NL9201637A - Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken. - Google Patents

Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken. Download PDF

Info

Publication number
NL9201637A
NL9201637A NL9201637A NL9201637A NL9201637A NL 9201637 A NL9201637 A NL 9201637A NL 9201637 A NL9201637 A NL 9201637A NL 9201637 A NL9201637 A NL 9201637A NL 9201637 A NL9201637 A NL 9201637A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
frame
main plate
tools
plate
turret
Prior art date
Application number
NL9201637A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Liet Cornelis Hendricus
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority claimed from NL9101929A external-priority patent/NL9101929A/nl
Application filed by Liet Cornelis Hendricus filed Critical Liet Cornelis Hendricus
Priority to NL9201637A priority Critical patent/NL9201637A/nl
Priority to JP5509170A priority patent/JPH07501015A/ja
Priority to DK93900461.0T priority patent/DK0693009T3/da
Priority to DE69217898T priority patent/DE69217898T2/de
Priority to PCT/NL1992/000207 priority patent/WO1993009891A1/en
Priority to EP92203540A priority patent/EP0550920B1/en
Priority to DE69217507T priority patent/DE69217507T2/de
Priority to ES93900461T priority patent/ES2097488T3/es
Priority to EP93900461A priority patent/EP0693009B1/en
Priority to US08/211,815 priority patent/US5483814A/en
Priority to AT93900461T priority patent/ATE148842T1/de
Publication of NL9201637A publication Critical patent/NL9201637A/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B21MECHANICAL METAL-WORKING WITHOUT ESSENTIALLY REMOVING MATERIAL; PUNCHING METAL
    • B21DWORKING OR PROCESSING OF SHEET METAL OR METAL TUBES, RODS OR PROFILES WITHOUT ESSENTIALLY REMOVING MATERIAL; PUNCHING METAL
    • B21D28/00Shaping by press-cutting; Perforating
    • B21D28/02Punching blanks or articles with or without obtaining scrap; Notching
    • B21D28/12Punching using rotatable carriers

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Electrical Discharge Machining, Electrochemical Machining, And Combined Machining (AREA)
  • Control And Other Processes For Unpacking Of Materials (AREA)
  • Preventing Corrosion Or Incrustation Of Metals (AREA)
  • Punching Or Piercing (AREA)
  • Mounting, Exchange, And Manufacturing Of Dies (AREA)
  • Bending Of Plates, Rods, And Pipes (AREA)
  • Shearing Machines (AREA)
  • Forging (AREA)

Description

Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken
De inrichting heeft betrekking op een inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, voorzien van een frame, een zwenkbaar in het frame gelegerde draagplaat die een ongeveer driehoekig mes draagt, waarbij twee driehoekszijden een rechte hoek insluiten en de ongeveer horizontaal resp. verticaal verlopende snijranden vormen, waarbij het mes draaibaar om een mesas is opgenomen in een complementaire uitsparing in de draagplaat, en waarbij het frame een stationair contrames draagt.
Dergelijke inrichtingen zijn in verschillende uitvoeringsvormen bekend. Het Duitse octrooischrift 3.038.817 beschrijft een inrichting van deze soort, waarbij de mesas in het snijpunt van de snijranden ligt en de geleiding van het mes volgens de bissectrice van de recht hoek wordt bereikt door speciale geleidingsvlakken aan het mes te vormen en het frame van geleidingspennen te voorzien. Voorts is hierbij het mes door een boogvormige rand met de draagplaat gekoppeld. Deze bekende constructie is hierdoor relatief gecompliceerd. Bovendien is door de plaats van de mesas de belasting tijdens bedrijf op de geleidingsvlakken en de geleidingspennen relatief hoog.
In het Amerikaanse octrooischrift 3.866.522 is een inrichting van deze soort beschreven, waarbij het mes in een stand met de draagplaat is verbonden, waarin de bissectrice van de rechte hoek ongeveer verticaal verloopt. Hierdoor is het gebruik van deze bekende inrichting erg lastig, in het bijzonder bij het schuin afknippen van werkstukken.
De uitvinding beoogt in de eerste plaats een verbeterde inrichting van de in de aanhef genoemde soort te verschaffen.
Hiertoe heeft de inrichting volgens de uitvinding het kenmerk, dat de mesas wordt gevormd door een pen die het mes draaibaar verbindt met de draagplaat en die op de bissectrice van de rechte hoek tussen de snijranden van het mes ligt op een afstand van deze hoek, waarbij het frame een geleidingsor- gaan draagt, dat het mes volgens de genoemde bissectrice geleidt bij het zwenken van de draagplaat.
Op deze wijze wordt bereikt, dat de belasting van het geleidingsorgaan tijdens bedrijf relatief gering is, doordat de op het mes uitgeoefende snijkrachten aan weerszijden van de mesas elkaar grotendeels compenseren, zodat de snijkrachten in hoofdzaak worden opgevangen door de samenwerking tussen de boogvormige driehoekszijde van het mes en de overeenkomstige boogvormige zijde van de uitsparing in de draagplaat. Doordat de snijranden horizontaal resp. verticaal verlopen, is de inrichting volgens de uitvinding bijzonder handig in gebruik.
Bij voorkeur omvat het geleidingsorgaan een nok, die samenwerkt met een in het mes gevormde volgens de genoemde bissectrice verlopende sleuf. Als alternatief is het mogelijk het geleidingsorgaan met de sleuf en het mes met de hiermee samenwerkende nok uit te voeren.
Wanneer de inrichting van het type is, waarbij een op en neer beweegbare hoofdplaat is aangebracht, is het volgens de uitvinding mogelijk, dat de draagplaat is gekoppeld met de hoofdplaat en door de hoofdplaat aandrijfbaar is.
Als alternatief wordt volgens de uitvinding de draagplaat aangedreven door een hydraulisch cilinder-zuigersamen-stel. Deze uitvoering heeft het voordeel, dat de werktuigen van de draagplaat onafhankelijk kunnen worden gebruikt van de werktuigen van de hoofdplaat.
Een inrichting van de in de aanhef genoemde soort, die is voorzien van een in het frame geleide op en neer beweegbare hoofdplaat, omvat in het algemeen een aantal door de hoofdplaat gedragen werktuigen. Bij de bekende inrichtingen bestaan deze werktuigen gewoonlijk uit snijwerktuigen, bij voorbeeld een mes voor het knippen van platen of stroken en messen voor het knippen van ronde resp. vierkante werkstukken.
Volgens de uitvinding wordt een inrichting met meer gebruiksmogelijkheden verkregen, indien de beide hoofdvlakken van de hoofdplaat elk één of meer uitstekende werktuigen dragen. Dergelijke werktuigen zijn bijvoorbeeld een zeteenheid, een hoekpons of dergelijke.
Volgens een bijzonder gunstige uitvoeringsvorm van de uitvinding zijn in dit geval de aan weerszijden van de hoofdplaat aangebrachte werktuigen door middel van gemeenschappelijke bevestigingsopeningen in de hoofdplaat bevestigd. Hierdoor wordt bereikt, dat in de hoofdplaat slechts op één plaats verzwakkingsplaatsen aanwezig zijn voor de bevestiging voor twee werktuigen.
De gebruiksmogelijkheden van de inrichting worden nog vergroot, indien tenminste één van de verticale kopse vlakken van de hoofdplaat tenminste een werktuig draagt.
Het frame van de beschreven inrichting omvat gewoonlijk twee lijfplaten die de hoofdplaat tussen zich insluiten. Volgens een voorkeursuitvoering van de uitvinding zijn de lijfplaten boven en onder de hoofdplaat onverschuifbaar met elkaar verbonden, bijvoorbeeld door samenwerkende spiedelen en sleuven. Op deze wijze wordt bereikt, dat de lijfplaten en de hoofdplaat bijzonder hoge krachten kunnen opnemen.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, voorzien van een frame met twee een tussenruimte insluitende lijfplaten en van een in het frame geleide, op en neer beweegbare slede. Een dergelijke inrichting zal in het algemeen tevens de hierboven beschreven zwenkbare draagplaat en op en neer beweegbare hoofdplaat, elk met bijbehorende werktuigen omvatten.
Volgens de uitvinding worden de toepassingsmogelijkheden van een dergelijke inrichting vergroot, doordat de lijfplaten ter plaatse van de slede een vlakke in hoofdzaak verticale eindrand hebben en dat de slede met een in hoofdzaak verticale zijde aan deze eindrand grenst, welke zijde een uitstekend buigwerktuig draagt, dat samenwerkt met een aan het frame bevestigde matrijs. Hierdoor wordt bereikt, dat het buigwerktuig en de matrijs geheel vrij toegankelijk zijn, waardoor het te buigen materiaal tijdens het buigen geen belemmeringen ondervindt en zeer grillige vormen kunnen worden gezet.
De aandrijving van de slede kan op verschillende manieren plaatsvinden, bijvoorbeeld doordat de hoofdplaat de op en neer beweegbare revolverkop draagt. Als alternatief kan de slede worden aangedreven door een hydraulisch cilinder-zuigersamenstel.
De uitvinding betreft voorts een inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, voorzien van een frame, een op en neer beweegbare draaibare revolverkop die een aantal door draaien van de revolverkop in een werkstand plaatsbare ponswerktuigen draagt en een matrijswerktuigdrager die bij de ponswerktuigen behorende matrijswerktuigen draagt. Een bekende inrichting van deze soort is beschreven in de Britse octrooiaanvrage 2.130.132. Bij deze bekende inrichting worden de ma-trijswerktuigen door een stationaire werktuigdrager ondersteund. Bij draaien van de revolverkop beweegt een deelframe van de inrichting ten opzichte van deze stationaire werktuigdrager, waardoor de constructie van deze bekende inrichting gecompliceerd is.
Volgens de uitvinding wordt een eenvoudige constructie bereikt, doordat het frame is voorzien van een overeenkomstige, stationaire, draaibare revolverkop als drager voor de matrijswerktuigen die door draaien van de revolverkop in een werkstand plaatsbaar zijn.
Volgens een gunstige uitvoeringsvorm van de uitvinding is elke revolverkop voorzien van een detectieorgaan voor het detecteren van de draaistand van de revolverkop, waarbij de beide detectieorganen de beweging van de op en neer beweegbare revolverkop alleen vrijgeven indien bij elkaar behorende pons- en matrijswerktuigen zich in de werkstand bevinden. Op deze wijze worden fouten door onjuiste instelling voorkomen.
Als alternatief kunnen de beide revolverkoppen zodanig met elkaar zijn gekoppeld dat bij draaien van de ene revolverkop de andere revolverkop eveneens wordt gedraaid zodanig dat in elke draaistand bij elkaar behorende pons- en ma-trijswerktuigen zich in de werkstand bevinden.
Indien bij deze inrichting een op en neer beweegbare hoofdplaat is aangebracht, verdient het volgens de uitvinding de voorkeur dat de hoofdplaat de op en neer beweegbare revolverkop draagt.
De uitvinding wordt hierna nader toegelicht aan de hand van de tekening, waarin een uitvoeringsvoorbeeld van de inrichting volgens de uitvinding schematisch is weergegeven.
Fig. 1 is een zijaanzicht van een uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding.
Fig. 2 is een vooraanzicht van de inrichting uit fig.
1.
Fig. 3 is een bovenaanzicht van de inrichting uit fig. 1.
Fig. 4 toont een detail op grotere schaal van de inrichting uit fig. 1.
Fig. 5 is een doorsnede volgens de lijn V-V uit fig. 4.
Fig. 6 is een doorsnede van de stationaire revolver-kop van de inrichting uit fig. 1.
Fig. 7 is een doorsnede volgens lijn VII-VII uit fig.
1.
Fig. 8 is een zijaanzicht van een tweede uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding.
Fig. 9 is een achteraanzicht van de inrichting uit fig. 8.
Fig. 10 is een gedeeltelijk weergegeven zijaanzicht van een derde uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding.
Fig. 11 is een gedeeltelijk weergegeven bovenaanzicht van de inrichting uit fig. 10.
De in de fig. 1-3 weergegeven inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken is voorzien van een frame 1 dat is opgebouwd uit twee lijfplaten 2 die aansluiten op een voetplaat 3. Tussen de lijfplaten 2 is een op en neer beweegbare hoofdplaat 4 geleid, die aandrijfbaar is door middel van een aan de bovenzijde van de inrichting op de lijfplaten 2 bevestigd hydraulisch cilinder-zuigersamenstel 5. In fig. 1 is de kop van een bout 6 zichtbaar, waarmee de hoofdplaat 4 met de niet zichtbare zuiger van het cilinder-zuigersamenstel 5 is verbonden. De hoofdplaat 4 ligt opgesloten tussen vaste gelei-dingsblokken 7 aan de voorzijde van de inrichting en instelbare geleidingsblokken 8 aan de achterzijde resp. midden onder in de inrichting. Tussen de geleidingsblokken 7, 8 en de hoofdplaat 4 kunnen geschikte glij-elementen aanwezig zijn.
De inrichting is voorts voorzien van een zwenkbaar in het frame 1 gelegerde draagplaat 9 die door middel van een lager 10 met de hoofdplaat 4 is verbonden. De draagplaat 9 wordt derhalve via de hoofdplaat 4 eveneens door het cilinder-zui-gersamenstel 5 aangedreven.
Zoals in de fig. 4 en 5 in detail is weergegeven, is de draagplaat 9 voorzien van een ongeveer driehoekig mes 11 waarvan rechte driehoekzijden een rechte hoek insluiten en de ongeveer horizontaal resp. verticaal verlopende snijranden 12 van het mes 11 vormen. Het frame 1 draagt een stationair contraries 13 met overeenkomstige snijranden 14. In de in fig. 1 zichtbare lijfplaat 2 is een geschikte opening 15 aangebracht voor het bereiken en eventueel verwisselen van het mes 11, terwijl in de andere lijfplaat 2 een ongeveer L-vormige opening 16 is aangebracht, zodat met het mes 11 hoeklijn-werkstukken en dergelijke kunnen worden geknipt.
Het mes 11 heeft voorts een boogvormige driehoekzijde en is door een bout 17 in een aan het mes 11 complementaire uitsparing 18 in de draagplaat 9 opgenomen. De bout 17 bepaald een mesas die op een afstand van een door de snijranden 12 bepaalde hoek ligt en wel op de bissectrice van deze rechte hoek. Teneinde een beweging van het mes 11 volgens deze bissectrice naar het contrames 13 te waarborgen bij het zwenken van de draagplaat 9, is een geleidingselement 19 aan het frame 1 bevestigd, welk geleidingselement een langwerpige nok 20 draagt. Deze nok 20 grijpt in een sleuf 21 van het mes 11, welke sleuf volgens de bissectrice van de rechte hoek tussen de snijranden 12 verloopt. Het is ook mogelijk het mes 11 uit te voeren met de nok 20 en de sleuf 21 aan te brengen in het geleidingselement 19.
De ligging van de mesas 17 op een afstand van de rechte hoek heeft het voordeel, dat de tijdens bedrijf optredende snijkrachten aan weerszijden van de mesas 17 elkaar gedeeltelijk compenseren, zodat deze snijkrachten in hoofdzaak worden opgevangen door het aangrijpen van de boogvormige driehoekzijde op de boogvormige rand van de uitsparing 18 in de draagplaat 9. Hierdoor wordt de nok 20 niet zwaar belast. Doordat de hoofdplaat 4 bij het lager 10 op de draagplaat 9 aangrijpt, kan ter plaatse van het mes 11 met een grotere kracht worden gesneden dan de door het cilinder-zuigersamen-stel 5 geleverde kracht.
Zoals uit de fig. 1 en 4 blijkt, draagt de draagplaat 9 tevens nog een mes 22 en het frame ter plaatse een contrames 23 voor het knippen van platte werkstukken.
In de fig. 1-3 is voorts weergegeven dat de hoofdplaat 4 op beide hoofdvlakken is voorzien van een uitstekend werktuig 24, 25. Het werktuig 24 is uitgevoerd als een driehoekige pons, die samenwerkt met een door de bijbehorende lijfplaat 2 van het frame 1 gedragen matrijs 26. Het werktuig 25 wordt gevormd door een zeteenheid, die samenwerkt met een door de bijbehorende lijfplaat 2 van het frame 1 gedragen matrijs 27. Voorts dragen de beide verticale kopse vlakken van de hoofdplaat 4 eveneens elk een werktuig 28 resp. 29. Het aan de achterzijde gelegen werktuig wordt gevormd door een rechthoekig ponswerktuig, dat samenwerkt met een door het frame 1 gedragen matrijs 30. Het werktuig 29 wordt gevormd door een draaibare revolverkop en wordt hierna nog nader toegelicht.
Het zal duidelijk zijn dat door het aanbrengen van deze verschillende werktuigen aan de hoofdplaat 4 een bijzonder veelzijdige inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken wordt verkregen. Opgemerkt wordt dat de verschillende genoemde werktuigen 24, 25, 28, 29 slechts bij wijze van voorbeeld zijn genoemd en dat ook andere typen werktuigen mogelijk zijn.
De lijfplaten 2 van het frame 1 zijn bij de weergegeven inrichting boven en onder de hoofdplaat 4 onverschuifbaar met elkaar gekoppeld. Hiertoe is de ene lijfplaat 2 op niet nader weergegeven wijze aan boven- en onderzijde voorzien van uitstekende spiedelen, die passend grijpen in sleuven die aan de boven- en onderzijde van de andere lijfplaat zijn gevormd. Hierdoor wordt bereikt dat de lijfplaten 2 en de hoofdplaat 4 zeer hoge krachten kunnen opnemen.
In het zijaanzicht van fig. 1 is nog aangegeven, dat het frame 1 en de hoofdplaat 4 tevens nog zijn voorzien van snijwerktuigen 31 voor het knippen van ronde resp. vierkante werkstukken.
Het werktuig 29 is uitgevoerd als een draaibare revol ver kop die zes verschillende ponswerktuigen 32 draagt. Door het draaien van de revolverkop 29 kunnen deze ponswerktuigen 32 achtereenvolgens in de verticaal omlaag gerichte werkstand worden gebracht. Een eveneens draaibare revolverkop 33 is vast op het frame 1 aangebracht en draagt bij de verschillende ponswerktuigen 32 behorende matrijswerktuigen 34 die door draaien in de omhoog gerichte werkstand kunnen worden gebracht. Zoals in fig. 1 is weergegeven, draagt het frame 1 nog een tegenhouder 35 die bij de opgaande beweging van de revolverkop 29 het werkstuk belet met het ponswerktuig 32 mee naar boven te gaan. De tegenhouder 35 is verschuifbaar op een geleiding 36.
In fig. 6 is een horizontale doorsnede van de vaste revolverkop 33 weergegeven; de constructie van de revolverkop 29 komt geheel met die van de revolverkop 33 overeen, waarbij uiteraard in plaats van matrijswerktuigen 34 ponswerktuigen 32 aanwezig zijn. De constructie van de revolverkop 29 zal dan ook niet afzonderlijk worden beschreven.
De revolverkop 33 omvat een op de lijfplaten 2 bevestigde draagplaat 37 en een op deze draagplaat 37 bevestigde ronde drager 38, die in doorsnede trapvormig is. Op deze ronde drager 38 is een trommel 39 draaibaar aangebracht, welke trommel 39 de matrijswerktuigen 34 resp. ponswerktuigen 32 draagt. De trommel 39 wordt in de gekozen stand vergrendeld door een grendelpen 40 die met een afgeschuinde, in doorsnede V-vormi-ge kop 41 in, in doorsnede V-vormige openingen 42 van de trommel 39 kan grijpen. Voor elk matrijs- of ponswerktuig is een bijbehorende V-vormige opening 42 aanwezig. Doordat de kop 41 van de grendelpen 40 is afgeschuind en samenwerkt met V-vormige openingen 42 van de trommel 39 wordt in de eerste plaats door de wigwerking van de overeenkomstige schuine vlakken een uitstekende stabiele vergrendeling van de revolverkop 33 in de gewenste stand bereikt. Bovendien kan de grendelpen 40 gemakkelijk uit een opening 42 worden gedrukt, doordat de grendelpen 40 niet vastgeklemd kan raken.
De grendelpen 40 wordt gedragen door een arm 43, die is opgenomen in een in de draagplaat 37 uitgespaarde kamer 44.
Een as 45 is draaibaar in een axiale holte 46 in de drager 38 opgenomen en doorloopt eveneens draaibaar de arm 43. En zes-kantig gedeelte 47 steekt door een complementaire opening in een afsluitkap 48 van de trommel 39. Hoewel de as 45 ten opzichte van de arm 43 kan draaien, kan de arm 43 niet in axiale richting bewegen ten opzichte van de as 45.
Wanneer nu de as 45 naar binnen wordt gedrukt, wordt de grendelpen 40 uit de opening 42 vrijgemaakt, zodat vervolgens een gewenst matrijs- resp. ponswerktuig 34, 32 in de werkstand kan worden gebracht. Door een schematisch aangeduide veer 49 wordt de arm 43 met de as 45 weer in de grendelstand gebracht.
Teneinde een onjuiste instelling in de werkstand van een ponswerktuig 32 en een matrijswerktuig 34 te voorkomen, is elke revolverkop 29, 33 voorzien van een detectieorgaan 50 dat de draaistand van de bijbehorende revolverkop 29, 33 detecteert. Bij het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld bestaat dit detectieorgaan 50 uit een zes-standen schakelaar waarvan de schakelas 51 onverdraaibaar met de as 45 is gekoppeld. De beide detectieorganen 50 zijn zodanig met de gebruikelijke bedie-ningsmiddelen van een inrichting van deze soort verbonden, dat het cilinder-zuigersamenstel 5 de hoofdplaat 4 alleen kan aandrijven, indien bij elkaar behorende pons- en matrijswerktuigen in de werkstand staan. Als alternatief is het ook mogelijk de revolverkop 29, 33 zodanig met elkaar te koppelen, dat bij draaien van de ene revolverkop voor het in de werkstand brengen van een werktuig 32, 34 de andere revolverkop automatisch wordt verdraaid voor het in de werkstand brengen van het bijbehorende werktuig 34, 32. Deze koppeling kan bijvoorbeeld een mechanische koppeling via tandriemen en tandwielen en dergelijke zijn.
Zoals uit fig. 2 en 3 blijkt, liggen de werktuigen 24, 25 recht tegenover elkaar, waarbij de bevestiging van deze werktuigen op de hoofdplaat 4 is uitgevoerd met behulp van gemeenschappelijke bevestigingsopeningen in de hoofdplaat 4. Hierdoor wordt bereikt, dat voor twee werktuigen slechts op één plaats verzwakkingsplaatsen in de hoofdplaat 4 aanwezig zijn.
In fig. 7 is een doorsnede van de beschreven inrichting ter plaatse van de werktuigen 24, 25 weergegeven, waarin de bevestiging van deze werktuigen op de hoofdplaat 4 meer in detail is te zien. In de hoofdplaat 4 zijn sleuven 52 aangebracht, terwijl in de werktuigen 24, 25 in de naar de hoofdplaat 4 toegekeerde zijde sleuven 53 zijn aangebracht, waardoor uitstekende delen 54 zijn verkregen. Deze delen 54 grijpen als spieën passend in de sleuven 52 van de hoofdplaat 4, zodat de tijdens bedrijf optredende schuifkrachten door deze sleuf-spieverbinding 52, 54 worden opgenomen.
De bevestiging van de werktuigen 24, 25 op de hoofdplaat 4 vindt plaats door een aantal trekbouten 55 ter plaatse van de sleuf-spieverbinding 52, 54. Aan de bovenzijde zijn de werktuigen 24, 25 bevestigd door een (of meer) trekbout(en) 56, waarbij tussen de werktuigen 24, 25 en de hoofdplaat 4 af-standsbussen 57 zijn aangebracht. Uiteraard zijn in de lijf-platen 2 geschikte openingen 58 en sleuven 59 gevormd voor het verschaffen van de vereiste bewegingsvrijheid. Bij het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld zijn de dragers voor de matrijzen 26, 27 door trekbouten 60 tegen de lijfplaten 2 bevestigd. Hierbij kan tussen de matrijsdragers 26, 27 en de lijfplaten eveneens een spie-sleufverbinding of dergelijke voor het opnemen van de schuifkrachten aanwezig zijn. In de hoofdplaat 4 zijn sleuven 61 voor de trekbouten 60 aangebracht.
Opgemerkt wordt, dat het beschreven gedeelte van de inrichting met de draagplaat 9 en het mes 11 ook los van de overige onderdelen van de inrichting kan worden toegepast. Evenzo is het mogelijk de inrichting met de werktuigen 24, 25, 28, 29 uit te rusten zonder de zwenkbare draagplaat 9 met het mes 11 toe te passen. Voorts is het mogelijk een inrichting uitsluitend met de revolverkoppen 29, 33 uit te voeren, waarbij de revolverkop 29 rechtstreeks door een cilinder-zuiger-samenstel wordt aangedreven.
Een op dergelijke wijze uitgevoerde inrichting is schematisch in zijaanzicht in fig. 8 weergegeven. Hierbij dragen de lijfplaten 2 aan de voorzijde van de inrichting een ge-leidingsbaan 100, waarlangs een slede 101 op en neer beweegbaar is. De slede 101 wordt aangedreven door een hydrau lisch cilinder-zuigersamenstel 102. De slede 101 is U-vormig uitgevoerd en draagt de revolverkop 29, die door een schematisch aangeduide as 103 aan weerszijden in de U-vormige slede 101 is gelegerd. De revolverkop 33 is door een schematisch aangeduide as 104 eveneens aan weerszijden gelegerd in een U-vormige houder 105. De houder 105 is stationair ondersteund op het frame 1. Door de ondersteuning van de revolver-koppen 29, 33 in de U-vormige slede 101 resp. de U-vormige houder 105 kunnen relatief hoge krachten worden opgenomen.
Bij de uitvoeringsvorm volgens fig. 8 is de zwenkbare draagplaat 9 aandrijfbaar door een hydraulisch cilinder-zuigersamenstel 106. Voorts is de draagplaat 9 op de beschreven wijze uitgevoerd met een niet weergegeven driehoekig mes. Ook omvat de draagplaat 9 de snijwerktuigen 31. Voorts is de draagplaat 9 in dit geval voorzien van het werktuig 28, dat samenwerkt met een door het frame 1 gedragen matrijs 30. Tenslotte is de draagplaat 9 weer uitgevoerd met het mes 22, terwijl het frame ter plaatse een contrames 23 voor het knippen van platte werkstukken draagt.
Zoals in fig. 8 door een streeplijn is aangeduid, is de draagplaat 9 door een schakel 107 verbonden met een slede 108, die op en neer beweegbaar is geleid in het frame 1. Hiertoe is in elke lijfplaat 2 een sleuf 109 aangebracht, zoals uit een bovenaanzicht volgens fig. 11 blijkt. De speling waarmee de slede 108 in de sleuven 109 beweegt is instelbaar door middel van een instelwig 110.
De slede 108 draagt een buigwerktuig 111 dat samenwerkt met een door het frame 1 gedragen matrijs 112 met verschillende V-vormige uitsparingen. De lijfplaten 2 hebben ter plaatse van de slede 109 een vlakke in hoofdzaak verticale eindrand 113, zodat het buigwerktuig 111 en de matrijs 112 geheel vrij toegankelijk zijn. Hierdoor ondervindt het te buigen materiaal tijdens het buigen geen belemmeringen en kunnen de meest grillige vormen worden gezet.
Fig. 10 toont gedeeltelijk een zijaanzicht van een andere uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding, die in hoofdzaak overeenkomt met de uitvoeringsvorm volgens fig. 8. In dit geval is de slede 108 echter niet door een schakel gekoppeld met de zwenkbare draagplaat 9. De slede 108 wordt nu aangedreven door een hydraulisch cilinder-zuiger-samenstel 114. Voor het overige komt deze uitvoeringsvorm volledig overeen met de uitvoeringsvorm volgens fig. 8. Fig. 11 toont nog een bovenaanzicht van de inrichting uit fig. 10, waarin de slede 108, de sleuven 109 en de instelwig 110 zichtbaar zijn.
Opgemerkt wordt, dat het buigwerktuig 111 door middel van een bout 115 en een spie 116 is bevestigd op de slede 108.
De uitvinding is niet beperkt tot de in het voorgaande beschreven uitvoeringsvoorbeelden, die binnen het kader der uitvinding op verschillende manieren kan worden gevarieerd.

Claims (20)

1. Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, voorzien van een frame, een zwenkbaar in het frame gelegerde draagplaat die een ongeveer driehoekig mes draagt, waarbij twee driehoekszijden een rechte hoek insluiten en de ongeveer horizontaal resp. verticaal verlopende snijranden vormen, waarbij het mes draaibaar om een mesas is opgenomen in een complementaire uitsparing in de draagplaat, en waarbij het frame een stationair contrames draagt, met het kenmerk, dat de mesas wordt gevormd door een pen die het mes draaibaar verbindt met de draagplaat en die op de bissectrice van de rechte hoek tussen de snijranden van het mes ligt op een afstand van deze hoek, waarbij het frame een geleidingsorgaan draagt, dat het mes volgens de genoemde bissectrice geleidt bij het zwenken van de draagplaat.
2. Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het geleidingsorgaan het mes geleidt door middel van een nok die samenwerkt met een volgens de genoemde bissectrice verlopende sleuf.
3. Inrichting volgens conclusie 1 of 2, waarbij een op en neer beweegbare hoofdplaat is aangebracht, met het kenmerk, dat de draagplaat is gekoppeld met de hoofdplaat en door de hoofdplaat aandrijfbaar is.
4. Inrichting volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de draagplaat wordt aangedreven door een hydraulisch cilinder-zuigersamenstel.
5. Inrichting volgens één der conclusies 1-4, met het kenmerk, dat de zwenkbare draagplaat aan een kopse zijde een werktuig draagt.
6. Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, bij voorkeur volgens één der voorgaande conclusies, voorzien van een frame, een in het frame geleide op en neer beweegbare hoofdplaat en een aantal door de hoofdplaat gedragen werktuigen, met het kenmerk, dat de beide hoofdvlakken van de hoofdplaat elk één of meer uitstekende werktuigen dragen.
7. Inrichting volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat de aan weerszijden van de hoofdplaat aangebrachte werktui- gen en de hoofdplaat aan de naar elkaar toegekeerde vlakken zijn voorzien van complementaire spiedelen en sleuven, voor het opnemen van schuifkrachten.
8. Inrichting volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat de aan weerszijden van de hoofdplaat aangebrachte werktuigen door trekbouten met elkaar zijn verbonden.
9. Inrichting volgens conclusie 6, 7 of 8, met het kenmerk, dat tenminste één van de verticale kopse vlakken van de hoofdplaat tenminste een werktuig draagt.
10. Inrichting volgens één der conclusies 6-9, waarbij het frame twee lijfplaten omvat, die de hoofdplaat tussen zich insluiten, met het kenmerk, dat de lijfplaten boven en onder de hoofdplaat onverschuifbaar met elkaar zijn verbonden, bijvoorbeeld door samenwerkende spiedelen en sleuven.
11. Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, voorzien van een frame met twee een tussenruimte insluitende lijfplaten en van een in het frame geleide, op en neer beweegbare slede, met het kenmerk, dat de lijfplaten ter plaatse van de slede een vlakke in hoofdzaak verticale eind-rand hebben en dat de slede met een in hoofdzaak verticale zijde aan deze eindrand grenst, welke zijde een uitstekend buigwerktuig draagt, dat samenwerkt met een aan het frame bevestigde matrijs.
12. Inrichting volgens conclusie 11, met het kenmerk, dat de slede is geleid in sleuven die in de lijfplaten zijn gevormd, waarbij aan de van het buigwerktuig afgekeerde zijde een instelwig in de sleuven is gemonteerd voor het instellen van de speling van de slede in de sleuven.
13. Inrichting volgens één der conclusies 1-5 en 11 of 12, met het kenmerk, dat de slede is gekoppeld met de zwenkbare draagplaat.
14. Inrichting volgens conclusie 11 of 12, met het kenmerk, dat de slede wordt aangedreven door een hydraulisch cilinder-zuigersamenstel.
15. Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken, bij voorkeur volgens één der voorgaande conclusies, voorzien van een frame, een op en neer beweegbare draaibare revolverkop die een aantal door draaien van de revolverkop in een werkstand plaatsbare ponswerktuigen draagt en een matrijs-werktuigdrager die bij de ponswerktuigen behorende matrijs-werktuigen draagt, met het kenmerk, dat het frame is voorzien van een overeenkomstige, stationaire, draaibare revolverkop als drager voor de matrijswerktuigen die door draaien van de revolverkop in een werkstand plaatsbaar zijn.
16. Inrichting volgens conclusie 15, met het kenmerk, dat elke revolverkop is voorzien van een detectieorgaan voor het detecteren van de draaistand van de revolverkop, waarbij de beide detectieorganen de beweging van op en neer beweegbare revolverkop alleen vrijgeven indien bij elkaar behorende ponsen matrijswerktuigen zich in de werkstand bevinden.
17. Inrichting volgens conclusie 15, met het kenmerk, dat de beide revolverkoppen zodanig met elkaar zijn gekoppeld dat bij draaien van de ene revolverkop de andere revolverkop eveneens wordt gedraaid zodanig dat in elke draaistand bij elkaar behorende pons- en matrijswerktuigen zich in de werkstand bevinden.
18. Inrichting volgens conclusie 15, 16 of 17, met het kenmerk, dat elke revolverkop is voorzien van een grendel-opening voor elk werktuig en een niet draaibare grendelpen die in samenwerking met elke grendelopening de revolverkop in een gewenste werkstand kan vergrendelen.
19. Inrichting volgens conclusie 18, met het kenmerk, dat de grendelpen een afgeschuinde, in doorsnede V-vormige kop heeft, terwijl de grendelopeningen een overeenkomstige V-vormige doorsnede hebben.
20. Inrichting volgens één der conclusies 15-19, waarbij een op en neer beweegbare hoofdplaat is aangebracht, met het kenmerk, dat de hoofdplaat de op en neer beweegbare revolverkop draagt.
NL9201637A 1991-11-19 1992-09-22 Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken. NL9201637A (nl)

Priority Applications (11)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL9201637A NL9201637A (nl) 1991-11-19 1992-09-22 Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken.
AT93900461T ATE148842T1 (de) 1991-11-19 1992-11-18 Vorrichtung zum bearbeiten von metallischen produkten
PCT/NL1992/000207 WO1993009891A1 (en) 1991-11-19 1992-11-18 Apparatus for working metal workpieces
DK93900461.0T DK0693009T3 (da) 1991-11-19 1992-11-18 Anordning til bearbejdning af metalemner
DE69217898T DE69217898T2 (de) 1991-11-19 1992-11-18 Vorrichtung zum Bearbeiten von Produkten aus Metall
JP5509170A JPH07501015A (ja) 1991-11-19 1992-11-18 金属加工品を加工する装置
EP92203540A EP0550920B1 (en) 1991-11-19 1992-11-18 Apparatus for working metal workpieces
DE69217507T DE69217507T2 (de) 1991-11-19 1992-11-18 Vorrichtung zum bearbeiten von metallischen produkten
ES93900461T ES2097488T3 (es) 1991-11-19 1992-11-18 Aparato para la mecanizacion de piezas metalicas.
EP93900461A EP0693009B1 (en) 1991-11-19 1992-11-18 Apparatus for working metal workpieces
US08/211,815 US5483814A (en) 1991-11-19 1992-11-18 Apparatus for working metal workpieces

Applications Claiming Priority (4)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL9101929A NL9101929A (nl) 1991-11-19 1991-11-19 Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken.
NL9101929 1991-11-19
NL9201637 1992-09-22
NL9201637A NL9201637A (nl) 1991-11-19 1992-09-22 Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL9201637A true NL9201637A (nl) 1993-06-16

Family

ID=26646899

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL9201637A NL9201637A (nl) 1991-11-19 1992-09-22 Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken.

Country Status (9)

Country Link
US (1) US5483814A (nl)
EP (2) EP0693009B1 (nl)
JP (1) JPH07501015A (nl)
AT (1) ATE148842T1 (nl)
DE (2) DE69217898T2 (nl)
DK (1) DK0693009T3 (nl)
ES (1) ES2097488T3 (nl)
NL (1) NL9201637A (nl)
WO (1) WO1993009891A1 (nl)

Families Citing this family (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US6820455B1 (en) 2001-09-17 2004-11-23 Wesley Allen Bainter Metal working machine
US6877409B2 (en) * 2001-10-12 2005-04-12 Teh Yor Industrial Co., Ltd. Cutting apparatus and method for venetian blinds
TWI643686B (zh) * 2017-01-18 2018-12-11 啟翔股份有限公司 自動切換沖頭裝置
CN108907157B (zh) * 2018-07-05 2020-08-18 苏州广型模具有限公司 管体快速切边模具
CN111545641B (zh) * 2020-04-26 2021-09-21 合肥众机群机械制造有限公司 一种吊耳加工用冲弯曲装置

Family Cites Families (15)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE78271C (de) * J. P. JOHANSSON, Enköping, Schweden Revolverpresse
FR356032A (fr) * 1905-07-10 1905-11-18 Arthur Vernet Tourelles pour poinconneuse-revolver simple ou multiple avec ou sans cisaille
FR507999A (fr) * 1919-12-31 1920-09-28 Victor Lucas Perfectionnement apporté aux machines à poinconner
US1675801A (en) * 1926-09-23 1928-07-03 Thomas A Gorman Stamping apparatus
US2789639A (en) * 1950-09-09 1957-04-23 Lorentzen Hardware Mfg Corp Method useful in the manufacture of venetian blinds
FR1243492A (fr) * 1959-09-02 1960-10-14 Ets Grimar Machine à poinçonner
US3701276A (en) * 1970-07-15 1972-10-31 Excel Mfg Ltd Iron and metal working machinery
US3830129A (en) * 1973-07-09 1974-08-20 Manco Mfg Co Machine tool with swingable tool mount
US3866522A (en) * 1973-07-27 1975-02-18 Jr Harry L Oswalt Metal working machine
FR2317058A1 (fr) * 1975-07-09 1977-02-04 Beauplat Fils Et Cie Tourelle porte-outils perfectionnee pour machine a poinconner
DE2648447A1 (de) * 1976-10-26 1978-04-27 Peddinghaus Rolf Werkzeugmaschine mit zwei revolvertrommeln
GB1569335A (en) * 1976-10-30 1980-06-11 Sumitomo Metal Ind Die forging press
ES249858Y (es) * 1980-04-07 1981-05-16 Dispositivo cortador de perfiles angulares,aplicable a ciza-llas hidraulicas
DE3241844C1 (de) * 1982-11-12 1984-08-16 Rolf Dipl.-Ing. 5828 Ennepetal Peddinghaus Stanzmaschine mit Revolvertrommel
NZ214551A (en) * 1984-12-20 1987-02-20 Liras Pty Ltd Hydraulic press with"floating"hydraulic cylinder

Also Published As

Publication number Publication date
DE69217507T2 (de) 1997-06-26
US5483814A (en) 1996-01-16
DK0693009T3 (da) 1997-07-14
WO1993009891A1 (en) 1993-05-27
EP0550920A2 (en) 1993-07-14
DE69217898D1 (de) 1997-04-10
EP0550920B1 (en) 1997-03-05
JPH07501015A (ja) 1995-02-02
DE69217507D1 (de) 1997-03-27
ES2097488T3 (es) 1997-04-01
ATE148842T1 (de) 1997-02-15
DE69217898T2 (de) 1997-07-24
EP0693009B1 (en) 1997-02-12
EP0693009A1 (en) 1996-01-24
EP0550920A3 (en) 1993-10-06

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US3779122A (en) Punch press with assembly locking mechanism
US4901427A (en) Punch press
CA2114051A1 (en) Drilling machine for dilling holes in furniture parts
NL9201637A (nl) Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken.
CA1056296A (en) Punch press with c-shaped frame
US5284192A (en) Automatic planing machine
US4843704A (en) Tool exchange apparatus
NL9101929A (nl) Inrichting voor het bewerken van metalen werkstukken.
GB2169233A (en) Piercing press and tool holders for use therein
EP0343315B1 (en) Break away tool element and method of mounting
EP0028329B1 (en) Tool storage magazine for machine tool
CA2056623C (en) Plate shears
US4589317A (en) Sheet or plate material machining equipment
NL1006560C2 (nl) Persinrichting voor bewerking van leadframes.
BE1004066A3 (nl) Inrichting voor het bevestigen van een element in een freem.
JP2590679B2 (ja) 板材折曲機の金型交換装置
JP2591416B2 (ja) 板材折曲機の金型交換装置
CA1047388A (en) Die changing turret table segment
CS216682B2 (en) Shears for the formed steel
EP0038199B1 (en) Turret punch press
US4638699A (en) Shear for profile and/or flat and/or solid-section steel stock
US4338838A (en) Apparatus for slitting workpieces
US3734485A (en) Hold-down device for shears in particularl for bar stock shears
EP0032628B1 (en) Punch press
US3526164A (en) Press with movable table,in particular punching press

Legal Events

Date Code Title Description
BV The patent application has lapsed