage en demontage van de vlakstraalsproeier volgens de uitvinding is dan eenvoudig uitvoerbaar wanneer de demontagehulp uit een in wezen cilindrisch basislichaam met afgezette doorgaande axiale 193444 2 boring bestaat, en het basislichaam op een naar het sproeierhuis toegekeerd deel van zijn langsuitstrekking een radiale infrezing vertoont, en het van het sproeierhuis afgekeerde deel van de axiale boring, die niet door de zijdelingse infrezing is doorgedrongen, een binnenschroefdraad bezit, waarin een in de handel gebruikelijke stiftuittrekker schroefbaar is.
5
In de tekening zijn uitvoeringsvoorbeelden van de uitvinding weergegeven, die hierna worden toegelicht. In de tekening toont (telkens op grotere schaal): figuur 1 een uitvoeringsvorm van een hogedruk-sproeierinrichting, in verticale langsdoorsnede (gedeeltelijke weergave), 10 figuur 2 een uitvoeringsvorm van een sproeierhuis, in afzonderlijke weergave (aanzicht in de pijlrichting a volgens figuur 3), figuur 3 een doorsnede volgens de lijn lll-lll in figuur 2, figuur 4 het sproeierhuis volgens figuren 2 en 3, gezien in pijlrichting B (figuur 3), figuur 5 een uitvoeringsvorm van een hogedruk-sproeierinrichting met vlakstraalsproeier in montagestand 15 (evenwel met wartelmoer verwijderd) en bijbehorende demontagehulp, gedeeltelijk in aanzicht, gedeeltelijk in verticale langsdoorsnede, figuur 6 de demontagehulp van figuur 5, in afzonderlijke afbeelding (doorsnede VI-VI in figuur 7), en figuur 7 het onderwerp van figuur 6, beschouwd in pijlrichting C (figuur 6).
20 In figuur 1 (en figuur 5) duidt 10 een cilindervormige aansluitnippel aan, die op geschikte wijze, bijvoorbeeld door lassen (bij 35, figuur 5) aan een vloeistoftoevoerleiding (36, figuur 5) is bevestigd. De aansluitnippel 10 bezit een doorgaande boring 11, waarin van onderen af een in zijn geheel met 12 aangeduide hogedruk-vlakstraalsproeier is geplaatst. De vlakstraalsproeier 12 vertoont een sproeierhuis 13 met een ribbe 14, door middel waarvan het kops tegen de aansluitnippel 10 aanligt (zie figuur 1). Binnen in het sproeierhuis 13 zijn 25 inzetstukken 15, 16 aangebracht, die de eigenlijke vlakstraalsproeier vormen. Deze delen vormen evenwel eigenlijk geen onderwerp van de onderhavige uitvinding, zodat een gedetailleerde beschrijving van de sproeierdelen 15,16 overbodig is.
De sproeieruitlaat is bij 17 gevormd. Hierdoor ontstaat een in figuur 2 met streep-puntlijn aangeduid en van verwijzingscijfer 20 voorzien straalvlak van de uit de sproeier 12 tredende vloeistofstraal. Het nauwkeu-30 rig richten van het straalvlak 20 in draairichting ten opzichte van de aansluitnippel 10 wordt daardoor bereikt, dat het sproeierhuis 13 twee diametraal tegenover elkaar liggende evenwijdige vlakken 21, 22 bezit, die een zogenaamde tweekant vormen (zie in het bijzonder figuren 2 en 3) en met twee passende, aan de binnenzijde aan de aansluitnippel 10 gevormde evenwijdige vlakken (zogenaamde binnentweekant, niet getoond) samenwerken. Zoals in figuur 4 is te zien, zijn de tweekantvlakken 21, 22 aan het sproeierhuis 13 35 (en dienovereenkomstig ook de binnentweekantvlakken in de aansluitnippel 10) onder een hoek cc ten opzichte van het straalvlak 20 aangebracht, die bij voorkeur 15° bedraagt.
De doorlaat van de als vlakke straal uitgevoerde vloeistofstraal 20 door het sproeierhuis 13 naar buiten wordt door een brede sleufvormige infrezing in het met 23 aangeduide vrije kopse vlak van het sproeierhuis 13 mogelijk gemaakt. De begrenzingsvlakken van de infrezing zijn met 28, 29 aangeduid (zie in het 40 bijzonder figuur 4). Zij liggen zowel evenwijdig aan elkaar alsook evenwijdig aan het vloeistofstraalvlak 20.
In een in figuur 1 zichtbare montagestand is de vlakstraalsproeier 12 voor het overige - axiaal - door een wartelmoer 18 geborgd, die op een schroefdraad 19 van de aansluitnippel 10 is geschroefd. Hierbij komt de ribbe 14 van het sproeierhuis 13 enerzijds tegen het met 24 aangeduide vrije kopse vlak van de aansluitnippel 10 tot aanligging. Anderzijds werkt de wartelmoer 18 met het vlak van de ribbe 14 aan de 45 zijde van de sproeieruitlaat samen.
Zoals voorts in het bijzonder uit figuren 1 en 3 blijkt, vertoont het sproeierhuis 13 een binnenschroefdraad 25, waarin een cilindrische huisverlenging 26 met een passende buitenschroefdraad 27 is geschroefd. De huisverlenging 26 dient voor het opnemen van een straalrichter (niet getoond) en een vloeistoffilter (eveneens niet weergegeven).
50 Een bijzonderheid van het sproeierhuis 13 bestaat nu daarin, dat zijn door de aansluitnippel 10 opgenomen buitenomtreksvlak 30 (met uitzondering van de beide evenwijdige vlakken (tweekant 21, 22)) over een lengte I, conisch is uitgevoerd (zie in het bijzonder figuren 2 en 3). Het resterende deel - in figuren 2 en 3 met l2 aangeduid - van het buitenomtreksvlak 30 is daarentegen cilindrisch uitgevoerd en zorgt in samenwerking met het passend cilindrische binnenvlak 11 van de aansluitnippel 10 voor een spelingsvrije 55 zitting van het sproeierhuis 13 (en daarmede van de totale vlakstraalsproeier 12) in resp. aan de aansluitnippel 10. Figuren 2 en 3 maken duidelijk, dat het conische gebied L, van het buitenomtreksvlak 30 van het sproeierhuis 13 in montagerichting, dat wil zeggen tegen de in figuur 1 door een pijl 33 aangeduide
Claims (5)
1. Hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen, in het bijzonder voor het decaperen 35 van walsstaal, met een voor de vloeistoftoevoer dienende aansluitnippel, die een over haar gehele lengte cilindrisch binnenvlak voor het opnemen van een vlakstraalsproeier vertoont, en met een aan het nippel-uiteinde in axiale richting (tegen de stromingsrichting) monteerbare, in ondraaibare stand met gedefinieerd straalvlak bevestigbare vlakstraalsproeier, waarvan het sproeierhuis aan zijn buitenomtreksvlak twee diametraal tegenover elkaar liggende evenwijdige vlakken (zogenaamde tweekant) vertoont, die met twee 40 passende, aan het uiteinde van de aansluitnippel aan de binnenzijde aangebrachte evenwijdige vlakken (zogenaamde binnentweekant) samenwerken, en waarbij het sproeierhuis aan zijn buitenomtreksvlak een ribbe vertoont, die - voor de axiale borging van de vlakstraalsproeier aan de aansluitnippel - met een op een buitenschroefdraad van de aansluitnippel schroefbare wartelmoer samenwerkt, met het kenmerk, dat het zich aan beide zijden van de evenwijdige vlakken (tweekant 21,22) uitstrekkende, door de aansluit-45 nippel (10) opgenomen buitenomtreksvlak (30) van het sproeierhuis (130) over het overwegende deel (I,) van zijn langsuitstrekking (I, + l2) tot aan het (aan de nippelzijde gelegen) kopse vlak (31) conisch is uitgevoerd, zodanig dat het in de montagerichting (tegen de stromingsrichting 33) smaller wordt.
2. Hogedruk-sproeierinrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het buitenomtreksvlak (30) van het sproeierhuis (13) over ongeveer tweederde (I,) van zijn langsuitstrekking (I., + l2) conisch en over zijn 50 zich tot aan de ribbe (14) uitstrekkende restlengte (l2) (ongeveer een derde van zijn langsuitstrekking) cilindrisch is uitgevoerd.
3. Hogedruk-sproeierinrichting volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de kegelhoek (β) van het buitenomtreksvlak (30) van het sproeierhuis (13) 5° of in wezen 5° bedraagt (figuur 2).
3 193444 stromingsrichting van de vloeistof, smaller wordt, en wel tot aan het aan de nippelzijde gelegen kopse vlak 31 van het sproeierhuis 13. De kegelhoek β bedraagt bij het getoonde uitvoeringsvoorbeeld 5° (zie figuur 2). Het conische gebied l1 bedraagt ongeveer tweederde van de totale lengte (I, + l2) van het buitenomtreksvlak 30.
5 Door de in de tekening zichtbare en hiervoor beschreven coniciteit van een overwegend deel van het buitenomtreksvlak 30 van het sproeierhuis 13 wordt zowel de montage alsook de demontage van het sproeierhuis 13 en daarmede van de totale vlakstraalsproeier 12 wezenlijk vergemakkelijkt (vergelijk hiertoe ook de hiervoor beschreven voordelen). De demontage van het sproeierhuis 13 resp. van de vlakstraalsproeier 12 van de aansluitnippel 10 kan nu daardoor verder worden vergemakkelijkt, dat men aan het 10 sproeierhuis 13 een demontagehulp toevoegt. Deze is in detail in figuren 5 tot 7 te zien. Uit figuur 5 blijkt, dat de in zijn geheel met 32 aangeduide demontagehulp in dwarsrichting (dat wil zeggen onder een rechte hoek ten opzichte van de stromingsrichting 33) op het sproeierhuis 13 wordt geschoven, nadat tevoren de wartelmoer (zie figuur 1) is verwijderd. De montage- en demontagerichting van de demontagehulp 32 zijn in figuur 5 door een dubbele pijl 34 aangeduid. Uit figuur 5 blijkt voorts, dat de demontagehulp 32 met de ribbe 15 14 van het sproeierhuis 13 samenwerkt, die voor dit doel een ringgroef 37 bezit, waarin een halfcirkelvormige voortzetting 38 van de demontagehulp 32 radiaal grijpt. De constructieve opbouw van de demontagehulp 32 blijkt nu in detail uit figuren 6 en 7. Volgens deze figuren bestaat de demontagehulp 32 uit een in wezen cilindrisch basislichaam 39 met afgezette doorgaande axiale boring 40. Het basislichaam 39 vertoont bij een naar het sproeierhuis 13 toegekeerd deel van 20 zijn langsuitstrekking een radiale infrezing 41. In het van het sproeierhuis 13 afgekeerde deel van de axiale boring 40, dat niet door de zijdelingse infrezing 41 is doordrongen, is een binnenschroefdraad 42 aangebracht. In de binnenschroefdraad 42 kan een in de handel gebruikelijke stiftuittrekker worden geschroefd. Aansluitend kan de demontage van het sproeierhuis 13 (en daarmede ook van de totale vlakstraalsproeier 12) in pijlrichting 43 (figuur 5) plaatsvinden.
25 Teneinde een verdraaien van de demontagehulp 32 in zijn montagestand (figuur 5) resp. tijdens de hiervoor beschreven demontagestap te verhinderen, is in een schroefdraadboring 44 van het basislichaam 39 een door een drukveer belaste kogel aangebracht, die als grendelinrichting met de buitenwand van het sproeierhuis 13 samenwerkt. De voorspanning van de drukveer kan door een in de schroefdraadboring 44 geschroefde stiftschroef 45 worden gevarieerd. 30
4. Hogedruk-sproeierinrichting volgens conclusie 1, 2 of 3, met het kenmerk, dat het sproeierhuis (13) is 55 ingericht om met een in dwarsrichting (onder rechte hoek ten opzichte van de stromingsrichting (33)) op het sproeierhuis (13) na verwijdering van de wartelmoer (18) schuifbare demontagehulp (32) samen te werken, waarbij de ribbe (14) van het sproeierhuis (13) een ringgroef (37) vertoont, waarin een halfcirkelvormige 193444 4 voortzetting (38) van de demontagehuip (32) radiaal naar binnen grijpt.
5. Hogedruk-sproeierinrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de demontagehuip (32) uit een in wezen cilindrisch basisiichaam (39) met afgezette doorgaande axiale boring (40) bestaat, en dat het basislichaam (39) op een naar het sproeierhuis (13) toegekeerd deel van zijn langsuitstrekking een radiale 5 infrezing (41) vertoont, en dat het van het sproeierhuis (13) afgekeerde deel van de axiale boring (40), die niet door de zijdelingse infrezing (41) is doorgedrongen, een binnenschroefdraad (42) bezit, waarin een in de handel gebruikelijke stiftuittrekker schroefbaar is. Hierbij 4 bladen tekening
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| DE9217671U DE9217671U1 (de) | 1992-12-24 | 1992-12-24 | Hochdruck-Düsenanordnung zur Versprühung von Flüssigkeiten, insbesondere zur Entzunderung von Walzstahl |
| DE9217671 | 1992-12-24 |
Publications (3)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL9300319A NL9300319A (nl) | 1994-07-18 |
| NL193444B NL193444B (nl) | 1999-07-01 |
| NL193444C true NL193444C (nl) | 1999-11-02 |
Family
ID=6887559
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL9300319A NL193444C (nl) | 1992-12-24 | 1993-02-22 | Hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen. |
Country Status (4)
| Country | Link |
|---|---|
| BE (1) | BE1007021A3 (nl) |
| DE (1) | DE9217671U1 (nl) |
| LU (1) | LU88226A1 (nl) |
| NL (1) | NL193444C (nl) |
Families Citing this family (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE10163102A1 (de) * | 2001-12-20 | 2003-07-10 | Alto Deutschland Gmbh | Hochdruckdüse, insbesondere für ein Hochdruckreinigungsgerät |
| BR0309038A (pt) * | 2002-12-25 | 2005-02-01 | Kyoritsu Gokin Co Ltd | Bocal de remoção de carepas e bico bocal em carbureto |
Family Cites Families (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US3792711A (en) * | 1972-10-17 | 1974-02-19 | Ireco Industries | Irrigation trail line drain valves |
| US4533005A (en) * | 1983-11-21 | 1985-08-06 | Strata Bit Corporation | Adjustable nozzle |
| DE3804878A1 (de) * | 1988-02-17 | 1989-08-31 | Hoellmueller Hans | Maschine zum aetzen von gegenstaenden |
| DE9109175U1 (de) * | 1991-07-25 | 1991-10-02 | Lechler Gmbh & Co Kg, 7012 Fellbach | Hochdruck-Düsenanordnung zur Versprühung von Flüssigkeiten, insbesondere zur Entzunderung von Walzstahl |
-
1992
- 1992-12-24 DE DE9217671U patent/DE9217671U1/de not_active Expired - Lifetime
-
1993
- 1993-01-21 BE BE9300061A patent/BE1007021A3/fr not_active IP Right Cessation
- 1993-02-17 LU LU88226A patent/LU88226A1/de unknown
- 1993-02-22 NL NL9300319A patent/NL193444C/nl not_active IP Right Cessation
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| NL9300319A (nl) | 1994-07-18 |
| BE1007021A3 (fr) | 1995-02-21 |
| NL193444B (nl) | 1999-07-01 |
| DE9217671U1 (de) | 1993-02-25 |
| LU88226A1 (de) | 1993-10-27 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| EP1318885B1 (de) | Zerspanungswerkzeug | |
| DE4034695A1 (de) | Spruehduese | |
| EP0600937A1 (de) | Rotordüse für ein hochdruckreinigungsgerät. | |
| DE69302685T2 (de) | Schwenkverbindungsglied | |
| EP0455945A1 (de) | Befestigungseinrichtung zur lösbaren Verbindung einer Strebe an einer Säule | |
| WO2018099980A1 (de) | Düsenvorrichtung mit konkaver öffnungskonfiguration und verfahren zur abgabe eines viskosen auftragmediums | |
| DE19531230C5 (de) | Flüssigkeitsstrahlreinigungsgerät | |
| NL9300319A (nl) | Hogedruk-sproeierinrichting voor het versproeien van vloeistoffen, in het bijzonder voor het decaperen van walsstaal. | |
| DE8816726U1 (de) | Laserdüsenkopf | |
| DE3142663A1 (de) | "spritzrohr mit flachstrahlduesen" | |
| DE4224861A1 (de) | Wischarmbefestigung für Kraftfahrzeug-Scheibenwischer | |
| DE9419809U1 (de) | Düseneinsatz für einen Düsenkopf einer Hochdruckwasserstrahleinrichtung | |
| DE4003784C2 (nl) | ||
| DE10037662B4 (de) | Vorrichtung zur Brennkammerreinigung | |
| EP1887166A2 (de) | Bodenbefestigungsvorrichtung für Rohre | |
| DE3821085C2 (nl) | ||
| DE102004046365A1 (de) | Vorrichtung zum Entgraten eines Bauteils | |
| DE9109175U1 (de) | Hochdruck-Düsenanordnung zur Versprühung von Flüssigkeiten, insbesondere zur Entzunderung von Walzstahl | |
| DE9208050U1 (de) | Behälter zur versprühenden Ausgabe von Flüssigkeit | |
| DE10356491A1 (de) | Zweistoffsprühdüse und Verwendung zur Beschichtung von festen Arzneiformen | |
| DE19607224A1 (de) | Schwenkbare Flachstrahl-Sprühdüse | |
| DE20215396U1 (de) | Vorrichtung zur Fixierung und Arretierung von Spritzdüsen | |
| DE6938827U (de) | Zentriervorrichtung mit werkzeugtraeger. | |
| DE1630528C3 (de) | Außenrückblickspiegel, insbesondere für Kraftfahrzeuge | |
| DE19951588A1 (de) | Vorrichtung zur Positionsbestimmung oder Ausmessung eines Loches |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| BA | A request for search or an international-type search has been filed | ||
| BA | A request for search or an international-type search has been filed | ||
| BB | A search report has been drawn up | ||
| BC | A request for examination has been filed | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20120901 |