<Desc/Clms Page number 1>
BESCHRIJVING neergelegd tot staving van een aanvraag voor
UITVINDINGSOCTROOI gevormd door :
Constructie Werkplaatsen E.LECLUYSE, Naamlooze Maatschappij, voor: "Automatische inrichting voor het wasschen van aardbeien en derge- lijke licht kwetsbare vruchten".
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een oorspronkelijke inrichting voor het wasschen van vruchten, bijzonder deze welke niet ruw mogen behandeld worden, zooals bij voorbeeld aardbeien, waarvan het genoegzaam bekend is dat zij zeer kwetsbaar zijn.¯
Daar met het oog op het verkrijgen van een product van allereerste hoedanigheid, het essentieel is deze vruchten volkomen rein en ontdaan van de eraan klevende aarde af te leve- ren, en de vruchten eveneens onbeschadigd dienen te zijn, begrijpt men het belang eener inrichting waarmede automatisch en in een @ minimum van tijd, vertrekkende van de ten velde geplukte vruchten,. een groote hoeveelheid aardbeien volmaakt kunnen worden gereinigd, zonder dat er ook maar de minste beschadiging plaats vindt.
<Desc/Clms Page number 2>
De inrichting volgens de uitvinding beantwoordt aan deze l atster vereischten en dit op een eenvoudige, rationeele en industrieele manier.
Inderdaad bestaat het voorwerp der uitvinding essen- tieel hierin dat de ongereinigde aardbeien op een licht' schuin geplaatste en in langsrichting trapvormig geprofileerde zeef worden opbracht, deze zeef een heen- en wsergaande beweging uit- voerende die derwijze isgecombineerd dat de heengaande beweging traag en de teruggaande beweging snel geschiedt. Boven het zeef... oppervlak en zóó geplaatst dat de gansche oppervlakte bewerkt wordt, is een groot aantal sproeiers geplaatst die voortdurend versch water op de vruchten sproeien.
Door de speciale gecombineerde langsbeweging der zeef wordt verkregen dat de aardbeien, bij de terugbéweging der zeef, van den eenen trap naar den volgenden trap hiervan worden verplaatst, waardoor zij eenigszins rollen en dus anders komen te liggen, waardoor, wanneer het uiteinde der zeef bereikt is, hun gansche omtrek meerdere malen de actie der sproeiers heeft ondergaan.
Bij het afvoereinde der zeef kan men dus vruchten verzamelen die volkomen rein,f risch en ongeschonden uit de wasch- inrichting komen, terwijl het vuile water langs een onder de zeef geplaatsten afvoerbak wegvloeit.
De sociale gecombineerde heen- en weergaande bewe- ging der zeef wordt verkregen door tusschenkomst van een met een bestendige beweging draaiende nok, waarop een rol rust die aan het uiteinde van een hefboom is bevestigd, welke op een as is vastgehecht waarvan de heen- en terugdraaiende bewegingen door tu-sschenkomst van een aan de zeef gebeenten hefboom in heen- en teruggaande bewegingen der zeef worden omgezet.
Mat het doel de essentieele kenmerken dezer eenvou- dige, rationeele en industrieele inrichting volgens de uitvinding nader te omschrijven, volgt hierna de uitvoerige beschrijving van een voorbeeldsgewijze gekozen constructiemanier, welke door de bijgaande teekening schematisch is voorgesteld, namelijk in langs-
<Desc/Clms Page number 3>
doorsnede (figuur 1) en in bovenaanzicht (figuur 2).
Bij het nazicht dezer figuren bemerkt men dat de in- richting, in haar essentieele elementen bestaat uit een in langs- richting trapvormig geprofileerde zeef 1, die in een raam 2 is ge- dat vandoor de stangen 3 met hot freem 4 der machine is verbonden.
Deze bevestiging is derwijze uitgevoerd dat de zeef 1 eenigszins schuin hangt en wel dalend naar haar afvosreinde toe. Boven en onge- veer in het midden van het zeefoppervlak, is een vaste hoofdleiding 5 voor versch water geplaatst, die vertakkingen draagt, welke ieder van een zeker aantal sproeiers 7 zijn voorzien, die op zulken afstand van de zeef.1 liggen en ten opzichte van elkaar zòò zijn geplaatst dat het gansche oppervlak der zeef 1 besproeid wordt.
Onder de zeef is een afvoerbak 8 voor het door de zeef vloeiende sproeiwater bevestigd dat verder langs de opening kan wegloopen.
Boven, aan het beginpunt, en over de geheele breedte der zeef, is een vultrechter 10 geplaatst waarvan de dwarsdoorsnede zòò isgekozen dat de vruchten zacht glijdend op de zeef kunnen vallen. De aanvoer dezer vruchten in dezen vultrechter kan bij voor- beeld geschieden door een transportband zonder einde 11 aangedreven door'een niet aangetoond motormiddel. Op dezelfde as als deze van de leirol 12 van dezen transportband 11 is een kettingrad 13 be- vestigd dat door een ketting ¯14 met het kettingrad 16 is verbonden, dat op een as 15 is bevestigd, die in een op het freem 4 bevestigd .
lager 17 kan draaien. Op deze zelfde as 16 is een nok 18 bevestigd die derwijze is geprofileerd dat de hiertegenaan drukkende rol 19 bij het draaien der nok 18, een heen- en weergaande beweging uit- voert, in dien verstande echter dat de heenbeweging traag en de terugbeweging snel geschiedt. De rol 19 is bevestigd aan het uiteinde. van een kruk 20, vastgehecht op de eveneens op het freem rustende as 21.
Deze as 21 draagt verder nog e en hefboom die, door tusschenkomst van een stang 23, aan een aan de zeef gehecht verlengstuk 24 pivoteerend is gehecht. De hefboom wordt bestendig
<Desc/Clms Page number 4>
door een aan het freem gehechte schroefveer 25 aangetrokken, waar-
EMI4.1
door de drukking van de rol ¯1 tee;3n de nok & verzekerd wordt.
Wordt nu de inrichting in werking gesteld, waarvoor het volstaat den transportband aan te drijven en met vruchten te laden en de sproeiers te voeden, dan zal het kettingrad langs-
EMI4.2
heen do ketting 14. rad 1Q en as 1. aan de nok la een bestendige draaibeweging mededeelen, die door het bijzonder profiel der nok,
EMI4.3
en dezes samenwerking met de drukrol 1, kruk 2Q, a,s 21, hefboom 3% stang en verlengstuk , in een in termitteerende tra heenb3we- girg (pijl b) en snelle terugbeweging (pijl a) van de dalende trap- zeef worden omgezet. Inderdaad, doordat het z8efraam Z. hangt aan de draagstangen , kan het vrij dd hc)ar door het nokmechanisme op- gelegde bewegingen uitvoeren.
Zijn nu de te reinigen vruchten aan hot uiteinde
EMI4.4
V2n dan transportband 11 gekomen, dan glijden zij l.ngu dan vultrech -t,2r 1Q op h3t b9p:inpmt der zeef 1 es komen aanstonds onder de actie der waterstralen vzn de sproeiers 1. I'3T'Snljl d3 zeef 1 zich trap"" n.a,r voren beweegt (pijl b) blijven zij on1i9'If.'P[êlijk liggen en wordt dus J.11"A 1,.,o""'.;ájê3 besproeid; wanneer echter de zeef 1 haar snelle torugbeweging uitvoert (pijl a) heeft iie inertie der vruchten voor gevolg dat zij op den volgende trap der zeef rollen, waardoor zij dus hun andere zijde onder de actie der sproeiers brengen.
Deze werking herhaalt zich voortdurend, zoodat dezelfde vruchten, wanneer zij het uiteinde der zeef bereiken, verscheidene
EMI4.5
malen zijn Oing-;k^rd, "oocL't ij 1.1')1.'(0IJ1.).] [';3rGinigd zijn, zonder da.8X0!11 ook 1>; 'i a r 8'0:1ig;3zins be3cbadiep to zijn. 1ien Z2J nog bij de teekjning opiekin dat de zeef, in bovel1s,o..nzicht, naar haar afvo9r- einde een weinig versmalt, waardoor men verwerft dat bij het af- voereinde de vruchten dicht tegen elkaar gegroepeerd en als het
EMI4.6
ware s3raed ter vJr.q>a¯1<kin,q pn-nkomen.
Zooals hooger e;8zef:,D, j 8 het beschreven en door de taekening schematisch voorgesteld Jonstro1ctiJvoorbaeld onkel ten tiel van inlichting verkozen en zou het zich onder andere vormen en verhoudingen kunnen voordoen.
<Desc/Clms Page number 5>
Tevens kan de inrichting van allerhande aanvullende elementen worden voorzien, die de goede werking der machine kunnen bevorderen, dit zonder echter hDt principe der uitvinding te raken.
ELSCHEN. l.- Automatische inrichting voor het wasschen van aardbeien en dergelijke licht kwetsbare vruchten, gekenmerkt door het feit dat zij in hoofdzaak bestaat uiteen eenigszins schuin opgehangen en in lagsrichting trapvormig geprofileerde zeef, die onder een sproeiinrichting een voortdurende en intermitteerende trage heen- en snelle terugbeweging uitvoert, derwijze da,t de aan de hoogstliggende zijde der schuin opgehangen zeef geplaatste vruchten bij de trage heenbeweging der zeef onbeweeglijk blijven liggen, doch telkens de zeef haar snelle terugbeweging uitvoert, al'omkeerende een trap lager rollen,
totdat het afvoereinde der zeef is bereikt..
2.- Inrichting volgens eisch 1, gekenmerkt door het feit dat de trage heen- en de snelle teruggaande bewegingen der zeef verkregen worden door tusschenkomst van een synchroon met den aanvoertransportband der vruchten draaiende nok met aangepast profiel, waartegen een rol drukt wier hefboom snelle heen- en terug Zaande bewegingen van kleine amplitude uitvoert die door een stel hefboomen aan het zeefraam in vergroote mate worden medege- deeld.
3.- Inrichting volgens eisch 1, gekenmerkt door het feit dat de sproeiinrichting voor het versch water bestaat uit een hoofdleiding met verscheidene, dwarsaftakkingen, die van zulk aan' tal en op zulken onderlingen afstand geplaatste sproeiers zijn voor- zien, dat het gansche zeefoppervlak besproeid wordt. **WAARSCHUWING** Einde van DESC veld kan begin van CLMS veld bevatten **.