NL2007390C2 - Werkwijze en systeem voor het vervaardigen van een spuitgietproduct, alsmede etiketoverbrenginrichting. - Google Patents
Werkwijze en systeem voor het vervaardigen van een spuitgietproduct, alsmede etiketoverbrenginrichting. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2007390C2 NL2007390C2 NL2007390A NL2007390A NL2007390C2 NL 2007390 C2 NL2007390 C2 NL 2007390C2 NL 2007390 A NL2007390 A NL 2007390A NL 2007390 A NL2007390 A NL 2007390A NL 2007390 C2 NL2007390 C2 NL 2007390C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- mold
- label
- neck
- mold cavity
- peripheral
- Prior art date
Links
- 238000010380 label transfer Methods 0.000 title claims description 23
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims description 19
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 title claims description 12
- 238000001746 injection moulding Methods 0.000 title description 7
- 238000002347 injection Methods 0.000 claims description 143
- 239000007924 injection Substances 0.000 claims description 143
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 claims description 101
- 239000000463 material Substances 0.000 claims description 5
- 238000003780 insertion Methods 0.000 claims description 2
- 230000037431 insertion Effects 0.000 claims description 2
- 239000000969 carrier Substances 0.000 description 15
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 description 11
- 241000680172 Platytroctidae Species 0.000 description 8
- 239000007789 gas Substances 0.000 description 4
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Chemical compound O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 4
- 238000002372 labelling Methods 0.000 description 3
- 230000000717 retained effect Effects 0.000 description 3
- 230000004888 barrier function Effects 0.000 description 2
- 241000283074 Equus asinus Species 0.000 description 1
- QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N atomic oxygen Chemical compound [O] QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 230000008859 change Effects 0.000 description 1
- 210000005069 ears Anatomy 0.000 description 1
- 238000012986 modification Methods 0.000 description 1
- 230000004048 modification Effects 0.000 description 1
- 239000001301 oxygen Substances 0.000 description 1
- 229910052760 oxygen Inorganic materials 0.000 description 1
- 238000005507 spraying Methods 0.000 description 1
- 230000007704 transition Effects 0.000 description 1
- 230000037303 wrinkles Effects 0.000 description 1
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29C—SHAPING OR JOINING OF PLASTICS; SHAPING OF MATERIAL IN A PLASTIC STATE, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; AFTER-TREATMENT OF THE SHAPED PRODUCTS, e.g. REPAIRING
- B29C45/00—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor
- B29C45/14—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor incorporating preformed parts or layers, e.g. injection moulding around inserts or for coating articles
- B29C45/14008—Inserting articles into the mould
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29C—SHAPING OR JOINING OF PLASTICS; SHAPING OF MATERIAL IN A PLASTIC STATE, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; AFTER-TREATMENT OF THE SHAPED PRODUCTS, e.g. REPAIRING
- B29C45/00—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor
- B29C45/17—Component parts, details or accessories; Auxiliary operations
- B29C45/26—Moulds
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29C—SHAPING OR JOINING OF PLASTICS; SHAPING OF MATERIAL IN A PLASTIC STATE, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; AFTER-TREATMENT OF THE SHAPED PRODUCTS, e.g. REPAIRING
- B29C45/00—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor
- B29C45/14—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor incorporating preformed parts or layers, e.g. injection moulding around inserts or for coating articles
- B29C45/14008—Inserting articles into the mould
- B29C2045/14057—Inserting articles into the mould feeding inserts wrapped on a core
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29C—SHAPING OR JOINING OF PLASTICS; SHAPING OF MATERIAL IN A PLASTIC STATE, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; AFTER-TREATMENT OF THE SHAPED PRODUCTS, e.g. REPAIRING
- B29C45/00—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor
- B29C45/14—Injection moulding, i.e. forcing the required volume of moulding material through a nozzle into a closed mould; Apparatus therefor incorporating preformed parts or layers, e.g. injection moulding around inserts or for coating articles
- B29C2045/1486—Details, accessories and auxiliary operations
- B29C2045/14901—Coating a sheet-like insert smaller than the dimensions of the adjacent mould wall
- B29C2045/14918—Coating a sheet-like insert smaller than the dimensions of the adjacent mould wall in-mould-labelling
- B29C2045/14926—Coating a sheet-like insert smaller than the dimensions of the adjacent mould wall in-mould-labelling multiple labels in the same cavity
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29K—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASSES B29B, B29C OR B29D, RELATING TO MOULDING MATERIALS OR TO MATERIALS FOR MOULDS, REINFORCEMENTS, FILLERS OR PREFORMED PARTS, e.g. INSERTS
- B29K2101/00—Use of unspecified macromolecular compounds as moulding material
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29L—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASS B29C, RELATING TO PARTICULAR ARTICLES
- B29L2022/00—Hollow articles
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29L—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASS B29C, RELATING TO PARTICULAR ARTICLES
- B29L2023/00—Tubular articles
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B29—WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
- B29L—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASS B29C, RELATING TO PARTICULAR ARTICLES
- B29L2023/00—Tubular articles
- B29L2023/20—Flexible squeeze tubes, e.g. for cosmetics
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Manufacturing & Machinery (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Injection Moulding Of Plastics Or The Like (AREA)
- Moulds For Moulding Plastics Or The Like (AREA)
Description
P30779NL00/ENY
Korte aanduiding: Werkwijze en systeem voor het vervaardigen van een spuitgietproduct, alsmede etiketoverbrenginrichting
De uitvinding heeft betrekking op het gebied van “in-mould labelling”. Hierbij wordt een etiket in een matrijsholte van een spuitgietmatrijs geplaatst, en wordt vervolgens kunststof in de matrijsholte geïnjecteerd om een spuitgietproduct met het etiket te vormen.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een werkwijze voor het in een 5 spuitgietmatrijs vervaardigen van een kunststof spuitgietproduct met een buisvormig lichaam, een halsgedeelte, dat is verbonden met een eind van het buisvormige lichaam, en een kopgedeelte, dat is verbonden met een van het buisvormige lichaam afgekeerd eind van het halsgedeelte, waarbij eventueel het buisvormige lichaam een tegenover het kopgedeelte liggend open eind omvat dat platgedrukt en gesloten kan worden voor het 10 vervaardigen van een knijptube, welke spuitgietmatrijs omvat: . een eerste matrijsgedeelte, dat is voorzien van een eerste matrijsholte met een wand die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het halsgedeelte en van het kopgedeelte van het te vervaardigen kunststof product, welk eerste matrijsgedeelte is voorzien van een toevoerkanaal voor het 15 toevoeren van kunststof, welk toevoerkanaal uitmondt in de eerste matrijsholte, • een tweede matrijsgedeelte, dat is voorzien van een tweede matrijsholte met een wand die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het buisvormige lichaam van het te vervaardigen kunststof product, en • een derde matrijsgedeelte, dat is voorzien van een kernlichaam met een 20 wand die overeenkomt met de vorm van ten minste het binnenoppervlak van het buisvormige lichaam en met de vorm van het binnenoppervlak van het halsgedeelte en eventueel met de vorm van het binnenoppervlak van het kopgedeelte van het te vervaardigen kunststof product, welke werkwijze omvat: 25 - het uit elkaar bewegen van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs naar een open stand om het aanbrengen van een omtreksetiket in de tweede matrijsholte mogelijk te maken, - in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte, het aanbrengen van het omtreksetiket in de tweede matrijsholte, -2- - het verplaatsen van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte vanuit de open stand naar een gesloten stand, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte tegen elkaar aanliggen voor het vormen van een afgesloten matrijsholte, - het toevoeren van kunststof via het toevoerkanaal van het eerste matrijsgedeelte 5 voor het vormen van het kunststof spuitgietproduct in de afgesloten matrijsholte.
Uit US 2007/0190275 is een werkwijze voor het vervaardigen van een kunststof tube bekend. De tube omvat een buisvormig tubelichaam dat aan een vooreind daarvan is voorzien van een tubeschouder. Een schroefdraadgedeelte strekt zich uit vanaf de tubeschouder. Het schroefdraadgedeelte is via een overgangsgedeelte verbonden met een 10 tubeuitlaat. De tubeuitlaat omvat een gesloten eindwand die kan worden afgesneden of doorboord om de tube te openen.
De tube wordt vervaardigd met een spuitgietmatrijs die is voorzien van een kopmatrijs, een holle matrijs, en een kernhouder. De kopmatrijs omvat twee verschuifbare bekken en een centreerinzetstuk. De bekken en het centreennzetstuk vormen het gedeelte 15 van de matrijsholte voor het vormen van het voorste gedeelte van de tube. Een injectiekanaal is aangebracht in het centreerinzetstuk voor het injecteren van kunststof. Het buisvormige tubelichaam wordt gevormd met de holle matrijs die een in hoofdzaak cilindrisch matrijskanaal omvat. Het matrijskanaal vormt het buitenoppervlak van de matrijsholte. De kernhouder omvat een kern die via het achtereind van de holle matrijs in het 20 matrijskanaal wordt aangebracht. De kern bepaalt dan het binnenoppervlak van de matrijsholte. Het vooreind van de kern omvat een kap die het binnenoppervlak van de tubeschouder vormt.
Eerst worden de holle matrijs en de kern beide teruggetrokken uit de kopmatrijs, zodat de spuitgietmatrijs open is. In de matrijsholte wordt een etiket aangebracht, dat zal 25 worden geïntegreerd in de tube bij het spuitgieten van kunststof in de matrijsholte. Het etiket omvat bijvoorbeeld een bedrukking of een decoratief patroon. Ook is het mogelijk dat het etiket is gemaakt van een materiaal met betere barrière-eigenschappen tegen gassen of waterdamp dan het basismateriaal van de tube. Nadat het etiket is aangebracht in de matrijsholte, wordt de matrijs gesloten door de holle matrijs met de daarin aangebrachte 30 kern tot aan de bekken van de kopmatrijs te verplaatsen.
Vervolgens wordt kunststof vanuit het injectiekanaal in de matrijsholte geïnjecteerd. Nadat de tube in de matrijsholte is gevormd, wordt de kern uit de holle matrijs getrokken. Daarna wordt de holle matrijs ook teruggetrokken. De bekken worden vervolgens in axiale richting van de kopmatrijs af bewogen om de tubeuitlaat vrij te geven. Daarna worden de 35 bekken geopend, zodat de tube uit de kopmatrijs kan vallen.
In dit document is genoemd dat het etiket zich kan uitstrekken in het gebied van de tubeschouder. Niet beschreven is echter hoe het etiket in de matrijsholte wordt aangebracht.
-3-
In de praktijk is het reeds bijzonder lastig om een etiket dat zich slechts uitstrekt in het matrijskanaal van de holle matrijs op de juiste positie aan te brengen. Het etiket is relatief dun, als etiket wordt bijvoorbeeld een folie van 40-140|xm toegepast. Om het etiket op de gewenste positie in te leggen wordt het etiket bijvoorbeeld om een doorn gewikkeld, waarna 5 de doorn met het opgenomen etiket in de holle matrijs wordt ingebracht. Gezien de nauwkeurige positionering van het etiket wordt de ringvormige spleet tussen het etiket en het matrijskanaal van de holle matrijs relatief klein gehouden. Hierdoor is de tolerantie bij het inbrengen van de doorn (zeer) gering. Daarnaast is het etiket meestal aan een zijde bedrukt, waardoor het etiket de neiging heeft om krom te trekken. Ook kunnen in de praktijk bij een 10 of meer hoeken van het etiket zogenaamde “ezelsoren” aanwezig zijn of ontstaan.
Als het etiket zich slechts uitstrekt in het matrijskanaal van de holle matrijs is het daarom reeds bijzonder lastig om het etiket nauwkeurig in de matrijsholte te positioneren.
Als het etiket zich daarnaast uitstrekt in het gebied van de tubeschouder, is het nog lastiger om te bewerkstelligen dat het etiket in de juiste positie in de matrijsholte terechtkomt. Daarbij 15 is er zelfs een risico dat het etiket kreukt of dubbelvouwt, hetgeen tot vastlopen en beschadigingen kan leiden. Voor sommige toepassingen is het aanbrengen van een etiket in het gebied van de tubeschouder echter wel gewenst, bijvoorbeeld een etiket dat weinig of niet zuurstofdoorlatend is.
Een doel van de uitvinding is een verbeterde werkwijze voor het in een 20 spuitgietmatrijs vervaardigen van een kunststof spuitgietproduct te verschaffen.
Dit doel is volgens de uitvinding bereikt doordat het omtreksetiket in de tweede matrijsholte wordt aangebracht door een etiketoverbrenginrichting, die is voorzien van een doorn voor het opnemen van het omtreksetiket, en dat . het omtreksetiket om een omtrekswand van de doorn van de 25 etiketoverbrenginrichting wordt aangebracht in een omtreksetiket ontvangende positie van de doorn buiten de spuitgietmatrijs, • in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte, de doorn met het om de omtrekswand daarvan aangebrachte omtreksetiket wordt verplaatst vanuit de omtreksetiket ontvangende positie buiten de 30 spuitgietmatrijs naar een omtreksetiket afgevende positie in de tweede matrijsholte, . het omtreksetiket vanaf de omtrekswand van de doorn wordt overgebracht naar de wand van de tweede matrijsholte in de omtreksetiket afgevende positie van de doorn, 35 • de doorn wordt terugverplaatst vanuit de omtreksetiket afgevende positie naar de omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs, en dat -4- de etiketoverbrenginrichting verder is voorzien van een houder voor het opnemen van een ringvormig halsetiket, en dat, . het halsetiket aan de houder van de etiketoverbrenginrichting wordt aangebracht in een halsetiket ontvangende positie van de houder buiten de 5 spuitgietmatrijs, . in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte, de houder met het opgenomen halsetiket wordt verplaatst vanuit de halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs naar een halsetiket afgevende positie voor het afgeven van het halsetiket in de eerste matrijsholte van het 10 eerste matrijsgedeelte, . het halsetiket vanaf de houder wordt overgebracht naar de eerste matrijsholte in de halsetiket afgevende positie van de houder, en . de houder wordt terugverplaatst vanuit de halsetiket afgevende positie naar de halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs.
15 Volgens de uitvinding omvat de etiketoverbrenginrichting een doorn voor het opnemen van het omtreksetiket en een houder voor het opnemen van het ringvormige halsetiket. Het omtreksetiket en het halsetiket zijn twee afzonderlijke etiketten. Het omtreksetiket wordt in de omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs om de doorn gewikkeld en vastgehouden. Het halsetiket wordt in de halsetiket ontvangende positie 20 buiten de spuitgietmatrijs aangebracht aan de houder en vastgehouden.
De doorn en de houder bewegen vervolgens in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte naar de etiket afgevende posities voor het afgeven van het omtreksetiket respectievelijk het halsetiket, bijvoorbeeld via de opening tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte. Het omtreksetiket wordt vanaf de doorn overgebracht naar de wand 25 van de tweede matrijsholte. Het halsetiket wordt vanaf de houder overgebracht naar de eerste matrijsholte. Daarna bewegen de doorn en de houder terug naar de etiket ontvangende posities buiten de spuitgietmatrijs.
De spuitgietmatrijs wordt vervolgens gesloten door het verplaatsen van de eerste, tweede en derde matrijsgedeelten naar de gesloten stand, zodat de afgesloten matrijsholte 30 is gevormd met daarin het omtreksetiket en het halsetiket. De afgesloten matrijsholte is gevormd tussen de wand van het kernlichaam en de wanden van de eerste en tweede matrijsholte.
Het bovengenoemde document US 2007/0190275 leert dat een enkel etiket wordt toegepast, ook als in het gebied van de tubeschouder een etiket wenselijk is: het enkele 35 etiket strekt zich dan uit in het gebied van de tubeschouder. Volgens de uitvinding worden daarentegen twee afzonderlijke etiketten toegepast, namelijk het omtreksetiket en het ringvormige halsetiket.
-5-
Het omtreksetiket wordt aangebracht in de tweede matrijsholte van het tweede matrijsgedeelte, en in tegenstelling tot wat de vakman zou verwachten, wordt het ringvormige halsetiket niet op het kernlichaam van het derde matrijsgedeelte, maar in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte aangebracht. Het halsetiket wordt naar de 5 eerste matrijsholte overgebracht op een zodanig positie dat het halsetiket ter plaatse van het halsgedeelte van het te vormen spuitgietproduct ligt.
Nadat het omtreksetiket en het halsetiket zijn overgebracht en de doorn en de houder zijn verwijderd, kan de spuitgietmatrijs worden gesloten. Hiervoor wordt het kernlichaam van het derde matrijsgedeelte ingebracht in de tweede matrijsholte van het 10 tweede matrijsgedeelte. Het kernlichaam beweegt daarbij langs het omtreksetiket dat tegen de wand van de tweede matrijsholte is aangebracht. Aangezien het halsetiket niet op het kernlichaam is aangebracht, is er geen risico dat de positie van het omtreksetiket onbedoeld wordt beïnvloed bij het verplaatsen van het kernlichaam in de tweede matrijsholte.
Als het kernlichaam volledig in de tweede matrijsholte is opgenomen, is tussen de 15 wand van de tweede matrijsholte en de wand van het kernlichaam een ringvormige spleet gevormd. Het kopeind van het kernlichaam bevindt zich daarbij in de eerste matrijsholte, zodat het halsetiket tussen het kernlichaam en het gedeelte van de eerste matrijsholte ligt dat overeenkomt met het halsgedeelte van het te vormen spuitgietproduct.
Volgens de uitvinding kunnen het omtreksetiket en het halsetiket dus onafhankelijk 20 van elkaar nauwkeurig in de gewenste positie worden aangebracht. Hierdoor is gewaarborgd dat het omtreksetiket en het halsetiket na het spuitgieten nauwkeurig in de gewenste positie zijn geïntegreerd in het kunststof spuitgietproduct.
Het is volgens de uitvinding mogelijk dat, nadat het halsetiket in de halsetiket afgevende positie van de houder is overgebracht vanaf de houder naar de eerste 25 matrijsholte, het halsetiket zich gedeeltelijk op een afstand van de wand van de eerste matrijsholte uitstrekt. Het halsetiket komt in dit geval niet geheel nauwsluitend aan te liggen tegen de wand van de eerste matrijsholte. Tegelijkertijd kan het halsetiket in de juiste positie worden vastgehouden in de eerste matrijsholte doordat een gedeelte van het halsetiket wel tegen de wand van de eerste matrijsholte is aangebracht.
30 Nadat het halsetiket in de halsetiket afgevende positie van de houder is overgebracht vanaf de houder naar de eerste matrijsholte, kan het halsetiket gedeeltelijk aanliggen tegen de wand van de eerste matrijsholte. Daarbij is het mogelijk dat bij het toevoeren van kunststof via het toevoerkanaal van het eerste matrijsgedeelte de kunststof zodanig in de eerste matrijsholte wordt gespoten dat het ringvormige halsetiket in de richting naar het 35 kernlichaam wordt verplaatst.
In dit geval kan het halsetiket worden “overgespoten”, d.w.z. het halsetiket wordt vanaf de wand van de eerste matrijsholte verplaatst naar de wand van het kernlichaam. In -6- het vervaardigde kunststof spuitgietproduct wordt het halsetiket overdekt door kunststof van het halsgedeelte.
Het is volgens de uitvinding mogelijk, dat de houder is aangebracht aan een drager, die is voorzien van aangrijporganen voor het aangrijpen op een gevormd spuitgietproduct, 5 waarbij de drager draaibaar is om een in hoofdzaak verticale rotatiehartlijn tussen een spuitgietproduct verwijderende hoekstand en een halsetiket afgevende hoekstand, en waarbij na het vormen van het spuitgietproduct het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs uit elkaar bewegen naar de open stand en het gevormde spuitgietproduct aan het eerste matrijsgedeelte blijft hangen, en waarbij vervolgens de 10 aangrijporganen van de drager in de spuitgietproduct verwijderende hoekstand het hangende spuitgietproduct uit het eerste matrijsgedeelte verwijderen, en waarbij na het verwijderen van het hangende spuitgietproduct uit het eerste matrijsgedeelte de drager wordt gedraaid om de rotatiehartlijn daarvan naar de halsetiket afgevende hoekstand, waarbij in de halsetiket afgevende hoekstand van de drager de houder met het opgenomen 15 halsetiket naar de halsetiket afgevende positie voor het afgeven van het halsetiket in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte wordt verplaatst en het halsetiket in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte wordt afgegeven.
Daarbij is het mogelijk, dat de drager over een hoek van in hoofdzaak 90° draaibaar is tussen de spuitgietproduct verwijderende hoekstand en de halsetiket afgevende 20 hoekstand. In dit geval roteert de drager een kwart slag tussen de spuitgietproduct verwijderende hoekstand en de halsetiket afgevende hoekstand. De drager kan hierdoor van hoekstand wisselen in een relatief korte tijd, zodat een hoge snelheid wordt bereikt. Vanzelfsprekend kunnen volgens de uitvinding ook grotere of kleinere hoeken worden toegepast.
25 Na het vormen van het spuitgietproduct bewegen het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs uit elkaar naar de open stand. Het gevormde spuitgietproduct blijft daarbij met het kopgedeelte en eventueel het halsgedeelte in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte hangen. De axiale hartlijn van het buisvormige lichaam van het gevormde spuitgietproduct verloopt daarbij evenwijdig aan de axiale hartlijn 30 van de spuitgietmatrijs.
Vervolgens kan de drager in de spuitgietproduct verwijderende hoekstand bijvoorbeeld tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte worden geplaatst. Bijvoorbeeld wordt de drager zodanig onder het hangende spuitgietproduct aangebracht, dat de aangrijporganen kunnen aangrijpen op het buisvormige lichaam van het hangende 35 spuitgietproduct. Terwijl de aangrijporganen op het buisvormige lichaam van het hangende spuitgietproduct aangrijpen, beweegt de drager vervolgens in axiale richting van het eerste -7- matrijsgedeelte af. Hierdoor trekt de drager het hangende spuitgietproduct uit de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte.
Na het verwijderen van het hangende spuitgietproduct wordt de drager om de rotatiehartlijn daarvan geroteerd, bijvoorbeeld over een hoek van ongeveer 90°, naar de 5 halsetiket afgevende hoekstand. Het buisvormige lichaam van het spuitgietproduct verloopt dan dwars op de axiale hartlijn van de spuitgietmatrijs, terwijl het aan de houder aangebrachte halsetiket naar het eerste matrijsgedeelte is toegekeerd.
Terwijl de drager in de halsetiket afgevende hoekstand blijft, wordt de drager in axiale richting naar het eerste matrijsgedeelte toe bewogen totdat de houder met het 10 opgenomen halsetiket is uitgelijnd ten opzichte van de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte. De houder met het opgenomen halsetiket bevindt zich dan in de halsetiket afgevende positie en het halsetiket wordt in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte afgegeven.
Daarna beweegt de drager opnieuw in axiale richting van het eerste matrijsgedeelte 15 af. Vervolgens wordt de drager dwars ten opzichte van de axiale hartlijn van de spuitgietmatrijs tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte uit bewogen, zodat het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs vanuit de open stand naar de gesloten stand kunnen verplaatsen.
Het is volgens de uitvinding mogelijk dat, na het vormen van het spuitgietproduct het 20 eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs uit elkaar bewegen naar de open stand en het gevormde spuitgietproduct aan het eerste matrijsgedeelte blijft hangen, en waarbij, in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte, de doorn met het om de omtrekswand daarvan aangebrachte omtreksetiket en de houder met het opgenomen halsetiket in hoofdzaak tegelijkertijd tussen het eerste en tweede 25 matrijsgedeelte worden bewogen, en waarbij vervolgens het omtreksetiket vanaf de omtrekswand van de doorn naar de wand van de tweede matrijsholte wordt overgebracht en tegelijkertijd het gevormde spuitgietproduct uit het eerste matrijsgedeelte wordt verwijderd en/of het halsetiket naar de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte wordt overgebracht.
30 In dit geval wordt het gevormde spuitgietproduct uit het eerste matrijsgedeelte verwijderd en/of het halsetiket naar de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte overgebracht in de tijd dat het omtreksetiket vanaf de omtrekswand van de doorn naar de wand van de tweede matrijsholte wordt overgebracht. De tijd voor het verwijderen van het gevormde spuitgietproduct en het overbrengen van het halsetiket kan verschillen van de tijd 35 voor het overbrengen van het omtreksetiket. Door deze stappen ten minste gedeeltelijk tegelijkertijd te laten plaatsvinden, wordt een tijdsbesparing bereikt. Nadat het spuitgietproduct is verwijderd en de etiketten zijn geplaatst, kunnen de doorn, de houder en -8- het verwijderde spuitgietproduct in hoofdzaak tegelijkertijd tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte uit worden bewogen. Daarna kan de spuitgietmatrijs worden gesloten voor het spuitgietproces.
Het is volgens de uitvinding mogelijk dat de houder is voorzien van een 5 aanslagoppervlak met vasthoudmiddelen voor het vasthouden van het ringvormige halsetiket, alsmede een centreernok die uitsteekt vanaf het aanslagoppervlak, waarbij het ringvormige halsetiket wordt opgenomen om de centreernok van de houder en de vasthoudmiddelen het halsetiket vasthouden tijdens de verplaatsing van de houder vanuit de halsetiket ontvangende positie naar de halsetiket afgevende positie. Het ringvormige 10 halsetiket heeft een centrale opening, waardoor de centreernok is opgenomen. De centreernok waarborgt dat het ringvormige halsetiket nauwkeurig kan worden gepositioneerd ten opzichte van de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte.
Het is volgens de uitvinding mogelijk, dat na het vormen van het spuitgietproduct het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs uit elkaar bewegen naar de 15 open stand doordat eerst het derde matrijsgedeelte ten minste gedeeltelijk uit het tweede matrijsgedeelte beweegt terwijl het tweede matrijsgedeelte blijft aanliggen tegen het eerste matrijsgedeelte, en daarna het tweede matrijsgedeelte van het eerste matrijsgedeelte af beweegt. Terwijl het tweede matrijsgedeelte van het eerste matrijsgedeelte af beweegt kan het derde matrijsgedeelte samen met het tweede matrijsgedeelte worden verplaatst.
20 Het is volgens de uitvinding mogelijk dat de spuitgietmatrijs een axiale hartlijn heeft, waarbij het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs volgens de axiale hartlijn beweegbaar zijn. De axiale hartlijn van het kernlichaam, de axiale hartlijn van de tweede matrijsholte van het tweede matrijsgedeelte, en de axiale hartlijn van de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte verlopen in hoofdzaak evenwijdig aan de axiale 25 hartlijn van de spuitgietmatrijs. Het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs zijn in de richting van de axiale hartlijn van de spuitgietmatrijs verplaatsbaar, d.w.z. volgens een rechtlijnige beweging.
Het is volgens de uitvinding mogelijk dat het omtreksetiket en/of het halsetiket een materiaal omvatten dat in hoofdzaak ondoorlatend is voor gas of (water)damp, bijvoorbeeld 30 een zuurstofbarrièrelaag. Het materiaal dat in hoofdzaak ondoorlatend is voor gas of (water)damp heeft betere barrière-eigenschappen tegen gas of (water)damp dan de kunststof waarmee het spuitgietproduct wordt gevormd. Als een enigszins doorlatende kunststof wordt toegepast, kan het omtreksetiket worden gebruikt om het buisvormige lichaam van het spuitgietproduct in hoofdzaak ondoorlatend te maken. Met het halsetiket 35 kan ook het halsgedeelte van het spuitgietproduct in hoofdzaak ondoorlatend worden gemaakt.
-9-
De uitvinding heeft eveneens betrekking op een systeem voor het vervaardigen van een kunststof spuitgietproduct met een buisvormig lichaam, een halsgedeelte, dat is verbonden met een eind van het buisvormige lichaam, en een kopgedeelte, dat is verbonden met een van het buisvormige lichaam afgekeerd eind van het halsgedeelte, 5 waarbij eventueel het buisvormige lichaam een tegenover het kopgedeelte liggend open eind omvat dat platgedrukt en gesloten kan worden voor het vervaardigen van een knijptube, welk systeem is voorzien van: - een spuitgietmatrijs, omvattende: . een eerste matrijsgedeelte, dat is voorzien van een eerste matrijsholte met 10 een wand die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het halsgedeelte en van het kopgedeelte van het te vervaardigen kunststof product, welk eerste matrijsgedeelte is voorzien van een toevoerkanaal voor het toevoeren van kunststof, welk toevoerkanaal uitmondt in de eerste matrijsholte, . een tweede matrijsgedeelte, dat is voorzien van een tweede matrijsholte met 15 een wand die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het buisvormige lichaam van het te vervaardigen kunststof product, en • een derde matrijsgedeelte, dat is voorzien van een kernlichaam met een wand die overeenkomt met de vorm van het binnenoppervlak van het buisvormige lichaam en met de vorm van het binnenoppervlak van het 20 halsgedeelte en eventueel met de vorm van het binnenoppervlak van het kopgedeelte van het te vervaardigen kunststof product, waarbij het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte ten opzichte van elkaar verplaatsbaar zijn tussen een gesloten stand, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte tegen elkaar aanliggen voor het vormen van een afgesloten matrijsholte, en 25 een open stand, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte uit elkaar zijn bewogen, waarbij het systeem verder is voorzien van: een etiketoverbrenginrichting voor het aanbrengen van een omtreksetiket in de tweede matrijsholte en voor het aanbrengen van een halsetiket in de eerste matrijsholte, waarbij de etiketoverbrenginrichting is voorzien van een doorn voor het opnemen van het 30 omtreksetiket, en dat de doorn verplaatsbaar is tussen een omtreksetiket ontvangende positie van de doorn buiten de spuitgietmatrijs, waarin het omtreksetiket om een omtrekswand van de doorn brengbaar is, en een omtreksetiket afgevende positie in de tweede matrijsholte, waarin het omtreksetiket vanaf de omtrekswand van de doorn brengbaar is naar de wand 35 van de tweede matrijsholte, en dat de etiketoverbrenginrichting verder is voorzien van een houder voor het opnemen van een ringvormig halsetiket, en dat - 10- de houder verplaatsbaar is tussen een halsetiket ontvangende positie van de houder buiten de spuitgietmatrijs, waarin het halsetiket aan de houder brengbaar is, en een halsetiket afgevende positie, waarin het halsetiket in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte afgeefbaar is.
5 De werking en de voordelen van dit systeem zijn hierboven beschreven.
In een uitvoeringsvorm is de houder aangebracht aan een drager, die is voorzien van aangrijporganen voor het aangrijpen op een gevormd spuitgietproduct, waarbij de drager draaibaar is om een in hoofdzaak verticale rotatiehartlijn tussen een spuitgietproduct verwijderende hoekstand en een halsetiket afgevende hoekstand, en waarbij de 10 aangrijporganen van de drager zijn uitgevoerd om in de spuitgietproduct verwijderende hoekstand een gevormd, aan het eerste matrijsgedeelte hangend spuitgietproduct te verwijderen, en waarbij de drager is uitgevoerd om na het verwijderen van het hangende spuitgietproduct uit het eerste matrijsgedeelte om de rotatiehartlijn te draaien naar de halsetiket afgevende hoekstand, waarin de houder naar de halsetiket afgevende positie 15 voor het afgeven van het halsetiket in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte verplaatstbaar is voor het afgeven van het halsetiket in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte.
De hierboven beschreven eigenschappen met betrekking tot de werkwijze volgens de uitvinding kunnen tevens worden toegepast bij het systeem volgens de uitvinding.
20 In een bijzondere uitvoeringsvorm van het systeem heeft de spuitgietmatrijs een axiale hartlijn, waarbij het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte van de spuitgietmatrijs volgens de axiale hartlijn beweegbaar zijn, en waarbij de doorn en de houder zijn aangebracht aan een wagen die in hoofdzaak dwars ten opzichte van de axiale hartlijn verplaatsbaar is geleid, en waarbij de doorn en de houder elk onafhankelijk van elkaar in 25 hoofdzaak evenwijdig aan de axiale hartlijn verplaatsbaar zijn ten opzichte van de wagen. Als de doorn en de houder, in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte, door aandrijving van de wagen tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte zijn bewogen, kan de verplaatsing van de doorn naar de omtreksetiket afgevende positie onafhankelijk van de verplaatsing van de houder naar de omtreksetiket afgevende positie 30 plaatsvinden.
De uitvinding heeft verder betrekking op een etiketoverbrenginrichting voor het aanbrengen van een ringvormig halsetiket in een eerste matrijsholte en voor het aanbrengen van een omtreksetiket in een tweede matrijsholte van een spuitgietmatrijs, omvattende: 35 - een doorn voor het opnemen van het omtreksetiket, welke doorn verplaatsbaar is tussen een omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs, waarin het omtreksetiket om een omtrekswand van de doorn brengbaar is, en een omtreksetiket -11 - afgevende positie in de tweede matrijsholte, waarin het omtreksetiket vanaf de omtrekswand van de doorn brengbaar is naar de wand van de tweede matrijsholte, en - een houder voor het opnemen van het halsetiket, welke houder verplaatsbaar is tussen een halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs, waarin het halsetiket 5 aan de houder brengbaar is, en een halsetiket afgevende positie, waarin het halsetiket in de eerste matrijsholte van het eerste matrijsgedeelte afgeefbaar is.
De uitvinding zal thans nader worden toegelicht aan de hand van een in de figuren weergegeven uitvoeringsvoorbeeld.
Figuur 1 toont een bovenaanzicht van een systeem voor het vervaardigen van 10 kunststof spuitgietproducten volgens de uitvinding.
Figuren 2a t/m 2i tonen verschillende stappen van een spuitgietproces met het in figuur 1 getoonde systeem.
Figuur 3 toont een detail III uit figuur 2h.
Figuur 4 toont een detail IV uit figuur 2i.
15 Figuur 5 toont een aanzicht in perspectief van de houder voor het opnemen van het ringvormige halsetiket van het in figuur 1 getoonde systeem.
Figuur 6 toont een detail VI uit figuur 4.
Figuren 7a, 7b tonen schotelvormige halsetiketten.
Figuur 8 toont het detail VI uit figuur 4 met een in de eerste matrijsholte opgenomen 20 schotelvormig halsetiket.
Het in de figuren weergegeven systeem voor het vervaardigen van kunststof spuitgietproducten omvat een spuitgietmatrijs 1 en een etiketoverbrenginrichting 26. In dit uitvoeringsvoorbeeld is het systeem uitgevoerd voor “in-mould labelling” van kunststof knijptubeproducten 3 (zie ook figuur 3 en 4). Elk knijptubeproduct 3 omvat een buisvormig 25 lichaam 4 en een halsgedeelte 5, dat is verbonden met een eind van het buisvormige lichaam 4. Een kopgedeelte 6 is verbonden met het eind van het halsgedeelte 5 dat is afgekeerd van het buisvormige lichaam 4.
In het kopgedeelte 6 bevindt zich een uitlaatopening. Het kopgedeelte 6 is voorzien van uitwendige schroefdraad, zodat bijvoorbeeld een dop op het kopgedeelte 6 kan worden 30 geschroefd om de uitlaatopening af te sluiten. Het buisvormige lichaam 4 van het knijptubeproduct 3 omvat een tegenover het kopgedeelte 6 liggend open eind 7 dat platgedrukt en gesloten kan worden. Via het open eind 7 kan het buisvormige lichaam 4 worden gevuld. Als het open eind 7 na het vullen wordt platgedrukt en gesloten, is een gevulde kunststof knijptube vervaardigd.
35 Zoals weergegeven in figuren 1 en 2a t/m 2i omvat de spuitgietmatrijs 1 drie matrijsgedeelten 9, 10, 11. Het eerste matrijsgedeelte 9 omvat meerdere eerste matrijsholten 14. De wand van elke eerste matrijsholte 14 omvat een eerste wandgedeelte - 12 - 15 dat overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het halsgedeelte 5 van het te vervaardigen knijptubeproduct 3. Het eerste wandgedeelte 15 omvat in dit uitvoeringsvoorbeeld een vlak rondlopend randgedeelte 15a en een schuin wandgedeelte 15b (zie figuur 6 en 8).
5 De wand van elke eerste matrijsholte 14 omvat verder een tweede wandgedeelte 16 dat overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het kopgedeelte 6 van het te vervaardigen knijptubeproduct 3 (zie figuur 3 en 4). Het eerste matrijsgedeelte 9 is voorzien van toevoerkanalen voor het toevoeren van kunststof aan de eerste matrijsholten 14 (niet weergegeven).
10 Het tweede matrijsgedeelte 10 omvat meerdere tweede matrijsholten 19. Elke matrijsholte 19 omvat een omtrekswand 20 die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het buisvormige lichaam 4 van het te vervaardigen knijptubeproduct 3. Het derde matrijsgedeelte 11 omvat meerdere kernlichamen 22. De wand van elk kernlichaam 22 omvat een eerste wandgedeelte 23 dat overeenkomt met de vorm van het 15 binnenoppervlak van het buisvormige lichaam 4 van het te vervaardigen knijptubeproduct 3, en een tweede wandgedeelte 24 dat overeenkomt met de vorm van het binnenoppervlak van het halsgedeelte 5 en met de vorm van het binnenoppervlak van het kopgedeelte 6 van het te vervaardigen knijptubeproduct 3. Het tweede wandgedeelte 24 bevindt zich aan het kopeind van het kernlichaam 22.
20 Het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9,10, 11 van de spuitgietmatrijs 1 zijn volgens een rechtlijnige beweging in de richting van de axiale hartlijn 12 ten opzichte van elkaar verplaatsbaar tussen een gesloten stand en een open stand. In de gesloten stand (zie figuur 2a) liggen het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 tegen elkaar aan voor het vormen van een afgesloten matrijsholte. In de open stand (zie figuren 2c t/m 2i) zijn 25 het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 uit elkaar bewogen, zodat de eerste en tweede matrijsholten 14, 19 toegankelijk zijn.
De kernlichamen 22, de tweede matrijsholten 19 en de eerste matrijsholten 14 zijn ten opzichte van elkaar uitgelijnd, d.w.z. de axiale hartlijnen van elke groep van kernlichaam 22, tweede matrijsholte 19 en eerste matrijsholte 14 die bij elkaar horen, vallen in hoofdzaak 30 samen. Deze axiale hartlijnen verlopen in hoofdzaak evenwijdig aan de axiale hartlijn 12 van de spuitgietmatrijs.
De etiketoverbrenginrichting 26 is uitgevoerd voor het aanbrengen van een omtreksetiket in de tweede matrijsholte 19 en voor het aanbrengen van een ringvormig halsetiket 40 in de eerste matrijsholte 14, in de open stand van het eerste, tweede en derde 35 matrijsgedeelte 9, 10, 11. Het omtreksetiket en het halsetiket zijn twee afzonderlijke etiketten. De etiketoverbrenginrichting 26 omvat een wagen 90 en twee verplaatsingseenheden 27, 32.
-13-
De wagen 90 is verplaatsbaar geleid over een geleidingsrail 91 die in hoofdzaak dwars ten opzichte van de axiale hartlijn 12 van de spuitgietmatrijs 1 is aangebracht. De geleidingsrail 91 is in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 uitgelijnd tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte 9, 10. De verplaatsingseenheden 5 27, 32 zijn onafhankelijk van elkaar in hoofdzaak evenwijdig aan de axiale hartlijn (12) verplaatsbaar ten opzichte van de wagen 90.
De eerste verplaatsingseenheid 27 omvat meerdere doornen 28 voor het opnemen van het omtreksetiket. De doornen 28 zijn gezamenlijk verplaatsbaar tussen een omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs 1 en een omtreksetiket 10 afgevende positie in de tweede matrijsholte 19. De tweede verplaatsingseenheid 32 omvat meerdere dragers 33, die elk een houder 35 voor het opnemen van het halsetiket 40 omvatten. Elke drager 33 is verder voorzien van aangrijporganen 34 voor het aangrijpen op een gevormd knijptubeproduct 3. Elke drager 33 is draaibaar om een in hoofdzaak verticale rotatiehartlijn tussen een spuitgietproduct verwijderende hoekstand en een halsetiket 15 afgevende hoekstand. De aan de dragers 33 bevestigde houders 35 zijn gezamenlijk verplaatsbaar tussen een halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs en een halsetiket afgevende positie.
Zoals getoond in figuur 5 omvat elke houder 35 een aanslagoppervlak 37 en een centreernok 38, die uitsteekt vanaf het aanslagoppervlak 37. Het aanslagoppervlak 37 is 20 voorzien van vasthoudmiddelen voor het vasthouden van het ringvormige halsetiket. In dit uitvoeringsvoorbeeld zijn de vasthoudmiddelen uitgevoerd als zuigopeningen voor het uitoefenen van een zuigkracht op het halsetiket 40.
De werking van het systeem voor het vervaardigen van het kunststof knijptubeproduct 3 zal thans worden beschreven aan de hand van figuren 2a t/m 2i.
25 Figuur 2a toont de gesloten stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 tegen elkaar aan liggen voor het vormen van de afgesloten matrijsholte van de spuitgietmatrijs 1. In de afgesloten matrijsholte bevinden zich een omtreksetiket en een ringvormig halsetiket, die vooraf in de tweede matrijsholte 19 en de eerste matrijsholte 14 zijn aangebracht zoals 30 hieronder nader zal worden toegelicht. Via het toevoerkanaal in het eerste matrijsgedeelte 9 wordt kunststof in de eerste matrijsholte 14 geïnjecteerd.
De kunststof wordt tegen het halsetiket 40 aan gespoten, zodat het halsetiket 40 vanaf het wandgedeelte 15 van de eerste matrijsholte 14 tegen het wandgedeelte 24 van het kernlichaam 22 wordt verplaatst (“overspuiten” van het halsetiket 40). De kunststof vult 35 de gehele afgesloten matrijsholte van de spuitgietmatrijs 1. Hierdoor wordt het kunststof knijptubeproduct 3 gevormd, waarin het omtreksetiket en het halsetiket 40 zijn geïntegreerd (“in-mould labelling”). Het halsetiket in het halsgedeelte 5 van het knijptubeproduct 3 wordt - 14- derhalve overdekt door de kunststof. Het halsetiket 40 ligt na het vormen van het knijptubeproduct 3 aan de binnenzijde van het halsgedeelte 5.
Terwijl het knijptubeproduct 3 in de spuitgietmatrijs 1 wordt gevormd, bevinden de doornen 28 en de dragers 33 met de houders 35 zich buiten de spuitgietmatrijs. In de tijd dat 5 het spuitgietproces plaatsvindt, worden in de omtreksetiket ontvangende positie van de doornen 28 buiten de spuitgietmatrijs 1 de omtreksetiketten om de omtrekswanden 29 van de doornen 28 gewikkeld en vervolgens vastgehouden. Tegelijkertijd worden in de halsetiket ontvangende positie van de houders 35 buiten de spuitgietmatrijs 1 ook de halsetiketten 40 aangebracht om de centreernokken 38 van de houders 35 en vervolgens vastgehouden.
10 Na het vormen van het knijptubeproduct 3 worden het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 van de spuitgietmatrijs 1 uit elkaar bewogen naar de open stand. Eerst beweegt het derde matrijsgedeelte 11 uit het tweede matrijsgedeelte 10 terwijl het tweede matrijsgedeelte 10 aangesloten blijft op het eerste matrijsgedeelte 9 (zie figuur 2b). Daarna wordt het tweede matrijsgedeelte 10 van het eerste matrijsgedeelte 9 af verplaatst. 15 Daarbij beweegt het derde matrijsgedeelte 11 mee met het tweede matrijsgedeelte 10, zodat de afstand tussen het tweede en derde matrijsgedeelte 10, 11 in hoofdzaak gelijk blijft (zie figuur 2c).
Tijdens de verplaatsing van het tweede matrijsgedeelte 10 blijft het kopgedeelte 6 van het gevormde knijptubeproduct 3 met de uitwendige schroefdraad daarvan vastzitten in 20 de eerste matrijsholte 14 van het eerste matrijsgedeelte 9. De gevormde knijptubeproducten 3 blijven derhalve aan het eerste matrijsgedeelte 9 hangen. In dit uitvoeringsvoorbeeld omvat het eerste matrijsgedeelte 9 twee samenwerkende schuiflichamen die verschuifbaar zijn tussen een gesloten stand, waarin de uitwendige schroefdraad van het kopgedeelte 6 van de gevormde knijptubeproducten 3 is opgesloten, en een open stand, waarin het 25 kopgedeelte 6 met de uitwendige schroefdraad vrij uit de eerste matrijsholte 14 losbaar is.
De eerste en tweede verplaatsingseenheid 27, 32 zijn onafhankelijk van elkaar bedienbaar. In de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 (zie figuur 2c) worden de verplaatsingseenheden 27, 32 zodanig bediend dat de doornen 28 met de opgenomen omtreksetiketten en de dragers 33 en de daaraan bevestigde houders 35 30 met de opgenomen halsetiketten 40 tussen het eerste matrijsgedeelte 9 en het tweede matrijsgedeelte 10 worden geplaatst (zie figuur 2d).
De doornen 28 met de opgenomen omtreksetiketten worden vervolgens in de tweede matrijsholten 19 van het tweede matrijsgedeelte 10 aangebracht (zie figuur 2e). De doornen 28 bevinden zich dan in de omtreksetiket afgevende positie, waarin de omtreksetiketten 35 vanaf de omtrekswand 29 van de doornen 28 wordt overgebracht naar de omtrekswand 20 van de tweede matrijsholten 19.
- 15-
Door het toepassen van de doornen 28 om de omtreksetiketten in de tweede matrijsholten 19 aan te brengen, kan worden gewaarborgd dat de omtreksetiketten nauwkeurig in de juiste positie in de tweede matrijsholten 19 liggen. Nadat de omtreksetiketten zijn overgesprongen naar de omtrekswand 20 van de tweede matrijsholten 5 19 bewegen de doornen 18 zonder omtreksetiketten terug uit de tweede matrijsholten 19 (zie figuur 2i).
Terwijl de omtreksetiketten door middel van de doornen 28 worden ingelegd in de tweede matrijsholten 19, verplaatst de tweede verplaatsingseenheid 32 de dragers 33 in de spuitgietproduct verwijderende hoekstand tot onder de knijptubeproducten 3, die met het 10 kopgedeelte 6 daarvan in de eerste matrijsholte 14 van het eerste matrijsgedeelte 9 hangen (zie figuur 2d). Daarna grijpen de aangrijporganen 34 van de dragers 33 aan op het buisvormige lichaam 4 van de hangende knijptubeproducten 3 (zie figuur 2e).
In dit uitvoeringsvoorbeeld bezitten de dragers 33 een bodem met een vorm die overeenkomt met het buisvormige lichaam 4. De bodem van de dragers 33 wordt tegen het 15 buisvormige lichaam 4 van de gevormde knijptubeproducten 3 aan verplaatst, waarna het buisvormige lichaam 4 wordt vastgeklemd. Terwijl het buisvormige lichaam van de hangende knijptubeproducten 3 is vastgeklemd, bewegen de dragers 33 vervolgens in axiale richting van het eerste matrijsgedeelte 9 af. Hierdoor trekken de dragers 33 de hangende knijptubeproducten 3 los uit de eerste matrijsholte 14 van het eerste 20 matrijsgedeelte 9 (zie figuur 2f).
Na het verwijderen van de hangende knijptubeproducten 3 worden de dragers 33 om de rotatiehartlijn 36 daarvan geroteerd, in dit uitvoeringsvoorbeeld over een hoek van ongeveer 90°, naar de halsetiket afgevende hoekstand. De buisvormige lichamen 4 van de knijptubeproducten 3 verlopen dan dwars op de axiale hartlijn 12 van de spuitgietmatrijs 1 25 en de aan de houders 35 aangebrachte halsetiketten 40 worden naar het eerste matrijsgedeelte 9 toegekeerd (zie figuur 2g).
Terwijl de dragers 33 in de halsetiket afgevende hoekstand blijven, verplaatst de tweede verplaatsingseenheid 32 de dragers 33 met de daaraan bevestigde houders 35 volgens de axiale hartlijn 12 naar het eerste matrijsgedeelte 9 toe. De halsetiketten 40 die 30 zijn opgenomen op de houders 35 worden daarbij uitgelijnd ten opzichte van de eerste matrijsholten 14 van het eerste matrijsgedeelte 9. Elke houder 35 met opgenomen halsetiket 40 bevindt zich dan in de halsetiket afgevende positie (zie figuur 2h en 3).
De halsetiketten 40 worden vervolgens in de eerste matrijsholten 14 van het eerste matrijsgedeelte 9 afgegeven. In dit uitvoeringsvoorbeeld wordt elk halsetiket 40 met een 35 omtreksrand daarvan opgenomen tegen het vlakke rondlopende randgedeelte 15a van het wandgedeelte 15 van de eerste matrijsholte 14 (zie figuur 6). Het halsetiket 40 bevindt zich dan met het overige gedeelte daarvan op een afstand van de wand 15, 16 van de eerste -16- matrijsholte 14 - het halsetiket 40 komt geheel niet nauwsluitend aan te liggen tegen de wand 15, 16 van de eerste matrijsholte 14.
Het halsetiket 40 kan op verschillende manieren worden vastgezet in de eerste matrijsholte 14 van het eerste matrijsgedeelte 9. Bijvoorbeeld kan het halsetiket 40 door 5 oplading worden vastgehouden of zijn in het vlakke rondlopende randgedeelte 15a zuigopeningen aangebracht voor het vasthouden van de omtreksrand van het halsetiket 40 (niet weergegeven).
Figuren 7a, 7b tonen schotelvormige halsetiketten, die elk de vorm van een afgeknotte kegel bezitten. Als een dergelijk schotelvormig halsetiket 40 in de eerste 10 matrijsholte 14 van het eerste matrijsgedeelte 9 wordt aangebracht, ligt het schotelvormige halsetiket 40 aan tegen het schuine wandgedeelte 15b van het eerste wandgedeelte 15. Dit is weergegeven in figuur 8. Ook in dit geval kan het halsetiket 40 door oplading of zuigwerking of anders worden vastgehouden.
Nadat de halsetiketten 40 in de halsetiket afgevende positie van de houders 35 zijn 15 overgebracht, bewegen de dragers 33 opnieuw volgens de axiale hartlijn 12 van het eerste matrijsgedeelte 9 af (zie figuur 2i en 4). De halsetiketten 40 blijven daarbij achter in de eerste matrijsholten 14 van het eerste matrijsgedeelte 9.
Vervolgens worden de dragers 33 dwars ten opzichte van de axiale hartlijn 12 van de spuitgietmatrijs 1 terug tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte 9, 10 uit verplaatst, 20 zodat het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 van de spuitgietmatrijs 1 vanuit de open stand naar de gesloten stand kunnen verplaatsen. Bij een vlak halsetiket 40 zoals weergegeven in figuur 6 beweegt dan het tweede wandgedeelte 24 van het kernlichaam 22 tegen het halsetiket 40, waardoor het halsetiket 40 vervormt. Het halsetiket 40 kan daarbij overigens kreuken. Dit is echter niet zichtbaar aan de buitenzijde van het knijptubeproduct 3 25 aangezien het halsetiket 40 wordt overgespoten. Bij toepassing van een schotelvormig halsetiket 40 (zie figuur 8) vervormt de omtreksrand van het halsetiket 40 door de aanwezigheid van het kernlichaam 22 in de gesloten stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9,10,11.
Nadat het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte 9, 10, 11 van de spuitgietmatrijs 1 30 vanuit de open stand naar de gesloten stand zijn verplaatst, is weer de in figuur 2a weergegeven situatie bereikt.
Met dit systeem kunnen de omtreksetiketten en de halsetiketten 40 onafhankelijk van elkaar nauwkeurig in de gewenste posities worden aangebracht. Hierdoor is gewaarborgd dat de omtreksetiketten en de halsetiketten 40 na het spuitgieten nauwkeurig in de 35 gewenste positie zijn geïntegreerd in de kunststof knijptubeproducten 3.
De uitvinding is niet beperkt tot het in de figuren weergegeven uitvoeringsvoorbeeld. De vakman kan verschillende aanpassingen aanbrengen, die binnen de reikwijdte van de - 17 - uitvinding liggen. Bijvoorbeeld omvat de in de figuren weergegeven spuitgietmatrijs acht matrijsholten, maar vanzelfsprekend kan de spuitgietmatrijs meer of minder matrijsholten omvatten. Daarnaast kunnen de hierboven beschreven eigenschappen en/of de in de conclusies genoemde eigenschappen elk afzonderlijk of in elke willekeurige combinatie 5 worden toegepast bij de werkwijze volgens conclusie 1, het systeem volgens conclusie 11 en de etiketoverbrenginrichting volgens conclusie 15.
Claims (15)
1. Werkwijze voor het in een spuitgietmatrijs (1) vervaardigen van een kunststof product (3) met een buisvormig lichaam (4), een halsgedeelte (5), dat is verbonden met een eind van het buisvormige lichaam (4), en een kopgedeelte (6), dat is verbonden met een van het buisvormige lichaam (4) afgekeerd eind van het halsgedeelte (5), welke spuitgietmatrijs (1) 5 omvat: • een eerste matrijsgedeelte (9), dat is voorzien van een eerste matrijsholte (14) met een wand (15, 16) die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het halsgedeelte (5) en van het kopgedeelte (6) van het te vervaardigen kunststof product (3), welk eerste matrijsgedeelte (9) is voorzien van een 10 toevoerkanaal voor het toevoeren van kunststof, welk toevoerkanaal uitmondt in de eerste matrijsholte (14), • een tweede matrijsgedeelte (10), dat is voorzien van een tweede matrijsholte (19) met een wand (20) die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak van het buisvormige lichaam (4) van het te vervaardigen kunststof product (3), 15 en • een derde matrijsgedeelte (11), dat is voorzien van een kernlichaam (22) met een wand (23, 24) die overeenkomt met de vorm van het binnenoppervlak van het buisvormige lichaam (4) en met de vorm van het binnenoppervlak van het halsgedeelte (5) en eventueel met de vorm van het binnenoppervlak van het 20 kopgedeelte (6) van het te vervaardigen kunststof product (3), welke werkwijze omvat: - het uit elkaar bewegen van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) van de spuitgietmatrijs (1) naar een open stand om het aanbrengen van een omtreksetiket in de tweede matrijsholte (19) mogelijk te maken, 25. in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11), het aanbrengen van het omtreksetiket in de tweede matrijsholte (19), - het verplaatsen van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) vanuit de open stand naar een gesloten stand, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) tegen elkaar aanliggen voor het vormen van een afgesloten matrijsholte, 30. het toevoeren van kunststof via het toevoerkanaal van het eerste matrijsgedeelte (9) voor het vormen van het kunststof product (3) in de afgesloten matrijsholte, met het kenmerk, dat het omtreksetiket in de tweede matrijsholte (19) wordt aangebracht door een etiketoverbrenginrichting (26), die is voorzien van een doorn (28) voor het opnemen van het 35 omtreksetiket, en dat - 19- . het omtreksetiket om een omtrekswand (29) van de doom (28) van de etiketoverbrenginrichting (26) wordt aangebracht in een omtreksetiket ontvangende positie van de doorn (28) buiten de spuitgietmatrijs (1), • in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11), 5 de doorn (28) met het om de omtrekswand (29) daarvan aangebrachte omtreksetiket wordt verplaatst vanuit de omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs (1) naar een omtreksetiket afgevende positie in de tweede matrijsholte (19), • het omtreksetiket vanaf de omtrekswand (29) van de doorn (28) wordt 10 overgebracht naar de wand (20) van de tweede matrijsholte (19) in de omtreksetiket afgevende positie van de doorn (28), . de doorn (28) wordt terugverplaatst vanuit de omtreksetiket afgevende positie naar de omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs (1), en dat de etiketoverbrenginrichting (26) verder is voorzien van een houder (35) voor het opnemen 15 van een ringvormig halsetiket (40), en dat, . het halsetiket (40) aan de houder (35) van de etiketoverbrenginrichting (26) wordt aangebracht in een halsetiket ontvangende positie van de houder (35) buiten de spuitgietmatrijs (1), . in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11), 20 de houder (35) met het opgenomen halsetiket (40) wordt verplaatst vanuit de halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs (1) naar een halsetiket afgevende positie voor het afgeven van het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9), . het halsetiket (40) vanaf de houder (35) wordt overgebracht naar de eerste 25 matrijsholte (14) in de halsetiket afgevende positie van de houder (35), en • de houder (35) wordt terugverplaatst vanuit de halsetiket afgevende positie naar de halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs (1).
2. Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij, nadat het halsetiket (40) in de halsetiket 30 afgevende positie van de houder (35) is overgebracht vanaf de houder (35) naar de eerste matrijsholte (14), het halsetiket (40) zich gedeeltelijk op een afstand van de wand (15, 16) van de eerste matrijsholte (14) uitstrekt.
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, waarbij, nadat het halsetiket (40) in de halsetiket 35 afgevende positie van de houder (35) is overgebracht vanaf de houder (35) naar de eerste matrijsholte (14), het halsetiket (40) gedeeltelijk aanligt tegen de wand (15, 16) van de eerste matrijsholte (14), en waarbij bij het toevoeren van kunststof via het toevoerkanaal van -20- het eerste matrijsgedeelte (9) de kunststof zodanig in de eerste matrijsholte (14) wordt gespoten dat het ringvormige halsetiket (40) in de richting naar het kernlichaam (22) wordt verplaatst.
4. Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de houder (35) is aangebracht aan een drager (33), die is voorzien van aangrijporganen (34) voor het aangrijpen op een gevormd product (3), waarbij de drager (33) draaibaar is om een in hoofdzaak verticale rotatiehartlijn (36) tussen een spuitgietproduct verwijderende hoekstand en een halsetiket afgevende hoekstand, en waarbij na het vormen van het spuitgietproduct 10 (3) het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) van de spuitgietmatrijs (1) uit elkaar bewegen naar de open stand en het gevormde spuitgietproduct (3) aan het eerste matrijsgedeelte (9) blijft hangen, en waarbij vervolgens de aangrijporganen (34) van de drager (33) in de spuitgietproduct verwijderende hoekstand het hangende spuitgietproduct (3) uit het eerste matrijsgedeelte (9) verwijderen, en waarbij na het verwijderen van het 15 hangende spuitgietproduct (3) uit het eerste matrijsgedeelte (9) de drager (33) wordt gedraaid om de rotatiehartlijn (36) daarvan naar de halsetiket afgevende hoekstand, waarbij in de halsetiket afgevende hoekstand van de drager (33) de houder (35) met het opgenomen halsetiket (40) naar de halsetiket afgevende positie voor het afgeven van het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9) wordt 20 verplaatst en het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9) wordt afgegeven.
5. Werkwijze volgens conclusie 4, waarbij de drager (33) over een hoek van in hoofdzaak 90° draaibaar is tussen de spuitgietproduct verwijderende hoekstand en de 25 halsetiket afgevende hoekstand.
6. Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij na het vormen van het spuitgietproduct (3) het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) van de spuitgietmatrijs (1) uit elkaar bewegen naar de open stand en het gevormde spuitgietproduct 30 (3) aan het eerste matrijsgedeelte (9) blijft hangen, en waarbij, in de open stand van het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11), de doorn (28) met het om de omtrekswand (29) daarvan aangebrachte omtreksetiket en de houder (35) met het opgenomen halsetiket (40) in hoofdzaak tegelijkertijd tussen het eerste en tweede matrijsgedeelte (9, 10) worden bewogen, en waarbij vervolgens het omtreksetiket vanaf de 35 omtrekswand (29) van de doorn (28) naar de wand (20) van de tweede matrijsholte (19) wordt overgebracht en tegelijkertijd het gevormde spuitgietproduct (3) uit het eerste -21 - matrijsgedeelte (9) wordt verwijderd en/of het halsetiket (40) naar de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9) wordt overgebracht.
7. Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de houder (35) is 5 voorzien van een aanslagoppervlak (37) met vasthoudmiddelen (39) voor het vasthouden van het ringvormige halsetiket (40), alsmede een centreernok (38) die uitsteekt vanaf het aanslagoppervlak (37), waarbij het ringvormige halsetiket (40) wordt opgenomen om de centreernok (38) van de houder (35) en de vasthoudmiddelen (39) het halsetiket (40) vasthouden tijdens de verplaatsing van de houder (35) vanuit de halsetiket ontvangende 10 positie naar de halsetiket afgevende positie.
8. Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij na het vormen van het spuitgietproduct (3) het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) van de spuitgietmatrijs (1) uit elkaar bewegen naar de open stand doordat eerst het derde 15 matrijsgedeelte (11) ten minste gedeeltelijk uit het tweede matrijsgedeelte (10) beweegt terwijl het tweede matrijsgedeelte (10) blijft aanliggen tegen het eerste matrijsgedeelte (9), en daarna het tweede matrijsgedeelte (10) van het eerste matrijsgedeelte (9) af beweegt.
9. Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de spuitgietmatrijs (1) 20 een axiale hartlijn (12) heeft, en waarbij het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11. van de spuitgietmatrijs (1) volgens de axiale hartlijn (12) beweegbaar zijn.
10. Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij het omtreksetiket en/of het halsetiket (40) een materiaal omvatten dat in hoofdzaak ondoorlatend is voor gas 25 of damp, bijvoorbeeld een zuurstofbarrièrelaag.
11. Systeem voor het vervaardigen van een kunststof spuitgietproduct (3) met een buisvormig lichaam (4), een halsgedeelte (5), dat is verbonden met een eind van het buisvormige lichaam (4), en een kopgedeelte (6), dat is verbonden met een van het 30 buisvormige lichaam (4) afgekeerd eind van het halsgedeelte (5), welk systeem is voorzien van: - een spuitgietmatrijs (1), omvattende: • een eerste matrijsgedeelte (9), dat is voorzien van een eerste matrijsholte (14) met een wand (15, 16) die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak 35 van het halsgedeelte (5) en van het kopgedeelte (6) van het te vervaardigen kunststof product (3), welk eerste matrijsgedeelte (9) is voorzien van een -22- toevoerkanaal voor het toevoeren van kunststof, welk toevoerkanaal uitmondt in de eerste matrijsholte (14), . een tweede matrijsgedeelte (10), dat is voorzien van een tweede matrijsholte (19) met een wand (20) die overeenkomt met de vorm van het buitenoppervlak 5 van het buisvormige lichaam (4) van het te vervaardigen kunststof product (3), en . een derde matrijsgedeelte (11), dat is voorzien van een kernlichaam (22) met een wand (23, 24) die overeenkomt met de vorm van het binnenoppervlak van het buisvormige lichaam (4) en met de vorm van het binnenoppervlak van het 10 halsgedeelte (5) en eventueel met de vorm van het binnenoppervlak van het kopgedeelte (6) van het te vervaardigen kunststof product (3), waarbij het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) ten opzichte van elkaar verplaatsbaar zijn tussen een gesloten stand, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) tegen elkaar aanliggen voor het vormen van een afgesloten 15 matrijsholte, en een open stand, waarin het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11. uit elkaar zijn bewogen, met het kenmerk, dat het systeem verder is voorzien van: een etiketoverbrenginrichting (26) voor het aanbrengen van een omtreksetiket in de tweede matrijsholte (19) en voor het aanbrengen van een halsetiket (40) in de eerste 20 matrijsholte (14), waarbij de etiketoverbrenginrichting (26) is voorzien van een doorn (28) voor het opnemen van het omtreksetiket, en dat de doorn (28) verplaatsbaar is tussen een omtreksetiket ontvangende positie van de doorn (28) buiten de spuitgietmatrijs (1), waarin het omtreksetiket om een omtrekswand (29) van de doorn (28) brengbaar is, en een omtreksetiket afgevende positie in de tweede 25 matrijsholte (19), waarin het omtreksetiket vanaf de omtrekswand (29) van de doorn (28) brengbaar is naar de wand (20) van de tweede matrijsholte (19), en dat de etiketoverbrenginrichting (26) verder is voorzien van een houder (35) voor het opnemen van een ringvormig halsetiket (40), en dat de houder (35) verplaatsbaar is tussen een halsetiket ontvangende positie van de 30 houder (35) buiten de spuitgietmatrijs (1), waarin het halsetiket (40) aan de houder (35) brengbaar is, en een halsetiket afgevende positie, waarin het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9) afgeefbaar is.
12. Systeem volgens conclusie 11, waarbij de houder (35) is aangebracht aan een 35 drager (33), die is voorzien van aangrijporganen (34) voor het aangrijpen op een gevormd spuitgietproduct (3), waarbij de drager (33) draaibaar is om een in hoofdzaak verticale rotatiehartlijn (36) tussen een spuitgietproduct verwijderende hoekstand en een halsetiket -23- afgevende hoekstand, en waarbij de aangrijporganen (34) van de drager (33) zijn uitgevoerd om in de spuitgietproduct verwijderende hoekstand een gevormd, aan het eerste matrijsgedeelte (9) hangend spuitgietproduct (3) te verwijderen, en waarbij de drager (33) is uitgevoerd om na het verwijderen van het hangende spuitgietproduct (3) uit het eerste 5 matrijsgedeelte (9) om de rotatiehartlijn (36) te draaien naar de halsetiket afgevende hoekstand, waarin de houder (35) naar de halsetiket afgevende positie voor het afgeven van het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9) verplaatsbaar is voor het afgeven van het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9). 10
13. Systeem volgens conclusie 11 of 12, waarbij de drager (33) over een hoek van in hoofdzaak 90° draaibaar is tussen de spuitgietproduct verwijderende hoekstand en de halsetiket afgevende hoekstand.
14. Systeem volgens een van de conclusies 11-13, waarbij de spuitgietmatrijs (1) een axiale hartlijn (12) heeft, en waarbij het eerste, tweede en derde matrijsgedeelte (9, 10, 11) van de spuitgietmatrijs (1) volgens de axiale hartlijn (12) beweegbaar zijn, en waarbij de doorn (28) en de houder (35) zijn aangebracht aan een wagen (90) die in hoofdzaak dwars ten opzichte van de axiale hartlijn (12) verplaatsbaar is geleid, en waarbij de doorn (28) en 20 de houder (35) elk onafhankelijk van elkaar in hoofdzaak evenwijdig aan de axiale hartlijn (12) verplaatsbaar zijn ten opzichte van de wagen (90).
15. Etiketoverbrenginrichting voor het aanbrengen van een ringvormig halsetiket (40) in een eerste matrijsholte (14) en voor het aanbrengen van een omtreksetiket in een tweede 25 matrijsholte (19) van een spuitgietmatrijs (1), omvattende: - een doorn (28) voor het opnemen van het omtreksetiket, welke doorn (28) verplaatsbaar is tussen een omtreksetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs (1), waarin het omtreksetiket om een omtrekswand (29) van de doorn (28) brengbaar is, en een omtreksetiket afgevende positie in de tweede matrijsholte (19), waarin het omtreksetiket 30 vanaf de omtrekswand (29) van de doorn (28) brengbaar is naar de wand (20) van de tweede matrijsholte (19), en - een houder (35) voor het opnemen van het halsetiket (40), welke houder (35) verplaatsbaar is tussen een halsetiket ontvangende positie buiten de spuitgietmatrijs (1), waarin het halsetiket (40) aan de houder (35) brengbaar is, en een halsetiket afgevende 35 positie, waarin het halsetiket (40) in de eerste matrijsholte (14) van het eerste matrijsgedeelte (9) afgeefbaar is.
Priority Applications (6)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2007390A NL2007390C2 (nl) | 2011-09-12 | 2011-09-12 | Werkwijze en systeem voor het vervaardigen van een spuitgietproduct, alsmede etiketoverbrenginrichting. |
| US14/344,290 US9566730B2 (en) | 2011-09-12 | 2012-08-30 | Method and system for producing an injection moulded product and a label transfer device |
| CA2848282A CA2848282A1 (en) | 2011-09-12 | 2012-08-30 | Method and system for producing an injection moulded product and a label transfer device |
| PCT/NL2012/050594 WO2013039382A1 (en) | 2011-09-12 | 2012-08-30 | Method and system for producing an injection moulded product and a label transfer device |
| CN201280051315.8A CN104023929B (zh) | 2011-09-12 | 2012-08-30 | 用于制造注射模制制品的方法和系统以及标签转移装置 |
| EP12758654.3A EP2747970B1 (en) | 2011-09-12 | 2012-08-30 | Method and system for producing an injection moulded product |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2007390A NL2007390C2 (nl) | 2011-09-12 | 2011-09-12 | Werkwijze en systeem voor het vervaardigen van een spuitgietproduct, alsmede etiketoverbrenginrichting. |
| NL2007390 | 2011-09-12 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2007390C2 true NL2007390C2 (nl) | 2013-03-13 |
Family
ID=46832562
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2007390A NL2007390C2 (nl) | 2011-09-12 | 2011-09-12 | Werkwijze en systeem voor het vervaardigen van een spuitgietproduct, alsmede etiketoverbrenginrichting. |
Country Status (6)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US9566730B2 (nl) |
| EP (1) | EP2747970B1 (nl) |
| CN (1) | CN104023929B (nl) |
| CA (1) | CA2848282A1 (nl) |
| NL (1) | NL2007390C2 (nl) |
| WO (1) | WO2013039382A1 (nl) |
Families Citing this family (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| NL2007391C2 (nl) * | 2011-09-12 | 2013-03-13 | Polymac B V | Werkwijze en inrichting voor het verwijderen van een ringvormig etiket van een pakket van in hoofdzaak identieke, tegen elkaar aan liggende ringvormige etiketten, etiketoverbrenginrichting, alsmede systeem voor het vervaardigen van kunststof spuitgietproducten |
| CN105965498A (zh) * | 2016-06-28 | 2016-09-28 | 惠州市杨森工业机器人有限公司 | 模内贴标系统的机械手 |
| CN106738613A (zh) * | 2016-12-21 | 2017-05-31 | 苏州市唯动包装科技有限公司 | 一种用于模内贴注塑软管的制备方法 |
| NL2024070B1 (en) * | 2019-10-21 | 2021-06-22 | Canisius Franciscus Moens Wilhelmus | An automated in-mold label handling and product unloading device for a use with a plastic material injection molding machine |
| CN110884034B (zh) * | 2019-12-09 | 2024-07-16 | 广东拓斯达科技股份有限公司 | 塑胶椅注塑自动化生产线及塑胶椅生产方法 |
Citations (6)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPH01127307A (ja) * | 1987-11-11 | 1989-05-19 | Daiwa Can Co Ltd | チューブ容器およびその製造方法 |
| JPH02122909A (ja) * | 1988-11-02 | 1990-05-10 | Dainippon Printing Co Ltd | プラスチック製容器およびその製造方法 |
| US5053101A (en) * | 1989-12-14 | 1991-10-01 | Tolkki Oy | Device to place films in a moulding machine |
| EP0519142A1 (fr) * | 1989-12-22 | 1992-12-23 | Plastiques Rg | Dispositif pour amener et déposer dans un moule une étiquette souple sur un objet moulé |
| US20070190275A1 (en) * | 2003-07-22 | 2007-08-16 | Achim Helmenstein | Method for the production of a flexible tube |
| EP2332712A1 (de) * | 2009-12-11 | 2011-06-15 | Marbach moulds & automation GmbH | Einlegestempel sowie Verfahren zum Einlegen von Banderole- und Bodenlabe in eine Spritzgussform |
Family Cites Families (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE4022926C2 (de) * | 1990-07-19 | 1994-08-04 | Schuetz Werke Gmbh Co Kg | Verfahren zur Herstellung von Fässern aus thermoplastischem Kunststoff und Anlage zur Durchführung des Verfahrens |
| NL9401930A (nl) * | 1994-11-18 | 1996-07-01 | Fico Bv | Modulaire omhulinrichting. |
| FR2862947B1 (fr) * | 2003-11-28 | 2010-01-01 | Cebal Sas | Tube souple muni d'un composant electronique |
| EP2601110A2 (en) * | 2010-08-03 | 2013-06-12 | Sorensen Research and Development Trust | Product container including an in-mold label |
-
2011
- 2011-09-12 NL NL2007390A patent/NL2007390C2/nl not_active IP Right Cessation
-
2012
- 2012-08-30 WO PCT/NL2012/050594 patent/WO2013039382A1/en not_active Ceased
- 2012-08-30 US US14/344,290 patent/US9566730B2/en not_active Expired - Fee Related
- 2012-08-30 EP EP12758654.3A patent/EP2747970B1/en not_active Not-in-force
- 2012-08-30 CA CA2848282A patent/CA2848282A1/en not_active Abandoned
- 2012-08-30 CN CN201280051315.8A patent/CN104023929B/zh not_active Expired - Fee Related
Patent Citations (6)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| JPH01127307A (ja) * | 1987-11-11 | 1989-05-19 | Daiwa Can Co Ltd | チューブ容器およびその製造方法 |
| JPH02122909A (ja) * | 1988-11-02 | 1990-05-10 | Dainippon Printing Co Ltd | プラスチック製容器およびその製造方法 |
| US5053101A (en) * | 1989-12-14 | 1991-10-01 | Tolkki Oy | Device to place films in a moulding machine |
| EP0519142A1 (fr) * | 1989-12-22 | 1992-12-23 | Plastiques Rg | Dispositif pour amener et déposer dans un moule une étiquette souple sur un objet moulé |
| US20070190275A1 (en) * | 2003-07-22 | 2007-08-16 | Achim Helmenstein | Method for the production of a flexible tube |
| EP2332712A1 (de) * | 2009-12-11 | 2011-06-15 | Marbach moulds & automation GmbH | Einlegestempel sowie Verfahren zum Einlegen von Banderole- und Bodenlabe in eine Spritzgussform |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| EP2747970A1 (en) | 2014-07-02 |
| EP2747970B1 (en) | 2016-11-23 |
| WO2013039382A1 (en) | 2013-03-21 |
| CN104023929B (zh) | 2016-09-28 |
| US20140339733A1 (en) | 2014-11-20 |
| US9566730B2 (en) | 2017-02-14 |
| CA2848282A1 (en) | 2013-03-21 |
| CN104023929A (zh) | 2014-09-03 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US8871135B2 (en) | Labeler and a labeling method for labeling plastic bottles in a blow mold, in particular in a rotary blow molder | |
| JP5684910B2 (ja) | 非線織面にラベルを貼り付けるための装置及び方法 | |
| US8863806B2 (en) | Labelling plant and method for fixing sleeves around containers | |
| US8414812B2 (en) | Method and device for the high-speed production of plastic material bodies having an outer surface provided with a label | |
| US9566730B2 (en) | Method and system for producing an injection moulded product and a label transfer device | |
| US20070190275A1 (en) | Method for the production of a flexible tube | |
| US8871134B2 (en) | Labeler for labeling plastic containers in the blow mold in a rotary blow molder | |
| EP3917752B1 (en) | A system and method for in-mould labelling | |
| EP3060378A1 (en) | Method and device for arranging a label in a mould | |
| US9248931B2 (en) | Method and device for removing a ring-shaped label from a pack of substantially identical, abutting ring-shaped labels, label-transferring device and system for producing plastic injection-moulded products | |
| CN110267791B (zh) | 用于热成型线的热成型热塑性片状坯件的站和相应的方法 | |
| RU2808043C2 (ru) | Система и способ внутриформенного нанесения этикеток | |
| CA2945844C (en) | Method for transferring bottom labels and wraparound labels into an injection mould and device, suitable for this purpose, for producing injection-moulded parts provided with bottom labels and wraparound labels | |
| NL2005581C2 (nl) | Werkwijze en inrichting voor het aanbrengen van een etiket in een matrijs. | |
| HK1196107A (en) | Method and device tor removing a ring-shaped label from a pack of substantially identical, abutting ring-shaped labels, label-transferring device and system for producing plastic injection-moulded products | |
| HK1196107B (en) | Method and device tor removing a ring-shaped label from a pack of substantially identical, abutting ring-shaped labels, label-transferring device and system for producing plastic injection-moulded products | |
| US12629880B2 (en) | System and method for in-mould labelling | |
| HK1196335A (en) | Method and system for producing an injection moulded product and a label transfer device | |
| NL2008716C2 (en) | Labelling method and device for fixing a sleeve around a container. | |
| JP2004203039A (ja) | 延伸性スリーブを取り付けるための方法と装置 | |
| JP2012062109A (ja) | 筒状ラベル付き容器の製造方法 | |
| NZ726160B2 (en) | Method for transferring bottom labels and wraparound labels into an injection mould and device, suitable for this purpose, for producing injection-moulded parts provided with bottom labels and wraparound labels |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| MM | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20171001 |