NL8003260A - Bewerking van edelstenen. - Google Patents

Bewerking van edelstenen. Download PDF

Info

Publication number
NL8003260A
NL8003260A NL8003260A NL8003260A NL8003260A NL 8003260 A NL8003260 A NL 8003260A NL 8003260 A NL8003260 A NL 8003260A NL 8003260 A NL8003260 A NL 8003260A NL 8003260 A NL8003260 A NL 8003260A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
stone
anvil
claws
clamping
claw
Prior art date
Application number
NL8003260A
Other languages
English (en)
Other versions
NL189953B (nl
NL189953C (nl
Original Assignee
Gersan Ets
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Gersan Ets filed Critical Gersan Ets
Publication of NL8003260A publication Critical patent/NL8003260A/nl
Publication of NL189953B publication Critical patent/NL189953B/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL189953C publication Critical patent/NL189953C/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B28WORKING CEMENT, CLAY, OR STONE
    • B28DWORKING STONE OR STONE-LIKE MATERIALS
    • B28D5/00Fine working of gems, jewels, crystals, e.g. of semiconductor material; apparatus or devices therefor

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Adornments (AREA)

Description

t * N/29.778-tM/f.
Bewerking van edelstenen.
De uitvinding is in het algemeen toepasbaar op elke vorm van bewerking van edelstenen en sommige bewerkingen'order beschouwing zijn kerven, zagen en kloven.
Kerven is het vormen van een ondiepe groef in de edelsteen, 5 voorafgaand aan kloven of voorafgaand aan zagen; zagen is de steen al dan niet met een zaag in tweeën snijden; kloven is een edelsteen langs een kloofvlak splijten. De onderhavige beschrijving heeft speciaal betrekking op diamanten, maar gemeend wordt, dat deze ook van toepassing is op andere edel-10 stenen, hoewel sommige van de effecten duidelijk verschillend kunnen zijn, zoals in diamanten de aanwezigheid van duidelijks, kloofvlakken.
Bij kloven wordt in het algemeen een edelsteen in een geschikte houder gehouden, een vrij liggend op-15 pervlak van de steen wordt gekerfd en de steen wordt gekloofd door de kerf te treffen met een beitelvormig gereedschap. In het ideale geval moet de kerf een zuivere V-vorm hebben, maar gewoonlijk heeft deze een nogal afgeronde bodem; het gereedschap wordt ingestoken, zodat het in aanraking is 20 met de zijdenvan de kerf maar niet de bodem bereikt, en een .scherpe slag op het gereedschap veroorzaakt, dat het gereedschap de zijden splijt en de steen klooft. Tegenwoordig wordt de steen vastgehouden in een houder, die een dop wordt genoemd en die een houten of stalen handgreep heeft en een 25 klomp schellak en zand aan zijn eind. De steen wordt gemarkeerd om de voorgenomen stand van de kerf aan te geven en de steen wordt dan ingebed in het schellak/zandmengsel, totdat zijn kloofvlak gelijk ligt met het oppervlak van het mengsel, dus het deel, dat door het kloven verwijderd moet 30 worden het enige uitstekende deel is. Dit inbedden geschiedt door het schellak/zandmengsel te verwarmen en zacht te maken en kan twee tot drie minuten duren. De steen wordt dan gekerfd met toepassing van een scherp, dat wil zeggen klein deel van een andere steen, hetgeen vijf tot vijftien minuten 35 kan duren afhankelijk van de grootte van de te kerven steen.
De steen wordt dan gekloofd met toepassing van het beitelvormige gereedschap en het achterblijvende deel van de steen wordt uit het schellak /zandmengsel weer door verwarmen ver- 800 32 60 -2- wijderd, hetgeen nog een minuut kan duren. De steen wordt dan gereinigd, hetgeen dertig minuten kan duren, hoewel de steen kan worden gereinigd in een partij, dat wil zeggen, met een aantal andere stenen. De gehele procedure is betrek-5 kelijk tijdrovend.
De uitvinding verschaft een werkwijze voor het kloven van een edelsteen, waarbij de steen wordt vastgehouden in een houder, de steen wordt gekerfd en dan de steen wordt gekloofd door tegen de kerf te slaanrmet het kenmerk, 10 dat de steen wordt vastgehouden, doordat deze wordt geklemd tussen veerkrachtige klauwen, de steen wordt gekerfd langs een lijn, die in het algemeen evenwijdig is aan de klauwklem-vlakken, een aambeeld wordt geplaatst tegen het oppervlak van de steen tegenover het gekerfde oppervlak en de steen 15 wordt gekloofd,terwijl deze nog steeds wordt vastgehouden in de veerkrachtige klauwen.
Verder verschaft de uitvinding een houder voor het vasthouden van een edelsteen, terwijl deze wordt gekloofd, met het kenmerk, dat deze veerkrachtige klauwen 20 voor het klemmen van de steen heeft en een aambeeld, dat aangrijpt op een oppervlak van de steen, terwijl deze tussen de klauwen is geklemd, waarbij het aambeeld ten opzichte van de klauwen beweegbaar is in een richting evenwijdig aan de klauwklemvlakken en in zijn stand vastzetbaar is om de steen 25 te ondersteunen, wanneer deze wordt gekloofd.
Bij toepassing van de uitvinding is gebleken, dat de combinatie van het aambeeld en de veerkracht van de klauwen toelaat, dat de steen zuiver gekloofd wordt. Bij de werkwijze volgens de uitvinding behoeven de stappen niet 30 noodzakelijk in de genoemde volgorde plaats te vinden; bijvoorbeeld zou de steen kunnen worden gekerfd voor het klemmen en/of zou het aambeeld op de juiste wijze ten opzichte van de klauwen kunnen worden geplaatst voor het inzetten en klemmen van de steen.
35 Bij voorkeur hebben de klauwen veerkrachtige kussens, die hun klemvlakken vormen en die kunnen worden ondersteund door betrekkelijk onveerkrachtig materiaal, waardoor het risico wordt vermeden of verminderd, dat de steen barst of versplintert tengevolge van te sterk klemmen, in het 40 bijzonder als zijn oppervlakken, die worden geklemd, niet glad 800 32 60 i 4 -3- en evenwijdig zijn. Het zou echter mogelijk zijn onveerkrachtige klemvlakken te gebruiken, waarbij één van de klauwen door een veer wordt voorgespannen ten opzichte van de andere.
Het aambeeld heeft bij voorkeur een steünvlak, 5 dat plat is en loodrecht op de richting van de kloofslag staat.
Dit steünvlak is bij voorkeur smal, zodat het aambeeld kan worden ingestoken tussen de klauwen, als de steen zelf klein is maar in theorie zou het aambeeld breder kunnen zijn dan de steen zelf. Het aambeeld is bij voorkeur zo aangebracht, dat 10 het juist tegen één zijde van het kloofvlak drukt, maar dit wordt niet essentieel geacht.
Het is gebleken, dat als de werkwijze goed wordt uitgevoerd, de steen in de houder kan worden gezet in ongeveer één minuut, en als een laser wordt gebruikt voor het kerven, 15 deze kan worden gekerfd in ongeveer zes seconden.
Drukveren zijn nuttig om de klauwen automatisch te helpen openen voordat andere edelstenen worden ingezet.
Bij toepassing van een telescopisch trekorgaan kunnen de bevestigingsmiddelen een eenvoudige klem zijn, bij-20 voorbeeld van het beugeltype, waarbij de basis van de beugel kracht uitoefent op één zijde van het buitenste deel en een schroef, die door de top van de beugel gaat, kracht uitoefent op de andere zijde van het buitenste deel. Een voordeel van deze uitvoering is, dat de klauwen kunnen worden voorbelast in 25 een voorafbepaalde mate en dan op eenvoudige wijze worden geklemd zonder veel ervaring te vereisen. Een ander voordeel is, dat de edelsteen op zijn plaats kan worden geklemd in een speciale klemmal, waardoor de werking wordt vereenvoudigd.
De klemmal is ook inventief op zichzelf en wordt hieronder be-30 schreven in verband met fig. 5.
De mal maakt het mogelijk, dat een ongeschoolde werkman de diamant zonder moeite klemt.
De houder kan worden ingesteld en uitgelijnd met toepassing van een speciale instelmal, die op zichzelf 35jnventief is en hieronder wordt beschreven in verband met fig.
7. De toepassing van de instelmal vereist niet de grote ervaring, die normaal vereist is om de edelsteen op de juiste wijze te plaatsen, hoewel de werkman in staat moet zijn om de kruisdraden van een microscoop of een televisietoestel te ge-40 bruiken. Een cirkelvormige tandheugel kan zijn verschaft op 8003260 -4- het duworgaan en een rondsel met een handknop kan zijn verschaft om het duworgaan omhoog te bewegen, terwijl het daarbij desgewenst gedraaid kan worden.
De uitvinding zal verder bij wijze van voor-5 beeld worden beschreven aan de hand van de bijgaande tekening, waarin: fig. 1 is een isometrisch aanzicht van een houder volgens de uitvinding, waarbij sommige delen doorgesneden zijn.
10 Fig. 2 is een isometrisch aanzicht van een met fig. 1 overeenkomende houder, die echter enkele verschillen toont.
Fig. 3 is een horizontale doorsnede volgens de lijn III-III van fig. 2.
15 Fig. 4 is een horizontale doorsnede volgens de lijn IV-IV van fig. 2.
Fig. 5 is een isometrisch aanzicht van een klemmal.
Fig. 6 is een aanzicht van een ongesneden 20 diamant, die gereed is voor het kerven.
Fig. 7 is een isometrisch aanzicht van een instelmal.
Fig. 8 is een aanzicht van de diamant, zoals deze te zien zou zijn door een microscoop van de instelmal.
25 De houder van fig. 1 heeft een basis 1 met een holle doorsnede. Een wieg 2 rust op de bodem van de binnenzijde van de basis 1 en de wieg 2 heeft een gedeeltelijk cilindrische uitsparing, waarin twee cilindrische klemdelen of blokken 3 rusten. Aan hun aangrenzende oppervlakken 30 heeft elk klemblok 3 twee diametraal tegenovergestelde uitsparingen 4 (één paar is afgebeeld met streepjeslijnen), die op elkaar zijn uitgelijnd, waarbij een schroefvormige druk-veer 5 is opgenomen in elk paar uitsparingen, zodat de blokken 3 uit elkaar worden gedrukt en ook ruwweg in de juiste 35 uitlijning worden gehouden. Een grendelschroef is geschroefd in de zijde van de basis 1 en zijn eind ligt aan tegen het eindvlak van één van de klemblokken 3 om het andere klemblok 3 tegen de betreffende zijde van de basis 1 te drukken.
De aangrenzende vlakken van de klemblokken 3 40 vormen een diametrale cilindrische boring, die het cilindri- 8003260 -5- * « sche onderste deel van een aambeeldsteun 7 opneemt, waarvan de top is gevormd als een aambeeld 8. Het bovenste deel van de aambeeldsteun 7 heeft evenwijdige vlakken en een vertikale sleuf, die hieronder verder genoemd wordt.
5 Het bovenste deel van de aambeeldsteun 7 draagt twee klauwen 9, waarvan de klemvlakken zijn gevormd door veerkrachtige kussens 10, bijvoorbeeld van siliconenrubber, die worden gesteund door het betrekkelijk onveerkrachtig materiaal van de klauwen 9, bijvoorbeeld aluminium. De 10 klauwen 9 zijn scharnierend met elkaar verbonden door een scharnierende schakel 11, die gaat door de bovengenoemde sleuf; de gaten in de schakel 11, die de zwenkpermen 12 opnemen, zijn enigszins langwerpig in de lengterichting van de schakel 11, zodat er enige speling is in de horizontale 15 richting. De klauwen 9 kunnen op elkaar worden geklemd door een trekorgaan in de vorm van een klemstaaf 13, die gaat door de bovengenoemde sleuf en die een geribbeld eind 14 heeft.
De staaf 13 draait vrij in een aanslagstuk 15 en is geschroefd in een ander aanslagstuk 16. De staaf 13 draagt twee schroef-20 lijnvormige drukveren 17 en onderlegringen 18, die passen tussen de betreffende klauwen 9 en het bovenste deel van de aambeeldsteun 7, waarbij de ringen 18 tegen de platte vertikale vlakken van het bovenste deel van de aambeeldsteun 7 worden gedrukt.
25 De vrijheidsgraden van de houder zijn aan gegeven door de dubbele pijlen a tot en met f.
In gebruik wordt de basis 1, die dienst doet als een niet-cirkelvormig plaatsings- en steunorgaan, geplaatst in een mal onder een geschikt kijktoestel. De kerf-30 lijn wordt gemarkeerd op een diamant en de diamant (niet af-gebeeld) wordt gestoken tussen de klauwkussens 10, zodat zijn kerflijn ruwweg evenwijdig is aan de klemvlakken,op het bovenste, ongeveer horizontale vrijliggende oppervlak van de diamant. Dit oppervlak is bij voorkeur ongeveer op gelijk 35 niveau met de toppen van de kussens 10. Het geribbelde eind 14 wordt met de hand gedraaid om de diamant licht te grijpen tussen de kussens 10 en de klauwen 9 worden dan omlaag geschoven, totdat de aambeeldtop 8 drukt tegen de onderzijde van de diamant. De geribbelde knop 14 wordt dan met de hand geheel 40 vastgedraaid.
800 32 60 -6-
De diamant wordt dan onderzocht door het kijk-toestel, dat bijvoorbeeld kruisdraden heeft om de kerflijn precies te plaatsen en uit te lijnen. Het blijkt, dat de aambeeldsteun 7 op en neer (c) kan worden geschoven of ge-5 draaid (e) tussen de klemblokken 3 en dat de klemblokken 3 om hun as (é) kunnen worden gedraaid en dat de wieg 2 horizontaal (f) kan worden verschoven, waarbij al deze bewegingen kunnen worden vastgeklemd of vergrendeld door de enkele grendelschroef 6, zodat er een ve.rgrendelbare verbinding is 10 tussen de basis 1 en deaambeeldsteun, die vier vrijheidsgraden toelaat. Op deze manier kan de kerflijn precies worden geplaatst, in het bijzonder door de diamant zijwaarts te verplaatsen en de diamant om een vertikale as te draaien, ten einde de diamant op de juiste wijze te oriënteren en het 15 gewenste kloofvlak op de juiste wijze uit te lijnen.
De houder wordt dan overgebracht naar een tweede plaats, waar een kerftoestel het vrijliggende oppervlak van de diamant kerft, waarbij het kerftoestel is uitgevoerd om altijd langs dezelfde lijn een kerf te maken; het 20 kerftoestel heeft een soortgelijke mal als het kijktoestel.
Het kerftoestel kan bij voorbeeld een solid state YAG laser ΘΘΠ zijn, die is gefocusseerd op de kerflijn, hetgeen goede V-vormige kerf geeft, die altijd dezelfde grootte heeft.
Desgewenst kan het kijktoestel zijn uitgevoerd 25 om de diamant te bekijken in een stand, waarin deze gekerfd moet worden, maar dit is minder handig.
Een verschil tussen fig. 1 en 2 heeft betrekking op het trekorgaan 13 van fig. 1. In fig. 2 is het trek-orgaan een telescopisch samengesteld orgaan 21, 22, waarbij 30 21 een buitenste deel is en 22 een binnenste deel, dat in het buitenste deel 21 glijdt. Zoals in fig. 3 is afgebeeld, heeft het buitenste deel 21 een langwerpige sleuf 23, zodat dit stevig kan worden aangeklemd tegen het binnenste deel 22, waardoor de delen 21, 22 op elkaar worden vastgezet. De delen 35 21, 22 zijn door pennen 24 scharnierend verbonden met de klauwen 9. De klem heeft een beugel 25, waardoor de delen 21, 22 passeren en een vleugelschroef 26, die is geschroefd in de top van de beugel 25 en drukt tegen het aambeeld 8. Het blijkt dat door de vleugelschroef 26 te draaien de onderzijde van de 40 beugel 25 wordt aangetrokken tegen het buitenste deel 21, 800 32 60 ( 4 -7- waardoor het buitenste deel 21 wordt aangedrukt tussen de ondereind van de beugel 25 en het betreffende binnenvlak van het aambeeld 8.
Een ander verschil tussen fig. 1 en 2 is, 5 dat de blokken 3 in fig. 2 niet uit elkaar veren, maar alleen worden uitgelijnd door twee glijdende pennen 27 in de blinde boringen 4. Een stelschroef 28, die is aangebracht in een cilindrische uitsparing in een blok 3 verhindert, dat ze eruit glijden en de blokken 3 worden veerkrachtig naar elkaar 10 toe gedrukt door een afgeveerd opvulstuk 29, dat is opgenomen in een tegenboring in de op geschikte wijze verbrede schroef 6'. Op deze manier veroorzaakt het vastzetten van de schroef 6' geen belangrijke verplaatsing.
Hoewel niet afgeheeld in fig. 1 en 2, kun-15 nen de basis 1 en de wieg 2 zijn voorzien van in lijn liggende vertikale boringen, die zijn uitgelijnd op de aambeeld-steun 7 en kan het ondereind van de aambeeldsteun 7 zijn voorzien van een V-groef (een wigvormige dwarssleuf). Dit dient voor toepassing bij de instelmal, die hierna wordt be-20 schreven aan de hand van fig. 7.
Een klemmal (in enigszins uiteengenomen vorm) is afgeheeld in fig. 5. De klemmal heeft een plaat 31, die op zijn plaats is vastgezet en waarin een vaste steun of klempen 32 is geperst. De plaat 31 heeft een uitsnijding, die 25 een kleine glijplaat 33 opneemt. Een beweegbare steun of klem-pen 34 is geperst in de glijplaat 33, die horizontaal beweegbaar wordt geleid door een glijbaan met evenwijdige staven. Een hefboom 35 is zwenkbaar verbonden met een vertikale pen (niet afgebeeld), die is bevestigd op de glijplaat 33 en 30 gaat door een uitsnijding in de glijplaat 33, en een bedie-ningshefboofn 36 is geschroefd in het verwijderde deel 37 van het gespleten vooreind van de hefboom 35 en drukt tegen het dichtbij zijnde deel 38, zodat de hefboom 35 wordt vergrendeld op zijn zwenkpen door de handle 36 in de richting 35 van de wijzers van een uurwerk te schroeven. De achtereinden van de steunpen 32 en de hefboom 35 dragen uitstekende pennen 39, die met elkaar zijn verbonden door een schroeflijnvormige trekveer (niet zichtbaar), die is opgenomen in een huls 40.
40 In de ruststand (zoals afgebeeld) liggen 800 3 2 60 -8- de steunpennen 32, 34 ver genoeg uit elkaar voor het opnemen van de gedeeltelijk cilindrische uitsnijdingen de achterzijden van de klauwen 9 (zie fig. 2). De huls 40 is in verband met de lengte van de trekveer gedimensioneerd om de veer tot 5 een bepaalde waarde voor te spannen, bij voorbeeld om een klemkracht van 10 kg uit te oefenen tussen de veerkrachtige kussens 10 (fig. 2).
Tijdens de werking wordt de houder (zonder zijn basis 1) opgehangen door aangrijping van de steunpennen 10 32, 3.4 in de gedeeltelijk cilindrische uitsnijdingen. De vleugelschroef 26 is losgedraaid en de klauwen 9 zijn open.
De diamant 51 (zie fig. 6) is reeds gemerkt met een kruis 52, normaal op een rand 53, om de plaats, richting en grootte van 55 de kerflijn 54 aan te geven. (De streepjeslijn in fig. 6 15 geeft de rest van het kloofvlak aan). Deze diamant 51 wordt dan op zijn plaats aangebracht tussen de veerkrachtige kussens 10 met het grote oppervlak 56 omhoog en ruwweg op hetzelfde niveau als de top van de kussens 10. De kerflijn’ 54 loopt ruwweg evenwijdig aan de vlakken van de kussens 10, 20 dus loodrecht op de hartlijn van de vleugelschroef 26. De handle 36 wordt dan voorwaarts getrokken en zwenkt om zijn vertikale zwenkas. Tengevolge van de trek van de veer zal deze beweging de steunpen 34 naar de steunpen 32 toe drukken, voor aangrijping van de diamant 51 in de houder. Wan-25 neer de kussens 10 juist de diamant 51 vastknijpen, wordt de hefboom 35 vergrendeld door de handle 36 te draaien en wordt de kerflijn 54 op het oog in een goede stand gemanipuleerd. De hefboom 35 wordt dan ontgrendeld en de handle 36 verder voorwaarts getrokken. Wanneer de voorafbepaalde 30 voorspanning is bereikt, zullen de afgelegen einden van de pennen 39 verder uit elkaar bewegen en weet de werkman dat hij in staat is om de houder vast te zetten. Hij doet dit door de vleugelschroef 26 te klemmen.
De hele houder met de diamant 51 wordt 35 dan geplaatst in de in fig. 7 afgebeelde instelmal met de as van de blokken evenwijdig aan de as 68. De instelmal heeft een vaste steunplaat 61 met een achterplaat 62 en een zuil 63 en vijf kussens 64, die een zespunts (kinematische) plaatsing voor de basis 1 van de houder verschaffen. De 40 basis 1 kan op zijn plaats worden gehouden of geklemd.
800 32 60 * * -9-
De instelmal heeft een schuif 65, die horizontaal kan bewegen in een glijbaan met evenwijdige staven in een opening in een vertikale plaat 66. Een sectorplaat 67 is scharnierend verbonden met de schuif 65 om een zwenkas 68, 5 die is aangebracht om de top van de diamant 51 aan te raken, wanneer de diamant op zijn plaats ligt. De sectorplaat 67 draagt een uitstekende plaat 69, die op zijn beurt een mannelijk deel 70 draagt met een afgeschuind boveneind, dat grijpt in de V-groef in het ondereind van het aambeeld 8 en dit tegen 10 draaiing borgt. Het ondereind van het mannelijke deel 70 draagt een knop 71 en het middelste deel is gevormd met op afstand van elkaar liggende ringvormige uitsteeksels, die een cirkelvormige heugel (niet afgeheeld) vormen voor aangrijping door een rondsel (niet afgebeeld), dat is bevestigd aan een 15 knop 72. Het mannelijke deel 70, waarvan de as vertikaal is, kan vertikaal glijden en draaien om zijn as.
Fig. 7 toont ook een kleine zuil 73, twee kleine losse buizen 74, een dwarsstang 75 en twee trekveren 76, die zijn verankerd op de zuil 73 resp. achterplaat 62.
20 De veer belast de dwarsstang 75 in neerwaartse richting.
De instelmal kan op elke geschikte manier worden gemanipuleerd en bij voorkeur worden de knoppen 71 en 72 direct met de hand bediend en wordt een mechanisch systeem, zoals Bowden kabels of motoren en toevoerschroeven 25 gebruikt om de stand van het midden van de uitstekende plaat 69 en de schuif 65 in te stellen.
De houder wordt op zijn plaats aangebracht op zodanige wijze, dat de top van de rechter klauw 9 de dwarsstang enigszins omhoog beweegt en dus de aambeeldsteun 30 7 op de juiste wijze op het mannelijke deel 7 plaatst.
De diamant wordt bekeken met een instrument met slechts één ondiep brandpuntvlak, zoals een microscoop of een televisietoestel met kruisdraden 81; het brandpunt van de microscoop of het televisietoestel zal in feite 35 samenvallen met dat van de laser, die wordt gebruikt om de kerf te vormen. Daarna worden de volgende handelingen uitge-voerd: de knop 72 wordt gedraaid om het aambeeld 8 omhoog te bewegen totdat de top van de diamant 51 40 in het brandpunt ligt, waardoor de top van de diamant en meer 800 32 60 -10- speciaal het kruis 52 in het juiste horizontale, eucentrische vlak is geplaatst. Terwijl de plaat 69 stil wordt gehouden, wordt de schuif 65 bewogen totdat het middelpunt van het kruis 52 samenvalt met de kruisdraden 81 (de kruisdraden 81 5 zijn aangegeven opzij van de diamant 51 in fig. 8 om verwarring te voorkomen) en eucentrisch is (op de as 68). Daarbij zwenkt de diamant 51 om een horizontale as, die gaat door de plaat 69, en zwenkt het aambeeld om de as van de blokken 3 en glijdt de wieg 2 over de bodem van de basis 1 (vrijheids-10 graden e en f).
Zo nodig kan de hoogte worden bijgesteld door middel van de knop 72.
De sectorplaat 69 wordt gezwenkt om de as 68 totdat de twee delen van het kruis 52 zoveel mogelijk 15 zijn uitgelijnd, wanneer het kloofvlak vertikaal zal zijn. (Vrijheidsgraden e en f zoals boven). Het aambeeld 8 wordt gezwenkt om zijn vertikale as met toepassing van de knop 71 totdat het dwarsdeel van het kruis 52 nauwkeurig is uitgelijnd met de vertikale dwarsdraad 81 (vrijheidsgraad d), 20 zodat de kerflijn 54 in feite samenvalt met de laseraftas-ting, wanneer de houder wordt overgebracht naar het laser-toestel.
De schroef 6' wordt vastgezet om de houder te vergrendelen.
25 Het is niet mogelijk de instelmal te ge bruiken om het midden van het kruis 52 precies op de horizontale kruisdraad 81 te plaatsen en de horizontale kruisdraad 81 zou kunnen worden weggelaten. Deze instelling kan echter worden gedaan door toepassing van een bewegend oogstuk of 30 bewegende kruisdraden, die electronisch worden opgewekt op een televisiescherm en de afwijking van nul overbrengen op de laser door een directe toevoerleiding of door coderen van de houder. Dit verandert automatisch het middelpunt en de grenzen van de laseraftasting tijdens de automatische 35 dwarsbeweging van het lasertoestel om de lijn 54 te snijden. Verder kunnen grenslijnen 82 worden aangebracht of opgewekt en ingesteld, zodat ze samenvallen met de einden van de kerflijn 54, waarbij deze aflezingen worden overgebracht op de laser en daardoor het aftasten buiten de randen van de 40 diamant 51 verhinderen. De houder 1 wordt dan overgebracht 8003260 * · -linear een zespuntsplaats onder de laser.
Om de laser te kalibreren, zodat zijn instelling samenvalt met die van de microscoop of het televisietoestel, kan een speciale afgeknotte pyramide worden ge-5 plaatst op de steunplaat 61 van de instelmal, waarbij het toppunt van de pyramide eucentrisch is en wordt gebruikt als het focuspunt.
800 32 60

Claims (10)

1. Werkwijze voor het kloven van een edelsteen, waarbij de steen in een houder wordt vastgehouden, de steen wordt gekerfd en dan de steen wordt gekloofd door tegen de kerf te slaan, met het kenmerk, dat de steen (51) 5 wordt vastgehouden, doordat deze wordt geklemd tussen veerkrachtige klauwen (10), de steen wordt gekerfd langs een lijn (54), die in het algemeen evenwijdig is aan de klauwklemvlak-ken, een aambeeld (8) wordt geplaatst tegen het oppervlak van de steen tegenover het gekerfde oppervlak en de steen wordt 10 gekloofd, terwijl deze nog steeds wordt vastgehouden in de veerkrachtige klauwen.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, m e t het k e n m e r k, dat het aambeld (8) beweegbaar is en wordt geplaatst, nadat de steun (51) is vastgeklemd tussen de klauwen 15 (10).
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de klauwen (10) in draaiing en translatie kunnen worden ingesteld ten opzichte van een gestel (1) dat de klauwen ondersteunt en dat de steen (51) wordt ge- 20 kerfd door een toestel, dat altijd langs dezelfde lijn een kerf maakt, waarbij de instelling van de klauwen de steen op de juiste wijze ten opzichte van het kerftoestel oriënteert en ook het gewenste kloofvlak uitlijnt met de werklijn van het kerftoestel.
4- T -13- steunen, wanneer deze gekloofd wordt.
4. Werkwijze volgens conclusie 3, m e t het kenmerk, dat de klauwen (10) worden ingesteld, terwijl de steen zich bevindt op een eerste plaats, waarna de klauwen en de ingeklemde steen (51) worden overgebracht naar een tweede plaats, waar het kerftoestel het vrij liggende oppervlak 30 van de steen kerft.
5. Houder voor het vasthouden van een edelsteen, terwijl de edelsteen wordt gekloofd, met het kenmerk, dat deze veerkrachtige klauwen (10) voor het klemmen van de steen (51). heeft en een aambeeld (8) dat aangrijpt op 35 een oppervlak van de steen, terwijl deze is geklemd tussen de klauwen, waarbij het aambeeld ten opzichte van de klauwen beweegbaar is in een richting evenwijdig aan de klauwklemvlakken en in zijn stand kan worden vastgezet om de steen te onder- 800 3 2 60
6. Houder volgens conclusie 5, m e t het kenmerk, dat een basis (1) voor het ondersteunen van de houder is verbonden met de klauwen (10) door een vergrendel- 5 bare verbinding, die twee klemdelen (3) omvat, een steun (7) die kan worden geklemd tussen de klemdelen en waarop het aambeeld (8) is bevestigd of waarmede het aambeeld één geheel vormt, en een wieg (2) met een uitsparing, waarin de klemdelen rusten, waarbij het aambeeld draaibaar is ten opzichte 10 van de klemdelen om de aan de richting van de relatieve beweging van het aambeeld evenwijdige as, en de klemdelen draaibaar zijn ten opzichte van de wieg om de as, die in het algemeen evenwijdig is aan de klauwklemvlakken en loodrecht staat op de richting van de relatieve beweging van het aambeeld, 15 en de wieg beweegbaar is in de richting loodrecht op de klauwklemvlakken.
7. Houder volgens conclusie 5 of 6, m e t het kenmerk, dat een of de steun (7) voor het ondersteunen van de houder is verbonden met het aambeeld (8), waar- 20 bij de klauwen (10) worden gedragen door het aambeeld en recht-lijning beweegbaar worden geleid ten opzichte daarvan, zodat het aambeeld kan aangrijpen op het oppervlak van de steen.
8. Houder volgens conclusie 7, m e t het kenmerk, dat het aambeeld (8) tegenovergestelde opper- 25 vlakken heeft, die evenwijdig zijn aan de klauwklemvlakken en een sleuf, die evenwijdig is aan de beweging van de klauwen (10), waarbij de klauwen zich bevinden aan klauwdelen (9), die scharnierend met elkaar zijn verbonden met speling door een schakel (11), die gaat door de sleuf, welke delen kunnen 30 worden geklemd door een trekorgaan (13 of 21, 22) dat zich in het algemeen evenwijdig aan de schakel uitstrekt tussen de klauwklemvlakken en de schakel.
9. Houder volgens conclusie 8, m e t het kenmerk, dat het trekorgaan (13) drukveren (17) draagt, 35 die aangrijpen tussen de klauworganen (9) en het aambeeld (8) om de klauwen (10) uit elkaar te drukken en een wrijvings-weerstand tegen de rechtlijnige beweging van de klauwdelen te verschaffen.
10. Houder volgens conclusie 8 of 9, met 40. e t kenmerk, dat het trekorgaan (21, 22) een samenge- 800 3 2 60 -14- stelde telescopische uitvoering heeft en bestaat uit een buitenste deel (21)/ dat is verbonden met één klauwdeel (9) en een binnenste deel (22)/ dat kan glijden in het buitenste deel en is verbonden met het andere klauwdeel (9)/ waarbij 5 middelen (25, 26) zijn aangebracht om de twee delen op elkaar vast te zetten, zodat ze niet ten opzichte van elkaar kunnen glijden. 8003260
NLAANVRAGE8003260,A 1979-06-08 1980-06-04 Werkwijze en houder voor het kloven van een edelsteen. NL189953C (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
GB7919970 1979-06-08
GB7919970 1979-06-08

Publications (3)

Publication Number Publication Date
NL8003260A true NL8003260A (nl) 1980-12-10
NL189953B NL189953B (nl) 1993-04-16
NL189953C NL189953C (nl) 1993-09-16

Family

ID=10505710

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NLAANVRAGE8003260,A NL189953C (nl) 1979-06-08 1980-06-04 Werkwijze en houder voor het kloven van een edelsteen.

Country Status (5)

Country Link
BE (1) BE883690A (nl)
IL (1) IL60228A (nl)
IN (1) IN152600B (nl)
NL (1) NL189953C (nl)
ZA (1) ZA803379B (nl)

Families Citing this family (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
CN108995061B (zh) * 2018-07-26 2020-09-29 河北光森电子科技有限公司 一种半导体芯片晶圆原料加工系统及其加工工艺

Also Published As

Publication number Publication date
IL60228A (en) 1982-12-31
NL189953B (nl) 1993-04-16
BE883690A (fr) 1980-10-01
ZA803379B (en) 1981-06-24
IN152600B (nl) 1984-02-18
NL189953C (nl) 1993-09-16

Similar Documents

Publication Publication Date Title
KR101777140B1 (ko) 네일 케어 니퍼용 연마장치
US4340211A (en) Adjustable vee block clamp
US2324025A (en) Dental tool grinder
KR101477691B1 (ko) 공작기계용 공작물 부상 방지를 위한 바이스
US1368218A (en) Sharpening device
JP2818794B2 (ja) 笛製作用治具
US20160375605A1 (en) Chopstick making jig and system
US10065340B2 (en) Device and method for cleaving
AU2007327692A1 (en) Clamp for a key cutting machine.
US12059320B1 (en) Multifunctional adjustable tooth holder for tooth cutting device
NL8003260A (nl) Bewerking van edelstenen.
US4969637A (en) Work holder for vice
US4750245A (en) Gemstone mounting apparatus and method
GB2052369A (en) Working gemstones
DK168594B1 (da) Indstilleligt håndspændeværktøj
US2526020A (en) Adjustable vise-jaw unit removably supported by bed of fixed jaw
US4343287A (en) Crystal cleaving machine
US1806234A (en) Shears sharpening device
US5160127A (en) Hold-down device for movable jaw of a vise
JPH11347895A (ja) 刃物用研磨装置
US5449317A (en) Grinding and cutting guide assembly for hand held shaping tool
US1067104A (en) Tool for setting jewels.
US3961450A (en) Twist drill sharpening apparatus
US4231503A (en) Microtomy knife breaker
US2180230A (en) Sharpening device

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BA A request for search or an international-type search has been filed
BT A document has been added to the application laid open to public inspection
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee