NL1006803C2 - Differentiële gate-oxidedikte door stikstofimplantatie voor gemengde- modus- en ingebedde vlsi-schakelingen. - Google Patents
Differentiële gate-oxidedikte door stikstofimplantatie voor gemengde- modus- en ingebedde vlsi-schakelingen. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1006803C2 NL1006803C2 NL1006803A NL1006803A NL1006803C2 NL 1006803 C2 NL1006803 C2 NL 1006803C2 NL 1006803 A NL1006803 A NL 1006803A NL 1006803 A NL1006803 A NL 1006803A NL 1006803 C2 NL1006803 C2 NL 1006803C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- region
- substrate
- oxide
- thickness
- mos devices
- Prior art date
Links
- 150000004767 nitrides Chemical class 0.000 title description 2
- 230000037431 insertion Effects 0.000 title 1
- 238000003780 insertion Methods 0.000 title 1
- 239000000758 substrate Substances 0.000 claims abstract description 95
- 230000003647 oxidation Effects 0.000 claims abstract description 56
- 238000007254 oxidation reaction Methods 0.000 claims abstract description 56
- 238000000034 method Methods 0.000 claims abstract description 41
- 230000008569 process Effects 0.000 claims abstract description 27
- 239000004065 semiconductor Substances 0.000 claims abstract description 15
- 239000002019 doping agent Substances 0.000 claims abstract description 12
- IJGRMHOSHXDMSA-UHFFFAOYSA-N Atomic nitrogen Chemical compound N#N IJGRMHOSHXDMSA-UHFFFAOYSA-N 0.000 claims description 78
- 229910052757 nitrogen Inorganic materials 0.000 claims description 42
- 229910021420 polycrystalline silicon Inorganic materials 0.000 claims description 28
- 229920005591 polysilicon Polymers 0.000 claims description 27
- 230000001590 oxidative effect Effects 0.000 claims description 9
- 238000003860 storage Methods 0.000 claims description 6
- 239000000203 mixture Substances 0.000 claims description 5
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 abstract description 7
- 239000010410 layer Substances 0.000 description 92
- XUIMIQQOPSSXEZ-UHFFFAOYSA-N Silicon Chemical compound [Si] XUIMIQQOPSSXEZ-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 23
- 238000012545 processing Methods 0.000 description 23
- 229910052710 silicon Inorganic materials 0.000 description 23
- 239000010703 silicon Substances 0.000 description 23
- 238000002513 implantation Methods 0.000 description 20
- 239000003990 capacitor Substances 0.000 description 15
- 229920002120 photoresistant polymer Polymers 0.000 description 8
- 238000013461 design Methods 0.000 description 7
- 230000015572 biosynthetic process Effects 0.000 description 6
- 230000000873 masking effect Effects 0.000 description 6
- -1 nitrogen ions Chemical class 0.000 description 6
- 238000005229 chemical vapour deposition Methods 0.000 description 5
- 230000006870 function Effects 0.000 description 5
- 239000007943 implant Substances 0.000 description 5
- 238000002955 isolation Methods 0.000 description 5
- 230000004048 modification Effects 0.000 description 5
- 238000012986 modification Methods 0.000 description 5
- 238000005468 ion implantation Methods 0.000 description 4
- 229910052751 metal Inorganic materials 0.000 description 4
- 239000002184 metal Substances 0.000 description 4
- 238000012546 transfer Methods 0.000 description 4
- 238000004380 ashing Methods 0.000 description 3
- 230000008901 benefit Effects 0.000 description 3
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 3
- 239000000463 material Substances 0.000 description 3
- 239000003607 modifier Substances 0.000 description 3
- 230000007704 transition Effects 0.000 description 3
- QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N atomic oxygen Chemical compound [O] QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 2
- 239000003989 dielectric material Substances 0.000 description 2
- 238000005530 etching Methods 0.000 description 2
- 229910052760 oxygen Inorganic materials 0.000 description 2
- 239000001301 oxygen Substances 0.000 description 2
- 238000000059 patterning Methods 0.000 description 2
- 238000000206 photolithography Methods 0.000 description 2
- 229910021332 silicide Inorganic materials 0.000 description 2
- FVBUAEGBCNSCDD-UHFFFAOYSA-N silicide(4-) Chemical compound [Si-4] FVBUAEGBCNSCDD-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 2
- 239000000126 substance Substances 0.000 description 2
- PBCFLUZVCVVTBY-UHFFFAOYSA-N tantalum pentoxide Chemical compound O=[Ta](=O)O[Ta](=O)=O PBCFLUZVCVVTBY-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 2
- 230000002411 adverse Effects 0.000 description 1
- 238000000137 annealing Methods 0.000 description 1
- 230000004888 barrier function Effects 0.000 description 1
- 239000000872 buffer Substances 0.000 description 1
- 230000015556 catabolic process Effects 0.000 description 1
- 230000008859 change Effects 0.000 description 1
- 239000004020 conductor Substances 0.000 description 1
- 230000008878 coupling Effects 0.000 description 1
- 238000010168 coupling process Methods 0.000 description 1
- 238000005859 coupling reaction Methods 0.000 description 1
- 230000007547 defect Effects 0.000 description 1
- 238000000151 deposition Methods 0.000 description 1
- 230000008021 deposition Effects 0.000 description 1
- 238000005137 deposition process Methods 0.000 description 1
- 238000009792 diffusion process Methods 0.000 description 1
- 238000007598 dipping method Methods 0.000 description 1
- 230000005669 field effect Effects 0.000 description 1
- 239000012535 impurity Substances 0.000 description 1
- 238000011065 in-situ storage Methods 0.000 description 1
- 229910052738 indium Inorganic materials 0.000 description 1
- 239000011229 interlayer Substances 0.000 description 1
- 238000001459 lithography Methods 0.000 description 1
- 238000001556 precipitation Methods 0.000 description 1
- 230000001681 protective effect Effects 0.000 description 1
- 150000003376 silicon Chemical class 0.000 description 1
- 239000002344 surface layer Substances 0.000 description 1
- 238000012876 topography Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- H—ELECTRICITY
- H10—SEMICONDUCTOR DEVICES; ELECTRIC SOLID-STATE DEVICES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
- H10B—ELECTRONIC MEMORY DEVICES
- H10B12/00—Dynamic random access memory [DRAM] devices
- H10B12/01—Manufacture or treatment
- H10B12/02—Manufacture or treatment for one transistor one-capacitor [1T-1C] memory cells
- H10B12/05—Making the transistor
-
- H—ELECTRICITY
- H10—SEMICONDUCTOR DEVICES; ELECTRIC SOLID-STATE DEVICES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
- H10B—ELECTRONIC MEMORY DEVICES
- H10B12/00—Dynamic random access memory [DRAM] devices
- H10B12/30—DRAM devices comprising one-transistor - one-capacitor [1T-1C] memory cells
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Manufacturing & Machinery (AREA)
- Semiconductor Memories (AREA)
- Metal-Oxide And Bipolar Metal-Oxide Semiconductor Integrated Circuits (AREA)
Description
DIFFERENTIËLE GATE-OXIDEDIKTE DOOR STIKSTOFIMPLANTATIE VOOR GEMENGDE-MODUS- EN INGEBEDDE VLSI-SCHAKELINGEN
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op de fabricage van 5 geïntegreerde schakelinrichtingen die verschillende dikten van gate-óxiden op het oppervlak van een substraat omvatten.
Veldeffecttransistoren (FET’s) zijn een van de meest wijd en zijd gebruikte inrichtingen in geïntegreerde schakelingen, omdat FET-scha-kelingen zodanig gemaakt kunnen worden dat deze een grote verscheiden-10 heid aan functies uitvoeren en FET-inrichtingen gefabriceerd kunnen worden die zeer reproduceerbare en voorspelbare eigenschappen hebben. Een ander voordeel van FET-inrichtingen is dat deze zeer klein gemaakt kunnen worden en dicht op elkaar gepakt kunnen worden. Een typische FET bestaat uit source- en drain-elektroden die op afstand van elkaar 15 liggen in een substraat aan elke zijde van een kanaalgebied en uit een geleidende gate-elektrode die van het kanaalgebied door middel van een gate-oxidelaag is gescheiden. De FET wordt gevormd op een oppervlak van een silicium- of ander halfgeleidersubstraat dat een achtergrond-dotering van een eerste geleidbaarheidstype heeft. Een laag van gate-20 oxide wordt op het oppervlak van het substraat voorzien, in het algemeen door thermische oxidatie om zo een uniforme en dichte oxidelaag te verschaffen die een voorspelbare dikte en een voorspelbaar en laag niveau van gefixeerde lading heeft. De gate-elektrode wordt vervolgens gevormd door het neerslaan en patronen aanbrengen in een laag van 25 polysilicium, die geleidend gemaakt kan worden door "in situ" dotering tijdens het aanbrengen of door diffusie of ionenimplantatie na het neerslaan. Vaak wordt een laag van een geleidend materiaal zoals metaal of metaalsilicide aangebracht op de laag van polysilicium om de soortelijke weerstand van de gate-elektrode te reduceren. De source-30 en drain-elektroden worden gevormd in het substraat door middel van ionenimplantatie van onzuiverheden van het tweede geleidbaarheidstype, waarbij de gate-elektrode als een masker fungeert, zodat de source-, drain- en kanaalgebieden zelf-uitgericht zijn met de gate-elektrode.
FET-bedrijfskarakteristieken worden bepaald door veel verschil-35 lende aspecten van de FET-structuur inclusief de dikte van de gate-oxidelaag. De bovenste grens van de bedrijfsspanning van de FET wordt grotendeels afgeleid van de spanning waarbij de gate-oxidelaag diëlek-trische doorslag ondergaat, die op zijn beurt grotendeels wordt be- 1006803 2 paald door de dikte van de gate-oxidelaag. Omdat FET's die in verschillende toepassingen worden gebruikt ontworpen zijn om bij verschillende bedrijfsspanningen te werken, omvatten FET's in praktische toepassingen verschillende dikten van gate-oxidelagen om zich aan de 5 verschillende bedrijfsspanningen aan te passen. FET’s kunnen ook verschillende dikten van gate-oxide hebben om ofwel hoge-snelheidsbedrijf (dunnere gate-oxide) ofwel lage lekkage (dikkere gate-oxide) mogelijk te maken. Derhalve kunnen FET's binnen geheugeninrichtingen worden gevormd die één dikte van gate-oxide hebben, terwijl FET's in logische 10 hoge-snelheids-, laagspannings-schakelingen een tweede, aanzienlijk dunnere gate-oxidelaag kunnen hebben. Meestal zijn geheugen- en logische schakelingen gescheiden op afzonderlijke chips. Wanneer geheugen-en logische schakelingen op afzonderlijke chips worden gevormd, worden de gewenste gate-oxidedikten bereikt door het gebruik van verschillen-15 de universele thermische oxidatieprocedures tijdens de fabricage voor het groeien van de verschillende dikten van gate-oxiden. Verschillende dikten van gate-oxide worden gemakkelijk verschaft door de verschillende substraten gedurende verschillende tijdsperioden aan oxiderende omgevingen bloot te stellen.
20 Onlangs is er een toenemend aantal chipontwerpen voorgesteld, die schakelingen op één enkele chip zouden omvatten die gebruik maken van FET's met verschillende dikten van gate-oxiden, ofwel voor het verkrijgen van verschillende bedrijfsspanningen ofwel voor het variëren van andere bedrijfskarakteristieken. Er zijn bijvoorbeeld chipontwer-25 pen voorgesteld die logische schakelingen omvatten die gebruik maken van FET's die dunnere gate-oxidelagen hebben en die geheugenschakelin-gen omvatten die gebruik maken van FET's die dikkere gate-oxidelagen hebben. Om deze ontwerpen succesvol te implementeren is het nodig om FET's te vormen die verschillende gate-oxidedikten op dezelfde chip 30 hebben. Dit kan worden bereikt door het maskeren van delen van de chip en het uitvoeren van verschillende thermische oxidatieprocessen voor elk van de verschillende delen van de chip. Het zal duidelijk zijn dat implementatie van de veelvoudige maskeerstappen en veelvoudige thermische oxidatiestappen kenmerkend zeer gecompliceerd is. Om de integri-35 teit van een gate-oxidelaag te handhaven is het nodig om de gate-oxidelaag te bedekken met de polysiliciumlaag die gevormd zal worden in de gate-elektroden van de FET's in dat gebied voordat andere ver-werkingsstappen uitgevoerd zullen worden. Als een chipontwerp FET's J006803 ' 3 vereist die veelvoudige verschillende gate-oxidedikten hebben, zou het derhalve noodzakelijk zijn om de chip te maskeren op een wijze die alleen die delen van de chip blootlegt waar FET's die een eerste dikte van gate-oxide omvatten gevormd moeten worden. De blootgelegde delen 5 van de chip worden dan thermisch geoxideerd en er wordt polysilicium over de chip aangebracht. De polysiliciumlaag moet dan worden verwijderd over die andere delen van de chip waar andere dikten van gate-oxide gegroeid moeten worden. Dit proces wordt herhaald voor elk van de verschillende dikten van gate-oxide die gevormd moeten worden op de 10 chip.
Deze strategie van veelvoudige maskeerstappen en veelvoudige thermische oxidatiestappen heeft echter nadelen. De processtroom die wordt gebruikt bij het vormen van FET's met verschillende dikten van gate-oxide is natuurlijk veel gecompliceerder, tijdrovender en vereist 15 veel meer productiebronnen dan meer conventionele, uniforme gate-oxide-FET-fabricageprocessen. Dergelijke processen stellen delen van het substraat en het gate-elektrode-polysilicium bloot aan veelvoudige etsstappen en veelvoudige fotolakmaskers, die defecten aan latere verwerkingsstappen kunnen introduceren. Deze strategie vereist veel-20 voudige thermische oxidatiestappen, wat op zijn beurt vereist dat een deel van de gate-oxidelagen veelvoudige hoge-temperatuur-verwerkings-stappen ondergaan, die de betrouwbaarheid van de gate-oxidelagen kunnen reduceren en daardoor de betrouwbaarheid van de FET's reduceren die de gate-oxidelagen omvatten.
25 Het zou derhalve wenselijk zijn om een verbeterde werkwijze te verschaffen voor het vormen van verschillende dikten van gate-oxidelagen op één enkele chip.
Overeenkomstig een voorkeursuitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding wordt een geïntegreerde schakeling gevormd op een substraat 30 dat een eerste gebied heeft waarop eerste MOS-inrichtingen gevormd moeten worden en een tweede gebied waarop tweede MOS-inrichtingen gevormd moeten worden. Een eerste concentratie van een eerste doteer-middel wordt verschaft in het halfgeleidersubstraat aan het oppervlak van het tweede gebied. Een tweede concentratie van een tweede doteer-35 middel wordt verschaft in het halfgeleidersubstraat aan het oppervlak van het tweede gebied. Het oppervlak van de halfgeleider of het substraat wordt geoxideerd om een eerste dikte van oxide op de eerste gebieden van het halfgeleidersubstraat te groeien en om een tweede, 1006803 4 verschillende dikte van oxide op het tweede gebied te groeien in één enkel oxidatieproces. Eerste MOS-inrichtingen worden gevormd op de eerste gebieden van het halfgeleidersubstraat die de eersté dikte van oxide omvatten en tweede MOS-inrichtingen worden gevormd op het tweede 5 gebied van het halfgeleidersubstraat die de tweede dikte van oxide omvatten.
Overeenkomstig een andere voorkeursuitvoeringsvorm van de uitvinding wordt een geïntegreerde schakeling gevormd op een substraat dat een eerste gebied heeft waarop eerste MOS-inrichtingen die een eerste 10 gate-oxidedikte hebben zijn gevormd en een tweede gebied waarop tweede MOS-inrichtingen zijn gevormd. De samenstelling van het substraat wordt binnen tenminste één van het eerste gebied en het tweede gebied ingesteld zodat het eerste gebied en het tweede gebied verschillende oxide-groeikarakteristieken zullen hebben in een oxidatie-omgeving. 15 Het substraat wordt blootgesteld aan een oxidatie-omgeving, zodat een eerste dikte van een eerste oxidelaag in het eerste gebied groeit en een tweede dikte van een tweede oxidelaag in het tweede gebied groeit na blootstelling van het eerste gebied en het tweede gebied aan een oxidatie-omgeving. Eerste MOS-inrichtingen worden gevormd op het eer-20 ste gebied van het substraat en tweede MOS-inrichtingen worden gevormd op het tweede gebied van het substraat.
Figuur 1 illustreert de snelheid van oxidegroei op verschillende stikstof-geïmplanteerde siliciumoppervlakken.
Figuren 2A-C illustreren de isolatie-inrichtingen voor drie ver-25 schillende secties van een schakeling die is gevormd overeenkomstig de onderhavige uitvinding.
Figuren 3A-C illustreren een aanvankelijke oxidatiesnelheids-modificatiestap aan de schakeling die in de figuren 2A-C is getoond.
Figuren 4A-C illustreren een verdere oxidatiesnelheids-modifica-30 tiestap die wordt uitgevoerd op de schakeling van de figuren 3A-C.
Figuren 5A-C illusteren de resultaten van een thermisch oxidatie-en polysilicium-neerslagproces overeenkomstig de onderhavige uitvinding die is toegepast op de hierboven geïllustreerde schakeling.
Figuren 6A-C illustreren verschillende delen van een schakeling 35 die verschillende dikten van gate-oxide omvat.
Bijzondere voorkeursuitvoeringsvormen van de onderhavige uitvinding vergemakkelijken de vorming van hoge-snelheids-verwerkingsschake-lingen, ingebedde schakelingen, gemengde-modus-schakelingen en andere 1006803 5 schakelingen die FET's met verschillende dikten van gate-oxide op één enkele chip omvatten. De oxidatiekarakteristieken van geselecteerde delen van een siliciumsubstraat worden gewijzigd zodat verschillende dikten van oxide op de verschillende delen van het substraat zullen 5 groeien wanneer de verschillende delen van het substraat tegelijkertijd worden blootgesteld asm een oxidatie-omgeving gedurende een vaste tijdsperiode. Verwerking op deze wijze maakt het mogelijk dat MOS-schakelingen die verschillende dikten van gate-oxidelagen omvatten gevormd kunnen worden in de verschillende delen van het substraat, 10 zoals gewenst is voor de specifieke complexe schakeling die wordt gevormd, terwijl het substraat aan slechts één hoge-temperatuur-oxida-tiestap wordt blootgesteld. Het minimaliseren van het totale aantal keren dat elk van de gate-oxidelagen wordt blootgesteld aan hoge temperaturen tijdens het fabricageproces verbetert de kwaliteit van de 15 gate-oxidelagen in de voltooide inrichting. Bovendien wordt het proces voor het vormen van een dergelijke gecompliceerde schakeling vereenvoudigd en verkort door het uitvoeren van slechts één enkel thermisch oxideproces voor het vormen van gate-oxidelagen.
De oxidatiekarakteristieken van een siliciumsubstraat kunnen 20 bijvoorbeeld worden gewijzigd door het wijzigen van de chemische samenstelling aan het oppervlak van het siliciumsubstraat. Het opnemen zelfs van een kleine hoeveelheid stikstof in silicium reduceert de snelheid waarmee thermische oxidatie op het gemodificeerde siliciumoppervlak plaatsvindt. Dit verschijnsel wordt schematisch in figuur 1 25 geïllustreerd. Verschillende doseringen van stikstof worden in het oppervlak van het siliciumsubstraat geïmplanteerd en het siliciumsubstraat met zijn verschillende doseringen van geïmplanteerd stikstof wordt gedurende verscheidene tijdsperioden blootgesteld aan een oxiderende omgeving. Zoals in figuur 1 te zien is, groeit een oxidelaag tot 30 een dikte van circa 100 A op een ongedoteerd siliciumoppervlak dat gedurende twee uur is blootgesteld aan een oxiderende omgeving. Als daarentegen een dosering van 5 x 10l4/cm2 van stikstof ionen met een energie van circa 25 KeV in een silicumsubstraat wordt geïmplanteerd, groeit een twee uur durende blootstelling aan de oxiderende omgeving 35 een oxidelaag die een dikte van slechts circa 40 A heeft. Het is te verwachten dat zelfs dramatischere variaties in de snelheid van oxide-groei bereikt kunnen worden voor langere oxidatietijdsperioden. Het zal voor de vakman met gebruikelijke vakkennis duidelijk zijn dat een 1006803 6 reeks van verschillende oxidedikten geselecteerd kan worden door het onafhankelijk variëren van de hoeveelheid stikstof die aanwezig is op het oppervlak van het siliciumsubstraat dat oxidatie ondergaat.
Een verdere beschrijving van dit verschijnsel kan worden gevonden 5 in de verhandeling door Liu, e.a., "High Performance 0.2 pm CMOS with 25 A Gate Oxide Grown on Nitrogen Implanted Si Substrates," Proceedings of the IEDM 1QQ6 ^99-502 (1996), welke verhandeling hierbij als referentie is opgenomen.
Zoals in die verhandeling is beschreven blijkt dat stikstof die 10 in een siliciumsubstraat is geïmplanteerd dat achtereenvolgens wordt blootgesteld aan een oxiderende omgeving, tijdens oxidatie in de oxidelaag diffundeert, waarbij weinig stikstof in het substraat achterblijft, zelfs na een kort oxidatieproces, zodat het meeste van het stikstof zich nabij het grensvlak tussen de gegroeide oxidelaag en 15 het siliciumsubstraat verzamelt. Er kan verwacht worden dat andere geïmplanteerde doteermiddelen of andere wijzigingen in de chemische samenstelling van het substraat tevens variaties kunnen verschaffen in de snelheid van oxidegroei in thermische oxidatieprocessen, op een wijze die soortgelijk is aan de wijze die is geïllustreerd in figuur 1 20 voor stikstofimplantatie. Stikstofimplantatie heeft in het onderhavige geval de voorkeur omdat stikstofimplantatie weinig effect heeft op de elektrische kenmerken van het siliciumsubstraat op het doteringsniveau dat thans wordt beschouwd wanneer de onderhavige uitvinding wordt uitgevoerd. Als, zoals gesuggereerd door het artikel van Liu, tijdens 25 de oxidatie stikstof in de oxidelaag wordt afgescheiden, dan heeft stikstof nog meer de voorkeur, aangezien van de oxidelaag die stikstof omvat verwacht kan worden dat deze een hogere koppelingsgraad tussen een gate-elektrode en een substraat in een MOSFET verschaft. Bovendien kan, zoals geïllustreerd in figuur 1, de dikte van gate-oxide dat in 30 een vaste-tijd-blootstelling aan het oxidatieproces wordt gegroeid over een wijd gebied worden gevarieerd, waarbij dit in het algemeen de dikten bevat die wenselijk zijn voor gate-oxiden die gebruikt moeten worden in verscheidene van de schakelingen die samen op één enkele chip gecombineerd kunnen worden. Andere voorwaarden voor de energie en 35 dosering die gebruikt kunnen worden voor de stikstofimplantatie overeenkomstig de onderhavige uitvinding kunnen ook worden bepaald door eenvoudige variatie van de parameters die in figuur 1 zijn geïllustreerd, of door de werkwijzen die in de hierboven aangegeven verhande- 1006803 I' 7 ling van Liu zijn beschreven.
Een geschikte wijziging van de oxidatiekarakteristieken van een siliciumsubstraat kan derhalve worden bewerkstelligd door het implanteren van stikstof in het oppervlak van een deel van een silicium-5 schijfje met een hoeveelheid die voldoende is om de oxidatiesnelheid met een gewenste hoeveelheid te wijzigen. Een serie van maskeer- en implantatiestappen kan dan worden gebruikt voor het vormen van gelokaliseerde gebieden op het oppervlak van het siliciumsubstraat dat verschillende oxidatiekarakteristieken heeft. Het substraat wordt dan 10 geoxideerd voor het groeien van verschillende dikten van thermische oxide die overeenkomen met de gelokaliseerde variaties in de oxidatiekarakteristieken van het substraat. Het verwerken gaat verder voor het vormen van MOS-schakelingen op de geselecteerde gebieden die bedrijfs-karakteristieken hebben die behoren bij de specifieke doelstellingen 15 van de MOS-schakelingen.
Verscheidene gespecialiseerde schakelingen vereisen de nauwe samenwerking van verschillende schakelingscomponenten die fundamenteel verschillende bedrijfskarakteristieken hebben. De kernfunctie van grafische processoren en grafische accelatoren wordt bijvoorbeeld 20 uitgevoerd door schakelingen zoals microprocessoren of digitale sig-naalprocessoren die kenmerkend worden geïmplementeerd in logische hoge-snelheids-MOS-schakelingen met gebruikmaking vein hoge-snelheids-FET's met lage bedrijfsspanningen en dunne gate-oxidelagen. Kenmerkend vereisen grafische processoren significante randschakelingen die, 25 hoewel ze niet specifiek zijn voor de functie van de grafische processor, niettemin essentieel voor het gebruik hiervan zijn. Grafische processoren, hoge-snelheids-microcontrollers en -microprocessoren kunnen bijvoorbeeld intern gebruik maken van logische hoge-snelheids-en lage-bedrijfsspannings-schakelingen, maar moeten algemeen robuuste-30 re en hogere-bedrijfsspannings-I/O-schakelingen gebruiken om met andere schakelingen op andere chips gekoppeld te worden. Derhalve is het gewenst om op een gegeven logische schakeling tenminste een sectie van het substraat dat aan MOSFET's is gewijd te verschaffen die dikkere gate-oxidelagen omvatten en die geschikt zijn voor hogere bedrijfs-35 spanningen om I/O-functies mogelijk te maken. Het verschaffen van een verschillende reeks van MOSFET's voor de I/O-schakeling heeft in grote mate de voorkeur boven het alternatief van het maken van alle logische schakelingen overeenkomstig de ontwerpkarakteristieken die vereist 1006803 8 zijn voor I/O-schakelingen. Een dergelijk universeel ontwerp zou het prestatievermogen van de logische schakeling op een ongewenste wijze benadelen. Conventionele strategieën van veelvoudige maskeerstappen en veelvoudige thermische oxidatiestappen voor het bereiken van de ver-5 schillende bedrijfskarakteristieken van de logische en I/O-schake-1-ingssecties kunnen echter het prestatievermogen van een of beide schakelingssecties ongewenst benadelen. Problemen ontstaan vanwege de herhaalde hoge-temperatuur-verwerkingsstappen en omdat de elevatie van maskeerlagen over delen van de chip beperkingen oplegt met betrekking 10 tot de fotolithografietypes die effectief gebruikt kunnen worden bij de fabricage van dergelijke inrichtingen.
Verdere moeilijkheden ontstaan wanneer secties van ingebed geheugen op dergelijke chips met hoog prestatievermogen worden gevormd. Voor optimaal prestatievermogen van een aantal ontwerpen van grafische 15 processoren is het zeer gewenst om een hoeveelheid ingebed geheugen op de chip te verschaffen, zodat tot het geheugen toegang genomen kan worden zonder door I/O-schakelingen of een geheugen of systeembus extern van de processor te hoeven gaan, in het bijzonder wanneer er competitie voor het geheugen of de busbronnen is. Dergelijk on-chip of 20 ingebed geheugen heeft het verdere voordeel dat het toegankelijk is bij de hogere kloksnelheden die kenmerkend intern worden gebruikt in dergelijke processoren. Derhalve is het, voor hoge-snelheids-verwer-king van grote hoeveelheden data, zoals die wordt uitgevoerd in grafische processoren, gewenst om secties van ingebed dynamisch willekeurig 25 toegankelijk geheugen (dynamic random access memory = DRAM) op te nemen voor het optimaliseren van het algehele systeemprestatievermo-gen. Het verschaffen van een dergelijk ingebed DRAM op de chip behelst aanzienlijke moeilijkheden, beginnend met een zelfs nog meer uitgesproken moeilijkheid bij het handhaven van voldoende velddiepte voor 30 de fotolithografiestappen die worden gebruikt bij het fabriceren van de componenten van de DRAM. De condensatordiëlektrica voor dergelijke DRAM-condensatoren vertegenwoordigen een verdere uitdaging voor de verschaffing van ingebed DRAM in een grafische of ander type verwer-kings-chip, omdat de condensatordiëlektrica vaak een of meer lagen van 35 thermische oxide omvatten, die kenmerkend worden gevormd in hoge-tem-peratuur-verwerkingsstappen. Het is zeer gewenst om de topografie en hoge-temperatuur-processen te minimaliseren die behoren bij het verschaffen van veelvoudige dikten van gate-oxide op één enkele chip.
1006803 9
Hierdoor kunnen de verwerkingsmarges voor navolgende processen, zoals het vormen van ladingopslagcondensatoren voor ingebedde DRAM's, worden verbeterd.
Verdere aspecten van de onderhavige uitvinding worden nu beschre-5 ven met verwijzing naar een specifiek voorbeeld van een verwerkings-schakeling die op één enkele chip ingebed DRAM, logische hoge- snel-heids-schakelingen, en I/O-schakelingen omvat die bij hogere spanningen kunnen werken dan de logische schakeling. De figuren 2A, 2B en 2C illustreren verschillende secties van een substraat waarop de compo-10 nenten van een verwerkingsschakeling gevormd moeten worden. Logische hoge-snelheids-schakelingen zullen worden gevormd in sectie A, 1/0-schakelingen zullen worden gevormd in sectie B en ingebed DRAM zal worden gevormd in sectie C, In de geïllustreerde uitvoeringsvormen worden ondiepe-geul-isolatiestructuren 20 en een aantal conventionele 15 implantaties gevormd vóór de groei van de gate-oxidelagen. Derhalve tonen de figuren 2A-C ondiepe-geul-isolatiegebieden 20 die worden gevormd door het etsen van geulen in het substraat 10 en dan hervullen van de geulen met gebruikmaking van chemische dampdepositie (chemical vapor deposition = CVD)-oxide. Bovendien zijn isolatieputten 22, 24 20 verschaft voor de CMOS-schakelingen die in dit voorbeeld in de secties A en B gevormd moeten worden. Na de verscheidene voorbereidende ver-werkingsstappen wordt een aansluitvlak-oxidelaag 26 van circa 200 A dikte verschaft door thermische oxidatie of door CVD. Deze aansluitvlak-oxidelaag 26 beschermt de actieve gebieden van de inrichting 25 tijdens de navolgende verwerkings- en implantatiestappen. De implantatie van de voorkeursstikstof-oxidatiesnelheidsmodificator wordt met de meeste voorkeur uitgevoerd kort vóór de groei van de gate-oxidelaag op het substraat 10. Met de meeste voorkeur wordt er geen thermische oxidatiestap of andere hoge-temperatuur-stap, die normaal vergezeld 30 zou gaan van de groei van een oxidelaag, uitgevoerd na de stikstof-implantatie en vóór de groei van het gate-oxide op het substraat. Deze sequentie van verwerkingsstappen verdient de voorkeur vanwege de waargenomen neiging van de stikstof om te diffunderen in oxide dat op een stikstof-geïmplanteerd siliciumoppervlak is gegroeid. Door het groeien 35 van de gate-oxidelaag als de eerste thermische verwerkingsstap die op de stikstofimplantatie volgt, wordt het grootste effect op de oxida-tiesnelheid waargenomen. Het zal verder duidelijk zijn dat, aangenomen dat de vermelde observaties correct zijn, het onnodig is om de stik- 1006803 10 stofimplantatie te gloeien om de voordelen van langzamere oxidatie te bereiken. Dit is omdat de stikstof gemakkelijk blijkt te diffunderen in de aanvankelijke stadia van het oxidatieproces, en als belangrijkste effect blijkt te hebben dat deze een barrière vormt tegen zuurstof 5 dat op het oppervlak van het siliciumsubstraat diffundeert.
Met verwijzing nu naar de figuren 3A-C worden de substraatsecties B en C waarop de I/O-schakelingen en ingebedde DRAM-schakelingen respectief gevormd moeten worden, bedekt door een fotolakmasker 28. Het fotolakmasker 28 wordt op een conventionele wijze gevormd voor het 10 blootleggen van alleen de sectie A waarop de logische hoge-snelheids-schakelingen gevormd moeten worden. Zoals geïllustreerd is het oppervlak van het substraat 10 in sectie A alleen bedekt door de aansluit-vlak-oxidelaag 26 die het substraat beschermt en kanaalvorming van de geïmplanteerde stikstofionen verhindert. Stikstofionen worden dan in 15 het oppervlak van het substraat in sectie A geïmplanteerd tot een dosering van circa 5 x 10l4/cm2 bij een energie van circa 25 KeV door de aansluitvlak-oxidelaag 26 heen. Er wordt geen stikstof geïmplanteerd in sectie B en C omdat deze secties worden bedekt door het fotolakmasker 28. Wanneer het met stikstof geïmplanteerde siliciumopper-20 vlak van sectie A later gedurende twee uur wordt blootgesteld aan een oxidatie-omgeving, zal een gate-oxidelaag van circa kO A op het oppervlak van het substraat groeien. Een dergelijke dunne gate-oxidelaag is geschikt voor gebruik in logische hoge-snelheids-FET's met bedrijfs-spanningen tussen circa 1,8-2,5 V.
25 Kenmerkend wordt het volgende stadium van stikstofimplantatie uitgevoerd door het wegtrekken van het bestaande fotolakmasker 28 dat is geïllustreerd in de figuren 3A-C en het vervangen van het masker door een nieuw masker dat het sectie-A-deel van het substraat bedekt dat is bestemd voor logische laagspannings-schakelingen en het sectie-30 C-deel van het substraat dat is bestemd voor ingebedde DRAM-schakelin-gen. Bij voorkeur wordt het oude fotolakmasker 28 weggetrokken in een verassingsproces van vergelijkenderwijs lage temperatuur. Met de meeste voorkeur is het verassingsproces zuurstof-gebaseerd en zal de aansluitvlak-oxidelaag 26, die het oppervlak van het substraat 10 in de 35 secties A, B en C bedekt, niet aantasten. Op deze wijze is er geen noodzaak voor een thermisch oxidatieproces voor het verschaffen van een aansluitvlak-oxidelaag over sectie B vóór de implantatie van stikstofionen. Nadat het eerste stikstof-implantatiemasker is verwijderd, 1006803 11 wordt een tweede stikstof-implantatiemasker 30 verschaft in fotolak door middel van conventionele lithografie voor het bedekken van het sectie-A-deel van het substraat dat gewijd moet worden aan logische schakelingen en het sectie-C-deel van het substraat dat gewijd moet 5 worden aan ingebedde DRAM-schakelingen, zoals geïllustreerd in de figuren ^A-C. Stikstofionen worden dan door de blootgelegde aansluit-vlak-oxidelaag 26 in het sectie-B-deel van het substraat 10, dat is geïllustreerd in figuur JJB, geïmplanteerd. Bij voorkeur wordt een dosis van circa 2 x 10lb/cm2 stikstofionen verschaft door de aansluit-10 vlak-oxidelaag bij een energie van circa 25 KeV. Wanneer het stikstof-geïmplanteerde siliciumoppervlak van sectie B later voor twee uur wordt blootgesteld aan een oxiderende omgeving, zal een gate-oxidelaag van circa 75 A dikte op het oppervlak groeien. Deze dikte van gate-oxide is geschikt voor FET's in I/O-schakelingen die in staat zijn tot 15 bedrijf bij circa 3.3 V.
Door het selecteren van een geschikte stikstof-implantatiedosis voor het sectie-A-deel van het substraat dat gewijd moet worden aan logische schakelingen en voor het sectie-B-oppervlak van het substraat dat gewijd moet worden aan I/O-schakelingen, kan een geschikte oxida-20 tie-tijdsperiode worden geselecteerd, zodat er geen stikstofimplantatie voorzien hoeft te worden op sectie C met het ingebedde DRAM. Door blootstelling van het niet-geïmplanteerde siliciumoppervlak van sectie C aan een oxiderende omgeving gedurende twee uur groeit een oxidelaag die een dikte van circa 100 A heeft. Een dergelijke dikkere oxidelaag 25 verdient de voorkeur voor ingebedde DRAM's om lekkage via de over-drachts-FET van de ingebedde DRAM-cel te reduceren. Derhalve worden, in voorkeursuitvoeringsvormen van de onderhavige uitvinding, de stik-stofimplantatiedoseringen en de oxidatietijd geselecteerd zodat groei van de dikste gate-oxidelaag kan worden bewerkstelligd zonder stik-30 stof-implantatie, waardoor een maskerstap en een implantatiestap kunnen worden uitgespaard. Als dit onpraktisch is of als er de een of andere reden is voor het verschaffen van een gate-oxidelaag die stikstof omvat voor het DRAM of andere schakelingen die relatief dikke gate-oxidelagen omvatten, dan kunnen stikstofimplantaties worden uit-35 gevoerd in alle secties van de geïllustreerde chip. Bovendien, terwijl de beschreven uitvoeringsvorm drie verschillende dikten van gate-oxi-den verschaft, zou het natuurlijk mogelijk zijn om aanvullende secties van het substraatoppervlak met verschillende oxidatiekarakteristieken 1006803 12 te verschaffen, zodat nog verder verschillende dikten van gate-oxide opgenomen zouden kunnen in verschillende typen van MOS-schakelingen die op het substraat zijn gevormd. Verder kunnen, als andere oxidatie-snelheid-modificatoren worden geïdentificeerd die compatibel zijn met 5 MOS-schakelingen, dergelijke modificatoren selectief worden geïmplanteerd of op andere wijze worden opgenomen in het oppervlak van het siliciumsubstraat, ofwel in gebieden die verschillend zijn van de gebieden die hierboven zijn beschreven ofwel in combinatie met de stikstofoxidatiesnelheid-modificerende implantaties.
10 Wanneer alle gewenste oxidatiesnelheids-modificerende implanta ties eenmaal zijn uitgevoerd, wordt het tweede fotolakmasker 30 eraf getrokken en wordt de beschermende aansluitvlak-oxidelaag 26 afgetrokken van alle substraatoppervlakken waarop een gate-oxidelaag gegroeid zal worden. Het masker 30 kan worden verwijderd door middel van veras-15 sing en het aansluitvlak-oxide kan worden verwijderd door het substraat in een verdunde HF-oplossing te dopen. Het substraat 10 wordt dan in een oven geplaatst en de verschillende secties van het substraat worden gedurende één enkele tijdsperiode aan een gemeenschappelijke oxidatie-omgeving blootgesteld om verschillende oxidedikten op 20 de verschillende secties van het substraat te groeien. In de geïllustreerde uitvoeringsvorm kan het substraat gedurende twee uur zijn blootgesteld aan de oxiderende omgeving. Dit oxidatieproces bewerkstelligt de groei van een 40 A dikke oxidelaag 42 in sectie A, een 75 A dikke oxidelaag 44 in sectie B, en een 100 A dikke oxidelaag 46 in 25 sectie C. Bij voorkeur wordt een laag van polysilicium 48 over de. verschillende gate-oxidelagen 42, 44, 46 aangebracht snel na de vorming van de gate-oxidelagen. Om de gespecificeerde verwerking mogelijk te maken die wordt vereist door de schakelingen die in de verschillende secties gevormd moet worden, verdient het de voorkeur dat het poly-30 silicium op dit moment niet wordt gedoteerd. Het polysilicium in verschillende secties kan dan worden gedoteerd tot de specifieke doteer-niveaus die vereist zijn voor de verschillende typen schakelingen. Kenmerkend kan één enkele dikte van polysilicium worden aangebracht over alle geïllustreerde secties om te voldoen aan de verschillende 35 eisen voor de polysilicium gate-elektroden in de verschillende schakelingen. Als dit, aan de andere kant, niet mogelijk is, kan een dunnere laag van polysilicium van circa 1000 A alternatief worden aangebracht. Een dergelijke dunnere laag van polysilicium zou later worden vergroot 1006803 13 om de polysiliclum gate-elektrodedikte te bereiken die vereist is door de verschillende schakelingen. Ofwel een vergelijkenderwijs dikke ofwel een vergelijkenderwijs dunne polysiliciumlaag 48 kan worden gebruikt om de gate-oxidelagen tegen verdere verwerking te beschermen.
5 De verschafte structuur, met een polysiliciumlaag 48 vein tussen I5OO-3000 A, is geïllustreerd in de figuren 5A-C.
Met verwijzing nu naar de figuren 6A-C, wordt de verwerkingsscha-keling met ingebed DRAM getoond nadat de individuele logische, I/O- en DRAM-schakelingen op de respectieve secties van het substraat zijn 10 gevormd. Derhalve is een logische hoge-snelheids-schakeling die FET's omvat die zijn gevormd op een 40 A dikke gate-oxidelaag geïllustreerd, die is gevormd binnen sectie A, een I/O-schakeling die FET's omvat die zijn gevormd op een 75 A dikke gate-oxidelaag is geïllustreerd in sectie B, en een ingebed DRAM waarbij de overdrachts-FET's zijn ge-15 vormd op een 100 A dikke gate-oxidelaag is geïllustreerd in sectie C. Eerst met verwijzing naar figuur 6A, wordt een logische hoge-snel-heids-schakeling getoond die compatibel is met bedrijfsspanningen in de orde van 1,8-2,5 V. Voor de geïllustreerde uitvoeringsvorm heeft het substraat 10 een P-type achtergronddotering of tenminste een op-20 pervlaktelaag die een P-type achtergronddotering heeft. De N-put 22 is in een vroeg verwerkingsstadium gevormd om de vorming van logische CMOS-schakelingen of een combinatie van NM0S- en PMOS-schakelingen in dichte verhouding mogelijk te maken. Aan de linkerzijde van de geïllustreerde schakeling bevindt zich een NM0S FET die een gate-25 elektrode 50 omvat op de ongeveer 40 A dikke gate-oxidelaag die is gevormd in het selectieve oxidatieproces dat hierboven is beschreven. Source- en drain-gebieden 52, 54 zijn op de conventionele zelf-uitge-richte wijze aan elke zijde van de gate-elektrode 50 gevormd. Een PMOS-inrichting is op een soortgelijke wijze in de N-put 22 gevormd en 30 omvat de gate-elektrode 56 en de source- en drain-gebieden 58, 60, zoals geïllustreerd. De gate-elektroden 50, 56 zijn bij voorkeur gevormd, tenminste voor een deel, van de polysiliciumlaag 48 die in figuur 5A is geïllustreerd. Het vormen van patronen en het doteren van de gate-elektroden wordt op de bekende, conventionele wijze bewerk-35 stelligd. Het is gewoonlijk wenselijk om logische hoge-snelheids-inrichtingen te vormen zoals die inrichting die is geïllustreerd in figuur 6A met gebruikmaking van multilaags-gate-elektroden inclusief een laag van metaalsilicide over een lagere polysiliciumlaag. Boven- 1006803 14 dien zou de logische schakeling van figuur 6A kenmerkend met silicium bewerkte source/drain-contacten omvatten om een lagere contactweerstand te bereiken. Het gebruik van met silicium bewerkte source/drain-contacten zou ook bewerkstelligd kunnen worden in de I/O-schakeling 5 die in figuur 6B is geïllustreerd, maar zou niet gebruikt worden in de ingèbedde DRAM-structuur die in figuur 6C is geïllustreerd. Als zodanig zijn er een aantal gevallen waarbij de schakelingen van de figuren 6A en 6B in grote mate gelijktijdig gevormd zouden kunnen worden. Aan de andere kant verdient het kenmerkend de voorkeur om het ingebedde 10 DRAM van figuur 6C in een geheel afzonderlijk proces te vormen.
De schakeling van figuur 6B kan een I/O-schakeling zijn die compatibel is met bedrijfsspanningen van 3.3 V en kan, bijvoorbeeld, uit een of meer uitgangsbuffers bestaan. De specifieke schakeling die is geïllustreerd in figuur 6B is een doorsnede door een inverter die een 15 deel van de I/O-schakeling vormt. In kenmerkende configuraties zou een gemeenschappelijk source/drain-contact verbonden kunnen zijn met een I/O-aansluitvlakje op de chip, en de gates van de inverter zouden gemeenschappelijk met een intern signaal verbonden kunnen zijn. De geïllustreerde inverter is gevormd op het P-type substraat 10 en ge-20 deeltelijk binnen de N-put 24. Net als de N-put 22 die is geïllustreerd in figuur 6A, kan de N-put 24 in een zeer vroeg verwerkingssta-dium worden gevormd, vóór de implantatie van stikstof aan sectie B van het substraat. De inverter bestaat uit een NMOS-FET die de gate-elektrode 70 en de source/drain-gebieden 72 en 74 omvat. Het PMOS FET 25 deel van de inverter is gevormd op N-put 24 en omvat de gate-elektrode 76 en de source- en drain-gebieden 78, 80. Kenmerkend omvat de inverter met silicium bewerkte gate-elektroden 70, 76 die gedeeltelijk zijn gevormd vein de polysilicium laag 48 (figuur 5B) en omvat met silicium bewerkte source/drain-gebieden 72, 74, 78 en 80. De belangrijkste 30 verschillen tussen de logische schakeling van figuur 6A en de 1/0-schakeling van figuur 6B (op een gate-niveau) is dat de 1/0-schakeling van figuur 6B een dikkere gate-oxidelaag 44 van bijvoorbeeld circa 75 A voor zowel de NM0S- als de PMOS-inrichtingen omvat. Andere verschillen kunnen ook bestaan, inclusief gate-dimensies en relatieve doteer-35 niveaus, al naar gelang de geschiktheid voor de verschillende functies en verschillende bedrijfsspanningen van de twee schakelingen. Natuurlijk is geen van de verbindingsschakelingen en bedradingen geïllustreerd, noch in de logische schakeling van figuur 6A, noch in de 1/0- 1006803 15 schakeling van figuur 6B.
Figuur 6C illustreert delen van twee geheugencellen binnen een ingebedde DRAM-schakeling. Zoals hierboven kort is beschreven, is het kenmerkend om 20wel de logische schakeling van figuur 6A als ook de 5 I/O-schakeling van figuur 6B te vormen in een proces dat onafhankelijk is van het proces dat is gebruikt voor de ingebedde DRAM-schakeling van figuur 6C. Zowel de logische schakeling van figuur 6A en de 1/0-schakeling van figuur 6B kunnen bijvoorbeeld worden gevormd voorafgaand aan de vorming van de ingebedde DRAM-schakeling van figuur 6C. 10 De ingebedde DRAM-schakeling van figuur 6C wordt gevormd beginnend met de afdekkende polysiliciumlaag 48 die in figuur 50 is geïllustreerd, die de dikkere gate-oxidelaag 46 van sectie C bedekt. Bij voorkeur wordt de polysiliciumlaag N-type gedoteerd door middel van ionenimplantatie en gloeiing, en dan wordt in de polysiliciumlaag 48 een 15 patroon gemaakt van de gate-elektroden 90, 92 van de twee overgangs-FET's voor de twee geïllustreerde ingebedde DRAM-cellen. De twee over-gangs-FET's die zijn gevormd op de circa 100 A dikke gate-oxidelaag 46 hebben source/drain-gebieden 94, 96 en 98 die zijn gevormd door ionenimplantatie van N-type doteermiddelen die zelf-uitgericht zijn met de 20 gate-elektroden 90, 92 en de ondiepe-geul-isolatiegebieden 20. Voor de geïllustreerde configuratie hebben de twee overgangs-FET's een gemeenschappelijk source-gebied 96 en zijn via hun respectieve drain-gebie-den 94 en 98 gekoppeld aan de onderste elektroden van ladingopslagcon-densatoren. Een bitleidingscontact en verbindingsleiding 100 is ge-25 vormd in contact met het gemeenschappelijke source-gebied 96. Een relatief dik tussenlaag-diëlektricum 103 is verschaft over de over-drachts-FET en de inrichting-isolatiegebieden om het gebruik van een geplanariseerde condensator-over-bitleiding (C0B)-structuur mogelijk te maken.
30 Ladingopslagcondensatoren zijn verschaft in contact met de drain- gebieden 94, 98 van elk van de overdrachts-FET's. De ladingopslagcondensatoren kunnen bestaan uit geplanariseerde onderste polysilicium elektroden 102, 104 in contact met de overeenkomende drain-gebieden 94, 98. Een diëlektrische condensatorlaag 106 is gevormd over de twee 35 onderste condensatorelektroden 102, 104. Gewoonlijk kan deze diëlektrische condensatorlaag 106 het drielaags oxide/nitride/oxide-diëlek-tricum zijn dat bekend is als "0N0", maar in bijzondere voorkeursuitvoeringsvormen van de onderhavige uitvinding wordt een diëlektrische 1006803 16 ONO-laag niet gebruikt. Dit is omdat de vorming van 0N0 tenminste één hoge-temperatuur-oxidatieproces vereist. Met meer voorkeur is de diëlektrische condensatorlaag 106 een van de hoge diëlektrisch constante materialen die gevormd kunnen worden in een lage-temperatuur-5 CVD-proces of metaal-organisch CVD (MOCVD)-proces, zoals tantaalpen-toxide. Deze hoog diëlektrisch constante materialen verdienen de voorkeur zowel omdat ze hoge-capacitantie-ladingopslagcondensatoren met relatief eenvoudige condensatorstructuren mogelijk maken als omdat ze worden gevormd bij lagere temperaturen dan vereist zijn voor 0N0. Op 10 overeenkomstige wijze zijn dergelijke hoog diëlektrisch constante materialen meer compatibel met het behoud van de gate-oxide-kwaliteit, hetgeen een accent van de onderhavige uitvinding is. Een bovenste condensatorelektrode 108 die gedoteerd polysilicium omvat wordt dan verschaft over de diëlektrische condensatorlaag 106 zoals is geïllus-15 treerd in figuur 6C. Verscheidene verbindingen worden binnen de DRAM-schakeling en met de andere schakelingen van de verwerkingschip bewerkstelligd .
Terwijl de onderhavige uitvinding is beschreven in termen van bepaalde voorkeursuitvoeringsvormen, zal het voor de vakman met ge-20 bruikelijke vakkennis duidelijk zijn dat verscheidene modificaties en wijzigingen van de hier beschreven werkwijzen en structuren bewerkstelligd kunnen worden zonder af te wijken van de leer van de onderhavige uitvinding. De werkwijzen van de onderhavige uitvinding zouden bijvoorbeeld toegepast kunnen worden op andere schakelingen inclusief 25 gemengde-modus-schakelingen, die zowel digitale als analoge schakelingen op één enkele chip omvatten, alsmede andere combinaties van digitale schakelingen op één enkele chip. Derhalve is de onderhavige uitvinding niet beperkt tot een hierboven beschreven specifieke uitvoeringsvorm, maar dient de reikwijdte van de onderhavige uitvinding in 30 plaats daarvan te worden bepaald door de volgende conclusies.
1006803
Claims (9)
1. Werkwijze voor het vormen van een geïntegreerde schakelinrich-ting omvattende: 5 verschaffen van een halfgeleidersubstreat dat een oppervlak heeft, waarbij het halfgeleidersubstraat een eerste gebied heeft waarop een veelheid eerste MOS-inrichtingen gevormd moet worden en een tweede gebied heeft waarop een veelheid tweede MOS-inrichtingen gevormd moet worden; 10 verschaffen van een eerste concentratie van een eerste doteermid- del in het halfgeleidersubstraat op het oppervlak van het eerste gebied; verschaffen van een tweede concentratie van een tweede doteermid-del in het halfgeleidersubstraat op het oppervlak van het tweede ge-15 bied; oxideren van het oppervlak van het halfgeleidersubstraat om een eerste dikte van oxide op het eerste gebied van het halfgeleidersubstraat te groeien en om een tweede, verschillende dikte van oxide op het tweede gebied te groeien in één enkel oxidatieproces; en 20 vormen van eerste MOS-inrichtingen op de eerste gebieden van het halfgeleidersubstraat dat de eerste dikte van oxide omvat en vormen van tweede MOS-inrichtingen op het tweede gebied dat de tweede dikte van oxide omvat.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de eerste concentratie 25 van het eerste doteermiddel bewerkstelligt dat oxide met een langzamere snelheid op het eerste gebied groeit dan oxide groeit op het tweede gebied dat de tweede concentratie van het tweede doteermiddel omvat.
3. Werkwijze volgens conclusie 2, waarbij de eerste en tweede doteermiddelen beide stikstof zijn en de eerste concentratie groter is 30 dan de tweede concentratie.
4. Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de stappen van het vormen van eerste en tweede MOS-inrichtingen het aanbrengen omvatten van een laag van polysilicium over het eerste gebied en het tweede gebied, zodat de laag van polysilicium wordt gescheiden van het opper- 35 vlak van het eerste gebied door de eerste dikte van oxide en de laag van polysilicium wordt gescheiden van het oppervlak van het tweede gebied door de tweede dikte van oxide.
5. Werkwijze volgens conclusie 4, waarbij de eerste MOS-inrich- 1006803 tingen zijn geconfigureerd als logische schakelingen en een bedrijfs-spanning van minder dan 3.3 V hebben.
6. Werkwijze volgens conclusie 4, waarbij de eerste MOS-inrich-tingen bedrijfsspanningen hebben die lager zijn dan de tweede MOS- 5 inrichtingen, en waarbij de tweede MOS-inrichtingen I/O-schakelingen omvatten.
7. Werkwijze volgens conclusie 4, waarbij de I/O-schakelingen een inverter omvatten.
8. Werkwijze voor het vormen van een geïntegreerde schakelinrich-10 ting omvattende de stappen van: verschaffen van een substraat dat een eerste gebied heeft waarop eerste MOS-inrichtingen met een eerste gate-oxidedikte gevormd zullen worden en een tweede gebied waarop tweede MOS-inrichtingen gevormd zullen worden; 15 instellen van de samenstelling van het substraat binnen tenminste één van het eerste gebied en het tweede gebied, zodat het eerste gebied en het tweede gebied verschillende oxide-groeikarakteristieken in een oxidatie-omgeving zullen hebben; blootstellen van het substraat aan een oxidatie-omgeving zodat 20 een eerste dikte van een eerste oxidelaag in het eerste gebied groeit en een tweede dikte van een tweede oxidelaag in het tweede gebied groeit na blootstelling van het eerste gebied en het tweede gebied aan een oxidatie-omgeving; en vormen van eerste MOS-inrichtingen op het eerste gebied van het 25 substraat en vormen van tweede MOS-inrichtingen op het tweede gebied van het substraat.
9. Werkwijze volgens conclusie 8, verder omvattende de stappen van: verschaffen op het substraat van een derde gebied waarop M0S-30 gebaseerde geheugeninrichtingen gevormd moeten worden die derde MOS-inrichtingen omvatten die een derde oxide-dikte hebben; instellen van de samenstelling van het substraat binnen het derde gebied zodat het derde gebied een oxide-groeikarakteristiek heeft die verschillend is van de oxide-groeikarakteristieken van zowel het eer-35 ste gebied als het tweede gebied; onderwerpen van het substraat aan een oxidatie-omgeving zodat een derde dikte van een derde oxidelaag in het derde gebied groeit na blootstelling van het derde gebied aan de oxidatie-omgeving; en 1006803 % vormen van derde MOS-inrichtingen op de derde oxidelaag, waarbij de derde MOS-inrichtingen een gate-elektrode op de derde oxidelaag, eerste en tweede source/drain-gebieden aan elke zijde van de gate-elektrode, en een ladingopslagoppervlak dat is verbonden met het eer-5 ste source/drain-gebied, omvatten. ***** 1006803
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1006803A NL1006803C2 (nl) | 1997-08-20 | 1997-08-20 | Differentiële gate-oxidedikte door stikstofimplantatie voor gemengde- modus- en ingebedde vlsi-schakelingen. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1006803 | 1997-08-20 | ||
| NL1006803A NL1006803C2 (nl) | 1997-08-20 | 1997-08-20 | Differentiële gate-oxidedikte door stikstofimplantatie voor gemengde- modus- en ingebedde vlsi-schakelingen. |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1006803C2 true NL1006803C2 (nl) | 1999-02-23 |
Family
ID=19765516
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1006803A NL1006803C2 (nl) | 1997-08-20 | 1997-08-20 | Differentiële gate-oxidedikte door stikstofimplantatie voor gemengde- modus- en ingebedde vlsi-schakelingen. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL1006803C2 (nl) |
Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPS63205944A (ja) * | 1987-02-23 | 1988-08-25 | Matsushita Electronics Corp | Mos集積回路の製造方法 |
| US5330920A (en) * | 1993-06-15 | 1994-07-19 | Digital Equipment Corporation | Method of controlling gate oxide thickness in the fabrication of semiconductor devices |
| US5480828A (en) * | 1994-09-30 | 1996-01-02 | Taiwan Semiconductor Manufacturing Corp. Ltd. | Differential gate oxide process by depressing or enhancing oxidation rate for mixed 3/5 V CMOS process |
| US5576226A (en) * | 1994-04-21 | 1996-11-19 | Lg Semicon Co., Ltd. | Method of fabricating memory device using a halogen implant |
-
1997
- 1997-08-20 NL NL1006803A patent/NL1006803C2/nl not_active IP Right Cessation
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPS63205944A (ja) * | 1987-02-23 | 1988-08-25 | Matsushita Electronics Corp | Mos集積回路の製造方法 |
| US5330920A (en) * | 1993-06-15 | 1994-07-19 | Digital Equipment Corporation | Method of controlling gate oxide thickness in the fabrication of semiconductor devices |
| US5576226A (en) * | 1994-04-21 | 1996-11-19 | Lg Semicon Co., Ltd. | Method of fabricating memory device using a halogen implant |
| US5480828A (en) * | 1994-09-30 | 1996-01-02 | Taiwan Semiconductor Manufacturing Corp. Ltd. | Differential gate oxide process by depressing or enhancing oxidation rate for mixed 3/5 V CMOS process |
Non-Patent Citations (2)
| Title |
|---|
| DOYLE B ET AL: "SIMULTANEOUS GROWTH OF DIFFERENT THICKNESS GATE OXIDES IN SILICON CMOS PROCESSING", IEEE ELECTRON DEVICE LETTERS, vol. 16, no. 7, 1 July 1995 (1995-07-01), pages 301/302, XP000514695 * |
| PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 012, no. 493 (E - 697) 22 December 1988 (1988-12-22) * |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US5920779A (en) | Differential gate oxide thickness by nitrogen implantation for mixed mode and embedded VLSI circuits | |
| US6552401B1 (en) | Use of gate electrode workfunction to improve DRAM refresh | |
| EP0387999B1 (en) | Process for forming high-voltage and low-voltage CMOS transistors on a single integrated circuit chip | |
| US4918026A (en) | Process for forming vertical bipolar transistors and high voltage CMOS in a single integrated circuit chip | |
| US6235574B1 (en) | High performance DRAM and method of manufacture | |
| US7935595B2 (en) | Method for manufacturing semiconductor device | |
| US5397715A (en) | MOS transistor having increased gate-drain capacitance | |
| JPH0311627A (ja) | 半導体装置の製造方法 | |
| US6242300B1 (en) | Mixed mode process for embedded dram devices | |
| US4488348A (en) | Method for making a self-aligned vertically stacked gate MOS device | |
| US20030203565A1 (en) | Use of gate electrode workfunction to improve DRAM refresh | |
| US4075754A (en) | Self aligned gate for di-CMOS | |
| JPH05251555A (ja) | Mos型集積回路の製造方法 | |
| US6030862A (en) | Dual gate oxide formation with minimal channel dopant diffusion | |
| US5264721A (en) | Insulated-gate FET on an SOI-structure | |
| KR20000022778A (ko) | 반도체 장치의 제조방법 | |
| US5118633A (en) | Method for manufacturing a bicmos semiconductor device | |
| JP4190791B2 (ja) | 半導体集積回路装置の製造方法 | |
| JP2624709B2 (ja) | 半導体装置の製造方法 | |
| NL1006803C2 (nl) | Differentiële gate-oxidedikte door stikstofimplantatie voor gemengde- modus- en ingebedde vlsi-schakelingen. | |
| GB2327810A (en) | Manufacturing integrated circuit devices with different gate oxide thicknesses | |
| JPS6212152A (ja) | 半導体装置の製造方法 | |
| KR100495858B1 (ko) | 반도체 소자의 제조 방법 | |
| US6645817B2 (en) | Method of manufacturing a semiconductor device comprising MOS-transistors having gate oxides of different thicknesses | |
| JPS6165470A (ja) | 半導体集積回路装置 |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| VD1 | Lapsed due to non-payment of the annual fee |
Effective date: 20050301 |