NL2000462C2 - Schouderbeschermer, en harnasgordel. - Google Patents

Schouderbeschermer, en harnasgordel. Download PDF

Info

Publication number
NL2000462C2
NL2000462C2 NL2000462A NL2000462A NL2000462C2 NL 2000462 C2 NL2000462 C2 NL 2000462C2 NL 2000462 A NL2000462 A NL 2000462A NL 2000462 A NL2000462 A NL 2000462A NL 2000462 C2 NL2000462 C2 NL 2000462C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
shoulder
top layer
layer
rubber
belt
Prior art date
Application number
NL2000462A
Other languages
English (en)
Inventor
Leonardus Antonius Maria Elders
Johannes Gerardus Steenkamer
Original Assignee
Consulo
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Consulo filed Critical Consulo
Priority to NL2000462A priority Critical patent/NL2000462C2/nl
Priority to AT08705126T priority patent/ATE484203T1/de
Priority to PCT/NL2008/050057 priority patent/WO2008094040A1/en
Priority to EP08705126A priority patent/EP2109375B1/en
Priority to CA2676798A priority patent/CA2676798C/en
Priority to US12/525,497 priority patent/US8336125B2/en
Priority to DE602008003001T priority patent/DE602008003001D1/de
Application granted granted Critical
Publication of NL2000462C2 publication Critical patent/NL2000462C2/nl

Links

Classifications

    • AHUMAN NECESSITIES
    • A41WEARING APPAREL
    • A41DOUTERWEAR; PROTECTIVE GARMENTS; ACCESSORIES
    • A41D13/00Professional, industrial or sporting protective garments, e.g. surgeons' gowns or garments protecting against blows or punches
    • A41D13/05Professional, industrial or sporting protective garments, e.g. surgeons' gowns or garments protecting against blows or punches protecting only a particular body part
    • A41D13/0512Neck or shoulders area

Landscapes

  • Health & Medical Sciences (AREA)
  • Otolaryngology (AREA)
  • General Health & Medical Sciences (AREA)
  • Physical Education & Sports Medicine (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Textile Engineering (AREA)
  • Professional, Industrial, Or Sporting Protective Garments (AREA)
  • Emergency Lowering Means (AREA)
  • Materials For Medical Uses (AREA)
  • Pharmaceuticals Containing Other Organic And Inorganic Compounds (AREA)
  • Orthopedics, Nursing, And Contraception (AREA)

Description

Titel: Schouderbeschermer, en hamasgordel
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp, omvattende een bovenlaag, alsmede 5 een onderlaag, die veerkrachtig materiaal omvat, welke bovenlaag en onderlaag op elkaar zijn bevestigd.
In de bouwnijverheid worden regelmatig zware voorwerpen op de schouder gedragen. Bijvoorbeeld loopt een steigerbouwer vrijwel dagelijks met framebuizen, planken en dergelijke op zijn schouder. Hierdoor wordt de schouder plaatselijk zwaar 10 belast, hetgeen kan leiden tot beschadiging van de nervus thoracicus longus. Dit is de zenuw tussen het sleutelbeen en de bovenste rib, die onder de nekspieren in het zogenaamde schouderkuiltje loopt. Een dergelijke zenuwbeschadiging veroorzaakt een aandoening die wordt aangeduid met musculus serratus anterior paralyse. Hierbij is een uitstaand schouderblad of “vleugeltje” ontstaan op de rug onder de te zwaar belaste 15 schouder. Deze aandoening is in Nederland erkend als beroepsziekte.
Uit NL1016273 is een schouderbeschermer bekend, die is opgebouwd uit een onderlaag uit veerkrachtig materiaal en een bovenlaag uit hard materiaal. Het gewicht van het te dragen voorwerp wordt hierbij via de bovenlaag uit hard materiaal overgedragen op de onderlaag uit veerkrachtig materiaal. Die onderlaag verdeelt de 20 gewichtsbelasting op een zo groot mogelijk oppervlak van de desbetreffende schouder - die schouder ondervindt een vlakdruk in plaats van een puntdruk. Dit voorkomt plaatselijke overbelasting van de schouder.
Een bezwaar is echter dat de hard uitgevoerde bovenlaag het gevoel met het op de schouder rustende voorwerp reduceert. Dit is lastig bij het transporteren van het 25 voorwerp van de ene plaats naar de andere plaats, in het bijzonder als om een hoek moet worden gemanoeuvreerd.
Een doel van de uitvinding is een verbeterde inrichting te verschaffen voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp.
Dit doel is volgens de uitvinding bereikt doordat de bovenlaag rubber omvat. De 30 rubberen bovenlaag is enigszins veerkrachtig. Zowel de onderlaag als de bovenlaag zijn volgens de uitvinding uitgevoerd in een veerkrachtig materiaal. Hierdoor kunnen de onder- en bovenlaag samen in voldoende mate de gewichtsbelasting van het voorwerp 2 op de schouder verdelen over een zo groot mogelijk oppervlak, terwijl het gevoel met het voorwerp voldoende blijft gewaarborgd.
Een verder voordeel is dat de rubberen bovenlaag weersbestendig is -onafhankelijk van de buitentemperatuur blijven de eigenschappen van de 5 schouderbeschermer behouden. Ook verschaft de rubberen bovenlaag een relatief ruw draagoppervlak, zodat onbedoelde verschuiving van het zware voorwerp niet of nauwelijks optreedt. De rubberen bovenlaag is bovendien (zeer) slijtvast, hetgeen de levensduur van de schouderbeschermer gunstig beïnvloedt.
Daarnaast is voordelig dat personen met schouderklachten door toepassing van de 10 schouderbeschermer volgens de uitvinding eerder terug aan het werk kunnen gaan.
Door het gebruik van deze schouderbeschermer is bovendien gebleken, dat personen met een zwaar voorwerp op de schouder meer rechtop blijven lopen. Dit is ergonomisch gunstig en reduceert het risico van rugklachten. Ook zal minder snel “occupational cervical disorder” optreden, d.w.z. een nekaandoening die ontstaat als de 15 nek wordt gebogen terwijl een zwaar voorwerp op de schouder rust.
Het rubber van de bovenlaag kan elk soort synthetische en/of natuurlijke rubber omvatten. Bijvoorbeeld omvat het rubber van de bovenlaag styreen butadieen rubber (SBR). De bovenlaag kan zijn gevormd door een SBR-strook. Ook is bijvoorbeeld een standaardrubber of een andere soort rubber geschikt.
20 In een uitvoeringsvorm heeft de bovenlaag een dikte tussen 3-7 mm, welke dikte bij voorkeur tussen 4-6 mm is, zoals in hoofdzaak 5 mm. De bovenlaag kan vanzelfsprekend een afwijkende dikte bezitten. Een dikte van 4-6 mm, in het bijzonder 5 mm, is gunstig gebleken in combinatie met een veerkrachtige onderlaag en rubberen bovenlaag. Deze dikte is enerzijds voldoende groot om te waarborgen dat de puntdruk 25 van het voorwerp op de schouder zodanig wordt verdeeld, dat geen zenuwaandoening of andere nek- en/of schouderaandoening ontstaat. Anderzijds blijft de schouderbeschermer voldoende dun, zodat de persoon gevoel houdt met het op de schouder rustende voorwerp. Bovendien is een dikkere bovenlaag minder plooibaar, zodat een voorwerp op het middengebied van de bovenlaag het voor- en achtereind 30 daarvan omhoog zou kunnen drukken. Verder blijft het gewicht van de schouderbeschermer met de bovengenoemde dikte relatief laag.
Het is mogelijk, dat de bovenlaag een integraal gevormde rubberen strook omvat, waarin dwars verlopende insnijdingen zijn aangebracht. De rubberen strook uit één stuk 3 ligt tijdens gebruik in langsrichting daarvan over een schouder. De dwars op de langsrichting van de strook verlopende insnijdingen vergemakkelijken het plooien van de schouderbeschermer over de schouder. Afhankelijk van de rubbersoort en dikte van de bovenlaag en de diepte van de insnijdingen, kan de schouderbeschermer zelfs 5 oprolbaar zijn. Als de dikte van de rubberen strook in hoofdzaak 5 mm bedraagt, kan de diepte van de insnijdingen bijvoorbeeld in hoofdzaak 3 mm zijn. Vanzelfsprekend is het mogelijk dat de insnijdingen zich dieper of minder diep in de rubberen strook uitstrekken.
In een uitvoeringsvorm omvat het veerkrachtige materiaal van de onderlaag 10 ethyleen propyleen dieen monomeer of terpolymeer (EPDM) omvat. De onderlaag is bijvoorbeeld gevormd door een integraal gevormde EPDM celrubberstrook. De onderlaag kan echter ook een polyethyleen (PE) schuimlaag of nog ander veerkrachtig materiaal omvatten.
Het is daarbij mogelijk, dat de onderlaag een dikte tussen 3-7 mm heeft, welke 15 dikte bij voorkeur tussen 4-6 mm is, zoals in hoofdzaak 5 mm. Deze dikte van de onderlaag geeft in combinatie met de hierboven genoemde dikte van de mbberen bovenlaag aanleiding tot een schouderbeschermer die het risico van zenuwaandoeningen of andere nek- en/of schouderaandoeningen vermindert, voldoende gevoel met het gedragen voorwerp verschaft en relatief licht en 20 gebruiksvriendelijk is.
In een uitvoeringsvorm omvat de onderlaag ten minste een uitsparing, die de onderzijde van de rubberen bovenlaag vrijgeeft, en waarbij in die uitsparing een klittenband is bevestigd aan de rubberen bovenlaag, welke klittenband een dwars verlopende lus vormt, waarin een schouderband opneembaar is.
25 Hierbij kan de klittenband twee lippen bezitten, waarbij de eerste lip aan de bovenzijde daarvan klittend kan samenwerken met de onderzijde van de tweede lip, en waarbij de lippen elk een bevestigingsrand bezitten, die aangrenzend aan respectievelijk de in langsrichting verlopende randen van de uitsparing zijn bevestigd aan de onderzijde van de rubberen bovenlaag. Bijvoorbeeld zijn de lippen van de 30 klittenband aan de bovenlaag genaaid.
De lippen van de klittenband vormen tijdens gebruik een gesloten lus. Een schouderband verloopt in langsrichting onder de veerkrachtige onderlaag van de schouderbeschermer en onder de lus van klittenband. De schouderband is hierdoor 4 stevig vastgeklemd - de schouderband en de schouderbeschermer zijn ten opzichte van elkaar gefixeerd. Hierdoor is gewaarborgd dat de schouderbeschermer op de juiste positie is aangebracht tijdens het dragen van voorwerpen op de schouder. Dit is belangrijk voor het voorkomen van zenuwaandoeningen of andere nek- en/of 5 schouderaandoeningen.
De vorm en afmetingen van de schouderbeschermer zijn aangepast aan de schouder van een volwassen persoon. De schouderbeschermer kan in een universele maat of in verschillende maten zijn uitgevoerd. Bijvoorbeeld heeft de bovenlaag een lengte tussen 20-30 cm, welke lengte bij voorkeur in hoofdzaak 25 cm is. Daarbij kan 10 de bovenlaag zijn voorzien van een vooreind, een middengebied en een achtereind, waarbij het middengebied breder is dan het vooreind en het achtereind. De maximale breedte van de bovenlaag ligt bijvoorbeeld tussen 10-12 cm, welke maximale breedte bij voorkeur in hoofdzaak 11 cm is.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een hamasgordel, omvattende twee 15 schouderbanden en twee beenbanden, alsmede een inrichting voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp zoals hierboven beschreven, waarbij de schouderbanden elk zijn verbonden met telkens een beenband, en waarbij de inrichting is aangebracht aan een van de schouderbanden.
Het is mogelijk, dat de schouderbanden en de beenbanden van de hamasgordel 20 onderling zijn verbonden door bevestiging daarvan aan een koppelstuk. Het koppelstuk is bijvoorbeeld gevormd door een rugplaatstuk, waar de schouderbanden en beenbanden samenkomen. Verder kan de hamasgordel extra banden omvatten, zoals een borstband die dwars tussen de schouderbanden is aangebracht.
In een uitvoeringsvorm is een vanglijn verbonden met een van de banden van de 25 hamasgordel. De vanglijn is meestal niet langer dan 2 meter, zoals 1,5 meter. De vanglijn kan worden verankerd aan een verankeringspunt, bijvoorbeeld met een haak aan het uiteinde van de vanglijn. Dit is bijvoorbeeld gunstig bij toepassing van de hamasgordel bij steigerbouw of andere bouwactiviteiten met valgevaar. Een steigerbouwer kan de haak van de vanglijn dan aan een framebuis van de steiger 30 bevestigen.
Daarbij kan de vanglijn zijn voorzien van een valdemper. In werksituaties waar het gevaar voor vallen bestaat, is een hamasgordel met vanglijn en valdemper wenselijk 5 of zelfs verplicht. De valdemper kan de valkrachten absorberen bij een val van de persoon die de hamasgordel draagt.
De uitvinding zal thans nader worden toegelicht aan de hand van het in de tekening weergegeven uitvoeringsvoorbeeld.
5 Figuur 1 toont een vooraanzicht van een hamasgordel.
Figuur 2 toont een achteraanzicht van de in figuur 1 getoonde hamasgordel.
Figuur 3 toont een bovenaanzicht van een inrichting voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp.
Figuur 4 toont een onderaanzicht van de in figuur 3 getoonde inrichting.
10 Figuur 5 toont een aanzicht in dwarsdoorsnede volgens V-V in figuur 3.
In figuur 1 en 2 is een uitvoeringsvoorbeeld van een hamasgordel weergegeven, die in zijn geheel is aangeduid met 1. Deze hamasgordel 1 omvat twee schouderbanden 3,4 en twee beenbanden 6,7. De schouderbanden 3,4 en de beenbanden 6,7 zijn onderling verbonden. De schouderbanden 3,4 verlopen kruiselings over de mg door een 15 koppelstuk 9. Tussen de schouderbanden 3,4 is een borstband 11 aangebracht. De hamasgordel 1 heeft bovendien een zitband 12.
De hamasgordel 1 volgens dit uitvoeringsvoorbeeld vormt een valbeveiliging. Hiervoor is de hamasgordel 1 voorzien van een vanglijn 14, die bevestigbaar is aan een van de banden, het koppelstuk of een ander onderdeel van de hamasgordel 1. De 20 vanglijn 14 is via een valdemper 15 verbonden met een haak 16. De haak 16 kan bijvoorbeeld aan een framebuis van een steiger worden verankerd (niet weergegeven).
De hamasgordel 1 omvat een inrichting 17 voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp 18. De inrichting 17 vormt in dit uitvoeringsvoorbeeld een schouderbeschermer, die is gefixeerd aan de hamasgordel 1. 25 Hoewel de schouderbeschermer 17 in figuur 1 en 2 rechts is weergegeven, kan de schouderbeschermer 17 zowel aan de linker schouderband 3 als de rechter schouderband 4 worden bevestigd.
De inrichting 17 kan bovendien los, als afzonderlijke schouderbeschermer, worden toegepast. Ook is het mogelijk dat de inrichting 17 anders dan met een 30 valgordel fixeerbaar is op een schouder, bijvoorbeeld door een enkele schouderband.
De schouderbeschermer 17 is meer in detail getoond in figuur 3-5. De schouderbeschermer 17 omvat een bovenlaag 19 en een onderlaag 20. De bovenlaag 19 en de onderlaag 20 bezitten elk een onderoppervlak 36 resp. 34 en een bovenoppervlak 6 37 resp. 35. Het onderoppervlak 34 van de onderlaag 20 is tijdens gebruik naar de schouder toegekeerd, terwijl het bovenoppervlak 35 daarvan tegen het onderoppervlak 36 van de bovenlaag 19 is aangebracht. De bovenlaag 19 en de onderlaag 20 zijn bijvoorbeeld aan elkaar gelijmd. Het bovenoppervlak 37 van de bovenlaag 19 vormt het 5 draagoppervlak dat tijdens gebruik in aanraking is met het te dragen voorwerp 18.
De bovenlaag 19 is in dit uitvoeringsvoorbeeld gevormd door een uit één stuk gevormde strook, die is gemaakt van styreen butadieen rubber (SBR). De als rubberen strook uitgevoerde bovenlaag 19 heeft een dikte van in hoofdzaak 5 mm. In de bovenlaag 19 zijn dwars verlopende insnijdingen 22 aangebracht. De insnijdingen 22 10 zijn in dit uitvoeringsvoorbeeld 3 mm diep. De insnijdingen 22 vergroten de buigzaamheid van de schouderbeschermer 17.
De onderlaag 20 is in dit uitvoeringsvoorbeeld gevormd door een uit één stuk gevormde strook, die is gemaakt van een veerkrachtig materiaal, zoals EPDM- of PE-schuim. De veerkrachtige onderlaag 20 heeft in dit geval een dikte van in hoofdzaak 5 15 mm. De totale dikte van de schouderbeschermer 17 is in dit uitvoeringsvoorbeeld ongeveer 1 cm.
Zoals getoond in figuur 4 is de onderlaag 20 voorzien van drie uitsparingen 24. Vanzelfsprekend kan het aantal uitsparingen groter of kleiner zijn - bijvoorbeeld heeft de onderlaag 20 slechts twee uitsparingen. De uitsparingen 24 laten de bijbehorende 20 gedeelten van de bovenlaag 19 vrij. In de uitsparingen 24 is telkens een lus van klittenband 26 opgenomen.
De klittenband 26 in elke uitsparing 24 heeft twee lippen 28,29. De eerste lip 28 en tweede lip 29 bezitten elk een bevestigingsrand 31, die is vastgenaaid aan het onderoppervlak 36 van de bovenlaag 19. De bevestigingsranden 31 verlopen 25 aangrenzend aan de langsranden 25 van de uitsparingen 24. Aan de bovenzijde van de eerste lip 28 is een haakstructuur voorzien. De tweede lip 29 heeft aan de onderzijde daarvan 11 lusstructuur, die klittend kan samenwerken met de haakstructuur. Vanzelfsprekend kunnen de haak- en lusstructuur omgekeerd zijn aangebracht, d.w.z. onder de tweede lip 29 respectievelijk op de eerste lip 28.
30 De schouderband 4 van de hamasgordel 1 is fixeerbaar tussen het onderoppervlak 36 van de bovenlaag 19 en de klittenband 26 van elke uitsparing 24. Hierdoor is gewaarborgd dat de schouderbeschermer 17 zich op de juiste positie bevindt. Tijdens 7 gebruik zal de schouderbeschermer 17 als gevolg van wrijving tussen de schouderband 4 en de klittenband 26 en de veerkrachtige onderlaag 20 niet of nauwelijks verschuiven.
De schouderbeschermer 17 heeft in dit uitvoeringsvoorbeeld een lengte van ongeveer 25,5 cm, terwijl de maximale breedte van de bovenlaag 19 ongeveer 11 cm is. 5 De maximale breedte van de bovenlaag 19 wordt bereikt in het middengebied van de bovenlaag (zie figuur 3). Het vooreind en het achtereind van de schouderbeschermer 17 is smaller uitgevoerd.
De uitvinding is niet beperkt tot het in de figuren weergegeven uitvoeringsvoorbeeld. De vakman kan verschillende aanpassingen maken die binnen de 10 reikwijdte van de uitvinding liggen. De vorm en afmetingen van de bovenlaag en de onderlaag kunnen bijvoorbeeld verschillend zijn.

Claims (15)

1. Inrichting voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp (18), omvattende een bovenlaag (19), alsmede een onderlaag (20), die 5 veerkrachtig materiaal omvat, welke bovenlaag (19) en onderlaag (20) op elkaar zijn bevestigd, met het kenmerk, dat de bovenlaag (19) rubber omvat.
2. Inrichting volgens conclusie 1, waarbij het rubber van de bovenlaag (19) styreen butadieen rubber (SBR) omvat. 10
3. Inrichting volgens conclusie 1 of 2, waarbij de bovenlaag (19) een dikte tussen 3-7 mm heeft, welke dikte bij voorkeur tussen 4-6 mm is, zoals in hoofdzaak 5 mm.
4. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de bovenlaag (19) 15 een integraal gevormde rubberen strook omvat, waarin dwars verlopende insnijdingen (22) zijn aangebracht.
5. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de bovenlaag (19) en de onderlaag (20) aan elkaar zijn gelijmd. 20
6. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij het veerkrachtige materiaal van de onderlaag (20) ethyleen propyleen dieen monomeer of terpolymeer (EPDM) omvat.
7. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de onderlaag (20) een dikte tussen 3-7 mm heeft, welke dikte bij voorkeur tussen 4-6 mm is, zoals in hoofdzaak 5 mm.
8. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de onderlaag (20) 30 ten minste een uitsparing (24) omvat, die de onderzijde (36) van de rubberen bovenlaag (19) vrijgeeft, en waarbij in die uitsparing (24) een klittenband (26) is bevestigd aan de rubberen bovenlaag (19), welke klittenband (26) een dwars verlopende lus vormt, waarin een schouderband (3,4) opneembaar is.
9. Inrichting volgens conclusie 8, waarbij de klittenband (26) twee lippen (28,29) heeft, waarbij de eerste lip (28) aan de bovenzijde daarvan klittend kan samenwerken met de onderzijde van de tweede lip (29), en waarbij de lippen (28,29) elk een 5 bevestigingsrand (31) bezitten, die aangrenzend aan respectievelijk de in langsrichting verlopende randen (25) van de uitsparing (24) zijn bevestigd aan de onderzijde (36) van de rubberen bovenlaag (19).
10. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de bovenlaag (19) 10 een lengte tussen 20-30 cm heeft, welke lengte bij voorkeur in hoofdzaak 25 cm is.
11. Inrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de bovenlaag (19) is voorzien van een vooreind, een middengebied en een achtereind, waarbij het middengebied breder is dan het vooreind en het achtereind. 15
12. Inrichting volgens conclusie 11, waarbij de maximale breedte van de bovenlaag (19) tussen 10-12 cm ligt, welke maximale breedte bij voorkeur in hoofdzaak 11 cm is.
13. Hamasgordel, omvattende twee schouderbanden (3,4) en twee beenbanden (6,7), 20 alsmede een inrichting (17) voor het beschermen van een schouder bij het daarop dragen van een voorwerp (18) volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de schouderbanden (3,4) elk zijn verbonden met telkens een beenband (6,7), en waarbij de inrichting (17) is aangebracht aan een van de schouderbanden (3,4).
14. Hamasgordel volgens conclusie 13, waarbij een vanglijn (14) is verbonden met een van de banden van de hamasgordel (1).
15. Hamasgordel volgens conclusie 14, waarbij de vanglijn (14) is voorzien van een valdemper (15).
NL2000462A 2007-02-01 2007-02-01 Schouderbeschermer, en harnasgordel. NL2000462C2 (nl)

Priority Applications (7)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2000462A NL2000462C2 (nl) 2007-02-01 2007-02-01 Schouderbeschermer, en harnasgordel.
AT08705126T ATE484203T1 (de) 2007-02-01 2008-02-01 Schulterschutz und sicherheitsgeschirr
PCT/NL2008/050057 WO2008094040A1 (en) 2007-02-01 2008-02-01 Shoulder protector and safety harness
EP08705126A EP2109375B1 (en) 2007-02-01 2008-02-01 Shoulder protector and safety harness
CA2676798A CA2676798C (en) 2007-02-01 2008-02-01 Shoulder protector and safety harness
US12/525,497 US8336125B2 (en) 2007-02-01 2008-02-01 Shoulder protector and safety harness
DE602008003001T DE602008003001D1 (de) 2007-02-01 2008-02-01 Schulterschutz und sicherheitsgeschirr

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2000462A NL2000462C2 (nl) 2007-02-01 2007-02-01 Schouderbeschermer, en harnasgordel.
NL2000462 2007-02-01

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2000462C2 true NL2000462C2 (nl) 2008-08-04

Family

ID=38458754

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2000462A NL2000462C2 (nl) 2007-02-01 2007-02-01 Schouderbeschermer, en harnasgordel.

Country Status (7)

Country Link
US (1) US8336125B2 (nl)
EP (1) EP2109375B1 (nl)
AT (1) ATE484203T1 (nl)
CA (1) CA2676798C (nl)
DE (1) DE602008003001D1 (nl)
NL (1) NL2000462C2 (nl)
WO (1) WO2008094040A1 (nl)

Families Citing this family (10)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE202006010717U1 (de) * 2006-07-11 2006-08-31 Skylotec Gmbh Gurtzeug
USD644700S1 (en) * 2010-09-21 2011-09-06 Bodylastics International, Inc Exercise and fitness device with extended sleeve
USD639356S1 (en) * 2010-09-21 2011-06-07 Bodylastics Int, Inc Exercise and fitness device with extended sleeve and carabineer
US20120273534A1 (en) * 2011-04-27 2012-11-01 Butler David O Unitary shoulder pad
US20120286007A1 (en) * 2011-05-09 2012-11-15 Butler David O Unitary shoulder pad and strap system
US8584799B1 (en) * 2011-06-28 2013-11-19 Mark Dennington Fall-arresting safety harness assembly
AU2012282886B2 (en) * 2011-07-08 2016-09-22 Cobham Mission Systems Davenport Lss Inc. Restraint system with dual release mechanisms
USD798058S1 (en) 2016-05-23 2017-09-26 Justin Thomas Miller Shoulder guard for carrying bricks, plywood and the like
EP3706441B1 (en) 2019-03-07 2025-01-22 Oticon A/s A hearing device comprising a sensor configuration detector
WO2021124404A1 (ja) * 2019-12-16 2021-06-24 株式会社谷沢製作所 安全帯

Citations (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US5155869A (en) * 1990-11-20 1992-10-20 Ralli Mirianne M Contoured shoulder pad with closeable pocket for valuables
US5319806A (en) * 1991-06-17 1994-06-14 Jeffery Allen Hermann Shoulder guard harness
EP0744192A2 (en) * 1995-05-26 1996-11-27 Otis Elevator Company Fall protection safety suit
US5590826A (en) * 1992-09-21 1997-01-07 Sakase Textile Co., Ltd. Protector
US6202214B1 (en) * 1999-11-05 2001-03-20 Edward A. Light Padded shoulder protection device
NL1016273C1 (nl) * 2000-09-26 2002-03-27 Spreeuwenberg Steigerbouw B V Werkwijze voor het op de schouder dragen van voorwerpen en toepassing van bij de werkwijze te gebruiken hulpinrichting.
US20020184695A1 (en) * 2001-06-08 2002-12-12 Fowler Sandra S. Protective hand guard
JP2004091951A (ja) * 2002-08-30 2004-03-25 Tomoka Ikemoto 肩当て

Family Cites Families (19)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US3444957A (en) * 1967-12-13 1969-05-20 Rose Mfg Co Shock absorber for safety belt
US4100996A (en) * 1977-06-06 1978-07-18 Sharp Jonathan E Shock absorber for a safety belt lanyard
US4272850A (en) * 1979-05-25 1981-06-16 W. H. Brine Company Body protective pads
US4384372A (en) * 1980-07-21 1983-05-24 Rector Michael H Back support belt attachment
US4401246A (en) * 1981-01-19 1983-08-30 Torel, Inc. Adjustable carrying strap
US4795399A (en) * 1987-09-08 1989-01-03 Davis Walter W Brassiere shoulder strap bearing pad
US4887318A (en) * 1989-03-03 1989-12-19 Weinreb Robert L Shoulder pad
US5174410A (en) * 1991-05-28 1992-12-29 Db Industries, Inc. Shock absorber safety system for workers and method of making same
US5259833A (en) * 1992-09-15 1993-11-09 Barnett Larry W Back bending motion limiting apparatus
US5806733A (en) * 1996-11-26 1998-09-15 Nepsco, Inc. Shoulder carrying strap
US6101637A (en) * 1999-04-12 2000-08-15 Lessard; Wilfred E. Shoulder protector
US6267280B1 (en) * 2000-04-24 2001-07-31 Howard Silagy Strap cushioning pad and lacing method of attachment
GB0130834D0 (en) * 2001-12-22 2002-02-06 Design Blue Ltd Energy absorbing material
US6971476B2 (en) * 2003-09-05 2005-12-06 D B Industries, Inc. Safety harness
US20050229286A1 (en) * 2004-04-20 2005-10-20 Tseng Yung-Lung Golf glove and replaceable saving pads
US20060054387A1 (en) * 2004-08-17 2006-03-16 Paul-Emile Fortin Saftey harness
US20060210789A1 (en) * 2005-03-18 2006-09-21 Shiun Jiug Industrial Co., Ltd. Skid-proof and ventilated cushion
US20070143908A1 (en) * 2005-12-24 2007-06-28 Ricardo Phillips Shoulder protector
USD649291S1 (en) * 2010-04-21 2011-11-22 Cappuccio Louis W Protective shoulder pad

Patent Citations (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US5155869A (en) * 1990-11-20 1992-10-20 Ralli Mirianne M Contoured shoulder pad with closeable pocket for valuables
US5319806A (en) * 1991-06-17 1994-06-14 Jeffery Allen Hermann Shoulder guard harness
US5590826A (en) * 1992-09-21 1997-01-07 Sakase Textile Co., Ltd. Protector
EP0744192A2 (en) * 1995-05-26 1996-11-27 Otis Elevator Company Fall protection safety suit
US6202214B1 (en) * 1999-11-05 2001-03-20 Edward A. Light Padded shoulder protection device
NL1016273C1 (nl) * 2000-09-26 2002-03-27 Spreeuwenberg Steigerbouw B V Werkwijze voor het op de schouder dragen van voorwerpen en toepassing van bij de werkwijze te gebruiken hulpinrichting.
US20020184695A1 (en) * 2001-06-08 2002-12-12 Fowler Sandra S. Protective hand guard
JP2004091951A (ja) * 2002-08-30 2004-03-25 Tomoka Ikemoto 肩当て

Also Published As

Publication number Publication date
EP2109375B1 (en) 2010-10-13
WO2008094040A1 (en) 2008-08-07
CA2676798A1 (en) 2008-08-07
EP2109375A1 (en) 2009-10-21
US8336125B2 (en) 2012-12-25
ATE484203T1 (de) 2010-10-15
DE602008003001D1 (de) 2010-11-25
US20100101892A1 (en) 2010-04-29
CA2676798C (en) 2015-09-15

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL2000462C2 (nl) Schouderbeschermer, en harnasgordel.
US4735423A (en) Sliding rump shield
US6154982A (en) Readily mountable traction enhancing attachment for footwear
US6378746B1 (en) Infant carrier seat sling
US9867408B2 (en) Knee pad device
US5941438A (en) Utility belt
US5507422A (en) Contoured pad for a shoulder strap
US5455969A (en) Multi-purpose improved hinged knee protector
US7096508B2 (en) Kneepad
US5207364A (en) Shoulder protection device for ladder transport
US10757987B2 (en) Knee pad device
US10441008B2 (en) Protection device
US20050121927A1 (en) Hand shield
US12121113B2 (en) Buckle and pet restraint device containing the same
US5911479A (en) Seatbelt comfort pad
US8959722B2 (en) Apparatus for comfortably hanging keys and other key-ring accessories within a slash-type clothing pocket
KR20130002167U (ko) 무릎보호를 위한 삼각쿠션
US3611438A (en) Abdominal protection apron
EP3897262B1 (en) Protective knee pad
US7434301B1 (en) Shoulder protecting assembly
CA2575128A1 (fr) Dispositif de ceinture pour transport de charge
US20160227910A1 (en) Carrying Assembly
KR101316114B1 (ko) 의자
JP4031321B2 (ja) プラットホーム取付材
US20130062375A1 (en) System for carrying a plurality of bags

Legal Events

Date Code Title Description
PD2B A search report has been drawn up
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20120901