NL2011105C2 - Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel. - Google Patents
Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2011105C2 NL2011105C2 NL2011105A NL2011105A NL2011105C2 NL 2011105 C2 NL2011105 C2 NL 2011105C2 NL 2011105 A NL2011105 A NL 2011105A NL 2011105 A NL2011105 A NL 2011105A NL 2011105 C2 NL2011105 C2 NL 2011105C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- belt
- clamping
- housing
- leash
- clamping member
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims description 8
- 230000008878 coupling Effects 0.000 claims abstract 2
- 238000010168 coupling process Methods 0.000 claims abstract 2
- 238000005859 coupling reaction Methods 0.000 claims abstract 2
- 238000004804 winding Methods 0.000 claims description 15
- 241001465754 Metazoa Species 0.000 claims description 2
- 238000005096 rolling process Methods 0.000 abstract description 7
- 241000282472 Canis lupus familiaris Species 0.000 description 25
- 230000035939 shock Effects 0.000 description 4
- 239000006096 absorbing agent Substances 0.000 description 3
- 230000006835 compression Effects 0.000 description 2
- 238000007906 compression Methods 0.000 description 2
- 239000000463 material Substances 0.000 description 2
- 241000282326 Felis catus Species 0.000 description 1
- 230000004913 activation Effects 0.000 description 1
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 1
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 description 1
- 239000002184 metal Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A01—AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
- A01K—ANIMAL HUSBANDRY; AVICULTURE; APICULTURE; PISCICULTURE; FISHING; REARING OR BREEDING ANIMALS, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; NEW BREEDS OF ANIMALS
- A01K27/00—Leads or collars, e.g. for dogs
- A01K27/003—Leads, leashes
- A01K27/004—Retractable leashes
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B65—CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
- B65H—HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL, e.g. SHEETS, WEBS, CABLES
- B65H75/00—Storing webs, tapes, or filamentary material, e.g. on reels
- B65H75/02—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks
- B65H75/34—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks specially adapted or mounted for storing and repeatedly paying-out and re-storing lengths of material provided for particular purposes, e.g. anchored hoses, power cables
- B65H75/38—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks specially adapted or mounted for storing and repeatedly paying-out and re-storing lengths of material provided for particular purposes, e.g. anchored hoses, power cables involving the use of a core or former internal to, and supporting, a stored package of material
- B65H75/44—Constructional details
- B65H75/4418—Arrangements for stopping winding or unwinding; Arrangements for releasing the stop means
- B65H75/4421—Arrangements for stopping winding or unwinding; Arrangements for releasing the stop means acting directly on the material
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B65—CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
- B65H—HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL, e.g. SHEETS, WEBS, CABLES
- B65H75/00—Storing webs, tapes, or filamentary material, e.g. on reels
- B65H75/02—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks
- B65H75/34—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks specially adapted or mounted for storing and repeatedly paying-out and re-storing lengths of material provided for particular purposes, e.g. anchored hoses, power cables
- B65H75/38—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks specially adapted or mounted for storing and repeatedly paying-out and re-storing lengths of material provided for particular purposes, e.g. anchored hoses, power cables involving the use of a core or former internal to, and supporting, a stored package of material
- B65H75/44—Constructional details
- B65H75/4418—Arrangements for stopping winding or unwinding; Arrangements for releasing the stop means
- B65H75/4421—Arrangements for stopping winding or unwinding; Arrangements for releasing the stop means acting directly on the material
- B65H75/4423—Manual stop or release button
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B65—CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
- B65H—HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL, e.g. SHEETS, WEBS, CABLES
- B65H75/00—Storing webs, tapes, or filamentary material, e.g. on reels
- B65H75/02—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks
- B65H75/34—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks specially adapted or mounted for storing and repeatedly paying-out and re-storing lengths of material provided for particular purposes, e.g. anchored hoses, power cables
- B65H75/38—Cores, formers, supports, or holders for coiled, wound, or folded material, e.g. reels, spindles, bobbins, cop tubes, cans, mandrels or chucks specially adapted or mounted for storing and repeatedly paying-out and re-storing lengths of material provided for particular purposes, e.g. anchored hoses, power cables involving the use of a core or former internal to, and supporting, a stored package of material
- B65H75/44—Constructional details
- B65H75/48—Automatic re-storing devices
Landscapes
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Environmental Sciences (AREA)
- Animal Husbandry (AREA)
- Biodiversity & Conservation Biology (AREA)
- Catching Or Destruction (AREA)
- Buckles (AREA)
- Storing, Repeated Paying-Out, And Re-Storing Of Elongated Articles (AREA)
- Purses, Travelling Bags, Baskets, Or Suitcases (AREA)
Description
P103/NLpd
Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor het oprollen van een dierenriem, volgens de aanhef van conclusie 1. Tevens heeft de uitvinding betrekking op een werkwijze voor het oprollen van een dierenriem volgens conclusie 8.
Een dergelijke inrichting is in de techniek bekend. Bijvoorbeeld wordt in US2008/0011895 ten name van de firma Flexi Bogdahn een inrichting beschreven waarmee een hondenriem onder veerspan-ning kan worden opgewonden op een spoel en, tegen de veerspanning in, van de spoel kan worden afgewikkeld. Een aan de riem bevestigde hond zal de riem eenvoudig kunnen doen afwikkelen om meer bewegingsvrijheid te verkrijgen. Het voordeel van een dergelijke inrichting ten opzichte van een traditionele hondenriem is dat de riem te allen tijde strak gehouden blijft, ongeacht de afstand waarop de hond zich van zijn begeleider bevindt. Uiteraard is de maximale afstand beperkt tot de lengte van de riem. Door het op-rolmechanisme zal de hond, de begeleider of elk ander persoon, niet verstrikt kunnen raken in de riem, zoals dat bij een traditionele hondenriem wel het geval is. Voor de gevallen waarin de hond zich op een beperkte afstand van zijn begeleider mag bewegen is in de hiervoor aangeduide inrichting van Flexi Bogdahn een arrêteer-mechanisme voorzien dat de spoel vastzet. Hierdoor kan de riem niet verder worden afgewikkeld waardoor de bewegingsvrijheid van de hond wordt beperkt. Een nadeel is dat de riem evenmin verder kan worden opgewonden. Wanneer de hond zich in de richting van zijn begeleider beweegt, komt de riem echter slap te hangen, waardoor de oorspronkelijke problemen van een (al dan niet lange) hondenriem worden verkregen.
De uitvinding heeft nu tot doel een verbeterde inrichting van de in de aanhef genoemde soort te verschaffen. De uitvinding is gericht op een inrichting en een werkwijze voor het oprollen en afwikkelen van een dierenriem. De term riem betreft binnen deze uitvinding elke riem of kabel die op een spoel kan worden gewikkeld, bijvoorbeeld platte en ronde riemen of kabels. De uitvinding zal hierna in het bijzonder worden beschreven aan de hand van een hondenriem. De uitvinding is daar echter niet toe beperkt. Evenmin is de uitvinding beperkt tot een bepaalde vorm van de kabel, hoewel de uitvinding hierna in het bijzonder aan de hand van een platte kabel, een algemeen bekende hondenriem, zal worden beschreven. Dergelijke kabels kunnen worden gebruikt als dierenriem, in het bijzonder voor huisdieren als honden en katten.
In het bijzonder heeft de uitvinding tot doel een inrichting van de in de aanhef genoemde soort te verschaffen waarmee de maximale bewegingsvrijheid van een dier, zoals een hond, kan worden beperkt en die het probleem van een slap hangende riem effectief weet te voorkomen. De uitvinding is echter geenszins beperkt tot riemen voor honden, zoals hiervoor uitgelegd.
In het bijzonder heeft de uitvinding tot doel een inrichting te verschaffen waarmee eenvoudig kan worden geschakeld tussen volledige vrijloop waarbij de hond de gehele lengte van de riem kan gebruiken en beperkte vrijloop, waarbij slechts een deel van de lengte van de riem beschikbaar is.
Ter verkrijging van ten minste een van de hiervoor genoemde voordelen, verschaft de uitvinding volgens een eerste uitvoeringsvorm een inrichting die de maatregelen van conclusie 1 bevat. Deze inrichting heeft het voordeel dat op eenvoudige wijze een voorziening wordt verkregen waarmee de bewegingsvrijheid van de hond wordt beperkt. Het klemorgaan kan aan de riem worden geklemd en wordt mee opgerold op de spoel wanneer de riem op de spoel wordt gewikkeld. Wanneer de riem vervolgens wordt afgewikkeld zal het klemorgaan, wanneer het de wikkeling verlaat en in de richting van de opening wordt gevoerd, worden tegengehouden door een vangor-gaan. Hierdoor wordt het verder afwikkelen van de riem gestopt. De bewegingsvrijheid van de hond wordt hiermee effectief beperkt.
Het heeft voorts de voorkeur dat de inrichting een bedie-ningsorgaan omvat voor het tussen een klemmende en losgenomen toestand verplaatsen van het klemorgaan. Een gebruiker kan hiermee eenvoudig kiezen of de hond een onbeperkte bewegingsvrijheid verkrijgt of dat die wordt beperkt. Door met het bedieningsorgaan het klemorgaan vast te klemmen om de riem wanneer een hond een maximale toe te staan deel van de riem heeft afgewikkeld zal de beperkte bewegingsvrijheid ingesteld zijn.
Een voorkeur wordt verkregen met een inrichting waarbij deze een in ten minste twee standen instelbare klemactuator omvat voor naar keuze het klemorgaan doen losnemen van of doen klemmen aan de riem. Met twee standen kan de keuze worden gemaakt tussen een vast aan de riem geklemd klemorgaan en een vrij van de riem gelegen klemorgaan.
Een eenvoudige bediening wordt verkregen met een aan een buitenzijde van de behuizing voorzien bedieningselement voor het bedienen van de klemactuator.
Een zekere werking wordt verkregen, met een gering risico dat het klemorgaan onverhoopt losraakt van de riem, wanneer het klemorgaan een veerbelaste klemhefboom omvat welke met een klemuitein-de onder veerspanning aanligt tegen de riem.
Om een snel losnemen van het klemorgaan mogelijk te maken, heeft het de voorkeur dat het klemorgaan een veerbelaste klemhefboom omvat welke met een klemuiteinde onder veerspanning vrij ligt van de riem.
Een efficiënte beweging van de riem naar de spoel, in het bijzonder zowel wanneer de riem geheel afgewikkeld is als wanneer de riem grotendeels op de spoel is gewikkeld, wordt verkregen wanneer het vangorgaan een naar de opening gerichte uitgang omvat en een naar de spoel gerichte ingang omvat, en waarbij het vangorgaan kantelbaar aan de behuizing is gekoppeld, zodanig dat de ingang in hoofdzaak naar een opwikkelpunt van de riem op de spoel kan worden gericht. Met de term "opwikkelpunt van de riem op de spoel" wordt hier bedoeld het punt waar de riem de spoel raakt dan wel waar de riem een reeds op de spoel gewikkeld deel van de riem raakt. Bij een in hoofdzaak geheel afgewikkelde riem is dat punt aanzienlijk dichter bij de rotatieas van de spoel gelegen dan bij een in hoofdzaak opgewikkelde riem. De hoek waaronder de riem vanuit de opening in de richting van de wikkeling loopt varieert derhalve sterk tijdens het opwikkelen en afwikkelen van de riem.
Volgens een verder aspect heeft de uitvinding betrekking op een werkwijze voor het hanteren van een hondenriem, omvattende de stap van het verschaffen van een inrichting volgens de uitvinding. De hiervoor genoemde voordelen van de uitvinding kunnen hiermee op effectieve en efficiënte wijze worden verkregen.
In het bijzonder gaat de voorkeur uit naar een dergelijke werkwijze welke de stap omvat van het bedienen van het bedienings-element voor het aan de riem doen klemmen van het klemorgaan, waarmee de maximale bewegingsvrijheid van een hond kan worden beperkt, zonder dat de riem slap komt te hangen wanneer de hond zich beweegt in de richting van de begeleider.
De uitvinding zal hierna aan de hand van een tekening nader worden uitgelegd. De tekening toont hierbij in:
Fig. 1 een eerste schematische weergave van een deel van een inrichting volgens de uitvinding,
Fig. 2 een tweede schematische weergave van een deel van een inrichting volgens de uitvinding,
Fig. 3 een detailaanzicht van een deel van een inrichting volgens de uitvinding, en
Fig. 4 een ander detailaanzicht van een deel van een inrichting volgens de uitvinding.
In de figuren zijn dezelfde onderdelen middels dezelfde ver-wijzingscijfers aangeduid. Echter, de voor een praktische uitvoering van de uitvinding noodzakelijke onderdelen zijn niet alle getoond, vanwege de eenvoud van de weergave. Tevens zijn niet alle onderdelen in de voor een praktische uitvoeringsvorm geschikte verhouding getoond. Sommige onderdelen zijn ten opzichte van andere onderdelen vergroot weergegeven om de uitleg te vergemakkelijken .
Fig. 1 toont een eerste schematische weergave van een deel van een inrichting 1 voor het opwikkelen en afrollen van een hon-denriem 2 volgens de uitvinding. Hoewel hier met name wordt verwezen naar een hondenriem 2 is de inrichting 1 in principe ook geschikt voor het opwikkelen van andere riemen. Tevens wordt met de term "riem" niet slechts een in hoofdzaak platte riem bedoeld maar ook ronde of andere doorsnedevormen.
De inrichting 1 omvat een spoel 3 voor het daarop kunnen wikkelen van de riem 2. Het wikkelpunt 4 is de positie waar de riem 2 de gedeeltelijk gewikkelde spoel raakt. Aan de riem 2 is een klemorgaan 5 gekoppeld. Het klemorgaan 5 kan vast aan de riem 2 worden geklemd, zodanig dat het klemorgaan 5 bij het op de spoel 3 wikke len van de riem 2 mee op de spoel 3 wordt gewikkeld. Bij het weer van de spoel 3 afwikkelen van de riem 2 komt het klemorgaan 5 te zijner tijd vrij. Het verder afwikkelen van de riem 2 laat het klemorgaan 5 vervolgens tegen een vangorgaan 6 lopen, die het klemorgaan 5 tegenhoudt. Doordat het klemorgaan 5 vast aan de riem 2 is gekoppeld, zal de riem 2 niet verder kunnen worden afgewikkeld. Hierdoor wordt op effectieve wijze zeker gesteld dat de riem slechts in beperkte mate kan afwikkelen, waardoor een aan de riem bevestigde hond een beperkte bewegingsvrijheid heeft.
Het vangorgaan omvat in de in Fig. 1 weergegeven uitvoeringsvorm twee geleidingsbenen 7, 8 die in de richting van de riem 2, en derhalve in de richting van het klemorgaan 5, wanneer zich dat tussen de benen 9, 10 bevindt, kunnen worden bewogen. De benen 9, 10 hebben elk een scharnieras 11, 12 waar omheen zij kunnen scharnieren, zodanig dat een klemuiteinde 13, 14 tegen de riem kan worden gepositioneerd of daar vanaf kan worden verplaatst. Wanneer de klemuiteinden 13, 14 tegen de riem 2 aanliggen, zal het klemorgaan 5 vast aan de riem 2 zijn gekoppeld. Het klemorgaan 2 zal met de riem op de spoel 3 kunnen worden gewikkeld. Doordat een opening 15 is voorzien in de behuizing 16 van de inrichting 1 waar doorheen de riem 2 uit de behuizing 16 wordt gevoerd, zal het klemorgaan 5 niet uit de behuizing kunnen geraken.
De klemming van het klemorgaan 5 aan de riem kan worden opgeheven door een kracht uit te oefenen op een van het klemuiteinde 13, 14 afgelegen uiteinde 17, 18 van de benen 9, 10, aan een andere zijde van de scharnieras 11, 12 dan waar de klemuiteinden 13, 14 zijn gelegen. Hierdoor worden de klemuiteinden 13, 14 van de riem 2 af bewogen zodat de klemming wordt opgeheven en de riem 2 zich vrij tussen de benen 9, 10 van het klemorgaan kan bewegen.
De benen 9, 10 zijn bij voorkeur voorbelast door een druk-veer, zodat ze in onbelaste toestand met hun klemuiteinde 13, 14 tegen de riem 2 zijn aangelegen.
De geleidingsbenen 7, 8 omvatten bij voorkeur opneemorganen 19, 20 die zijn ingericht om samen te werken met aan het klemorgaan 5 voorziene nokken 21, 22. Door de geleidingsbenen 7, 8 in de richting van de riem te bewegen wanneer het klemorgaan 5 zich tussen de benen bevindt zullen de nokken 21, 22 in de opneemorganen 19, 20 worden opgenomen waardoor het klemorgaan 5 wordt geklemd in het vangorgaan 6. De riem loopt hierdoor vrij tussen de benen van het klemorgaan 5, zodat een maximale bewegingsvrijheid wordt verkregen. De geleidingsbenen 7, 8 kunnen bijvoorbeeld middels een door een gebruiker te bedienen bedieningsorgaan (niet getoond in Fig. 1) tegen het klemorgaan worden geplaatst. Wanneer de gebruiker het bedieningsorgaan bedient om het klemorgaan 5 te activeren door deze vast te klemmen aan de riem 2, zal de maximale bewegingsvrijheid worden beperkt, afhankelijk van de mate waarin de riem was afgewikkeld op het moment van activeren.
Fig. 1 toont voorts een schokabsorber 23 die de schokken op de behuizing 16 beperkt wanneer de riem 2 wordt afgewikkeld en het klemorgaan 5 tegen het vangorgaan 6 aanloopt. De behuizing 16 van de inrichting 1 kan voorts van een materiaal zijn vervaardigd dat een verende rek heeft waardoor het zelf als schokabsorber dienst kan doen. Een afzonderlijke schokabsorber 23 kan dan komen te vervallen .
Fig. 2 geeft een tweede schematische weergave van een deel van een inrichting 1 volgens de uitvinding. De riem 2 is op schematische wijze in onderbroken lijn weergegeven en is grotendeels op de spoel 3 gewikkeld. Een vangorgaan 6 is nabij de opening 15 in de behuizing 16 gepositioneerd, zodanig dat het vangorgaan 6 scharnierbaar is om de riem 2 gelijkmatig naar het wikkelpunt 4 op de spoel 3 te kunnen geleiden.
In Fig. 3 is een schematische, alternatieve weergave van een klemorgaan 5 getoond. Een bedieningsstaaf 24 is ingericht om een klemorgaan 25 tegen de riem 2 te positioneren middels een tussenliggende actuator 26. Bij het in de richting van de riem 2 verplaatsen van de bedieningsstaaf 24 wordt de actuator 26 met uiteinde 27 tegen uiteinde 28 van het klemorgaan 25 gedrukt. In samenwerking met de basisdeel 29 van het klemorgaan 5 wordt het klemorgaan 5 aan de riem 2 geklemd.
Fig. 4 toont ten slotte een detailaanzicht van een mogelijke drukveer 30 om de benen 9, 10 in een voorbelaste toestand in de richting van de riem 2 te dwingen. Een deskundige in de techniek is eenvoudig in staat om een voor het betreffende doel geschikte bevestigingspositie en veerconstante te kiezen.
De inrichting en de onderdelen daarvan kunnen bijvoorbeeld van kunststof of een metaal, of een combinatie daarvan zijn vervaardigd. Ook kunnen natuurlijke materialen worden gebruikt voor de vervaardiging van de inrichting of van onderdelen daarvan.
De uitvinding is niet beperkt tot de hiervoor beschreven en in de figuren getoonde uitvoeringsvormen. De uitvinding wordt slechts beperkt door de bijgevoegde conclusies. De inrichting volgens de onderhavige uitvinding kan bijvoorbeeld op voordelige wijze een additionele rem bevatten waarmee de riem op elk gewenst moment kan worden vastgezet om verder afwikkelen en/of oprollen te voorkomen.
De uitvinding strekt zich tevens uit over elke combinatie van maatregelen die hiervoor onafhankelijk van elkaar zijn beschreven.
Claims (9)
1. Inrichting voor het opwinden en afwinden van een dierenriem, omvattende een behuizing, een riem, een in de behuizing voorziene draaibare spoel voor het daaromheen opwinden van de riem, een ope-ning voor het in en uit de behuizing voeren van de riem, een op de spoel werkzame veer voor het met veerkracht van de veer opwinden van de riem en het tegen de veerkracht in afwinden van de riem, met het kenmerk, dat de inrichting verder omvat: een binnen de behuizing aan de riem voorzien klemorgaan dat instelbaar is tussen een aan de riem klemmende toestand en een van de riem losgenomen toestand, en waarbij de inrichting nabij de opening een vangorgaan omvat voor het vangen van het klemorgaan bij het afwinden van de riem.
2. Inrichting volgens conclusie 1, waarbij de inrichting een be-dieningsorgaan omvat voor het tussen een klemmende en losgenomen toestand verplaatsen van het klemorgaan.
3. Inrichting volgens een der conclusies 1-2, waarbij de inrichting een in ten minste twee standen instelbare klemactuator omvat voor naar keuze het klemorgaan doen losnemen van of doen klemmen aan de riem.
4. Inrichting volgens conclusie 3, waarbij de inrichting een aan een buitenzijde van de behuizing voorzien bedieningselement omvat voor het bedienen van de klemactuator.
5. Inrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het klemorgaan een veerbelaste klemhefboom omvat welke met een klem-uiteinde onder veerspanning aanligt tegen de riem.
6. Inrichting volgens een der conclusies 1-4, waarbij het klemorgaan een veerbelaste klemhefboom omvat welke met een klemuitein-de onder veerspanning vrij ligt van de riem.
7. Inrichting volgens een der voorgaande conclusies, waarbij het een naar de opening gerichte uitgang omvat en een naar de spoel gerichte ingang omvat, en waarbij het vangorgaan kantelbaar aan de behuizing is gekoppeld, zodanig dat de ingang in hoofdzaak naar een opwikkelpunt van de riem op de spoel kan worden gericht.
8. Werkwijze voor het hanteren van een dierenriem, omvattende de stap van het verschaffen van een inrichting volgens een der voorgaande conclusies en het aan een buiten de inrichting gelegen uiteinde van de riem koppelen van een dier.
9. Werkwijze volgens conclusie 8, omvattende de stap van het bedienen van het bedieningselement voor het aan de riem doen klemmen van het klemorgaan.
Priority Applications (5)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2011105A NL2011105C2 (nl) | 2013-07-05 | 2013-07-05 | Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel. |
| NL2011191A NL2011191C2 (nl) | 2013-07-05 | 2013-07-18 | Multifunctionele inrichting voor het houden van een riem, in het bijzonder een dierenriem. |
| PCT/NL2014/050449 WO2015002538A1 (en) | 2013-07-05 | 2014-07-04 | Ά device and method for rolling up a cable |
| EP14766236.5A EP3077310A1 (en) | 2013-07-05 | 2014-07-04 | A device and a method for rolling up a cable |
| US14/988,300 US20160128305A1 (en) | 2013-07-05 | 2016-01-05 | Device and Method for Rolling up a Cable |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2011105A NL2011105C2 (nl) | 2013-07-05 | 2013-07-05 | Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel. |
| NL2011105 | 2013-07-05 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2011105C2 true NL2011105C2 (nl) | 2015-01-06 |
Family
ID=51541272
Family Applications (2)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2011105A NL2011105C2 (nl) | 2013-07-05 | 2013-07-05 | Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel. |
| NL2011191A NL2011191C2 (nl) | 2013-07-05 | 2013-07-18 | Multifunctionele inrichting voor het houden van een riem, in het bijzonder een dierenriem. |
Family Applications After (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2011191A NL2011191C2 (nl) | 2013-07-05 | 2013-07-18 | Multifunctionele inrichting voor het houden van een riem, in het bijzonder een dierenriem. |
Country Status (4)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US20160128305A1 (nl) |
| EP (1) | EP3077310A1 (nl) |
| NL (2) | NL2011105C2 (nl) |
| WO (1) | WO2015002538A1 (nl) |
Families Citing this family (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| NL2016030B1 (en) * | 2015-12-23 | 2017-07-05 | Nano Pet Products Llc | A handgrip for a leash, a combination of the handgrip and a functional element, and the functional element for use therewith. |
| ITUA20163812A1 (it) * | 2016-05-25 | 2017-11-25 | Primenove Srl | Guinzaglio estensibile toroidale per cani ed altri animalidomestici |
| CN108439094A (zh) * | 2018-03-31 | 2018-08-24 | 冯秉健 | 一种拉力锁位器 |
| UA123118C2 (uk) * | 2019-04-25 | 2021-02-17 | Юрій Юрійович Синиця | Автоматично регульований поводок для домашніх тварин |
| EP4646925A1 (de) * | 2024-05-06 | 2025-11-12 | Diligent Verwaltung GmbH | Rollleinenvorrichtung für das ab- und aufrollen einer tierleine |
Family Cites Families (6)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPS599466B2 (ja) * | 1978-11-07 | 1984-03-02 | 株式会社日立製作所 | コ−ド巻取装置 |
| US5887550A (en) * | 1995-08-07 | 1999-03-30 | Anthony Harris Levine | Combined retractable pet leash and flashlight |
| DE20008014U1 (de) * | 2000-05-05 | 2000-08-03 | Müller, Roland, 66453 Gersheim | Wickelleine für Tiere |
| DE202006010918U1 (de) | 2006-07-14 | 2006-10-05 | Flexi-Bogdahn Technik Gmbh & Co. Kg | Leineneinrichtung für eine mechanisch auf- und abrollbare Leine zum Führen von Tieren |
| US8245441B1 (en) * | 2008-11-25 | 2012-08-21 | Let's Grow Something, LLC | Pull-down planter hanger |
| US9480241B2 (en) * | 2011-07-05 | 2016-11-01 | Eric James Holmstrom | Retractable leash system |
-
2013
- 2013-07-05 NL NL2011105A patent/NL2011105C2/nl not_active IP Right Cessation
- 2013-07-18 NL NL2011191A patent/NL2011191C2/nl not_active IP Right Cessation
-
2014
- 2014-07-04 EP EP14766236.5A patent/EP3077310A1/en not_active Withdrawn
- 2014-07-04 WO PCT/NL2014/050449 patent/WO2015002538A1/en not_active Ceased
-
2016
- 2016-01-05 US US14/988,300 patent/US20160128305A1/en not_active Abandoned
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| NL2011191C2 (nl) | 2015-01-06 |
| WO2015002538A1 (en) | 2015-01-08 |
| EP3077310A1 (en) | 2016-10-12 |
| US20160128305A1 (en) | 2016-05-12 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL2011105C2 (nl) | Inrichting en werkwijze voor het oprollen van een kabel. | |
| US8151735B1 (en) | Leash | |
| US9844208B2 (en) | Emergency leash | |
| US6523500B1 (en) | Rotating tether for securing an animal | |
| US7886700B2 (en) | Retractable leash assembly | |
| EP2665639B1 (en) | Self-locking clip systems and methods | |
| KR200448074Y1 (ko) | 동물 포획용 올무 | |
| US20090255486A1 (en) | Combination pet collar and leash | |
| US20140263799A1 (en) | Retractor Mechanism For Collars | |
| JP2013541948A (ja) | 自動ブレーキ機構を有する伸縮リーシュ | |
| US20210015078A1 (en) | Sliding double handle leash | |
| US20060070584A1 (en) | Leash for multiple pets | |
| US20200253178A1 (en) | Fishing line control system | |
| US4630388A (en) | Detachable swivel for coupling gangions to longlines and apparatus for automatically attaching same | |
| RU2745688C2 (ru) | Поводок-рулетка с выполненным с возможностью поворота выходом | |
| US10986815B2 (en) | Dog grooming clamp | |
| US4171589A (en) | Snare type animal trap | |
| US7426816B1 (en) | Rope halter apparatus and method of use | |
| US6594940B1 (en) | Fishing hooking device | |
| US9101115B2 (en) | Device for leading animals by means of a leash | |
| KR102634479B1 (ko) | 임업용 운송수단에 사용되는 와이어 자동이탈 도르래장치 | |
| US20250143266A1 (en) | Retractable dog leash | |
| EP3853067B1 (en) | Spring loaded retractable device | |
| JP7233054B2 (ja) | ペット用クレートの収容体 | |
| GB2514641A (en) | Retractable lead assembly |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| MM | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20170801 |