NL2000995C2 - Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting. - Google Patents
Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2000995C2 NL2000995C2 NL2000995A NL2000995A NL2000995C2 NL 2000995 C2 NL2000995 C2 NL 2000995C2 NL 2000995 A NL2000995 A NL 2000995A NL 2000995 A NL2000995 A NL 2000995A NL 2000995 C2 NL2000995 C2 NL 2000995C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- cylinder
- drain
- overflow
- rotatable
- closing device
- Prior art date
Links
- 230000000903 blocking effect Effects 0.000 title claims abstract description 4
- 238000007789 sealing Methods 0.000 claims 6
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 14
- 230000008439 repair process Effects 0.000 description 3
- 239000004809 Teflon Substances 0.000 description 2
- 229920006362 Teflon® Polymers 0.000 description 2
- 230000008878 coupling Effects 0.000 description 2
- 238000010168 coupling process Methods 0.000 description 2
- 238000005859 coupling reaction Methods 0.000 description 2
- 230000007547 defect Effects 0.000 description 2
- 230000003670 easy-to-clean Effects 0.000 description 2
- 230000007257 malfunction Effects 0.000 description 2
- 208000027418 Wounds and injury Diseases 0.000 description 1
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 1
- 230000006378 damage Effects 0.000 description 1
- 239000002783 friction material Substances 0.000 description 1
- 208000014674 injury Diseases 0.000 description 1
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 1
- 238000012423 maintenance Methods 0.000 description 1
- 239000000463 material Substances 0.000 description 1
- 230000007246 mechanism Effects 0.000 description 1
- 239000012528 membrane Substances 0.000 description 1
- 238000000034 method Methods 0.000 description 1
- 235000019645 odor Nutrition 0.000 description 1
- 239000004033 plastic Substances 0.000 description 1
- 229920003023 plastic Polymers 0.000 description 1
- 230000035945 sensitivity Effects 0.000 description 1
- 238000009423 ventilation Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E03—WATER SUPPLY; SEWERAGE
- E03C—DOMESTIC PLUMBING INSTALLATIONS FOR FRESH WATER OR WASTE WATER; SINKS
- E03C1/00—Domestic plumbing installations for fresh water or waste water; Sinks
- E03C1/12—Plumbing installations for waste water; Basins or fountains connected thereto; Sinks
- E03C1/22—Outlet devices mounted in basins, baths, or sinks
- E03C1/23—Outlet devices mounted in basins, baths, or sinks with mechanical closure mechanisms
- E03C1/232—Outlet devices mounted in basins, baths, or sinks with mechanical closure mechanisms combined with overflow devices
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Environmental & Geological Engineering (AREA)
- Health & Medical Sciences (AREA)
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Hydrology & Water Resources (AREA)
- Public Health (AREA)
- Water Supply & Treatment (AREA)
- Sink And Installation For Waste Water (AREA)
Description
Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting
De uitvinding betreft een afsluitinrichting voor sanitaire toepassing, alsmede een 5 samenstel van een dergelijke afsluitinrichting met een sanitaire inrichting.
Bekende sanitaire inrichtingen zoals een bad, wastafel of bidet, zijn voorzien van een wateraanvoer en een afvoer om het water na gebruik af te voeren. Om water te verzamelen in bijvoorbeeld het bad of de wastafel is de afvoer doorgaans afsluitbaar.
10 Een zeer eenvoudige afsluiter is bijvoorbeeld een mbber stop. In modernere sanitaire inrichtingen is de afsluiter vaak weggewerkt in de sanitaire inrichting, waarbij middels een bedieningsorgaan in de inrichting de afsluiter tussen een ‘open’ of ‘dichte’ positie kan worden geschakeld. Een nadeel is dat het bedieningsorgaan door gebruikers als onhandig wordt ervaren, en vaak het gebruik van het bad of wastafel belemmert, met 15 name indien het bedieningsorgaan in de wand is aangebracht. Ook zijn de mechanische of elektrische koppelingen tussen het bedieningsorgaan en de afsluiter vaak relatief ingewikkeld, en daardoor relatief gevoelig voor storingen en defecten. Een ander nadeel is dat de weggewerkte afsluiter moeilijk bereikbaar is voor onderhoud en reparaties. Voor het verhelpen van defecten kan het soms nodig zijn het hele bad te verplaatsen.
20
Naast een afsluiter zijn de meeste sanitaire inrichtingen voorzien van een overloop. Een overloop zorgt er voor dat de inrichting waarvan de afvoer gesloten is niet kan overlopen. Dergelijke overloopinrichtingen bestaan uit een extra afvoeropening die in de wand van een basin van de sanitaire inrichting is aangebracht nabij het hoogst 25 mogelijke vulniveau, waardoor overtollig water via een omleiding langs de afsluiter naar de afvoer kan worden gevoerd. Een nadeel van bestaande overloopinrichtingen is dat de openingen in het basin moeilijk schoon te maken zijn en daardoor hygiënische nadelen geven. Daarnaast bestaat er ook het gevaar van verwondingen, bijvoorbeeld wanneer kinderen in bad hun vingers in de openingen steken.
30
De uitvinding beoogt een verbeterde afsluiter voor sanitaire inrichtingen te verschaffen.
De uitvinding verschaft daartoe een afsluitinrichting voor sanitaire toepassing, omvattende een behuizing, voorzien van een aanvoer en een afvoer, waarbij 2 een in de behuizing een om zijn lengteas roteerbare holle cilinder, een met de roteerbare holle cilinder verbonden bedieningsorgaan voor het roteren van de holle cilinder tussen een open rotatiepositie en een gesloten rotatiepositie, waarbij de cilinder is voorzien van ten minste één uitsparing gedimensioneerd en gepositioneerd voor het faciliteren van 5 een doorvoer door de cilinder tussen de aanvoer en de afVoer in de open rotatiepositie van de cilinder, en voor het blokkeren van de doorvoer in de gesloten rotatiepositie. Aldus wordt een bijzonder eenvoudige en compacte afsluit inrichting gerealiseerd. De onderdelen zijn vervaardigd uit voor sanitaire toepassingen acceptabele materialen, bij voorkeur vochtbestendige kunststoffen zoals PVC. De roteerbare holle cilinder kan ten 10 minste gedeeltelijk zijn opgesloten in een vormsluitend deel van de behuizing, bij voorkeur met gebruik van een wrijvingsarme laag zoals teflon op het contactoppervlak tussen de cilinder en de behuizing.
In een voorkeursuitvoering is de afsluitinrichting voorzien van ten minste twee 15 uitsparingen, waarbij in de open positie een eerste uitsparing een ingang vormt aansluitend op de toevoer, en de tweede uitsparing een uitgang vormt aansluitend op de afvoer, en waarbij in een gesloten positie ten minste één uitsparing een toegang vormt tot het binnenste van de cilinder, waarbij een wanddeel van de cilinder doorvoer door de cilinder blokkeert. Het wanddeel blokkeert dus de aanvoer of de afVoer. Aldus is de 20 cilinder eenvoudig te schakelen tussen een open of gesloten rotatiepositie.
Het is voordelig indien de afsluitinrichting is voorzien van ten minste drie uitsparingen, waarbij in de open positie een eerste uitsparing een ingang vormt aansluitend op de toevoer, en de tweede uitsparing een uitgang vormt aansluitend op de afVoer, en een 25 derde uitsparing is geblokkeerd door een wanddeel van de cilinder, en waarbij in een gesloten positie ten minste één uitsparing een toegang vormt tot het binnenste van de cilinder, waarbij een wand van de cilinder doorvoer naar de afvoer blokkeert. Aldus is de directe doorvoer door de cilinder geblokkeerd, maar is nog wel een toevoer dan wel afVoer vanaf of naar de cilinder mogelijk.
30
In een voorkeursuitvoering is de roteerbare cilinder voorzien van ten minste één overloopopening, welke in verticale richting boven de uitsparingen is gepositioneerd, welke overloopopening is aangesloten op een overloopdoorvoer die is verbonden met de afvoer. Aldus fungeert de afsluitinrichting tevens als overloopinrichting. Afhankelijk 3 van de wijze van aansluiten van de inrichting zal het overtollige water via de overloopopening worden afgevoerd aan de binnenzijde dan wel de buitenzijde van de cilinder, hetgeen in de figuren zal worden toegelicht.
5 Het is voordelig indien de overloopopening is aangesloten op een overloopafVoer middels een overloopruimte, waarbij de overloopruimte wordt begrensd door een buitenwand van de roteerbare cilinder, en een centrisch om de roteerbare cilinder aangebrachte buitencilinder. Aldus is de koppeling van de overloopafVoer en de overloopopening onafhankelijk van de stand van de roteerbare cilinder.
10
Het heeft de voorkeur indien de roteerbare cilinder is voorzien van meerdere overloopopeningen. Dit zorgt voor een grotere capaciteit, verminderde gevoeligheid voor verstoppingen en een gelijkmatigere afvoer van overtollig water.
15 Het is voordelig indien de inrichting is voorzien van borgmiddelen voor het borgen van de cilinder in de open positie en de gesloten positie. Aldus is het voor een gebruiker eenvoudig de juiste positie van de cilinder te bepalen. De borgmiddelen kunnen bijvoorbeeld een stoprand omvatten die de roteerbare cilinder in de gewenste positie fixeert.
20
In een voorkeursuitvoering omvatten de borgmiddelen een borgpin die is ingericht voor samenwerking met een geleidingssleuf van de roteerbare cilinder, waarbij de uiterste posities van de borgpin in de geleidingssleuf de open rotatiepositie en de gesloten rotatiepositie bepalen. Dergelijke borgmiddelen zijn bijzonder eenvoudig, accuraat en 25 degelijk.
Het is voordelig indien de cilinder losneembaar van de behuizing is uitgevoerd. Aldus is de inrichting eenvoudig schoon te maken en te repareren.
30 Bij voorkeur is het bedieningsorgaan aan een uiteinde van de roteerbare cilinder bevestigd. Dit maakt een zeer directe bediening van de roteerbare cilinder mogelijk, zonder tussenkomst van voor storing en slijtage gevoelige mechanische of elektronische installaties.
4
In een voorkeursuitvoering is het bedieningsorgaan losneembaar koppelbaar bevestigd met de roteerbare cilinder.
De uitvinding verschaft tevens een samenstel van een afsluitinrichting volgens de 5 uitvinding en een sanitaire inrichting. Gebruik van de afsluitinrichting geeft een grotere ontwerpvrijheid voor de sanitaire inrichting. Bij voorkeur wordt een uitvoering gebruikt die zowel als afsluitinrichting als overloop fungeert, zoals hierboven beschreven. In een voorkeursuitvoering is de sanitaire inrichting een bad, wastafel of bidet. Het heeft de voorkeur indien de afsluitinrichting is geïntegreerd met de sanitaire inrichting. Bij 10 dergelijke voorkeursuitvoeringen kan het bedieningsorgaan bijvoorbeeld in een wand of op een rand van de sanitaire inrichting zijn verwerkt.
De uitvinding zal nu worden toegelicht aan de hand van de volgende voorbeelden.
15 Figuren la - lc tonen een samenstel van een inrichting volgens de uitvinding en een badkuip.
Figuren 2a en2b tonen een detail van de afsluitinrichting.
Figuren 3a en 3b tonen nog een alternatieve voorkeursuitvoering 20 Figuur la toont een badkuip 1 voorzien van twee afVoerputjes 2, 3 die onder het basin 4 via leidingen 5 zijn aangesloten op een afsluitinrichting 6 volgens de uitvinding, die in meer detail is weergegeven in de schematische dwarsdoorsnede in figuur 1b. Na de afsluiter is een geurslot 7 geplaatst, waarna de afvoer verder loopt en bijvoorbeeld is verbonden met het riool 8. Het geurslot 7 (bijvoorbeeld een waterslot of membraan) 25 voorkomt dat geuren vanuit het riool via bijvoorbeeld de afsluitinrichting 6 of de afvoerputjes 2, 3 kunnen ontsnappen. Het bedieningsorgaan van de afsluitinrichting bevindt zich op de rand 9 van het bad, en maakt het mogelijk middels een eenvoudige rotatie te schakelen tussen een gesloten en een open stand (zie bijvoorbeeld de figuren 2a en 2b) van de afsluiter. In de gesloten toestand kan men het basin 4 vol laten lopen, 30 in de open toestand wordt het water uit het basin 4 afgevoerd naar het riool 8.
Aangezien de afsluitinrichting 6 tevens een overloop bevat, kan het bas in volledig vlak worden uitgevoerd, dus zonder uitsteeksels in de vorm van een bedieningsorgaan, of openingen voor een overloop. Dit is esthetisch aantrekkelijk en vergroot de ontwerpvrijheid voor het basin. Bovendien komt het ontbreken van uitkragende delen 5 en/of openingen in de zijwanden van het basin 4 de hygiëne en veiligheid van de badkuip 1 ten goede.
Figuur lb toont schematisch de badkuip 1 uit figuur la in een dwarsdoorsnede, met 5 overeenkomstige nummering. De afsluitinrichting 6 volgens de uitvinding omvat een behuizing 26 voorzien van een aanvoer 10 en een afvoer 11. De aanvoer 10 van de afsluitinrichting 6 is middels leidingen 5 aangesloten op de afvoerputjes 2, 3 van het basin 4 van het bad 1. In de behuizing 26 is een roteerbaar, hol cilindrisch lichaam 12 aangebracht, dat draaibaar is om zijn lengteas 13. De behuizing 26 is vormpassend met 10 de cilinder 12, waardoor eenvoudig voldoende waterdichtheid wordt bereikt. Ter hoogte van de aanvoer 10 en de afvoer 11 zijn in het cilindrische lichaam uitsparingen 14, 15, 16 aangebracht (zie inzet A), waarvan twee tegenoverliggende uitsparingen 14, 16 in de open stand van de afsluitinrichting aansluiten op de aanvoer 10 respectievelijk de afvoer 11. De aanvoer en afvoer zijn hier op gelijke hoogte afgebeeld, het is echter ook 15 denkbaar dat de aanvoer en afvoer zich op verschillende hoogten bevinden ten opzichte van de cilinder 12. Een geleidingsuitsparing 17 in de bodem 18 van het cilindrische lichaam 12 is ingericht voor samenwerking met een borgpen 19, die er voor zorgt dat de uiterste rotatiestanden van de cilinder 12 de open en de gesloten stand zijn (zie ook figuren 2a en 2b). In de open stand (zie inzet A) loopt het water 20 uit het basin 4 via de 20 aanvoer 10 via een ingang 14 het inwendige van de cilinder 12 binnen en via een uitgang 16 naar de afvoer 11. In de gesloten rotatiepositie van de cilinder wordt de uitgang echter geblokkeerd, zodat het basin 4 gevuld met water 20 blijft. Het basin 4 en de cilinder 12 zijn communicerende vaten, zodat de watemiveaus in beiden gelijk zijn. Voor het geval dat het bas in 4 dusdanig gevuld wordt met water 20 dat het dreigt over te 25 lopen, is het cilindrische lichaam 12 voorzien van één of meerder overloopuitsparingen 21, die zijn aangebracht op een hoogteniveau 22 dat vrijwel op gelijke hoogte met de rand 9 van het basin is gelegen, maar bij voorkeur juist onder de rand 9. In vergelijking met traditionele baden met een overloopopening kan dit bad tot een hoger niveau gevuld worden. Vanuit het binnenste van het cilindrische lichaam 12 loopt het overtollige water 30 20 via de overloopuitsparingen 21 via de ruimte 22 aan de buitenzijde van het cilindrische lichaam 12 naar een overloopafvoer 23 om verder te worden afgevoerd via dezelfde afvoerkanalen naar het riool 8. De overloopruimte 22 is ingesloten tussen de roteerbare cilinder 12 en een centrisch daar omheen geplaatste buitencilinder 24. Aan de bovenzijde is de cilinder 12 verbonden met het verzonken in de rand 9 gelegen 6 bedieningsorgaan 25, dat op verschillende manieren kan worden vormgegeven, bijvoorbeeld met een knop of een hendel. In dit geval is het bedieningsorgaan 25 een staafje dat diagonaal over de cilinder 12 is geplaatst, waarbij de cilinder aan de bovenzijde open is. De open bovenzijde van de cilinder functioneert als een 5 ventilatieopening. De niet-roterende geleider van de cilinder 12 steunt af op de buitencilinder 24. Het bedieningsorgaan 25 en de cilinder 12 zijn losneembaar uitgevoerd, zodat het bijzonder eenvoudig is de afsluitinrichting te reinigen of te repareren.
10 Figuur lc toont dat het bijzonder eenvoudig is de leiding 5 vanaf het afvoerputje 2, 3 te verbinden met de afvoer 11 in plaats van de toevoer 10. In dat geval zal in de gesloten draaipositie van de cilinder 12 bij dreigend overlopen van het basin 4 het water via de buis 23vanuit de overloopruimte 22 door de overloop-uitsparingen 21 aan de binnenzijde van de cilinder 12 overstromen, zoals in figuur lc met pijlen is afgebeeld 15
Figuur 2a en 2b tonen in detail het mechanisme van een afsluitrichting 30 vergelijkbaar met de inrichting 6 uit figuur lb. Figuur 2a toont de geopende positie, en figuur 2b de gesloten positie. In figuur 2a is te zien hoe de aanvoer 31 aansluit op een eerste ingang 32 van de holle cilinder 33, en een uitgang 34 aansluit op een afvoer 35. Een tweede 20 ingang 36 heeft in deze draaipositie geen functie en sluit slechts aan op een wand van de behuizing 37. De geopende positie wordt bepaald door een borgpen 38 in samenwerking met een geleidingssleuf 39 in de bodem van het cilindrische lichaam (zie ook figuur lb). De geleidingssleuf 39 vormt een cirkelboog met de rotatieas 40 van de cilinder 33 als middelpunt. Uiteraard is het ook denkbaar een omgekeerde constructie te maken, 25 waarbij de borgpen 38 op de cilinder is bevestigd, en de geleidingssleuf in de behuizing 37. Om een makkelijke rotatie mogelijk te maken volgens pijl A naar de gesloten toestand, is het zaak de wrijving op het contactoppervlak tussen de cilinder 33 en de behuizing 37 te minimaliseren. Dit kan bijvoorbeeld door wrijvingsarme materialen zoals teflon te gebruiken, en de grootte van het contactoppervlak te minimaliseren door 30 het gebruik van geleidingselementen. Tevens is het denkbaar roteerbare geleidingselementen te gebruiken, voor een nog lagere wrijvingsweerstand.
Figuur 2b toont de inrichting 30 uit figuur 2a in een gesloten toestand, waarbij de cilinder 33 90 graden is gedraaid ten opzichte van figuur 2a. De tweede ingang 36 sluit 7 nu aan op de toevoer 31, terwijl de uitgang 34 wordt afgesloten door een wand 37 van de behuizing 37. Hierdoor is de afvoer 35 afgesloten. De borgpen 38 stabiliseert de gesloten toestand.
5 Figuur 3a toont een alternatieve uitvoeringsvorm van een afsluitinrichting 40 volgens de uitvinding. Figuur 3a toont de geopende toestand, figuur 3b de gesloten toestand. De aanvoer 41 en afvoer 42 zijn hier onder een onderlinge hoek van 90 graden gepositioneerd op de behuizing 43. Het cilindrische lichaam 44 is hierbij voorzien van slechts één opening 45, die zich uitstrekt over een hoek X van ongeveer 60 graden. In 10 de getoonde geopende stand worden de aanvoer 41 en de afvoer 42 aldus verbonden. De positie wordt gefixeerd door de borgpen 46 in combinatie met een geleidingssleuf 47. In de gesloten toestand in figuur 3b wordt de afvoer 42 afgesloten door de wand van de cilinder 44, waarbij een deel van de uitsparing 45 is afgedekt door een wand van de behuizing 43.
15
Claims (14)
1. Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing, omvattende een behuizing, voorzien van een aanvoer en een afvoer, waarbij een in de behuizing een om zijn lengteas roteerbare holle cilinder, 5 een met de roteerbare holle cilinder verbonden bedieningsorgaan voor het roteren van de holle cilinder tussen een open rotatiepositie en een gesloten rotatiepositie, waarbij de cilinder is voorzien van ten minste één uitsparing gedimensioneerd en gepositioneerd voor het faciliteren van een doorvoer door de cilinder tussen de aanvoer en de afvoer in de open rotatiepositie van de cilinder, en voor het blokkeren van de 10 doorvoer in de gesloten rotatiepositie.
2. Afsluitinrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de afsluitinrichting is voorzien van ten minste twee uitsparingen, waarbij in de open positie een eerste uitsparing een ingang vormt aansluitend op de 15 toevoer, en de tweede uitsparing een uitgang vormt aansluitend op de afvoer, en waarbij in een gesloten positie ten minste één uitsparing een toegang vormt tot het binnenste van de cilinder, waarbij een wanddeel van de cilinder doorvoer naar de afVoer blokkeert.
3. Afsluitinrichting volgens conclusie 1 of 2 , met het kenmerk, dat de afsluitinrichting is voorzien van ten minste drie uitsparingen, waarbij in de open positie een eerste uitsparing een ingang vormt aansluitend op de toevoer, een de tweede uitsparing een uitgang vormt aansluitend op de afvoer, en een derde uitsparing is geblokkeerd door een wanddeel van de cilinder, 25 en waarbij in een gesloten positie ten minste één uitsparing een toegang vormt tot het binnenste van de cilinder, waarbij een wand van de cilinder doorvoer naar de afvoer blokkeert.
4. Afsluitinrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat 30 de roteerbare cilinder tevens is voorzien van ten minste één overloopopening, welke in verticale richting boven de uitsparingen is gepositioneerd, welke overloopopening is aangesloten op een overloopdoorvoer die is verbonden met de afvoer.
5. Afsluitinrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de overloopopening is aangesloten op een overloopdoorvoer middels een overloopruimte, waarbij de overloopruimte wordt begrensd door een buitenwand van de roteerbare cilinder, en een centrisch om de roteerbare cilinder aangebrachte buitencilinder. 5
6. Afsluitinrichting volgens conclusie 4 of 5, met het kenmerk, dat de roteerbare cilinder is voorzien van meerdere overloopopeningen.
7. Afsluitinrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat 10 de inrichting is voorzien van borgmiddelen voor het borgen van de cilinder in de open positie en de gesloten positie.
8. Afsluitinrichting volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat de borgmiddelen een borgpin omvatten die is ingericht voor samenwerking met een 15 geleidingssleuf van de roteerbare cilinder, waarbij de uiterste posities van de borgpin in de geleidingssleuf de open rotatiepositie en de gesloten rotatiepositie bepalen.
9. Afsluitinrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de cilinder losneembaar van de behuizing is uitgevoerd. 20
10. Afsluitinrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het bedieningsorgaan aan een uiteinde van de roteerbare cilinder is bevestigd.
11. Afsluitinrichting volgens conclusie 10, met het kenmerk, dat 25 het bedieningsorgaan losneembaar koppelbaar is bevestigd met de roteerbare cilinder.
12. Samenstel van een afsluitbare afvoerinrichting volgens één der voorgaande conclusies en een sanitaire inrichting.
13. Samenstel volgens conclusie 12, met het kenmerk, dat de inrichting een bad, wastafel of bidet is.
14. Samenstel volgens conclusie 12 of 13, met het kenmerk, dat de afsluitbare afvoerinrichting is geïntegreerd met de sanitaire inrichting.
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2000995A NL2000995C2 (nl) | 2007-11-09 | 2007-11-09 | Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2000995A NL2000995C2 (nl) | 2007-11-09 | 2007-11-09 | Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting. |
| NL2000995 | 2007-11-09 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2000995C2 true NL2000995C2 (nl) | 2009-05-12 |
Family
ID=40833586
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2000995A NL2000995C2 (nl) | 2007-11-09 | 2007-11-09 | Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL2000995C2 (nl) |
Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE98521C (nl) * | ||||
| GB603850A (en) * | 1945-10-31 | 1948-06-24 | William Frederick Tipping | Improvements in or relating to combination waste and overflow pipes for sinks, baths, wash-basins, and like sanitary appliances |
| CH293051A (de) * | 1951-09-01 | 1953-09-15 | Loertscher & Co F | Spülbecken mit in dessen Rahmen eingebautem, herausnehmbarem Standrohr, das als Ablasspfropfen und als Überlaufrohr dient. |
| US6415463B1 (en) * | 2000-04-06 | 2002-07-09 | Kallista, Inc. | Drain stop and overflow mechanism for a bathtub |
-
2007
- 2007-11-09 NL NL2000995A patent/NL2000995C2/nl not_active IP Right Cessation
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE98521C (nl) * | ||||
| GB603850A (en) * | 1945-10-31 | 1948-06-24 | William Frederick Tipping | Improvements in or relating to combination waste and overflow pipes for sinks, baths, wash-basins, and like sanitary appliances |
| CH293051A (de) * | 1951-09-01 | 1953-09-15 | Loertscher & Co F | Spülbecken mit in dessen Rahmen eingebautem, herausnehmbarem Standrohr, das als Ablasspfropfen und als Überlaufrohr dient. |
| US6415463B1 (en) * | 2000-04-06 | 2002-07-09 | Kallista, Inc. | Drain stop and overflow mechanism for a bathtub |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| CN101268235B (zh) | 废水出口 | |
| NL2000995C2 (nl) | Afsluitinrichting voor sanitaire toepassing en samenstel daarvan met een sanitaire inrichting. | |
| US6553583B1 (en) | Stop valve for basin or sewer | |
| US328354A (en) | steaes | |
| US8468618B2 (en) | Sink insert | |
| KR101056506B1 (ko) | 씽크대 배수 구조 | |
| PL203720B1 (pl) | Odpływ | |
| US374008A (en) | William d | |
| JP2006138065A (ja) | 排水装置 | |
| US20150152629A1 (en) | Inlet baffle assembly for an in-line interceptor | |
| JP2009030330A (ja) | 排水構造 | |
| US1743187A (en) | Combination sink and garbage-disposal means | |
| JP2015145563A (ja) | 捕集部材を備えた排水口構造 | |
| KR101753175B1 (ko) | 남성용 소변기 및 그의 제어 방법 | |
| DK145269B (da) | Ventilaggregat til afloebsbroende | |
| NL1021226C2 (nl) | Geïntegreerd zeefsysteem. | |
| US309819A (en) | Wash-basin and bath-tub | |
| KR200236481Y1 (ko) | 싱크대배수구의덮개 | |
| JP4400308B2 (ja) | 浴室ユニットの排水構造 | |
| US317373A (en) | Oliver h | |
| KR200168154Y1 (ko) | 배수관의 하수역류방지기 | |
| PT95842A (pt) | Torneira | |
| JP2001311197A (ja) | 排水栓装置 | |
| CN101405460A (zh) | 用于水槽等的紧凑的排水组件 | |
| KR100461905B1 (ko) | 싱크대의 악취차단 장치 |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20130601 |