NL1003681C2 - Inrichting en werkwijze voor het verwijderen van kabels uit buizen. - Google Patents
Inrichting en werkwijze voor het verwijderen van kabels uit buizen. Download PDFInfo
- Publication number
- NL1003681C2 NL1003681C2 NL1003681A NL1003681A NL1003681C2 NL 1003681 C2 NL1003681 C2 NL 1003681C2 NL 1003681 A NL1003681 A NL 1003681A NL 1003681 A NL1003681 A NL 1003681A NL 1003681 C2 NL1003681 C2 NL 1003681C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- cable
- tube
- evacuation pump
- coupled
- compressor
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims abstract description 22
- 239000012530 fluid Substances 0.000 claims description 7
- 238000007789 sealing Methods 0.000 claims description 2
- 238000007664 blowing Methods 0.000 abstract description 16
- 239000000835 fiber Substances 0.000 description 16
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 8
- 238000003860 storage Methods 0.000 description 8
- 238000003780 insertion Methods 0.000 description 6
- 230000037431 insertion Effects 0.000 description 6
- 239000013307 optical fiber Substances 0.000 description 6
- 239000003365 glass fiber Substances 0.000 description 5
- RYGMFSIKBFXOCR-UHFFFAOYSA-N Copper Chemical compound [Cu] RYGMFSIKBFXOCR-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 4
- 229910052802 copper Inorganic materials 0.000 description 4
- 239000010949 copper Substances 0.000 description 4
- 230000003287 optical effect Effects 0.000 description 4
- 238000003466 welding Methods 0.000 description 4
- 238000004364 calculation method Methods 0.000 description 3
- 238000005452 bending Methods 0.000 description 2
- 230000005540 biological transmission Effects 0.000 description 2
- 230000006978 adaptation Effects 0.000 description 1
- 230000009286 beneficial effect Effects 0.000 description 1
- 238000005520 cutting process Methods 0.000 description 1
- 238000009795 derivation Methods 0.000 description 1
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 1
- 238000012423 maintenance Methods 0.000 description 1
- 238000005192 partition Methods 0.000 description 1
- 238000003825 pressing Methods 0.000 description 1
- 238000005086 pumping Methods 0.000 description 1
- 239000000126 substance Substances 0.000 description 1
- 238000011144 upstream manufacturing Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- H—ELECTRICITY
- H02—GENERATION; CONVERSION OR DISTRIBUTION OF ELECTRIC POWER
- H02G—INSTALLATION OF ELECTRIC CABLES OR LINES, OR OF COMBINED OPTICAL AND ELECTRIC CABLES OR LINES
- H02G1/00—Methods or apparatus specially adapted for installing, maintaining, repairing or dismantling electric cables or lines
- H02G1/06—Methods or apparatus specially adapted for installing, maintaining, repairing or dismantling electric cables or lines for laying cables, e.g. laying apparatus on vehicle
- H02G1/08—Methods or apparatus specially adapted for installing, maintaining, repairing or dismantling electric cables or lines for laying cables, e.g. laying apparatus on vehicle through tubing or conduit, e.g. rod or draw wire for pushing or pulling
-
- G—PHYSICS
- G02—OPTICS
- G02B—OPTICAL ELEMENTS, SYSTEMS OR APPARATUS
- G02B6/00—Light guides; Structural details of arrangements comprising light guides and other optical elements, e.g. couplings
- G02B6/46—Processes or apparatus adapted for installing or repairing optical fibres or optical cables
- G02B6/50—Underground or underwater installation; Installation through tubing, conduits or ducts
- G02B6/52—Underground or underwater installation; Installation through tubing, conduits or ducts using fluid, e.g. air
Landscapes
- Physics & Mathematics (AREA)
- General Physics & Mathematics (AREA)
- Optics & Photonics (AREA)
- Electric Cable Installation (AREA)
- Light Guides In General And Applications Therefor (AREA)
- Cleaning In General (AREA)
Description
♦ 1003681
Titel: Inrichting en werkwijze voor het verwijderen van kabels uit buizen.
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting en een werkwijze voor het door middel van een voortbewegend fluïdum verwijderen van kabels uit buizen.
Voor het installeren van kabels, in het bijzonder 5 optische kabels of optische vezels, in buizen, zijn verschillende technieken bekend. De oudste en meest bekende techniek is het door de buis trekken van de kabel. Hierbij wordt een haspel met kabel aan het inbreng-einde van een buis geplaatst en wordt de kabel, door middel van een te-10 voren in de buis aangebrachte trekdraad, door de buis getrokken. Deze techniek heeft onder meer als bezwaar, dat de trekkrachten die nodig zijn om de wrijving van de kabel over het dikwijls bochtige buisvormige traject te overwinnen, zeer hoog zijn en in het bijzonder bij optische 15 vezels of optische kabels de toelaatbare waarde kunnen overschrij den.
EP-A-0 108 590 beschrijft een techniek om optische vezels met een geringe diameter door middel van een fluïdum onder druk in een buis te installeren. Hiertoe wordt aan 20 het inbreng-einde van de buis een blaasunit geplaatst.
Nadat het begineinde van de vezel in de buis is ingebracht, is de blaaskracht voldoende om de vezel door de buis voort te bewegen.
EP-A-0 292 037 beschrijft een aanpassing van deze 25 bekende techniek voor optische kabels met een intrinsieke stijfheid, waarbij het inbrengen geschiedt door een combinatie van duwen en blazen.
Het is ook bekend om kabels in buizen te installeren door op het tegenover het inbreng-einde van de buis gelegen 30 buis-einde een zuigkracht uit te oefenen en zodoende de kabel in de buis te zuigen. Voorbeelden hiervan zijn te vinden in CH-B-677707, EP-A-0 319 194 en in GB-A-2.152.622, 1003681 2 welke laatste publicatie een aan het inbreng-einde van de kabel aangebracht orgaan beschrijft, dat de buisdiameter in hoofdzaak opvult en door het voorkomen van lekkage een meer efficiënt inbrengen mogelijk maakt.
5 Geen van de bovenstaand genoemde publicaties vermeldt ook maar iets over het probleem, dat het soms gewenst is om een reeds geïnstalleerde kabel weer uit de buis te verwijderen. Dit probleem is wel beschreven in EP-A-0 428 830 en in DE-C-39 37 695.
10 EP-A-0 428 830 beschrijft eveneens een techniek om optische vezels of kabels in buizen te installeren door middel van blaaskracht. De in een buis te blazen kabel is daarbij opgenomen in een opslagbuis, die spoelvormig opgewikkeld kan worden. Het ene uiteinde van de opslagbuis 15 wordt verbonden met de installatiebuis waarin de kabel geïnstalleerd moet worden en het andere uiteinde wordt verbonden met een compressor om daarmee de kabel uit de opslagbuis in de installatiebuis te blazen. Als voordeel van deze techniek wordt genoemd dat de compressor niet 20 dicht bij het ingangseinde van de installatiebuis behoeft te worden geplaatst, en dat de kabel niet mechanisch behoeft te worden ingevoerd in een drukruimte. Deze publicatie beschrijft tevens dat het met behulp van de compressor mogelijk is om een kabel door middel van blaas-25 kracht uit de installatiebuis te verwijderen, waartoe de compressor op het andere uiteinde van die buis dan dat waarmee de opslagbuis is gekoppeld, wordt aangesloten en de kabel uit de installatiebuis in de opslagbuis wordt geblazen. Het gebruik van een opslagbuis heeft echter 30 bezwaren in verband met de benodigde plaatsruimte daarvan en de beperkte kabellengte die er in kan worden opgenomen. Bij het verwijderen van een kabel uit een installatiebuis is het tevens een bezwaar, dat de compressor en de opslagbuis zich op verschillende plaatsen, elk aan een 35 uiteinde van de installatiebuis bevinden, zodat twee operators nodig zijn. Verder moet bijvoorbeeld bij het verwijderen van kabels uit een stervormig net hetzij de 1003681 3 compressor, hetzij de opslagbuis steeds naar een ander uiteinde van de ster verplaatst worden.
DE-C-39 37 695 beschrijft een kabel met meerdere optische vezels, welke vezels zodanig in afzonderlijke 5 kanalen in de kabel zijn aangebracht, dat bij het gedeeltelijk doorsnijden van de kabel en het openen van een kanaal, de daarin aanwezige vezel uit het van de centrale afgekeerde einde van de kabel getrokken kan worden en voor een huisaansluiting kan worden gebruikt. Op deze wijze kan 10 men vanuit een kabel een groot aantal aftakkingen op verschillende afstanden van de centrale realiseren. Deze publicatie vermeldt het probleem, dat het uit de kabel trekken van de vezel problemen op kan leveren, indien de uit te trekken lengte groot is. Daarom wordt een kabel 15 toegepast waarin de slaglengte van de vezels 0,6 - 8 m en bij voorkeur 5 - 6 m is, dat wil zeggen veel langer dan gebruikelijk en gewenst, en wordt verder in deze publicatie voorgesteld de vezels in een gel-achtige substantie te leggen of tevoren de vezels reeds in te korten. Het eerste 20 voorstel is kostprijsverhogend, hetgeen ook geldt voor het tweede voorstel, dat daarnaast het bezwaar heeft, dat reeds vooraf de flexibiliteit voor het kiezen van de plaatsen van de aftakkingen geweld wordt aangedaan.
De uitvinding beoogt te voorzien in een werkwijze voor 25 het verwijderen van kabels uit buizen, die de voornoemde bezwaren niet bezit.
De uitvinding voorziet hiertoe in een werkwijze voor het door middel van een voortbewegend fluïdum verwijderen van kabels uit buizen, met het kenmerk, dat op één uiteinde 30 van een buis waarin een te verwijderen kabel aanwezig is een zuigkracht wordt aangelegd door middel van een evacueerpomp die wordt aangesloten op een kabeldoorvoerapparaat, dat aan één uiteinde wordt gekoppeld met het uiteinde van de buis en dat aan het tegenover 35 gelegen uiteinde is voorzien van een uitvoeropening waardoorheen het vrije uiteinde van de kabel wordt geleid.
1003681 4
Volgens een verdere uitvoeringsvorm van de uitvinding wordt, wanneer de kabel in de buis tot stilstand komt nadat het grootste gedeelte daarvan uit de buis is verwijderd, het resterende gedeelte uit de buis verwijderd door in 5 plaats van te zuigen met behulp van een compressor te blazen.
De uitvinding voorziet tevens in een inrichting voor het door middel van een voortbewegend fluïdum verwijderen van kabels uit buizen, gekenmerkt door een in hoofdzaak 10 luchtdicht huis met een aansluitopening voor een buis waarin een kabel aanwezig is, een tegenover de aansluitopening gelegen uitvoeropening voor de kabel, en middelen voor het aansluiten van een evacueerpomp.
Opgemerkt wordt, dat uit US-A-5.174.684 een werkwijze 15 bekend is voor het verwijderen van een koperkabel uit een buis, waarbij de buis aan één uiteinde wordt afgesloten en aan het andere uiteinde een evacueerpomp wordt aangesloten. Door het vacuümzuigen van het inwendige van de buis "klapt" de koperkabel in elkaar en vult de buis in geringere mate. 20 Hierna wordt de kabel op conventionele wijze door middel van trekken uit de buis verwijderd.
De uitvinding en de daaraan ten grondslag liggende berekeningen zullen in het hiernavolgende nader worden toegelicht onder verwijzing naar de tekening. Hierin toont: 25 figuur IA een eerste uitvoeringsvoorbeeld van de in richting volgens de uitvinding in perspectief; figuur 1B een vooraanzicht van de inrichting volgens figuur IA; figuur 1C een doorsnede langs de lijn IIC-IIC in 30 figuur IA; figuur 2 een segment van een kabel waarin een aftakking gemaakt moet worden onder toepassing van de inrichting volgens figuur 1; figuur 3 een tweede uitvoeringsvoorbeeld van een 35 inrichting volgens de uitvinding in dwarsdoorsnede; en figuur 4 een derde uitvoeringsvoorbeeld van een inrichting volgens de uitvinding.
1003681 5
In het onderstaande zal eerst het principe van het door middel van zuigkracht, eventueel in combinatie met blaaskracht, uit een buis verwijderen van een kabel worden toegelicht.
5 De in het hiernavolgende gebruikte formules kunnen grotendeels worden gevonden in het boek "Installation of optical cables in ducts" van W. Griffioen, Plumettaz, Bex (CH) 1993, hierna te noemen Dl.
Op een kabel met diameter Dc die in een buis met 10 inwendige diameter Dd wordt voortbewogen, wordt door een luchtstroom een kracht dF uitgeoefend (zie Dl, bladzijde 68, formule 5.6): dF=-°<Dd dp (1) 4 15
Hierin is dp de drukgradiënt. Het drukverloop is niet lineair. Voor een druk po bij de kabeldoorvoer, de plaats waar de kabel de buis verlaat, en een druk px aan het andere, open, einde van de buis met lengte 1 geldt voor de 20 druk px op afstand x van de kabeldoorvoer (zie Dl, bladzijde 70, formule 5.10): px=4ri>-(pl-p2\)xl1 (2) 25 Als er ten gevolge van het instandhouden van de drukgradiënt een drukverschil Δρ aanwezig is over de kabeldoorvoer, zal de kabel ook hier een (lokale) kracht AF ondervinden (zie Dl, bladzijde 66, formule 5.1): 7ïD2 30 AF=-(3) 4
Als er buiten de buis een atmosferische druk pa heerst en bij de kabeldoorvoer wordt gepompt, dan is po = 0 en pi = pa, dus is Δρ gelijk aan pa. Wanneer er nog een lengte x 35 aan kabel in de buis aanwezig is, treedt er een situatie op 1003681 6 waarbij het totaal van de zuigkrachten over de nog aanwezige kabellengte gelijk is aan de lokale kracht AF bij de kabeldoorvoer. Voor dit evenwicht moet echter niet het drukverschil ter plekke van de kabeldoorvoer worden 5 beschouwd, maar het verschil tussen de druk px bij het kabeluiteinde en de druk pa buiten de doorvoer (zie US-4.948.097). Uit (1) en (3) wordt dan gevonden, met Δρ = pa-px, dat dit evenwicht optreedt als geldt: kD2 , x nDrDt , , 10 —^ (Pa-Px) = 4Px (4)
Dus voor een druk px:
Dc , , P‘~P‘D^D„ <5) 15
Met (2) wordt dan de plaats x van het kabeluiteinde gevonden waarvoor dit optreedt: x D2 - =-=“—j (6) ; (D'+Djf 20
Wanneer Dd bijvoorbeeld driemaal zo groot is als Dc, ligt het evenwicht op nog maar een zestiende van de buislengte. De kabel kan dit laatste gedeelte eventueel met de hand worden verwijderd maar volgens een verder aspect van de 25 uitvinding kan het verwijderen op een veel elegantere wijze, zonder bijvoorbeeld handkracht of een motor, geschieden. De uitvinding berust hierbij op het inzicht dat als bij het uit de buis zuigen van de kabel het kabeluiteinde op het hierboven gevonden punt x tot rust 30 komt en er vervolgens een overdruk po op de buis wordt gezet, de kabel dan verder naar buiten uit de buis wordt geblazen als tenminste dit punt x minder ver in de buis ligt dan het punt x dat voor uitblazen berekend kan worden.
1 0 0 3 681 7
Dit punt volgt (voor po * pa) analoog aan de afleiding van (6) : -Y Dj + lDcDjPo /(Po+Pg) r Wc+Ddf i7) 5
Dit punt ligt altijd verder in de buis dan het punt uit (6) . Wanneer D^ bijvoorbeeld driemaal zo groot is als DCf en de druk po gelijk is aan 9 bar (absoluut), ligt het evenwicht op veertig procent van de buislengte. Dit 10 betekent dat een kabel zonder motor in achterwaartse richting uit de buis te verwijderen is door eerst bij de kabeldoorvoer te zuigen en vervolgens weer druk op de buis te zetten. Bovenstaande vergelijking heeft alleen zin, als de wrijvingskrachten verwaarloosbaar zijn. Dit is meestal 15 het geval als de kabel zich voor slechts een zestiende gedeelte van de lengte ervan in de buis bevindt.
Uit (6) volgt dat het punt x dichter bij de kabeldoorvoer ligt als Dc/Dd kleiner is. Hoe kleiner Dc/D(j, hoe minder groot de fout dus is die is gemaakt door aan te 20 nemen dat er geen wrijving optreedt die het evenwicht uit (6) verstoort. Bij kabeltjes die nauw in de buis passen zou er dus een aanzienlijke fout in de berekening kunnen ontstaan.
Door berekeningen kan echter worden aangetoond dat een 25 correctie van de mate waarin de kabel de buis vult in principe niet nodig is, omdat zonder correctie de "worst case"-waarde wordt gevonden. De reden dat geen correctie nodig is, is dat bij een grotendeels met kabel gevulde buis de stromingsweerstand van de lucht toeneemt, hetgeen een 30 gunstige invloed heeft op de afstand waarover de kabel uit de buis wordt gezogen voordat deze tot stilstand komt.
De uitvinding is zowel voor kabels met een geringe diameter toepasbaar als voor kabels met een grote diameter. Het verwijderen van kabels met een kleine diameter door 35 middel van een zuigtechniek biedt vooral voordelen bij 1003681 8 stervormige of busvormige kabelnetten, die uitmonden in bijvoorbeeld woonhuizen. Om te voorkomen dat de zuigapparatuur steeds verplaatst moet worden, geschiedt het zuigen bij voorkeur vanuit het centrum van het sternet of 5 vanaf het dichtst bij de centrale gelegen punt van een busnet.
Een andere uiterst zinvolle toepassing van de zuig-techniek is bij het installeren van glasvezelnetten tot aan de abonnee-aansluiting, zonder dat daarbij lassen in de 10 glasvezel nodig zijn. Bij conventionele aansluitnetten voor kabeltelevisie en telecommunicatie bestaat het laatste gedeelte van het net, dat het dichtst bij de abonnee is gelegen, nog uit koperkabel en worden aftakkingen door middel van lassen gemaakt, hetgeen zeer eenvoudig en zonder 15 technische bezwaren te realiseren is. Wanneer in de toekomst ook het laatste gedeelte van de netten van glasvezelkabel wordt voorzien, hetgeen gezien de veel grotere transmissiecapaciteit daarvan zeer wenselijk is, ontstaat het probleem dat lassen in glasvezelkabels veel 20 moeilijker te maken zijn dan in koperkabel en zonder meer veel duurder zijn. Er bestaat derhalve behoefte aan een techniek om zonder lassen glasvezelkabels tot aan de abonnee te kunnen leggen. Het is reeds bekend, bijvoorbeeld uit DE-C-3.937.695, om daartoe een bundel buisjes of 25 kanaaltjes aan te leggen met in elk kanaaltje of buisje een glasvezel en ter plekke van de gewenste aftakking één buisje door te snijden of één kanaal te openen en het stroomopwaartse gedeelte van de daarin aanwezige glasvezel uit het buisje te trekken en via een ander buisje, 30 bijvoorbeeld met behulp van een blaastechniek, tot aan de abonnee te installeren. Bij dergelijke bundels met buisjes of kanaaltjes is het terugtrekken van de glasvezels dikwijls lastig ten gevolge van de slag waarin de buisjes bij voorkeur verkabeld zijn, waardoor bij het terugtrekken 35 een exponentiële en te hoge opbouw van krachten op kan treden, hetgeen ongewenst is voor de glasvezel. Bij de bekende bundels met buisjes of kanalen is de slag dan ook 1003681 9 dikwijls lang gekozen, hetgeen weer nadelig is voor het buiggedrag van de kabel. Met behulp van de zuigtechniek volgens de uitvinding treedt een dergelijke exponentiële krachtenopbouw niet op en is dus een kleinere slaglengte 5 mogelijk.
Figuur 1 toont een inrichting die geschikt is voor het uitzuigen van kabels 1 uit een buis 2. De inrichting omvat een in hoofdzaak cilindrisch huis 3, dat bestaat uit twee schalen 3a en 3b, die in hoofdzaak luchtdicht op elkaar te 10 bevestigen zijn. Aan één langseinde van het huis is voorzien in een opening voor het opnemen van het vrije uiteinde van de buis 2 met daarin de kabel 1. Het tegenovergelegen langseinde van het huis 3 is voorzien van een eindwand met daarin een doorlaatopening 6 voor de 15 kabel 1. Aan de onderzijde van de schaal 3a is een bus 4 voor het aansluiten van een evacueerpomp aangebracht. Om te voorkomen dat de kabel in de aansluitbus 4 wordt gezogen, is voorzien in een geleideschot 7, dat tussen de kabel en de aansluitbus is aangebracht. Indien gewenst, kan het huis 20 voorzien zijn van een handgreep 5, waarvan de delen 5a en 5b respectievelijk deel uitmaken van de schalen 3a en 3b. Door de handgreepgedeelten 5a en 5b tegen elkaar te drukken wordt de behuizing voldoende luchtdicht afgesloten, waarbij vanzelfsprekend in de tegen elkaar gelegen vlakken van de 25 schalen 3a en 3b nog rubber profielen of iets dergelijks ter verdere verbetering van de afdichting kunnen zijn opgenomen. Het is anderzijds ook mogelijk te voorzien in bevestigingsmiddelen, zoals klemmen of iets dergelijks, om de schalen tegen elkaar aan te drukken, waarbij de 30 handgreep 5 kan worden weggelaten. Bij het toepassen van de inrichting volgens figuur 1 bij het uitzuigen van een vezel uit een buisje dat deel uitmaakt van een bundel buisjes is bij voorkeur voorzien in een geleideschijf 8 met een geleidegroef 8a.
35 Figuur 2 toont de inrichting volgens figuur 1 met de geleideschijf 8 bij toepassing bij een bundel met een slag verkabelde buisjes, die elk een glasvezel bevatten. Door 1 003 681 10 het door te snijden buisje 2, 2' over de groef 8a van de schijf 8 te leiden, wordt voorkomen dat de buigingsstraal van de vezel 1 te klein wordt, hetgeen tot beschadiging van de glasvezel zou kunnen leiden. Bij het aanleggen van een 5 vacuüm op de aansluitbus 4 en het enigszins omhoog bewegen van de schijf 8 met de inrichting 3, zal de vezel 1 met het in het buisgedeelte 2 verlopende deel uit dat buisgedeelte gezogen worden, waarna dit vervolgens via een ander buisje tot aan de abonnee geleid kan worden.
10 De inrichting volgens figuur 1 kan ook worden gebruikt bij kabels met een grotere diameter, terwijl voor het verwijderen van het laatste gedeelte van de kabel, indien men dit niet uit de buis kan of wil trekken, op de aansluitbus 4 een compressor kan worden aangesloten.
15 Bij kabels met een grotere diameter kunnen ook met voordeel de in de figuren 3 en 4 getoonde inrichtingen worden toegepast. Het voordeel van het uitzuigen van grote kabels is dat het apparaat om de kabel te verwijderen op de plaats staat waar de kabel de buis verlaat, in 20 tegenstelling tot de situatie bij het volledig uit een buis blazen van een kabel. Dan kan er namelijk voor gezorgd worden dat de kabel niet ongecontroleerd uit de buis komt en beschadigingen aan kan richten of op ongewenste plaatsen terecht kan komen, hetgeen bijvoorbeeld met langs autowegen 25 gelegde kabels zou kunnen gebeuren.
De inrichtingen volgens de figuren 3 en 4 tonen grote gelijkenis met de inrichting die voor het inblazen van kabels getoond is in EP-A-0 292 037. In principe kunnen de inrichtingen volgens de figuren 3 en 4 dan ook niet alleen 30 worden gebruikt voor het uitzuigen van een kabel, maar ook voor het inblazen van kabels. In de figuren 3 en 4 zijn gelijke onderdelen aangegeven met dezelfde verwijzings-cijfers maar voorafgegaan door respectievelijk 3(0) of 4 (0) .
35 De figuren 3 en 4 tonen een huis 301, 401 dat aan één zijde aangesloten kan worden op een buis 302, 402 waaruit een kabel verwijderd moet worden of waarin een kabel moet 1003681 11 worden ingevoerd. In het huis is een in hoofdzaak rechtlijnig kabeldoorvoerkanaal 303, 403 gevormd, met een doorvoer 304, 404, waardoorheen een kabel geleid kan worden, en een aansluiting 305, 405, die gasdicht gekoppeld kan worden 5 met een buis 302, 402. Het kabeldoorvoerkanaal is op geschikte plaatsen voorzien van afdichtingen om te voorkomen dat lekkage van lucht naar of uit de omgeving optreedt. Een inlaatbuis 307, 407 mondt uit bij het doorvoerkanaal 303, 403 en kan bij het uitzuigen aange-10 sloten worden op een niet-getoonde evacueerpomp en bij het inblazen op een eveneens niet-getoonde compressor. Een stel wielen 308, 309, 310 en 311 respectievelijk 408, 409, 410 en 411 is draaibaar bevestigd in de behuizing en reikt gedeeltelijk in het doorvoerkanaal 303, 403. Het paar 15 wielen 308 en 309 respectievelijk 408 en 409 wordt ondersteund door een frame 312 respectievelijk 412 dat draaibaar gekoppeld is aan een zuigerstang van een zuiger 313 respectievelijk 413, die beweegbaar bevestigd is in een pneumatische cilinder 314 respectievelijk 414. Zoals 20 schematisch in de figuren 3 en 4 getoond is, kunnen de wielen 308 en 309 respectievelijk 408 en 409 tot draaien worden gebracht via een transmissiemechanisme door middel van een pneumatische motor 315 respectievelijk 415 of 419 die op de behuizing bevestigd is respectievelijk zijn.
25 Bij de inrichting volgens figuur 3 wordt via een pneu matische schakelaar 318, bestaande uit kleppen 319, 320, 321 en 322 een zuiger 313 in de pneumatische cilinder bekrachtigd. Op het gedeelte van de pneumatische schakelaar 318, dat de kleppen 319 en 320 bevat kan een 30 pomp of een compressor worden aangesloten. Het gedeelte met de kleppen 321 en 322 vormt een afvoer voor lucht. In het geval van zuigen zijn de kleppen 320 en 321 gesloten en de kleppen 319 en 322 geopend en ontstaat er een onderdruk aan de onderzijde van de zuiger waardoor deze de wielen 308 en 35 309 tegen de tegenover gelegen wielen 310 en 311 drukt. De pneumatische motor 315 wordt eveneens door de zuigkracht aangedreven en drijft de wielen 308 en/of 309 zodanig aan, 1003681 12 dat deze het effect van de zuigkracht die is aangelegd op aansluiting 307 ondersteunen om de kabel uit de buis te verplaatsen. In het geval van het inblazen van een kabel in een buis zijn de kleppen 320 en 321 geopend en de kleppen 5 319 en 322 gesloten. De zuiger wordt nu door de overdruk op de bovenzijde ervan neerwaarts gedrukt en de eenheid 301 functioneert op de in EP-A-0 292 037 beschreven wijze. De motor 315 wordt nu aangedreven met overdruk en draait de andere kant op dan bij zuigen.
10 Indien het gewenst is om verschillende motoren toe te passen voor het zuigen en het blazen van een kabel, kan de inrichting volgens figuur 4 worden toegepast, waarbij voorzien is om een tweede pneumatische motor 419, die door middel van zuigkracht wordt aangedreven. Elk van de 15 motoren 415 en 419 drijft beide wielen 408 en 409 aan, waarbij de aandrijving van de niet actieve motor ontkoppeld is. De werking van de pneumatische cilinder 414 met de zuiger 413 is dezelfde als beschreven voor de inrichting volgens figuur 3, terwijl ook een zelfde pneumatische 20 schakelaar, alhoewel niet getoond, aanwezig is. Tevens kan ook pneumatisch worden geschakeld tussen de motor 415 bij inblazen en de motor 419 bij uitzuigen. In het geval men alleen een kabel uit een buis wil zuigen, kan ook de in figuur 3 van EP-A-0 292 037 beschreven inrichting met een 25 evacueerpomp worden verbonden, waarbij de pneumatische motor in tegengestelde richting wordt aangedreven en de zuiger met behulp van onderdruk naar beneden wordt bewogen.
De wielen 408, 409 kunnen, evenals bij inblazen, bij uitzuigen in de voortbewegingsrichting van de kabel een 30 additionele kracht op de kabel uitoefenen.
1003681
Claims (19)
1. Werkwijze voor het door middel van een voortbewegend fluïdum verwijderen van kabels uit buizen, met het kenmerk, dat op één uiteinde van een buis waarin een te verwijderen kabel aanwezig is een zuigkracht wordt aangelegd door 5 middel van een evacueerpomp die wordt aangesloten op een kabeldoorvoerapparaat, dat aan één uiteinde wordt gekoppeld met het uiteinde van de buis en dat aan het tegenover gelegen uiteinde is voorzien van een uitvoeropening waardoorheen het vrije uiteinde van de kabel wordt geleid. 10
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat wanneer de kabel in de buis tot stilstand komt nadat het grootste gedeelte daarvan uit de buis is verwijderd, het resterende gedeelte van de kabel uit de buis wordt 15 verwijderd door in plaats van te zuigen met behulp van een compressor te blazen.
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat tijdens het verwijderen van de kabel uit de buis het 20 reeds uit de buis verwijderde kabeleinde door middel van een paar aangedreven drukrollen wordt getransporteerd.
4. Inrichting voor het door middel van een voortbewegend fluïdum verwijderen van kabels uit buizen, gekenmerkt door 25 een in hoofdzaak luchtdicht huis met een aansluitopening voor een buis waarin een kabel aanwezig is, een tegenover de aansluitopening gelegen uitvoeropening voor de kabel, en middelen voor het aansluiten van een evacueerpomp.
5. Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de middelen voor het aansluiten van een evacueerpomp tevens ingericht zijn voor het aansluiten van een compressor. 1003681
6. Inrichting volgens conclusie 4 of 5, met het kenmerk, dat in het traject dat van de aansluitopening voor de buis naar de uitvoeropening verloopt, ter plaatse van de aan-sluitmiddelen voor de evacueerpomp, tussen het traject en 5 die aansluitmiddelen, in een geleideschot is voorzien.
7. Inrichting volgens een der conclusies 4-6, met het kenmerk, dat de inrichting bestaat uit een in hoofdzaak cilindrisch huis dat bestaat uit twee schalen die elk een 10 halve cilinder vormen en dat voorzien is in afdichtmiddelen om de schalen in hoofdzaak luchtdicht tegen elkaar te bevestigen.
8. Inrichting volgens een der conclusies 4-7, met het 15 kenmerk, dat voorzien is in een geleideschijf die aan de inrichting is bevestigd en waarover een buis, die deel uitmaakt van een bundel buizen, geplaatst kan worden.
9. Inrichting volgens conclusies 7 en 8, met het kenmerk, 20 dat de geleideschijf deel uitmaakt van een van de half- cilindervormige schalen.
10. Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat in het traject dat van de aansluitopening voor de buis naar 25 de uitvoeropening verloopt, tussen de aansluitmiddelen voor de evacueerpomp en de uitvoeropening, voorzien is in ten minste een paar tegenover elkaar gelegen drukwielen, die kunnen aangrijpen op de kabel.
11. Inrichting volgens conclusie 10, met het kenmerk, dat voorzien is in een pneumatische zuiger om de drukwielen naar elkaar te brengen.
12. Inrichting volgens conclusie 11, met het kenmerk, dat 35 de pneumatische zuiger via een pneumatische schakelaar gekoppeld is met en aangedreven wordt door een evacueerpomp . 1003681
13. Inrichting volgens een der conclusies 10-12, met het kenmerk, dat voorzien is in een pneumatische motor om ten minste een van de drukwielen aan te drijven om de kabel uit 5 de buis te bewegen, welke pneumatische motor voor het aandrijven ervan is gekoppeld met een evacueerpomp.
14. Inrichting volgens een der conclusies 10-12, met het kenmerk, dat voorzien is in ten minste een tweetal 10 tegenover elkaar gelegen drukwielen en dat voorzien is in een pneumatische motor die met een evacueerpomp is gekoppeld en in een pneumatische motor die met een compressor is gekoppeld, welke motoren ten minste een wiel kunnen aandrijven.
15. Inrichting voor het door middel van een voortbewegend fluïdum installeren van kabels in buizen of verwijderen van kabels uit buizen, gekenmerkt door een in hoofdzaak luchtdicht huis met een aansluitopening voor een buis, een 20 tegenover de aansluitopening gelegen doorvoeropening voor de kabel, en middelen voor het aansluiten van een evacueerpomp en/of een compressor en doordat in het traject dat van de aansluitopening voor de buis naar de uitvoeropening verloopt, tussen de aansluitmiddelen voor de 25 evacueerpomp of compressor en de uitvoeropening, voorzien is in ten minste een paar tegenover elkaar gelegen drukwielen, die kunnen aangrijpen op de kabel.
16. Inrichting volgens conclusie 15, met het kenmerk, dat 30 voorzien is in een pneumatische zuiger om de drukwielen naar elkaar te brengen.
17. Inrichting volgens conclusie 16, met het kenmerk, dat de pneumatische zuiger via een pneumatische schakelaar 35 hetzij gekoppeld is met en bekrachtigd wordt door een evacueerpomp, hetzij gekoppeld is met en bekrachtigd wordt door een compressor. 1003681
18. Inrichting volgens een der èonclusies 15-17, met het kenmerk, dat voorzien is in een pneumatische motor om ten minste een van de drukwielen aan te drijven om de kabel 5 door de buis te bewegen, welke pneumatische motor voor het aandrijven ervan via een pneumatische schakelaar hetzij is gekoppeld met een evacueerpomp, hetzij met een compressor.
19. Inrichting volgens een der conclusies 15-17, met het 10 kenmerk, dat voorzien is in ten minste een tweetal tegenover elkaar gelegen drukwielen en dat voorzien is in een pneumatische motor die met een evacueerpomp is gekoppeld en in een pneumatische motor die met een compressor is gekoppeld, welke motoren ten minste een wiel kunnen 15 aandrijven. 1003681
Priority Applications (8)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1003681A NL1003681C2 (nl) | 1996-07-25 | 1996-07-25 | Inrichting en werkwijze voor het verwijderen van kabels uit buizen. |
| DK97202302T DK0821255T3 (da) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Apparat og fremgangsmåde til fjernelse af kabler fra rör |
| CZ19972358A CZ293266B6 (cs) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Způsob a zařízení na odstraňování kabelů z trubic |
| EP97202302A EP0821255B1 (en) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Apparatus and method for removing cables from tubes |
| DE69737277T DE69737277T2 (de) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Vorrichtung und Verfahren zum Herausziehen von Kabeln aus Kabelschläuchen |
| AT97202302T ATE352793T1 (de) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Vorrichtung und verfahren zum herausziehen von kabeln aus kabelschläuchen |
| US08/898,970 US6089546A (en) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Apparatus and method for removing cables from tubes |
| ES97202302T ES2281092T3 (es) | 1996-07-25 | 1997-07-23 | Aparato y metodo para extraer cables de tubos. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL1003681 | 1996-07-25 | ||
| NL1003681A NL1003681C2 (nl) | 1996-07-25 | 1996-07-25 | Inrichting en werkwijze voor het verwijderen van kabels uit buizen. |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL1003681C2 true NL1003681C2 (nl) | 1998-01-28 |
Family
ID=19763273
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL1003681A NL1003681C2 (nl) | 1996-07-25 | 1996-07-25 | Inrichting en werkwijze voor het verwijderen van kabels uit buizen. |
Country Status (8)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US6089546A (nl) |
| EP (1) | EP0821255B1 (nl) |
| AT (1) | ATE352793T1 (nl) |
| CZ (1) | CZ293266B6 (nl) |
| DE (1) | DE69737277T2 (nl) |
| DK (1) | DK0821255T3 (nl) |
| ES (1) | ES2281092T3 (nl) |
| NL (1) | NL1003681C2 (nl) |
Families Citing this family (11)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| AUPO484797A0 (en) | 1997-01-29 | 1997-02-20 | Securency Pty Ltd | Printed matter producing reflective intaglio effect |
| MEP26108A (en) | 2001-02-20 | 2010-06-10 | Alois Pichler | Method for removing a cable core from a cable sheath |
| US6603907B2 (en) * | 2001-03-16 | 2003-08-05 | Neutron Media, Llc | Communications network and method of installing the same |
| US7992685B2 (en) * | 2002-07-11 | 2011-08-09 | Draka Comteq B.V. | Optical cable lubricator with reservoir |
| US6848541B2 (en) * | 2002-07-11 | 2005-02-01 | Nkf Kabel B.V. | Optical cable installation with cable lubricator |
| CN101391403B (zh) * | 2007-09-17 | 2012-03-28 | 鸿富锦精密工业(深圳)有限公司 | 对位装置 |
| JP5546597B2 (ja) * | 2012-08-30 | 2014-07-09 | 株式会社フジクラ | 医療機器用ハーネス及び医療機器の組立方法 |
| GB2522230A (en) * | 2014-01-17 | 2015-07-22 | Deflux Holdings Ltd | Method and apparatus for removing a cable core from a cable sheath |
| CA3030546A1 (en) * | 2016-09-08 | 2018-03-15 | Halliburton Energy Services, Inc. | Excess optical fiber deployment control |
| CN117317901B (zh) * | 2023-11-16 | 2024-04-05 | 浙江朔风建筑工程有限公司 | 一种弱电工程线路布线走线辅助设备及使用方法 |
| FR3167456A1 (fr) * | 2024-10-11 | 2026-04-17 | Technipfmc Subsea France | Dispositif de mise en place et/ou de retrait d’une fibre optique dans un tube de réception d’une conduite flexible de transport de fluide, ensemble et procédé associés |
Citations (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| GB2085670A (en) * | 1980-10-14 | 1982-04-28 | Electric Power Res Inst | Removal and replacement of underground cable |
| GB2152621A (en) * | 1984-01-09 | 1985-08-07 | John Edmund Dawe | A method of threading an elongate flexible element through an elongate passage |
| JPS60247203A (ja) * | 1984-05-22 | 1985-12-06 | Fujikura Ltd | 光フアイバ−ケ−ブルの引抜きまたは引入れ方法 |
| CH677707A5 (en) * | 1989-01-30 | 1991-06-14 | Theodor Beck | Line drawing device using suction - has adaptor between suction device and end of pipe through which line is drawn |
| JPH07154910A (ja) * | 1993-11-26 | 1995-06-16 | Ougiya Koji Kk | 埋設管路内に敷設した不要ケーブルを除去する方法および装置 |
Family Cites Families (13)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US5169126C1 (en) * | 1982-11-08 | 2001-05-08 | British Telecomm | Method and apparatus for installing transmission lines |
| EP0108590B1 (en) * | 1982-11-08 | 1986-11-26 | BRITISH TELECOMMUNICATIONS public limited company | Optical fibre transmission lines |
| GB2152622B (en) * | 1983-12-08 | 1987-08-05 | Micro Consultants Ltd | Pneumatic switching devices and linear feed motors incorporating such devices |
| NL193126B (nl) * | 1987-04-28 | 1998-07-01 | Nederland Ptt | Werkwijze en inrichting voor het aanbrengen van een kabel in een kabelgeleidingsbuis. |
| GB8727579D0 (en) * | 1987-11-25 | 1987-12-31 | Bicc Plc | Method & apparatus for conveying optical fibre member |
| JPH0774849B2 (ja) * | 1989-08-07 | 1995-08-09 | 住友電気工業株式会社 | 線材の布設・回収装置および布設・回収方法 |
| DE3937695C1 (en) * | 1989-11-13 | 1991-05-29 | Aeg Kabel Ag, 4050 Moenchengladbach, De | Optical cable for subscriber distribution in housing area - has markings on sheath surface giving unambiguous positions for fibres |
| JPH03249704A (ja) * | 1990-02-28 | 1991-11-07 | Sumitomo Electric Ind Ltd | 光ファイバユニットの布設方法および装置 |
| US5174684A (en) * | 1992-02-11 | 1992-12-29 | Keener Ricky R | Apparatus and method of removing cable |
| SE501770C2 (sv) * | 1992-10-20 | 1995-05-08 | Meab Mobile Equipment Ab | Arrangemang för att med hjälp utav en vätska kunna föra in en eller flera kablar i ett för kabelns omslutande avsett rör |
| DE69403991T2 (de) * | 1993-04-10 | 1997-10-16 | Sumitomo Electric Industries | Verfahren und Vorrichtung zum Einführen eines Nachrichtenkabels in ein Rohr mittels eines Luftstroms |
| US5573225A (en) * | 1994-05-06 | 1996-11-12 | Dowell, A Division Of Schlumberger Technology Corporation | Means for placing cable within coiled tubing |
| US5813658A (en) * | 1994-11-23 | 1998-09-29 | Arnco Corporation | Cable feeding apparatus |
-
1996
- 1996-07-25 NL NL1003681A patent/NL1003681C2/nl not_active IP Right Cessation
-
1997
- 1997-07-23 DK DK97202302T patent/DK0821255T3/da active
- 1997-07-23 EP EP97202302A patent/EP0821255B1/en not_active Expired - Lifetime
- 1997-07-23 AT AT97202302T patent/ATE352793T1/de not_active IP Right Cessation
- 1997-07-23 DE DE69737277T patent/DE69737277T2/de not_active Expired - Lifetime
- 1997-07-23 CZ CZ19972358A patent/CZ293266B6/cs not_active IP Right Cessation
- 1997-07-23 ES ES97202302T patent/ES2281092T3/es not_active Expired - Lifetime
- 1997-07-23 US US08/898,970 patent/US6089546A/en not_active Expired - Lifetime
Patent Citations (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| GB2085670A (en) * | 1980-10-14 | 1982-04-28 | Electric Power Res Inst | Removal and replacement of underground cable |
| GB2152621A (en) * | 1984-01-09 | 1985-08-07 | John Edmund Dawe | A method of threading an elongate flexible element through an elongate passage |
| JPS60247203A (ja) * | 1984-05-22 | 1985-12-06 | Fujikura Ltd | 光フアイバ−ケ−ブルの引抜きまたは引入れ方法 |
| CH677707A5 (en) * | 1989-01-30 | 1991-06-14 | Theodor Beck | Line drawing device using suction - has adaptor between suction device and end of pipe through which line is drawn |
| JPH07154910A (ja) * | 1993-11-26 | 1995-06-16 | Ougiya Koji Kk | 埋設管路内に敷設した不要ケーブルを除去する方法および装置 |
Non-Patent Citations (2)
| Title |
|---|
| PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 010, no. 119 (P - 453) 6 May 1986 (1986-05-06) * |
| PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 95, no. 006 * |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| DE69737277T2 (de) | 2007-11-15 |
| EP0821255A1 (en) | 1998-01-28 |
| EP0821255B1 (en) | 2007-01-24 |
| CZ235897A3 (cs) | 1998-03-18 |
| DK0821255T3 (da) | 2007-05-21 |
| US6089546A (en) | 2000-07-18 |
| ES2281092T3 (es) | 2007-09-16 |
| DE69737277D1 (de) | 2007-03-15 |
| ATE352793T1 (de) | 2007-02-15 |
| CZ293266B6 (cs) | 2004-03-17 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL1001960C2 (nl) | Werkwijze voor het installeren van een buis of een bundel buizen in een bestaand buisvormig kanaal. | |
| CN1177242C (zh) | 一种安装光纤的方法及其设备 | |
| AU616778B2 (en) | Transmission line installation | |
| US6880219B2 (en) | Method of installing Y-branch splittable connector | |
| US5897103A (en) | Method for installing cables | |
| US4850569A (en) | Method for introducing a cable into a cable guide tube | |
| GR3030308T3 (en) | Method for installing a tube system with branches for telecommunications cables, and branch element for use in that method | |
| US6089546A (en) | Apparatus and method for removing cables from tubes | |
| CN1131989A (zh) | 带枢转盒的用于连接光导纤维的组件 | |
| CN1190470A (zh) | 在管子中安装一个光学纤维单元的方法 | |
| JPH09509751A (ja) | 光ファイバ据え付け工具 | |
| US6409155B1 (en) | Method of inserting a light transmitting member into a tube | |
| NL1015729C2 (nl) | Werkwijze voor het in de grond installeren van een duct en inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze. | |
| US5234198A (en) | Apparatus for installing optical fiber in conduit | |
| EP0840901B1 (en) | Method and device for installing cables | |
| NL1003130C2 (nl) | Trekorgaan voor het installeren van een kabel in een buis alsmede een buizenstelsel voorzien van een dergelijk trekorgaan. | |
| GB2152621A (en) | A method of threading an elongate flexible element through an elongate passage | |
| CN1025092C (zh) | 带有至少一个电缆敷设管的电缆走线架装置 | |
| CN1751257A (zh) | 将光纤线缆吹入管道的方法 | |
| EP0901593B1 (en) | Tube connector for connecting tubes intended for installing cables therein | |
| FR2752952A1 (fr) | Dispositif destine a etre utilise en vue de poser des cables a fibres optiques dans des conduites occupees | |
| CA2227781C (en) | Method and device for installing cables | |
| CN1589418A (zh) | 用于管理一段光纤的方法和设备 | |
| Griffioen et al. | Current developments in cable-in-duct blowing techniques |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| TD | Modifications of names of proprietors of patents |
Owner name: KONINKLIJKE KPN N.V. |
|
| VD1 | Lapsed due to non-payment of the annual fee |
Effective date: 20100201 |