NL2009304C2 - Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf. - Google Patents

Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf. Download PDF

Info

Publication number
NL2009304C2
NL2009304C2 NL2009304A NL2009304A NL2009304C2 NL 2009304 C2 NL2009304 C2 NL 2009304C2 NL 2009304 A NL2009304 A NL 2009304A NL 2009304 A NL2009304 A NL 2009304A NL 2009304 C2 NL2009304 C2 NL 2009304C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
coupling hook
hook piece
cable
recess
assembly
Prior art date
Application number
NL2009304A
Other languages
English (en)
Other versions
NL2009304A (nl
Inventor
Carl Michel Spruijt
Original Assignee
Carl Michel Spruijt
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Carl Michel Spruijt filed Critical Carl Michel Spruijt
Priority to NL2009304A priority Critical patent/NL2009304C2/nl
Publication of NL2009304A publication Critical patent/NL2009304A/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2009304C2 publication Critical patent/NL2009304C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60TVEHICLE BRAKE CONTROL SYSTEMS OR PARTS THEREOF; BRAKE CONTROL SYSTEMS OR PARTS THEREOF, IN GENERAL; ARRANGEMENT OF BRAKING ELEMENTS ON VEHICLES IN GENERAL; PORTABLE DEVICES FOR PREVENTING UNWANTED MOVEMENT OF VEHICLES; VEHICLE MODIFICATIONS TO FACILITATE COOLING OF BRAKES
    • B60T11/00Transmitting braking action from initiating means to ultimate brake actuator without power assistance or drive or where such assistance or drive is irrelevant
    • B60T11/04Transmitting braking action from initiating means to ultimate brake actuator without power assistance or drive or where such assistance or drive is irrelevant transmitting mechanically
    • B60T11/043Transmitting braking action from initiating means to ultimate brake actuator without power assistance or drive or where such assistance or drive is irrelevant transmitting mechanically in case of steerable wheels
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B62LAND VEHICLES FOR TRAVELLING OTHERWISE THAN ON RAILS
    • B62LBRAKES SPECIALLY ADAPTED FOR CYCLES
    • B62L3/00Brake-actuating mechanisms; Arrangements thereof
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F16ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16CSHAFTS; FLEXIBLE SHAFTS; ELEMENTS OR CRANKSHAFT MECHANISMS; ROTARY BODIES OTHER THAN GEARING ELEMENTS; BEARINGS
    • F16C1/00Flexible shafts; Mechanical means for transmitting movement in a flexible sheathing
    • F16C1/10Means for transmitting linear movement in a flexible sheathing, e.g. "Bowden-mechanisms"
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F16ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16CSHAFTS; FLEXIBLE SHAFTS; ELEMENTS OR CRANKSHAFT MECHANISMS; ROTARY BODIES OTHER THAN GEARING ELEMENTS; BEARINGS
    • F16C2326/00Articles relating to transporting
    • F16C2326/20Land vehicles

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Transportation (AREA)
  • Health & Medical Sciences (AREA)
  • Oral & Maxillofacial Surgery (AREA)
  • Braking Arrangements (AREA)

Description

SAMENSTEL VAN EEN REM EN EEN KOPPELHAAKSTUK EN EEN KOPPELHAAKSTUK OP ZICHZELF
De onderhavige uitvinding betreft een samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf, welk samenstel omvat: een rem met een beweegbare bekrachtiging en een uitsparing voor montage van een kabel; de kabel; en een aan de kabel aangebracht of aan te brengen koppelhaakstuk met een omtrekvorm in overeenstemming met de uitsparing voor opname daarin.
In fig. 8 en fig. 9 is een bekend samenstel 100 getoond. Het samenstel omvat een rem, waarvan een opname 110 in een trekarm 111 is getoond. Het samenstel omvat verder een koppelhaakstuk 101 met een basisplaat 102 en daaraan een draadeind 104. In het draadeind 104 is een gat of doorgang 103 aangebracht voor het daardoorheen voeren van een kabel 105. De kabel 105 is in de in fig. 9 getoonde samengestelde toestand ingeklemd tussen de basisplaat 102 en een schijf 106. De schijf 106 past los om het draadeind 104, en de kabel 105 is in te klemmen tussen de basisplaat 102 en de schijf 106 door een moer 107 te schroeven over het draadeind 104. In een aldus samengestelde toestand, waarin de kabel 105 is ingeklemd tussen de basisplaat 102 en de schijf 106 door bekrachtiging van de moer 107 op het draadeind 104, kan de basisplaat 102 worden ingebracht in de uitsparing 110 van de trekarm 111. De uitsparing 110 omvat daartoe een ingang 112, welke een vernauwing definieert.
De basisplaat 102 heeft een lang gerekte oriëntatie, welke als gevolg van de stand van de doorgang of het gat 103 voor doorvoer van de kabel 105 een oriëntatie onder hoek α in fig. 8 vertoont ten opzichte van de lengterichting van de kabel.
De basisplaat 102 heeft een breedte, welke in fig. 8 is aangeduid met dubbele pijl C. Deze breedte is in geringe mate kleiner dan de afmetingen van de ingang 112 van de uitsparing 110 in de trekarm 111. Derhalve is het mogelijk om de basisplaat 102 in te voeren in de uitsparing 110 in de lengterichting daarvan, hetgeen is weergegeven met pijl A.
Na invoer van de basisplaat 102 in de uitsparing 110 via de ingang 112, welke een vernauwing definieert, wordt de combinatie van de kabel 105 met daaraan het koppelhaakstuk 101 geroteerd in de richting van pijl B in fig. 8. Als dan een trekkracht in de richting van pijl F1 wordt uitgeoefend op de kabel 105, is de basisplaat 102 goed geborgd in de uitsparing 110 achter de vernauwing 112, die de ingang tot de uitsparing 110 achter de door de ingang 112 gedefinieerde vernauwing vormt.
Het zal duidelijk zijn, dat wanneer een tegengestelde trekkracht op de kabel 105 wordt uitgeoefend in een geassembleerde toestand, welke tegengestelde trekkracht is aangeduid in fig. 8 met pijl F2, de basisplaat 102 zich uit de uitsparing 110 door de ingang 112 heen kan werken om los te komen uit de uitsparing 110. Dit is een ongewenste situatie. Is het in de techniek gebruikelijk om twee soorten koppelhaakstukken te verschaffen, waarbij het tweede soort (hier niet getoond) een doorgang 103 voor opname daarin van de kabel 105 heeft, die over een hoek van bijvoorbeeld 90° is verdraaid ten opzichte van de configuratie, zoals die in fig. 8 is getoond. Een dusdanige (niet getoonde) configuratie maakt mogelijk, dat een afdoende borging in de uitsparing 110 van de basisplaat 102 verzekerd is, wanneer een trekkracht in de richting van pijl F2 wordt uitgeoefend op de trekkabel 105.
In de praktijk komt het verschil van een trekkracht in de richting van pijl F1 en een trekkracht van pijl F2 overeen met daadwerkelijke situaties bij een voorrem of een achterrem respectievelijk of omgekeerd.
Het wordt als een nadeel ervaren dat voor voorremmen en achterremmen afzonderlijke koppelhaakstukken 101 en een niet getoonde aanvullende versie moeten worden verschaft. Het moeten kunnen verschaffen van twee varianten van de koppelhaakstukken resulteert in een grotere voorraad dan wanneer een enkel koppelhaakstuk zou worden toegepast of verschaft, hetgeen met de onderhavige uitvinding is beoogd. Echter, er is geen publicatie of openbaarmaking aan de uitvinders van de onderhavige uivinding bekend, waarmee het koppelhaakstuk voor beide situaties toepasbaar zou kunnen zi jn.
Een ander nadeel van de bekende techniek is, dat nabij de uitsparing 110 het koppelhaakstuk 101 voor het merendeel daarvan is omringd door een rug 113, zoals in figuur 9 is getoond. Deze rug 113 wordt veelal voor esthetische doeleinden aangebracht, maar heeft in de praktijk als nadeel dat feitelijk de moer 107 niet te bereiken is met een steeksleutel of soortgelijk gebruikelijk werktuig. Dit heeft als gevolg, dat in een gemonteerde toestand van het koppelhaakstuk 101 een aanpassing van deze positionering daarvan langs de lengte van de kabel 105 onmogelijk is. Om de positionering van het koppelhaakstuk 101 te veranderen langs de lengte van de kabel 105 moet de kabel 5 met het koppelhaakstuk 101 uit de uitsparing 110 worden genomen, waarna de moer 107 los kan worden gedraaid van het draadeind 107 om het koppelhaakstuk 101 te verplaatsen langs de lengte van de kabel 105. Daarna kan de moer weer worden aangedraaid, hetgeen wellicht een aantal pogingen vergt om een juiste en gewenste positionering van het koppelhaakstuk 101 langs de lengte van de kabel 105 te bewerkstelligen om een goede bekrachtiging of bediening van de rem mogelijk te maken.
Met de onderhavige uitvinding is beoogd de bovengenoemde en mogelijk ook andere problemen van de bekende technieken te verhelpen of althans te verminderen, waartoe het koppelhaakstuk een omtrekvorm heeft, waarbij het koppelhaakstuk in aan de kabel aangebrachte toestand in ten minste twee oriëntaties ten opzichte van het verloop van de kabel op te nemen is in de uitsparing. Gelijktijdig is hiermee bewerkstelligd, het koppelhaakstuk afdoende is geborgd in de uitsparing, ongeacht de trekrichting (FI of F2 in fig. 8). Daarmee kan de hoeveelheid afzonderlijke elementen en componenten op voorraad worden verminderd, omdat met een enkele uitvoeringsvorm van een koppelhaakstuk kan worden volstaan om in elk samenstel en elke gewenste trekrichting (FI of F2 in fig. 8) goed geborgd te zijn in de uitsparing aan een trekarm van de rem of een andere de rem bekrachtigende component of element.
De onderhavige uitvinding kent diverse voorkeursuitvoeringsvormen, welke zijn gedefinieerd in de afhankelijke conclusies. Bovendien betreft de onderhavige uitvinding tevens een koppelhaakstuk op zichzelf, d.w.z. los van de combinatie in het samenstel.
In een mogelijke uitvoeringsvorm kan het samenstel en/of het koppelhaakstuk volgens de onderhavige uitvinding de eigenschap vertonen, dat het koppelhaakstuk een basis omvat met een zich radiaal door de basis uitstrekkende doorgang daarin voor opname van de kabel.
In een aanvullende of alternatieve uitvoeringsvorm kan het samenstel en/of het koppelhaakstuk de eigenschap vertonen, dat de basis een axiale toegang omvat tot bij de doorgang en met in de toegang een selectief bekrachtigbare plug voor selectieve fixatie van de trekkabel en het koppelhaakstuk. In het bijzonder in deze uitvoeringsvorm is het mogelijk om aangrijping op de kabel los te maken en de kabel door de doorgang te trekken en dus het koppelhaakstuk langs de lengte van de kabel te verplaatsen, terwijl het koppelhaakstuk is geassembleerd in uitsparing in bijvoorbeeld een trekarm van een rem. Het samenstel hoeft aldus niet uiteen te worden genomen in een geassembleerde toestand, om de kabel te spannen en het koppelhaakstuk langs de lengte daarvan te positioneren. Na de kabel in afdoende mate door de doorgang te hebben getrokken, kan een gebruiker gemakkelijk de plug weer bekrachtigen en de trekkabel en het koppelhaakstuk ten opzichte van elkaar te fixeren.
Daarbij kan het gunstig zijn, als de plug een bout omvat met bij voorkeur een inbuskop. Een kruiskop of andere kop is eveneens mogelijk. Een werktuig, zoals een inbussleutel of een kruiskopschroevendraaier kan dan op eenvoudige wijze in de axiale toegang worden gestoken om de bout als uitvoeringsvorm van de plug te bekrachtigen of los te maken.
Reeds is opgemerkt, dat volgens de uitvinding het koppelhaakstuk een omtrekvorm heeft, die in meerdere posities ten opzichte van de lengterichting van de kabel en ten minste één van twee tegengestelde trekkrachten kan worden ingebracht in de uitsparing. Meer in het bijzonder, geldt dat als een uitvoeringsvorm een basis heeft, de omtrekvorm die van de basis is. Het koppelhaakstuk, en meer in het bijzonder de basis daarvan, heeft bij voorkeur een omtrekvorm uit de groep, welke omvat: ovaal, langgerekt, rechthoekig of meer in het bijzonder vierkant, 3- of meer hoekig, en in het bijzonder zeshoekig of anders, met ten minste twee contactpunten om de omtrek in de uitsparing. Met dergelijke vormgevingen en contactpunten is een robuuste en betrouwbare borging van het koppelhaakstuk of althans de basis daarvan, indien aanwezig, te verschaffen.
Daarbij kan het gunstig zijn, wanneer de uitsparing in hoofdzaak symmetrisch is ten opzichte van een inbrengrichting voor het opnemen van het koppelhaakstuk in de uitsparing. Aldus is ook de hoeveelheid verschillende componenten aan de zijde van de rem of althans de trekarm daarvan, indien aanwezig, te minimaliseren.
Na de voorgaande algemene beschrijving van de onderhavige uitvinding op basis van de bijgevoegde conclusies, volgt hieronder een gedetailleerde beschrijving onder verwijzing naar de bijgevoegde tekening, waarin gelijk of gelijksoortige onderdelen, componenten en aspecten met dezelfde referentienummers kunnen zijn aangeduid, en waarvan dient te worden opgemerkt, dat het hier slechts een voorkeursuitvoeringsvorm betreft, waartoe de onderhavige uitvinding geenszins is beperkt, omdat de beschermingsomvang voor de onderhavige uitvinding slechts is beperkt tot de definitie van de uitvinding volgens de bijgevoegde conclusies. In de tekening toont:
Fig. 1, fig. 2 en fig. 3 elk een aanzicht van een koppelhaakstuk volgens de onderhavige uitvinding in een aan een trekkabel gemonteerde toestand;
Fig. 4 en fig. 5 complementaire montages van het koppelhaakstuk aan de kabel in een uitsparing van een trekarm van een rem om een samenstel volgens de onderhavige uitvinding te verschaffen;
Fig. 6 en fig. 7 elk een aanzicht van een samenstel volgens de onderhavige uitvinding;
Fig. 8 en fig. 9 elk een aanzicht volgens de hierboven reeds beschreven bekende techniek, en
Fig. 10 - 13 aanzichten van een samenstel volgens de onderhavige uitvinding met aanvullend een beschermkap.
In fig. 1, 2 en 3 is een koppelhaakstuk 1 getoond in een aan een kabel 5 gemonteerde toestand. Het koppelhaakstuk 1 omvat een basis 2 met een doorgang 3 in radiale richting daar doorheen. De kabel 5 strekt zich uit door de radiale doorgang heen.
Als aanvulling op de radiale doorgang 3 voor opname van de kabel 5 is verder een axiale toegang 4 verschaft met daarin een bout 6 met een inbuskop 7. De toegang 4 strekt zich uit tot bij of zelfs voorbij de doorgang 3 voor opname van de kabel 5, en door de bout 6 aan te draaien met een (niet getoond) werktuig, zoals een inbussleutel in de inbuskop 7, kan de kabel 5 met de bout 6 worden aangegrepen. Het zal duidelijk zijn dat hiermee een zeer eenvoudige configuratie is verschaft met slechts twee componenten, te weten een enkelvoudig lichaam dat de basis 2 vormt en een bout 6. Het koppelhaakstuk op zichzelf omvat geen verdere aanvullende of andere componenten, hoewel dit niet is uitgesloten. Onder verwijzing naar de voorgaande beschrijving van een bekende techniek aan de hand van figuren 8 en 9 wordt opgemerkt, dat daar ten minste drie componenten worden toegepast voor elk van ten minste twee uitvoeringsvormen van koppelhaakstukken voor verschillende oriëntaties van de trekkracht (F1 en F2). Aldus is volgens de onderhavige uitvinding een aanzienlijke vereenvoudiging verschaft.
De basis 2 is zeshoekig, maar zou evenzeer ovaal of een willekeurig andere vorm kunnen hebben die past in een uitsparing (hetgeen hieronder nader is beschreven).
In fig. 3 is verder nog een eindkabelgeleider 8 getoond, waar de kabel 5 doorheen is aangebracht. De eindkabelgeleider 8 is bijvoorbeeld gemonteerd aan een vast onderdeel van een fiets, en de kabel 5 loopt bijvoorbeeld door naar een handrem. Uit fig. 3 is nog duidelijker op te maken, dat de bout 6 in de axiale toegang 4 kan worden aangedraaid of losgemaakt, zonder dat om het koppelhaakstuk 1 heen gelegen elementen, componenten of aspecten daarbij een belemmering kunnen vormen. Aldus is het mogelijk om de kabel door de doorgang 3 heen te spannen in een losgemaakte toestand van de bout 6, zonder demontage uit een samenstel (zie onder).
In fig. 4 en fig. 5 zijn twee tegengestelde situaties getoond voor het monteren van een koppelhaakstuk 1 in een uitsparing 9 van een trekarm 10, welke in de richting van dubbele pijl E heen en weer beweegbaar is om een (niet getoond) remmechanisme in het binnenste van een huis 11 te bekrachtigen of vrij te geven.
Bij montage van het koppelhaakstuk 1 in de uitsparing 9 past een ringvormige of schijfvormige uitstulping 12 aan het koppelhaakstuk 1 in een wang 13 aan de trekarm 9. De zeshoekige basis 2 past, wanneer het koppelhaakstuk 1 in de richting van pijl D wordt bewogen tot in de uitsparing 9, door een vernauwing 14 heen. In de dan ontstane toestand wordt het koppelhaakstuk 1 met de klok mee of tegen de klok in geroteerd in de uitsparing 9 om één van beide van de uit fig. 6 blijkende toestanden te bereiken. Daarbij wordt de kabel 5 opgenomen in een geleidergoot 15, zoals in fig. 7 is weergegeven. In de figuren 6 en 7 is aldus een geassembleerde toestand getoond van het samenstel volgens de onderhavige uitvinding, met een koppelhaakstuk 1 en een rem 16, waarbij de kabel 5 is opgenomen in een kabel geleidergoot 15 en een koppelhaakstuk 1 is opgenomen in een uitsparing 9. Om deze toestand te bereiken is de zeshoekige basis 2 van het koppelhaakstuk 1 door de vernauwing 14 gestoken, waarbij de schijfvormige of ringvormige uitstulping 12 wordt opgenomen in een wang.
Het zal duidelijk zijn, dat de bout 6 toegankelijk is in de in fig. 7 getoonde, gemonteerde of geassembleerde toestand. Aldus kan een vrij uiteinde van een kabel worden aangegrepen, de bout 6 worden losgedraaid, de kabel 5 op spanning worden gebracht, en de bout 6 weer worden bekrachtigd. De wang 13 vormt hierbij geen enkele belemmering, noch enig ander component.
Daarbij kan een zeshoekige kop 17 van het koppelhaakstuk 1 worden aangegrepen met een werktuig, zoals een (niet getoonde) tang of steeksleutel, om het gehele koppelhaakstuk 1 vast te houden als een inbussleutel (eveneens niet getoond) in de toegang 4 wordt gestoken om de bout 6 met inbuskop 7 aan of los te draaien. Aldus is met de steeksleutel of tang een stabiliserende contra-kracht ten opzichte van het aan of los draaien van de bout mogelijk, bij voorbeeld om beschadiging van enige component of element van de rem en/of het koppelhaakstuk 1 zoveel mogelijk te voorkomen. In de hierboven beschreven configuraties volgens de bekende techniek kan alleen onder de basis 102 een werktuig als een tand of sleutel worden gestoken om het koppelhaakstuk met een contrakracht te stabiliseren, als de moer 107 moet worden aangedraaid of los gedraaid. Hiertoe is in een gemonteerde toestand geen ruimte, hetgeen ook ertoe bijdraagt dat het koppelwerkstuk bij grote voorkeur volgens de bekende techniek moet worden gedemonteerd uit de een opname vormende uitsparing van de rem, hetgeen volgens de onderhavige uitvinding overbodig is gemaakt, ook en mede doordat het koppelhaakstuk aan de zeshoekige kop 17 van het koppelhaakstuk 1 te stabiliseren is om de inbuskop 7 van de bout 6 te bedienen in een gemonteerde toestand van het koppelhaakstuk 1.
Ook blijkt duidelijk uit de weergave van fig. 7 dat de zeshoekige basis 2 van het koppelhaakstuk 1 na passage daarvan door de vernauwing 14 heen met de klok mee of tegen de klok in (in bovenaanzicht ten opzichte van de weergave van fig. 7) is gedraaid om bredere afmetingen te vertonen in een uitnamerichting. Aldus is in het bijzonder de zeshoekige basis 2 geborgd achter de vernauwing 14 in de uitsparing 9 van de rem 16, in het bijzonder de trekarm 10 van de rem 16.
Figuren 10 en 11 tonen een samenstel volgens de onderhavige utvinding in hoofdzaak gelijk aan de uitvoeringsvorm van Fig. 1-7, met aanvullend een kap 18. Figuren 12 en 13 tonen samen de montage van de kap 18 op of in het samenstel. De kap 18 vertoont in de hier getoonde uitvoeringsvorm een duale functie: beschermen van het binnenste van het samenstel bij bout 6 tegen binnendringend vuil en het op de plaats in de rem houden van het koppelhaakstuk 1 (zelfs als de kabel 5, waaraan koppelhaakstuk 1 is aangebracht, onvoldoende is gespannen om koppelhaakstuk 1 op de plaats in de rem te houden). Het is geen vereiste voor de uitvinding dat een kap moet zijn aangebracht, en als die is aangebracht, dat die ook beide van de twee componenten van de duale functie vervult.
De kap 18 omvet verder een optioneel inzetstuk 19 in de uitvoeringsvorm van figuur 12, dat in de toegang 4 te steken is in de richting van pijl A in Fig. 12/13. De kap 18 omvat verder een over de kop 17 aan te brengen cupvorm 20, en een flens 21 aan de cupvorm 20. Als het inzetstuk 19 in de toegang 4 wordt ingebracht en de flens 21 (pijl C in Fig. 12/13) aan komt te liggen tegen de wang 13 van de rem (Fig. 10, 11) is voorkomen dat koppelhaakstuk 1 uit de opname in de rem kan raken, ook als de spanning in de kabel gering of zelfs zodanig laag zou zijn, dat het koppelhaakstuk 1 uit aangrijping door de rem zou kunnen raken. De cupvorm 20 schermt de toegang af tegen binnendringend vuil. In een mogelijke uitvoeringsvorm zonder inzetstuk 19 kan de kap 18 op de rem worden aangebracht met de wang 13 ingesloten tussen de cupvorm 20 en de flens 21, om de kap aan te brengen.
Verder is nog een optionele uitstulping 22 in Fig. 12 aangebracht aan de kap 18, welke in de richting van pijl B te steken is in een uitsparing 23 in de rem, waarmee montage nog verder te verbeteren is. Met de uitstulping 22 gestoken in uitsparing 23 is de kap 18 niet draaibaar, en kan niet losraken
Het zal duidelijk zijn, dat zich na de voorgaande beschrijving van de bekende techniek en meer in het bijzonder van de onderhavige uitvinding allerlei aanvullende en alternatieven uitvoeringsvormen aan de vakman zullen opdringen, welke immer vallen binnen de in de conclusies en in het bijzonder de enkele onafhankelijke hoofdconclusie gedefinieerde beschermingsomvang, tenzij uitvoeringsvormen wezenlijk afwijken van de definitie van de beschermingomvang voor de onderhavige uitvinding. Zo is het mogelijk, dat -net als bij de bekende techniek - de schijf - of ringvormige uitstulping 12 wordt vervangen door een afzonderlijke schijf of ring. Wel van belang is, dat de axiale toegang inwendig schroefdraad heeft voor samenwerking met de bout 6 om de kabel 5 aan te grijpen in het binnenste van de radiale doorgang 3. Edoch, ook dat is minder wezenlijk dan de universele toepasbaarheid van koppelhaakstukken volgens de onderhavige uitvinding door de vormgeving van de basis 2, die onafhankelijk is van de uiteindelijke oriëntatie van op de kabel 5 uitgeoefende trekkrachten (FI of F2 in fig. 8).
Zo blijkt, dat er vele andere alternatieven en aanvullende uitvoeringsvormen mogelijk zijn.

Claims (14)

1. Een samenstel, omvattende: - een rem met een beweegbare bekrachtiging en een uitsparing voor montage van een kabel; - de kabel; en - een aan de kabel aangebracht of aan te brengen koppelhaakstuk met een omtrekvorm in overeenstemming met de uitsparing voor opname daarin, waarbij het koppelhaakstuk een omtrekvorm heeft, waarbij het koppelhaakstuk in aan de kabel aangebrachte toestand in ten minste twee oriëntaties ten opzichte van het verloop van de kabel op te nemen is in de uitsparing.
2. Het samenstel volgens conclusie 1, waarbij het koppelhaakstuk een basis omvat met een zich radiaal door de basis uitstrekkende doorgang daarin voor opname van de kabel.
3. Het samenstel volgens conclusie 2, waarbij de basis een axiale toegang omvat tot bij de doorgang en met in de toegang een selectief bekrachtigbare plug voor selectieve fixatie van de trekkabel aan het koppelhaakstuk.
4. Het samenstel volgens conclusie 3, waarbij de plug een bout omvat, met bij voorkeur een inbuskop.
5. Het samenstel volgens ten minste één van de voorgaande conclusies, waarbij het koppelhaakstuk ten minste één omtrekvorm heeft uit de groep, welke omvat: ovaal, langgerekt, rechthoekig of meer in het bijzonder vierkant, drie- of meerhoekig en in het bijzonder zeshoekig, of anders, met ten minste twee contactpunten om de omtrek in de uitsparing.
6. Het samenstei voigens conciusie b, waarbij de uitsparing in hoofdzaak symmetrisch is ten opzichte van een inbrengrichting voor het opnemen van het koppelhaakstuk in de uitsparing.
7. Het samenstel volgens ten minste conclusie 3, waarbij om de toegang tegenover de doorgang een aangrijpbare profilering, bijvoorbeeld in de omtrekvorm van een zeshoekige kop (17), is aangebracht voor aangrijping met een werktuig ter stabiliseren van het koppelhaakstuk bij bediening van de plug.
8. Het samenstel volgens ten minste één van de voorgaande conclusies, verder omvattende een kap (18).
9. Het samenstel volgens ten minste conclusies 2 en 8, waarbij de kap een inzetstuk (19) omvat, welke in geassembleerde toestand steekt in de toegang (4).
10. Het samenstel volgens conclusie 8 of 9, waarbij de kap een cupvorm heeft, welke om de toegang (4) tegenover de doorgang aan te brengen is.
11. Het samenstel volgens conclusie 8, 9 of 10, waarbij de kap verder een flens (21) omvat.
12. Het samenstel volgens ten minste één van de conclusies 8 - 11, waarbij een uitstulping (22) aan de kap (18) is aangebracht.
13. Een koppelhaakstuk voor een samenstel volgens ten minste één van de voorgaande conclusies.
14. Een kap (18) voor een samenstel volgens ten minste één van de voorgaande conclusies 1-12.
NL2009304A 2012-03-30 2012-08-09 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf. NL2009304C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2009304A NL2009304C2 (nl) 2012-03-30 2012-08-09 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.

Applications Claiming Priority (4)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2008571 2012-03-30
NL2008571A NL2008571C2 (nl) 2012-03-30 2012-03-30 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.
NL2009304A NL2009304C2 (nl) 2012-03-30 2012-08-09 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.
NL2009304 2012-08-09

Publications (2)

Publication Number Publication Date
NL2009304A NL2009304A (nl) 2013-10-01
NL2009304C2 true NL2009304C2 (nl) 2014-10-29

Family

ID=50064307

Family Applications (2)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2008571A NL2008571C2 (nl) 2012-03-30 2012-03-30 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.
NL2009304A NL2009304C2 (nl) 2012-03-30 2012-08-09 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.

Family Applications Before (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2008571A NL2008571C2 (nl) 2012-03-30 2012-03-30 Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.

Country Status (1)

Country Link
NL (2) NL2008571C2 (nl)

Also Published As

Publication number Publication date
NL2008571C2 (nl) 2013-10-01
NL2009304A (nl) 2013-10-01

Similar Documents

Publication Publication Date Title
JP5141854B2 (ja) 改良されたホイールナット装置
US9506486B2 (en) Fastening arrangement, portable working tool and method of fastening a first housing section to a second housing section
US7338242B2 (en) Quick-connect fastener assembly
US10280968B2 (en) Locking mechanism for a control cable adjuster
KR20170009762A (ko) 체결구, 체결구조 및 체결 방법
KR20150077304A (ko) 볼트
CA2839653A1 (en) Connection fixture
CN202768597U (zh) 连接装置和包括连接装置的组件
NL2009304C2 (nl) Samenstel van een rem en een koppelhaakstuk en een koppelhaakstuk op zichzelf.
JP5547130B2 (ja) トンネル用ケーブル支持具
NL2015076B1 (en) Tightening screw having torque limiting cap.
KR20210050605A (ko) 풀림방지 너트 전용공구
US10215213B2 (en) Quick-disconnect fastening system
US6666639B2 (en) Threaded fastening device
US6709182B1 (en) Retaining element for cap screws
JP2015145722A (ja) 緩み止めナット
JPH07508916A (ja) ローラの取付け及び取外し装置
US20100242685A1 (en) Ratchet wrench capable of preventing disengagement of nut
JP4194585B2 (ja) ゆるみ止めナット
EP4570202A3 (fr) Vis pour ostéosynthèse comportant un indexage angulaire par rapport au tournevis
US8495932B2 (en) Tool for removing lug nuts
US9849739B2 (en) Hitch mount assembly
GB2451112A (en) Horseshoe stud fitting system
NL1023003C2 (nl) Bevestigingssamenstel voor de bevestiging van een voorwerp aan een profielelement met een in hoofdzaak C-vormige dwarsdoorsnede.
KR20110051781A (ko) 너트나사 해제 보조기

Legal Events

Date Code Title Description
MM Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20180901