NL2011631C2 - Begrenzingselement voor een radiator en ophanginrichting voor een radiator voorzien van het begrenzingselement. - Google Patents
Begrenzingselement voor een radiator en ophanginrichting voor een radiator voorzien van het begrenzingselement. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2011631C2 NL2011631C2 NL2011631A NL2011631A NL2011631C2 NL 2011631 C2 NL2011631 C2 NL 2011631C2 NL 2011631 A NL2011631 A NL 2011631A NL 2011631 A NL2011631 A NL 2011631A NL 2011631 C2 NL2011631 C2 NL 2011631C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- flange
- boundary element
- radiator
- mounting bracket
- limiting element
- Prior art date
Links
- 239000000725 suspension Substances 0.000 claims description 46
- 238000005452 bending Methods 0.000 claims description 13
- 230000008878 coupling Effects 0.000 claims description 4
- 238000010168 coupling process Methods 0.000 claims description 4
- 238000005859 coupling reaction Methods 0.000 claims description 4
- 239000002131 composite material Substances 0.000 description 2
- 238000003466 welding Methods 0.000 description 2
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 1
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F24—HEATING; RANGES; VENTILATING
- F24D—DOMESTIC- OR SPACE-HEATING SYSTEMS, e.g. CENTRAL HEATING SYSTEMS; DOMESTIC HOT-WATER SUPPLY SYSTEMS; ELEMENTS OR COMPONENTS THEREFOR
- F24D19/00—Details
- F24D19/02—Arrangement of mountings or supports for radiators
- F24D19/0203—Types of supporting means
- F24D19/0216—Supporting means having a rail
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F24—HEATING; RANGES; VENTILATING
- F24D—DOMESTIC- OR SPACE-HEATING SYSTEMS, e.g. CENTRAL HEATING SYSTEMS; DOMESTIC HOT-WATER SUPPLY SYSTEMS; ELEMENTS OR COMPONENTS THEREFOR
- F24D19/00—Details
- F24D19/02—Arrangement of mountings or supports for radiators
- F24D19/022—Constructional details of supporting means for radiators
- F24D19/0223—Distance pieces between the radiator and the wall
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F24—HEATING; RANGES; VENTILATING
- F24D—DOMESTIC- OR SPACE-HEATING SYSTEMS, e.g. CENTRAL HEATING SYSTEMS; DOMESTIC HOT-WATER SUPPLY SYSTEMS; ELEMENTS OR COMPONENTS THEREFOR
- F24D19/00—Details
- F24D19/02—Arrangement of mountings or supports for radiators
- F24D19/022—Constructional details of supporting means for radiators
- F24D19/023—Radiators having fixed suspension means for connecting the radiator to the support means
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F24—HEATING; RANGES; VENTILATING
- F24D—DOMESTIC- OR SPACE-HEATING SYSTEMS, e.g. CENTRAL HEATING SYSTEMS; DOMESTIC HOT-WATER SUPPLY SYSTEMS; ELEMENTS OR COMPONENTS THEREFOR
- F24D19/00—Details
- F24D19/02—Arrangement of mountings or supports for radiators
- F24D19/024—Functioning details of supporting means for radiators
- F24D19/0243—Means for moving the radiator horizontally to adjust the radiator position
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Physics & Mathematics (AREA)
- Thermal Sciences (AREA)
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Combustion & Propulsion (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- General Engineering & Computer Science (AREA)
- Cooling, Air Intake And Gas Exhaust, And Fuel Tank Arrangements In Propulsion Units (AREA)
Description
BEGRENZINGSELEMENT VOOR EEN RADIATOR EN OPHANGINRICHTING VOOR EEN RADIATOR VOORZIEN VAN HET BEGRENZINGSELEMENT
De uitvinding heeft betrekking op een begrenzingselement voor een radiator, welke radiator is opgehangen met een ophanginrichting, omvattende een draagprofiel voor bevestiging aan een oppervlak en welk draagprofiel een flens omvat, welke flens is ingericht voor samenwerking met één of meerdere bevestigingsbeugels van de radiator.
De ophanginrichting volgens de aanhef is bekend op het vakgebied. Op het vakgebied is de ophanginrichting aangeduid als een L-console. Voor het ophangen van een radiator met de bekende ophanginrichting gebruikt men twee of meer L-consoles, die op de muur worden bevestigd. Na bevestiging van de L-consoles worden de bevestigingsbeugels van de radiator, die overigens vaak als lasstrippen zijn uitgevoerd, in de sleuven van elke L-console geplaatst.
De bekende ophanginrichting heeft als nadeel dat de ophanginrichting niet voldoet aan de nieuwe Duitse richtlijn VDI 6036. Deze richtlijn schrijft voor dat een opgehangen radiator maar beperkt, 3 tot 6 mm, in horizontale richting mag bewegen.
De uitvinding heeft als doel om te voorzien in een begrenzingselement voor een ophanginrichting volgens de aanhef, die wel voldoet aan de richtlijn VDI 6036 met betrekking tot de horizontale beweging van een opgehangen radiator.
Daartoe voorziet de uitvinding in een begrenzingselement voor een radiator, welke radiator is opgehangen met een ophanginrichting omvattende een draagprofiel voor bevestiging aan een oppervlak en welk draagprofiel een flens omvat, welke flens is ingericht voor samenwerking met één of meerdere bevestigingsbeugels van de radiator, waarin het begrenzingselement koppelbaar is aan één van de bevestigingsbeugels en waarin het begrenzingselement is ingericht voor samenwerking met de flens teneinde een horizontale beweging van de opgehangen radiator ten opzichte van de flens te begrenzen.
Bij voorkeur is het begrenzingselement losneembaar koppelbaar aan de bevestigingsbeugel. Hierdoor kan het begrenzingselement afzonderlijk geproduceerd worden en in het economische verkeer worden gebracht. Ook kan een reeds geplaatste ophanginrichting volgens de aanhef voorzien worden van het begrenzingselement waardoor de ophanginrichting met betrekking tot de horizontale beweging van de radiator zal voldoen aan de richtlijn.
In een voorkeursuitvoeringsvorm van het begrenzingselement volgens de uitvinding is het begrenzingselement voorzien van een vertanding voor opname van althans een deel van de flens. Het begrenzingselement is daarbij na koppeling star verbonden aan de bevestigingsbeugel, zodat de radiator ten opzichte van de flens zich alleen tussen opeenvolgende tanden van de vertanding kan bewegen.
Bij voorkeur is het begrenzingselement aan weerszijden voorzien van een haak, die bestemd is voor aangrijping aan de bevestigingsbeugel. Hierdoor kan op eenvoudige wijze het begrenzingselement gekoppeld worden aan de bevestigingsbeugel.
Teneinde het ontkoppelen van het begrenzingselement te bemoeilijken, omvat het begrenzingselement een ondervlak dat nabij de onderzijde ervan is voorzien van een omranding. De omranding kan samenwerken met een uitsparing, die in de flens aan te brengen is. Nadat het begrenzingselement is aangebracht en de omranding in de uitsparing is, kan het begrenzingselement niet meer in verticale richting ontkoppeld worden uit de bevestigingsbeugel..
In een tweede voorkeursuitvoeringsvorm van het begrenzingselement volgens de uitvinding zijn de vorm en afmetingen van het begrenzingselement zodanig gekozen dat bij het koppelen van het begrenzingselement aan een onderste bevestigingsbeugel de omranding tegen een onderzijde van de flens aanligt. Hierdoor hoeft er geen uitsparing te worden aangebracht in de flens.
Bij voorkeur is het ondervlak versprongen aan het begrenzingselement aangebracht door een verspringingsdeel en is de hoek tussen het verspringingsdeel en het ondervlak zodanig dat bij het plaatsen van het begrenzingselement in de bevestigingsbeugel de onderzijde van het ondervlak strak aanligt tegen de langszijde van de flens. Door deze maatregelen krijgt het ondervlak een verende werking.
Daarbij is het verspringingsdeel bij voorkeur voorzien van één of meerdere uitsparingen voor het met een steekorgaan, zoals bij voorbeeld een schroevendraaier, tijdelijk verbuigen van het ondervlak voor het verwijderen van de omranding van de flens.
Bij voorkeur is het begrenzingselement voorzien van één of meerdere buigstroken, waarin elke buigstrook of borgelement na koppeling van het begrenzingselement in de bevestigingsbeugel onder de bevestigingsbeugel kan worden gebogen, zodanig dat het begrenzingselement geborgd is aan de bevestigingsbeugel. Hierdoor kan op eenvoudige wijze voorkomen worden dat het begrenzingselement uit de bevestigingsbeugel kan worden genomen. Dit is met name van belang als de radiator geplaatst is in ruimtes, waar personen geen potentieel gevaarlijke objecten mogen bezitten, zoals een gevangenis of een psychiatrische inrichting.
Om de productie van begrenzingselement te optimaliseren is bij voorkeur het begrenzingselement uit één vlakke plaat is vervaardigd.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een inventieve ophanginrichting voor het ophangen van een radiator, omvattende een draagprofiel, waarin het draagprofiel bevestigbaar is aan een oppervlak en waarin het draagprofiel een flens omvat, welke flens is ingericht voor samenwerking met één of meerdere bevestigingsbeugels van de radiator. Daartoe heeft de inventieve ophanginrichting het kenmerk, dat de ophanginrichting tevens ten minste één begrenzingselement volgens de uitvinding omvat.
In een voorkeursuitvoeringsvorm van de inventieve ophangrichting is de flens voorzien van ten minste één uitsparing, die bestemd is voor opname van de omranding van een begrenzingselement volgens de uitvinding.
De uitvinding zal nader worden toegelicht aan de hand van de volgens figuren, waarin:
Figuur 1A een ophanginrichting toont, die geschikt voor samenwerking met een begrenzingselement volgens de uitvinding;
Figuur 1B een radiator toont die is voorzien van bevestigingsbeugels;
Figuur 2 een begrenzingselement toont volgens één der voorkeursuitvoeringsvormen van de uitvinding;
Figuur 3 een explosie aanzicht toont van de ophanginrichting volgens Figuur 1, waaraan een radiator is bevestigd en vergrendeld middels het begrenzingselement volgens Figuur 2;
Figuur 4 een samengesteld toont aanzicht van Figuur 3;
Figuur 5 een verdere voorkeursuitvoeringsvorm toont van een begrenzingselement volgens de uitvinding;
Figuur 6 een voorkeursuitvoeringsvorm toont van de ophanginrichting volgens de uitvinding;
Figuur 7 het begrenzingselement volgens Figuur 5 toont dat is gekoppeld aan een bevestigingsbeugel van de radiator en waarbij de bevestigingsbeugel in de bovenste bevestigingsgleuf van de ophangrichting volgens Figuur 6 is geplaatst;
Figuur 8 het begrenzingselement volgens Figuur 2 toont dat is gekoppeld aan de bevestigingsbeugel van de radiator en waarbij de bevestigingsbeugel in de bovenste bevestigingsgleuf van de ophangrichting volgens Figuur 6 is geplaatst.
Gelijke cijfers in de getoonde figuren duiden gelijke onderdelen aan.
Figuur 1 toont een bekende ophanginrichting 1, die geschikt voor samenwerking met een begrenzingselement volgens de uitvinding. De ophanginrichting 1 is bekend op het vakgebied onder de vakterm L-Console en wordt toegepast op een radiator op te hangen die voorzien is van bevestigingsbeugels (zogenoemde lasstrippen). Voor het ophangen van een radiator worden twee of meerdere ophangrichtingen 1 gebruikt. De ophanginrichting 1 omvat een wanddeel 2 en een flens 3. Het wanddeel 2 en de flens 3 vormen het draagprofiel. In de getoonde uitvoering zijn wanddeel 2 en flens 3 onderling uitwisselbaar. Het wanddeel 2 is met ophanguitsparingen 4 aan een wand te bevestigen. Op de flens 3 zijn bevestigingsgleuven 5 aanwezig, waarin de bevestigingsbeugels van een radiator kunnen worden geplaatst. In de praktijk worden in de bevestigingsgleuven 5 kunststof clips aangebracht, waarop de bevestigingsbeugels rusten. De radiator is na plaatsing in de ophanginrichting 1 horizontaal beweegbaar, zodat de ophanginrichting niet zal voldoen aan de Duitse richtlijn VDI 6036.
Figuur 1B toont een radiator R die is voorzien van bevestigingsbeugels 30;
Figuur 2 toont een begrenzingselement 20 volgens één der voorkeursuitvoeringsvormen van de uitvinding. Het begrenzingselement 20 is voorzien van een vertanding 21 voor opname van althans een deel van de flens 2 van de ophanginrichting 1 (zie figuur 1). Het begrenzingselement 20 is aan weerszijden voorzien van een haak 22, die bestemd is voor aangrijping aan de bevestigingsbeugel van een radiator. Het begrenzingselement 20 omvat een ondervlak 24 en is nabij een onderzijde ervan voorzien van een omranding 23. Het ondervlak 24 is versprongen aan het begrenzingselement 20 aangebracht door een verspringingsdeel 25. De hoek tussen het verspringingsdeel 25 en het ondervlak 24 is zodanig dat bij het plaatsen van het begrenzingselement 20 in de bevestigingsbeugel 30 de onderzijde van het ondervlak 24 strak aanligt tegen de langszijde van de flens 3. Het verspringingsdeel 25 is voorzien van twee uitsparingen 46 voor het met een steekorgaan, zoals bij voorbeeld een schroevendraaier, tijdelijk verbuigen van het ondervlak 24 voor het verwijderen van de omranding 23 van de flens 3.
Figuur 3 toont een explosie aanzicht van de ophanginrichting 1 volgens Figuur 1, waaraan een radiator is bevestigd en vergrendeld middels het begrenzingselement 20 volgens Figuur 2. Voor de duidelijkheid is de radiator niet getoond en is alleen de onderste bevestigingsbeugel 30 getoond. De samenwerking tussen een begrenzingselement 20 en een boven de onderste gelegen bevestigingsbeugel is gelijk aan deze figuur behalve dat dat begrenzingselement 20 geen omranding 23 hoeft te hebben. De bevestigingsbeugel 30 is verbonden aan de radiator. De bevestigingsbeugel 30 wordt opgenomen in de bevestigingsgleuf 5. Met behulp van het begrenzingselement 20 kan de horizontale beweging van de radiator worden begrensd.
Figuur 4 toont een samengesteld aanzicht van Figuur 3, waarin de gelijke cijfers gelijke onderdelen aanduiden. De vorm en afmetingen van het begrenzingselement 40 zijn zodanig gekozen dat bij het koppelen van het begrenzingselement 40 aan een onderste bevestigingsbeugel 30 de omranding 43 tegen een onderzijde van de flens 3 aanligt. Het begrenzingselement 40 omvat een ondervlak 44 en is nabij een onderzijde ervan voorzien van een omranding 43. Het ondervlak 44 is versprongen aan het begrenzingselement 40 aangebracht door een verspringingsdeel 45. De hoek tussen het verspringingsdeel 45 en het ondervlak 44 is zodanig dat bij het plaatsen van het begrenzingselement 40 in de bevestigingsbeugel 30 de onderzijde van het ondervlak 44 strak aanligt tegen de langszijde van de flens 3. Het verspringingsdeel 45 is voorzien van twee uitsparingen 46 voor het met een steekorgaan, zoals bij voorbeeld een schroevendraaier, tijdelijk verbuigen van het ondervlak 44 voor het verwijderen van de omranding 43 van de flens 3
Figuur 5 toont een verdere voorkeursuitvoeringsvorm van een begrenzingselement 40 volgens de uitvinding, waarin het begrenzingselement 40 verder is voorzien van buigstroken 47. Het begrenzingselement 40 is verder gelijk aan begrenzingselement 20 en is voorzien van een vertanding 41 voor opname van althans een deel van de flens 2 van de ophanginrichting 1 (zie figuur 1). Het begrenzingselement 40 is tevens aan weerszijden voorzien van een haak 42, die bestemd is voor aangrijping aan de bevestigingsbeugel 30 van een radiator. Het begrenzingselement 40 is nabij een onderzijde ervan voorzien van een omranding 43. De buigstroken 47 zijn bedoeld om het begrenzingselement 40 na plaatsing te vergrendelen aan de radiator.
Figuur 6 toont een voorkeursuitvoeringsvorm van de ophanginrichting 50 volgens de uitvinding. De ophanginrichting 50 omvat een wanddeel 52 en een flens 53. Het wanddeel 52 en de flens 53 vormen het draagprofiel. In de getoonde uitvoering zijn wanddeel 52 en flens 53 onderling uitwisselbaar. Het wanddeel 52 is met ophanguitsparingen 54 aan een wand te bevestigen. Op de flens 53 zijn bevestigingsgleuven 55 aanwezig, waarin de bevestigingsbeugels van een radiator kunnen worden geplaatst. De ophanginrichting 50 is dus in hoofdzaak gelijk is aan de bekende ophanginrichting 1, behalve dat de ophanginrichting 50 tevens ten minste één begrenzingselement 20,40 volgens de uitvinding omvat en de flens 53 is voorzien van ten minste één uitsparing 56, die bestemd is voor opname van de omranding 23, 43.
Figuur 7 toont het begrenzingselement 40 dat is gekoppeld aan de bevestigingsbeugel 30 en waarbij de bevestigingsbeugel 30 van de radiator in de bovenste bevestigingsgleuf 55 van de ophangrichting 50 volgens de uitvinding is geplaatst. De bevestigingsgleuf 55 is voorzien van een kunststof clip. De omranding 43 valt daarbij deels in de uitsparing 56, zodat het begrenzingselement 40 niet meer verticaal verwijderd kan worden. Het begrenzingselement 40 is daarna vergrendeld aan de radiator en ophanginrichting 50 door het ombuigen van de buigstroken 47. In de figuur ligt één van de buigstroken 47 achter de ophanginrichting 50 en is derhalve uit het zicht.
Figuur 8 toont het begrenzingselement 20 dat is gekoppeld aan de bevestigingsbeugel 30 en waarbij de bevestigingsbeugel 30 van de radiator in de bovenste bevestigingsgleuf 55 van de ophangrichting 50 volgens de uitvinding is geplaatst. De bevestigingsgleuf 55 is voorzien van een kunststof clip. De omranding 23 valt daarbij deels in de uitsparing 56, zodat de radiator niet verticaal omhoog kan. Hierdoor is het ook niet mogelijk dat een radiator uit de ophanginrichting valt.
De uitvinding is vanzelfsprekend niet beperkt tot de beschreven en getoonde voorkeursuitvoeringsvorm.
Zo is de term vertanding bedoeld in de ruimte zin van het woord. Zo valt elke uitsparing waarmee de flens van de ophanginrichting geblokkeerd kan worden onder de term vertanding.
Daarnaast kan het losneembare begrenzingselement ook geïntegreerd worden in de bevestigingsbeugel van de radiator of de ophanginrichting.
Alle kinematische inversies die van toepassing kunnen zijn op deze uitvinding vormen onderdeel van deze beschrijving. Bij voorbeeld kunnen de vertandingen aangebracht zijn in de flens en dienen voor opname van het begrenzingselement. De vertandingen kunnen ook zijn aangebracht in de bevestigingsbeugel van de radiator, waarbij de flens is voorzien van een uitsteeksel, die door deze vertandingen begrensd wordt.
De uitvinding strekt zich derhalve uit tot elke uitvoeringsvorm die valt binnen de reikwijdte van de beschermingsomvang, zoals gedefinieerd in de conclusies en bezien in het licht van de voorgaande beschrijving en bijbehorende tekeningen.
Claims (12)
1. Begrenzingselement (20, 40) voor een radiator, welke radiator is opgehangen met een ophanginrichting (1), omvattende een draagprofiel (2) voor bevestiging aan een oppervlak en welk draagprofiel een flens (3) omvat, welke flens (3) is ingericht voor samenwerking met één of meerdere bevestigingsbeugels (30) van de radiator, waarin het begrenzingselement (20, 40) koppelbaar is aan één van de bevestigingsbeugels (30) en waarin het begrenzingselement (20, 40) is ingericht voor samenwerking met de flens (3) teneinde een horizontale beweging van de opgehangen radiator ten opzichte van de flens (3) te begrenzen.
2. Begrenzingselement (20, 40) volgens conclusie 1, waarin het begrenzingselement (20, 40) losneembaar koppelbaar is aan de bevestigingsbeugel (30).
3. Begrenzingselement (20, 40) volgens één der voorgaande conclusies, waarin het begrenzingselement (20, 40) is voorzien van een vertanding (21,41) voor opname van althans een deel van de flens (3).
4. Begrenzingselement (20, 40) volgens één der voorgaande conclusies, waarin het begrenzingselement (20, 40) aan weerszijden is voorzien van een haak (22,42), die bestemd is voor aangrijping aan de bevestigingsbeugel (30).
5. Begrenzingselement (20, 40) volgens één der voorgaande conclusies, waarin het begrenzingselement (20, 40) een ondervlak (24, 44) omvat dat aan de onderzijde ervan is voorzien van een omranding (23,43).
6. Begrenzingselement (20, 40) volgens conclusie 5, waarin de vorm en afmetingen van het begrenzingselement (20, 40) zodanig zijn gekozen dat bij het koppelen van het begrenzingselement (20,40) aan een onderste bevestigingsbeugel (30) de omranding (23, 43) tegen een onderzijde van de flens (3) aanligt.
7. Begrenzingselement (20, 40) volgens conclusie 5 of 6, waarin het ondervlak (24, 44) versprongen aan het begrenzingselement is aangebracht door een verspringingsdeel (25, 45. en de hoek tussen het verspringingsdeel (25, 45) en het ondervlak (24, 44) zodanig is dat bij het plaatsen van het begrenzingselement (20, 40) in de bevestigingsbeugel (30) de onderzijde van het ondervlak (24, 44) strak aanligt tegen de langszijde van de flens (3).
8. Begrenzingselement (20, 40) volgens conclusie 7, waarin het verspringingsdeel (25, 45) is voorzien van één of meerdere uitsparingen (46) voor het met een steekorgaan, zoals bij voorbeeld een schroevendraaier, tijdelijk verbuigen van het ondervlak (24, 44) voor het verwijderen van de omranding (23, 43) van de flens (3).
9. Begrenzingselement (20, 40) volgens één der voorgaande conclusies, waarin het begrenzingselement (20, 40) is voorzien van één of meerdere buigstroken (47) waarin elke buigstrook (47) na koppeling van het begrenzingselement (20, 40) aan de bevestigingsbeugel (30) onder de bevestigingsbeugel (30) kan worden gebogen, zodanig dat het begrenzingselement (20, 40) geborgd is aan de bevestigingsbeugel (30).
10. Begrenzingselement (20, 40) volgens één der voorgaande conclusies, waarin het begrenzingselement (20, 40) uit één vlakke plaat is vervaardigd.
11. Ophanginrichting (50) voor het ophangen van een radiator, omvattende een draagprofiel (52), waarin het draagprofiel (52) bevestigbaar is aan een oppervlak en waarin het draagprofiel (52) een flens (53) omvat, welke flens (53) is ingericht voor samenwerking met één of meerdere bevestigingsbeugels (20) van de radiator, met het kenmerk, dat de ophanginrichting (50) tevens ten minste één begrenzingselement (20, 40) volgens één der voorgaande conclusies omvat.
12. Ophanginrichting (50) volgens conclusie 11 voorzien van een begrenzingselement (20, 40) volgens conclusie 5, 6, 7, 8, 9 of 10, met het kenmerk, dat de flens (53) is voorzien van ten minste één uitsparing (56), die bestemd is voor opname van de omranding (23,43).
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2011631A NL2011631C2 (nl) | 2013-10-17 | 2013-10-17 | Begrenzingselement voor een radiator en ophanginrichting voor een radiator voorzien van het begrenzingselement. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2011631A NL2011631C2 (nl) | 2013-10-17 | 2013-10-17 | Begrenzingselement voor een radiator en ophanginrichting voor een radiator voorzien van het begrenzingselement. |
| NL2011631 | 2013-10-17 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2011631C2 true NL2011631C2 (nl) | 2015-04-20 |
Family
ID=50031462
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2011631A NL2011631C2 (nl) | 2013-10-17 | 2013-10-17 | Begrenzingselement voor een radiator en ophanginrichting voor een radiator voorzien van het begrenzingselement. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL2011631C2 (nl) |
Citations (7)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE9204096U1 (de) * | 1992-03-26 | 1993-07-22 | Sigarth Ab, Hillerstorp | Verbindungsbügel für Heizkörper |
| DE9421446U1 (de) * | 1994-01-17 | 1995-12-14 | Hans-Gerd Gottbehüt GmbH & Co KG, 42551 Velbert | Wandkonsole für Heizkörper |
| DE29517307U1 (de) * | 1994-11-03 | 1996-02-29 | Vogel & Noot Wärmetechnik AG, Wartberg | Befestigungsvorrichtung für Heizkörper |
| NL1014104C2 (nl) * | 1999-11-23 | 2001-05-28 | Marco Groen Holding B V | Inrichting voor het tegen een wand ophangen van een verwarmingselement. |
| DE202011003864U1 (de) * | 2011-03-11 | 2011-08-10 | Ulamo Holding Bv | Befestigungseinrichtung zur Festlegung eines Heiz- oder Kühlkörpers |
| EP2418428A2 (de) * | 2010-08-09 | 2012-02-15 | KERMI GmbH | Befestigungseinrichtung zur Festlegung eines Heiz- oder Kühlkörpers |
| DE202013001812U1 (de) * | 2013-02-26 | 2013-05-15 | Ulamo Holding Bv | Klemmelement |
-
2013
- 2013-10-17 NL NL2011631A patent/NL2011631C2/nl not_active IP Right Cessation
Patent Citations (7)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE9204096U1 (de) * | 1992-03-26 | 1993-07-22 | Sigarth Ab, Hillerstorp | Verbindungsbügel für Heizkörper |
| DE9421446U1 (de) * | 1994-01-17 | 1995-12-14 | Hans-Gerd Gottbehüt GmbH & Co KG, 42551 Velbert | Wandkonsole für Heizkörper |
| DE29517307U1 (de) * | 1994-11-03 | 1996-02-29 | Vogel & Noot Wärmetechnik AG, Wartberg | Befestigungsvorrichtung für Heizkörper |
| NL1014104C2 (nl) * | 1999-11-23 | 2001-05-28 | Marco Groen Holding B V | Inrichting voor het tegen een wand ophangen van een verwarmingselement. |
| EP2418428A2 (de) * | 2010-08-09 | 2012-02-15 | KERMI GmbH | Befestigungseinrichtung zur Festlegung eines Heiz- oder Kühlkörpers |
| DE202011003864U1 (de) * | 2011-03-11 | 2011-08-10 | Ulamo Holding Bv | Befestigungseinrichtung zur Festlegung eines Heiz- oder Kühlkörpers |
| DE202013001812U1 (de) * | 2013-02-26 | 2013-05-15 | Ulamo Holding Bv | Klemmelement |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| USD762777S1 (en) | Hook bracket for wall mounting devices | |
| USD701107S1 (en) | Barrier mounting bracket for roadway sign | |
| US20130068398A1 (en) | Enclosure for Roller Blinds or the Like | |
| JP2015526622A (ja) | 正面調整可能壁パネル取付装置 | |
| USD764895S1 (en) | Frame for supporting warning sign on tailgate of dump truck | |
| KR101887203B1 (ko) | 면진 기능을 구비한 천장마감설치장치 및 이를 이용한 천장마감방법 | |
| NL2011631C2 (nl) | Begrenzingselement voor een radiator en ophanginrichting voor een radiator voorzien van het begrenzingselement. | |
| KR101618471B1 (ko) | 엘리베이터 도어의 마감재 조립체 및 그 설치방법 | |
| KR200442741Y1 (ko) | 벽걸이 제품의 벽면 고정구조 | |
| US20110226917A1 (en) | Support Bracket for Mounting an End of a Roller Blind | |
| USD745839S1 (en) | Mirror extension mounting bracket | |
| CN104363793B (zh) | 抽屉后壁 | |
| JP5784559B2 (ja) | カーテンレールブラケット | |
| JP3178426U (ja) | 安全カバーを有する射出成形機 | |
| JP3185743U (ja) | 側溝のグレーチングの取付構造 | |
| CN106820678B (zh) | 抽屉组件及其安装配件 | |
| FR3089176B1 (fr) | Dispositif pour façade avant optimisé pour choc piéton et véhicule comprenant ce dispositif | |
| KR101289355B1 (ko) | 주방용구용 걸이대 고정시스템 | |
| NL1001560C2 (nl) | Ophanginrichting voor het ophangen van een bord. | |
| AU2015101089A4 (en) | An accessory mount | |
| WO2007067527A3 (en) | Hanging system | |
| KR200482534Y1 (ko) | 차량용 테더 클립 고정 구조물 | |
| NL1037339C2 (nl) | Inrichting voor het bevestigen van een plat beeldscherm tegen een wand. | |
| BE1026764B1 (nl) | Klemelement en montageset voor het bevestigen van een verwarmingselement aan een wand of dergelijke en verwarmingselement voorzien van zo een montageset | |
| JP4209785B2 (ja) | 乗降ステップ |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| MM | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20171101 |