NL2010195C2 - Werkwijze voor het isoleren van een plat dak. - Google Patents
Werkwijze voor het isoleren van een plat dak. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2010195C2 NL2010195C2 NL2010195A NL2010195A NL2010195C2 NL 2010195 C2 NL2010195 C2 NL 2010195C2 NL 2010195 A NL2010195 A NL 2010195A NL 2010195 A NL2010195 A NL 2010195A NL 2010195 C2 NL2010195 C2 NL 2010195C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- insulation panel
- insulation
- inclined part
- roof
- panel according
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims description 20
- 238000009413 insulation Methods 0.000 claims description 168
- 239000000463 material Substances 0.000 claims description 8
- 239000004794 expanded polystyrene Substances 0.000 claims description 4
- 239000004033 plastic Substances 0.000 claims description 3
- 229920003023 plastic Polymers 0.000 claims description 3
- 239000010410 layer Substances 0.000 description 37
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 description 5
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 5
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 4
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 description 3
- 238000009418 renovation Methods 0.000 description 3
- 230000007704 transition Effects 0.000 description 3
- 239000010426 asphalt Substances 0.000 description 2
- 239000011810 insulating material Substances 0.000 description 2
- 239000012774 insulation material Substances 0.000 description 2
- 239000011490 mineral wool Substances 0.000 description 2
- 229920000582 polyisocyanurate Polymers 0.000 description 2
- 239000011495 polyisocyanurate Substances 0.000 description 2
- 229920002635 polyurethane Polymers 0.000 description 2
- 239000004814 polyurethane Substances 0.000 description 2
- 239000012790 adhesive layer Substances 0.000 description 1
- XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N aluminium Chemical compound [Al] XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 229910052782 aluminium Inorganic materials 0.000 description 1
- 229920001971 elastomer Polymers 0.000 description 1
- 239000006260 foam Substances 0.000 description 1
- 239000003365 glass fiber Substances 0.000 description 1
- 239000003292 glue Substances 0.000 description 1
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 1
- 229920000728 polyester Polymers 0.000 description 1
- 230000001681 protective effect Effects 0.000 description 1
- 229920003987 resole Polymers 0.000 description 1
- 239000002699 waste material Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E04—BUILDING
- E04D—ROOF COVERINGS; SKY-LIGHTS; GUTTERS; ROOF-WORKING TOOLS
- E04D13/00—Special arrangements or devices in connection with roof coverings; Protection against birds; Roof drainage ; Sky-lights
- E04D13/16—Insulating devices or arrangements in so far as the roof covering is concerned, e.g. characterised by the material or composition of the roof insulating material or its integration in the roof structure
- E04D13/1687—Insulating devices or arrangements in so far as the roof covering is concerned, e.g. characterised by the material or composition of the roof insulating material or its integration in the roof structure the insulating material having provisions for roof drainage
- E04D13/1693—Insulating devices or arrangements in so far as the roof covering is concerned, e.g. characterised by the material or composition of the roof insulating material or its integration in the roof structure the insulating material having provisions for roof drainage the upper surface of the insulating material forming an inclined surface
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Architecture (AREA)
- Civil Engineering (AREA)
- Structural Engineering (AREA)
- Building Environments (AREA)
- Roof Covering Using Slabs Or Stiff Sheets (AREA)
Description
Korte aanduiding: Werkwijze voor het isoleren van een plat dak.
Beschrijving
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een werkwijze voor 5 het isoleren van een plat dak, omvattende de stappen van het aanbrengen van een aantal isolatiepanelen op het platte dak, waarbij ten minste een deel van de isolatiepanelen ieder een vlak binnenoppervlak, een tegen over het binnenoppervlak gelegen buitenoppervlak, twee zijlangsoppervlakken en twee zijdwarsoppervlakken die aan twee paren van tegen 10 over elkaar gelegen zijden aansluiten op zowel het binnenoppervlak als het buitenoppervlak, omvatten waarbij het binnenoppervlak tijdens het aanbrengen van ieder isolatiepaneel aan komt te liggen tegen het platte dak, het bekleden van de buitenoppervlakken van de isolatiepanelen met een waterdichte laag.
15 De uitvinding richt zich met name op toepassing bij renovatie van bestaande, al dan niet reeds geïsoleerde, daken maar kan ook goed worden toegepast bij het isoleren van nieuwe daken.
Het is bekend om voor het isoleren van daken gebruik te maken van isolatiepanelen met een constante dikte. Alternatief is het bekend om gebruik te 20 maken van isolatiepanelen die zijn uitgevoerd als zogenaamde afschotplaten welke afschotplaten een buitenoppervlak hebben met een helling van bijvoorbeeld 1 % dat afloopt in de richting van een afvoer veelal ter plaatse van een dakrand. Vanwege de genoemde helling en de wens om naburige afschotplaten op elkaar aan te laten sluiten dienen afschotplaten met een relatief groot aantal verschillende afmetingen, 25 met name verschillende diktes, beschikbaar te zijn om daarmee een volledig dak te kunnen bedekken. In zijn algemeenheid is zowel het ontwerp van een dakisolatie met behulp van afschotplaten als het realiseren daarvan lastig.
Bij bestaande daken heeft men bij renovatie te maken met constructieve randvoorwaarden zoals de aanwezigheid van kozijnen of loodslabben 30 relatief dicht boven het dak en de hoogte van een verhoogde dakrand die een dak omgeeft. Een dergelijke verhoogde dakrand fungeert veelal als overstroomrand indien de reguliere waterafvoer verstopt is of indien de reguliere waterafvoer om andere redenen hemelwater niet kan afvoeren. Bij een dergelijke verstopping bestaat het risico dat, indien men de dakrand zou verhogen om ruimte te creëren 2 voor isolatie, naden en gevoelige constructieve details onder water komen te staan hetgeen tot lekkage kan leiden. De mogelijkheid om dergelijke voorzieningen aan te passen zijn veelal beperkt of zouden ten minste erg ingrijpend zijn.
De wens om te komen tot een (verbeterde) isolatie van een plat dak 5 is vaak de aanleiding om tot renovatie van het dak over te gaan. Deze wens vertaalt zich vaak in de wens om gebruik te maken van relatief dikke isolatiepanelen of althans van een dikke stapel van isolatiepanelen. Bij het ontwerp van een dak is vaak geen rekening gehouden met het later (na-)isoleren van het dak waarbij dikke(re) (lagen van) isolatiepanelen worden toegepast. De uitvinding beoogt nu een 10 werkwijze te verschaffen waarmee het mogelijk is om op eenvoudige wijze bestaande daken beter te isoleren waarbij rekening wordt gehouden met bestaande constructieve voorzieningen van het dak of althans de directe omgeving daarvan. Hiertoe wordt de werkwijze volgens de uitvinding gekenmerkt doordat het buitenoppervlak van ten minste één isolatiepaneel dat aan de omtrek van het dak 15 wordt aangebracht in dwarsrichting gezien niet-rechtlijnig is en een hellend deel heeft voor het vormen van een gootbaan aan de omtrek van het dak waarbij de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak gezien in een richting loodrecht op het binnenoppervlak ten minste 20 mm bedraagt voor iedere positie op het binnenopervlak en de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak 20 binnen het hellend deel met ten minste 20 mm toeneemt. Het niet-rechtlijnige verloop van het buitenoppervlak biedt de mogelijkheid om enerzijds binnen een relatief korte afstand de dikte van het isolatiepaneel toe te laten nemen naar een dikte waarmee de gewenste isolatiewaarde kan worden bereikt. Anderzijds biedt het niet-rechtlijnige verloop in combinatie met het hellend deel ook de mogelijkheid om een gootbaan te 25 vormen voor water. Om dit te bereiken dient de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak, oftewel de lokale dikte van het isolatiepaneel, binnen het hellend deel met ten minste 20 mm toe te nemen. Voor het verschaffen van voldoende stijfheid aan het isolatiepaneel is het zaak dat de dikte van het isolatiepaneel nergens kleiner is dan 20 mm waardoor ook een niet te verwaarlozen 30 isolerende werking zelfs ter plaatse van het dunste deel van het isolatiepaneel kan worden gegarandeerd. De uitvinding kan ook worden toegepast bij de isolatie van nieuwe platte daken.
Daar waar bovenstaand en navolgend wordt gesproken over de dwarsrichting van het isolatiepaneel wordt daarbij gedoeld op de toegepaste situatie 3 waarbij de betreffende richting dwars op de dakrand is georiënteerd. De richting loodrecht daarop wordt aangeduid met de lengterichting. Het is binnen het kader van de onderhavige uitvinding niet zo dat de afmeting van het isolatiepaneel in de lengterichting per definitie groter is dan de afmeting van het isolatiepaneel in de 5 dwarsrichting. Deze afmetingen kunnen ook aan elkaar gelijk zijn of de afmeting van het isolatiepaneel in de dwarsrichting kan zelfs groter zijn dan de afmeting van het isolatiepaneel in de lengterichting.
Om de isolerende werkzaamheid van het isolatiepaneel binnen de lengte van het hellend deel nog meer toe te laten nemen geniet het de voorkeur dat 10 de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak binnen het hellend deel met ten minste 30 mm toeneemt.
De toename van de isolerende werkzaamheid vanwege het hellend deel wordt met voordeel binnen een relatief korte afstand bereikt. Meer specifiek strekt het hellend deel in dwarsrichting richting gezien zich over maximaal 650 mm, 15 bij verdere voorkeur over maximaal 550 mm uit en in ieder geval binnen de afmeting van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien, bijvoorbeeld binnen 50 % daarvan.
Voor het verkrijgen van een goede isolerende werkzaamheid vanwege de isolatiepanelen geniet het de voorkeur dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak aan de van de omtrek van het dak 20 afgekeerde zijde het grootste is.
Een goede overgang tussen het isolatiepaneel en een aan de van de omtrek van het dak afgekeerde zijde gelegen isolatiepaneel kan worden verkregen indien de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak aan de van de omtrek van het dak afgekeerde zijde over een deel van de afmetingen van 25 het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien constant is.
Indien aan de van de omtrek van het dak afgekeerde zijde van het ten minste ene isolatiepaneel een isolatiepaneel met een constante dikte op het dak wordt aangebracht, kan voor het isoleren van een dak worden volstaan met isolatiepanelen in twee verschillende types, nl een eerste type met een 30 buitenoppervlak met een hellend deel zoals voorgaand aan de orde is gekomen, en een tweede type dat een constante dikte heeft. Hierdoor kunnen voorraden van isolatiepanelen relatief beperkt zijn.
De uitvinding heeft eveneens betrekking op een isolatiepaneel voor toepassing bij een werkwijze volgens de uitvinding zoals voorgaand omschreven.
4
Het isolatiepaneel volgens de uitvinding omvat een vlak binnenoppervlak, een tegen over het binnenoppervlak gelegen buitenoppervlak, twee zijlangsoppervlakken en twee zijdwarsoppervlakken die aan twee paren van tegen over elkaar gelegen zijden aansluiten op zowel het binnenoppervlak als het buitenoppervlak, waarbij het 5 buitenoppervlak van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien niet-rechtlijnig is en een hellend deel heeft voor het vormen van een gootbaan aan de omtrek van een dak waarbij de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak gezien in een richting loodrecht op het binnenoppervlak ten minste 20 mm bedraagt voor iedere positie van het binnenopervlak en de afstand tussen het binnenoppervlak en 10 het buitenoppervlak binnen het hellend deel met ten minste 20 mm toeneemt. De voordelen die gerelateerd zijn aan een dergelijk isolatiepaneel zijn voorgaand reeds toegelicht aan de hand van de toelichting op de werkwijze volgens de uitvinding.
Bij voorkeur bepalen het hellend deel en een daarop aansluitend eerste verder deel van het buitenoppervlak een concave knik. Een dergelijke 15 concave knik, die overigens ook kan zijn, kan deel uitmaken van de te vormen gootbaan.
Het eerste verder deel verloopt daarbij bij voorkeur evenwijdig aan het binnenoppervlak. Aldus kan de bodem van een gootbaan worden gevormd door het eerste verdere deel.
20 Het kan tevens voordelig zijn indien het hellend deel en een daarop aansluitend tweede verder deel van het buitenoppervlak een convexe knik bepalen, waarbij bij verdere voorkeur het tweede verder deel evenwijdig verloopt aan het binnenoppervlak. Aldus kan een goede aansluiting op een naburig isolatiepaneel worden gerealiseerd. Ook dergelijke convexe knikken kunnen afgerond zijn.
25 Productietechnisch kan het voordelen bieden indien het hellend deel in het midden van de afmeting van het isolatiepaneel in dwarsrichting is voorzien, met name indien volgens een verdere voorkeursuitvoeringsvorm in dwarsdoorsnede gezien het buitenoppervlak punt symmetrisch is ten opzichte van een punt gelegen in het midden van het hellend deel. Aldus kan de hoeveelheid restmateriaal bij 30 productie worden beperkt of zelfs tot nul worden gereduceerd. Bovendien kan aldus een voordelige stapeling van isolatiepanelen worden bereikt.
Het buitenoppervlak van het isolatiepaneel kan in dwarsrichting gezien een verder hellend deel hebben met een helling die tegengesteld is aan die van het hellend deel voor het vormen van de gootbaan tussen het hellend deel en 5 het verder hellend deel. Aldus is het niet meer noodzakelijk dat een naburige dakrand of naburig isolatiepaneel mede de gootbaan vormt.
Het isolerend effect van een dergelijke isolatiepaneel kan positief worden beïnvloedt indien er voor wordt gekozen dat de gootbaan volledig binnen één 5 helft van de afmeting van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien is voorzien.
Productietechnisch kan het voordelen bieden indien het isolatiepaneel in lengterichting een constante dwarsdoorsnede bezit. Dergelijke isolatiepanelen kunnen eventueel voor verwerking in een (rechte) hoek van een plat dak onder een hoek (van bijvoorbeeld 45 graden) worden versneden zodat aan een 10 volledige omtrek van een plat dak isolatiepanelen volgens de uitvinding, al dan niet versneden, kunnen worden voorzien.
Een efficiënte vervaardiging van isolatiepanelen volgens de uitvinding wordt verkregen indien ten minste het buitenoppervlak is gevormd met behulp van een draadvormig scheidingsorgaan.
15 Binnen dat kader is het ook voordelig indien het hellend deel althans in hoofdzaak een rechtlijnig verloop heeft.
Het isolatiepaneel volgens de uitvinding is bij voorkeur vervaardigd van schuimvormig kunststof materiaal. Dergelijk materiaal leent zich om gevormd te worden als een isolatiepaneel volgens de uitvinding met name indien het 20 isolatiepaneel is vervaardigd van geëxpandeerd polystyreen (EPS).
Bij voorkeur is het buitenoppervlak bekleed met een afwerklaag. Een dergelijke afwerklaag kan dienen ter bescherming van het onderliggende isolatiemateriaal en/of bijvoorbeeld als hechtlaag voor lijm of en/of primer ten einde een uiteindelijke goede hechting met de waterdichte laag mogelijk te maken. Een 25 dergelijke afwerklaag kan bijvoorbeeld een glasvlies en/of polyesthervlies zijn dat al dan niet gebitumineerd of gemineraliseerd is, of een op aluminium gebaseerde laag.
De uitvinding zal navolgend nader worden toegelicht aan de hand van de omschrijving van een voorbeeld van een werkwijze volgens de uitvinding alsmede van een aantal isolatiepanelen volgens de uitvinding zoals deze kunnen 30 worden toegepast bij de werkwijze volgens de uitvinding onder verwijzing van de navolgende vereenvoudigde figuren: figuur 1 toont in een verticaal doorsneden perspectivisch aanzicht een plat dak zoals deze met behulp van de werkwijze volgens de uitvinding is geïsoleerd gebruikmakend van isolatiepanelen volgens de uitvinding; 6 figuur 2 toont een verticale doorsnede van het dak volgens figuur 1; figuur 3 toont in verticale doorsnede een alternatieve wijze voor het isoleren van het platte dak; figuren 4a tot en met 4i tonen op schaal in verticale dwarsdoorsnede 5 een aantal mogelijke uitvoeringsvormen van de isolatiepanelen volgens de uitvinding.
Figuur 1 toont een rechthoekig plat dak 1 dat aan drie zijden wordt omgeven door een staande dakrand 2. Ter plaatse van de vierde zijde van de rechthoekige vorm van het platte dak 1 wordt het platte dak 1 begrensd door een 10 gevel 3 met daarin een raamkozijn 4. Onder raamkozijn 4 is een loodslab 5 in gevel 3 gemetseld en opgenomen zoals voor de vakman op zich bekend. Feitelijk loopt de loodslab vanaf het dak door tot binnen de (niet weergegeven) spouw van de tot gevel 3 behorende muur. Aan de omtrek van plat dak 1 zijn afvoerdoorgangen 6 voorzien die aansluiten op een niet nader getoonde afvoerleiding zoals typisch een 15 regenpijp voor afvoer van hemelwater.
Zoals ook zichtbaar in figuur 2 zijn op het platte dak 1 twee lagen met isolatie voorzien. De onderste laag 7 betreft een oudere isolatielaag waarvan op zich de isolerende werkzaamheid oftewel de isolatiewaarde zo laag werd bevonden dat verbeterde isolatie van dak 1 wenselijk werd geacht. In figuren 1 en 2 is duidelijk 20 zichtbaar hoe dit is bewerkstelligd door op de onderste isolatielaag 7 een bovenste isolatielaag 8 te voorzien. Voordat isolatielaag 8 op isolatielaag 7 is aangebracht is het mogelijk maar niet noodzakelijk om de dakbedekking die aanvankelijk was aangebracht op de onderste isolatielaag 7, bijvoorbeeld van bitumen, te verwijderen. Deze laag strekte zich aanvankelijk uit tot onder loodslab 5 en tot over dakrand 2.Het 25 deel van de oude dakbedekking bij details zoals ter plaatse van de dakrand 2 en onder de loodslab 5 wordt in ieder geval verwijderd.
Een beperking die men heeft bij het vergroten van de “totale” dikte van de isolatielagen 7, 8 wordt gevormd door de hoogte van de staande dakrand 2. Teneinde te voorkomen dat hemelwater vanaf het platte dak over de staande 30 dakrand 2 zou stromen in plaats van via afvoerdoorgang 6 plat dak 1 zou verlaten, dient de dikte van de isolatielaag 8 daarop te worden afgestemd. Uitgaande van een bovenste isolatielaag 8 die een gelijke dikte zou hebben over het volledige oppervlak van plat dak 1, net zoals isolatielaag 7 dat heeft, betekent dit dat isolatielaag 8 slechts een beperkte dikte kan hebben. Om nu toch te bewerkstelligen dat een 7 gewenste isolatiewaarde wordt bereikt kan het, uitgaande van een isolatielaag met een constante dikte, daardoor noodzakelijk zijn om van isolatiemateriaal gebruik te maken met een relatief hoge isolatiewaarde. Dergelijk materiaal is veelal simpelweg niet in een commercieel acceptabele variant beschikbaar of daar kleven andere 5 bezwaren aan zoals een relatief zwaar gewicht en de noodzaak tot het nemen van aanvullende beschermende maatregelen bij het verwerken van dergelijk materiaal.
Een andere oplossing zou erin gelegen kunnen zijn om de staande dakrand 2 te verhogen. Hier stuit men op het bezwaar dat ook de mogelijkheden hiertoe beperkt zijn vanwege de aanwezigheid van loodslab 5. Bouwvoorschriften 10 vereisen dat de positie waarop loodslab 5 is in gemetseld in gevel 3 ten minste een bepaalde afstand, bijvoorbeeld 30 mm, hoger is gelegen dan de bovenzijde van dakrand 2. De achterliggende gedachte is dat in het geval de afvoerdoorgangen 6 verstopt raken en hemelwater over staande dakrand 2 zou stromen, hetgeen ongewenst maar niet uit te sluiten is, dit niet tot een situatie mag leiden waarbij 15 loodslab 5 volledig onder water komt te staan vanwege het risico op lekkage. Derhalve zijn de mogelijkheden om bestaande dakrand 2 te verhogen beperkt. Het zal duidelijk zijn dat ook de mogelijkheden om de positie van loodslab 5 te verhogen beperkt zijn, niet in de laatste plaats vanwege de aanwezigheid van raamkozijn 4.
De uitvinding verschaft een goede oplossing voor het geschetste 20 probleem. De oplossing bestaat er uit dat aan de omtrek van plat dak 1 gebruik wordt gemaakt van speciaal gevormde isolatiepanelen. De isolatiepanelen hebben een vlak binnenoppervlak 11 dat aanligt tegen isolatielaag 8, alsmede een tegenover het binnenoppervlak gelegen buitenoppervlak 12. Verder omvatten de betreffende isolatiepanelen aan de omtrek daarvan twee tegenover elkaar gelegen 25 zijlangsoppervlakken 13, 14 die zich evenwijdig aan de staande rand 2 waartegen het betreffende isolatiepaneel 10 is aangelegen uitstrekken, en twee tegenover elkaar gelegen zijdwarsoppervlakken die zich dwars op de betreffende staande dakrand 2 uitstrekken. De twee zijlangsoppervlakken 13, 14 en de twee zijdwarsoppervlakken sluiten op zowel het binnenoppervlak 11 als op het 30 buitenoppervlak 12 aan.
Het bijzondere van isolatiepaneel 10 is gelegen in de vormgeving van het buitenoppervlak 12 daar van. Buitenoppervlak 12 is namelijk in dwarsrichting gezien, dus haaks op een bijbehorende omtreksrand van plat dak 1, niet-rechtlijnig en heeft een hellend deel 21. Het hellend deel is in het midden van de afmetingen 8 van isolatiepaneel 10 in dwarsrichting gezien. Ter plaatse van het hoogste deel van hellend deel 21 is het isolatiepaneel 10 ten minste 20 mm dikker dan ter plaatse van het laagste deel van hellend deel 21. Aan weerszijden van hellend deel 21 sluiten horizontale delen 22, 23 van buitenoppervlak 12 aan die een gelijke lengte hebben.
5 De vormgeving van buitenoppervlak 12 is derhalve dusdanig dat deze punt-symmetrisch mag worden beschouwd ten opzichte van een punt gelegen in het midden van het hellend deel 21. Dankzij deze eigenschap kunnen isolatiepanelen 10 paarsgewijs om en om worden gestapeld waarbij de gezamenlijke vormgeving van twee isolatiepanelen 10 doosvormig is. Deze eigenschap biedt zowel voordelen 10 tijdens het productieproces doordat het mogelijk is om twee isolatiepanelen 10 uit een rechthoekig blok isolatiemateriaal te vervaardigen door een draadvormige scheidingsorgaan volgens de contouren van buitenoppervlak 12 door het betreffend blok te bewegen zonder dat er afvalmateriaal ontstaat. Bovendien is er tijdens transport van isolatiepanelen 10, indien gestapeld op de voorgaand omschreven 15 wijze, geen sprake van loze ruimte.
Zoals zichtbaar in figuur 1 zijn dergelijke isolatiepanelen 10 langs de omtrek van plat dak 1 voorzien waarbij de dunste zijde van de isolatiepanelen naar die omtrek is gericht. In de hoeken van plat dak 1 wordt gebruikgemaakt van afgeschuinde isolatiepanelen 10’. Voor zover nodig zijn de isolatiepanelen 10 20 uiteraard op maat gemaakt om binnen de beschikbare ruimte te kunnen passen.
Aan de van de omtrek van plat dak 1 afgekeerde zijde van de isolatiepanelen 10, 10’ zijn isolatiepanelen 31 voorzien die over een gehele oppervlak een constante dikte bezitten. Deze dikte komt overeen met de grootste dikte van isolatiepanelen 10, 10’ waardoor er sprake is van een goede aansluiting. 25 Dankzij de vormgeving van isolatiepanelen 10, meer specifiek het buitenoppervlak 12 daarvan, ontstaat aan de omtrek van plat dak 1 een gootbaan 32 waarin tevens de afvoerdoorgangen 6 zijn aangebracht. Uiteraard dient de capaciteit van gootbaan 32 toereikend te zijn om hemelwater tijdelijk op te vangen en af te voeren via de afvoerdoorgangen 6.
30 Figuur 3 toont een alternatieve wijze waarop binnen het kader van de onderhavige uitvinding het bestaande plat dak 1 middels renovatie kan worden geïsoleerd. Daar waar bij de werkwijze volgens de figuren 1 en 2 de oude isolatielaag 7 wordt hergebruikt, is deze isolatielaag 7 bij de werkwijze volgens figuur 3 volledig verwijderd en vervangen door een volledig nieuwe isolatielaag 19 die is 9 samengesteld uit tegen elkaar gepositioneerde isolatiepanelen, vergelijkbaar met isolatiepanelen 10, 10’ en 31. Aangezien de nieuwe isolatielaag 19 vanwege het ontbreken van isolatielaag 7 dikker kan worden uitgevoerd dan in de situatie volgens figuren 1 en 2, kunnen de toegepaste isolatiepanelen voor de nieuwe isolatielaag 19 5 ook dikker zijn uitgevoerd
Het zal de vakman duidelijk zijn dat op de bovenste isolatielaag 8 volgens figuren 1 en 2 of op de enige isolatielaag 19 volgens figuur 3 op op zich bekende wijze een waterdichte laag kan worden aangebracht die zich uitstrekt tot onder loodslab 5, in ieder geval tot op dakrand 2. Een dergelijke waterdichte laag 10 kan bijvoorbeeld een bitumen laag, een rubberen laag of een kunststof laag betreffen.
Figuren 4a tot en met 4i tonen een negental, niet-beperkend voor de uitvinding te interpreteren, uitvoeringsvormen van isolatiepanelen zoals die kunnen worden toegepast bij de onderhavige uitvinding. Al deze varianten hebben met 15 elkaar gemeenschappelijk dat de respectievelijke buitenoppervlakken ervan niet-rechtlijnig zijn en een hellend deel omvatten over de lengte waarvan de dikte van het isolatiepaneel met ten minste 20 mm toeneemt en waarbij de minimale dikte van ieder isolatiepaneel ten minste 20 mm bedraagt. De isolatiepanelen hebben verder met elkaar gemeenschappelijk dat de hellende delen zich slechts binnen een deel 20 van de afmeting van het betreffend isolatiepaneel in de dwarsrichting gezien, uitstrekken,
Isolatiepanelen 41, 42 volgens respectievelijk figuren 4a en 4b hebben een vergelijkbare vormgeving als isolatiepaneel 10. Zij verschillen echter daarvan voor wat betreft de dimensionering, meer specifiek de dikte van de 25 betreffende isolatiepanelen 41, 42. De afmeting van de isolatiepanelen in dwarsrichting is bijvoorbeeld 100 cm, terwijl de standaard afmeting van de isolatiepanelen in lengterichting oftewel evenwijdig aan de uiteindelijke dakrand 120 cm kan zijn. Middels draadsnijden kunnen de isolatiepanelen bijvoorbeeld zijn vervaardigd uit een EPS blok van 100 cm bij 120 cm bij 800 cm.
30 In het specifieke voorbeeld van isolatiepaneel 41 is de minimale dikte 40 mm en de maximale dikte 70 mm. Isolatiepaneel 42 heeft een minimale dikte van 80 mm en een maximale dikte van 120 mm. Bij isolatiepaneel 43 ziet men dat het hellend deel 44 buiten het midden van de dwarsdoorsnede is gelegen en wel meer in de richting van het isolatiepaneel 43 daar deze de kleinste dikte heeft, in 10 casu van 20 mm. De grootste dikte is 120 mm. Vanwege de eerder genoemde ligging van het hellend deel 44 uit het midden in de richting van het dunste deel van het isolatiepaneel 43, wordt bij toepassing van isolatiepaneel 43 de maximale isolatiewaarde op kortere afstand van de omtrek van dakrand 1 bereikt. De relatief 5 kleine minimale dikte van isolatiepaneel 43 draagt eraan bij dat de capaciteit van de gootbaan die wordt gevormd met behulp van isolatiepanelen 43 relatief groot is.
Ook bij isolatiepaneel 45 volgens figuur 4d is het hellend deel 46 uit het midden van de dwarsdoorsnede gelegen. Hellend deel 46 is relatief stijl en maakt een hoek van 45 graden met een horizontaal. Aldus wordt bereikt dat binnen een 10 relatief korte afstand de dikte van isolatiepaneel 45 substantieel toeneemt waardoor ook binnen diezelfde relatieve korte afstand de isolerende werkzaamheid van isolatiepaneel 45 snel toeneemt.
Terzijde wordt opgemerkt dat daar waar in de onderhavige voorbeelden van isolatiepanelen volgens de uitvinding er, althans in de figuren, 15 sprake is van relatief scherpe overgangen aan het begin en het einde van de respectievelijke hellende delen met daarop aansluitende delen van de respectievelijke buitenoppervlakken, deze overgangen uiteraard ook afgerond kunnen zijn. Een dergelijke afronding is voordelig om hechting van een waterdichte laag op de buitenoppervlakken te vergemakkelijken of om althans deze hechting 20 betrouwbaarder te maken.
Bij isolatiepaneel 51 volgens figuur 4e zien we dat het bovenste einde van het hellend deel 52 ervan aan een zijkant van het isolatiepaneel 51 is gelegen. Bij isolatiepaneel 53 volgens figuur 4f zien we juist dat het laagste deel van het hellend deel 54 ervan aan een zijkant van het isolatiepaneel 53 is gelegen. Het is 25 daarbij denkbaar dat isolatiepaneel 53 direct is gelegen aan de omtrek van een plat dak, bijvoorbeeld tegen een opstaande dakrand van het platte dak, waarbij het hellend deel 54 uiteindelijk, uiteraard samen met een omtreksrand van het betreffende platte dak, een gootbaan vormt. Alternatief is het ook denkbaar dat tussen de omtrek van een plat dak en isolatiepaneel 53 nog een isolatiepaneel is 30 gelegen met een constante dikte. De afmeting van dit tussenliggend isolatiepaneel in dwarsrichting gezien kan worden afgestemd op de gewenste capaciteit van de te vormen gootbaan. Een verder alternatief is uiteraard ook mogelijk dat een dergelijk tussenliggend isolatiepaneel een verlopende dikte heeft. Het is in ieder geval van belang dat de dikte van het eventuele tussenliggende isolatiepaneel ter plaatse van 11 de aansluiting op isolatiepaneel 53 overeenkomt met de dikte van isolatiepaneel ter plaatse van die aansluiting oftewel met de kleinste dikte van isolatiepaneel 53.
Figuren 4g tot en met 4i tonen een drietal isolatiepanelen 55, 56, 57 waarvan de buitenoppervlakken ieder twee hellende delen 58, 59 en 60, 61 en 62, 5 63 omvatten voor het daartussen vormen van gootbanen 64, 65. 66. De hellingen van de respectievelijke paren van hellende delen zijn tegengesteld en zijn aan de naar elkaar toe gerichte zijden naar beneden gericht. Met name figuur 4h toont hoe het binnen het kader van de onderhavige uitvinding niet noodzakelijk is dat een hellend deel van een buitenoppervlak van een isolatiepaneel volgens de uitvinding 10 een rechtlijnig verloop heeft. De betreffende helling kan ook worden gevormd door een kromlijnig verloop van het hellende deel.
De isolatiepanelen zoals voorgaand omschreven zijn vervaardigd van geëxpandeerd polystyreen (EPS). Dit materiaal is in grote blokvormen beschikbaar en laat zich met behulp van een draadvormig scheidingsorgaan relatief 15 eenvoudig snijden tot de omschreven isolatiepanelen. Isolatiepanelen volgens de uitvinding kunnen ook van andersoortige isolatiematerialen zijn vervaardigd zoals van polyisocyanuraat (PIR), polyurethaan (PUR), resol schuim, minerale wol zoals steenwol of een combinatie van dergelijke materialen.
De toepassingsmogelijkheden van isolatiepanelen volgens de 20 uitvinding zijn niet beperkt tot het toepassen daarvan aan de omtreksrand van een dak. Het is tevens mogelijk om met behulp van isolatiepanelen volgens de uitvinding gootbanen op afstand van de omtrek van een dak te maken, bijvoorbeeld om hemelwater af te voeren in de richting van een afvoerdoorgang in het midden van een dak. Dit kan met name aan de orde zijn bij grotere daken.
25
Claims (27)
1. Werkwijze voor het isoleren van een plat dak, omvattende de stappen van 5. het aanbrengen van een aantal isolatiepanelen op het platte dak, waarbij ten minste een deel van de isolatiepanelen ieder een vlak binnenoppervlak, een tegen over het binnenoppervlak gelegen buitenoppervlak, twee zijlangsoppervlakken en twee zijdwarsoppervlakken die aan twee paren van tegen over elkaar gelegen zijden aansluiten op zowel het binnenoppervlak als het 10 buitenoppervlak, omvatten waarbij het binnenoppervlak tijdens het aanbrengen van ieder isolatiepaneel aan komt te liggen tegen het platte dak, het bekleden van de buitenoppervlakken van de isolatiepanelen met een waterdichte laag, gekenmerkt doordat het buitenoppervlak van ten minste één isolatiepaneel dat aan 15 de omtrek van het dak wordt aangebracht in dwarsrichting gezien niet-rechtlijnig is en een hellend deel heeft voor het vormen van een gootbaan aan de omtrek van het dak waarbij de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak gezien in een richting loodrecht op het binnenoppervlak ten minste 20 mm bedraagt voor iedere positie op het binnenopervlak en de afstand tussen het binnenoppervlak en 20 het buitenoppervlak binnen het hellend deel met ten minste 20 mm toeneemt.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak binnen het hellend deel met ten minste 30 mm toeneemt.
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat het 25 hellend deel in dwarsrichting richting gezien zich over maximaal 650 mm uitstrekt.
4. Werkwijze volgens conclusie 3, met het kenmerk, dat het hellend deel in dwarsrichting richting gezien zich over maximaal 550 mm uitstrekt.
5. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak aan de 30 van de omtrek van het dak afgekeerde zijde het grootste is.
6. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak aan de van de omtrek van het dak afgekeerde zijde over een deel van de afmetingen van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien constant is.
7. Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat aan de van de omtrek van het dak afgekeerde zijde van het ten minste ene isolatiepaneel een isolatiepaneel met een constante dikte op het dak wordt aangebracht.
8. Isolatiepaneel voor toepassing bij een werkwijze volgens één van de conclusies, omvattende een vlak binnenoppervlak, een tegen over het binnenoppervlak gelegen buitenoppervlak, twee zijlangsoppervlakken en twee zijdwarsoppervlakken die aan twee paren van tegen over elkaar gelegen zijden aansluiten op zowel het binnenoppervlak als het buitenoppervlak, waarbij het 10 buitenoppervlak van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien niet-rechtlijnig is en een hellend deel heeft voor het vormen van een gootbaan aan de omtrek van een dak waarbij de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak gezien in een richting loodrecht op het binnenoppervlak ten minste 20 mm bedraagt voor iedere positie van het binnenopervlak en de afstand tussen het binnenoppervlak en 15 het buitenoppervlak binnen het hellend deel met ten minste 20 mm toeneemt.
9. Isolatiepaneel volgens conclusie 8, met het kenmerk, dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak binnen het hellend deel met ten minste 30 mm toeneemt.
10. Isolatiepaneel volgens conclusie 8 of 9, met het kenmerk, dat het 20 hellend deel in dwarsrichting richting gezien zich over maximaal 650 mm uitstrekt.
11. Isolatiepaneel volgens conclusie 10, met het kenmerk, dat het hellend deel in dwarsrichting richting gezien zich over maximaal 550 mm uitstrekt.
12. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 11, met het kenmerk, dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak ter 25 plaatse van een zijlangsoppervlak het grootste is.
13. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 11, met het kenmerk, dat de afstand tussen het binnenoppervlak en het buitenoppervlak ter plaatse van een zijlangsoppervlak constant is over een deel van de afmeting van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien.
14. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 13, met het kenmerk, dat het hellend deel en een daarop aansluitend eerste verder deel van het buitenoppervlak een concave knik bepalen.
15. Isolatiepaneel volgens conclusie 14, met het kenmerk, dat het eerste verder deel evenwijdig verloopt aan het binnenoppervlak.
16. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 15, met het kenmerk, dat het hellend deel en een daarop aansluitend tweede verder deel van het buitenoppervlak een convexe knik bepalen.
17. Isolatiepaneel volgens conclusie 16, met het kenmerk, dat het 5 tweede verder deel evenwijdig verloopt aan het binnenoppervlak.
18. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 17, met het kenmerk, dat het hellend deel in het midden van de afmeting van het isolatiepaneel in dwarsrichting is voorzien.
19. Isolatiepaneel volgens conclusie 18, met het kenmerk, dat in 10 dwarsdoorsnede gezien het buitenoppervlak punt symmetrisch is ten opzichte van een punt gelegen in het midden van het hellend deel.
20. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 19, met het kenmerk, dat het buitenoppervlak van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien een verder hellend deel heeft met een helling die tegengesteld is aan die van het 15 hellend deel voor het vormen van de gootbaan tussen het hellend deel en het verder hellend deel
21. Isolatiepaneel volgens conclusie 20, met het kenmerk, dat de gootbaan volledig binnen één helft van de afmeting van het isolatiepaneel in dwarsrichting gezien is voorzien.
22. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 21, met het kenmerk, dat het isolatiepaneel in lengterichting een constante dwarsdoorsnede bezit.
23. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 22, met het kenmerk, dat ten minste het buitenoppervlak is gevormd met behulp van een 25 draadvormig scheidingsorgaan.
24. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 23, met het kenmerk, dat het hellend deel althans in hoofdzaak een rechtlijnig verloop heeft.
25. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 24, met het kenmerk, dat het isolatiepaneel is vervaardigd van schuimvormig kunststof 30 materiaal.
26. Isolatiepaneel volgens conclusie 25, met het kenmerk, dat het isolatiepaneel is vervaardigd van geëxpandeerd polystyreen (EPS).
27. Isolatiepaneel volgens één van de conclusies 8 tot en met 26, met het kenmerk, dat het buitenoppervlak is bekleed met een afwerklaag.
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2010195A NL2010195C2 (nl) | 2013-01-28 | 2013-01-28 | Werkwijze voor het isoleren van een plat dak. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2010195A NL2010195C2 (nl) | 2013-01-28 | 2013-01-28 | Werkwijze voor het isoleren van een plat dak. |
| NL2010195 | 2013-01-28 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2010195C2 true NL2010195C2 (nl) | 2014-07-29 |
Family
ID=51862667
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2010195A NL2010195C2 (nl) | 2013-01-28 | 2013-01-28 | Werkwijze voor het isoleren van een plat dak. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL2010195C2 (nl) |
-
2013
- 2013-01-28 NL NL2010195A patent/NL2010195C2/nl active
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| CA2555920C (en) | Panel assembly for traffic noise barrier wall | |
| RU2686222C2 (ru) | Накрывающее устройство из продолженных в ряд накрывающих панелей | |
| RU147751U1 (ru) | Устройство для сбора и удаления влаги с проезжей части мостов и эстакад инженерных сооружений | |
| US8616331B2 (en) | Panel assembly for traffic noise barrier wall | |
| EP2811075A1 (en) | Tunnel drainage arrangement | |
| RU157316U1 (ru) | Линейный водоотводный канал | |
| JP5297718B2 (ja) | 陸屋根又はベランダの排水構造及びカバー部材 | |
| JP4628959B2 (ja) | 集水構造及びこれを用いた排水構造 | |
| JP3976760B2 (ja) | 雨水流出抑制施設及びその清掃方法 | |
| JP4897551B2 (ja) | 歩車道境界用排水装置 | |
| JP6910797B2 (ja) | 軒先排水構造 | |
| JP5918436B1 (ja) | 底版・側壁構造物及び底版・側壁構築方法 | |
| JP5828144B2 (ja) | 排水設備構成体 | |
| JP5722666B2 (ja) | 建物の構造 | |
| KR101179735B1 (ko) | 배수구 덮개 | |
| KR101131637B1 (ko) | 곡선교량의 배수로용 집수구 | |
| ES2371956A1 (es) | Autobús de dos pisos con piso superior descubierto o susceptible de ser descubierto. | |
| KR101759150B1 (ko) | 방음터널 녹화시공방법 | |
| CN211285263U (zh) | 一种大跨径环氧沥青混凝土桥面结构 | |
| CN208167753U (zh) | 多功能山坡沟结构 | |
| JP6901653B2 (ja) | 歩車道境界ブロック | |
| KR101776933B1 (ko) | 풍하중 저감형 방음패널 제조방법 | |
| KR102758862B1 (ko) | 저류시스템 | |
| CN204126039U (zh) | 用于泳池周边的缝隙式溢水沟 | |
| CA2810228C (en) | Panel assembly for traffic noise barrier wall |