NL8302452A - Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden. - Google Patents

Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden. Download PDF

Info

Publication number
NL8302452A
NL8302452A NL8302452A NL8302452A NL8302452A NL 8302452 A NL8302452 A NL 8302452A NL 8302452 A NL8302452 A NL 8302452A NL 8302452 A NL8302452 A NL 8302452A NL 8302452 A NL8302452 A NL 8302452A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
sound
air
air passage
wall
connecting channel
Prior art date
Application number
NL8302452A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Siegenia Frank Kg
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Siegenia Frank Kg filed Critical Siegenia Frank Kg
Publication of NL8302452A publication Critical patent/NL8302452A/nl

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24FAIR-CONDITIONING; AIR-HUMIDIFICATION; VENTILATION; USE OF AIR CURRENTS FOR SCREENING
    • F24F13/00Details common to, or for air-conditioning, air-humidification, ventilation or use of air currents for screening
    • F24F13/24Means for preventing or suppressing noise
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24FAIR-CONDITIONING; AIR-HUMIDIFICATION; VENTILATION; USE OF AIR CURRENTS FOR SCREENING
    • F24F7/00Ventilation

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Building Environments (AREA)
  • Duct Arrangements (AREA)

Description

* i ί· % / i -1- VO 4917
Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden.
Onderwerp van uitvinding is een ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden, in het bijzonder in woon- en werkruimten, voorzien van een in een vierhoekig huis evenwijdig met het wandvlak lopend geluidabsorberend kanaal, dat in lengterichting onderling ver-5 springend aangebrachte luchtdoorgangsopeningen in tegenover elkaar liggende, wanden heeft, van welke openingen er althans een door een door-' gang van de gebouwwand in verbinding staat met de buitenlucht.
Ventilatie-inrichtingen van deze so<?rt zijn reeds bekend en worden toegepast op plaatsen, waar het niet mogelijk of ondoelmatig 10 is om het vierhoekige huis in zijn geheel te integreren in venster-constructies of onder te brengen in een muurdoorgang met een overeenkomstige grootte.
Geluidabsorberende ventilatie-inrichtingen worden toegepast op alle plaatsen, waar het aankomt op een goede ventilatie van woon-15 en werkruimten, maar tezelfdertijd het binnendringen van buitengeluid, in het bijzonder lawaai, zoveel mogelijk moet worden voorkomen. Dergelijke ruimten worden derhalve in de regel uitgerust met dichtsluitende geluid- en warmteisolerende vensters.
De praktijkervaring heeft aangetoond, dat zelfs bij dergelijke 20 geluid- en warmteisolerende vensters, die op gebruikelijke wijze zijn uitgerust met een veelledige resp.isolerende beglazing en die ook een de vorming van koudebruggen tegengaande raamconstructie hebben, de vorming van een vochtigheidsneerslag aan de binnenzijden niet geheel kan worden voorkomen wanneer in het gebied van deze vensters onvoldoende en/ 25 of onregelmatige bewegingen van de lucht in de ruimte plaatsvinden.
Voor het opheffen van deze nadelen zijn reeds ventilatie-inrichtingen van de in de aanhef vermelde soort direkt naast de vensteropeningen gemonteerd aan de binnenzijde van de gebouwwanden, waarbij hun luchtdoorgangsopeningen aan de zijde van de ruimte zodanig zijn gericht en/ 30 of door leivlakken zodanig worden beïnvloed, dat zich een luchtbeweging instelt met een bewegingscomponent langs de, de vensteropening bevattende gebouwwand. Omdat bij de bekende ventilatie-inrichtingen de as van de naar binnen komende luchtstraal vanaf de, de ventilatie-inrichting dragende wand echter naar het inwendige van de ruimte hellend verloopt, 35 8302452
If * -2- beweegt als gevolg van de waaiervormige uitbreiding van luchtstralen slechts een betrekkelijk klein gedeelte van het luchtvolume zich in de richting van het de vensteropening hebbende wandvlak.
Hierdoor bepaald,kunnen zich in de vensternissen, hoewel in 5 onbeduidende mate, luchtwervelingen, resp. luchttrekken vormen, die de afvoer van de vochtigheid uit dit gebied bewerkstelligen.. De vorming van het vochtige neerslag aan de binnenzijde van de vensterruiten wordt zodoende weliswaar verminderd, maar is toch niet geheel te voorkomen.
Het doel van de uitvinding is deze tekortkomingen te bestrijden. 10 Derhalve is haar doel gesteld als het verschaffen van een ventilatie-inrichting van de in de aanhef vermelde soort voor aanbrenging aan ge-bouwwanden, welke inrichting onder handhaving van een hoge geluidisole-rende werking een zodanig aanbrengen aan de gebouwwanden mogelijk maaktr dat de hoofdas van de luchtstraal resp. de luchtstralen evenwijdig is 15 gericht met het wandvlak.
Dit doel wordt volgens het onderscheidend kenmerk van conclusie 1 bereikt, doorat zijdelings van het geluidabsorberend kanaal in het huis een hulpkamer is ondergebracht, die in elk van twee onder een rechte hoek ten opzichte van elkaar liggende wanden is voorzien van een 20 luchtdoorlaat, en doordat het huis een over de gehele lengte daarvan zich uitstrekkend verbindingskanaal heeft, waarin een luchtdoorlaat van de hulpkamer uitmondt en althans een luchtdoorgangsopening van het geluid-absorberend kanaal.
Bij deze uitvoering is het voordelig, dat de ligging van de, de 25 verbinding met de buitenlucht vormende luchtdoorlaat, de plaatsing en uitvoering van het eigenlijke geluidabsorberend kanaal, niet beïnvloedt, zodat dit een met het betreffende toepassingsdoel overeenkomende, optimale uitvoering kan krijgen.
Bijzonder doelmatige verdere uitvoeringskenmerken zijn volgens 30 conclusie 2, dat ook de hulpkamer wordt begrensd door geluidabsorberend materiaal, waarbij het verbindingskanaal volgens conclusie 3 wordt begrensd door geluidshard materiaal, bijv. metaal en/of kunststof.
Verder is het in een verdere ontwikkeling van de uitvindings-gedachte voordelig gebleken,wanneer het verbindingskanaal volgens con-35 clusie 4 een vlak rechthoekige dwarsdoorsnede heeft, waarvan de grootste dwarsdoorsnedemaat zich evenwijdig uitstrekt met de, de luchtdoorlaat en 8302452 » ·% -3- de luchtdoorgangsopening naar het verbindingskanaal hebbende huiswand.
Tenslotte is volgens conclusie 5 althans de in het verbindingskanaal uitmondende luchtdoorlaat van de hulpkamer door een schuif te openen en te sluiten.
5 Ook moet worden opgemerkt, dat het onderwerp van uitvinding in het bijzonder geschikt is voor gebruik bij ventilatie-inrichtingen, waarvan de constructie overeenkomt met het Amerikaanse octrooischrift 1.236.157, waarbij dus bij een in het midden in de ene huiswand aangebrachte luchtdoorgangsopening, een aantal in de tegenover liggende 10 huiswand elk naar de huiseinden verspringend aangebrachte luchtdoor-gangsopeningen behoren.
De uitvinding wordt nader toegelicht aan de hand van de tekening, waarin: figuur 1 een ruimtelijk aanzicht is van het inbouwgebied van een 15 venster in een gebouwwand met de bijbehorende ventilatie-inrichting, figuur 2 een doorsnede is volgens de lijn II-II in figuur 1, figuur 3 een doorsnede is volgens de lijn III-III in figuur 2, figuur 4 een doorsnede is volgens de lijn IV-IV in figuur 3, figuur 5 een doorsnede is volgens de lijn V-V in figuur 3, 20 en figuur 6 een aan figuur 3 gelijke doorsnede is van een gewijzigde uitvoeringsvorm van de ventilatie-inrichting.
In de figuur 1 en 2 is een deelgebied afgebeeld van een gebouwwand 1, die is voorzien van een doorgang 2, waarin een geluid en/of 25 warmteisolerend venster 3 is gemonteerd. Dit geluid- en/of warmteisole-rend venster 3 kan hierbij, zoals eenvoudigheidshalve weergegeven, zijn uitgerust met een vaste beglazing. Voordeliger is het echter om het venster uit te voeren met te openen vleugels, bijv. als zogenoemd schuif-venster.
30 Zijdelings naast de doorgang 2 resp. het geluid- en/of warmte- isolerende venster 3 is een ventilatie-inrichting 4,gemonteerd aan de binnenzijde van de gebouwwand 1, welke inrichting een vierhoekig huis 5 heeft, dat zich evenwijdig uitstrekt met een vertikale rand van de doorgang 2, zoals dit zondermeer blijkt uit figuur 1’.
35 De ten opzichte van de vertikale rand van de doorgang 2 naburige en onder een rechte hoek ten opzichte van het vlak van de gebouwwand 1 8302452 ï * -4- gerichte wand 6 van het vierhoekige huis 5 is bij voorkeur over de gehele lengte daarvan voorzien van een luchtuitlaat 7, die bij voorkeur de vorm heeft van een ventilatierooster met regelmatig aangebrachte gaten.
5 De hoofdstroomrichting van de door de luchtuitlaat toegevoerde lucht is aangeduid door de streepstippellijn 8 en strekt zich uit evenwijdig met het vlak vein de gebouwwand 1. Omdat de door de luchtuitlaat 7 straalvormig toegevoerde lucht de neiging heeft zich waaiervormig uit te bereiden, zoals dat bijv. is aangeduid door de streeplijnen 9, 10 is het doelmatig om het vierhoekige huis 5 van de ventilatie-inrichting 4 met de, de luchtuitlaat 7 hebbende wand 6 op een afstand 10 vanaf het binnenwelvingsvlak 11 van de doorgang 2 te monteren, hetgeen een onbelemmerde uitbreiding van de luchtstraal resp. de luchtstralen ook toelaat tot in de nis 12, die is begrensd tussen de binnenwelvings-15 vlakken 11 en de binnenzijde van het geluid en/of warmteisolerende venster 3.
Wanneer tussen de inlaatstraal 9 en het door de binnenzijde van het geluid en/of warmteisolerende venster 3 gevormde begrenzingsvlak voldoende plaats aanwezig is, vormen zich daar in de gebieden van de 20 straalschaduw toereikend grote secundaire wervelingen 13, die de vervanging waarborgen van de door de straal'. 9 meegenomen lucht. Wanneer daarentegen niet voldoende plaats in de straalschaduw is voor de vorming van dergelijke secundaire wervelingen 13, ontstaat het zogenoemde coanda-effekt, dat het afbuigen van de vrije luchtstraal en het doen -25 aanliggen daarvan tegen het naburige vlak bewerkstelligt, zoals in figuur 2 aangeduid door de getrokken lijnen 14.
In ieder geval wordt echter in het gebied van de nis 12 een doorlopend krachtig luchttransport veroorzaakt, dat het ongewenste condenseren van vochtigheid op de vensterruiten en zodoende het beslaan 30 daarvan tegengaat.
De verbinding van de ventilatie-inrichting 4 volgens de figuur 1 en 2 met de buitenlucht wordt gevormd door een opening 15 in de gebouwwand ï, welke opening in figuur 2 is aangeduid door streeplijnen, en aan de buitenzijde een weersbeschermingsrooster 16 heeft.
35 De constructieve uitvoering van de in figuur 1 en 2 weergegeven ventilatie-inrichting 4 is afgebeeld in de figuur 3-5. Het vierhoekige huis 5 van de ventilatie-inrichting 4 heeft behalve de van de luchtuit- 8302452 -5- laten 7 voorziene voorwand 6, twee onderling spiegelbeeldvormig aangebrachte zijwanden 17 en 18, een achterwand 19, alsmede twee eindwanden 20 en 21. Bovendien sluit op de achterwand 19 nog een in dwarsdoorsnede in hoofdzaak U-vonnig afsluitprofiel 22 aan, dat met de eindranden 5 is afgedicht tegen de twee eindwanden 20 en 21. De voorwand 6 is aan de binnenzijde nog voorzien van een afschermplaat 23, die door afstands-stukken 24 op afstand achter de als rooster uitgevoerde luchtuitlaat 7 wordt gehouden en zich ononderbroken over de gehele lengte van de luchtuitlaat 7 uitstrekt.
10 In het vierhoekige huis 5-zijn twee geluidabsorberende kanalen 25’ en 25" voorzien, die vanaf een luchtdoorgangsopening 26 naar tegengestelde zijden lopen, zoals dit blijkt uit figuur 3. Deze luchtdoorgangsopening 26 bevindt zich hierbij in de achterwand 19 van het vierhoekige huis 5 en sluit aan op een hals of kraag 27 van een lucht-15 leihuis 28. Het luchtleihuis 28 is hierbij gezet in het vierhoekige huis 5 en heeft zijwaarts gerichte verbindingskanalen 29* en 29" naar de geluidabsorberende kanalen 25' en 25".
In de hals of kraag 27 van het luchtleihuis 28 kan een blazer 30, bijv. een asventilator, zodanig worden geplaatst, dat de as samen-20 valt met de lengteas van de hals of kraag 27. Aan de tegenover de hals of kraag 27 liggende zijde is het luchtleihuis 28 voorzien van een afneembaar deksel 31, dat na het van het vierhoekige huis 5 af nemen, van de voorwand 6 toegankelijk is.
Het luchtleihuis 28 kan als vormstuk zijn vervaardigd van be-25 trekkelijk zacht rubber of kunststof, en de hals of kraag 27 kan bestaan uit daarin gevormd, harder materiaal, bijv. metaal of harde kunststof. Het buitenste deel van het deksel 31 is bij voorkeur van hard materiaal, bijv. een metalen of kunststoffen plaat, en draagt een inwendig deel van zacht materiaal, zoals sponsrubber of schuimkunststof.
30 De op de verbindingskanalen 29' en 29" van het luchtleihuis 28 aansluitende geluidabsorberende kanalen 25' en 25" worden begrensd door in het vierhoekige huis 5 geplaatste vormstukken 32', 32" en 33', 33".
De vormstukken 32' en 32" hebben een in hoofdzaak ü-vormige dwarsdoorsnede, waarbij de vormstukken 33' en 33" een rechthoekige dwarsdoorsnede 35 hebben. Alle vormstukken 32‘, 32" en 33' en 33" bestasui hierbij uit sponsrubber of zachte schuimkunststof.
8302452 -6-
Elk der twee geluidabsorberende kanalen 25' en 25" is in de door het vormstuk 33’ resp. 33" gevormde en een afstand tot de voorwand 6 hebbende lengtewand voorzien van een aantal, bijv. twee op afstand naast elkaar liggende luchtdoorgangsopeningen 34', 34", welke 5 openingen elk een zijdelings verspringende stand hebben ten opzichte van de luchtdoorgangsopening 26 in de achterwand 9 en ten opzichte van de hals of kraag 27 in het luchtleihuis 28.
De luchtdoorgangsopeningen 34', 34" van de geluidabsorberende kanalen 25' en 25" liggen op afstand achter de door de voorwand 6 10 gedragen afschermplaat 23, die weer een afstand heeft tot het deksel 31 van het luchtleihuis 28 en ook tot de achterzijde van de voorwand 6. De uit de luchtdoorgangsopeningen 34' en 34" komende lucht wordt door de afschermplaat 23 enerzijds in lengterichting van de kamer 35 afgebogen en omstroomt daarbij anderzijds de lengteranden van de af-15 schermplaat 23 naar de doof een rooster gevormde luchtuitlaten 7 in de voorwand 6.
De middelste luchtdoorgangsopening 26 mondt uit in een over de gehele lengte vein het vierhoekige huis 5 van de ventilatie-inrichting 4 zich uitstrekkend verbindingskanaal 36, dat is ingesloten tussen de 20 achterwand 19 en het in dwarsdoorsnede U-vormige afsluitprofiel 22.
In het vierhoekige huis 5 van de ventilatie-inrichting 4 is zijdelings van het geluid absorberend kanaal 25" een hulpkamer 37 ondergebracht, die in elk van twee onder een rechte hoek ten opzichte van elkaar liggende wanden, te weten enerzijds in de zijwand 18 van het 25 vierhoekige huis 5 en anderzijds in de achterwand 19 daarvan, een lucht-doorlaat 38 resp. 39 heeft.
Met de luchtdoorlaat 38 kan de hulpkamer 37 hierbij worden aangesloten op de muurdoorgang 15 (figuur 2), waarbij de luchtdoorlaat 39 uitmondt in het verbindingskanaal 36 van het vierhoekige huis 5.
30 Het is bijzonder voordelig wanneer de hulpkamer. 37 aan althans een aantal zijden wordt begrensd door vormstukken 40 en 41 van geluid-absorberend materiaal, bijv. sponsrubber of zachte schuimkunststof, waarbij het andere deel van de wandvlakken daarvan bestaat uit geluid-hard materiaal. , 35 Ook de begrenzingsvlakken van het verbindingskanaal 36, d.w.z.
enerzijds de achterwand 19 en anderzijds het U-vormige afsluitprofiel 8302452 -7- 22, kunnen bestaan uit geluidhard materiaal, bijv. metaal of harde kunststof.
Ook is het doelmatig gebleken om aan het verbindingskanaal 36 een vlak rechthoekige dwarsdoorsnede te geven, waarvan de grootste 5 dwarsdoorsnedemaat zich evenwijdig uitstrekt met de, de luchtdoorlaat 39 en de luchtdoorgangsopening 26 hebbende achterwand 19 van het vierhoekige huis 5.
Verder is voorzien, dat althans de luchtdoorlaat 39 van de hulp-kamer 37 naar keuze kan worden geopend of gesloten door een schuif 42.
10 In vele gevallen blijkt het echter ook zinnig om de schuif 42 zodanig ver door te trekken, dat bij het bedienen daarvan gelijktijdig met de luchtdoorlaat 39 ook de luchtdoorgangsopening 26 wordt geopend of gesloten. Opdat een goede afdichtsluiting tussen de schuif 42 en de achterwand 19 tot stand kan worden gebracht, draagt de achterwand aan de 15 binnenzijde een oplegging van zachte schuimkunststof, die zich met een bepaalde veerkracht aanlegt tegen het naburige zijvlak van de schuif 42.
In figuur 6 is getoond, dat de ventilatie-inrichting 4 voor wat betreft de constructie aanzienlijk kan worden vereenvoudigd, wanneer de inrichting zonder blazer, d.w.z. niet als gedwongen ventilator, maar 20 in plaats daarvan als drukverschilventilator werkt. In dit geval kunnen namelijk de, de geluidabsorberende kanalen 25* en 25" begrenzende vorm-stukken 32 en 33 van sponsrubber of zachte schuimkunststof ononderbroken over de gehele lengte daarvan verlopen. Het in dwarsdoorsnede ü-vormige vormstuk 32 behoeft hierbij slechts in dekkingsligging met de luchtdoor-25 laat 26, d.w.z. op de halve lengte, een daarvoor passende uitsnijding 26' te bevatten, waarbij het in dwarsdoorsnede rechthoekige vormstuk 33 in althans het gebied van de twee einden wordt voorzien van een aantal, bijv. twee uitsnijdingen 34, die dienen als luchtdoorlaten.
Overigens komt de constructie van de ventilatie-inrich ting 4 30 volgens figuur 6 volledig overeen met die van de ventilatie-inrichting volgens de figuur 3-5.
x 8302452

Claims (5)

1. Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden, in het bijzonder ii woon- en werkruimten, voorzien van een in een vierhoekig huis evenwijdig met het wandvlak lopend geluidabsorberend 5 kanaal, dat in lengterichting onderling verspringend in tegenover elkaar liggende wanden aangebrachte luchtdoorgangsopeningen heeft, waarvan er althans een door een doorgang van de gebouwwand in verbinding staat met de buitenlucht, met het kenmerk, dat zijdelings van het geluidabsorberend kanaal (25', 25") in het hiis (5) een hulpkamer (37) 10 is ondergebracht, die in elk van twee onder een rechte hoek ten opzichte van elkaar liggende wanden (18 en 19) is voorzien van een luchtdoorlaat (38 en 39), waarbij het huis een over de gehele lengte daarvan zich uitstrekkend verbindingskanaal (36) heeft, waarin een luchtdoorlaat (39) van de hulpkamer uitmondt en althans een luchtdoorgangsopening 15 (26) van het geluidabsorberend kanaal (figuur 3 en 6).
2. Inrichting volgens conclusie 1, met hetkenmerk, dat ook de hulpkamer (37) wordt begrensd door geluidabsorberend materiaal. (40, 41).
3. Inrichting volgens conclusie 1, of 2, met het kenmerk, dat het verbindingskanaal (36) wordt begrensd door geluidhard materiaal 20 (19, 22), zoals metaal en/of harde kunststof.
4. Inrichting volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het verbindingskanaal (36) een vlak rechthoekige dwarsdoorsnede heeft, waarvan de grootste dwarsdoorsnedemaat zich evenwijdig uitstrekt met de, de luchtdoorlaat (26) en de luchtdoorgangsopening 25 (39) naar het verbindingskanaal (36) hebbende huiswand (19).
5. Inrichting volgens een der voorgaande conclusies, mét het kenmerk, dat althans de in het verbindingskanaal (36) uitmondende luchtdoorlaat (39) van de hulpkamer (37) door een schuif (42) kan worden geopend en gesloten. 30 8302452
NL8302452A 1982-08-30 1983-07-08 Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden. NL8302452A (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE19828224454U DE8224454U1 (de) 1982-08-30 1982-08-30 Lueftungsvorrichtung zur anordnung an gebaeudewaenden
DE8224454 1982-08-30

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL8302452A true NL8302452A (nl) 1984-03-16

Family

ID=6743199

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8302452A NL8302452A (nl) 1982-08-30 1983-07-08 Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden.

Country Status (6)

Country Link
AT (1) AT385587B (nl)
CH (1) CH660414A5 (nl)
DE (1) DE8224454U1 (nl)
FR (1) FR2532407B1 (nl)
GB (1) GB2126333B (nl)
NL (1) NL8302452A (nl)

Families Citing this family (7)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE8303119U1 (de) * 1983-02-05 1983-05-11 Siegenia-Frank Kg, 5900 Siegen Lueftungsvorrichtung fuer den einbau in fenster und/oder in andere wandoeffnungen von gebaeuden
DE3542510A1 (de) * 1985-12-02 1987-06-04 Heinz Georg Baus Lueftungsvorrichtung
GB2218799A (en) * 1988-05-17 1989-11-22 Diffusion Environmental System Sound attenuating ventilator
DE9002208U1 (de) * 1990-02-24 1991-07-04 Siegenia-Frank Kg, 5900 Siegen Lüftungsvorrichtung für Räume
RU2154770C2 (ru) * 1998-01-15 2000-08-20 Восточно-Сибирский государственный технологический университет Система воздухораспределения в загруженных помещениях
EP1840478B1 (de) * 2006-03-29 2016-02-17 Fensterfabrik Albisrieden Ag Fensterbereich
CN107036223A (zh) * 2017-03-06 2017-08-11 赫尔穆特·鲁道夫 多功能室内新风空调设备

Family Cites Families (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
GB804555A (en) * 1955-06-14 1958-11-19 Otto Heinz Brandi Improvements in or relating to air heating or conditioning systems
DE1929700U (de) * 1965-03-24 1965-12-23 Curt Weinert Fenster mit durch einen luefter unterstuetzer lueftung.
GB1105059A (en) * 1965-06-11 1968-03-06 Int Standard Electric Corp Air conditioning equipment
US3561345A (en) * 1969-03-04 1971-02-09 American Air Filter Co Damper arrangement
US3822990A (en) * 1972-11-10 1974-07-09 Disco Eng Inc Energy conversion module
JPS5924763B2 (ja) * 1978-12-20 1984-06-12 松下電器産業株式会社 分離形空気調和機
DE2910371A1 (de) * 1979-03-16 1980-10-02 Eberspaecher J Belueftungsvorrichtung fuer abgedichtete raeume
DE2919682A1 (de) * 1979-05-16 1980-11-20 Siegenia Frank Kg Lueftungsvorrichtung fuer den einbau in fenster und/oder in andere wandoeffnungen von gebaeuden

Also Published As

Publication number Publication date
GB2126333B (en) 1986-09-03
GB2126333A (en) 1984-03-21
AT385587B (de) 1988-04-25
FR2532407A1 (fr) 1984-03-02
CH660414A5 (de) 1987-04-15
DE8224454U1 (de) 1982-11-25
GB8321987D0 (en) 1983-09-21
ATA236783A (de) 1987-09-15
FR2532407B1 (fr) 1988-06-24

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US20140113541A1 (en) Ventilation device for building exterior
US2308262A (en) Ventilator
AU2019200961A1 (en) Ventilation device
NL8302452A (nl) Ventilatie-inrichting voor aanbrenging aan gebouwwanden.
US3392546A (en) Exhaust system for split window unit
US4328650A (en) Ventilated sound barrier for window openings
JP2013213358A (ja) 下框部材、並びに、これを備えた引戸及び引き違い窓
RU181244U1 (ru) Вентиляционный клапан приточной вентиляции
US1929595A (en) Sound intercepting ventilator
EP0324820B1 (en) Improved vent for windows and like apertures
GB2083203A (en) Ventilation assembly for use with doors or windows
JP6977122B2 (ja) 建物の開口の遮蔽構造
CS203110B2 (en) Frash air pass for room aerotion
JPH05506897A (ja) 換気装置付き引き戸組立体
GB2131072A (en) Window frame construction with water drain
US4425739A (en) Sliding panel with sound-trap framing
GB2239309A (en) Window/door ventilators of modular construction
US4558638A (en) Ventilating profile frames for closure panels
JP3340909B2 (ja) 窓枠用換気装置
GB2392702A (en) Flood barrier
GB1603586A (en) Sound-absorbing ventilation installation for openings in buildings
KR20190002356U (ko) 슬라이딩 문짝용 수직패널 구조
CN112443257A (zh) 建筑物开口的遮蔽结构
KR20190027451A (ko) 편의설비 설치용 창호 프레임 조립체
US3440948A (en) Window sash ventilating means

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BV The patent application has lapsed