NL8002801A - Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband en wikkeldoorn voor uitvoering van een dergelijke werkwijze. - Google Patents

Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband en wikkeldoorn voor uitvoering van een dergelijke werkwijze. Download PDF

Info

Publication number
NL8002801A
NL8002801A NL8002801A NL8002801A NL8002801A NL 8002801 A NL8002801 A NL 8002801A NL 8002801 A NL8002801 A NL 8002801A NL 8002801 A NL8002801 A NL 8002801A NL 8002801 A NL8002801 A NL 8002801A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
hub
outer ring
mandrel
flange
magnetic tape
Prior art date
Application number
NL8002801A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Posso Patrick
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Posso Patrick filed Critical Posso Patrick
Publication of NL8002801A publication Critical patent/NL8002801A/nl

Links

Classifications

    • GPHYSICS
    • G11INFORMATION STORAGE
    • G11BINFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
    • G11B23/00Record carriers not specific to the method of recording or reproducing; Accessories, e.g. containers, specially adapted for co-operation with the recording or reproducing apparatus ; Intermediate mediums; Apparatus or processes specially adapted for their manufacture
    • G11B23/50Reconditioning of record carriers; Cleaning of record carriers ; Carrying-off electrostatic charges
    • G11B23/502Reconditioning of record carriers; Cleaning of record carriers ; Carrying-off electrostatic charges of tape carriers
    • GPHYSICS
    • G11INFORMATION STORAGE
    • G11BINFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
    • G11B23/00Record carriers not specific to the method of recording or reproducing; Accessories, e.g. containers, specially adapted for co-operation with the recording or reproducing apparatus ; Intermediate mediums; Apparatus or processes specially adapted for their manufacture
    • G11B23/02Containers; Storing means both adapted to cooperate with the recording or reproducing means
    • G11B23/037Single reels or spools

Landscapes

  • Storage Of Web-Like Or Filamentary Materials (AREA)
  • Gasket Seals (AREA)

Description

* ' T/Ca/lh/2
Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband eii wikkel-doorn voor uitvoering van een dergelijke werkwijze.
$
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband en voorts op een wikkeldoorn voor uitvoering van een dergelijke werk-5 wijze.
Totnogtoe gaat men bij de vervaardiging en de conditionering van een dergelijke magneetband.uit van een vel of film van grote breedte van het voor een magneetband in aanmerking komende materiaal, welke 'film door langs-10 deling in een aantal magneetbanden wordt verdeeld, welke ieder op een voor normaal gebruik bestemde of operationele doorn worden gewikkeld en vervolgens op een zogenaamde conditioneringskern worden overgewikkeld, waarbij tijdens de overwikkeling kwaliteitscontrole van de magneetband 15 wordt uitgevoerd.
Als gevolg van het feit, dat de kwaliteit van de gebruikte magneetbanden een aan die van perfektie grenzende hoogte heeft bereikt, is een dergelijke continue kwaliteitscontrole niet langer noodzakelijk, doch kan met steekproef-20 controle worden volstaan.
In verband daarmede is men ertoe overgegaan, de voorafgaande opwikkeling op een operationele doorn na te laten en de magneetband onmiddellijk op conditionerings-doom te wikkelen, welke na de genoemde opwikkeling door 25 aanbrenging van twee flenzen tot een magneetbandhaspel van ' gebruikelijk type kan worden aangevuld. Deze methode is bekend voor cinematrografische films, doch niet voor magneetbanden van hoge kwaliteit voor computers.
In verband met de hoge mechanische belasting, 30 waaraan de opgewikkelde magneetband en de tot een haspel aangevulde conditioneringsdoorn of conditioneringshaspel 800 2 8 01 ..............
-2- worden onderworpen (hoge rotatiesnelheden en plotselinge afremmingen), en voorts in verband met een opslag van hoge registratiedichtheid en nauwkeurigheid van informatie op een magneetband dient de genoemde conditioneringshaspel 5 uiterst stevig te zijn en zeer nauwkeurig vorm en afmetingen te hebben. Als gevolg van het feit/ dat de conditioneringshaspel een normale gebruikshapsel dient te vormen, dat wil zeggen met een grote wikkelcapaciteit, dient de hoeveelheid voor vervaardiging van een dergelijke haspel gebruikt 10 materiaal echter zo gering mogelijk te 2ijn, terwijl de vervaardiging onder behoud van de gewenste nauwkeurigheid op economische wijze en in grote series mogelijk moet zijn.
De uitvinding stelt zich ten doel, hierin te voorzien en schrijft bij een vereenvoudigde conditionerings- 15 wijze van als hiervoor beschreven type voor, dat: - voor de vorming van de doorn wordt uitgegaan van een centraal haspelgedeelte, dat een naaf en een door een zich radiaal ten opzichte daarvan uitstrekkend ver-bindingslichaam met de naaf verbonden en daarmee concentri- 20 sche buitenring met voor bandopwikkeling geschikt buiten-omtreksvlak bevat, - de verbinding tussen de naaf en de buitenring wordt versterkt door de gehele tussen de naaf en de buitenring overblijvende vrije ruimte over praktisch de gehele 25 naaf-breedte voor verstijving en nauwkeurigheidsvergroting van de doorn te gebruiken en, - nadat de doorn met magneetband is bewikkeld, tenminste één flens aan de zijkant van de doorn wordt aangebracht en met de doorn wordt gekoppeld door middel van 30 bevestigingsmiddelen, waarvan de bijdrage tot verstijving van'."de doorn bij de opwikkeling van de magneetband buiten beschouwing blijft.
De uitvinding verschaft bovendien een wikkeldoorn voor uitvoering van de vereenvoudigde conditioneringswijze.
35 Deze is voorzien van een met het centrale gedeelte van een conditioneringshaspel van bekend type overeenkomend haspelgedeelte, dat een naaf en een door een zich radiaal ten opzichte daarvan uitstrekkend verbindingslichaam met 800 2 8 01 ί i -3- radiale verstijvingsribben met de naaf verbonden en daarmede concentrische buitenring met voor bandopwikkeling geschikt buitenomtreksvlak bevat. Volgens de uitvinding dient een dergelijke wikkeldoorn als kenmerk te hebben, 5 dat: - in de tussen de naaf en de buitenring overblijvende vrije ruimte over de gehele naafbreedte verstijvings-middelen aanwezig zijn, - en aan de zijkant van de doorn tenminste één 10 flens is aangebracht en met de flens is gekoppeld door middel van bevestigingsmiddelen, waarvan de bijdrage tot verstijving van de doorn bij de opwikkeling van de magneetband buiten beschouwing blijft en welke bij het aanbrengen van de flens geen gevaar voor beschadiging van de opgewik-15 kelde magneetband opleveren, welke bevestigingsmiddelen kunnen bestaan uit door ultrasoonlassen van onder klempas-sing in elkaar gevoegde delen van de te koppelen organen gevormde, ringvormige en met de naaf concentrische las-.randen; incomplementaire holten van het ene orgaan uitsteken-20 de en door kleving of andere mon-destructieve verbindingsmiddelen daaraan gehechte uitsteeksels van het andere orgaan; enz.
Bij een eerste uitvoeringsvorm, waarbij de kern uit met glasvezels of andere wapeningsvez'els gewapende 25 polystyreen bestaat, schrijft de uitvinding voor - dat de naaf en de daarmede concentrische buitenring één geheel vormen met een zich ten opzichte daarvan radiaal uitstrekkend, vlak en betrekkelijk dik verbindings-lichaam, dat zich nabij de ene zijkant van de naaf en de 30 buitenring bevindt, terwijl een zich nabij de andere zijkant bevinden, etagevormig geprofileerd deksel ter verkrijging van een verstijvingsdoos met de 'naaf en de buitenring is gekoppeld door middel van twee door ultrasoonlassen van onder klempassing in elkaar gevoegde delen van de te koppe-35 len organen gevormde, ringvormige en concentrische las- randen, waarbij de radiale verstijvingsribben van het ver-bindingslichaam zich in axiale richting uitstrekken tot nabij het deksel, dat op zijn beurt is voorzien van tussen de
i 800 2 8 OT
-4- gevormde verstijvingsribben ingrijpende, radiale verstij-vingsribben, welke zich tot nabij de naaf, hèt verbindings-lichaam en de buitenring uitstrekken en met het verbin-dingslichaam zijn gekoppeld in door ultrasoonlassen gevormde 5 laspunten, welke radiale verstijvingsribben. tot de inwen-dige verstijving van de verstijvingsdoos bijdragen.
Bij een tweede uitvoeringsvorm van de uitvinding, waarbij het centrale haspelgedeelte uit met glasvezels of andere wapeningsvezels gewapende polystyreen bestaat, 10 terwijl de: naaf en de daarmede concentrische buitenring één geheel vormen met een etagevormig geprofileerd en betrekkelijk dik verbindingslichaam met een nabij de ene zijkant gelegen buitenflensdeel en.een daarmede door een cilindervormig deel tot één geheel verbonden Hinnenflens-15 deel schrijft de uitvinding voor, dat aan het verbindingslichaam betrekkelijke dikke, radiale verstijvingsribben uitsteken, welke zich tot nabij de andere zijkant van de naaf uitstrekken en de buitenring en de naaf tot één geheel met het verbindingslichaam verenigen.
20 Bij een derde uitvoeringsvorm van de uitvinding, waarbij de buitenring een metalen buisstuk omvat, schrijft de uitvinding voor, dat het buisstuk vervaardigd is van een legering van licht metaal, inwendig is gegroefd en op een uitwendige gégroefd buisstuk van met glasvezels of 25 andere wapeningsvezels gewapende polystyreen is geperst, waarbij het laatstgenoemde buisstuk en de centrale kern te zamen met de ene haspelRens een enkelvoudig vormstuk van eenzelfde materiaal vormen, terwijl de genoemde flens voor verbinding van dit buisstuk en de naaf is voorzien 30 van een etagevormig geprofileerd verbindingslichaam,waaraan radiale verstijvingsribben uitstéken, welke een betrekkelijk grote dikte hebben en zich tot nabij de andere aan te brengen haspelflens uitstrekken.
De uitvinding zal worden verduidelijkt in de 35 nuvolgende beschrijving aan de hand van de bijbehorende tekening van enige uitvoeringsvormen, waartoe de uitvinding zich echter niet beperkt. In de tekening tonen:
Figuur 1 een axiale doorsnede volgens de lijn I-I
800 2 8 01 ; j -5- in figuur 2 door een gedeelte van een eerste uitvoeringsvorm van een wikkeldoorn volgens de uitvinding;
Figuur 2 een dwarsdoorsnede volgens de lijn II-II in figuur 1; 5 Figuur 3, op grotere schaal, een soortgelijke door snede als in figuur 1 door een uitvoeringsvariant, waarbij het doorsnede vlak een gebroken vlak is, waarvan de delen zich in twee onderling verschillende radiale vlakken tussen de onderling verschillende verstijvingsribben uitstrekken, 10 zulks afhankelijk van het feit of de afbeelding aan de omtrek gelegen of centrale koppeluitsteeksels betreft;
Figuur 4 een axiale doorsnede volgens de lijn IV-IV in figuur 5 door een tweede uitvoeringsvorm van een wikkeldoorn volgens de uitvinding; " 15 Figuur 5 een zijaanzicht volgens de lijn V-V in figuur 4 op een gedeelte van de wikkeldoorn;
Figuur 6 een soortgelijke doorsnede als in figuur 3,door een uitvoeringsvariant, waarbij het doorsnede vlak een gebroken vlak is., waarvan de delen zich in twee onder-20 ling verschillende radiale vlakken tussen de onderling verschillende verstijvingsribben uitstrekken, zulks afhankelijk van het feit of de afbeelding aan de omtrek gelegen of centrale koppeluitsteeksels betreft;
Figuur 7 een axiale doorsnede volgens lijn VII-VII 25 in figuur 8 door een derde uitvoeringsvorm van een wikkeldoorn volgens de uitvinding;
Figuur 8 een zijaanzicht volgens de lijn VIII-VIII in figuur 7 op een gedeelte van de wikkeldoorn;
Figuur 9 een soortgelijke doorsnede als in 30 figuur 7, waarbij het doorsnede vlak zich volgens de lijn ΣΧ-ΙΧ in figuur 10 uitstrekt, en
Figuur 10 een zijaanzicht volgens de lijn X-X in figuur 9.
Zoals de tekening laat zien, wordt uitgegaan van 35 een centraal haspelgedeelte, dat de volgende organen omvat: - een buisvormige buitenring 1 met een voor band-opwikkeling geschikt buitenomtreksvlak, - een daarmede concentrische, central naaf 2, 800 2 8 01 -6- welke voor aandrijving in rotatie en afremming met grote nauwkeurigheid passend op een leitap dient te worden aangebracht, en · - een verbindingslichaam 3, dat de buitenring 1 5 zodanig met de centrale naaf 2 verbindt, dat deze geheel concentrisch met elkaar zijn.
Dit centrale haspelgedeelte bestaat bij voorkeur uit met glasvezels of andere wapeningsvezels gewapende kunststof, zoals polystyreen; de vervaardiging van een 10 dergelijk haspelgedeelte vindt bij voorkeur plaats door middel van een zeer nauwkeurige vorm, waaraan door in-spuitgieten de van een mengextruder afkomstige kunststof wordt toegevoerd.
Zoals de uitvinding voorschrijft, wöirdt de tussen 15 de buitenring en de naaf overblijvende vrije ruimte gebruikt voor onderbrenging van tot éën geheel met de wikkeldoorn verenigde verstijvingsmiddelen teneinde op die wijze de sterkte en de stijfheid van de wikkeldoorn te vergroten en bovendien een uiterst nauwkeurig vormbehoud van de wikkel-20 doorn zeker te stellen wanneer deze aan hoge belastingen van statische (door het bandwikkel op de buitenring uitgeoefende kracht) en/of dynamische (op.de naaf uitgeoefend aandrijf-of remkoppel) aard wordt onderworpen.
Wanneer de wikkeldoorn met magneetband is bewik-h 25 keld, dienen bovendien twee haspelflenzen 4 en 5 aan de zijkanten van de naaf 2 te worden aangebracht, zonder dat daarbij gevaar voor beschadiging van de magneetband optreedt of een verdere verstijving bijdragen aan de wikkeldoorn wordt geleverd.
30 Bij een in de figuren 1 en 2 weergegeven, eerste uitvoeringsvorm van de wikkeldoorn volgens de uitvinding is sprake van een betrekkelijk dik verbindingslichaam 3, dat zich nabij de ene zijkant, rechts in de tekening, van de kern 2 bevindt.
35 Aan de andere zijkant van de kern 2, links in figuur 1, bevindt zich een etagevormig geprofileerd deksel 6, dat eveneens enige dikte vertoont en tot één geheel met zowel de buitenring 1 als de naaf 2 is verenigd. Dit deksel 800 2 801 i i -i- 6 bestaat in hoofdzaak uit een cilindervormig deel 7, dat twee zich resp. in axiale richting ter weerszijden daarvan uitstrekkende flensdelen 8 en 9 met elkaar verbindt. Het deksel 6 is voorts voorzien van radiale ribben 10, welke 5 zich onder steeds gelijke hoeken ten opzichte van elkaar in de genoemde vrije ruimte tot nabij het verbindingslichaam 3 uitstrekken. Op soortgelijke wijze is het centrale haspel-gedeelte met de organen 1, 2 en 3 voorzien van radiale ribben 11, welke zich tussen de radiale ribben 10 tot nabij 10 de beide flensdelen 8 en 9 van het deksel 6 en om het cilindervormige deel 7 daarvan uitstrekken?.de buitenrand van de-radiale ribben 11 is in figuur 1 met een gebroken lijn weergegeven.
De verbinding van het deksel 6 met h’et centrale 15 haspelgedeelte van de wikkeldoorn geschiedt door ultrasoon-lassen van: - de onder klempassing of perspassing in elkaar gevoegde delen 12 van het cilindervormige buitenvlak van het flensdeel 8 en het overeenkomstige binnenvlak van de 20 buitenring 1, waarbij de diameter van het genoemde buitenvlak voorafgaande aan .het solderen groter is ..dan die van het genoemde binnenvlak, - de onder klempassing of .perspassing in elkaar gevoegde delen 13 van het cilindervormige binnenvlak van 25 het flensdeel 9 en het overeenkomstige buitenvlak van de naaf 2, waarbij.de diameter van het genoemde buitenvlak voorafgaande aan .het solderen groter is dan die van het genoemde binnenvlak, en - aan de radiale ribben 10 van het.deksel 6 resp.
30 nabij de buitenring 1 en nabij de naaf 2 uitstekende tongen 14 en 15, welke 'tijdens het lassen met grote kracht in het verbindingslichaam.3 binnendringen.
Na deze door ultrasoonlassen tot stand.gebrachte vereniging van de verschillende genoemde organen heeft de 35 wikkeldoorn het karakter van een ringvormige verstijvings-doos met inwendige verstijvingsorganen.
Nadat een dergelijke wikkeldoorn met een magneetband is bewikkeld, worden de haspelflenzen 4 en 5 aangebracht.
800 2 8 01 -8-
Bij de in figuur 1 weergegeven uitvoeringsvorm vertoont de flens 4 twee in binnenwaartse richting uitstekende ringkragen 16 en 17, welke door ultrasoonlassen met resp. de buitenring 1 en het cilindervormige deel 7 van het deksel 5 6 worden verbonden aan op soortgelijke wij2e als de hiervoor genoemde delen 12 en 13 onder klempassing of perspassing in elkaar gevoegde delen 18 en 19 van de organen. Op soortgelijke wijze vertoont de flens 5 twee inwendige ringkragen 20 en 21, welke door ultrasoonlassen met resp. de buitenring 10 1 en de naaf 2 worden verbonden aan op soortgelijke wijze als de delen 18 en 19 onder klempassing of perspassing in elkaar gevoegde delen 22 en 23 van deze organen.
Bij een in figuur 3 weergegeven, andere uitvoeringsvorm van de uitvinding vertoont de haspelflens*4 aan zijn 15 binnehvlak een aantal daaraan uitstekende Vingers 24 en 25, welke steken in resp. complementair gevormde holten 26 en 27 in het flensdeel 8 van het deksel 6; voor verbinding van de vingers met de binnenwand van resp. bijbehorende holten is een voor de magneetband ongevaarlijk middel, zoals een 20 bij lage temperatuur werkzame lijm gebruikt. De fingers 24 en de bijbehorende holten 26, welke zich het verst verwijderd van de hartlijn van de wikkeldoorn bevinden, strekken zich uit tegenover door de ribben 10, 11 bepaalde ruimten van even rangorde, terwijl de vingers 25 en de bijbehorende 25 holten 27, welke zich het dichtst bij de hartlijn van de wikkeldoorn bevinden, zich uitstrekken tegenover door de ribben bepaalde ruimten van oneven rangorde; als gevolg daarvan zijn de genoemde vingers onder een steeds gelijke hoek ten opzichte van elkaar verdeeld aangebracht, doch 30 steeds op de ene of de andere van twee concentrische cirkels.
Op soortgelijke wijze is de flens 5 aan zijn binnenvlak van een aantal vingers 28 en 29 voorzien, die uitsteken in resp. holten 30 en 31 van complementaire vorm, welke op hun beurt resp. nabij de buitenring en de 35 naaf 2 zijn gevormd in verdikkingen 32 en 33 van het ver-bindingslichaam 3; de vingers 28 en 29 zijn op soortgelijke wijze als in het voorgaande onder steeds gelijke hoeken verdeeld aangebracht volgens de ene of de andere van twee 800 2 8 01 V * -9- concentrische cirkels.
Bij de in de figuren 4 en 5 weergegeven uitvoeringsvorm is het verbindingslichaam 3 betrekkelijk dik en bovendien etagevormig geprofileerd. Het lichaam vertoont 5 een cilindervormig deel 34 tussen een buitenflensdeel 35 en een binnenflensdeel 36, welke flensdelen resp. in de buitenring 1 en de naaf 2 overgaan. Aan het verbindings-lichaam 3 strekken zich onder steeds gelijke hoeken ten opzichte van elkaar radiale verstijvingsribben 37 uit, welke 10 aan hun uiteinden in resp. de buitenring 1 en de naaf 2 overgaan; deze radiale ribben 37 zijn als één geheel met de organen 1,2 en 3 gevormd.
Een dergelijke wikkeldoorn heeft derhalve de gedaante van een verstijvingsdoos met vensters* aan zijn zij-15 kanten. Na opwikkeling van een magneetband dienen de flenzen 4 en 5 te worden aangebracht.
Bij de-uitvoeringsvorm volgens figuur 4 vertoont de linkerflens 4. twee binnenwaarts uitstekende ringkragen 38 en 39, welke door .ultrasoonlassen. met resp. de buiten-20 ring 1 en het cilindervormige deel 34 van het verbindings-lichaam 3 tot één geheel worden verenigd. Dit ultrasoonlassen vindt plaats onder druk aan delen 40 van resp. een buitenvlak, van de ringkraag 38 en een binnenvlak van de buitenring 1, waarbij de genoemde buitendiameter .voorafgaan-25 de aan het lassen, kleiner is dan die van .het genoemde binnenvlak. Hetzelfde geschiedt aan in elkaar gevoegde delen 41 van een binnenvlak van de ringkraag 39 en een.tegenover gelegen vlak van het cilindervormige deel 34, waarbij de diameter van het laatstgenoemde vlak voorafgaande aan het 30 lassen kleiner' dan die van het genoemde binnenvlak is.
Op soortgelijke wijze vertoont de haspelflens 5 twee binnenwaarts uitstekende ringkragen 42 en 43, welke door. ultrasoonlassen van resp. twee onder, klempassing of perspassing in elkaar gevoegde delen 44 en 45 resp. aan 35 de buitenring 1 en de naaf 2 van het centrale haspel-gedeelte worden vastgelast.
Bij de in figuur 6 weergegeven uitvoeringsvorm vertoont de flens 4 aan zijn binnenvlak een aantal daaraan fiOfl 2 8 01 -10- uitstekende vingers 46 en 47, welke in resp. complementair gevormde holten 48 en 49 in het buitenflensdeel 35 steken; de vingers worden aan de binnenwand van hun resp. bijbehorende holte bevestigd door middel van een voor de magneet-5 band ongevaarlijk verbindingsmiddel, zoals een bij lage temperatuur werkzame lijm. De vingers 46 en de bijbehorende holten 48, welke zich het verst verwijderd van de hartlijn van de wikkeldoorn bevinden., strekken zich uit tegenover door de verstijvingsribben 37 bepaalde ruimten van even 10 rangorde, terwijl de vingers 47 en de resp. bijbehorende -holten49., die. zich het dichtstbij de hartlijn van de wikkeldoorn bevinden, zich uitstrekken tegenover door de verstijvingsribben. bepaalde ruimten van oneven rangorde? de vingers 46 en 47 zijn derhalve onder een steeds gelijke 15 hoek ten opzichte van elkaar verdeeld aangebracht, doch steeds op de ene of de andere van twee concentrische cirkels.
Op soortgelijke wijze vertoont de flens 5 aan zijn binnenvlak een aantal daaraan uitstekende vingers 50 en 51, welke steken in resp. bijbehorende holten 52 en 53 van 20 bijbehorende vorm, welke op hun beurt zijn vervormd in resp. verdikkingen 54 en 55 van resp. de buitenring 1 en de naaf 2. De vingers zijn evenals in het voorafgaande geval onder een steeds gelijke hoek ten opzichte van elkaar verdeeld aangebracht, steeds op de ene of de andere van twee 25 concentrische cirkels.
Bij de in de figuren 7 en 8 weergegeven uitvoeringsvorm vertoont het centrale haspelgedeelte een buitenring, welke wordt gevormd door een uit een legering van licht metaal bestaand buisstuk 56, waarom de magneetband 30 dient te worden gewikkeld- Het buisstuk is inwendig gegroefd en op een uitwendig gegroefd buisstuk 57 geperst.
Dit buisstuk 57 vormt te zamen met een flens 58 en een via een verbindingslichaam 60 daarmede verbonden naaf 59 één enkel vormstuk van kunststof. De naaf 59 dient 35 weer voor aandrijving in rotatie en afremming van de gerede haspel met grote nauwkeurigheid op een aandrijftap te worden gelagerd. Het reeds genoemde verbindingslichaam 60 is etagevormig geprofileerd met een cilindervormig deel 61 800 2 8 01 t f -11- tussen een buitenflensdeel 63 en een binnenflensdeel 62, welke resp. in de genoemde flens 58 en de centrale naaf 58 overgaan.
Het uit de organen 57-63 bestaande vormstuk is 5 bij voorkeur vervaardigd van met glasvezels of andere wapeningsvezels gewapende polystyreen,* de vervaardiging kan met voordeel geschieden in een met hoge nauwkeurigheid werkende vorm, waaraan door spuitgieten de van een meng-extruder afkomstige kunststof wordt toegevoerd.
10 De tussen het buisstuk 57 en de naaf 59 over blijvende vrije ruimte, welke zich in axiale richting vanaf het verbindingsorgaan 60 totaan de rechterzijkant uitstrekt, wordt gebruikt voor onderbrening van tot één geheel met de wikkeldoorn verenigde verstijvingsmiddèlen teneinde 15 op die wijze de sterkte en de stijfheid van de wikkeldoorn te vergroten en bovendien een uiterst nauwkeurig vormbehoud van de wikkeldoorn. zeker te stellen wanneer deze aan hoge belastingen van statische (door het magneetbandwikkel op het buisstuk~36) en/of dynamische (op de naaf 59) aard '.
20 wordt gekoppeld*
Daartoe dienen radiale verstijvingsribben 64 van betrekkelijk grote dikte, die als. één geheel met de organen 57-63 van het vormstuk zijn gevormd en zich onder steeds eenzelfde hoek ten opzichte van elkaar, tussen het buisstuk 25 57 de naaf 59 en het verbindingslichaam 60 in figuur 7 naar rechts uitstrekken.
Na opwikkeling van een magneetband op de wikkeldoorn, wordt een tweede flens 65 aangebracht en? bevestigd.
Bij de uitvoeringsvorm volgens figuur 7 vertoont 30 de flens 65 aan zijn binnenvlak twee daaraan uitstekende ringkragen 66 en 67, welke door ultrasoonlassen met resp. het buisstuk 57 en de naaf 59 tot ëén geheel worden verenigd. Het ultrasoonlassen vindt plaats aan onder klempas-sing of perspassing in elkaar gevoegde delen 68 van een 35 buitenvlak van de ringkraag 66 en een binnenvlak van het buisstuk 57, waarbij de diameter van het genoemde binnenvlak. voorafgaande aan het lassen kleiner is dan die van het genoemde buitenvlak. Op soortgelijke wijze wordt tewerk 0 Π Λ 9 0 Λ1 -12- gegaan bij twee onder klempassing of perspassing in elkaar gevoegde delen 69 van een binnenvlak van de ringkraag 67 en een buitenvlak van de naaf 59, waarbij de diameter van het genoemde buitenvlak voorafgaande aan het lassen kleiner 5 is dan die van het genoemde binnenvlak.
Bij de in figuur 9 en 10 weergegeven uitvoering vertoont de flens 65 aan zijn binnenvlak een aantal vingers 70 en 71, welke in resp. complementair gevormde holten 72 en 73 steken, welke op hun beurt resp. in een verdikking 10 van het buisstuk 57 en een verdikking van de naaf 59 zijn gevormd; de vingers zijn met de binnenwand.van hun resp. bijbehorende holten verbonden door een voor de magneetband ongevaarlijk middel, zoals een bij lage temperatuur werkende lijn. De vingers 70 en hun bijbehorende holten 72, welke 15 zich het verst verwijderd van de hartlijn'van de wikke1- doorn bevinden, strekken zich tegenover door de verstijvings-ribben 64 bepaalde ruimten van even rangorde uit, terwijl de vingers 71 en de bijbehorende holten 73, welke zich het dichtstbij de hartlijn van de wikkeldoorn bevinden, zich 20 uitstrekken tegenover door de verstijvingsribben bepaalde ruimten van oneven rangorde; de vingers zijn weer onder steeds eenzelfde hoek ten opzichte van elkaar verdeeld aangebracht, steeds op de ene of de andere van twee concentrische cirkels.
25 De door de uitvinding verschafte, vereenvoudigde werkwijze voor.conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband houdt derhalve in, dat door langsdeling van een film van voor een magneetband geschikt materiaal gevormde magneetband op een wikkeldoorn 30 van het in het voorafgaande beschreven type wordt gewikkeld, waarna aan iedere vrije zijkant van de wikkeldoorn een flens wordt aangebracht, welke de Wikkeldoorn tot een bruikbare haspel aanvult.
De uitvinding beperkt zich. niet tot de in het 35 voorgaande beschreven en in de tekening weergegeven uitvoeringsvorm; verschillende wijzigingen kunnen in de beschreven details en in hun onderlinge samenhang worden aangebracht, zonder dat daarbij het kader van de uitvinding wordt overschreden.
800 2 8 01

Claims (5)

1. Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband, welke door langsdeling tot magneetbanden van gewenste breedte uit een film van in aanmerking komend materiaal en 5 grotere breedte is gevormd, waarbij de magneetband onmiddellijk na deze langsdeling op een doorn wordt gewikkeld en deze doorn met tenminste êên flens tot conditioneringshas-pel wordt aangevuld, met het kenmerk, dat 10. voor de vorming van de doorn wordt uitgegaan van een centraal -haspelgedeelte, dat een naaf en een door een zich radiaal ten opzichte daarvan uitstrekkend ver-bindingslichaam met de naaf verbonden en daarmee concentrische buitenring met voor bandopwikkeling geschikt buiten- 15 omtreksvlak bevat, - de verbinding tussen de naaf en de buitenring wordt versterkt door de gehele tussen de naaf en de buitenring overblijvende vrije ruimte over praktisch de gehele naafbreedte voor verstijving en nauwkeurigheidsvergroting 20 van de doorn.te gebruiken, en - nadat de doorn met magneetband is bewikkeld, tenminste êên flens aan de zijkant van de doorn wordt aangebracht en met de doorn wordt gekoppeld door middel van bevestigingsmiddelen, waarvan de bijdrage tot verstijving 25 van de doom bij de opwikkeling van de magneetband buiten beschouwing blijft.
2. Wikkeldoorn voor uitvoering van de werkwijze volgens conclusie 1, voorzien van een met het centrale gedeelte van een conditioneringshaspel van bekend type 30 overeenkomend haspelgedeelte, dat een naaf en een door een zich radiaal ten opzichte daarvan uitstrekkend verbindings-lichaam met radiale verstijvingsringen met de naaf verbonden en daarmede concentrische buitenring met voor bandopwikkeling geschikt buitenomtreksvlak bevat, 35 met het kenmerk, dat - in de tussen de naaf en de buitenring overblijvende vrije ruimte over de gehele naafbreedte verstij- non 2 8 01 -14- vingsmiddelen aanwezig zijn, - en aan de zijkant van de doorn tenminste één flens is aangebracht en met de flens is gekoppeld door middel van bevestigingsmiddelen, waarvan de bijdrage tot 5 verstijving van de doorn bij de opwikkeling van de magneetband buiten beschouwing blijft en welke bij het aanbrengen van de flens geen gevaar voor beschadiging van de opgewikkelde magneetband opleveren, welke bevestigingsmiddelen kunnen bestaan uit door ultrasoonlassen van onder klem-10 passing in elkaar gevoegde delen van de te koppelen organen gevormde, ringvormige en met de naaf concentrischelasranden; incomplementaire holten van het ene orgaan uitstekende en door kleving of andere non-destructieve verbindingsmiddelen daaraan gehechte uitsteeksels van het andere orgaan, enz.
3. Wikkeldoorn volgens conclusie. 2, waarbij het centrale haspelgedeelte uit met glasvezels of andere .wapeningsvezels gewapende polystyreen bestaat, met het kenmerk, dat - de naaf en de daarmede concentrische buiten-20 ring één geheel vormen met een zich ten opzichte daarvan radiaal uitstrekkend, vlak en betrekkelijk dik verbindings-lichaam,.dat zich nabij de ene zijkant van de naaf en de buitenring bevindt, terwijl een zich nabij de andere zijkant bevinden,, etagevormig geprofileerd deksel ter verkrij-25 ging van. een verstijvingsdoos met de naaf. en· de buitenring is gekoppeld door middel van twee door. ultrasoonlassen van onder.klempassing in elkaar gevoegde delen van de te koppelen organen gevormde, ringvormige en concentrische las-randen, waarbij de radiale verstijvingsribben van het ver-30 bindingslichaam .zich in axiale richting uitstrekken tot nabij het deksel, dat op zijn beurt is voorzien van tussen de gevormde verstijvingsribben ingrijpende, radiale verstij-vingsribben, welke zich tot nabij de naaf, het verbindings-lichaam en de buitenring uitstrekken en met het verbindings-35 lichaam zijn gekoppeld in door ultrasoonlassen gevormde laspunten, welke radiale verstijvingsribben tot de inwendige verstijving van de verstijvingsdoos bijdragen. 800 2801 -15-
4. Wikkeldoorn volgens conclusie 2, waarbij het centrale haspelgedeelte uit met glasvezels of andere wape-ningsvezels gewapende polystyreen bestaat, terwijl de naaf en de daarmede concentrische buitenring ëén geheel vormen 5 met een etagevormig geprofileerd en betrekkelijk dik ver-bindingslichaam met een nabij de ene zijkant gelegen buitenflensdeel en een daarmee door een cilindervormig deel tot één geheel verbonden binnenflensdeel, met het kenmerk, dat aan het verbindingslichaam bei:rekke-10 lijke dikke, radiale verstijvingsribben uitsteken, welke zich tot nabij de andere zijkant van de naaf uitstrekken en de buitenring en de naaf.tot één geheel met het ver-bindingslichaam verenigen.
5. Wikkeldoom volgens conclusie 2, "waarbij de 15 buitenring een metalen buisstuk omvat, met het kenmerk, dat het buisstuk vervaardigd is van een legering van licht metaal, inwendig is gegroefd en op een uitwendig gegroefd buisstuk van met glasvezels of andere wapeningsvezels gewapende polystyreen is geperst, waarbij 20 het laatstgenoemde buisstuk en de centrale kern te zamen met de ene haspelflens een enkelvoudig vormstuk van eenzelfde materiaal vormen, terwijl de genoemde.flens voor verbinding van dit buisstuk en de naaf voorzien is van een etagevormig geprofileerd verbindingslichaam, waaraan 25 radiale verstijvingsribben uitsteken, welke een betrekkelijk. grote dikte hebben en zich tot nabij de andere aan te brengen haspelflens uitstrekken. 800 2 8 01
NL8002801A 1979-05-14 1980-05-14 Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband en wikkeldoorn voor uitvoering van een dergelijke werkwijze. NL8002801A (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
FR7912221 1979-05-14
FR7912221A FR2456989A1 (fr) 1979-05-14 1979-05-14 Procede pour le conditionnement simplifie d'un ruban magnetique d'ordinateur et noyau d'enroulement pour la mise en oeuvre de ce procede

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL8002801A true NL8002801A (nl) 1980-11-18

Family

ID=9225443

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8002801A NL8002801A (nl) 1979-05-14 1980-05-14 Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband en wikkeldoorn voor uitvoering van een dergelijke werkwijze.

Country Status (10)

Country Link
US (1) US4296890A (nl)
BE (1) BE883313A (nl)
BR (1) BR8002955A (nl)
CA (1) CA1138105A (nl)
DE (1) DE3017597A1 (nl)
ES (1) ES491438A0 (nl)
FR (1) FR2456989A1 (nl)
GB (1) GB2052441B (nl)
MX (1) MX152375A (nl)
NL (1) NL8002801A (nl)

Families Citing this family (10)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4327879A (en) * 1980-10-09 1982-05-04 Memorex Corporation Magnetic tape reel
FR2542906A1 (fr) * 1983-03-16 1984-09-21 Data Packaging Corp Moyeu de bobine pour bande magnetique d'ordinateur
US5014923A (en) * 1990-04-09 1991-05-14 Eastman Kodak Company Web-spool for a cartridge
FR2679691B1 (fr) * 1991-07-23 1993-11-12 Rexton Inc Bobine pour bande magnetique d'ordinateur ou autres supports souples.
US5564647A (en) * 1994-06-27 1996-10-15 Imation Corp. High performance tape reel
JP4108845B2 (ja) * 1998-11-12 2008-06-25 富士フイルム株式会社 磁気テープカートリッジのリールの成形法
JP2003091963A (ja) * 2001-06-28 2003-03-28 Fuji Photo Film Co Ltd 記録テープカートリッジ
KR100492966B1 (ko) * 2002-12-06 2005-06-07 삼성전자주식회사 광섬유 권취용 스풀
JP4837450B2 (ja) * 2006-06-16 2011-12-14 富士フイルム株式会社 記録テープカートリッジ
JP5634716B2 (ja) * 2010-01-14 2014-12-03 富士フイルム株式会社 リール及び記録テープカートリッジ

Family Cites Families (19)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US2698359A (en) * 1947-04-03 1954-12-28 Int Electronics Co Method and apparatus for making magnetic tape records
FR969923A (fr) * 1948-07-27 1950-12-27 Magnet Ton Fries Procédé et installation pour multiplication de rubans impressionnés pour le magnéton
US3056563A (en) * 1959-07-08 1962-10-02 Minnesota Mining & Mfg Tape core
US3232550A (en) * 1963-08-16 1966-02-01 Angelo C Cuva Tape reel
US3229928A (en) * 1964-04-24 1966-01-18 Data Packaging Corp Reel
US3327960A (en) * 1966-05-09 1967-06-27 Minnesota Mining & Mfg Tape reel
US3346211A (en) * 1966-07-05 1967-10-10 Northwest Plastics Inc Computer reels
US3389872A (en) * 1967-01-25 1968-06-25 George F. Lyman Reel
US3410500A (en) * 1967-01-30 1968-11-12 Perfection Plastics Inc Tape reel
US3632053A (en) * 1969-07-03 1972-01-04 Minnesota Mining & Mfg Tape reel
FR2147473A5 (nl) * 1971-07-28 1973-03-09 Posso Pierre
DE2210690A1 (de) * 1972-03-06 1973-09-13 Buettner Ag Franz Schreibbandspule
DE7311896U (de) * 1973-03-29 1973-07-26 Kienzle Apparate Gmbh Spulenkoerper insbesondere fuer bandfoermige aufzeichnungstraeger
CH598121A5 (nl) * 1975-09-19 1978-04-28 Gefitec Sa
FR2325991A1 (fr) * 1975-09-23 1977-04-22 Gefitec Sa Bobine pour ruban magnetique d'ordinateur
US4052020A (en) * 1975-10-01 1977-10-04 Knox Jon A Computer tape reel
US4083509A (en) * 1976-10-01 1978-04-11 Memorex Corporation Reel for magnetic recording tape
US4088278A (en) * 1977-05-16 1978-05-09 Memorex Corporation Reel for magnetic recording tape
US4184650A (en) * 1978-05-08 1980-01-22 Minnesota Mining And Manufacturing Company Plastic tape reel

Also Published As

Publication number Publication date
US4296890A (en) 1981-10-27
BR8002955A (pt) 1980-12-23
GB2052441A (en) 1981-01-28
DE3017597A1 (de) 1980-11-27
ES8200498A1 (es) 1981-11-01
MX152375A (es) 1985-07-09
GB2052441B (en) 1983-07-13
FR2456989A1 (fr) 1980-12-12
BE883313A (fr) 1980-11-14
CA1138105A (en) 1982-12-21
ES491438A0 (es) 1981-11-01
FR2456989B1 (nl) 1983-10-28

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US5469619A (en) Tubular core assembly having inside-diameter reducing end members secured by mechanical interlocking member
NL8002801A (nl) Werkwijze voor vereenvoudigde conditionering van een voor toepassing bij een computer bestemde magneetband en wikkeldoorn voor uitvoering van een dergelijke werkwijze.
JPS644772Y2 (nl)
US2837456A (en) Filament wound container
US3447674A (en) Winding core
JPH06500982A (ja) 繊維材料が巻かれるボビンおよびそれの製造方法
US4083509A (en) Reel for magnetic recording tape
JPS6238577A (ja) 磁気テ−プ用プラスチツク製リ−ル
US4997142A (en) Plastic reel
US3279333A (en) Method of making a spirallywound tube
US3642223A (en) Spool
US3743209A (en) Knockdown reel
CA2225103C (en) Spool having radial support ribs on the flange
US3462097A (en) Unitary spool assembly
US7048226B2 (en) Packaging reel and method
JP2023071618A5 (nl)
CN108750826A (zh) 一种光纤成卷盘
US2771849A (en) Universal bobbin for rotary, domestic sewing machines
JPS5825883B2 (ja) 連接棒
CA2121273C (en) Tubular core assembly for winding paper and other small material including frustroconical core inserts
US2906180A (en) Process for the manufacture of containers
JP2622947B2 (ja) 物流用リール
US2461581A (en) Container and method of manufacture
JPH0831140A (ja) テープリール
JP2002226140A (ja) 巻き枠

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BA A request for search or an international-type search has been filed
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
BV The patent application has lapsed