NL8004456A - Antigif bevattende samenstellingen voor het bestrijden van onkruiden. - Google Patents
Antigif bevattende samenstellingen voor het bestrijden van onkruiden. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8004456A NL8004456A NL8004456A NL8004456A NL8004456A NL 8004456 A NL8004456 A NL 8004456A NL 8004456 A NL8004456 A NL 8004456A NL 8004456 A NL8004456 A NL 8004456A NL 8004456 A NL8004456 A NL 8004456A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- active agent
- herbicidally active
- group
- triazine
- amino
- Prior art date
Links
Classifications
-
- C—CHEMISTRY; METALLURGY
- C07—ORGANIC CHEMISTRY
- C07C—ACYCLIC OR CARBOCYCLIC COMPOUNDS
- C07C63/00—Compounds having carboxyl groups bound to a carbon atoms of six-membered aromatic rings
- C07C63/33—Polycyclic acids
- C07C63/337—Polycyclic acids with carboxyl groups bound to condensed ring systems
- C07C63/34—Polycyclic acids with carboxyl groups bound to condensed ring systems containing two condensed rings
- C07C63/36—Polycyclic acids with carboxyl groups bound to condensed ring systems containing two condensed rings containing one carboxyl group
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A01—AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
- A01N—PRESERVATION OF BODIES OF HUMANS OR ANIMALS OR PLANTS OR PARTS THEREOF; BIOCIDES, e.g. AS DISINFECTANTS, AS PESTICIDES OR AS HERBICIDES; PEST REPELLANTS OR ATTRACTANTS; PLANT GROWTH REGULATORS
- A01N25/00—Biocides, pest repellants or attractants, or plant growth regulators, characterised by their forms, or by their non-active ingredients or by their methods of application, e.g. seed treatment or sequential application; Substances for reducing the noxious effect of the active ingredients to organisms other than pests
- A01N25/32—Ingredients for reducing the noxious effect of the active substances to organisms other than pests, e.g. toxicity reducing compositions, self-destructing compositions
-
- C—CHEMISTRY; METALLURGY
- C07—ORGANIC CHEMISTRY
- C07C—ACYCLIC OR CARBOCYCLIC COMPOUNDS
- C07C205/00—Compounds containing nitro groups bound to a carbon skeleton
- C07C205/49—Compounds containing nitro groups bound to a carbon skeleton the carbon skeleton being further substituted by carboxyl groups
- C07C205/57—Compounds containing nitro groups bound to a carbon skeleton the carbon skeleton being further substituted by carboxyl groups having nitro groups and carboxyl groups bound to carbon atoms of six-membered aromatic rings of the carbon skeleton
-
- C—CHEMISTRY; METALLURGY
- C07—ORGANIC CHEMISTRY
- C07C—ACYCLIC OR CARBOCYCLIC COMPOUNDS
- C07C63/00—Compounds having carboxyl groups bound to a carbon atoms of six-membered aromatic rings
- C07C63/33—Polycyclic acids
- C07C63/337—Polycyclic acids with carboxyl groups bound to condensed ring systems
- C07C63/34—Polycyclic acids with carboxyl groups bound to condensed ring systems containing two condensed rings
- C07C63/38—Polycyclic acids with carboxyl groups bound to condensed ring systems containing two condensed rings containing two carboxyl groups both bound to carbon atoms of the condensed ring system
-
- C—CHEMISTRY; METALLURGY
- C07—ORGANIC CHEMISTRY
- C07C—ACYCLIC OR CARBOCYCLIC COMPOUNDS
- C07C63/00—Compounds having carboxyl groups bound to a carbon atoms of six-membered aromatic rings
- C07C63/68—Compounds having carboxyl groups bound to a carbon atoms of six-membered aromatic rings containing halogen
- C07C63/72—Polycyclic acids
Landscapes
- Organic Chemistry (AREA)
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- General Health & Medical Sciences (AREA)
- Health & Medical Sciences (AREA)
- Pest Control & Pesticides (AREA)
- Agronomy & Crop Science (AREA)
- Plant Pathology (AREA)
- Toxicology (AREA)
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Dentistry (AREA)
- Wood Science & Technology (AREA)
- Zoology (AREA)
- Environmental Sciences (AREA)
- Agricultural Chemicals And Associated Chemicals (AREA)
Description
<- Jt , ________________- . 1
Antigif bevattende samenstellingen voor het bestrijden van onkruiden.
De uitvinding heeft betrekking op tegengif bevattende nieuwe samenstellingen voor het bestrijden van onkruiden, die afgenomen fytotoxische effecten uitoefenen op gecultiveerde planten en als herbicide aktief middel tenminste een verbinding 5 bevatten gekozen uit de groep bestaande uit thiolcarbamaat, gesubstitueerd ureum, chlooraceetanilide, triazine en uraciltype stoffen, samen met 1 - 50 gew.%, berekend op het gewicht van genoemd herbicide aktief middel, aan een tegengif. Verder heeft de uitvinding betrekking op een werkwijze voor het bestrijden van 10 onkruiden onder gelijktijdige afname van de fytotoxische neven effecten van de herbicide aktieve middelen door toepassing van de o herbicide aktieve middelen samen met antigiffen.
De antigiffen gebruikt volgens de uitvinding hebben de algemene formule op het formuleblad, waarin X hydroxy, amino, 15 C1 alkylamino, di-(C^ <- alkyl)amino, ^ hydroxyalkylamino of ^ alkoxyalkylamino, en Y waterstof, halogeen, nitro of een C, t alkylgroep voorstellen.
1-5
Het is algemeen bekend dat een aanzienlijk deel van de herbicide aktieve middelen de gecultiveerde planten die be~ 20 schermd moeten worden evengoed beschadigen. Dit standpunt wordt ook gesteund door praktische ervaringen. De mate van fytotoxische neveneffecten hangt primair af van de dosering van het aktieve middel, maar wordt ook beïnvloed door de behandelingsomstandig-heden (weersomstandigheden, aard van de grond, enz.). Enkele 25 andere herbicide middelen oefenen in feite selectieve aktiviteit uit in de vereiste doseringen om effectieve bescherming tegen onkruiden te bereiken, maar zij zijn echter minder selectief en 80044 56 2 hebben de neiging de groei en ontwikkeling van gecultiveerde planten ongunstig te beïnvloeden.
Om de schadelijke neveneffecten van herbicide aktieve verbindingen te onderdrukken werd aanbevolen hen toe te passen 5 samen met 1,8-nafthaleenzuur of derivaten (zoals anhydride, amides en esters) ervan (zie Amerikaans octrooischrift 3.131.509)· Volgens het Hongaarse octrooischrift 165.763 kan men de schadelijke neveneffecten van thiolcarbamaten onderdrukken door hen te mengen met 0,0001 - 30 gev.% van een N,N-digesubstitueerd 10 dichlooraceetamide.
De problemen die ontstaan in verband met fjrto-toxische herbicides kunnen echter slechtsten dele worden opgelost door gebruik van deze twee types antigiffen, die wijdverbreid worden toegepast. In aanmerking genomen dat het scala van fyto-15 toxische herbicides buitengewoon breed is en de individuele types van gecultiveerde planten verschillende reacties vertonen ten opzichte van deze herbicides, is het duidelijk dat de heilzame effecten van de bekende antigiffen beperkt zijn tot bepaalde combinaties van herbicides en planten.
20 De onderzoekingen van aanvrager gericht op de onder drukking van de fytotoxische neveneffecten van herbicide aktieve middelen beogen de uitwerking en toepassing van een nieuwe groep van antigiffen, die naast het uitoefenen van een gunstig planten-giftigheidsonderdrukkend effect, ook voldoen aan de vereisten van 25 de bescherming van de omgeving en een meer economische benutting van de herbicide middelen verzekeren.
Gevonden werd nu, dat de verbindingen van de algemene formule op het formuleblad effectief de fytotoxische neveneffecten van een grote verscheidenheid van herbicide middelen onderdrukken. 30 Vanwege hun effectieve plantengiftigheidsonderdrukken- de aktiviteit, maken de verbindingen van de algemene formule van het formuleblad het mogelijk de herbicide aktieve middelen te benutten in toegenomen doses zonder beschadiging van de gecultiveerde planten, wat bijzonder belangrijk is, bijvoorbeeld 35 bij de behandeling van gebieden die zwaar geïnfecteerd zijn met onkruiden. Verder kunnen bij de toepassing van de verbindingen van 800 4 4 56 3 de algemene formule van het formuleblad de beschadigingen ontstaan door onnauwkeurige of onregelmatige dosering van de herbicide aktieve verbindingen worden vermeden.
De verbindingen van de algemene formule 1 kunnen 5 worden toegepast op de planten of het te behandelen gebied in een hoeveelheid van 1 - 50 gew.%, berekend op het gewicht van de herbicide aktieve stof, hetzij voor of gelijktijdig met het aanbrengen van de herbicide stof. Men kan de verbindingen van de algemene formule 1 dus gebruiken bijvoorbeeld als zaadbekledings-10 middelen, of ze kunnen worden toegepast op de grond voor of na het zaaien, hetzij alleen of samen met de herbicide aktieve stof. Het beschermingseffect van de verbindingen van de algemene formule 1 hangt niet af van het feit hoe de herbicide aktieve verbindingen worden aangebracht. Dat wil zeggen de herbicide aktieve ver-15 bindingen kunnen worden toegepast op het te behandelen gebied hetzij voör of na zaaien (in een voor- of na ontkiemingsbehande-ling) zonder dat het plantengiftigheidsonderdrukkende effect van het antigif wordt beïnvloed.
Enkele typische vertegenwoordigers van de nafthaleen-20 carbonzuurderivaten van de algemene formule 1 zijn weergegeven in tabel A. Deze tabel bevat ook de fysische constantes van de verbindingen en de referenties die hun bereiding beschrijven. De andere vertegenwoordigers van de formule 1 verbindingen, die niet opgenomen zijn in tabel A, kunnen worden bereid volgens 25 werkwijzen overeenkomstig die welke in de tabel zijn gerefereerd.
De bereiding van sommige verbindingen, opgenomen in tabel A wordt in detail beschreven in de voorbeelden.
8004456 b ’ ï'· *4 i * .
H · LA · 00 · «-» '-'OO g
O Λ CM Λ CM g -& "SO H—« <D Ti Τί Os IA Os IA
!> +3 +> <ü " LA a so la · · on Λ H H *wo · **» so ö »i* c · a solos o cm|os g p< ia o sa <d <d b ® os b'® o\
Tl S H t>j H O t— *- W »- p β OS · Φ H <D > ·«-·»- · ·“ ·“ •H M < H tc · H · --- O * —' Ct3 t-0 ·— &OSO o ρ H a H Pr —' P·--- O CC · Η · · H · 0 · -Os O g t- a · -— P SO P H P -Pg»~ +ïg»~
PC Mr) H Wrl Η < O Π · ·Η CO fc u 1Λ O " OS O O to (U IA M O LA
(DO POOPOO · O O a ,β LA · O CM · IA »- O O p a CO d a O0 w tso o o > oo> h> zo m nww i-3 m c- 1-3 cu|—' > > < o »- <; u «- o
O
•
+3 ro on \ j· os CM
Ai os on co 60 0000
Ai IA »- «- -ST !β f CM CM
(DO·' I I '— Η II I
<D-P<PSO LA H- CM <- I g -=f CM t— >- a β o *- co o os on on o on o o CJ CÖ · ▼— CSJ r- OO CM CV1 (/34340· · · · · Τ—Λ··· · •HWA-P -P +3 +3 -P · O +3 43 43 43
WfigA A A A A 43 AAA A
>, O to g g g g g A ggg g A O'— co w wcnwAStflww w
P P
§ § N « β β 0 0
p *P
β β
P P P P P P Pi) P <D O O
3 3 3 3 3 3 β Ό β Ό β Ö
3 3 3 3 3 3 3 ·Η 3 ·Η <D <D
< H n n tq IS) N t) Ë s £ J) 4) c c a ΰ c a β 3 β 3 h h H o 0 0 0 o 0 oioiaj β
0) a a a a a a a"" a—* A A
a P P P P P P PH PH 43 43
β S cd cd β cd cd cd cdl^edS^ A
E4W o o o o o<oo o a o a β cd td β β β β βΤ)β«)β43βΡβ β
β (D Ο Ο (D (D ·Η <ϋ Ό <ϋ 0) ID 4) I I
(D (D 4) (D (D 0 β) ·Η 4) X 4) X CM CM
<D Η Η Η Η Η 3 Η S Η Η Η Λ β Cd β β βΗ ββ βΟβΟΗ Η Ο Λ Α Α Α axaHaPaPX >> Μ 43 43 43 43 43 Α43>943Τΐ43Τ)Λ Λ •Η Α <Ρ 44(D Chid ΗΟ Η ,β Vl>sH!>543 43 g β β β Ό βτί βρ β 43 β a β Λ 4) Ο Ο β β β·Η β ·Η βΑ ββ β I β I 0 g
A I I IS I g II I ·Η t CSJ I CSJ I I
0 «- CM *- 3 cm3 *- β ·- TJ — CM - co on on a a a a a a aaa a X I I I I I t » I 0 0
1 I
'x t? 00
t- CM CM
a cm a a on ^ o 0
O A CM CM
I aaa
β CM Ο O
CM CM w O <— >— _ a a a a a >— a a a a 0 0 a a a a aao 0 x 1 1 1 1 i 1 1 1 1 1 β •r-j a tso P β ¢) ·Η «- CM on a· A so t- CO CTs 0
> TJ
8 0 0 4 4 56 % · .
5 j ' C λ ·Ρ> g ‘r* 'irs ir\ · m v? si -sais sal? sais fl-& . a s s ss .s
Sh ê b λ ê a λ ê a c£ .8 co £ p cT^ +» ê cA - > a ^ > a ^ o
sg jgs *gs *gs °.8£ j%& jg»s *2$S ggSI
Sgr. N g T- N 5 r 1-3 CQ CM <1-3*-*- < O *- *- tsjg N « 00 m
O
o +J oo ia on co o
Gt VO CM 00 CM Π*
Μ CM CM ΙΛ CM CM CM IA
3 2 ή-ι VO VO Λ O *- fr— 1A CO
2co ^ VO w cm CO CM on vo Ü (j . i- CM CM CM CM CM CM *^
“ia ; 2 -P 4 -p 2 2 -P
g g - i* t i1 2 3 i* i4 £ £ I
fx? O W W IQ w 03 W 03 W
< i-i ¢-4¾¾¾ ^ 3 3 l k 3 3 3 3 _j 333 33 3 3 3
_Q CÖ^^ Ö C C S
O O O C C o o o o
Fh o η o O P P P ·? £ £ jo p E 3 k %
tsC 3 8 Sj 3 3 Jj S
η ο o 3 3 u o 52 5* o ö ö ο α ö 3 3 3 > Stucco o o o tj a) 3 3 3 3 o o o 3 η Η ο 3 d d d d
> 3 3 h d 5 5 2 S
P P 3 3 P P P P
ppPPP *P P P
e d ^--¾ a 3 3 Vt V» 3 3 ® 3
3 ÖC33Ö a C C
% H - “ h h >( S
O bjOOOO ο o o
m p fc - b fc Ο Ο 0 O
•n-p-p-p-^dddd
8 3 ·Η *rl *rj p P p P
3 a c c ? ? V V V
P I I I I I 1 J > U -3· on -3- on vo · t— t— co on CM CM CM , , .
POO O H Η Η H
oasp o 9 9 9 X I I I I I I 1 1 w p w a p p p 5 o o o o o o o o
XI I II I I I II
800 4 4 56 2 c
•H
'Söt-CM OOp-tA vo t— OO
3 ·Η *- *“ *” *- *“ *“ 4
> P
6
Gebaseerd op het bovenstaande heeft de uitvinding betrekking op nieuwe verbindingen voor het bestrijden van onkruiden. De nieuwe verbindingen volgens de uitvinding bevatten tenminste een herbicide aktief middel gekozen uit de groep bestaande uit 5 thiolcarbamaat, gesubstitueerd ureum, gesubstitueerd triazine, chlooraceetanilide en uraciltype verbindingen en 1 - 50 gew.$, berekend op het gewicht van het herbicide aktieve middel, van tenminste een antigif van de algemene formule 1, waarin X hydroxy, amino, ^ alkylamino, d±(,-alkyl) amino, C^hydroxyalkylamino 10 of C1 j.alkoxyalkylaminogroep, en Y waterstof, halogeen, nitrogroep of een C^ ^alkylgroep voorstellen, in een totale hoeveelheid van 10 - 90 gew.$, samen met 90 - 10 gew.$ van een of meer conventionele recepteerhulpmiddelen.
De herbicide aktieve middelen die worden toegepast in de 15 samenstellingen volgens de uitvinding, zijn op zichzelf bekend (zie "Guide to the Chemicals Used in Crop Protection"; ed. Spencer, E.Y., Research Branch of the Department of Agriculture, Canada (1968) en de meer recente uitgaven ervan).
De samenstellingen volgens de uitvinding kunnen als 20 herbicide aktief middel een of meer herbicides van hetzelfde type bevatten, of een mengsel van verschillende types van herbicides.
Van de thiolcarbamaattype herbicides die gebruikt worden in de samenstellingen volgens de uitvinding verdienen het meest de voorkeur S-ethyl N,N-dipropylthiolcarbamaat, S-ethyl N,N-di-25 isobutyl-thiolcarbamaat, S-propyl N,N-dipropyl-thiolcarbamaat, S-(2,2,2~trichloorallyl) N,N-dipropyl-thiolcarbamaat en S-ethyl N-cyclohexylethyl-thiolcarbamaat.
De meest bij voorkeur vertegenwoordigers van het ureumtype herbicide aktieve middel zijn N-fenyl N' ,Ν'-dimethylureum, N-(1+-30 chloorfenyl) N',Ν'-dimethylureum, N-(3,^-dichloorfenyl) N',Nf-dimethylureum, N-(3-chloor U-methylfenyl) N',Ν'-dimethylureum, N-(U-broomfenyl) N*-methoxy N1-methylureum, N-(3,^-dichloorfenyl) N'-methoxy N'-methylureum en N-(3-chloor 1-broomfenyl) N'-methoxy N'-methylureum.
35 He samenstellingen volgens de uitvinding bevatten als triazinetype herbicides bij voorkeur de volgende verbindingen: 80 0 4 4 56 7 2-chloor ^6-bis-(ethylamino) 1,3,5-triazine, 2-chloor Wethyl-amino 6-isopropylamino 1,3,5-triazine, 2-chloor 4,6-bis-(isopropylamino) 1,3,5-triazine, 2-chloor l+-ethylamino 6-(tert.-butylamino) 1,3,5-triazine, 2-(2-chloor k-ethylamino 1,3,5-5 triazin-6-yl-amino) 2-methyl-propionitril, 2-raethyl-mercapto ^,é-bis-(isopropylamino) 1,3,5-triazine, 2-methyl-mercapto k-ethylamino 6-isopropylamino 1,3,5-triazine, 2-methylmercapto h-ethylamino 6-(tert.-butylamino) 1,3,5-triazine en i^-amino 5-(tert.-butyl) 3-methylthio 1,2,i+-triazine-5-on.
10 Van de chlooraceetanilidetype herbicides bruikbaar in de samenstellingen volgens de uitvinding verdienen het meest de voorkeur N-isopropyl 2-chlooraceetanilide, 2',6'-diethyl N-methoxymethyl 2-chlooraceetanilide, 2’-ethyl 6'-methyl N-methoxymethyl 2-chlooraceetanilide en N-chlooracetyl Ιί-butoxy-15 methyleen 2',6'-diethylaniline.
De meest bij voorkeur vertegenwoordigers van het uracil-type herbicides te gebruiken in de samenstellingen volgens de uitvinding zijn 3-(sec.-butyl) 5-broom 6-methyluracil, 3-cyclo-hexyl 5,6-trimethyleenuracil en 3-(tert.-butyl) 5-chloor 6-20 methyluraeil.
De recepteerhulpmiddelen die bruikbaar zijn in de samenstellingen volgens de uitvinding zijn toevoegsels die in het algemeen gebruikt worden bij de bereiding van pesticides en in detail beschreven in talrijke tekstboeken. De recepteerhulp-25 middelen kunnen bijvoorbeeld inerte dragers, verdunningsmiddelen, oppervlakte-aktieve stoffen, anti-schuimmiddelen, corrosie-inhibitoren, anti-aankoekmiddelen enz. zijn.
De samenstellingen vólgens de uitvinding kunnen worden gerecepteerd in elk van de conventionele vormen van pesticides, 30 zoals bevochtigbare poeders, emulgeertare concentraten, stuif- poeders, korrels enz..
De uitvinding heeft verder betrekking op werkwijzen voor het bestrijden van onkruiden.
Volgens een van de methodes van de uitvinding p-ast men een 35 herbicide aktieve hoeveelheid van tenminste een herbicide aktief middel gekozen uit de groep bestaande uit thiolcarbamaat, ge- 800 4 4 56 * 8 substitueerd ureum, gesubstitueerd triazine, chlooraceetanilide en uraciltype verbindingen, en verder een effectieve hoeveelheid van 1 - 50 gew.$, berekend op het gewicht van het herbicide aktie-ve middel, aan tenminste een verbinding van de algemene formule 5 toe op de grond hetzij afzonderlijk of gelijktijdig, voor of na het zaaien, Volgens een voorkeursmethode past men zowel het herbicide aktieve middel als het antigif toe als voorgerecepteerde preparaten.
Men kan ook zo te werk gaan, dat de zaden van de geculti-10 veerde plant worden behandeld voor het zaaien met een effectieve hoeveelheid van 1 - 50 gew.$, berekend op het gewicht van het herbicide aktieve middel, van tenminste een antigif van de algemene formule 1, waaraan men de grond behandelt met een herbicide aktieve hoeveelheid van tenminste een herbicide aktief middel 15 gekozen uit de groep bestaande uit thiolcarbamaat, gesubstitueerd ureum, gesubstitueerd triazine, chlooraceetanilide en uraciltype verbindingen hetzij voor of na zaaien van de zaden.
In dit laatste geval verdient het weer de voorkeur zowel het herbicide aktieve middel toe te passen als het antigif als voor-20 gerecepteerde preparaten.
De antigiffen van de algemene formule 1 kunnen worden gerecepteerd nagenoeg op dezelfde wijze als hierboven gegeven voor:de preparaten, die het antigif bevatten samen met een herbicide aktieVe middel.
25 Volgens de werkwijze van de uitvinding past men het herbicide aktieve middel en het antigif toe in dezelfde verhouding als hierboven gegeven voor de preparaten. De dosering van het herbicide aktieve middel, aangebracht op de te behandelen grond kan een conventioneel middel zijn. Met betrekking tot het 30 beschermende effect uitgeoefend door het antigif echter kunnen de herbicide aktieve middelen ook worden toegepast in doseringen hoger dan conventioneel toegepast zonder enige risico van beschadiging van de gecultiveerde plant. De feitelijke dosering van het herbicide aktieve middel wordt bepaald door talrijke 35 factoren, zoals het type te bestrijden onkruid,-de aard van het aangebrachte herbicide en antigif, de wijze van aanbrenging, weers- 800 4 4 56 s ^ ^ 9 en grondomstandigheden enz., maar varieert echter in het algemeen tussen 1-15 kg/ha.
De uitvinding wordt nu op niet beperkende wijze geïllustreerd met de volgende voorbeelden.
5 Voorbeeld I
1- Nafthaleencarbonzuuramide
Men brengt gasvormig ammoniak in een geroerde en gekoelde oplossing van 95,3g (0,5 mol) 1-nafthaleencarbonzuurchloride in 2000 ml diethylether in de loop van 2 uur. Men voert deze be-10 werking uit bij 0 - 5°C. Daarna laat men het reactiemengsel op kamertemperatuur komen, filtreert de afgescheiden vaste stof af, wast met water en droogt. Men verkrijgt 81,0g (9^56$) 1-nafthaleencarbonzuuramide met smeltpunt 203-20U°C.
Analyse: 15 berekend: N 8,18$, 0 9,3^$, gevonden: li 8,22$, 0 9,37$·
Voorbeeld II
2- Nafthaleenearbonzuuramide
Men brengt gasvormig ammoniak bij 0 - 5°C in een constant 20 geroerde en gekoelde oplossing van 95,3g (0,5 mol) 2-nafthaleen-carbonzuurchloride in 2000 ml diethylether. Men filtreert de afgescheiden vaste stof af, wast met water en droogt. Men verkrijgt 7Qg 2-nafthaleencarbonzuuramide met smeltpunt 192-193°C.
Analyse 25 berekend: N 8,18%, 0 9,3^$, gevonden: N 8,83$, 0 9,53$.
Voorbeeld III
1-Nafthaleencarbonzuur N-(2-hydroxyethyl)amide
Men voegt 13,2g (0,22 mol) aminoethanol druppelsgewijs 30 bij 0 - 5°C toe aan een constant geroerde en gekoelde oplossing van 19,0g (0,1 mol) 1-nafthaleencarbonzuurchloride in U50 ml diethylether. Men roert het reactiemengsel bij kamertemperatuur gedurende 3 uur. Men filtreert het afgescheiden neerslag af, wast met een grote hoeveelheid water en droogt. Men verkrijgt 35 1^+,5g (67,6$) 1-nafthaleencarbonzuur N-(2-hydroxyethyl)amide met smeltpunt 104°C.
8004456
? V
10
Analyse berekend: ïï 6,51$» 0 1^,86$, gevonden: N 6,70$, 0 15,01$.
Voorbeeld IV
5 2-Nafthaleencarbonzuur N-(2-hydroxyethyl)amide
Men voegt 13,2g (0,22 mol) aminoethanol druppelsgewijs bij 0 - 5°C toe aan een constant geroerde en gekoelde oplossing van 19,0g (0,1 mol) 2-nafthaleencarbonzuurchloride in U50 ml diethylether. Men roert het reactiemengsel bij kamertemperatuur 10 gedurende 3 uur. Men filtreert het afgescheiden neerslag af, wast met water en droogt. Men verkrijgt 11,6g (5^$) wit, kristallijn 2-nafthaleencarbonzuur N-(2-hydroxyethyl)amide met smeltpunt 132-13^°C.
Analyse 15 berekend: N 6,51$, 0 1^,86$, gevonden: N 6,58$, 0 li+,87$.
Voorbeeld V
Stuifpoederpreparaat, met 1-nafthaleencarbonzuur (verbinding nr. 1) 20 Men mengt 70g 1-nafthaleencarbonzuur met lUg kaolien, 6g amorf kiezelzuur (Ultrasil), 2,5g vetzuuralcoholsulfonaat en 2,5g gepoederde sulfiet afvalloog en maalt het mengsel in een lucht-straalmolen. De drijfbaarheid van het verkregen stuifpoeder is 95$.
25 Voorbeeld VI
Stuifpoederpreparaat, dat 7-methyl 2-nafthaleencarbonzuur bevat (verbinding nr. 9)
Men mengt 70g 7-methyl 2-nafthaleencarbonzuur met 17g kaolien, 8g amorf kiezelzuur, 2,5g vetzuuralcoholsulfonaat en 30 2,5g gepoederde sulfiet afvalloog en maalt het mengsel in een luchtstraalmolen. De drijfbaarheid van het verkregen stuifpoeder is 90$.
Voorbeeld VII
Stuifpoederpreparaat, dat 1-nafthaleencarbonzuur n-propyl-35 amide (verbinding nr. 5) bevat
Men mengt JOg 1-nafthaleencarbonzuur n-propylamide met 800 4 4 56 v ijr* v 11 25g kiezelzuur, 2,5g vetzuuralcoholsulfonaat en 2,5g gepoederde sulfiet afvalloog en maalt het mengsel in een luchtstraalmolen.
De drijfbaarheid van het verkregen stuifpoeder is 93%.
Voorbeeld VIII
5 Stuifpoederpreparaat, dat 1-nafthaleencarbonzuur (verbinding nr. 1) en Afalon bevat.
Men mengt 5Qg.Afalon (N-/3,^-dichloorfenyl/ N*-methoxy N'-methylureum) met 15g 1-nafthaleencarbonzuur, 35g kiezelzuur, 2,5g vetzuuralcoholsulfonaat en 2,5g gepoederde sulfiet afval-10 loog en maalt het mengsel in een luchtstraalmolen. De drijfbaarheid van het verkregen sproeipoeder is 95%·
De volgende voorbeelden beschrijven de proeven uitgevoerd om de fytotoxische neveneffecten van de preparaten volgens de uitvinding te onderzoeken en het fytotoxieiteitsonderdrukkend 15 effect van de tegengiffen met de formule 1.
De herbicides die men bij de proeven gebruikt zijn als volgt: Afalon» een herbicide dat N-(3Λ-dichloorfenyl) Ν'-methoxy N’-methylureum bevat als aktief middel, bereid door de firma Hoechst in de Bondsrepubliek Duitsland, 20 Eptam: een herbicide, dat S-ethyl N,N-dipropylthiolcarbamaat als aktief middel bevat, geproduceerd door de firma Stauffer Chemical Co., in de Verenigde Staten van Amerika, Sencor: een herbicide dat ^-amino 5-(tert.-butyl) 3-methylthio- 1,2,U-triazin-5-on als aktief middel bevat, geproduceerd 25 door de firma Bayer in de Bondsrepubliek Duitsland,
Lasso: een herbicide dat 2-chloor 2',6*-diethyl N-methoxy- methylaceetanilide bevat als aktief middel, geproduceerd door de firma Monsanto Co. in de Verenigde Staten van Amerika,
30 Venzar: een herbicide, dat 3-cyclohexyl 5,6-triraethyleenuracil bevat als aktief middel, geproduceerd door de firma DuPont de Nemours Co. in de Verenigde Staten van Amerika. Voorbeeld IX
De proeven werden uitgevoerd op zonnebloemen. Bij de eerste 35 reeks proeven bepaalt men het fytotoxisch neveneffect van Afalon en daarna de fytotoxiéiteitsonderdrukkende effecten van de ver- 800 4 4 56 V.....~ «C- 12 bindingen van de formule 1 van het formuleblad. Bij de ver-gelijkingsproeven werd Ν,Ν-diallyl 2,2-dichlooraceetamide, een bekend tegengif, gebruikt als fytotoxiciteitsonderdrukkend middel.
. 2 ...
5 De proeven werden uitgevoerd op 10 m percelen m viervoudige replicaties. Afalon werd toegepast in de vorm van een bevochtig-baar poeder met 50$ aktief middel gehalte in een dosering van 15 kg/ha. De tegengiffen worden toegepast in verschillende doseringen. De tegengif bevattende waterige suspensies worden 10 op de grond gesproeid gelijktijdig met het sproeien van Afalon.
De percelen die als blanco's dienen bij de waardering van de beschadigingseffecten worden mechanisch gewied. De vier weken oude zonnebloemen worden gesneden en gewogen en het groengewicht van de geoogste planten van de behandelde percelen wordt verge-15 leken met dat van de planten geoogst van de blanco.
8004456 ** _ -¾.
13
Tabel B
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 0,5 kg/ha 1,0 kg/ha 2,0 kg/ha
Afalon 1*1 1*1 1*1 ·
Afalon + N,H-diallyl-2,2- dichlooraceetamide · 1*3 51 57
Afalon + verbinding nr. 1 - 89 87 85
Afalon + verbinding nr. 2 93 90 87
Afalon + verbinding nr. 5 80 70 70
Afalon + verbinding nr. 10 75 6θ 62 blanco (mechanisch wieden ) 100 100 100
De proefresultaten weergegeven in tabel B tonen duidelijk aan dat de samenstellingen volgens de uitvinding, die Afalon bevatten samen met een tegengif van de algemene formule T aanzienlijk minder beschadigingseffecten uitoefenen op de geculti-5 veerde planten dan Afalon alleen of in combinatie met het bekende tegengif Ν,ίί-diallyl 2,2-dichlooraceetamide. Bij het toepassen van de samenstellingen volgens de uitvinding, in het bijzonder die welke de verbindingen nr.'s 1 en 2 als antigiffen bevatten, benadert het groengewicht van de zonnebloem die verkregen bij de 10 blanco percelen die mechanisch gewied zijn.
Voorbeeld X
De proeven worden uitgevoerd als beschreven in voorbeeld IX, met dit verschil dat de tegengiffen niet gesproeid worden op de grond, maar dat de zonnebloemzaden worden bekleed met de tegen-15 giffen alvorens te worden gezaaid, en de percelen worden gesproeid na zaaien met 5 kg/ha Afalon (een bevochtigbaar poeder dat 50$ aktieve stof bevat). De resultaten zijn weergegeven in de volgende tabel C.
800 4 4 56 1*+
Tabel C
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 0,5 kg/ha 1,0 kg/ha
Afalon 1+1 1+1
Afalon + N,N-diallyl 2,2- dichlooraceetamide· 62 71
Afalon + verbinding nr. 1 98 95
Afalon + verbinding nr. 2 92 93
Afalon + verbinding nr. 9 82 91
Afalon + verbinding nr. 10 70 87
Afalon + verbinding nr. 11 80 85 blanco (mechanisch wieden) 100 100
De gegevens van tabel C tonen duidelijk aan dat het fytotoxiciteitsonderdrukkingseffect van de tegengiffen van de formule 1 zelfs uitgesprokener worden, wanneer men hen toepast als zaadbekledingsmiddelën. Het groengewicht van de vier weken 5 oude zonnebloemen geoogst van de behandelde percelen is praktisch hetzelfde als waargenomen bij de blanco percelen met mechanische wieding.
Voorbeeld XI
. 2
De proeven worden uitgevoerd op 10 m percelen m vier-10 voudige replica onder toepassing van "Beke 270" type maiszaden als proefplanten.
Men sproeit een tankmengsel van een sproeioplossing overeenkomend met een dosering van 13 1/ha Eptam 6 E (een vloeibaar herbicide) en 0,5; 1,0 of 2,0 kg/ha van het tegengif op de 15 percelen alvorens te zaaien.
De vier weken oude planten worden geoogst en gewogen. De resultaten worden gewaardeerd door vergelijking van het groengewicht van de planten geoogst van de behandelde percelen met dat van de planten geoogst van de blanco percelen met mechanische 20 wieding. De resultaten zijn weergegeven in tabel D.
800 4 4 56
Tabel D
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 0,5 kg/ha 1,0 kg/ha 2,0 kg/ha «e 15 «ir- -'-Τ'
Eptam 1+8 1+8 1+8
Eptam + 1,8-nafthaleenzuur- anhydride 60 61+ 70
Eptam + Ν,Ν-diallyl 2,2-di- chlooraceetamide 69 81+ 92
Eptam + verbinding nr. 1 80 97 95
Eptam + verbinding nr. 2 78 85 88
Eptam + verbinding nr. 3 80 82 82
Eptam + verbinding nr. k 8j 85 87
Eptam + verbinding nr. 7 87 89 91
Eptam + verbinding nr. 8 91 95 95 blanco (mechanisch wieden) 100 100 100
De gegevens van tabel D duiden er op dat de verbindingen van de algemene formule 1 een veel gunstiger beschermingseffect uitoefenen dan de bekende tegengiffen, dat wil zeggen 1,8-nafthaleenzuuranhydride en N,N-diallyl 2,2-dichlooraceetamide.
5 Voorbeeld XII
De onderdrukking van de schadelijke neveneffecten van Eptam worden eveneens onderzocht bij zaadbekledingsproeven. Bij deze proeven brengt men 0,25 kg, 0,50 kg en 1,00 kg van het tegengif aan om 100 kg maiszaden te bekleden. Men zaait de zaden 10 in percelen, die voorbehandeld zijn met 13 l/ha Eptam 6 E.
2 .
De proeven worden uitgevoerd op 10 m percelen m viervoudige replica. De resultaten worden gewaardeerd zoals beschreven in de voorgaande voorbeelden door de groengewichten te beschouwen van de vier weken oude planten. De resultaten zijn 15 weergegeven in de volgende tabel E.
8004456
Tabel Ε
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 0,25 kg/ha 0,50 kg/ha 1,00 kg/ha 3- -<ί 16
Eptam 1+8 1+8 1+8
Eptam + 1,8-nafthaleenzuur- anhydride 68 70 78
Eptam + Ν,Ν-diallyl 2,2-di- chlooraceetamide 65 75 80
Eptam + verbinding nr. 1 90 92 90
Eptam + verbinding nr. 2 85 87 80
Eptam + verbinding nr. 3 78 80 80
Eptam + verbinding nr. 1+ 70 70 70 blanco (mechanisch wieden) 100 100 100
De gegevens van tabel Ξ duiden er op dat de schadelijke neveneffecten van Eptam praktisch tot nul kunnen worden onderdrukt wanneer men de zaden bekleedt met de tegengiffen van de algemene formule 1.
5 Voorbeeld XIII
Men voert de proeven uit op sojaboon, onder toepassing van Sencor als herbicide. Men vergelijkt het fytotoxiciteitsonder-drukkend effect van de tegengiffen van de algemene formule 1 in vergelijking met het effect van twee bekende tegengiffen, 10 dat wil zeggen 1,8-nafthaleenzuuranhydride en N,N-diallyl 2,2-dichlooraceetamide.
• 2 .
Men voert de proeven uit op percelen van 10 m m viervoudige replica. Men brengt een suspensie overeenkomend met een dosering van 1,5 kg/ha Sencor en 1,0 kg/ha of 2,0 kg/ha van het 15 tegengif aan op de grond na zaaien. De resultaten worden gewaardeerd zoals beschreven in de voorgaande voorbeelden door beschouwing van de groengewichten van de vier weken oude planten.
De resultaten zijn weergegeven in tabel F.
800 44 56
Tabel F
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 1,0 kg/ha 2,0 kg/ha 17
Sencor 17 17
Sencor + 1,8-nafthaleenzuur- anhydride ' 1*1 52
Sencor + N ,ïl-diallyl 2,2-dichloor- aceet amide 21 -26
Sencor + verbinding nr, 1 70 75
Sencor + verbinding nr. 2 68 70
Sencor + verbinding nr. o 1*9 56
Sencor + verbinding nr. 13 55 60
Sencor + verbinding nr. 1¾ 58 65 blanco (mechanisch wieden) 100 100
De gegevens van tabel F duiden er op, dat de samenstel-• lingen volgens de uitvinding veel minder schadelijke neveneffecten uitoefenen op sojaboon dan Sencor alleen of in combinatie met de twee bekende tegengiffen.
5 Voorbeeld XIV
Met deze proef wordt het beschermingseffect van de formule 1 verbindingen verkregen met dat van 1,8-nafthaleenzuuranhydride en N,N-diallyl 2,2-dichlooraceetaraide, elk toegepast als zaad-bekledingsmiddel. Men past 0,25 kg en 0,50 kg van het tegengif 10 toe om 100 kg sojaboonzaden te bekleden. Men zaait de zaden in percelen en besproeit hen met 1,5 kg/ha van Sencor na zaaien.
De proefresultaten worden gewaardeerd zoals beschreven in de voorgaande voorbeelden door beschouwing van de groengewichten van de vier weken oude planten. De resultaten zijn weergegeven 15 in de volgende tabel G.
800 4 4 56
Tabel G
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 0,25 kg/ha 0,5 kg/ha 18
Sencor 17 17
Sencor + 1,8-nafthaleenzuur- anhydride 26 28
Sencor + N,N-diallyl 2,2-di- chlooraceetaraide 70 82
Sencor + verbinding nr. 9 60 65
Sencor + verbinding nr. 10 U8 62
Sencor + verbinding nr. 16 70 85
Sencor + verbinding nr. 18 72 90 blanco (mechanisch wieden) 100 100
De gegevens van tabel G tonen duidelijk aan dat de schadelijke neveneffecten van Sencor zelfs meer kunnen worden onderdrukt wanneer de tegengiffen worden toegepast als zaadbekledings-middelea. Met de antigiffen nr.'s 16 en 18 kan het schadelijke 5 neveneffect van Sencor praktisch tot nul worden onderdrukt.
Voorbeeld XV
Men voert de proeven uit op peenzaden onder toepassing van de tegengiffen als zaadbekledingsmiddelen om de fytotoxische neveneffecten van Venzar te onderdrukken. Bij de vergelijkings-10 proeven past men het bekende tegengif Ü,lï-diallyl 2,2-dichloor-aceetamide toe.
Men gebruikt 0,25 kg en 0,50 kg van het tegengif om 100 kg zaad te bekleden. Men behandelt de percelen met Venzar (een samenstelling die 8o$ aktieve stof bevat) na zaaien.
• 2 .
15 De proeven worden uitgevoerd op percelen van 10 m m viervoudige replica., De resultaten worden gewaardeerd door beschouwing van de groengewichten van de vier weken oude planten.
De resultaten zijn samengevat in tabel H.
8004456 9 19
Tabel Η
Toegepaste stoffen Groen gewicht % 0,25 kg/ha 0,50 kg/ha
Venzar 38 38
Venzar + N,U-diallyl 2,2-dichloor- aceetamide 50 6o
Venzar + verbinding nr. 1 85 90
Vanzar + verbinding nr. 2 80 85
Venzar + verbinding nr. 5 75 87 blanco (mechanisch wieden) 100 100
De gegevens van tabel H tonen duidelijk aan dat de schadelijke neveneffecten praktisch tot nul kunnen worden gereduceerd, wanneer men de tegengiffen van de formule 1 toepast als zaadbekledingsmiddelen.
5 De resultaten van de proeven beschreven in de voorbeelden IX - XV en samengevat in de tabellen B - H bewij zen ondubbelzinnig dat de tegengiffen van de algemene formule 1 de schadelijke neveneffecten van de bekende herbicides onderdrukt in hoge mate en in sommige gevallen kunnen deze schadelijke neven- 10 effecten zelfs worden gereduceerd tot nul.
800 4 4 56
Claims (8)
1. Een tegengif bevattend preparaat voor het bestrijden van onkruiden, met het kenmerk, dat dit tenminste een herbicide aktief middel bevat gekozen uit de groep bestaande uit thiol- 5 carbamaat, gesubstitueerd ureum, gesubstitueerd triazine, chloor-aceetanilide en uraciltype verbindingen en 1 - 50 gew.$, berekend op het gewicht van het herbicide aktieve middel, van tenminste een tegengif van de algemene formule op het formuleblad, waarin X hydroxy, amino, C1 ^alkylamino, di(C1 ^alkyl)amino, ,. 10 hydroxyalkylamino of C^_^alkoxyalkylaminogroep ,en Y waterstof, halogeen, nitro of een C^alkylgroep voorstelt, in een totale hoeveelheid van 10 - 90 gew.$, samen met 90 - 10 gew.% van êén of meer conventionele recepteerhulpmiddelen.
2. Preparaat volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat 15 het als thiolcarbamaattype herbicide aktief middel tenminste een verbinding bevat gekozen uit de groep bestaande uit S-ethyl Ν,Ν-dipropylthiolcarbamaat, S-ethyl N,N-diisobutylthiolcarbamaat, S-propyl Ν,Ν-dipropylthiolcarbamaat, S-(2,2,2-trichloorallyl) N,N-dipropylthiolcarbamaat en S-ethyl N-cyclohexylethylthiol-20 carbamaat.
3. Preparaat volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het als ureumtype herbicide aktief middel tenminste een verbinding bevat gekozen uit de groep bestaande uit N-fenyl N’ ,.N'-dimethyl-ureum, N-(it-chloorfenyl) N’ ,Ν'-dimethylureum, N-(3,^-dichloor- 25 fenyl) N' ,Ν'-dimethylureum, N-(3-chloor Ij—methylfenyl) N' ,N'-dimethylureum, N-(li-broomfenyl) N’-methoxy N'-methylureum, N- (3,^-dichloorfenyl) N’-methoxy N'-methylureum en N-(3-ehloor it-broomf enyl) N’-methoxy N'-methylureum. it. Preparaat volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat 30 het als triazinetype herbicide aktief middel tenminste één verbinding bevat gekozen uit de groep bestaande uit 2-chloor ^4· ,6—bis— (ethylamino) .1,3,5-triazine, 2-chloor lt-ethylamino 6-isopropyl-amino 1,3,5-triazine, 2-chloor lt,6-bis-(isopropylamino) 1,3,5-triazine, 2-chloor it-ethylamino 6-(tert.-butylamino) 1,3>5-35 triazine, 2-(2-chloor i+-ethylamino 1,3,5-triazin-6-yl-amino) 2-methyl-propionitril, 2-methylmercapto b,6-bis-(isopropylamino) 8 00 4 4 56 1,3,5-triazine, 2-methylmercapto lt-ethylamino 6-isopropyl-amino 1,3,5-triazine, 2-methylmercapto U-ethylamino 6-(tert.-butylamino) 1,3,5-triazine en H-amino 5-(tert.-butyl) 3-methylthio 1,2,^-triazine-5-on. 5 5· Preparaat volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het als chlooraceetanilidetype herbicide aktief middel tenminste éên verbinding bevat gekozen uit de groep bestaande uit N-isopropyl 2-chlooraceetanilide, 2',6'-diethyl N-methöxy-methyl 2-chlooraceetanilide, 2'-ethyl 6'-methyl ïï-methoxy-10 methyl 2-chlooraceetanilide of N-chlooracetyl N-butoxymethyleen 2',61-diethylaniline.
6. Preparaat volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het als uraciltype herbicide aktief middel tenminste één verbinding bevat gekozen uit de groep bestaande uit 3-(sec.-butyl) 15 5-broom-6-methyluracil, 3-cyclohexyl 5,β-trimethyleenuracil en 3-(tert.-butyl) 5-chloor 6-methyluracil.
7· Werkwijze voor het bestrijden van onkruiden, met het kenmerk, dat men een herbicide aktieve hoeveelheid van tenminste één herbicide aktief middel gekozen uit de groep be-20 staande uit thiolcarbamaat, gesubstitueerd ureum, gesubstitueerd triazine, chlooraceetanilide en uraciltype verbindingen, verder een effectieve hoeveelheid van 1 - 50 gev.$, berekend op het gewicht van het herbicide aktieve middel, aan tenminste één verbinding van de algemene formule op het formuleblad, 25 waarin X hydroxy, amino, C1 ^alkylamino, di(C.j ^alkyl)amino, C1 ^hydroxyalkylamino of ^alkoxyalkylaminogroep, en Y waterstof, halogeen, nitro of een ^alkylgroep voorstelt, aanbrengt op de grond hetzij afzonderlijk of gelijktijdig, voor of na zaaien van de zaden van de plant, die men wil kweken.
8. Werkwijze volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat zowel het herbicide aktieve middel als het tegengif van de algemene formule 1 worden aangebracht als voorgerecepteerde preparaten.
9. Werkwijze voor het bestrijden van onkruiden, met het 35 kenmerk, dat men de zaden van de plant die men kweekt behandelt voor het zaaien met een effectieve hoeveelheid van 1 - 50 gew.$, 8004456 berekend op het gewicht van het herbicide aktieve middel, van tenminste een verbinding van de algemene formule op het formuleblad, waarin X hydroxy, amino, C^alkylamino, diiC^alkyl) amino, j. hydroxy alkyl amino of ^alkoxyalkylaminogroep, en 5. waterstof, halogeen, nitro of een ^alkylgroep voorstelt, en de grond behandelt met een herbicide aktieve hoeveelheid van tenminste een herbicide aktief middel gekozen uit de groep bestaande uit thiolcarbamaat, gesubstitueerd ureum, gesubstitueerd triazine, chlooraceetanilide en uraciltype verbindingen hetzij 10 voor of na zaaien van de zaden. T0. Werkwijze volgens conclusie 9, met het kenmerk, dat men zowel het herbicide aktieve middel als het tegengif van de algemene formule op het formuleblad aanbrengt als voorgerecepteerde preparaten.
11. Preparaat volgens een der conclusies 1-6. 800 44 56
Applications Claiming Priority (4)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE884634 | 1980-08-05 | ||
| BE884634 | 1980-08-05 | ||
| BE0/201649A BE884634A (fr) | 1980-08-05 | 1980-08-05 | Compositions contenant des antidotes pour combattre les mauvaises herbes. |
| BE201649 | 1980-08-05 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8004456A true NL8004456A (nl) | 1982-03-01 |
Family
ID=25652182
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8004456A NL8004456A (nl) | 1980-08-05 | 1980-08-05 | Antigif bevattende samenstellingen voor het bestrijden van onkruiden. |
Country Status (6)
| Country | Link |
|---|---|
| AT (1) | AT368678B (nl) |
| BE (1) | BE884634A (nl) |
| DE (1) | DE3029645A1 (nl) |
| FR (1) | FR2487639A1 (nl) |
| GB (1) | GB2080685B (nl) |
| NL (1) | NL8004456A (nl) |
Families Citing this family (3)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE3837926A1 (de) * | 1988-11-09 | 1990-05-17 | Basf Ag | Herbizide mittel, die 2-(4-heteroaryloxy)- oder 2-(4-aryloxy)-phenoxyessig- oder -propionsaeurederivate und/oder cyclohexenonderivate als herbizide wirkstoffe und naphthalinderivate als antidots enthalten, sowie ihre verwendung zur bekaempfung unerwuenschten pflanzenwuchses |
| DE4014985A1 (de) * | 1990-05-09 | 1991-11-14 | Basf Ag | Herbizide mittel, die cyclohexenonderivate als herbizide wirkstoffe und naphthalinderivate als antidots enthalten |
| WO2003083063A2 (en) * | 2002-03-22 | 2003-10-09 | Triad Therapeutics, Inc. | Common ligand mimics: naphtoates |
Family Cites Families (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US3564768A (en) * | 1968-10-25 | 1971-02-23 | Gulf Research Development Co | Coated corn seed |
-
1980
- 1980-07-25 AT AT0386780A patent/AT368678B/de not_active IP Right Cessation
- 1980-07-30 GB GB8024850A patent/GB2080685B/en not_active Expired
- 1980-08-04 FR FR8017178A patent/FR2487639A1/fr active Granted
- 1980-08-05 DE DE19803029645 patent/DE3029645A1/de not_active Withdrawn
- 1980-08-05 BE BE0/201649A patent/BE884634A/fr not_active IP Right Cessation
- 1980-08-05 NL NL8004456A patent/NL8004456A/nl not_active Application Discontinuation
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| FR2487639B1 (nl) | 1984-04-27 |
| DE3029645A1 (de) | 1982-04-01 |
| FR2487639A1 (fr) | 1982-02-05 |
| AT368678B (de) | 1982-10-25 |
| GB2080685A (en) | 1982-02-10 |
| GB2080685B (en) | 1983-05-18 |
| BE884634A (fr) | 1980-12-01 |
| ATA386780A (de) | 1982-03-15 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| JP5992469B2 (ja) | 禾穀類に対する6−(三置換フェニル)−4−アミノ−2−ピリジンカルボキシレート除草剤損傷の薬害軽減 | |
| UA66743C2 (en) | Substituted isoxazolines, a method of obtaining thereof, a means on the basis thereof and a method of protecting plants | |
| EA004941B1 (ru) | СОЕДИНЕНИЯ N-(5,7-ДИМЕТОКСИ[1,2,4]ТРИАЗОЛО [1,5-a]ПИРИМИДИН-2-ил) АРИЛСУЛЬФОНАМИДА И ИХ ИСПОЛЬЗОВАНИЕ В КАЧЕСТВЕ ГЕРБИЦИДОВ | |
| CZ296227B6 (cs) | Synergická herbicidní kompozice s obsahem mesotrionu a zpusob regulace nezádoucí vegetace pomocí této kompozice | |
| HU205890B (en) | Antidoted herbicide compositions contained acylized 1,3-dicarbonyl derivatives | |
| RU2302113C2 (ru) | Гербицидное средство, содержащее бензоилпиразолы и защитные средства, способ борьбы с сорняками в культурных растениях | |
| JPH03291202A (ja) | 除草組成物 | |
| SK17752002A3 (sk) | Herbicídny prostriedok a spôsob ničenia škodlivých rastlín | |
| CS270217B2 (en) | Synergetic herbicide | |
| JPH09104604A (ja) | 水田用除草剤組成物 | |
| NL8004456A (nl) | Antigif bevattende samenstellingen voor het bestrijden van onkruiden. | |
| AU2008243445B2 (en) | Defoliant | |
| TW201438580A (zh) | 防治抗性有害植物之方法 | |
| NO813906L (no) | Nye arylsulfony lurea-forbindelser og anvendelse derav | |
| JPS61103807A (ja) | 相乗作用を有する選択的除草剤 | |
| JPS58124707A (ja) | 除草剤 | |
| JPH01213202A (ja) | 除草剤組成物 | |
| JP5546912B2 (ja) | 除草性組成物 | |
| RU1834635C (ru) | Гербицидно-антидотна композици | |
| RU2859997C1 (ru) | Синергетическая гербицидная композиция и способ защиты зерновых культур | |
| JP5053679B2 (ja) | 除草剤組成物 | |
| JP2508681B2 (ja) | 除草剤組成物 | |
| JP5898543B2 (ja) | 除草性組成物 | |
| PL100507B1 (pl) | Srodek szkodnikobojczy | |
| JP4039716B2 (ja) | 水田用除草剤組成物 |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
| BV | The patent application has lapsed |