BE512384A - - Google Patents
Info
- Publication number
- BE512384A BE512384A BE512384DA BE512384A BE 512384 A BE512384 A BE 512384A BE 512384D A BE512384D A BE 512384DA BE 512384 A BE512384 A BE 512384A
- Authority
- BE
- Belgium
- Prior art keywords
- chain guard
- wires
- closed
- bicycle chain
- tension
- Prior art date
Links
- 239000000463 material Substances 0.000 claims description 3
- 230000000149 penetrating effect Effects 0.000 claims 1
- 239000004744 fabric Substances 0.000 description 1
- 239000004922 lacquer Substances 0.000 description 1
- 239000002184 metal Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B62—LAND VEHICLES FOR TRAVELLING OTHERWISE THAN ON RAILS
- B62J—CYCLE SADDLES OR SEATS; AUXILIARY DEVICES OR ACCESSORIES SPECIALLY ADAPTED TO CYCLES AND NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, e.g. ARTICLE CARRIERS OR CYCLE PROTECTORS
- B62J13/00—Guards for chain, chain drive or equivalent drive, e.g. belt drive
- B62J13/04—Guards for chain, chain drive or equivalent drive, e.g. belt drive completely enclosing the chain drive or the like
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Clamps And Clips (AREA)
Description
<Desc/Clms Page number 1>
RIJWIELKETTINGKAST.
De uitvinding heeft betrekking op een kettingkast van soepel materiaal, die door een langsnaad geheel of gedeeltelijk gedeeld is en waarvan de naadranden zijn voorzien van sluitdraden of kabels.
Bij de bekende kettingkasten van deze soort wordt het sluiten van de geopende kast verkregen door de sluitdraden in dwarsrichting te span- nen. Deze uitvoering is vrij gecompliceerd, het sluiten en openen is tijd- rovend, maar bovendien is het niet mogelijk de langsnaad geheel te bedekken.
Om deze nadelen te vermijden is de kettingkast volgens de uit- vinding daardoor gekenmerkt, dat bij gesloten kettingkast de sluitdraden in langsrichting onder trekspanning staan en hierbij liggen in een concave gleuf van een beugel, die vast met het raam van de kettingkast is verbon- den.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding kunnen de sluitdra- den aan één einde elk afzonderlijk of tezamen zijn voorzien van een kipbare spaninrichtingo
Verder kunnen volgens de uitvinding de sluitdraden bij geslo- ten spaninrichting onder veerspanning staan.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding kunnen bij geslo- ten kettingkast de spaninrichting en de trekveer tot één orgaan zijn ver- enigd.
Volgens nog een ander kenmerk van de uitvinding kan deze ver- enigde spaninrichting bestaan uit een dubbel omgebogen veerkrachtige draad, welke aan elk uiteinde is voorzien van een haak voor een spandraad en in het midden scharniert in een hefboom, welke aan één einde is uitgerust met een draaiingsas, die na inhaking om een haak door omzwaaien in de sluit- stand wordt gebracht.
<Desc/Clms Page number 2>
Volgens nog een ander kenmerk van de uitvinding kan deze haak vast met de beugel zijn verbonden.
Doch volgens een ander kenmerk van de uitvinding kan de haak verplaatsbaar in sleuven van de beugel worden ingehaakt.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding kunnen de uiteinden van de spandraden of kabels zijn gevoerd door de zoom van omklapbare lippen, welke in gesloten stand de spleten in de kast bij het achterwiel overlappen en door de spandraden strak getrokken worden.
Nog een kenmerk van de uitvinding bestaat daarin, dat de sluit- draden op een dusdanige afstand van de langsranden zijn aangebracht, dat bij gesloten kettingkast deze randen elkaar overlappen.
Thans zullen aan de hand van bijgaande tekeningen enige uitvoe- ringsvoorbeelden van de kettingkast volgens de uitvinding nader worden be- schreven. Hierin zijn : fig. 1 een zijaanzicht van de kettingkast, waar één helft van de bekleding is weggelaten; figo 2 een partiële dwarsdoorsnede over de lijn II-II volgens fig. 1; fig. 3 een zijaanzicht van een uitvoeringsvorm van de spaninrich- ting voor de sluitdraden op vergrootte schaal ; fig. 4 een vooraanzicht van fig3; fig. 5 een zijaanzicht van een andere uitvoeringsvorm van de spaninrichting voor de sluitdraden; fig. 6 een vooraanzicht van de spaninrichting volgens figo 5.
Opgemerkt wordt, dat in de tekeningen gelijke elementen door hetzelfde nummer zijn aangeduid.
Het raam van de kettingkast bestaat uit een beugel 1, die ver- sterkt is door de dwarsstrippen 2, welke aan de beugel zijn gelast of hier- aan door middel van schroeven 3 zijn bevestigd.
De bekleding van de kast bestaat uit soepel materiaal, b.v. uit lakdoek, en is over de volle lengte of gedeeltelijk, b.v. aan de onder- zijde, voorzien van een langsnaad, waardoor de bekleding op gemakkelijke wijze over het raam kan worden geschoven. Voor het strak spannen van de bekleding zijn in de naadranden sluitdraden of kabels 4 bevestigd, die aan het einde 5 aan een vast punt worden bevestigd en daar eventueel zijn voor- zien van trekveren 60
Bij het sluiten van de bekleding worden de sluitdraden 4 in langsrichting gespannen door de spaninrichting 7.
Aangezien de beugel 1 - althans langs de langsnaad - een dubbel gewelfd profiel vertoont, zoals op fig. 2 is aangegeven, komen de beide sluitdraden 4 bij het spannen in de concave gleuf te liggen en zullen bij strakker trekken dieper in deze gleuf zakken, waarbij de beide bekledingshelften goed strak worden getrok- ken over de omgebogen randen van de beugel 1 heen.
Een uitvoeringsvoorbeeld van de spaninrichting is weergegeven in de fig. 3 en 4 en bestaat in wezen uit een draadbeugel 9, die om de bast met de bekleding 8 verbonden as 12 kan-kippen. De beugel is voorzien van twee inhaakogen 11 en een oog 10. Doordat de einden van de sluitdraden 4 zijn uitgerust met opgesoldeerde haken 14, kan - nadat deze haken 14 in de ogen 11 zijn vastgehaakt - de spaninrichting om de as 12 naar boven gezwenkt wor- den, totdat het oog 10 snapt in de vast met de bekleding 8 yerbonden knop 13, waarna de spaninrichting vergrendeld iso Hierbij komen de spandraden 4 te liggen in de gleuf van de beugel, zoals in fig. 2 getekendo
Een andere uitvoeringsvorm van de spaninrichting is weergegeven in de fig. 5 en 6 ; is de spaninrichting met de veer tot één orgaan verenigd.
De spanveer 6 heeft een dubbel omgebogen liervormige gedaante. De
<Desc/Clms Page number 3>
bochten zijn aangeduid met 6', de haken waarin de haken 14 van de uiteinden van de spandraden worden ingehaakt met 6". De spanveer 6 is draaibaar aange- bracht in de sluithefboom 18, die een U-vormige doorsnede heeft en aan één einde is voorzien van de draaiingsas 19.Met deze draaiingsas 19 wordt de hefboom 18 gelegd in de haak 5. De hefboom 18 neemt dan de stand in volgens fig. 6, terwijl de spanveer 6 naar beneden is te denken.
In deze stand worden de haken 14 in de haken 6" van de spanveer 6 gelegd, waarna de hefboom 18 on- geveer 1800 naar boven gezwaaid wordt, totdat de stand volgens fig. 5 is be- reikt, waarin de spaninrichting is vergrendeld, doordat het draaipunt van de veer 6 in de hefboom iets lager ligt dan het draaipunt 19 van de hefboom 18 in de haak 5.
Het bedienen van de kettingkast volgens de uitvinding kan dus door één manipulatie geschieden, n.l. door het omleggen van de hefboom 18 naar boven voor het sluiten of naar beneden voor het openen van de ketting- kast.
Het draaiingspunt 5, bij voorkeur bestaande uit een haak waarom de as 19 kan zwenken, kan vast met de beugel 1 zijn verbonden of voor het com- penseren van opgetreden rek in de spandraden, verplaatsbaar in dwarsgleuven van de beugel worden ingestokeno Ook is het mogelijk het tegengesteld aan de spaninrichting gelegen einde van de spankabels om een dergelijke haak te slaan, welke of vast op de beugel wordt gelast of verplaatsbaar in dwarsgleuven is aangebrachto
Behalve voor het strak spannen van de bekleding worden de span- draden volgens de uitvinding nog voor een ander doeleinde gebruikt. Voor het doorlaten van de achteras is het namelijk noodzakelijk aan weerszijden in de bekleding van de kettingkast verticale naden 16 (zie figo 5) aan te bren- gen, welke worden afgedekt door lappen 15, die met de zoom 15' op het voor- en achtervlak van de kettingkast zijn bevestigd.
Het is gebruikelijk deze lappen aan de voorzijde te sluiten door een drukknoop en aan de achterzijde door een metalen vork, die met zijn benen in twee gleuven ter weerszijden van de verticale naad gestoken wordt. Speciaal deze vork kan bij een geringe verbuiging de beschadiging van een spaak veroorzaken.
Om dit bezwaar op te heffen worden volgens de uitvinding de span- draden 4 gevoerd door de zoom van de omklapbare lippen 15, die dienen voor het afdekken van de verticale naden 16, welke op hun beurt weer dienen voor het doorlaten van de achteras door het gat 17. De lappen 15 zijn langs de zoom 15' -vast op de bekleding van de kettingkast verbonden, doch met de losse zoom in de spandraden genaaide Bij het spannen van de trekkabels 4 worden de lappen 15 automatisch in de sluitstand gebracht, terwijl zij bij het losmaken van de kabels 4 weer automatisch geopend worden. De afzonderlijke sluitorganen voor de lappen 15 vervallen dus bij de uitvoering volgens de uitvinding.
Claims (1)
- Zoals in fig. 2 is aangegeven worden de spandraden of kabels 4 op een dusdanige afstand van de langsranden van de bekleding aangebracht, dat bij gesloten kettingkast deze randen elkaar overlappen. Hierdoor worden de beugel 1 en de draden 4 tegen indringend vuil beschermde CONCLUSIES. EMI3.1 la -'Rijuielkettingkast van soepel materiaal, die;door een langs- naad geheel of gedeeltelijk gedeeld is en waarvan de naadranden zijn voorzien van sluitdraden of kabels met het kenmerk, dat bij gesloten kettingkast de sluitdraden (4) in langsrinchting onder trekspanning staan en hierbij liggen in een concave gleuf van een beugel (1), die vast met het raam van de ketting- kast is verbonden (Fig. 2).2. - Rijwielkettingkast volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de sluitdraden (4) aan één einde elk afzonderlijk of tezamen zijn voorzien van een klipbare spaninrichting (7). <Desc/Clms Page number 4>3. - Rijwielkettingkast volgens de conclusies 1 en 2, met het kenmerk, dat de sluitdraden (4) bij gesloten spaninrichting onder veerspan- ning (6) staan.4. - Rijwielkettingkast volgens de conclusies 1-3, met het ken- merk, dat bij gesloten kettingkast de spaninrichting en de trekveer tot één orgaan zijn verenigd.5. - Rijwielkettingkast volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de verende spaninrichting bestaat uit dubbel omgebogen veerkrachtige draad, welke aan elk uiteinde (6") is voorzien van een haak (14) voor een spandraad (4) en in het midden scharniert in een hefboom (18), welke aan één einde is uitgerust met een draaiingsas (19), die na inhaking om een haak (5) door omzwaaien in de sluitstand wordt gebracht.6. - Rijwielkettingkast volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat de haak (5) vast met de beugel (1) is verbonden.7. - Rijwielkettingkast volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat de haak (5) verplaatsbaar in sleuven op de beugel (1) kan worden inge- haakt.8. - Rijwielkettingkast volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de uiteinden van de spandraden (4) zijn gevoerd door de losse zoom van omklapbare lippen (15), welke in gesloten stand de spleten (16) in de kast bij het achterwiel overlappen en door de spandraden strak getrokken worden.9. - Rijwielkettingkast volgens conclusie 1, met het kenmerk; dat de sluitdraden (4) op een dusdanige afstand van de langsnaadranden zijn aangebracht, dat bij gesloten kettingkast deze randen elkaar overlappen (fig.2). bijgaand 2 tekeningen.
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| BE512384A true BE512384A (nl) |
Family
ID=150853
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| BE512384D BE512384A (nl) |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| BE (1) | BE512384A (nl) |
-
0
- BE BE512384D patent/BE512384A/nl unknown
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US3651852A (en) | Ruffled blind construction | |
| CA2349049C (fr) | Toile de remorque retractable | |
| FR2679496A1 (fr) | Capote pliante pour voiture. | |
| BE512384A (nl) | ||
| FR2488357A1 (fr) | Dispositif de serrage forme d'une sangle a deux crochets et tendeur pour la manutention et pour amarrer des objets | |
| FR2566161A3 (fr) | Cassette de bande comportant au moins un ressort presseur, et ressort presseur pour celle-ci | |
| JP2013082439A (ja) | 自動車のためのルーフアセンブリ | |
| CN110733317B (zh) | 卷帘组件 | |
| FR2714636A1 (fr) | Housse pour siège de véhicule automobile. | |
| JP4664184B2 (ja) | 物干器 | |
| FR2861027A1 (fr) | Bache de fermeture de vehicules | |
| BE337164A (nl) | ||
| FR2821309A1 (fr) | Systeme de fixation d'une toile sur un vehicule | |
| FR2621789A1 (fr) | Sac et son procede de fabrication | |
| WO1996025305A1 (en) | Apparatus for carrying a load on a roof of a vehicle | |
| US515213A (en) | Mud-guard for bicycles | |
| CH249201A (fr) | Bracelet pour montre. | |
| JP2022161763A (ja) | 買い物籠カバー | |
| FR2480098A1 (fr) | Pare-soleil pliable et portable | |
| CH265605A (fr) | Ruban à éléments articulés. | |
| JP4157974B2 (ja) | 荷締ベルト | |
| BE637559A (nl) | ||
| FR2876887A1 (fr) | Bagage pliable | |
| FR2473296A1 (fr) | Element mobile separable de paravent et paravent resultant de l'association de ces elements | |
| BE501485A (nl) |